Een rijsttafel van 420 meter

“120 kilo rundvlees en 1500 drumsticks graag.”

Topkok Lonny Gerungan (Samasaya) kookt op 12 juli a.s. voor 1250 mensen. De 420 meter lange tafel zal opgebouwd worden uit marktkramen en het evenement zal worden gehouden op het marktplein in ede. De opbrengsten van deze recordpoging gaan naar Child Support Indonesia (voorheen stichting Anak Asuh), waar Lonny ambassadeur van is.

Naast de Indische maaltijd zullen er optredens zijn van bands en artiesten. De ambassadeur van Indonesië  mevrouw Retno Marsudi en de burgemeester van Ede hebben al toegezegd aan te schuiven aan tafel. Ik spreek Lonny  telefonisch over de recordpoging voor  ’s werelds Langste Rijsttafel.

Wat zeg je, 1250 mensen?

‘Ja, hoe vind je dat! Ik had in eerste instantie een tafel van 300 meter in gedachte voor 900 man. Binnen drie weken was dat uitverkocht. Toen heb ik de stoute schoenen aangetrokken en er nog 120 meter aan vast gezet, voor 350 extra gasten. Dat is ook al uitverkocht.’

Babi ketjap. Foto: www.restaurantsamasama.nl
Babi ketjap. Foto: www.restaurantsamasama.nl

Adoeh! Wat ga je maken voor ze?

‘Ik ga negen gerechten maken. Rendang bijvoorbeeld, ayam boemboe bali en babi ketjap. Haha. Hoeveel ik daarvoor ga inkopen? Voor de rendang 120 kilo rundvlees, voor de boemboe bali 1500 drumsticks en de voor de babi ketjap 120 kilo varkensprocureur. O, ken je dat niet? Dat is varkensnek. Wat gebruik jij meestal? O ja, speklap. Dat is wel lekker, maar zo vet! Combineer het maar met schouderlap, dat kan. Graag gedaan.’

Lonny Gerungan
Lonny Gerungan

Wanneer ga je beginnen met koken?

‘Hmm. [rekent] Het is op vrijdag, dus we gaan maandag beginnen. Het spannendste is nog wel of we op tijd reactie krijgen van de organisatie van het Guinness Book of Record. Gaan ze erbij zijn of niet? Als dat niet zo is, er is sowieso een notaris aanwezig die gaat meten en tellen. Met het resultaat ga ik me dan melden bij het Guiness  Book of Records.’

Heel veel succes en we gaan duimen voor een mooie avond. 

De digitale rijsttafel

Amsterdam, 28 april 2009

door Ed Caffin

Als er goede vrienden komen eten doe ik graag wat beter mijn best. Ik probeer dan wel eens iets écht Indisch op tafel te zetten. Als je geen keukenprins bent is dat best een opgave, alleen een perfecte voorbereiding en hard zwoegen leveren dan het juiste resultaat op.

De voorbereiding begint al aan het eind van de ochtend, of –mijn oma zou trots zijn- de dag ervoor. Die dag struin ik dan als een padvinder, met een knapzak op mijn rug en de kookinstructies uit haar oude kookboek in mijn hand door buurtsupermarkten en toko’s op zoek naar de juiste ingrediënten.

De laatste tijd valt het me daarbij op dat het vinden van die ingrediënten een stuk moeilijker is geworden. Waardeloos is dat… Er is niets vervelender dan een Indische maaltijd bereiden terwijl je een ingrediënt mist. Zo’n ingrediënt waarvan je weet dat hij eigenlijk echt niet mag ontbreken. Zo’n dag eindigt dan ook steeds vaker met frustratie, een bezweet t-shirt en een net niet helemaal afgestreept boodschappenlijstje.

Echt goede trassi bijvoorbeeld schijnt bijvoorbeeld al maanden niet meer te krijgen in Nederland. En de échte ve-tsin, heb ik me laten vertellen, is zelfs jaren geleden al verdwenen. Dat is slecht nieuws voor liefhebbers van de (authentieke) Indische keuken, waarmee het volgens mij al langer niet zo goed gaat. Indisch eten in Amsterdam bijvoorbeeld, is eigenlijk gewoon Indonesisch eten geworden. Meer en meer echte Indische restaurants lijken te verdwijnen waardoor er straks alleen maar Indonesische restaurants zijn. Heerlijk hoor, maar door de Europese invloeden is de Indische keuken toch net iets anders.

In Indonesië hebben ze bijvoorbeeld geen pastei of typisch Indische saucijzen. Tenminste, ik heb ze daar nooit gezien. Aardappelkroketten ook niet trouwens. En een rijsttafel staat daar soms wel op het menu, maar dan vaak net iets anders, en ook net anders gespeld. Rijstafel. Subtiele verschillen ik weet het, maar toch.

dsc09260_web

Een andere zorgwekkende ontwikkeling is dat Conimex langzaam andere merken, zoals Sari Rasa en Koningsvogel, verdringt van de supermarktschappen bij mij in de buurt. Het Nederlandse Conimex gebruik je natuurlijk niet voor het bereiden van de echte Indische gerechten. Toch wel jammer. Straks moet je namelijk, als je echt Indisch wil eten, wat aardappels naast je Indonesische gerechten bestellen weetjewel, of ergens een patatje sateh halen. Misschien wat rijst bij je gehaktbal? Ik moet er niet aan denken.

Sinds kort gloort er dankzij het internet echter weer nieuwe hoop voor de liefhebber! Steeds meer (jonge) indo’s beginnen de oude recepten van hun oma’s en overgrootoma’s te digitaliseren. Op verschillende plekken op internet, zoals de Indisch eten Hyves of Roys Indo recepten-pagina kun je een fantastische collectie vinden van talloze Indische kookkunsten. Heerlijk. Daar lopen de termen Indonesisch en Indisch ook door elkaar, maar het doel heiligt de middelen.

Inmiddels ben ik ook maar begonnen met het uittikken van de heerlijke, in prachtig handschrift uitgeschreven recepten van mijn Oma. Voor de zekerheid. En natuurlijk voor het nageslacht. Ik moet alleen nog wel een oplossing vinden voor de onmisbare ingrediënten die niet meer te vinden zijn. Apenhaar bijvoorbeeld… Weet iemand waar je dat nog kunt krijgen?