Indisch 3.0 op de Tong-Tong Fair (21 en 28 mei)

21 mei 2010 | 19.30-20.15 uur | Bibit-theater: ‘Indotiteit’ onderzocht

Patrick Neumann (Indisch 3.0) praat in deze talkshow met jonge Indo’s Rik Wester en Nora Iburg. Beide deden afstudeeronderzoek naar de Indische identiteit en cultuur. Wat zijn hun bevindingen? Wat herkennen mensen in de zaal? Afgewisseld met korte reportages waarin de Cicaks van Indisch3.0 jonge Indo’s eerder op de TTF naar hun mening hebben gevraagd. Nora signeert aansluitend haar boek Van pasar malam tot I love Indo.

28 mei 2010 | 19.45 – 20.30 uur | Bibit-theater: Maak je eigen rootsreis

Ed Caffin (Indisch 3.0) praat in deze talkshow met jonge Indo’s Ferry Bounin, Roman Gijzen en Trisha Pothoff die een rootsreis maakten naar Indonesië. Hoe was het? Waar zijn ze geweest? Wat voor tips hebben ze voor andere Indo’s die zo’n reis willen maken? Afgewisseld met korte reportages waarin de Cicaks van Indisch3.0 jonge Indo’s eerder op de TTF naar hun mening hebben gevraagd.

19 gedachten over “Indisch 3.0 op de Tong-Tong Fair (21 en 28 mei)”

  1. Ik ben benieuwd naar de roots reizen van jongeren. Wat zochten ze en wat vonden ze? Helaas kan ik niet op de TTF zijn. Is het misschien een idee om er een serie over te beginnen op 3.0?

  2. Ik kom de laatste jaren speciaal uit Italie naar de TTF. Dit is mijn rootsreis, daarvoor hoef ik niet naar Indonesie, ik ben daar weliswaar geboren maar heb geen familie, geen geestelijke binding,geen geschiedenis, want Indie is niet meer. Misschien ga ik als tourist naar Indonesie, het graf van mijn opa, KNILmilitair, bezoeken.

    Toen ik de titel “Indotiteit” las, dacht ik:
    Indische identiteit is en cultuur is iets uniek voor voor de generatie 3.0 m.a.w vult elke generatie haar eigen identiteit en cultuur in.?
    Of is er ook een bindend element in in de identiteits- en cultuur definties, dus is er een continuiteit, iedere generatie geeft iets (sic) unieks door aan de andere generatie? Kan er dus sprake zijn van een Indische identiteit, een Indisch perspectief?

    En hoe verhoudt deze identiteit en cultuur zich t.o.v. Minderhedendiscussie?
    De eerste en tweede generaties hebben zich jarenlang alle moeite getroost en zich ingespannen om aan te passen aan de stereotype die Nederlanders van hun hebben om zodoende geaccepteerd te worden. In het huidige tijdsbestek, de discussie over minderheden, moeten 3.0 generatie zich na zoveel jaren toch nog waar maken als Nederlanders, want ze zien er o.a. zo Mediterraans uit (welke) , . Dat is dus het resultaat van de inspanningen.
    Ik heb de indruk dat 3.0 aan dit gegeven, de minderhedendiscussie, voorbijgaan, maar wel uiterst geheimzinnig navelstaren, meer bezig met een geestelijke zelfbevrediging.

    Vrijdag 21 mei om 19:30. Als ik er tijdig ben, neem ik mijn jongste zusje mee. Die is met een tweede identiteit bezig.

  3. T.T.F , is niet meer de plek waar de oude Indo’ s , Indische(n) jaarlijks bij elkaar komen om hun tempo doeloe beleving te ervaren , om hun ouwe sobats te ontmoeten , of lekker tjendol of martabak te proeven.

    Gelukkig hebben de 3de generatie het ontdekt , kunnen ze de oude geschiedenis van hun ouders en grootouders beter leren kennen.

    En een nieuwe ontdekking van de Indonesische componenten van hun Indisch zijn .
    Leren ze in de Bengkel ( garage ?) workshoppen en in de Bibit theater iets over hun Indische en Indonesische cultuur .
    Daar komen de nieuwe bibits van de Indische gemeenschap om van elkaar te kunnen leren en wie weet gaan ze dat overdragen aan Indisch.4 of punt 5 en verder.

    Het schijnt dat jong (3de Gen.) en oud (2de Gen) allerlei “nieuwe” zaken kunnen leren , hoe ze Indisch of Indonesisch kunnen koken.
    Of de serimpi dans of batikken kunnen leren , en het bewonderen van de wayang golek , etc .

    Ben ook benieuwd hoe de rootsreis is verlopen , welke indrukken hebben ze over Indonesia van nu .
    Toch iets anders dan de Nederlands Oost Indie uit de verhalen van hun ouders en grootouders of uit de vergeelde foto’ s uit de vele boeken van tempo doeloe.

    Ik vind het mooi dat de nwe generatie Indische mensen uiteindelijk hun weg hebben gevonden , en de culturele erfenis uit Indonesia willen omarmen.
    Dat zie ik in de samenstelling van de programma.

  4. Zijn er Indo’s op deze forum die net als ik een Indische vader (of moeder) en een Indonesische moeder (of vader) hebben? Vanwege mijn Indonesische moeder voel ik me erg verbonden met Indonesia en spreek vloeiend Indonesisch. Ik heb benieuwd hoe zij hun Indische identiteit ervaren?

  5. Peter van den Broek says:
    May 16, 2010 at 15:08
    De eerste en tweede generaties hebben zich jarenlang alle moeite getroost en zich ingespannen om aan te passen aan de stereotype die Nederlanders van hun hebben om zodoende geaccepteerd te worden.

    Ik heb de indruk dat 3.0 aan dit gegeven, de minderhedendiscussie, voorbijgaan, maar wel uiterst geheimzinnig navelstaren, meer bezig met een geestelijke zelfbevrediging.
    ——————————————————————–

    *Ik begrijp niet waarom de 3de Generatie Indische Nederlanders met de minderheden of minderhedendiscussies bezig moeten houden ?.
    Ze zijn gewoon jonge Nederlanders , hier geboren en getogen , perfect geschoold .
    Ze hoeven ook niet meer te bewijzen of erkend willen worden als Nederlanders , zoals het geval was bij hun (voor)ouders.

    Ik zie me al als ik tegen mijn zoon (23 jr) zegt , je moet je ook ” bezighouden ” met minderhedensvraagstukken.
    Zal hij vreemd naar zijn Indonesische ouweheer kijken en zeggen , pap ik ben een Nederlander .
    Klopt , hij is een genaturaliseerde Nederlander , tot zijn 18de was hij Indonesier.
    Ondanks zijn Indonesische naam , een kopi susu uiterlijk en vaak aangezien als een Indische jongen (vader Indonesier tulen-moeder Belanda tulen) voel hij zich Nederlander .
    Hij zou een 100% Indo/Indisch kunnen zijn ( 50% Indonesisch en 50% Belanda totok) , maar historisch en juridisch gezien geen Indisch .

    En zijn cultuur ?
    Een beetje Nederlands , een beetje Indonesisch .

    Zijn identiteit ?
    Moet hij zelf gaan uitzoeken, waar hij zichzelf identificeerde , waar hij zich zelf senang voelt.
    Ik geef hem alleen uitleg over zijn asal usul , de geschiedenis van de Indo, Nerderlanders en Indonesiers .
    En waar zijn plaats kunnen zijn .
    Op dit moment voel hij zich Nederlander .

    **In de afgelopen X jaren was de “communicatie” tussen de verschillende generatie niet zo denderend geweest.
    Dat is ook de reden dat de 3de Gen. nu op zoek zijn gegaan naar hun geschiedenis , naar hun identiteit , naar hun cultuur .

    Veel lezen , praten met elkaar , workshops bezoeken , profileren in diverse gelegenheden en media , discussieren met andere BIBITS bij de TTF cq rootsreis maken naar het “land pan erkomst” van hun voorouders behoren tot de mogelijkheden.
    Veel succes.

  6. Wim Manuhutu heeft tijdens een radiouitzending Obu-live de stelling geponeerd dat 3de generatie Indo’s ondanks de inspanningen van de 1ste en 2de generatie zich weer als Nederlanders dienen te bewijzen. Dit komt vooral doordat de maatschappelijke discussie (o.a. door opkomst van Pim Fortyn en Geert Wilders) zich verhard.

    Ik heb verschillende websites bestudeerd zoals FOK maar in het bijzonder Hyves.nl (jij ziet er helemaal niet Indisch uit), daar worden 3DE generatie INDISCHEN weer met hun anderszijn als minderheid geconfronteerd, ondanks dat zij zich Nederlanders voelen en zijn , maar het gaat er om hoe de ander zich t.o. jou opstellen. Ik heb eens geschreven dat Indischen daar allert en adequaat dienen te reageren en niet er boven staan (de gebruikelijke Indsiche lijdzame houding)en toen kreeg ik de halve bovenzaal (ene Conny oa.) over me heen. Je kan je als Indische wel je kop in het zand steken, maar je wordt met je oren naar de discussie getrokken of je wil of niet, lees Hyves er op na, ik verzin het niet en is ook geen hypothese. Doe je dat niet dan gaat de geschiedenis zich weer herhalen (zie 1ste en 2de generatie die zich aan de discussie ontrokken met alle gevolgen van dien). Een Indisch gaat zich per definitie helemaal niet met minderheden bezighouden want dan stelt hij zichzelf als minderheid ter discussie.

    Zoals SA op mijn verhaal reageert is bijna typisch Indisch alhoewel hij noch zijn zoon dat zijn (dat koloniale element en de repatriering ontbreekt in zijn geschiedenis. Ik vind zijn positie en die van zijn zoon anders en daarom onvergelijkbaar, hoeveel moeite hij daaraan besteed.

    Ik heb ook een zoon, geboren in Zwitserland en sinds zijn 5de in Italie. hij heeft een Italiaans en Nederlands paspoort (vindt hij wel zo interessant).Hij vraagt me wat ik zoal aan het schrijven ben en ik leg hem dat uit ik weer eens op een Indische weblog schrijf. Hij vindt dat maar verloren tijd, hij kent mijn achtergrond.

    Hij ziet er erg Indisch uit maar dat kent men niet in Italie, dus het bestaat niet voor hem. Indischzijn, 3.0 Indo is voor hem geen keuze, hij weet nog geen eens wat 1.0 Indo is, hij kent alleen een hele lieve kleine Oma, Warsini Troesono
    Ik hoop dat hij een paar jaartjes in Nederland gaat studeren, zodat we wat Indische ervaringen kunnen uitwisselen

  7. Peter van den Broek says:
    June 1, 2010 at 12:06
    (1)Een Indisch gaat zich per definitie helemaal niet met minderheden bezighouden want dan stelt hij zichzelf als minderheid ter discussie.

    (2)Zoals SA op mijn verhaal reageert is bijna typisch Indisch alhoewel hij noch zijn zoon dat zijn (dat koloniale element en de repatriering ontbreekt in zijn geschiedenis. Ik vind zijn positie en die van zijn zoon anders en daarom onvergelijkbaar, hoeveel moeite hij daaraan besteed.
    ——————————————————————–
    (1) Dat kan wel kloppen , in tempo doeloe tijd (in Nederlands Oos Indie) proberen ze aan te sluiten bij de “hoofdgroep”,de Nederlanders .
    Het is een opwaarste poging geweest , een soort emancipatieproces .

    (2) De 3de Generatie hebben dat probleem niet .
    Tenminste als ik de discussies van de 3de generatie heb gevolgd en goed begrepen heb.

    Ik weet niet wat er “bijna typisch Indisch”is bij SA (en zoon ).
    Ze zijn Indonesier en een genaturaliseerde Nederlander , hebben andere cultuur en referentiekader .Een andere asal usul dan de 1ste(2de) of 3de generatie Indonesia.

    Het enige dat SA gemeend had met de 1ste of sommige 2de Generatie Indo /Indische Nederlanders is dat ze dezelfde land pan erkomst hebben .
    (Sayoer) Gudeg , terasi , gado gado met gado2 saus etc lekker vindt , en de maleis van de oudere Indische mensen begrijpt.
    Meer niet . En botol cebok gebruik hij ook niet.

  8. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat het meer wishful thinking is dan feitelijk als de discussie gaat over de “Indische identiteit”. De zelfde cliché’s – niet zelden in dezelfde termen – komen voorbij: de oudere generaties wilden zo Nederlands mogelijk zijn, wilden zich aanpassen, etc. De aanname hier is het bestaan van een homogene, identieke groep genaamd “Indo Europeanen” in Nederlands Indië met een eigen, duidelijk herkenbare cultuur, die veel anders is dan b.v. de Nederlandse cultuur. Ik ben hiervan niet overtuigd. Het is ook niet het beeld dat in de verschillende boeken/werken over de geschiedenis van Nederlands Indië wordt gepresenteerd.

    Zo beschrijft Hans Meijer in zijn werk ‘In Indië geworteld’, een groep die zich vooral Nederlands voelt, de Nederlandse cultuur als de zijne beschouwt, en feitelijk Nederlands is. Wat hen onderscheidt is niet zo zeer de etniciteit (de mix van Aziatische en Kaukasische genen), maar de toenmalige sociale perceptie van hen die bepaald werd door de (blanke) dominante groep. M.a.w. deze groep, waarvan een merendeel, naar ik vermoed, daadwerkelijk in Nederland terecht is gekomen, wilde niet zo Nederlands mogelijk zijn, ze wàs Nederlands in taal, gedachtegoed en cultuur. Wat hen weerhield van volledige opname in de Nederlandse cultuurgemeenschap was een in die tijd belangrijk geachte huidskleur verschil. Dat de groep desondanks haar Nederlandse identiteit op het fanatieke af benadrukte – o.a. door zich sterk af te zetten tegen de inheemse cultuur – werd m.i. met name veroorzaakt door de hen opgelegde ‘shade bar’.

    Het zij vermeld dat de groep slechts een deel is van de ‘mestiezen’ groep. Het nageslacht van de verbintenissen tussen Europeanen/blanken en de inheemse bevolking ging als groep over culturele en sociale grenzen heen. Als je hen als groep neemt, dan is de volgende grove indeling aannemelijk: vanaf de bovenlaag tot en met de middenlaag is cultureel vrijwel identiek aan de toenertijd heersende blanke Nederlandse groep. Vanaf de middenlaag zal de cultuur vermenging in toenemende mate prominent zijn geweest tot het punt waar er cultureel niet of nauwelijks verschil is met de inheemse (autochtoon in modern taalgebruik) omgeving.

    Ik kom meer en meer tot het inzicht dat de Indische identiteit waar men het hier over heeft iets is dat in Nederland is ontstaan uit elementen die zijn meegenomen uit Indië. Mijn ouders voelden zich altijd Nederlands totdat ze werden geconfronteerd met hun positie als 2e rangs burger in het Nederland van de vijftiger jaren. Om hun gevoel van eigenwaarde te behouden hebben ze hun trots en zelfbeeld gezocht in hun ‘anders-zijn’. Ik kan me voorstellen dat een dergelijk proces de katalysator was voor de vorming van een “Indische identiteit”. Ik heb het altijd opvallend gevonden dat zaken die hier als “typisch Indisch” worden voorgesteld, zoals het gebruik van Maleise woorden, krontjong e.d., een gruwel waren voor de generatie van mijn grootouders. Het is iets wat misschien aan de achterkant van het huis, waar de grens met de kampong – al dan niet letterlijk – lag, oogluikend werd getolereerd, maar aan de voorkant het taboe daarop letterlijk en figuurlijk werd gehandhaafd.

    Je kan je afvragen waarom men een dergelijk proces – d.i.. de vorming/vlucht van en in een eigen identiteit – niet of nauwelijks in Indië heeft plaats gevonden, maar dat men zich toen vooral heeft vastgeklampt aan het Nederlanderschap. Een mogelijke begin van een verklaring hiervoor is het zich afzetten tegen de inheemse cultuur en bevolking. Het feit dat men Nederlander was, ergo superieur aan de inheemse bevolking en vreemde oosterlingen, vormde de basis voor een gevoel van eigen waarde.

    Ik geloof dat wat nu Indische identiteit wordt genoemd iets is wat de generatie van mijn grootouders niet zal (h)erkennen als eigen. En als je in termen van generaties wil denken m.b.t. die identiteit dan lijkt me dat het begin van de bewustwording, c.q. het afzetten tegen de toenmalige blanke omgeving en zijn houding t.o.v. de getinte Nederlanders – Tjalie Robinson c.s. – de 1e generatie genoemd kan worden. In zekere zin is dat het resultaat van mijn roots reis.

  9. Hoi Harry,
    Wat ontbreekt in je verhaal is dat verandering in culturele oriëntatie ook in Indië plaats had gevonden. Sinds de eeuwwisseling was verandering overal zichtbaar in Indië . Leg alleen maar de foto’s van Batavia rond 1890 naast die van rond 1930: het contrast tussen slaperigheid en hectiek is groot.

    Onder andere door de groeiende instroom van Nederlandse migranten en betere communicatiemogelijkheden werd het koloniale leven in de eerste helft van de twintigste eeuw steeds meer op zuiver Nederlandse leest geschoeid. Nederland stond voor vooruitgang en welvaart; de inheemse culturen voor achterlijkheid en stilstand. Geen wonder dat Indischen van alle sociale lagen wilde aanhaken bij alles wat Nederlands was.

    De situatie in de negentiende eeuw was anders. Toen was de koloniale norm niet zuiver Nederlands, maar een mengcultuur waarin gefortuneerde Indo-Europeanen, als ze het al niet bepaalden, een groot aandeel hadden in de vaststelling van de koloniale mores. Op foto’s uit die tijd is nog te zien hoe Europese dames zich niet schaamden om voor de eeuwigheid vastgelegd te worden in sarong en kabaja. Die wereld was in de jaren twintig tot tempo dulu geworden, op wat rafelranden na. In Du Perron’s “Het land van herkomst” is die oude wereld nog terug te vinden in de beschrijving van de moeder van Arthur Ducroo.

    Het kon niet anders of de japanse tijd, bersiap en repatriëring vormden de achtergrond van nieuwe veranderingen in hoe indische nederlanders zichzelf beschouwden en van culturele heroriëntaties. In mijn visie is het eerder opmerkelijk dat hernieuwde belangstelling voor alles wat onderscheidend is in een Nederlandse setting nog zolang op zich heeft laten wachten.

    Ik heb lang erg sceptisch gestaan tegenover een indische renaissance van jongeren. Ik vond het maar anstiel, om maar een indische uitdrukking te gebruiken. Later kwam ik tot de conclusie dat het niet aan mij is om er verder een oordeel over te hebben. Indische jongeren zijn indisch op een manier die hun (over)grootouders in verwarring zouden hebben gebracht. Maar geldt dat niet ik voor de hemelbestormers van de jaren twintig en hun negentiende-eeuwse voorouders?

  10. Hallo Mas Rob,

    Jouw verhaal klopt, maar ik denk – en het is een hypothese – dat de generaties van mijn ouders en grootouders, die de crisis van de dertiger jaren, de Japanse bezetting en de Indonesische revolutie hebben meegemaakt, gevormd werden juist in die twintiger jaren van de vorige eeuw. De tijd dat langzamerhand de scheiding tussen blank en niet blank steeds meer merkbaar werd, zij het niet zo absoluut als in de Britse koloniën bijvoorbeeld. Het is ook de tijd dat het koloniale bestuur meer ‘inlandse’ personeel opnam in het ambtenaren apparaat en daarmee de positie van de Indo Europeaan als de “ideale” tussenpersoon naar de inheemse bevolking ernstig bedreigde. Nu is het zeer de vraag of men die rol van tussenpersoon ook werkelijk kon vervullen, maar dat terzijde.

    De manier van denken en levenswijze van die Indische groep vinden hun wortels in die eerste decennia van de vorige eeuw. De Indische families uit tempo doeloe zijn eigenlijk een klasse apart. Ik geloof dat de Indische groep en hun manier van leven feitelijk eindigde met de teloorgang van Indië waarmee zij onlosmakelijk mee verbonden waren en met het heengaan van de laatsten die Indië nog hebben meegemaakt.

    Wat men hedentendage Indisch noemt heeft voor mij meer iets van een overtuiging dan dat het slaat op een etnische minderheid. In dat opzicht zou je een enigszins kromme vergelijking kunnen maken met de Joden en het Jodendom, waarvan het etnische element ook verdwenen is. Het is ironisch, maar je zou kunnen stellen dat het laatste wellicht het gevolg is van die bijna obsessieve oriëntatie op Nederland, die er voor zorgde dat, toen eenmaal in Nederland aangekomen en de sociale barrières weg vielen, het merendeel van de Indische groep een blanke, autochtone partner koos.

    De term ‘renaissance’ is juist gekozen. Net als die andere, meer bekende renaissance is het een creatie uit elementen van een historisch origineel, dat er tussen de oogharen wel op leek, maar in veel opzichten veel anders was. Anders gezegd het is een interpretatie van iets wat niet meer te achterhalen is.

  11. Tijdens de talkshow spraken we onder meer over de Reisgids Indonesië – Oorlogsplekken 1942-1949, waar ik één van de auteurs van ben. Dit is een praktische gids die de reiziger ter plekke de weg wijst met informatie over bijvoorbeeld hoe de, soms moeilijk traceerbare, locaties te vinden, over logies en eten en drinken. Fraaie (detail)kaarten helpen daarbij. Meer info is te vinden op de website http://reisgidsindonesie.com/Boek. Hier kan de gids ook worden besteld.

    Wil je zélf een Rootsreis gaan maken, ik help je graag met de voorbereiding hiervan via mijn reisorganisatie Footprint Travel! Wij zijn gespecialiseerd in reizen naar Indonesie. http://www.footprinttravel.nl/

    Goede reis!

  12. Harry says:
    June 2, 2010 at 19:54
    Het is ironisch, maar je zou kunnen stellen dat het laatste wellicht het gevolg is van die bijna obsessieve oriëntatie op Nederland, die er voor zorgde dat, toen eenmaal in Nederland aangekomen en de sociale barrières weg vielen, het merendeel van de Indische groep een blanke, autochtone partner koos
    ————————————————–
    Dat had ik geconstateerd bij de oudere generatie , en zeker van de 1ste Generatie .
    Die “willen”graag dat hun kinderen met een totok trouwen .
    Het woord “rasverbetering” heb ik meermalen gehoord van diverse “oudjes”, toen de 50 plussers.
    Ik heb toen tegen een paar Indonesische en Indische vrienden nog gezegd , is het een soort “veredelingsproces”omdat ze met een totok trouwen of moeten de totoks blij zijn omdat ze kunnen trouwen met de Indo’s.
    Een bevolkingsgroep die de beste eigenschappen uit 2 werelden geerfd hebben ?

    Zelfs bij de “gegoede” Indo’s zie je dezelfde proces , of ze gaan met Indische mensen om die ongeveer dezelfde “asal usul ” hebben of gaan ze met totoks omgaan.

    De 3de generatie hebben dat niet , ze zijn gewoon Nederlandse jongens en meisjes.

  13. surya atmadja says:
    De 3de generatie hebben dat niet , ze zijn gewoon Nederlandse jongens en meisjes.
    ——————————————————————————

    Nou, ik ben 3de generatie en mijn opa (een trotse Indische man en ex-KNIL’er) heeft altijd tegen mij gezegd: “Vergeet nooit dat je een Indo bent, ook al ben je hier geboren en getogen!”. Mijn Nederlandse collega’s zeggen dat ze mij heel Nederlands vinden, maar tijdens lunchtijd vinden ze mij weer typisch indisch… ik neem altijd nasi met restjes van de dag ervoor mee.. heel grappig! Ach ja ik ben en blijf een derde generatie INDO.. ja toch!

  14. Harry says:
    June 2, 2010 at 19:54
    Het is ironisch, maar je zou kunnen stellen dat het laatste wellicht het gevolg is van die bijna obsessieve oriëntatie op Nederland, die er voor zorgde dat, toen eenmaal in Nederland aangekomen en de sociale barrières weg vielen, het merendeel van de Indische groep een blanke, autochtone partner koos
    @AS says:Dat had ik geconstateerd bij de oudere generatie , en zeker van de 1ste Generatie . Die “willen”graag dat hun kinderen met een totok trouwen .

    Ik vraag me af of die bewering hout snijdt. Na aankomst uit Indie/Indonesie werden de Indischen gedeporteerd (modern spreidingbeleid) naar alle uithoeken van NL. Als Indischen was het moeilijk met andere Indischen in kontakt. In Rijswijk kwam ik met heel weinig Indischen in aanraking, in Tilburg was dat wat anders, mijn neven kwamen niet alleen met veel Indischen maar ook met Ambonezen in aanraking. Mijn ooms (1ste generatie) trouwden godzijdank hier in NL met een Indisch en een Surinaamse.
    Mating gaat uit van dezelfde sociale klasse en als door veel Indischen in zitten dan is de kans groot dat je met een Indische bevriend raakt.
    Ik vind dat bovenstaande meer van die koloniale mythes, die voortleven, zolang er Indischen bestaan. Daarvoor moeten we oppassen willen we volgende generaties niet opzadelen met vooroordelen. Maar is er ooit onderzoek gedaan hoeveel 2de generatie met Hollanders zijn getrouwd, en hoeveel daarvan met blonde Hollanders. Ik ga verder met werken, ik ben al va 07:30 aan de gang.

  15. Peter van den Broek says:
    Ik vraag me af of die bewering hout snijdt. Na aankomst uit Indie/Indonesie werden de Indischen gedeporteerd (modern spreidingbeleid) naar alle uithoeken van NL.

    ============
    Op basis van de ervaringen van ons gezin zet ik hier wat vraagtekens bij. Mijn moeder accepteerde de aangeboden woning in Rotterdam Zuid niet. Er gingen indertijd veel Indische gezinnen naar die wijk. Zij wilde persé niet in een grote stad bij veel Indo’s wonen. We gingen toen naar een kleine plaats in Zuid Holland. Er was dus wel enige vrijheid van keuze ten aanzien van de woonplaats na het verblijf in een contractpension i.t.t. de suggestie dat in bovenstaande citaat besloten ligt.

    Het is ervaring opgedaan in de kennissenkring van onze ouders in die tijd die me de indruk geeft dat bij de middenklasse de voorwaarden voor potentiële partners van de kinderen (lees dochters) in het kort neer komen op: 1. goede opleiding c.q. vooruitzichten 2. blank Nederlands. Maar goed, meten is weten. Hoewel er volgens mij hierover geen statistieken zijn bijgehouden. Niet dat ik vind dat dit zou moeten, voor alle duidelijkheid. Ga ik echter af op mijn directe omgeving dan stel ik vast dat in er van de 10 er zeker 8 gekozen hebben voor een blanke, Nederlandse partner. En van de resterende 2 er 1 gekozen heeft voor een niet Indische, buitenlandse partner.

    Desalniettemin had ik duidelijk moeten stellen dat het een indruk is dat een merendeel van de zgn. 2e generatie voor een blanke, Nederlandse partner heeft gekozen en niet een objectief feit. Een indruk, die overigens min of versterkt wordt kijkend naar de mensen in de filmpjes op Youtube. Concreet voorbeeld: “Bezoekers van de TTF 2010 over doorgeven van Indische gebruiken – Indisch 3.0”. Snel turfend: van de 7 geïnterviewden durf ik met zekerheid te stellen dat er tenminste 4 een blanke ouder hebben.

    Wat mijzelf betreft, ik denk dat mijn generatie – broers, zus, neven, nichten – een groep bestaande uit ongeveer 30 personen, die naar Nederland is gekomen, er twee of drie geen blanke, Nederlandse partner hebben en slechts 1 een partner uit de Indische groep heeft gekozen. Het is aannemelijk dat deze verhouding voor het merendeel, zo niet, de hele generatie geldt.

  16. Ik had het erover dat de Indischen DIREKT na aankomst naar allerlei uithoeken van NL werden gedeporteerd. Alle katholieken bvb naar Brabant of Tilburg, ze hadden de keus in een pension of in een pension en geen keus in welk pension ze kwamen.

    Er kwamen 300.000 Indischen naar Nederland. De NL-bevolking was ongeveer 13 miljoen, dus de statistische kans is groot dat een Indische een Nederlandse trouwt. Ik denk dat de Indische voor het eerst van zijn leven de keuze had of te trouwen met eeen Hollandse of een Indische onafhankelijk van het rassenvooroordeel wat in wezen een koloniale constructie was.

    Als bovenstaande mening juist is dan is elke partnerkeuze een afgeleide van de koloniale verhoudingen en zal ook zo in de toekomst voor andere generaties (3.0 e.v.) zijn. En wat voor de partner geldt, geldt in het verlengde ook voor vrienden, dus bovenstaande heren hadden ook geen Indische vrienden????

    Ik denk niet dat een blote observatie van de omgeving de gevolgtrekking kan geven dat de partnerkeuze louter en alleen een feit van blank en zwart van de kolonien is, dat lijkt me iets te simpel dat herleiden van een verschijnsel, de keuze van een blanke partner tot één oorzaak, rasveredeling. Ik geloof niet in dat soort koloniale predestinatieleer en doet alleen af de discussies onder 2de generatie in de jaren 80 (zie boek “geen gewoon Indisch meisje” van M. Bloem over het Indisch zijn, om zich te bevrijden van het koloniale juk (denkwijze), er is eigenlijk sprake van een dekolonisatieproces Ik denk dat in steden zoals Tilberg, Heerlen of Maastricht meer Indischen met Indischen trouwen omdat dat meer Indischen bij elkaar wonen.

    Het is wel curieus dat de moeder van Harry niet in een grote stad met veel Indo’s wil wonen, dat lijkt mij ook zo’n post-koloniale reflex om zo Nederlands mogelijk te zijn, misschien typisch Indisch?

  17. Nu is deporteren m.i. niet het juiste woord. Het betekent het overbrenging naar een strafkolonie en is synoniem aan uitwijzen of overbrengen naar een concentratiekamp. Het was zo dat men niet werd gekend in welke pensions of locatie men geplaatst werd, maar het woord in deze context heeft iets van melodrama en overdrijving. Het ging om opvangplaatsen voor ontheemden in een tijd van woningnood erger dan nu. Hoe men dat beleid ook beoordele het vertekent het beeld als men het langs een moderne meetlat legt.

    Mijn hypothese is dat het merendeel van de groep Indische mensen die naar Nederland kwam na de oorlog niet Nederlands probeerde te zijn, ze wàs Nederlands in taal en cultuur. Die hypothese wordt ondersteund in het werk van Hans Meijer die de geschiedenis van de IEV beschreef. Het enige wat hen weerhield van het volledig opgaan in de Nederlandse cultuur – d.i. als volkomen gelijkwaardig te worden geaccepteerd – was de koloniale ‘shade bar’. Een scheiding die overigens niet zo absoluut was als de ‘colour bar’ die men kende in de Britse kolonie. Een tante van mij was b.v. met een blanke Nederlander getrouwd.

    Het feit dat in Nederland de koloniale ‘shade bar’ niet of nauwelijks meer bestond en daardoor het merendeel voor een blanke partner koos herleid ik tot de oriëntatie op de Nederlandse cultuur die nog eens versterkt werd door de koloniale context. Op zich is zo’n sterke oriëntatie op de als eigen beschouwde cultuur niet zo vreemd. Je ziet/zag het ook bij Nederlandse gemeenschappen in het buitenland. Ik wil benadrukken dat ik niet geloof dat het met een zucht naar “rassenveredeling” te maken heeft.

    Er waren in de jaren vijftig en zestig een aantal concentraties van Indische mensen (Pendrecht, Brabant) zodat een keuze voor een Indische partner ook mogelijk geweest was. Bovendien is Nederland niet zo groot dat men die niet gevonden zou hebben als men dat had gewild. De keuze voor iemand uit de eigen kring zie je b.v. meer bij groepen die een echte samenhangende etnische en/of cultuurgroep zijn. B.v. Chinezen, Molukkers of orthodoxe Joden. De verwarring hier is dat men er vanuit gaat dat de Indische mensen die hier naar toe kwamen een etnische en culturele eenheid was. Dat waren ze m.i. niet. Het waren Nederlanders. Indische Nederlanders met een nadruk op het het laatste.

    Dat mijn moeder niet in de buurt van veel Indo’s wilde wonen laat zich verklaren door het feit dat ze er in Indië en in het latere Indonesië slechte ervaringen mee heeft gehad. Ze prefereerde de zgn “Inlanders” boven Indo’s. De houding van de Indische groep in Indië en het eeuwige onderlinge geruzie verklaart het waarom. Overigens wilde ze niet “zo Nederlands mogelijk” zijn, ze was Nederlands. Met een kleurtje. Haar moedertaal is Nederlands, haar normen en waarden waren Nederlands, zo ook haar culturele referentie kader. Of ik Indische vrienden had? Ja, ik had een paar Indische vrienden. Een generatie ouder dan ik, die Indië als kind of als jonge tiener hebben meegemaakt. Als men het over Indische mensen heeft dan denk ik aan hen.

Laat een reactie achter op Harry Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.