Ons Indisch Erfgoed: want verliefdheid maakt blind

Den Haag, 30 november 2008
door Kirsten Vos

lizzyvanleeuwen
Cultureel antropologe Lizzy van Leeuwen geeft Nederland een nieuwe bril om naar de Indische cultuur te kijken, in Ons Indisch Erfgoed – zestig jaar strijd om cultuur en identiteit. In dit eerste deel van een driedelige serie over postkoloniale geschiedenis in Nederland, betoogt ze dat Nederland vooral door een roze bril naar de Indische cultuur wilde kijken. Deze visie verdrong de noodzaak om ongekleurd de politieke en maatschappelijke consequenties te bezien van de voormalige kolonisatie van Nederlands-Indië. Hiervoor biedt de Indische Van Leeuwen in vogelvlucht een historisch overzicht en zoomt ze in op de ontwikkeling van Indo’s en totoks in de Nederlandse maatschappij. De nieuwe invalshoek die hieruit volgt, maakt van Ons Indisch Erfgoed een belangrijk document, ondanks slordigheden in de tekst.

Die slordigheden beginnen al op de eerste pagina. ‘Ruim zestig jaar na de Indonesische soevereiniteitsoverdracht…’. Die overdracht vond plaats in 1949, we leven nu in 2008 en hoezo Indonesische? Een andere kanttekening is dat Van Leeuwen het NSB-lidmaatschap van Indische Nederlanders te weinig uitlegt. Ook doet zij voorkomen alsof Tjalie Robinson een populaire Indo was, terwijl ik vooral gehoord heb dat veel tweede generatie Indo’s zijn boeken niet mochten lezen van de eerste generatie.

Het duurt een tijdje voordat Van Leeuwen’s inzet me raakt: Indo’s hebben hun identiteit altijd ingevuld op basis van de manier waarop de blanke bovenlaag omgegaan is met zijn (post-)koloniale bagage. Aangezien de Nederlandse samenleving er nog steeds bij gebaat is een rooskleurig beeld neer te zetten van haar koloniale verleden, is er alleen ruimte voor lekker Indisch eten, de on-Nederlandse gastvrijheid, exotische Indische meisjes en een paar Indorockers. Geluiden die van dit nostalgische beeld afwijken, komen niet aan bij de gemiddelde Nederlander: die passen niet bij het beeld van de Indische wereld waar zij mee opgegroeid zijn.

De cultureel antropologe bouwt dit betoog zorgvuldig op. De Nederlandse regering weigerde stelselmatig haar staatsburgers uit de voormalige kolonie hetzelfde rechtsherstel voor de oorlog te geven als zij aan haar ‘eigen’ burgers had gegeven. De uitkeringen die volgden waren voor velen te laat en inhoudelijk ongelijkwaardig van opzet. De roep om gelijkstelling hield aan, tot vorig jaar, maar Nederland was tegen die tijd al verliefd geworden op de Indische cultuur. Ongelijkwaardige behandeling van het object van hun affectie paste niet in het blikveld van de roze bril.

Door de Japanse bezetting waren Indo’s en totoks voor de gemiddelde Nederlander gelijk aan elkaar geworden. Die zag niet de talloze verschillen tussen en binnen deze twee groepen, maar alleen de gelijkwaardigheid van de ervaring van het Japanse kamp (daarbij de buitenkampers, overwegend Indo’s, negerend). Indo’s en totoks hebben, eenmaal in Nederland, met elkaar geconcurreerd om het ‘eigendom’ van de Indische erfenis. Totoks vervielen in nostalgische liefdesverklaringen aan het prachtige landschap van ‘Insulinde’ en beantwoordden daarbij aan de in Nederland levende behoefte aan romantisering van het bezit van Nederlands-Indië. Indo’s beriepen zich op hun gemengde afkomst en claimden daarmee de Indische cultuur voort te kunnen zetten: hun kinderen en kleinkinderen waren Indisch, die van totoks werden Nederlander. De totokvisie heeft volgens velen deze strijd gewonnen.

Van Leeuwen stelt dat de roze bril in stand gehouden werd door het uitblijven van een postkoloniaal debat over de vraag wat Nederland nu moest vinden van haar koloniale erfenis. Dit debat is volgens haar in andere landen zoals Frankrijk en Engeland wel gevoerd. Wat ik daarom mis in Ons Indisch Ergoed is een beschrijving van deze debatten en de betekenis die zij hebben gehad voor de opname van postkoloniale groepen in die landen. Dat had van het boek niet alleen een document met een nieuwe visie gemaakt, maar ook één met concrete aanbevelingen. Want Ons Indisch Erfgoed gaat verder dan aantonen dat Indo’s behandeld zijn als tweederangs burgers door een Nederlandse overheid die liever de andere kant opkeek. Het laat zien dat mainstream Indo’s nog steeds niet geëmancipeerd zijn tot volwaardige burgers met een eigen plek in de Nederlandse samenleving: Nederland, die grootste, eensgezinde natie, hoort alleen geluiden die bijdragen aan het verheerlijken van een spannende Indische cultuur met lekker eten.

Nu pas snap ik de eerste zin van het boek, ondanks de onjuiste inleiding: Nederland is nog steeds niet in het reine gekomen met zijn koloniale geschiedenis. Het heeft een aantal decennia geduurd voordat Nederland mondjesmaat toegaf dat dit land in de Tweede Wereldoorlog relatief de meeste Joodse slachtoffers heeft opgeleverd. Hoe lang zou het nog duren voordat Nederland bekent dat het een half miljoen staatsburgers stelselmatig genegeerd heeft?

Ons Indisch Erfgoed. Zestig jaar strijd om cultuur en identiteit. Lizzy van Leeuwen. Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 2008. Paperback, 400 pagina’s.

Bestel het boek

55 gedachten over “Ons Indisch Erfgoed: want verliefdheid maakt blind”

  1. Goed verslag

    “Het duurt een tijdje voordat Van Leeuwen’s inzet me raakt: Indo’s hebben hun identiteit altijd ingevuld op basis van de manier waarop de blanke bovenlaag omgegaan is met zijn (post-)koloniale bagage. Aangezien de Nederlandse samenleving er nog steeds bij gebaat is een rooskleurig beeld neer te zetten van haar koloniale verleden, is er alleen ruimte voor lekker Indisch eten, de on-Nederlandse gastvrijheid, exotische Indische meisjes en een paar Indorockers. Geluiden die van dit nostalgische beeld afwijken, komen niet aan bij de gemiddelde Nederlander: die passen niet bij het beeld van de Indische wereld waar zij mee opgegroeid zijn.”

    Dit stuk raakt mij ook.
    Sommige Hollanders die ik ken die veel met Indo’s optrokken vinden Indo’s achterbaks, sombong etc.
    Zou dit komen omdat ze met een cliche beeld -Indo’s zijn rustig, knap, gastvrij, sociaal, muzikaal – vriendschap sluiten?
    En wanneer dat beeld niet klopt extreem negatief oordelen?

  2. “Ook doet zij voorkomen alsof Tjalie Robinson een populaire Indo was, terwijl ik vooral gehoord heb dat veel tweede generatie Indo’s zijn boeken niet mochten lezen van de eerste generatie.”

    Niet zozeer dat we niet mochten lezen, maar vooral zoiets van (ik quote mijn vader van 80 jaar, eerste generatie indo); ‘jongen, zijn boeken snap jij toch niet, dit is iets van ons die daar zijn opgegroeid”
    m.a.w.; wat weet jij er nou vanaf ?

    +++++++++++++++++++++++++++++

    “Indo’s hebben hun identiteit altijd ingevuld op basis van de manier waarop de blanke bovenlaag omgegaan is met zijn (post-)koloniale bagage. Aangezien de Nederlandse samenleving er nog steeds bij gebaat is een rooskleurig beeld neer te zetten van haar koloniale verleden, is er alleen ruimte voor lekker Indisch eten, de on-Nederlandse gastvrijheid, exotische Indische meisjes en een paar Indorockers. Geluiden die van dit nostalgische beeld afwijken, komen niet aan bij de gemiddelde Nederlander: die passen niet bij het beeld van de Indische wereld waar zij mee opgegroeid zijn.”

    De gemiddelde nederlander, wat dat dan ook mag zijn ?
    Welnu, die ‘gemiddelde’ nederlander heeft geen interesse in nederlands (voormalige)kolonieen overzee,
    behalve dan als er een programma gemaakt kan worden wat de gemiddelde nederlander doet smullen
    als er een witte hollander overzee daar zijn schoenen op het witte strand verliest.

    ++++++++++++++++++++++++++

    “Indo’s beriepen zich op hun gemengde afkomst en claimden daarmee de Indische cultuur voort te kunnen zetten: hun kinderen en kleinkinderen waren Indisch, die van totoks werden Nederlander. De totokvisie heeft volgens velen deze strijd gewonnen.”

    Hoezo totokvisie heeft de strijd gewonnen ?
    een totok is geen indo toch ?
    Zal ie ook nooit worden, niet in hun stoutste dromen.
    De vraag wie de indische cultuur moet voortzetten moet niet eens gesteld worden !
    Logisch toch dat wij gemengdbloedige indische nederlanders dit automatisch doen ?
    Zit in ons bloed en gaat vanzelf.
    Net zoals die totoks tegen ons zeiden dat het indolente in ons bloed zit.
    wat denken die totoks eigenlijk wel ?
    Opzouten met die hap !
    Indiie zit in ons bloed, hart en elke vezel van ons wezen.
    Bij die totoks zit indie voornamelijk op hun bankrekening.

    ++++++++++++++++++++++++++++++

    “Want Ons Indisch Erfgoed gaat verder dan aantonen dat Indo’s behandeld zijn als tweederangs burgers door een Nederlandse overheid die liever de andere kant opkeek. Het laat zien dat mainstream Indo’s nog steeds niet geëmancipeerd zijn tot volwaardige burgers met een eigen plek in de Nederlandse samenleving: Nederland, die grootste, eensgezinde natie, hoort alleen geluiden die bijdragen aan het verheerlijken van een spannende Indische cultuur met lekker eten.”

    Oud, oud, oud nieuws !
    Ik heb dit jaren geleden al beschreven in al mijn gedichten,
    http://kantjil.diaryland.com/indogedicht.html

    enne….mijn vrouw, myself (tweede generatie indo’s….mijn drie kids…derde generatie indo..
    wij hebben een eigen plek in de nederlandse samenleveing ! en volledig ge emancipeerd als volwaardig nederlander met eigen roots, eigen trots

    ++++++++++

    “Hoe lang zou het nog duren voordat Nederland bekent dat het een half miljoen staatsburgers stelselmatig genegeerd heeft?”

    Geef die lui wat geld om te bekennen en ze bekennen alles.

    saluut!

  3. Aduh, mooi geschreven. Als Indische jongen in modern Nederland loop je vaak tegen een muur van onbegrip aan: “Wat ben je?” Als je eenmaal verteld dat je Indisch bent en je ook de cultuur in ere houdt wordt er raar gereageerd: “Je bent toch gewoon een Nederland.” M.a.w. er is dan onbegrip. “Waarom doe je dat, je bent toch hier geboren?”

    Nederlanders stellen zich kritisch en soms kwetsend op als het om “Indisch” gaat. Als men uberhaupt het verschil weet tussen Indisch, Indonesisch en Indiaas. Want dat wil ook vaak om meer uitleg vragen.
    Mocht Ali, Muhammed of Bilal voorbij komen die eveneens in Nederland zijn geboren dan weten de collega’s en kennissen goeddunkt te vertellen dat deze “turk” of “marokkaan” zich aan zijn/haar cultuur houdt en dat dit zo interessant is. Onbegrip aan mijn zijde. Onbegrip aan mijn zijde als ik, mijn vriendin en vrienden geen vrij krijgen voor de Indië Herdenking, maar mijn “Turks” of “Marokkaanse” leeftijdsgenoot (geboren in Nederland, niet praktiserend moslim..alleen als het hun uitkomt) wel vrij krijgt voor Ramadan, suikerfeest, of zoals deze week zelfs mag kiezen om vandaag, dinsdag of woensdag vrij te nemen voor het offerfeest.

    Mochten ze dit niet krijgen dan staan ze op hun achterste benen (wellicht terecht) dat het hun recht is en discriminatie. Indische mensen hebben het imago netjes, aangepast, bescheiden en beleefd te zijn (lees: onderdanig, makkelijk beïnvloedbaar en op zij te zetten). Als je “normaal” hedendaags gedrag vertoont en dus tegen hun mening ingaat wordt je niet meer gezien als “Indo”.

    Maak je er niet druk om: we laten niet door andere bepalen hoe we onszelf zien! Ook wij hebben de moderne ontwikkelingen ondergaan en zijn mondige Indische Nederlanders met onze eigen cultuur, en die pakt niemand ons af! Als er belanda2 zijn die nu nog steeds niet ons kennen na die 300 jaar verbinding dan is dat hun probleem!

  4. Van de Klok en de Klepel, het vermoorden van de Boodschapper en de Pijnlijke Feiten!

    Rob Malasch toont zich een slecht verliezer, nadat hij tijdens Indomania 3 tevergeefs probeerde het boek “Ons Indisch Erfgoed” van onderzoekster Lizzy van Leeuwen, onderuit te halen, heeft hij z’n gram gehaald in een als recensie vermomde scheldkanonnade in het blad Moesson. Moesson toont hier mee ondubbelzinnig aan dat wat er over het blad geconstateerd is in het bovengenoemde boek maar al te waar is.

    Tijdens Indomania 3 zou er een forumdiscussie plaats vinden over een aantal Indische publicaties en ontwikkelingen. De uitgenodigde forumleden Alfred Birney, schrijver en Lucky Oudkerk Pool, medeoprichter Indisch Netwerk hoorden met stijgende verbazing
    de openingstirade van de heer Malasch aan. Op de een of andere manier is hij niet tevreden over hoe hij in het boek aanbod komt. De forumgespreksleiders Herman Keppy en Ricci Scheldwacht, kwamen er niet meer aan te pas, zij werden op een luidruchtige manier door de heer Malasch afgeserveerd. Ik begon mij af te vragen of Malsch het boek eigenlijk wel gelezen heeft, zoveel zotte kraam werd er geventileerd, daar door was er van enige discussie of zinvolle uitwisseling geen sprake. Gelukkig bood Theodoor Holman nog enig tegenwicht, door dit wetenschappelijk onderzoek, want dat is het, luidkeels aan te prijzen.
    Deze z.g. discussie verzandde op een genante manier voor gastheren en gasten.

    En nu heeft de heer Malasch dan ‘wraak’ genomen in de Moesson.
    Het heeft weinig zin in te gaan op wat er door hem te berde wordt gebracht, want het klopt niet, de heer Malasch kan of niet lezen of begrijpt niet wat er staat.
    De auteur geeft slechts een opsommingen van feiten en meningen zoals zij deze heeft aangetroffen in het publieke domein van onderzoek, publicaties enz. Deze feiten zijn geplaatst in het kader van de Indische migratie naar Nederland.
    Het gaat om het weergeven van meningen en bevindingen die anderen hebben geconstateerd.
    Let wel dat het gaat hier om gecontroleerd wetenschappelijk onderzoek.

    Wat mij betreft heeft het fenomeen Indomania zijn onschuld verloren en is het de show van Rob Malasch geworden. Nou daar had ik na één voorstelling wel de buik van vol.

    Lucky Oudkerk Pool

  5. De reacties, vooral die uitslaande brand van Rob Malasch in Moesson, hebben me nieuwsgierig gemaakt. Het boek staat op mijn boodschappenlijstje voor Nederland , naast de stroopwafels, drop, de krupuk, de emping en de laos. Ik kom terug met een reactie

  6. Even wat opmerkingen

    Ik heb het boek van Lizzy van Leeuwen met veel interesse en vaak als Aha-Erlebnis gelezen, een zoektocht naar de Indische geschiedenis.

    Ik had wat meer willen horen over Tjalie Robinson, de Voorman die in de 50er en 60er jaren als enige roepende in de woestijn de spreekbuis was van het Indisch emancipatiestreven, dankzij hem bleeft in die jaren een Indische stem te horen. Zijn betekenis voor de Indischen is ook in het betreffende boek onderbelicht en onderschat. Wim Willems heeft met zijn biografie aan Tjalie Robinson zijn plaats in de Geschiedenis teruggegeven.Of maakt Tjalie geen baanbrekend onderdeel van het Indisch Erfgoed.?

    Wat tevens ontbreekt in het boek is de betekenis van het boek “Geen gewoon Indisch meisje” van Marion Bloem voor het bewustwordingsproces van de naoorlogse Indische (tweede) generatie. Ik weet dat het boek in begin jaren 80 onder Indischen in Rotterdam tot veel discussies heeft gevoerd en er werd zelf een toneelgroep LINK opgericht om de bewustwording tot uitdrukking te brengen. Marion Bloem staat hoe dan ook aan het begin van een nieuwe generatie Indische schrijvers. Of maakt ook zij geen spraakmakend onderdeel van het Indisch erfgoed???

    Uit de trieste en treurige geschiedenis van Het Indisch Huis wordt in het boek geen lessen getrokken, die van betekenis kunnen zijn voor Het Indisch HerinneringsCentrum. De Indische Gemeenschap wordt niet op democratische wijze bij het gebeuren betrokken noch vertegenwoordigd, inspraak lijkt een vies woord te zijn , en de VOC-regentenmentaliteit viert hoogtij.

    Aangezien veelal niet-Indischen op bestuurlijk niveau Onze zaak waarnemen, zal op den duur het Indisch element verdwijnen, zoals blijkt uit de film 2602 (Indo’s komen niet voor in de kampen) , een nieuwe website over WOII (Indischen komen niet voor in WOII) en op de website van het Museon (Indischen komen niet voor in Z.O. Azie). Op deze manier wordt de geruisloze integratie c.q. eliminatie van de Indischen in de Nederlandse maatschappij voltooid, een soort Endloesung om zo mooi op zijn Duits te zeggen

    Op zo’n manier is er overduidelijke sprake van Geschiedvervalsing, al dan niet bewust. En dat neem ik natuurlijk niet. De enige manier is tegen deze aperte vorm van Geschiedvervalsing te protesteren.

  7. Die Lizzy van Leeuwen moet eens even haar mond houden met haar verkondiging dat indische mensen een sympathie hadden voor de NSB! Als kind van een indische moeder en Nederlandse vader vat ik dat op als een zeer kwetsende belediging. Haar familie was misschien lid van de NSB, maar laat andere indische mensen er buiten zeg. Mijn moeder stond aan Nederlandse zijde, dus waar kletst ze over? Met zo’n opmerking in het AD bedoelt ze dus in feite ook dat alle Nederlanders sympathiseerden met de NSB. En wat heeft de afkomst van Wilders te maken met zijn politiek? Wat doet die er toe? En als hij zijn haar paars of groen of wit wilt verven, dan verft hij zijn haar in alle kleuren van de regenboog die hij wenst, wat een vreselijk gezwam van dat mens!

  8. Wat ik in dit soort verhandelingen en discussies mis is een definitie van de “Indische Nederlander” c.q. Indo. Er wordt zonder meer van uit gegaan dat er zoiets is als het Indische Nederlandschap terwijl het m.i. toch zeer de vraag is. De Indische identiteit zoals die hier en op andere gelijksoortige fora en web-logs gepresenteerd en beschreven wordt is m.i. in het post-koloniale Nederland gecreeërd en niet op Indisch bodem ontstaan. Ik vermoed dat Tjalie Robinson daarvoor de eerste opzet voor heeft ontworpen. De structuur van de Euro-Aziatische groep in de kolonie was van een grote diversiteit die door alle sociale lagen en mate van ontwikkeling liep. Er was cultureel, of zelfs etnisch, niet één groep. Niet alleen juridisch formeel bestond de Indische Nederlander niet, ook cultuureel niet. Er waren sociale scheidslijnen tussen de blanke Europeanen en zij die een gelijkwaardige status wensten. En zelfs die werden in hoge mate bepaald door de economisch omstandigheden. Overigens, was mijn moeder, geboren en getogen in Nederlands Indië als 4e generatie van een Indische, dus Europees-Aziatische geslacht, een grote fan van Tjalie en heb ik zijn boeken diverse malen ge- en herlezen. Van de genoemde banvloek op zijn boeken door de oudere generatie neem ik hier voor het eerst kennis. Maar ik betwijfel of het een algemeen verschijnsel was.

    Wat nu als kenmerkend voor de Indische cultuur gezien wordt zou mijn Indische grootvader zeker hebben doen walgen. Volgens de verhalen had hij een uitgesproken hekel aan dingen zoals krontjong en alles wat geassocieerd werd met de kleine Indo. Volgens de verhalen bestreed hij het “verindischen” van zijn kinderen met harde hand. De invloed en naweeën van die houding heb ik als kind gemerkt niet alleen bij ons thuis, maar ook bij de Indische kennissen- en vriendenkring van mijn ouders. Om te slagen in het leven was de Nederlandse standaard voorwaardelijk. Dat was het credo.

    Aan de andere kant was er natuurlijk de groep mensen uit de voormalige kolonie die zich de Nederlandse cultuur en taal wat in beperkte mate eigen hadden gemaakt en daarom niet alleen door hun huidskleur opvielen. Op deze ‘kampong Indo’s’ werd neergekeken en ze werden vooral gemeden en als voorbeeld hoe het vooral niet moest gebruikt.

    Het is enigszins ironisch dat de opvallende en destijds geminachte kenmerken van de laatste groep, afwijkend taalgebruik en levensstijl, nu als typerend voor de Indische Nederlander worden gepresenteerd. Het is misschien de wraak van de kleine bung.

    Kortom, in de diverse beschrijvingen en voorstellingen van ‘de Indische cultuur’ en ‘de Indische Nederlander’ zijn er aspecten die ik wel herken maar niet in het gegeven verband waarvan, samen met bepaalde andere zaken, ik het ernstige vermoeden heb dat ze onderdeel van mythe-vorming zijn.

    Ik zou zeggen Lizzy, doe nog eens een poging, maar begin vooral met het concept “Indisch Nederlander”, de zin en onzin.

  9. Met wat Hary Sihan schrijft, daarin kan ik me volledig vinden. Ik heb lang geleden al bepaalde indo’s op internet als geschiedvervalsers beschouwd. Die “Indische cultuur” is hetzelfde als de Javaanse. In die hoek praat men ook altijd over hun zo rijke cultuur, die al bijna helemaal verkwanseld is.

  10. Het is jammer dat Starbird zich beledigd voelt door de geschiedenis en zich daar zelfs kwaad over maakt. Bij een ieder die geïnteresseerd is in de v/m kolonie Nederlands Indië is het bekend dat de NSB daar bij de Indo-europeanen heel goed aansloeg. De Nederlandse leider van de NSB Anton Mussert heeft Nederlands Indië in het kader van zijn Groot-Nederland Indië bezocht en werd er als een held ontvangen, hij ging zelfs op auditie bij de toenmalige Gouverneur-generaal De Jong. Eind jaren dertig, toen de NSB zich op raszuiverheid en onderscheid ging maken tussen vol- en halfbloed Nederlanders en haar keuze voor Nazi Duitsland verloor de NSB veel van haar Indische leden. Op haar hoogtepunt in 1937 bedroeg het aantal leden 5000, in Mei 1940 waren daar 1100 van over. Een zeer bekende NSB’er was bijv. Ir. Manusama, de latere RMS-president in ballingschap.

  11. Helaas dat Dhr. Surya niet even de moeite neemt om ons een iets minder gemakzuchtig commentaar te verschaffen dan de zes letters die hij neerzet waarmee men iedere kant uit kan. Doet me sterk aan de moderne Javaanse cultuur denken. Persoonlijk kan ik met Dhr. Vos meegaan, ik zou echter stellen dat de Indocultuur grote overeenkomsten met die van Java heeft. Dat komt mij ook als logisch voor, de meeste voorouders komen van Java en de meeste Indo’s hebben ook altijd op Java gewoond, dat was immers het hoofdeiland van Nederlands Indië dat ook bekend heeft gestaan onder de naam Java & Buitengewesten. Op Java was en is het “moderne” leven het best. Zaken zoals het bewijzen van repect, het toneel van de welgemanierdheid, het Indische eten dat toch vaak erg Javaans is, het urenlang kunnen kletsen over onbelangrijke onderwerpen (“ngobrollen”), de lachjes en de lichaamstaal, de voorliefde voor keroncongmuziek en zoveel meer. Mas Ed heeft hier een goed punt voor waar het de roots van de cultuur betreft. In Indonesië is de Javaanse cultuur de dominante zo is dat ook het geval in de Indische mengcultuur. Overigens is de Javaanse cultuur iets die voornamelijk met de mond beleden wordt dat lijkt me ook wel een parallel met de Indische cultuur. De Javaanse cultuur werd tijdens de Nederlandse overheersing weg gedrukt, het aren vreemde Inlandse gewoontes van die volgers van de Moorsche dwangleer. Nadat Indië de Republik Indonesia werd vielen de Javanen terug op de hofcultuur met al zijn “Hormat” die met behulp van de Nederlanders, vooral om geld en om macht, wel is stand was gehouden, terug. Wat ook bleef waren de feodale rangen en standen, iets dat nog uit de Hindoeperiode dateerde.

    Op Java vind men de cultuur die het meest op de oude Javaanse cultuur lijkt slechts terug bij de allergewoonste mensen (lees de armen, 40% van de bevolking) in kampung en desa. De Javanen die zich hoger dan deze mensen achten, zijn helemaal verziekt door “gengsi”. Het gebruik van Engelse woorden waarvan ze de betekenis niet weten, het bezit en gebruik van allerlei consumptieartikelen om een show-off tegenover de buitenwereld te geven. Maar vooral het zich afzetten tegenover de eerder genoemde “lagere klassen” door zich te gedragen als kleine potentaten, proberen iemand die belangrijk lijkt te wezen behoort tot de adat die dagelijks zoveel mogelijk in praktijk wordt gebracht.
    Javanen voelen zich de belangrijkste mensen in de archipel omdat zij rijsteters en ook verbouwers van rijst zijn dat is voor hun een teken van beschaving, zij kijken neer op de knollen- en sago-eters in de buitengewesten. Niet alleen op de eetgewoonten maar ook op de huidskleur, in Java geldt “Hoe witter hoe mooier” (Putih bersih, hitam kotor). Ik heb ook meer dan eens vernomen dat men in Indo-europese families gekker van hun witte dan hun donkere kindertjes waren, zie hier een andere overeenkomst.

    Een ieder die zich nader wenst te informeren over het belang van de rijstverbouw in de Javaanse cultuur kan ik het boek “Ayo ke Tanah Sabrang” van de Fransman Patrice Levang aanraden, dit is een vertaling van La terre d’en face – La transmigration en Indonésie. Een doctorale scriptie uit 1997.

  12. Quote :
    Die “Indische cultuur” is hetzelfde als de Javaanse.

    Hetzelfde ?
    Dat is echt kort door de bocht.
    Sinds wanneer waren de waarden en normen en alle culture verworvenheden van de Indische Nederlanders hetzelfde is met de Javaanse ?
    Voorzover ik uit diverse literatuur heb gelezen hebben de Indische Nederlanders altijd gericht op de cultuur van hun verre vaderland .
    En in de meeste gevallen is het hun geluk , soms zijn ze nog Hollandser dan de Hollander zelf.
    Het was “not done” om “inlandse” invloeden tot jezelf te nemen.
    Lees maar de verhalen van si Tjalie Robinson en andere verhalen van andere Indische Nederlanders over de tempo doeloe.

    Ik kan me niet voorstellen dat iemand die tot de 2de generatie Indische Nederlander gezien kan worden zo’n slip op de toetsenbord heb kunnen maken.

    Van een “totok” zou ik het nog kunnen begrijpen.

  13. Aanvulling :
    Het is niet allen gebaseerd op de verhalen van si Tjalie , men kan het ook nalezen (nieuwe onderzoekingen) in verschillende serieuze artikelen.

    Door de vrijgekomen bronnen kunnen joonge onderzoekers diverse taboe’s verhalen onderzoeken .
    Dat heb ik ook gezien bij veel oudere 1ste generatie Indische Nederlanders en in mindere mate bij de 2de generatie. (60-70 ers en iets ouder).
    In Djakarta heb ik in mijn lagere schooltijd (I.E.V) veel Indische vrienden gehad voordat ze bijna allemaal vertrokken waren naar Nederland(1957) .

    Hun referentiekader was op Nederland gericht .
    Hun streven was : we moeten beter zijn dan de totoks .
    Dezelfde mentaliteit zoal mijn Indonesische ouders en hun generatie hadden , beter moeten zijn/ presteren dan de Orang Belanda .

  14. Ik denk dat met de reacties op mijn bewering dat de indische cultuur hetzelfde is als
    de Javaanse op afdoende wijze is gereageerd.
    Waar dhr. Londoh sprak van de indo-cultuur, ik neem aan die van de Indo-europeanen, spreekt dhr Surya Atmadja van de indische cultuur. Edoch beiden hebben het over hetzelfde concept (?).

    Ik moet wederom terugvallen op hetgeen dhr. Harry Sihan eerder schreef:

    “Wat nu als kenmerkend voor de Indische cultuur gezien wordt zou mijn Indische grootvader zeker hebben doen walgen. Volgens de verhalen had hij een uitgesproken hekel aan dingen zoals krontjong en alles wat geassocieerd werd met de kleine Indo. Volgens de verhalen bestreed hij het “verindischen” van zijn kinderen met harde hand.”

    Met verindischen bedoelen wij dat Nederlanders, en dus ook de Indo-europeanen de zeden en gewoonten van de autochtone bevolking (de inheemsen, de inlanders) begonnen over te nemen.

    En zoals dhr Londoh juist opmerkte, aangezien de meeste Indo-europeanen op Java woonden, kan dat verindischen niet anders betekenen dat men de zeden en gewoonten van de Javanen begon over te nemen, in welk proces de kleine indo zich reeds bevond.
    Ik kan dan ook niets anders dan concluderen dat in deze context verindischen betekent, verjavaansen, en ruimer genomen “verinlandsen”.

    Hetgeen ook voor de indo-eureopeanen zoals dhr Surya Atmadja terecht schreef, niet gewenst was want de algemene tendens was vernederlandsen.

    Reden genoeg om wederom te kijken naar dat “Indisch” aan de ene kant, maar ook “Nederlands” aan de andere kant.

    Om tot besluit maar weer dhr Harry Sihan te citeren:

    “Kortom, in de diverse beschrijvingen en voorstellingen van ‘de Indische cultuur’ en ‘de Indische Nederlander’ zijn er aspecten die ik wel herken maar niet in het gegeven verband waarvan, samen met bepaalde andere zaken, ik het ernstige vermoeden heb dat ze onderdeel van mythe-vorming zijn.”

  15. Quote :
    Waar dhr. Londoh sprak van de indo-cultuur, ik neem aan die van de Indo-europeanen, spreekt dhr Surya Atmadja van de indische cultuur. Edoch beiden hebben het over hetzelfde concept (?).
    ——–
    Ik denk van niet .
    De Indo-“cultuur” heeft veel meer” Inlandse ” invloeden.
    Dat zie je dan a.d.h.v voorbeelden van de “kleine bung” , die soms in de periferie leven tussen de gegoede “Europeanen” en de kampung bewoners .
    Er zijn verschillende voorbeelden in de verhalen van Tjalie Robinson.
    Daarnaast heb je een schakering , tussenlagen tot en met de gegoede Indische Nederlanders , met goede banen en opleidingen. Die de MULO/AMS en HBS hadden gevolgd.
    De verschillen zijn duidelijk te merken bij de 1ste generatie en in mindere mate bij de 2de generatie .
    De Indische Nederlanders waren dan de vernederlands deel , meer gericht op de verre vaderland die ze in de meeste gevallen nog nooit hebben gezien .
    Uitgezonderd die met grootverlof waren gegaan.
    Ik heb van dichtbij kunnen meemaken met de Indo’s ( zie voorbeeld van de zgn Indo Kemajoran , de zgn jagoans , de buaja’s ) en de meer verfijnde Indische mensen die tot de kennissen of oud schoolvrienden van mijn ouders waren .

    Ik kan ook meegaan met wat Harry Sihan schreef , over de mythevorming.
    Gelukkig komen nu nieuwe generatie jonge onderzoeker van Indische origine die vele deuren kunnen openen .

    Dat bij een ontmoeting van 2 ethnische rassen een zekere beinvloeding voorkomt is een een logische zaak.
    Ook worden bepaalde culturele verworvenheden onbewust overgenomen , terwijl het in de praktijk van het dagelijkse leven werd het tegen gegaan , en afgekeurd.
    Natuurlijk zal de “Indische” of Javaanse oma , of Sundanese , Madurese , Buginese of Lombokse oma haar stempel drukken op de vorming van haar kinderen en kleinkinderen .
    De vaders hebben in dit verhaal niet zo’n actieve rol gespeeld.
    Ondanks dat de “Javaanse”cultuur dominant was , zal de invloeden in de loop der jaren gaan vervagen . Ook omdat er teveel wordt gecampur /gemixt werd ( Indische Oma) .

    Het is ook niet helemaal juist om te veel Javaanse invloeden toe te dichten , alsof N.O.I alleen maar uit Javanen bestaan.

    Het verhaal over hoe het verder gaat na de transformatie van N.O.I tot de Republik Indonesia heeft mijn inziens weinig mee te maken met de ontwikkeling van de cultuur van Indo cq de Indische Nederlanders.
    Die werd pas ontwikkeld door o.a si Tjalie en vrienden , men begin wakker te worden en trots te worden op hun Indo/Indisch zijn .
    En met succes .

  16. Invloed van de moeders en/of grootmoeders op hun kinderen zal afhankelijk geweest zijn van de positie van de Europese vader. Het gebeurde toch vaak genoeg dat de kinderen bij de beter gepositioneerden een strikt Europese opvoeding kregen, of zelfs naar Nederland werden gezonden.

    Wat betreft de cultuur die hier in Nederland is ontstaan, waar si Tjalie niet aan gedacht heeft of over heen heeft gekeken zijn de zaden van de vernietiging die de migranten uit NOI met zich meedroegen: het richten op Nederland, de noodzaak om als vreemdeling in een vreemd land een nieuw bestaan op te bouwen. Ons werd verboden om Maleise woorden te gebruiken, we moesten strikt ABN spreken en beter presteren dan onze omgeving. Het resultaat is er naar: de meesten van mijn generatie trouwden met blanke meisjes en jongens. En de kinderen, soms zelfs kleinkinderen, van die combinaties, niet zelden blauwoogig en blondharig, noemen zich nu Indo en vinden de Indische cultuur opnieuw uit. Hun gegoochel met kwarten en halven en achtsten in hun afstamming om hun beroep op de Indo status te rechtvaardigen is bijna vertederend. Het bij tijd en wijle net theologie of astrologie. En ironisch, omdat niet zo veel generaties terug, het gegoochel de andere kant op ging: richting Europa, richting blank. Men vindt ter plekke allerlei wetmatigheden uit om iemand in de categorie Indo te kunnen plaatsen.

    Zelf ben ik inmiddels tot de overtuiging gekomen dat ‘Indisch’ en ‘Indische Nederlander’ slaat op de generatie van mijn ouders: geboren en getogen in NOI , het produkt van Europese en Aziatische genen en cultuurpatronen, oorlog en haar naweeën mee hebben gemaakt en hier in Nederland een nieuw bestaan hebben opgebouwd. Ik ben in Nederland opgegroeid en heb wat die cultuur betreft, alles van horen-zeggen en deel de ervaring van die generatie niet. Kan ik ook niet delen. En hoewel ik wel door hun cultuur (in de breedste zin van het woord) ben beïnvloed kan ik niet in alle eerlijkheid zeggen dat ik die deel of heb overgenomen. Die cultuur sterft met die generatie. Het kind van een Chinees en een Nederlandse moeder noemt men ook niet een Chinees, tenzij hij of zij volledig deel neemt aan de Chinese cultuur.

  17. [quote]SA schreef: Die werd pas ontwikkeld door o.a si Tjalie en vrienden , men begin wakker te worden en trots te worden op hun Indo/Indisch zijn .[/quote]

    In hetgeen ik schreef sprak ik over Indo’s en niet over Indische Nederlanders. In Nederland en ook in Indonesië heeft het woord “Indo” de betekenis van gemengdbloedige, “blasteran”zoals u wilt. Verder is het belangrijk dat hoewel er vrij veel Indo’s in Nederland wonen dit niet het enige land ter wereld is waar deze mensen zich gevestigd hebben, er wonen veel meer Indo’s buiten Nederland dan in het lage landje. Er wonen er honderdduizenden in de USA, in Australië, de Indo’s hebben zich over de gehele wereld verspreid. Dat Tjalie Robinson de Indocultuur ontwikkeld zou hebben vind ik een bekrompen en waarschijnlijk ook onware gedachte, die misschien op Nederland zou kunnen slaan. Ik denk echter dat heel veel Indo’s nog nooit van die man gehoord hebben, laat staan iets van hem hebben gelezen. Immers niet iedere gelovige heeft de bijbel in huis. De grote groepen Indo’s die buiten Nederland wonen hebben de Nederlandse cultuur allang losgelaten, het is nog maar de vraag of zij deze ooit “beleden” hebben. Zelf ken ik Indo’s in de USA, in Australië, deze hebben zich aan die landen aangepast, toch zijn ze Indo gebleven. En wat te denken van de Indo’s in Indonesië, die zich aan Indonesië verbonden voelen? Zij die niets met de Nederlandse cultuur op hadden, die in de kampung zijn opgelost, die niet naar Nederland konden. Tijdens mijn 19-jarige verblijf in Indonesië ben ik zoveel Indo’s daar tegen gekomen. Kijk eens naar de TV in dat land, naar de artiesten die daarop te zien zijn, meer dan de helft is Indo. Volgens mij woont de allergrootste groep nog steeds in dat land, hoeveel weet ik niet, maar toch wel minstens een miljoen of zo, als het er niet veel meer zijn, moeilijk te schatten, want ze zijn in het algemeen veel donkerder dan de Indo’s die buiten Indonesia wonen. Er worden in dat land dagelijks nog vele Indo’s bijgemaakt, waarvan er nauwelijks eentje aan een Indo-cultuur denkt, zij passen zich gewoon zwijgend aan en gaan op in de samenleving waarin zij zich bevinden, iets dat in mijn ogen gebruikelijk en zelfs gewenst is.

  18. [quote]SA schreef: Die werd pas ontwikkeld door o.a si Tjalie en vrienden , men begin wakker te worden en trots te worden op hun Indo/Indisch zijn .[/quote]

    mbt :
    1. Gemengbloedigen :
    Dat was vroeger in NOI en i.h.b in de “beginjaren” van VOC .
    De eerste 2 eeuwen ?

    2. De Indo buiten Nederland .
    Alleen aan hun namen kan je misschien nog zien dat ze uit NOI kwamen , al dan niet na tussenstop in Nederland.
    De zgn Amerindo , Canindo , Australindo etc .

    3 Stel is voor dat men de aandeel van Tjalie en vrienden uitschakeld , kan men dan praten over herontdekking van de Indische cultuur zoals wij dat zien in Nederland ?

    Wat hebben de Amerindo’s en de andere Indo’s buiten Nederland voortgebracht ?
    Ze verdwijnen als het ware in hun nieuwe vaderland , omarmen de cultuur van hun nieuwe vaderland.

    De Indo in Indonesia hebben hun “nieuwe”identiteit ook “pas” maar herontdekt.
    Ik denk ongeveer 20 jaar of iets minder .
    Nadat de politieke betrekkingen tussen Nederland en Indonesia hersteld werd .
    Voordien was het not done om te koop te lopen met je Indische verleden .
    Werd namelijk geassocieerd met de KNIL , in sommige gevallen heben ze Indonesische namen genomen.
    Uitgezonderd een paar bekende artiesten.
    Na de introductie van de sinetron ( tv soap) was het makkelijker om uit te komen met je “Indoächtergrond zoals Indo-Belanda , Indo -Jerman , Indo -Perancis etc .
    Vaak zijn de licht gekleurde dames en heren popualir geworden op filmen en muziekgebied.

    Het is ook waar dat er veel Indo’s die “opgelost” zijn in de Indonesische samenleving qua aantal meermalen groter dan de bekende(erkende) Indo’s in Nederland .Misschien miljoenen ?
    Ze zijn ook niet meer te herkennen dat ze een gemengbloedige afkomst hebben omdat het al eeuwenlang verwaterd is .
    Dezelfde proces zal ook plaats vinden over een paar generaties met de huidige generatie (de 2de en 3de ) generatie .

    Daarom is het belangrijk dat de 2de en 3de generatie nu hun erfenis inventariseert en probeert het te behouden voor de volgende generaties.

  19. Stel is voor dat men de aandeel van Tjalie en vrienden uitschakeld , kan men dan praten over herontdekking van de Indische cultuur zoals wij dat zien in Nederland ?

    Ik ben er niet van overtuigd dat het een “herontdekken” is. Ik zou eerder praten van een creatie. Net zo als de bami speciaal en patat met pindasaus zijn het creaties van Nederlandse bodem gemaakt met exotische elementen.

    Er wordt zonder meer er van uit gegaan alsof de “Indo” wereldwijd een homogene of samenhangende etnische groep is die een cultuur delen. Zoals b.v. de Chinezen. Maar het enige wat ze delen is de menging van Indonesische en Europese genen (meestal). Het enige wat de migranten uit NOI gemeenschappelijk hebben is hun verleden en de binding met NOI en het jonge Indonesië. Ik denk dat het weinig is om daar een etnische en culture groep mee te definieëren.

  20. In navolging van Harry Sihan: wanneer ik denk aan “indisch”, dan denk allereerst en vooral aan mijn ouders, want in Nederlands Indie geboren, daar een hele lange tijd gewoond, zij namen aldaar deel aan het maatschappelijke verkeer, zowel op Java en ook op Lombok.
    Voor de goede orde zeg ik hier wel even bij dat indisch geen nationaliteit is.

    In Nederland werd ik, zoals ik ooit eens hier schreef, door totoks als Indisch gekarakteriseerd. Ik wist niet eens wat dat was, maar goed dat zal dan wel.

    Zelf ben ik getrouwd met een Indonesische. Stel dat later aan een van mijn kinderen, momenteel heb ik die nog niet, gevraagd zou worden: “ben je indisch?”
    Ik weet zeker dat hij/zij dat categorisch zal ontkennen.

    Nieuwsgierig geworden vraagt hij mij vervolgens het hemd uit het lijf, ziet foto’s van opa en opoe en noem de hele rattekleed maar op. Neemt hij al mijn boeken over Nederlands Indie door.

    Krijgt hij dan opeens een Aha-Erlebnisch en zegt vervolgens : Ik ben Indisch (?)
    En om welke reden dan wel?

    Om daar achter te komen zal ik helaas nog even moeten wachten 🙂

  21. “… ik het ernstige vermoeden heb dat ze onderdeel van mythe-vorming zijn.”
    Hoezo een mythe-vorming? tIs toch bekend dat de “Indo” de uitkomst was van de vereniging van de belanda en indonesier?

    De enige mythe van de vermoedelijk allereerste Indo geldt de overlevering van een prinses uit het Pajajaran Rijk, waar geen van de koningen van Banten, Cheribon en Midden-Java mee wilde huwen omdat zij “vuur in haar schoot” had, een symboliek die bij meerdere hoogstaande vrouwen voorkwam. Alwaar deze Pajajaran Prinses naar een eiland verbannen werd, gekocht door een Portugees en verhandeld aan een Hollander voor wat ezels en 3 kanonnen. Hij nam haar mee naar Europa ( vermeld wordt Zuid-Nederland, wat impliceert dat het vermoedelijk het vroegere Belgie aanduidt ) en liet haar genezen. ZIj had nl een venerische ziekte, nl de druiper! Zij kregen kinderen die dus de eerste Indo’s op papier zouden zijn …

    Alles in mythe-vorming, hoewel de kanonnen vandaag de dag nog bestaan en nogal verering betuigd worden … zoals in Surakarta ( de Nyai Setomi ).

    Heb het boek van Lizzy van Leeuwen nog niet gelezen, lijkt best interessant en moet toch met een onderdrukte glimlach bekennen dat de Indo op welke manier ook nog steeds de aandacht wekt, wat de vermenging met de Engelsen en de Portugezen toch niet gelukt is …
    Groet Roy

  22. Quote H.S
    Ik ben er niet van overtuigd dat het een “herontdekken” is. Ik zou eerder praten van een creatie. Net zo als de bami speciaal en patat met pindasaus zijn het creaties van Nederlandse bodem gemaakt met exotische elementen.
    ………………………………………….
    Ik denk dat het een ” en en ” situatie is .
    Het is herontdekking van wat ze toen in gemeend hadden met de ” Inlandse” bevolking , een beetje van hun cultuur , de andere Inlandse elementen , hun gerechten , hun adat etc .
    Dat hebben ze toch min of meer geleidelijk overgenomen , ondanks de wens om te vereuropeschen .Het is iets wat latent aanwezig is.

    Pas in Nederland werd het omarmd en begin het vaste vormen te krijgen , zoals de Pasar Malam gebeuren.
    De laatste jaren komen meer beweging naar de richting van de ” andere kant” .

  23. Quote EV.
    Krijgt hij dan opeens een Aha-Erlebnisch en zegt vervolgens : Ik ben Indisch (?)
    En om welke reden dan wel?

    Om daar achter te komen zal ik helaas nog even moeten wachten .
    —————-
    Voorlopig kan hij zeggen , ik heb een Indische achtergond , vanwege mijn grootouders .
    Indonesiers zeggen , saya keturunan Indo (ik ben een nakomeling van een Indo) .

    Hoe hij zijn ” Indisch zijn” ervaart zal de tijd leren , mss voel hij zich een gewone Hollandse jongen met een Indonesische moeder .

  24. @Roy

    Harry schreef:

    “..Kortom, in de diverse beschrijvingen en voorstellingen van ‘de Indische cultuur’ en ‘de Indische Nederlander’ zijn er aspecten die ik wel herken maar niet in het gegeven verband waarvan, samen met bepaalde andere zaken, ik het ernstige vermoeden heb dat ze onderdeel van mythe-vorming zijn…”

    Hij had het niet over indo’s 🙂

    Ik ben overigens dat boek van Lizzy aan het lezen. Ik heb bepaalde gebeurtenissen die daarin werden beschreven niet zo goed gevolgd, maar ze waren een openbaring voor mij.

    Ik viel eerder over uitspraken die deze en gene gedebiteerd had (niet over haar boek!)
    Een voorbeeld:

    Er was een vereniging die zich eerst militia perselatan had willen noemen, maar van dat idee werd afgehouden. Overigens het is Selatan, zoals in Maluku Selatan.

    pagina 328

    “..volgens Boersma had de vereniging het druk met het uitleggen aan jonge indo’s waarom ze niet met de rood-witte vlag als embleem moesten rondlopen:

    een jood zou toch ook niet een hakenkruis gaan dragen…”

    Ik wist echt niet wat ik las. Misschien dat ik hierop terugkom, maar ik denk het niet, gelet op wat onze confraters hieronder reeds geschreven hebben.

  25. He Roy, tidak apa-apa.

    Je gaat toch niet nog meer verwarring scheppen met dat verhaaltje uit dat Indisch (Hindoe) rijkje Pajajaran? 🙂

    Kan die “ch” uit Aha-Erlebnisch niet weg? Ik ben weliswaar ook van zwaar Duits komaf, maar dat betekent nog niet dat mijn Duits vlekkeloos is.
    Maar dat even terzijde.

  26. Opnieuw maaf Ed,… ik ben maf van de meest oorspronkelijke bron, en dat past toh bij “Ons Indisch Erfgoed”. Alles komt ergens vandaan en breng daar graag verwarring als deze op de wip komt, salam Roy 😉

  27. Quote SA
    Ik denk dat het een ” en en ” situatie is .
    Het is herontdekking van wat ze toen in gemeend hadden met de ” Inlandse” bevolking , een beetje van hun cultuur , de andere Inlandse elementen , hun gerechten , hun adat etc .—————————-
    Dat zal ongetwijfeld voor sommigen zo zijn maar ik ben er niet van overtuigd dat het een algemeen gegeven was. Het gold in ieder geval niet voor de omgeving waarin ik opgroeide. We waren ons wel bewust van dat aspect vanNOI, maar het werd gezien als iets wat aan de andere kant van schutting thuis hoorde. Wel iets waar soms met een zekere bewondering over werd gesproken en waarvan bepaalde aspecten (zoals de beleefdheid) als voorbeeld werden gebruikt maar het was niet een onderdeel van onze “culturele erfenis”. Dat zoeken, incorporeren en verheerlijken (mythe vorming) van het “Inlandse” zijn activiteiten die latere generaties ondernamen, maar die ik niet heb gezien bij de generatie van mijn ouders. Eerder het tegendeel

  28. Het begint een beetje saai te worden.
    Toen ik nog jong was enkele jaren geleden nam ik zodra ik voet aan wal zette op Nederlands bodem gewoon deel aan het leven in Holland. Ik heb mijn ouders eigenlijk nooit op verheerlijkende toon horen vertellen over hun tijd in Indie en later Indonesie. Hun verhalen waren niets meer en niets minder dan herinneringen.
    De band die wij hadden met indonesie waren familieleden op Bali en Lombok en de correspondentie van mijn moeder waaronder naar achteraf zich bleek veel bedelbrievn bevonden. Eerlijk gezegd boeiden Indie en Indonesie mij ook in het geheel niet.

    Ik heb ooit eens terloops aan mijn vader gevraagd, hoe het leven daar in Indie was.
    – Ach gewoon, antwoordde hij nonchalant.
    – Wat deden die indo’s daar allemaal, vroeg ik vervolgens.
    – In hun vrije tijd tennissen, zwemmen, ngobrollen, naar de soos gaan en achter de vrouwen zitten.
    Naar de soos ging hij ook niet, want dat vond hij maar een opgeblazen gedoe. Hij had wel andere dingen te doen, hij runde bijvoorbeeld een melkerij..

    http://home.wanadoo.nl/ed.vos/vos/vergunning_melkerij.htm

    Helaas, helaas, ik kan hem nu niet verder ondervragen, want de man is overleden.

    Het was pas in 1999, nadat ik voor het eerst naar Indonesie ging dat ik geconfronteerd werd met een golf van nostalgie, bewustwording (?) van indo’s en die naar een hoogtepunt liep in de periode vlak voor en na het welbekende Gebaar.
    Dat was vooral op internet.
    Voor het overige, lees het boek van Lizzy van Leeuwen.
    Nogmaals, wanneer ik “Indische cultuur” zoek, dan tref ik die (wat mij betreft) wel aan in dat gebied op Midden-Java, met al die oude koloniale gebouwen die vaak slecht worden onderhouden, bijgeloof en andere gewoonten, moslims, “inlanders”, het eten, warungs, toko’s, becaks, dokars, etc. etc. en ik kan er weer een jaar tegenaan.

    Er valt niets te verheerlijken of trots op te zijn.
    Ach gewoon maar wel interessant.

  29. Quote HS:
    Dat zal ongetwijfeld voor sommigen zo zijn maar ik ben er niet van overtuigd dat het een algemeen gegeven was. Het gold in ieder geval niet voor de omgeving waarin ik opgroeide…………….
    Je hebt gelijk.
    De probleem is dat de algemene mening van leken, buitenstaanders (de totoks bij voorbeeld) kan beinvloedt worden als er te veel op de tam tam (of is het de tong tong ) geslagen werd door een te kleine (dus niet representatieve) “vertegenwoordigers” van een groep.

    De stem , en de verhalen van de grote meerderheid die niet actief meedoen in de maatschappelijke discussies wordt dan ondergesneeuwd.
    En niet “Sudah laat maar”.

    Vandaar mijn oproep , doe mee.
    Laat je stem horen !!.
    Vertel je verhaal , van je ouders (als ze nog leven) , geef het door aan de jongere generaties.
    Ga jullie eigen geschiedenis nalezen , ga herschrijven als het niet klopt.

    Denk dan dan in het verleden jullie geschiedenis door de belanda’ s werd geschreven , duik in de bibliotheken van de Arsip Negara(Staatsarchief , KB ) etc.
    Persoonlijke dagboeken , herinneringen (voorzover dat nog aanwezig is .

    salam
    OmSid

  30. @Surya:
    Vandaar mijn oproep , doe mee.
    Laat je stem horen !!. Vertel je verhaal , van je ouders (als ze nog leven) , geef het door aan de jongere generaties. Ga jullie eigen geschiedenis nalezen , ga herschrijven als het niet klopt.

    Denk helemaal met je mee S.
    Toen wij uit Nw Guinea in Holland aankwamen was ik de énige die een bijzondere belangstelling bleef houden voor alles wat met Indië en Indonesië te maken had. Mijn moeder vond het nogal vreemd dat ik naar de toko’s in Den Haag toog, niet enkel om de limpers, wajik en tahu isi te halen, maar ook om die vrouwtjes met hun kondé’s, hun omong-omong en dan dat tawar in de toko. Dat was voorbij, vond zij, vergane glorie en ver weg van ons huidige bed.

    Als ik naar de Pasar Malam Besar ging, toen in de Houtrusthallen, weigerde zij steevast mee te gaan. Ook de Shell-reünies wilde zij niet bezoeken, terwijl mijn vader wel degelijk in deze sferen wilde verkeren. Pas in 1988, toen ik hen meesleurde naar Java, merkte ik hoe mijn vader zich direct aanpaste op zijn blote kaki’s struinend in de kampung… mijn moeder vond het al vreselijk om weer te gaan jongkok, edoch … langzaam, heel langzaam zoog zij die geuren, klanken, kleuren etc. weer op. Vreemd genoeg begon zij, eenmaal in Holland weer terug, allerlei oude Indische/Javaanse gewoonten door te geven, want haar oma, zeer geliefd, kwam uit de Kraton van Cheribon.

    Ik hoorde dat vele tantes hetzelfde reageerden bij terugkeer naar Indonesië, terwijl de oompjes sangat seneng waren. Geen verliefdheid maar voor hen de herinnering aan idd vervlogen tijden, maar vooral dat rustige voortkabbelende gedoe om niets. Voor mij ook in het bloed dat begint te borrelen en dan niet als rijke tourist!
    Salam Roy

  31. In het verhaal van Ed Vos over zijn ouders en zijn eerste periode in Nederland herken ik heel veel. Ik heb alleen die binding met Indonesië/Indië niet. Ik heb ook geen behoefte om terug te gaan. En dat gedoe met het aanvragen van een visum e.d. zal die zeker niet doen ontstaan. In het grijze verleden ben ik ooit eens naar de Pasar Malam in Den Haag gegaan, maar dat deed ook geen vonk overslaan.

    Wat betreft het “meedoen”, ik denk dat ik nu al doe door aan dit soort discussies mee te doen. Waarbij ik soms het idee heb, en dat slaat niet op deze specifieke discussie, dat de soms heftige reacties op onwelvallige standpunten die niet zelden ontaarden in persoonlijke aanvallen ontstaan uit iets wat op een sekte/religie-achtige gebeuren lijkt. Het Indo-dom als sekte. Interessante hypothese overigens.

  32. Ik wilde even reageren op het spreekverbod Maleis waaraan Harry onderworpen werd in zijn jeugd.

    Iemand vroeg mij ooit eens op een ander blog of ik ook ervaringen had, met een spreekverbod Maleis.
    Neen die had ik niet. Ik was Indonesisch en een beetje Nederlands opgevoed en mijn vader leerde mij al voordat wij naar Nederland moesten verhuizen wat Nederlandse woordjes.
    Mijn moerstaal was het Maleis/bahasa Indonesia omdat mijn ouders het voornemen zeker niet hadden om naar Nederland te verhuizen. Maar Soekarno he, en veel van onze familieleden waren ook al reeds vertroken.

    Het was wel zo, dat de onderwijzer vond dat het in huiselijke kring beter was om Nederlands te spreken. Het was geen verbod. Het enige “verbod” waarover ik zwaar pissig was, was het lezen van de Donald Duck, omdat dat niet bevorderlijk zou zijn voor mijn Nederlandse taal-ontwikkeling.

    Wel gaf ik de vraagsteller op het andere blog te kennen dat een oom van mij wel zijn kinderen verbood om Maleis te spreken. De reden hiervoor was: Soekarno.
    De man wilde dus ook niets meer te maken hebben met zijn land van herkomst, dat toen Indonesie werd. Het resultaat was wel dat zijn kinderen, mijn twee nichten, ook niet zo Indonesisch georienteerd waren. Beiden hebben ze zich ontwikkeld als Nederlandse mevrouwen, met ook een zeer geringe belangstelling voor pasar malams e.d.

  33. Even terugkeren op die Donald Duck. Uiteindelijk werd vanwege razen en tieren van mij het abo op de Donald Duck niet opgezegd. Ik kan dus zeggen dat ik mede door de Donald Duck en de boekjes die door Zwijsen in Tilburg werden gedrukt en uitgegeven (Puk en Muk) Nederlands geleerd heb.

  34. HHet verbod op Maleis was gezien de tijd (eind jaren vijftig van de vorige eeuw) en de toenmalige heersende opvatting alhier niet onverstandig. Een taal als Maleis is behoorlijk dominant en drukt een duidelijk stempel op het Nederlands. Bedenk dat het de tijd was waarin men schande sprak als er op de radio dialect of taalgebruik werd gehanteerd dat ook maar enigszins afwijkend was van het ABN. Als je luistert naar radio opnamen uit die tijd dan begrijp je wat ik bedoel. Denkend in termen van slagen in de nieuwe omgeving waarin de beoordeling van het taalgebruik zo zwaar woog, was het verbod op Maleis enigszins voor de hand liggend.

    Dat zal niet de overweging van mijn ouders geweest zijn, maar ik denk bovendien dat het opgroeien met twee talen, zeker als de voeding van een of van beide talen niet goed is, het risico van een slechte ontwikkeling zowel in beide talen als in het intellect in zich heeft. Het is een vaak waargenomen verschijnsel dat kinderen waarvan een van de ouders een andere moedertaal heeft later gaan praten. Met de voeding van een taal bedoel ik een adequate taalgemeenschap waar men zich in kan begeven. Een taal leert men namelijk niet alleen van de ouders.

    Voor ons was Nederlands de moedertaal. Een enigszins ironisch gevolg was dat mijn broer bleef zitten op de lagere school in Indonesië omdat hij een onvoldoende had voor het (toen verplichte) Bahasa wat hij niet onder de knie kreeg.

  35. Donald Duck , Suske en Wiske , Kuifje , Tom Poes / Heer Bommel etc .

    Ahh , dat zijn leuke kinderboeken bij ons thuis , waar ik zo graag bladerde .
    Soms aangevuld door het lenen bij onze buurjongens .
    Ik moet altijd de verhalen van de slimme Tom Poes en de Ollie Domme Heer Bommel.
    Mijn moeder ging toen vaak mij voorlezen voor hert slapen gaan.

    Bahasa belanda was de 3de taal na de Bahasa Indonesia en Bahasa Sunda .
    Zou het lezen van die ” Hollandse” kinderboeken mijn huidige Nederlandse taal hebben beinvloedt ?????.

  36. Mijn contact met Indo’s dateert al van de 2e klas lagere school, toen de repatriantendochter Wilma M. in de bank voor mij werd geplaatst. Ik werd op slag straal verliefd, ik rook de trasilucht ’s avonds nog in mijn jongensbedje. Ik ruilde boterhammen kaas met broodjes besmeert met sambal, die mij een brandende sensatie gaven. Later maakte ik kennis met Indo’s afkomstig uit Nieuw Guinea, waarvan ik er nog steeds erg veel ken. Zij beweren dat zij andere Indo’s zijn dan de rest die snel vanuit Indonesië gevlucht naar Nederland zijn om zich veilig te voelen. Indo’s uit Nieuw Guinea zijn inderdaad van een speciaal soort, het zijn mensen met initiatief, bereid om risico’s te lopen, avontuurlijk zoals men wil. Ondermeer die contacten met Indo’s hebben er toe geleid dat ik op een gegeven moment in 1991 naar indonesie ben verhuisd en ruim 19 jaar op Java heb gewoond. Dat verblijf is drie maanden geleden ten einde gekomen, ik ben op Java uitgekeken, een overbevolkt smerig eiland alwaar de mensen steeds meer Arabisch worden, hun cultuur verkwanselen aan de Islam, moeten ze zelf weten natuurlijk. Overigens vind ik het in deze vreemd dat er nauwelijks Indo’s in Nederland zijn die zich tot de islam hebben bekeerd, dat zijn toch ook hun roots. Ik ken er welgeteld eentje.

    Effies iets anders, als ik in mijn gedachten terug ga waren Indo’s altijd heel rustige mensen waar wij in Nederland nooit “last” van hadden. Echter in de 70’er jaren kwamen er andere inwoners van een kolonie Nederland opvrolijken, nl de Surinamers. De uitdrukking “Bijlmerexpres” werd toen aan de Nederlandse taal toegevoegd. Het bleek dat vooral het Creoolse gedeelte van deze bevolkingsgroep niet op zijn en haar mondje gevallen was, zij kwamen al snel met allerlei eisenpakketten, ook hoorden wij veelvuldig het “Ik ben jouw slaaf niet”. Tevens liet in die jaren een geheel andere bevolkingsgroep uit een voormalige kolonie, de Molukkers, op niet misverstane wijze van zich horen. Het bleek dat deze mensen van alles bij de regering voor elkaar konden krijgen. Zijn zij niet de inspiratiebron voor de Indo’s geweest om zich verbaal wat meer te roeren ? Toen later bleek dat “cultuur” ook nog eens subsidiabel was is ook de Indocultuur van de grond gekomen. Deze cultuur bleek de Nederlandse met daarbij wat Indonesische elementen toegevoegd. Oneerbiedig gesteld: “Een wayangvoorstelling op klompen begeleid door accordeon en keroncong, waarbij het zogenamde petjoh werd gesproken en lofliederen op het Indonesische eten werden gezongen”.

  37. Een reactie op Harry:

    [citaat]
    “Wat betreft het “meedoen”, ik denk dat ik nu al doe door aan dit soort discussies mee te doen. Waarbij ik soms het idee heb, en dat slaat niet op deze specifieke discussie, dat de soms heftige reacties op onwelvallige standpunten die niet zelden ontaarden in persoonlijke aanvallen ontstaan uit iets wat op een sekte/religie-achtige gebeuren lijkt. Het Indo-dom als sekte. Interessante hypothese overigens.”[/einde citaat]

    Ja, die lui heb je ook, ik ken dat wel, die mij ervan beschuldigden enerzijds dat ik mijn afkomst verloochen of anderzijds dat ik er destructieve opvattingen op na hou.
    Wanneer ik er aan denk word ik al pissig.

    De groep personen die hun afkomst en cultuur die vooral Nederlands is naar achter drukken, terwijl ze dat “ietsiepietsie” Javaanse extra benadrukken.

    Zij vergeten echter daarbij dat zij “concurrentie” hebben van bvb de Javaanse-Surinamers, met hun taal, hun wayang, hun slametan, hun geloof en andere traditionele uitingen.
    Hoewel hun culturele traditie ook zo’n beetje aan het verwateren is, wat de jongeren betreft.

    Vervolgens van Indonesiers in Nederland, en ook de nakomelingen van Nederlanders die getrouwd zijn met een Indonesische.
    Wat de laatste groep betreft: hun kinderen zijn tweetalig, kennen zowel de Indonesische als de Nederlandse cultuur wel zo’n beetje.
    Althans daar ga ik even van uit.

    Daar staan zij dan, de opposanten en criticasters, met hun “indische cultuur”, die elementen bevat die thuishoren bij de groepen die ik zojuist opnoemde.
    Het zou toch puur neo-kolonialisme, ja grove onbeschaamdheid zijn wanneer zij, en dat doen zij niet neem ik aan, bijvoorbeeld het wayangspel zouden claimen
    als behorende tot hun cultuur.
    Ik bedoel de Balinese als de Javaanse wayang, elk met hun specifieke taal en taalgebruik.
    Of, om maar een ander voorbeeld te noemen, de slametan met haar exacte regeltjes en voorschriften.
    En laat ik het vooral maar niet hebben over de taal die men spreekt en waarin men denkt

    Wanneer jij hun ideeen en opvattingen toch al religie noemt, dan moet het zoals ik het zelf heb geconstateerd, een syncretische “reli” zijn.
    Een reli van het wollig type New Age .
    New Age, dat is een beweging die bij elke eeuwwisseling en nieuwe periode, een nieuw begin een nieuw geluid, de kop opsteekt, waarbij mensen zich beraden over hun toekomst, en ook over hun eigen ik en identiteit beginnen na te nadenken.
    En voor zover ik het zelf heb gezien, viert het exotisme en het “erbij willen horen” dan hoogtij, en willen ze hun ideeen en opvatingen omsmeden tot 1 autonome cultuur

  38. Citaat Londoh:
    “Overigens vind ik het in deze vreemd dat er nauwelijks Indo’s in Nederland zijn die zich tot de islam hebben bekeerd, dat zijn toch ook hun roots. Ik ken er welgeteld eentje.”

    Even er van uit gaand dat je hier Indo en Indische Nederlander uitwisselbaar gebruikt, dan is dat niet zo vreemd. Het zou vreemder zijn als velen zich wel tot de Islam zouden hebben bekeerd. Het referentie kader voor de meest Indische Nederlanders is het Nederland uit de 19e en 20ste eeuw. Je zou zelfs de stelling kunnen verdedigen dat het Indisch Nederlandse een variant is van de Nederlandse cultuur. Zo als het Drentse en het Limburgse varianten zijn op het Nederlandse cultuur patroon. De Islam is wellicht voor de meesten een onderdeel van hun roots, maar dat is aan de andere kant de RK en de protestantse cultuur van de 18e en 19e eeuwse Duitse en Zwitserse huurlingen ook. Het nageslacht van de Hollandse mannen en Japanse vrouwen in Deshima, werd naar Batavia gestuurd en is op gegaan in de toenmalige koloniale samenleving. Wellicht is dat nageslacht ook een onderdeel van de roots. Over ironie gesproken.

  39. @Ed Vos

    het is met name dat absolute “het is zo en niet anders” en de pseudo-theologie over de positie tussen 2 culturen die me aan religie doen denken. Een voorbeeld ergens van het Web geplukt:

    “Wij Indo’s hebben bij onze geboorte meegekregen waar westerlingen een leegte hebben en wat zij ‘het geheimzinnige oosten’ noemen. Als je nadenkt over wat de geheimzinnige oosterling zo geheimzinnig maakt dan ontmoet je een onontgonnen gebied in jezelf. De natuur in Indonesië heeft ons hoogte en diepte bijgebracht. Veelkleurigheid. ”

    Het doet een beetje aan de Tarzan of de Old Shatterhand/Winnetou verhalen van Karl May denken waarvan de hoofdfiguren zich tussen twee bijna tegengestelde werelden bewegen en zo beiden ontstijgt om tot een ueber-heros te sublimeren. Romantisch, dat wel, maar het heeft niets met de realiteit te maken.

  40. Citaat Harry: “Even er van uit gaand dat je hier Indo en Indische Nederlander uitwisselbaar gebruikt

    Ik gebruik het woord Indo als daar de mensen van gemengde afkomst mee worden bedoeld, Indische Nederlander als de gehele bevolking afkomstig uit het v/m Nederlands Indië mee wordt aangeduid, dus inclusief de “totoks”. Ik denk dat dit juist is, gaarne uitleg als het anders moet.

    Wat betreft Indo’s die de Islam aanhangen, ik ben er in Indonesie diverse tegengekomen, de meesten waren terug gekomen vanuit Nederland en vonden de Islam “leuk” het heeft ook praktische voordelen in dat land. Je wordt als Ware Gelovige in ieder geval voor vol aangezien.

  41. Het is natuurlijk niet in brons gegoten, maar ik denk dat in het dagelijks gebruik met “Indische Nederlander” alleen de mensen van gemengde afkomst uit voormalig Ned. Indie bedoeld wordt.

  42. Quote:
    Ik gebruik het woord Indo als daar de mensen van gemengde afkomst mee worden bedoeld, Indische Nederlander als de gehele bevolking afkomstig uit het v/m Nederlands Indië mee wordt aangeduid, dus inclusief de “totoks”. Ik denk dat dit juist is, gaarne uitleg als het anders moet.
    ———————
    Historisch en juridisch gezien is het niet juist dat de totoks , de indische nederlanders , de indo-europeanen , en europeanen ( belgen, armeniers , turken , japanners , etc om als 1 grote groep te zien .
    Ook al zouden ze een zgn gemengde afkomst hadden.
    Dat werd ook geillustreerd door de cijfers van Nederlands Indische CBS .

  43. Anno 2009 wordt de Indische Nederlanders (inclusief Indo’s) en Indonesiers als Westerse Allochtoon gezien door CBS.
    De totoks zijn dan autochtonen.

  44. Londoh citaat:
    […]Toen later bleek dat “cultuur” ook nog eens subsidiabel was is ook de Indocultuur van de grond gekomen[…]

    Is een interessant gezichtspunt en de moeite van het onderzoeken waard. Of in ieder geval in een onderzoek naar het ontstaan van de “Indische identiteit” in Nederland mee te nemen aspect. Ik denk echter niet dat dit de belangrijkste oorzaak of motivatie is, maar dat het eerder een soort van katalyserende werking heeft gehad.

  45. @ Harry Sihan

    “Wij Indo’s hebben bij onze geboorte meegekregen waar westerlingen een leegte hebben en wat zij ‘het geheimzinnige oosten’ noemen. Als je nadenkt over wat de geheimzinnige oosterling zo geheimzinnig maakt dan ontmoet je een onontgonnen gebied in jezelf. De natuur in Indonesië heeft ons hoogte en diepte bijgebracht. Veelkleurigheid. ”

    Dat absolute, is ook weer dat typische new-Age, “Dancing with wolves” denken: terug naar de natuur en de shamaan in plaats van naar de huisarts op de hoek 🙂

  46. Een achterafje: … vind dat jullie Tjalie Robinson n beetje achteruitstellen, hoewel begrijpelijk dat jullie hem niet willen waarderen.

    Hij was tenslotte een van de heel weinigen die zijn Indozijn nóói verdoezelde, toen in die bizarre jaren die bruinen steeds in grotere getale naar Holland deed komen. Pindapoepchinezen, indolente mensen in pensions, naar knoflookstinkende bruinen … t kon niet op, doch pak Tjalie heeft door zijn activiteiten direct verzet geboden tegen de assimilatiedwang van de jaren vijftig. Hij was slechts de aanzet om het Indozijn een plek te geven en natuurlijk kennen niet alle Indoos hem …

    Doch eenmaal die roots zoekende, en dat zijn er velen en het waarom blijft vooralsnog in nevelen gehuld, kom je vanzelf de naam Tjalie Robinson tegen, samen met Tong Tong (een Indisch tijdschrift, nu de Moesson), de Pasar Malam Besar en hun exotische evenementen. Weinigen kennen Ellen Derks, dé motor achter die gestadige groei van de PMB. Door haar organisatietalent is dat uitgegroeid tot het allergrootste Euraziatische festival van de wereld, dat onlangs de BBC wereldwijd haalde. Tjalie was “slechts” de aanzet daartoe.

    Daar komen de meest uiteenlopende takken van de Indowereld, zonder enige schroom om die popiejopie trend voort te zetten. Natuurlijk zijn er anti-PMB groepen ontstaan en dat circus van commercie, geld binnenhalen en andere negatieve feiten een boze gedachte toedragen, maar dat neemt niet weg dat je die lui van de PMB en pak Tjalie niet meer kan wegschrappen van de Indolijst, niet in Europa, niet in Canada, de USA, Australië …
    Al, slamat weekend, groet Roy

  47. Goede Morgen Roy, Selamat pagi ook weer van de partij 🙂

    Jouw vraag kan ik nauwelijks beantwoorden want ik las pas zo’n 10 jaar geleden voor het eerst zijn naam. Het gekke is dat mijn vrouw wel een boekje van hem heeft gelezen, Ik en Bentiet , en dat vond ze heel grappig! Maar ik zal het tzt ok zeker doen, iets van hem lezen..
    Ik zag zijn verzameld werk nog voor 90 euro staan op de tweede handse markt in Tilburg, maar dat vond ik wel te veel gevraagd

    Daarom heb ik niet gereageerd op de discussie (?) over hem.
    Hij zal zeker bepalend zijn voor het leven van indo’s in Nederland en het indo-zijn een plekje in de Nederlandse samenleving hebben gegeven. Daarover zal ik geen moment twijfelen. En assimileren, daarvan ben ik evenmin een voorstander.
    .
    Ik zou, terzijde, misschien wel jaloers kunnen zijn op zeg, de Molukkers, die hun gehele cultuur naar Nederland overbrachten. Maar wat die indo-cultuur betreft. Een beetje van dit, een beetje van dat? Ik ben ook geen liefhebber van indo-rock, muziek uit Hawai, oude krontjong.

    Ik heb eerlijk gezegd daarmee geen affiniteit . Geef mij maar liever een goed stukje Indonesische muziek, emping gepuk uit Salatiga, Bandeng presto. Of een goed stukje psychedelische sixties-garage, post-punk, independent-muziek

    Elke indo zijn eigen indo-voorkeur en liefhebberij toch?

  48. Quote Ed: Jouw vraag kan ik nauwelijks beantwoorden want ik las pas zo’n 10 jaar geleden voor het eerst zijn naam. Het gekke is dat mijn vrouw wel een boekje van hem heeft gelezen, Ik en Bentiet , en dat vond ze heel grappig! Maar ik zal het tzt ok zeker doen, iets van hem lezen..
    Ik zag zijn verzameld werk nog voor 90 euro staan op de tweede handse markt in Tilburg, maar dat vond ik wel te veel gevraagd

    We kunnen beter over Tjalie ngobrollen dan over Wilders toh, Tjalie was tenminste een “echte” Indo. Jaren geleden heb ik eens voor veel geld (teveel) “Piekerans van een straatslijper” I + II aangeschaft. Ik wilde wel eens iets in het petjoh lezen. Er staan een aantal zeer goede verhalen in, zeker het verhaal “Kerstviering met pa en ma” vond ik geweldig, doch veel stukjes waren in mijn ogen echter gewoon journalistiek werk. Later nog eens “Tjies” van Vincent Mahieu gekocht, maar nooit uitgelezen, boeide me totaal niet. In een boekje samengesteld door Vilan van de Loo (Indië ongekuist) staat nog een erg mooi verhaaltje van Tjalie’s hand met de titel “Vivere Pericolos Amente”

    Ik vraag me af hoeveel mensen zijn verhalen werkelijk hebben gelezen, want het meeste is nogal gedateerd. Iedere Indo schijnt zijn naam te kennen, maar zijn verhalen ? Nu is de man door Wim Willems geclaimd, die doet er zo lyrisch over. Toen ik hem laatst op de TV geïnterviewd zag worden keek ik naar iemand die duidelijk graag in de smaak wilde vallen. “Waduh lui, ik verlang te vomeren” dacht ik nog. Nee ik houd me liever bij die zure W. Somerset Maugham, de korte verhalen die zich in Z.O. Azië afspelen, daar krijg ik nooit genoeg van, zal wel aan de roots van me liggen, die leggen in England.

  49. Ik zou de laatste zijn om denigrerend over Tjalie Robinson te doen. Ik vind hem een groot schrijver en ben er van overtuigd dat als hij zich niet beperkt had tot de Indische letteren, en met name zijn specialiteit de wereld van de Indo in Nederlands Indie, hij tijdloos en universeel zou zijn geweest. In dat opzicht doet hij me denken aan een Koreaanse dichter uit de 19e eeuw, Kim Sakkat, die geniale gedichten schreef, maar omdat ze zo specifiek zijn voor zijn tijd, ontwikkeling en sociale positie, de huidige generatie Koreanen zijn gedichten zonder een uitgebreide uitleg niet kan lezen.

    Hij is ongetwijfeld bepalend geweest voor de creatie van de Indische identiteit in Nederland als reactie op het paternalisme en het racisme waarmee de generatie van mijn ouders hier werden geconfronteerd. Dat gezegd hebbende ben ik van mening dat die Indische identiteit hier ontstaan/gemaakt zijn en niet een voortzetting is van iets wat in Indie/Indonesie bestond.

    Bij assimilatie denk ik aan het opgeven van essentiele zaken zoals taal en gebruiken. Ik geloof niet dat dat algemeen gold voor de generatie van mijn ouders. Zij spraken Nederlands en hun referentie kader was Nederlands. Je kan van een Limburger die naar Amsterdam verhuist ook niet zeggen dat hij assimileert.

  50. HS schreef:
    Ik zou de laatste zijn om denigrerend over Tjalie Robinson te doen. Ik vind hem een groot schrijver en ben er van overtuigd dat als hij zich niet beperkt had tot de Indische letteren, en met name zijn specialiteit de wereld van de Indo in Nederlands Indie, hij tijdloos en universeel zou zijn geweest.
    ———————————-
    Ben met HS eens.
    Vind dat si Tjalie een goede schrijver is omdat hij verhalen schreef over de Indo’ s(Ind.Ned) in Batavia en omgeving .
    In het begin van mijn verblijf in Nederland heb ik een ” gekleurde” mening over de ” Indo’ s” , maar ondanks dat voel ik me aangetrokken op de maniet hoe hij de Indo samenleving in Batavia beschreef.En indirect de verhouding met de totoks .
    Had in de jaren 70 zijn boeken meermalen geleend van de bibliotheek , totdat het in een paar jaar gerleden zijn boeken op de kop kan tikken.
    Ik vraag me af hoe de ontwikkeling van het Indo/Indische samenleving zal verlopen zijn zonder zijn bijdrage .
    Jempol die fen .

Laat een reactie achter op Rick van den Broeke Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.