Jonge Indo’s in de provincie… Utrecht

Amsterdam, april 2009

door Ed Caffin

In de interviewreeks Jonge Indo’s in de provincie portretteert Indisch 3.0 in twaalf afleveringen derde en vierde generatie Indische Nederlanders. Elke maand spreekt Kirsten of Ed in steeds een andere provincie een jonge Indo over wat hem of haar bezighoudt, over Indische en niet-Indische dingen en actualiteiten uit de media. In de eerste aflevering reist Ed naar het centrum van Nederland: Utrecht. Hij gaat in gesprek met Charlotte Heystek (20) over schrijven, de band met haar opa, kleinburgerlijkheid en Indische oma’s.

Charlie Heystek
In het kort even voorstellen… Charlie woont in Utrecht op kamers, studeert geschiedenis, schrijft, doet jongeren- en diversiteitsprojecten en werkt in de horeca. Ze is Indisch via haar moeder.

We spreken af bij het trefpunt op Utrecht CS en lopen door naar een café in het centrum van de stad. Het is fris buiten, maar als we gaan zitten met een kop koffie komen de eerste lentezonnestralen door het raam naar binnen. We kunnen beginnen met ons gesprek.

Welkom Charlie. Je bent de eerste die we spreken voor onze interviewreeks. Je studie geschiedenis is het niet, vertelde je zoeven bij het voorstellen. Wat wil je volgend jaar gaan doen?

Dat weet ik nog niet. Het moet iets te maken hebben met communicatie en journalistiek en ik ben geïnteresseerd in mensen en cultuur. Ik denk aan Nederlands of misschien sociologie.

En wat wil je uiteindelijk het liefst doen later?

Columnist worden! Ik schrijf graag, wil dingen kwijt. Eigenlijk schrijf ik over van alles. Soms stel ik dingen aan de kaak of wil ik een discussie op gang brengen. De ontwikkeling van social media, zoals Hyves en Twitter, vind ik bijvoorbeeld heel fascinerend. Het schijnt dat mensen tegenwoordig minder sociaal zijn in real life door alle social media die ze gebruiken! Dat soort dingen vind ik interessant, maar ik wil zelf ook mensen vermaken met mijn stukjes. Dat doe ik op sjalotje.web-log.nl, mijn eigen blog. Ik hou van de kunst van taal. Wat ik probeer is om direct tegen de lezer te praten, maar ik ben natuurlijk nog mijn stijl aan het ontwikkelen. En ik ga zeker door met schrijven.

Ik heb je gevraagd om iets mee te nemen om daarover te vertellen. Wat heb je meegenomen?

Dat is de ketting die ik altijd om heb. Die is van mijn Indische opa geweest. Hij heeft hem op reis in Thailand gekocht en sindsdien altijd gedragen. Na zijn dood kreeg ik hem. Ik heb altijd een sterke band met mijn opa gehad en vlak voor hij stierf heeft hij gezegd dat ik hem mocht hebben. Dat is nu vier jaar geleden. Ik zou niet weten wat ik moet als ik hem kwijt zou raken. Deze ketting is me zo dierbaar.

Een mooi verhaal. Wat was je opa voor man?

Hij was een eenling. Een man die tot hij ver in de zeventig was alleen de wereld rondreisde. Ik denk dat het vooral onrust was, dat hij niet goed kon aarden.

Waar komen jouw Indische grootouders eigenlijk vandaan?

Mijn opa, Boet Abrahamsz, werd geboren in Wonogiri, Midden-Java en mijn oma, Kathy Thomas, in  Batavia. Begin jaren vijftig kwamen ze naar Nederland en vlak nadat mijn moeder in Den Haag werd geboren, vertrokken ze weer, naar Nieuw-Guinea. Daar zijn ze gebleven tot de overdracht aan Indonesië. Mijn oma heb ik maar heel kort gekend. Ik herinner me dat ze – hoe cliché- altijd in de keuken stond en lekkere fruitsnoepjes had met suiker erop!

En je Nederlandse grootouders, wat weet je van hen?

Mijn Nederlandse opa, Henk Heystek, kwam uit Genderen in Brabant. Hem heb ik nooit gekend. Mijn oma Nelly Lankhaar leeft nog steeds. Mijn vader is opgegroeid in een gereformeerd gezin. Vrij streng eigenlijk. Ik heb daar zelf niets mee.

Op de Oude Gracht in het centrum van Utrecht, de plek waar haar ouders elkaar ontmoetten
Aan de Oude Gracht in het centrum van Utrecht, de plek waar haar ouders elkaar ontmoetten

Een andere vraag die we je graag willen stellen is wat uit de media jou heeft bezig gehouden de afgelopen tijd?

Dat gedoe met Arie Boomsma en de EO. Hij heeft ergens halfnaakt op de foto gestaan en de hele EO valt over hem heen. Echt suf vind ik dat zeg. Zo kleinburgelijk! Maar ik vermoed ook wel een beetje opzet. Ik heb een citaat op Twitter gezet: “EO dankt Arie Boomsma hartelijk voor alle publiciteit”.

Heb je een sterke afkeer tegen kleinburgerlijkheid?

Ja ik denk het wel. Ik probeer juist heel erg open en vrij te zijn.Ik ben ook geïnteresseerd in andere culturen. Dat is iets dat ik uit mijn Indische achtergrond meekrijg. Via de Japanse overheid ben ik drie jaar geleden als 17-jarige anderhalve maand in Japan geweest. Eerst in Tokio en daarna in Osaka bij een gastgezin. Dat was in het kader van het excuus van Japan aan oorlogsslachtoffers. Een aantal van de jongere generatie Indo’s, waaronder ik, werd uitgenodigd om daarheen te gaan.

Bijzonder.

Ja, zeker ook omdat mijn grootouders in het Jappenkamp gezeten hebben. Maar ze hebben eigenlijk nooit kwaad gesproken over Japanse mensen.Mijn opa wilde niet een heel volk de schuld geven van wat hem was aangedaan. Ik heb een geweldige tijd gehad in Japan en bijzondere mensen en een bijzondere cultuur leren kennen. Ik herkende een manier van omgang uit de Indische cultuur. Die Indische cultuur en achtergrond is belangrijk voor me en daar ben ik trots op.

Is er iets van jouw eigen Indische achtergrond, of de Indische cultuur en geschiedenis in het algemeen, wat je altijd al had willen weten?

Poeh. Moeilijke vraag! Dat weet ik niet. Nou, wat ik me eigenlijk wel afvraag is of Indische oma’s altijd degenen zijn die een familie bij elkaar houden. Dat was bij onze familie zeker wel het geval. Ik ben benieuwd wat de ervaringen zijn van andere mensen.

Hm. Een leuke vraag. Ik ben ook benieuwd wat mensen gaan zeggen. Ontzettend bedankt voor dit gesprek en tot slot mag jij zeggen naar welke provincie we nu gaan.

Eh… Brabant. Daar heb ik iets mee omdat mijn Nederlandse opa daar vandaan komt en mijn Indische grootouders en mijn moeder daar hebben gewoond. Dat klopt dan weer mooi!

Kirsten, dan ga je volgende maand naar Brabant!

Wil je reageren op dit interview en/of op de vraag van Charlie: Zijn het altijd Indische oma’s die een familie bij elkaar houden? Laat dan een commentaar achter bij dit bericht.

13 gedachten over “Jonge Indo’s in de provincie… Utrecht”

  1. Hallo.
    We kennen elkaar via Tokeh in Waalwijk. Het was er heel druk geweest en een paar namen ken ik er nog van. Quincy, Charlie en zus van Quincy had toen zelf zoveel lempers gemaakt. Leuke avond was dat.
    Ja, ik ben zelf al oma en heb vermoedelijk een 3de generatiekind, die ook met vragen zit en moeilijk in deze maatschappij vooruit komt.
    Heel toevallig hadden wij gisteren,21 apr.jl., een gesprek gehad over familie en gezin.
    Soms denk ik bij mezelf: “Ja, gezin is waar je thuishoort en nog afhankelijk bent van je ouders. In vele dingen, zowel financieel gezien.” Hij liet ons weten, dat gezin anders is als familie. Ik weet best wat hij bedoelt, maar voor ons is, als hij zolang nog bij ons woont en financieel afhankelijk is, met ons nog een gezin vormt. Familie noem ik de hele familie buiten ons gezin. Straks als hij een eigen gezin kan vormen, is het voor mij ZIJN gezin en familie.
    Wat indischen betreft is die aanhankelijkheid, waar ik bijzonder aangehecht ben. Dat mis ik in mijn gezin, daar mijn man ook puur nederlands is en zo ook onze zoon die opvoeding geeft, wat ik maar heel stug vind. Ik ben losser en ruimdenkend van geest en kan me aanpassen in iedere situatie, waar ik in verkeer. dat is tweezijdig de boel bekijken. Dit is heel fijn, enzo houd je je familie ook bijelkaar door elkaar de kans te geven om zich te orienteren in deze wereld. Zodra je een generatiekloof bezit, dan krijg je bepaalde afstanden, die dan voor zo’n jongere zelf heel moeilijk te begrijpen is. Oma zijn is zorgen maken om hun lievelingetjes, die zij van baby-af gekend hebben en daar ook een hele goede toekomst in willen zien. Geluk, wijsheid, tevredenheid en een vrij leven lijden, omdat je die meekrijgt om goed voor jezelf te kunnen zorgen. Hier in Nederland zijn de grootouders afstandelijker en niet zoals wij met onze grootouders omgaan. Wij houden van onze gezinnen en familie. Lieve groet Phyllis.

  2. Bij onze familie was opa juist de spil, met zijn anekdotes en spannende verhalen. Hij wist ook veel te vertellen over fruiten, natuurlijk eten en Indorock.

    Maargoed, weet je al wie je in Brabant wil interviewen. Laat anders maar weten als je iemand zoekt. Hier in Brabant woont namelijk volgens het CBS 25% van de Indische Nederlanders!

    @Phyllis; ik kwam als voorzitter van vereniging Darah Ketiga sinds 2001 vaak bij Tokeh over de vloer. Voormalig bestuurslid van ons heet ook Quincy en zijn zus heeft ook een keer lemper gemaakt..maarre daar was Charlie niet bij..Heb trouwens Paul Warga en overige oud bestuur nog ontmoet bij onze Darah Ketiga stand op de Pasar Bagus in Arnhem. Leuk om hun nog eens een keer te spreken!

  3. huidige Indische organisaties basseren hun doelgroep op informatie die van toepassing is op de eerste en tweede generatie. Voor de nieuwere generatie’s is er geen aanbod. Om te beginnen zou de Indische gemeenschap niet steeds achteruit in het verleden moeten kijken maar eens vooruit moeten graven. Als je namelijk te diep graaft in het verleden heb je snel de kans dat de kuil zo diep wordt dat je er niet meer uitkomt.

    Indische cultuur is namelijk meer dan tempo doeloe; het is ook het heden en toekomst.
    Er moet dus veel onderzoek moeten gedaan. Zoals elke organisatie moet er een inventarisatie plaatsvinden: wat,waar,waarom,hoe,wanneer,wie. Er is voor Indische jongeren nagenoeg niks te doen dus dat betekend een grote doelgroep (vraag) en een beperkt aanbod. Er liggen hier dus veel mogelijkheden en ik snap er echt niks van dat geen enkele Indische vereniging hier niks mee wil doen. Ja, het liefts willen ze dat de jongeren met bussen bij hun binnenvallen op hun maandelijkse avondjes. Dat is niet reeël; je kunt niet van Indische jongeren verwachten naar de huidige Indische avondjes te komen want deze zijn gebasseerd op een oudere doelgroep. Nederlandse tieners/twintigers gaan ook niet naar de bingo-avond bij hun oma’s damclub om daar naar muziek van makke Nelis te luisteren.

    Er zal dus eerst geïnvesteerd moeten worden om de doelgroep te herkennen, daarna volgt er een proces van concreet plannen maken; wat en hoe trekken we Indische jongeren. En doelbepaling: wat willen we ermee bereiken, cultuuroverdracht,cultuurbehoud, cultuurontwikkeling? Hoe zetten we die doelen om in activiteiten die aansluiten bij de doelgroep?

    Darah Ketiga staat open voor samenwerking met iedere organisatie die deze doelgroep serieus wil benaderen voor het belang van de Indische gemeenschap (niet voor eigen belang/winst). Darah Ketiga vormt al acht jaar een spreekbuis en belangenbehartiging voor de latere generaties, dus zij zullen een goede spil zijn in het proces.

  4. Leuk intervieuw maar mijn vaders naam is Boet officieel Charles Abrahamsz niet Ambrahamsz
    Ik ga altijd graag naar het Moluks Museum in Utrecht. Eigenlijk wel raar dat er nog geen Indisch Museum is in Nederland. Wellicht iets voor de derde generatie en alle Indische organisaties om samen aan te werken?
    Ik vind Bronbeek leuk maar natuurlijk gerelateerd aan het KNIL en er is ook een Indisch leven naast het leger geweest.

  5. Hoi! Vandaag voor het eerst een kijkje genomen op deze site en ga m zeker in de gaten houden.

    over de stelling: ik was zelf nog niet geboren toen mijn opa en oma overleden, maar onze familieband is nog steeds erg sterk. ik weet wel dat mijn ooms en tantes, nichtjes en neefjes elkaar wel vaker zagen toen mijn oma nog leefde. geloof elke zondag bij oma thuis. toen mijn oma overleed heeft mijn oudste tante denk ik het meest gedaan om de familie bij elkaar te houden. sinds 11 jaar hebben we een jaarlijkse familiedag/ weekend. hierdoor is de familieband nog wat sterker geworden denk ik.

    wat ik zo mooi vind aan het indische: iedereen is familie!

    Succes met de site en de uitbreidingen!

    linn

  6. @ Ed & Charlie, leuk interview! Vooral omdat ik het leuk vind om te zien dat er Indisch-bewuste jongeren zijn. Heel anders dan wat je soms in Moesson leest: iemand die toevallig Indisch is, maar het eigenlijk niet beseft of niet kan plaatsen, maar alleen op de cover staat en geïnterviewd wordt omdat het een (quasi-) bekende N’er is.
    Enniewee, goed dat de Indische jongeren hier aan het woord gelaten worden!

    Ennuh Brabant: ja, daar wonen (en woonden) echte Indo’s ;-).

    @ Renee, indodaad, waarom nog altijd geen Indisch museum in een land waar Indische Nederlanders sinds onze komst en tot op de dag van vandaag de grootste etnische minderheid zijn. Je slaat de spijker op z’n kop als je zegt dat ‘Indisch’ meer is dan het KNIL en de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost Azië. Het Indisch Huis legde m.i. destijds ook teveel de nadruk op die periode uit onze geschiedenis. En ja, zoals Erik ook telkens terecht opmerkt is Indisch niet (alleen) iets uit het verleden. Zolang we het zo blijven benaderen is er inderdaad geen toekomst. Terwijl die toekomst gewoon voor het oprapen ligt. Maar als je er geen aandacht aan besteed loop je er net zo makkelijk overheen…

    Tenslotte:
    @ Phyllis, ik ken maar één iemand die zo heet, dus jij moet het wel zijn!
    Wonen jullie nog steeds in Oss?
    Hoe is het met Sylvain?
    Nou, deze Indische Ossenaar (Edwin, je weet wel, zoon van Thea) is z’n geluk in de tropen gaan zoeken. En dat heeft indirect ook te maken met de vraag van Charlie:

    In onze familie was oma (als je het aan mij vraagt) inderdaad de spil.
    Misschien was opa het eerst, maar na zijn overlijden in 1981 was oma het enige middelpunt van de Indische kant van m’n familie.
    Omwille van haar hebben haar kinderen het (na lange tijd) weer goed gemaakt met elkaar en zij was degene bij wie we samenkwamen. Of in ieder geval degene bij wie we één voor één langsgingen. Als oma er niet bij was, was een verjaardagsfeest niet compleet.
    Nu oma er niet meer is, weet ik niet wat er precies veranderd is. Misschien wel niet zo veel als ik kijk naar hoe we met elkaar blijven omgaan. Dat zit nog wel goed, volgens mij, maar ik zie dat niet van dichtbij omdat ik niet meer in Oss woon.
    Maar persoonlijk kan ik zeggen dat haar overlijden wel veel heeft veranderd voor mijn binding met mijn omgeving. Het afscheid nemen van oma in 2003, maakte (drie jaar later) het afscheid nemen van al het bekende en vertrouwde ook veel makkelijker.
    Voor mij is oma ontzettend belangrijk.
    Was oma er nog geweest, dan was ik niet gegaan.

  7. Mooi interview Charlotte!

    Wat leuk dat je de kans gegrepen hebt om aan het “Japanse project” deel te nemen. Ik was op de hoogte gebracht van het project door mijn vader, maar twijfelde en heb me daarom niet aangemeld. Toentertijd (jaar of tien geleden gok ik) voelde ik er weinig voor om een cultuurtrip van een paar weken te maken. Wat een gigantische spijt… Japan heeft immers een machtige kunst en cultuur, waar ik nog een hoop van wil weten en ervaren.

    Ik wens je veel succes met je plannen!

    1. Wat is dat dan… een ‘echt Indisch uiterlijk’ ???
      Indisch zijn Indo’s, Indo’s zijn gemengd, Indo’s zijn lang niet altijd 50/50 (meer). Indische Indo’s zijn dat vaker niet dan wel.
      Dat kan qua uiterlijke kenmerken dus allerlei kanten op gaan.

      Een ‘echt Indisch uiterlijk’… ik ben reuze benieuwd wat dat is…

      GroEDjes
      Edwiño do Sinyo

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.