Jam karet, tunggu sebentar, pelan-pelan en santai aja

Santai aja (c) Rennie Roos 2011

Jam karet, tunggu sebentar, pelan-pelan en santai aja: het zijn voor Indonesiërs doodgewone begrippen maar kunnen bij Nederlanders flink wat irritaties opwekken. Hier in Nederland gaat alles zo ontzettend snel! Iedereen heeft haast en moet altijd en overal op tijd zijn zodat ze daarna weer snel doorkunnen naar de volgende afspraak. Alles moet gaan zoals gepland en niks mag daar vanaf wijken.

Santai aja (c) Rennie Roos 2011
Slapende mannen op Midden-Java. Op de muur wordt gevraagd of ze moe zijn. (c) Rennie Roos 2011

Ik kan mij nog goed herinneren dat ik er in mijn eerste collegeweek in Yogyakarta net zo over dacht: “Ik kon van te voren natuurlijk verwachten dat het studeren hier anders zou zijn dan in Leiden maar dit had ik toch echt niet verwacht. Van de 14 colleges die ik tot nu toe zou moeten hebben gehad, heb ik er daadwerkelijk 5 kunnen volgen. De oorzaak daarvan zal ik nader toelichten. Waarbij het in Nederland nog wel eens gebruikelijk is dat een student niet komt opdagen, zijn hier de docenten gewoon afwezig! Wat ook niet geheel ongebruikelijk is, is dat de docenten geen colleges willen geven als er te weinig studenten zijn omdat dat zonde van hun tijd is. Het absolute toppunt vind ik echter de wijzigingen van de colleges hier! Ik kan begrijpen dat collegetijden af en toe gewijzigd worden maar hoe dat hier gebeurd is echt bizar! I.p.v. Een college naar een later tijdstip te verplaatsen kom ik er hier regelmatig achter dat de colleges ineens een dag eerder zijn gegeven!” (21/09/2011 – renenren.waarbenjij.nu)

Als ik het bovenstaande stukje uit mijn blog over mijn eerste week op Universitas Gadjah Mada teruglees, dan lach ik om mijn irritaties. Het is natuurlijk een wereld van verschil met Leiden maar ik maakte hierdoor wel meteen kennis met het begrip santai aja. Mijn Indonesische medestudenten maakten zich niet zo druk en vertelden dat zulke dingen nou eenmaal gebeuren. De eerste week van het semester is vrijwel altijd een chaos. Vaak wordt deze week gebruikt om de roosters te maken en om te kijken of er genoeg animo is voor de colleges. Het klinkt logisch maar als je daar niet van op de hoogte bent, dan wekt het flink wat irritaties op.

Het begrip santai aja kan je vertalen als relax, chill out of simpelweg met: ontspan. Tijdens mijn verblijf in Yogya zou ik dit begrip steeds meer gaan omarmen en afstappen van het westerse snelle leven dat zo vaak irritaties oplevert. In het westen zijn we naar mijn mening zo nu en dan wel erg licht ontvlambaar en maken we ons druk om dingen die er eigenlijk niet toe doen. In Indonesië heb ik geleerd dingen wat positiever te bekijken en niet onnodig moeilijk te doen. Een mooi voorbeeld: ‘Het is vervelend dat je je trein hebt gemist maar je bent nu in elk geval wel op tijd voor de volgende.’

Een Indonesisch fenomeen waarmee ik eigenlijk nog steeds niet mee uit de voeten kan is jam karet. De Nederlandse punctualiteit die ik van mijn ouders heb meegekregen, dat ik altijd en overal op tijd moet zijn, kon ik in Indonesië vrijwel meteen in de tempat sampah gooien. Hoe vervelend ik het ook vond om soms wel een uur op iemand te moeten wachten, ik ben gaan inzien dat wij in Nederland zo nu en dan precies hetzelfde doen. Organiseer maar eens een feest om acht uur ’s avonds. Ik garandeer je dat vrijwel niemand om acht uur precies aanwezig zal zijn!

In het westen noemen wij het te laat komen op feestjes: fashionably late komen. In Indonesië dus: jam karet. Alleen, in Indonesië blijft dat niet beperkt tot feestjes maar wordt het gekoppeld aan alle dagelijkse activiteiten. Een voordeel hiervan is dat je altijd tijd hebt om af te maken waarmee je bezig was, omdat het toch niet uit maakt of je op tijd komt. Een groot nadeel hiervan is, is dat je veel tijd kwijt bent aan het domweg wachten op je afspraak. Gelukkig vinden Indonesiërs dat laatste niet zo heel erg, want met de santai aja mentaliteit maken zij zich er niet zo druk om!

Voor een programma van het Indonesisch ministerie van buitenlandse zaken moet ik uiterlijk op 2 april in Jakarta zijn. Via de Indonesische ambassade heb ik vernomen dat zij zowel mijn ticket als mijn visum zullen regelen. Het is nu 27 maart en tot op heden heb ik nog steeds geen ticket en geen visum ontvangen.Voorheen zou ik enorm gestresst zijn maar nu denk ik: santai aja, het komt allemaal wel goed.

Win vrijkaarten voor CinemAsia

CinemAsia Filmfestival, 4-7 april 2013, De Balie Amsterdam
CinemAsia Filmfestival, 4-8 april 2012, De Balie Amsterdam
CinemAsia Filmfestival, 4-8 april 2012, De Balie Amsterdam

Volgende week donderdag in De Balie, Amsterdam, start de vijfde editie van het CinemAsia Filmfestival. Dit festival, dat ‘ in 2003 opgericht is om Aziatische cinema binnen de Nederlandse filmindustrie te stimuleren,’ vertoont tussen 4 en 8 april 30 films uit of over Azië. Voor films die gerelateerd zijn aan Indonesië, mag Indisch 3.0 vrijkaarten weggeven.

Facebook-fans hebben ze al voorbij zien komen: de acht CinemAsia filmtips van Indisch3.0. Voor elke filmvertoning mag Indisch 3.0 2 vrijkaarten weggeven. Wat moet je daar voor doen?

  • Ga naar onze Facebook-pagina en blader door de filmtips.
  • Zie jij een film waar je graag heen wil?
  • Klik dan op Deelnemen (rechtsboven) voor 3 april a.s. op de pagina van dat event en;
  • plaats een bericht op diezelfde pagina waarin je uitlegt waarom jij die vrijkaartjes verdient.

Van Ari Purnama’s korte film Onze band met rijst is inmiddels een trailer beschikbaar. Wil je die zien? Ga dan naar de Made in Holland/ Filmlab screenings op 5 of 7 april. Verder hebben we gehoord dat de eindfilm, Arisan 2, een kassakraker geweest is in Indonesië. Je eigen filmselectie maken? Ga dan naar www.cinemasia.nl en download de App.

The Attachment to Rice – trailer from R Kok on Vimeo.

 

Win vrijkaarten voor Indomania 4

Indomania 4. Melkweg, Amsterdam, 9 april 2012, 14.00 - 02.00 uur

Het belooft een mooi feestje te worden, op Tweede Paasdag, tijdens Indomania 4, in de Melkweg te Amsterdam. Wat ooit klein begon, is bij de vierde editie een evenement voor honderden bezoekers geworden. Een huiskamerfeestje is het allang niet meer.

Je kan Adriaan van Dis zien optreden en met hem kennis maken: volgens initiatiefnemer Rob Malasch is deze schrijver en programmamaker er de hele dag bij. Diederik van Vleuten zal de tientallen reacties delen, die hij ontving op zijn theaterprogramma Daar Werd Wat Groots Verricht. Lois Lane treedt weer op. Suzanne Liem en Armando Ello exposeren hun prachtige foto’s.  In Guitarmania heeft zich een unieke groep van Indische topgitaristen verzameld (o.a. Franklin Madjid, Arnold van Dongen & Patrick Drabe). ’s Avonds gaan de voetjes (nog verder) van de vloer en de handjes in de lucht, als o.a. DJ Rob Manga zijn plaatjes laat draaien.

Rob Malasch, bedenker van Indomania, legt uit waarom hij deze keer voor zo’n grootse opzet gekozen heeft: “Nou! De vorige keer was het toch veel te druk?! Iedereen vond het maar gezellig en leuk, maar iedereen stond bovenop elkaar! Ik snapte daar helemaal niets van.”Over de line-up vertelt Malasch: “Ik wilde niet meedoen aan de gebruikelijke opzet en dezelfde mensen vragen die in het Indo-circuitje bij elkaar lijken te horen. Ik heb van sommigen boze reacties gekregen, hele epistels, echt onvoorstelbaar. Nieuw en bestaand talent, dat wil ik laten zien. Waar ik dat vind? Tja. Vakbladen lezen, bij academies langsgaan, tentoonstellingen bezoeken.”

Malasch vertelt me verder dat je extra (gratis) kaartjes nodig hebt voor de optredens van o.a. Van Vleuten en Van Dis. “Ik vind het ontzettend vervelend, maar, tip: ben je er, reserveer dan bij de kassa meteen kaarten voor het optreden dat je graag wil zien. Zonder die extra kaartjes kan je niet naar binnen in de aparte zalen.”

Maya Mertens, de jongste deelnemer uit het programma, gaat ons in vervoering brengen met haar muziek. Alvast een voorproefje: Ode aan de Pokkie.


Indisch 3.0 mag 4 vrijkaarten weggeven. Wil jij een vrijkaartje winnen? Retweet dan voor 6 april a.s. dit artikel, share & like het op Facebook of stuur de link van dit artikel door naar vijf vrienden, met redactie @ indisch3.nl in de CC. Je mag zo vaak RT’en/sharen/liken/FW’en als je wil. Gewoon kaarten kopen kan bij de kassa  van De Melkweg (20 euro per stuk). 

Echo's van een 'Hollands' verleden

Bron afbeelding: katwijksmuseum.nl

Tijdens een interview zei iemand ooit eens tegen mij: “Het zijn echo’s van het verleden”. De context waarbinnen deze uitspraak werd gedaan doet er nu even niet toe. Waar het wel om gaat, is dat deze woorden sindsdien na zijn blijven echoën in mijn gedachten. Op de meest vreemde momenten en in de meest uiteenlopende situaties herinneren deze woorden mij eraan dat verleden, heden en toekomst niet los van elkaar gezien kunnen worden, maar op de meest uiteenlopende manieren met elkaar verweven zijn.

Nu is het wel heel erg voor de hand liggend om te schrijven over het Indische verleden en hoe de echo’s hiervan nog luid en duidelijk te horen zijn in het heden. Dat is: als we maar goed genoeg luisteren. Ook kan ik meer dan genoeg vertellen over de geschiedenis van mijn Indische familie en hoe deze, soms ongemerkt en onbekend, de weg heeft gevonden naar het heden. Maar nee, ditmaal wil ik aandacht besteden aan mijn Hollandse oma, en een minder voor de hand liggend kijkje nemen in haar verleden en familiegeschiedenis.

Al van kleins af aan is oma in mijn ogen een ware superoma. Toen ik klein was kwam ze elke woensdagmiddag op bezoek en ik logeerde maar wat graag bij haar en opa. Toch wist ik lange tijd niet eens zo heel veel over haar jeugd. Het enige dat ik wist, is dat haar moeder overleed toen mijn oma pas negen jaar oud was. Hierna moesten zij en haar twee zussen elk een jaar lang het huishouden draaiende houden. Dat zij daarvoor, als jong meisje, in de vrieskou de was heeft gedaan en hier reuma aan heeft overgehouden, verbaast mij niets.

Ongetwijfeld moet zij als kind ontzettend veel verdriet gehad hebben om haar moeder en het moeilijk gehad hebben om op te groeien zonder moeder. Toch praat zij tot op de dag van vandaag altijd positief over haar jeugd en vol liefde over haar vader, twee zussen en de broer van haar moeder: ome Gart, die bij hun inwoonde. De oom die haar als klein kind regelmatig iets lekkers toestopte en haar met de was hielp als ze buiten stond te verkleumen van de kou. Ome Gart, die ik altijd maar beschouwde als een aardige Hollandse man… maar die net zo pindakaas bleek te zijn als mijn broertjes en ik.

Enige tijd geleden liet mijn moeder glunderend een piepklein notitieboekje zien waarin zij een kleine familiestamboom had opgeschreven van de vrouwelijke kant van haar moeder. Hulde aan Google, waarmee elk onbekend familielid terug te vinden is. Wat blijkt, de moeder van mijn oma was een kind uit het tweede huwelijk van haar vader. Ome Gart kwam voort uit het eerste huwelijk van hun vader, met een Indische. Ik was door het dolle heen: een Indische in de familielijn, al meer dan een eeuw geleden! Hoewel er meteen een dozijn vragen in mij opwelde over het waarom, wanneer, hoe en wat, doken er ook meteen vier woorden in mijn gedachten op: “echo’s van het verleden!” of zal ik zeggen: “Indische echo’s van het verleden.”

Ari Purnama (31), filmmaker and independent researcher

CinemAsia Filmfestival, 4-7 april 2013, De Balie Amsterdam

From April 4th till April 8th, Asian film lovers will be filling up the rooms of De Balie in Amsterdam: CinemAsia Filmfestival will take place for the fifth time. One of the films premiering at this biannual festival, is Onze Band met Rijst, by CinemAsia Filmlab winner Ari Purnama (Bandung, 1981). Who is this Indonesian film maker?

Ari Ernesto Purnama (c) Andri Suryo/ CinemAsia 2012
Ari Ernesto Purnama (c) Andri Suryo/ CinemAsia 2012

Ari Purnama comes from an entrepreneurial family. His mother plays a central role in it. Ari did his bachelor in Communication Science and came to the Netherlands in 2009 for a research master’s degree in Cultural Studies. Ari believes in “the capacity of cinema as an emancipatory and powerful storytelling medium, therefore making film is more than a passion for me.” I interviewed him this week, in between the final editing of his film.

A nursing home
The synopsis of Ari Purnama’s short, fictional film is intriguing: “On her 81rstbirthday, an Indo-Dutch (grand)mother named Jolanda discovers the news that her three children have decided to put her in a nursing home. Fearing that she might upset the children, she accepts the decision, even though she’s suffering inside. Her agony leads her to retaliate by undertaking a decision that will shock her children to death. Revenge is sweet, but a silent revenge is a sweeter one!”

Still van Tante Vera/ behind the scenes door Michael Kopijn (c) michael@bacteria.nl
Still van Tante Vera/ behind the scenes door Michael Kopijn (c) michael@bacteria.nl

First generation stories
The way (even) Indo-Dutch families care for their elderly, clearly differs from the Indonesian way. How does Ari view the Indo-Dutch community in the Netherlands? “I am always interested in hearing the stories about leaving Indonesia and coming here. But it is often hard to talk to them on a personal level. You don’t get in-depth answers and it’s hard to get inside the Indo-Dutch communities. I love the distinctiveness of that culture, but we hardly hear about this in Indonesia.”

Manipulated history
Why should people in Indonesia hear these stories, I ask. “We hardly hear about the activities of the Indo-Dutch community in the Netherlands, or the stories of the first Indo-Dutch generation. Unless you have these family members, of course. The younger generation needs to hear both sides of the story, it’s important because during the Soekarno and Soeharto’s times, history was strongly manipulated. It would be beneficial for the newer generation to get insights into this chapter of Indonesia-Netherlands relation.”

The cast
Ari lives in Groningen. Although there are many Indonesian students living there, he points out that there is no big Indo-community like in the west of Holland. “The actors in my film come from all corners of the Netherlands. Even from Ossosch. In terms of background, the cast is quite diverse, but they all have Indonesian roots. Some of them are of mixed descent, and one has a Moluccan background. From all of them, only the protagonist (played by Tante Vera Willemsen) was born in the Dutch East Indies, the rest were born in the Netherlands.”

Still behind the scenes/ tante Vera & Ari Purnama (c) Michael Kopijn@bacteria.nl
Still behind the scenes/ tante Vera & Ari Purnama (c) Michael Kopijn@bacteria.nl

Lemper
Before we wrap up the interview, I have to ask him The Question: how does Ari like our Indofood? “Haha! Well, I love your version of the lemper. In Indonesia, it is sweet and small. Here, there is more flavor to it and it is a lot longer. Every time I get food, I indulge myself in them. My favourite toko in Groningen? That would be Toko Semarang, on the main street, Gedempte Zuiderdiep. You can choose different dishes and sides, like rendang, and ikan blado, and they warm it up for you. It reminds me of the warung tegal I know back home.”

Why did Ari choose this subject? And: how did a university graduate become a filmmaker? You can read more about Ari Purnama in the April-edition of Moesson-magazine. No desire to wait? Visit http://bacteria.home.xs4all.nl/Day_Two/ for a behind-the-scenes look. Onze band met rijst premieres at CinemAsia on April 5th (“Made in Holland”) and also screens on April 7th. 

In beeld: Zuid-Sulawesi 2012

Locatie: Turatea, Jeneponto – Datum: 10 maart

Vrijheidsmonument, ter ere van de onafhankelijkheid van Indonesië (c) Ed Caffin

 

Anwar, 15 jaar en groot fan van het Nederlands voerbalelftal (c) Ed Caffin

 

Indonesië werd in 1945 onafhankelijk. Er woedde echter tot 1949 een bloedige strijd, waaronder in Zuid-Sulawesi. Een deel van die oorlogsgeschiedenis is door Nederland in de doofpot gestopt. Lees hier meer over de doofpot-affaire inzake Zuid-Celebes (nu Zuid-Sulawesi) en de publiekelijke oproep van I3-er Kirsten Vos om die doofpot eindelijk eens te openen.

 

Boekoe Bangsa – Lekker eten moet gedeeld worden!

Ik ken mensen die een kookboek op hun nachtkastje hebben liggen. Alsof het hoofdstukken in een roman zijn, lezen zij vlak voor het slapen gaan nog een paar recepten door. Ik behoor niet tot deze categorie. In feite behoor ik tot de categorie die niet één kookboek in haar boekenkast heeft staan. Koken heb ik geleerd door in de keuken rond te hangen als mijn vader in de weekenden Indisch kookte, en door bij oma over haar schouder mee te kijken naar wat er gaande was op het aanrecht en in de wadjan. Toen er een zwaar pakket werd geleverd aan mijn deur, en ik hierin Boekoe Bangsa (Boek van de familie) aantrof, zonk de moed mij in de schoenen. ‘Moet ik dat allemáál doorlezen?!’ Echter, na het openslaan van het boek, kwam de moed hand in hand met een flinke dosis enthousiasme teruggesneld.

Boekoe Bangsa is voortgekomen uit een samenwerking van Harold Pereira, Mirjam van der Rijst en Eveline Stoel. In woord en beeld laten zij vijftien Indische, Chinees-Indische en Molukse families aan het woord over hun familierecepten. Het doel is niet alleen om de familierecepten te delen, maar ook de verhalen te delen over de komst naar Nederland, hoe er in het begin geïmproviseerd moest worden om de gerechten van thuis te kunnen hercreëren, en hoe deze ‘culinaire familietradities’ overgenomen en aangepast zijn door de jongere generaties.

‘Voor ieder wat wils’, is de gedachte die bij mij opkomt als ik naar de recepten kijk. Er is veel diversiteit aan recepten, en geen overdreven lange uittreksels betreffende de ingrediënten en bereidingswijze. Hierdoor durf je zelfs als onervaren ‘kok’ de keuken in te duiken. Voor de mensen die extra makkelijk willen doen, of de studenten die aan het einde van de maand bijna geen studiefinanciering meer over hebben, zijn er zelfs recepten met ingrediënten uit blik! Ook mijn ultieme favoriet, corned beef, heb ik langs zien komen. Mijn aandacht werd in het bijzonder getrokken door de recepten waar de mix van Aziatische en Westerse invloeden duidelijk in naar voren komen, van erwtensoep met lombok en rijst tot hachee met chips! Wat mij echter wel een beetje teleurstelde, is het ontbreken van een goed tempé-recept. Juist tempé had ik wel verwacht als een typisch Indisch product/ingrediënt. Niettemin heb ik het boek ondergeplakt met post-its bij de gerechten die ik graag een keer uit wil proberen. De geïnterviewde Maya heeft dan ook helemaal gelijk als zij stelt dat ‘lekker eten gedeeld moet worden’.

De verhalen voorafgaand aan de familierecepten bieden een unieke blik in de familiegeschiedenissen, en laten duidelijk zien hoe elke familie op een eigen manier waarde hecht aan koken en het doorgeven van recepten. Wordt er bij veel van de families niet zonder slag of stoot een recept doorgegeven, in andere families wordt dit juist gestimuleerd. Een mooie uitspraak van Dennis over het doorgeven en eigen maken van familierecepten: ‘jouw favoriete gerechten zeggen iets over wie je bent’. Ik vind echter wel dat de overdracht en aanpassing van de recepten, van generatie op generatie, beter uit de verf had kunnen komen. Over het algemeen is er steeds één hoofdpersoon aan het woord. Het zou misschien interessanter zijn geweest als er een soort dialoog tussen de generaties was gecreëerd. Zeker omdat eten voor de families van jong tot oud zonder meer verbonden is met nostalgie, gezelligheid en, met de woorden van Han: ‘mooie momenten’. Momenten die door Harold Pereira op treffende wijze zijn vastgelegd met de fotocamera!

Het boek is duidelijk niet alleen een naslagwerk voor recepten, maar ook een verborgen schat aan familiegeschiedenissen waar koken en ‘lekker eten’ een essentieel onderdeel van uitmaken. Op mijn nachtkastje zul je het boek niet vinden, maar het heeft wel een ereplaatsje gekregen in mijn boekenkast. De recepten, in combinatie met de verhalen en de prachtige foto’s van de gerechten, personen en hun thuisomgeving, gunnen de lezer een waar kijkje in de levens én de keukens van de families.

Boekoe Bangsa (Boek van de familie) – Uitgeverij Terra Lannoo bv

Indisch3.0 mag twee Boekoe Bangsa weggeven! Hebben? Like dit artikel op facebook óf stuur een mailtje naar redactie@indisch3.nl o.v.v. Boekoe Bangsa

Klappertaart

Op reis door Indonesië blijf ik gefascineerd door twee dingen: vulkanen en de Nederlandse invloeden. Ik kan onvermoeid staren naar prachtige vulkaantoppen en eindeloos lezen en me verbazen over wat er is achtergebleven uit de Hollandse tropentijd. Mijn vriendin, die deze interesses niet deelt, wordt er wel eens dol van: “Nee niet weer een vulkaan/museum/fort bekijken, toch?” Meestal moet ik dan alleen.

Ons zoontje van 2 leeft in constante verwondering en deelt gelukkig een van zijn fascinaties met mij: die voor vulkanen. Al noemt hij ze gewoon “bergen”. Maar van al die Nederlandse invloeden heeft hij nog geen idee. Van klappertaart bijvoorbeeld, heeft hij nog nooit gehoord.

Het recept van de oude Indische delicatesse van kokos, bloem, melk, boter en suiker is nog altijd zeer geliefd in de regio rond Manado in Noord-Sulawesi. Je vindt hem in allerlei varianten, klein en groot, en vaak met allerlei versiering op de bovenkant: rozijnen, nootjes, et cetera.

Op het vliegveld van Manado, wachtend op onze aansluitende vlucht naar Ternate, komen we ze natuurlijk tegen. Overal hangen reclameborden met daarop “Klappertaart”. Terwijl mijn zoontje wordt geobsedeerd door opstijgende en landende vliegtuigen en de bergen in de verte, werp ik een blik in een van de vele glazen vitrines. Ze zien er best smakelijk uit, die klappertaarten.

Ook in (Indisch) Nederland is klappertaart nog altijd een geliefd gerecht. Hoewel ik het me eigenlijk niet precies meer kan herinneren, heb ik het als kind meer dan eens gegeten. Op een van de “Gorontalo-reünies” bijvoorbeeld, die de Caffin-kant van de familie toen regelmatig organiseerde en waar tientallen families met wortels in Noord-Sulawesi op afkwamen.

De sfeer op die reünies kan ik me nog goed voor de geest halen. Al die Indische tantes die in prachtige schalen en kommen hun eigen lekkernijen hadden meegenomen. Uren hadden ze staan koken aan hun lievelingsgerecht, vaak trouw aan de streek waar ze geboren waren, maar met een onmiskenbaar “eigen” signatuur.

Terwijl het urenlange buffet in volle gang was, schuifelde ik tussen de schalen eten door en smikkelde ik van mijn zelfgekozen delicatessen: kue lapis vooral, net zo lang tot ik misselijk was. Ook vergaapte ik me aan de mooie afbeeldingen aan de muren van het grote Indische huis. Beelden van een land dat ik toen nog niet kende, maar waar ik later vaak heen zou gaan. Ik kon eindeloos staren naar de vergezichten met vulkanen. Die fascinatie moet toen begonnen zijn.

Dit keer, op het vliegveld van Manado, sloeg ik de klappertaart over. Het was, hoe Hollands, eigenlijk vooral de prijs die me tegenhield: 100.000 roepiah (8 euro) voor een stuk niet veel groter dan twee vuisten. Weet je wel hoeveel nasi gorengs je daarvan kunt eten? Het zullen wel vliegveldprijzen zijn geweest.

Straks in Nederland moet ik dan maar weer eens een stukje proberen. Misschien heb ik geluk, want naar verluidt komt er na jaren weer zo’n Gorontalo-reünie aan. Ik kan niet wachten om mijn zoontje naar het grote Indische huis mee te nemen en hem tussen de met eten beladen tafels door te zien lopen. Tante Hetty, maakt u klappertaart?

Tijdelijke site, nieuwe plannen.

Extreme makeover website Indisch3 (c) Indisch3.0 2010
Extreme makeover website Indisch3 (c) Indisch3.0 2010
De vorige vormgeving van de website (c) Indisch3.0 2010

Ja, je ziet het goed. We hebben een nieuwe vormgeving. Helaas. De afgelopen maand hebben we te veel gedonder gehad met onze website.

Bezoekers bleven aangeven errors te krijgen, terwijl wij al het nodige digitale schoonmaakwerk hadden gedaan. Deze week leek dat weer erger te worden en was de maat vol. Het probleem (een trojan horse) was in onze vormgeving binnengedrongen. Zonder jullie verder te willen vervelen: daarom ziet Indisch3.nl er anders uit dan je sinds december 2010 gewend was.

Nou zouden we dit jaar toch al overgaan op een nieuwe site. Dit jaar gaat er namelijk het een en ander veranderen. Zo zoeken we een nieuw logo. Een nieuwe website, met ongekende mogelijkheden. En: gaan we een talentenfonds instellen, zodat Indische initiatieven financiele steun kunnen krijgen uit Indische hoek.

Dus wat je nu ziet is tijdelijk. Gelukkig maar, want we hebben een aantal functies opgegeven die we graag weer terug willen. Voor nu: blader-ze, en kom snel terug. Wie weet hebben we dan al een permanente nieuwe vormgeving. Heb je suggesties? Laat ze horen. Vooruit. Geen Indische bescheidenheid. Comment!