De beulen van 1965

Over de massamoord op communisten

Naar aanleiding van de documentaire The Act of Killing, verscheen op 1 oktober jl. de nieuwste editie van het Indonesische tijdschrift Tempo: Pengakuan algojo 1965 (Bekentenis beulen 1965). Voor het eerst in 47 jaar krijgen we een beeld van één van de meest omvangrijke massamoorden in de 20e eeuw. In meer dan 70 pagina’s staat beschreven wie, waar en hoe communisten en Chinezen vermoordde tussen 1965 tot 1966 in Indonesië. Aan het woord? De ‘beulen’ (moordenaars). Poging tot staatsgreep
Op 30 september 1965 deed de ’30 September Beweging’ (Gerakan 30 September – G30S) in Jakarta een poging tot een staatsgreep. Deze poging mislukte. Dankzij de ontstane chaos, kwam Generaal Soeharto aan de macht. Als grote schuldige voor de staatsgreep wees hij naar de Indonesische communistische partij, de PKI.

Massamoord
Deze beschuldiging was voor het Soeharto-regime de legitimatie voor een ongekende moordpartij onder leden van de PKI.  In de periode van 1965 tot 1966 zijn naar schatting tussen de 500.000 en twee miljoen mensen, geaffilieerd met de PKI, vermoord. Nog steeds wordt de 30 September Beweging geaffilieerd met de PKI. Maar of dit ook werkelijk zo was?

Propaganda
Feit is dat Indonesië jarenlang te horen kreeg dat de PKI achter de staatsgreep zat en dat communisten er alles voor over zouden hebben om de Pancasila (nationale staatsideologie) omver te werpen. In Jakarta richtte de regering-Soeharto zelfs een museum op over het verraad van de communisten. Jaarlijks vertoonden alle televisiezenders op 30 september een bijna vier uur durende film over de staatsgreep van de PKI, en ook in het onderwijs was de visie van de staat leidend. Over de massamoord werd uiteraard gezwegen. Alles werd eraan gedaan om het communisme in Indonesië te laten verdwijnen.

‘Ook al is hij mijn broer, zijn ideologie is niet bespreekbaar.’

Museum Pengkhianatan PKI – Jakarta (Verraad van de PKI) © Rennie Roos 2011
Tempo: Bekentenis van de beulen uit 1965
Wat Tempo deze week heeft gepubliceerd is, naar mijn mening, uniek en huiveringwekkend. Vanuit het perspectief van de algojo (beul), kijkt het blad terug op de gebeurtenissen in 1965. Het borduurt hiermee voort op de documentaire The Act of Killing. In deze documentaire is te zien hoe Anwar Congo van het verkopen van bioscoopkaartjes, samen met zijn maatjes, ‘overstapt’ naar het uitroeien van communisten in Medan.

Broers
In het Tempo-artikel Tentara, santri, dan tragedi Kediri (Soldaten, studenten en het tragedie van Kediri) vertelt de inmiddels oude en grijze Abdul Malik hoe hij het niet over zijn hart verkreeg zijn broer, die lid was van de PKI, te vermoorden. Malik doet uitspraken die een diepe indruk op mij hebben gemaakt: ‘Dia dihabisi rekan saya karena saya tak sampai hati melakukannya.’ (Hij is door een collega uit de weg geruimd omdat ik het niet over mijn hart verkreeg.) ‘Meski saudara, urusan ideologi tak bisa ditawar dan dikompromikan.’ (Ook al is hij mijn broer, zijn ideologie is niet bespreekbaar.)

Trots
Wat ik bizar vind aan de verhalen van de ‘beulen’, is dat ze deze vertellen en: vol trots. Ze hebben volgens mij nog steeds niet door dat wat zij vertellen iets verschrikkelijks is. Stuk voor stuk voelen ze zich gesteund door hun geloof en de staat. de Nationale Mensenrechten Commissie van Indonesië (Komnas HAM) presenteerde afgelopen juli de resultaten van een vierjarig onderzoek. Daaruit bleek dat de staat betrokken was bij het systematisch en op grote schaal uitmoorden van leden van de communistische partij. Tot nog toe heeft de Indonesische overheid daar niets mee gedaan.

Abdul Malik © Majalah Tempo Indonesia / Harry Triwasono 2012
Excuses
De huidige editie van Tempo, de documentaire The Act of Killing en de storm aan berichten op internet over dit onderwerp, zouden er logischerwijs toe moeten leiden dat de overheid haar excuses aanbiedt aan de nabestaanden van de slachtoffers. Maar als het aan Minister Djoko Suyanto ligt zijn excuses nog ver te zoeken. In zijn eerste reactie stelde hij dat de zuivering van communisten gerechtvaardigd was om ‘het land te redden’.

Ik raad iedereen aan Tempo 1-7 oktober 2012: Pengakuan algojo 1965 te lezen en de documentaire The Act of Killing te bekijken zodra deze uitkomt in Nederland. Ondanks dat het bijzonder schokkend is, wordt er voor het eerst een beeld geschetst van een cruciale periode uit de Indonesische geschiedenis waarvan tot nog toe weinig in de openbaarheid is gekomen.

 

Tempo 1-7 oktober 2012: Indonesische versie & Engelse versie

 

 

 

Ramadan in Indonesië

Baiturrahman Moskee – Banda Aceh. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012
Zoals vele Indonesiërs tijdens Ramadan geniet ik hier even van mijn dutje – Lampu'uk Aceh. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012.
Zoals vele Indonesiërs tijdens Ramadan geniet ik hier even van mijn dutje – Lampu’uk Aceh. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012.

Indonesië, augustus 2012

Momenteel is de maand Ramadan volop aan de gang en vasten Moslims wereldwijd. Hoewel Indonesië officieel geen Islamitische staat is, is tijdens Bulan Ramadhan duidelijk te zien dat de Islam hier een grote rol speelt. De afgelopen weken heb ik in verschillende regio’s gekeken hoe Indonesiërs deze maand beleven en gezien hoe het vasten het dagelijkse leven beïnvloedt, in het land met de grootste Moslim-bevolking van de wereld.

Discotheken zijn de hele maand gesloten.

Gesloten
De maand Ramadan begon voor mij in studentenstad Yogyakarta. Hoewel er op het eerste gezicht niet zo veel van te zien was, waren het vooral kleine dingen waar aan je merkte dat het Ramadan was. In karaoketenten werd geen alcohol meer geschonken. Filmhuizen en cafés gingen eerder dicht. Discotheken waren de hele maand gesloten. Fastfoodketens blindeerden overdag hun ramen en op straat zag je de eigenaren van kakilima’s naast hun lege stalletjes slapen.

Chinese gemeenschap
In Midden-Java was het vinden van eten geen enkel probleem. Zowel in Yogyakarta als in Semarang kon ik overal aan eten komen. In Semarang verbaasde ik me over de drukte in een foodcourt bij een van de winkelcentra: in Semarang woont een grote Chinese gemeenschap die niet Islamitisch is. Voor de kust van Semarang, op het eilandje Karimunjawa, had ik niet echt in de gaten had dat het Ramadan was. Ik stond wel versteld van hoe de eilandbewoners op de hoogte werden gesteld van berbuka puasa (openbreken van het vasten). Op het hele eiland gingen loeiharde sirenes af die het teken gaven dat er weer gegeten mocht worden.

Vasten kost minder moeite dan het zoeken naar eten.

Berbuka puasa
Een maand lang overdag niet eten en drinken om zo mee te leven met de minder bedeelden in de wereld, vind ik een mooie gedachte. In Banda Aceh en Pulau Weh heb ik een paar dagen meegedaan uit respect voor de vrienden die mij rondleidden, maar ook om de eenvoudige reden dat vasten minder moeite kostte dan het zoeken naar eten. In mijn hotel kreeg ik de keuze tussen Sahur (ontbijt voor Moslims om 04:30) of Sarapan (ontbijt voor niet-Moslims om 07:00), waarna er de rest van de dag niet meer gegeten en gedronken werd. In de avond kwam ik tegen een uur of zeven terecht in een warung. In het tentje zaten misschien wel 20 mensen met een onaangetast bord eten voor hun neus te wachten totdat iemand een smsje kreeg met daarin de verlossende woorden: ‘Selamat berbuka puasa.

Berbuka puasa (openbreken van het vasten) - Aceh Jaya. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012
Berbuka puasa (openbreken van het vasten) – Aceh Jaya. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012

Zenuwachtig
In de Nederlandse media krijgen we vaak alleen maar negatieve berichten te horen over Moslims: Nederlanders krijgen alleen te zien hoe Moslims aanslagen plegen of discotheken molesteren. Erg om toe te geven, maar ik merkte dat ik daar ook door beïnvloed was, hoewel ik op Java nooit problemen heb gehad met Moslims. Toch, toen ik op weg was naar Aceh – een streng islamitisch gebied – was ik zenuwachtig.

Als je iemand groet krijg je een glimlach terug.

Aceh
Die zenuwen bleken nergens voor nodig, want ook al was het moeilijk overdag aan eten te komen en was alles vijf keer per dag dicht vanwege het gebed: de mensen daar verschilden niet veel van andere Indonesiërs. Als je iemand groette, kreeg je een glimlach terug en zelfs in de Baiturrahman moskee, waar 150 jaar geleden nog tegen de Nederlanders werd gevochten, was ik welkom. En, naast het feit dat zij overdag niet eten, vijf keer per dag bidden en in de avond geen biertje drinken, maar een kop koffie, verschillen wij Nederlanders ook niet zo gek veel van de door de westerse media bestempelde “extreme” inwoners van Aceh.

Baiturrahman Moskee – Banda Aceh. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012
Baiturrahman Moskee – Banda Aceh. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012

Piala Eropa 2012

Edwin van der Sar over het verlies van Oranje.

De EK-beleving in Indonesië

EK finale Spanje - Italie Locatie: RRI Surabaya. Datum: 02/07/2012 Foto: Rennie Roos
EK finale Spanje – Italie Locatie: RRI Surabaya. Datum: 02/07/2012 Foto: Rennie Roos

EURO 2012 was groot in Indonesië, ook al werd alles hier pas midden in de nacht uitgezonden. TV-programma’s stonden in het teken van het EK, kranten drukten speciale EK-edities en op straat werd met gigantische bilboards reclame gemaakt voor het belangrijkste voetbaltoernooi van het jaar.

Edwin van der Sar over het verlies van Oranje.
Zelfs analist Edwin van der Sar kan op Indonesische televisie niet voorkomen dat Nederland wordt uitgeschakeld door Portugal. Locatie: Pamekasan, Madura. Datum: 18-06-2012 Foto : Rennie Roos

Jong en oud stonden bovendien achter Oranje, al vroeg ik mij zo nu en dan wel af, welk Oranje: de oudere generatie sprak vooral over Van Basten, Gullit en Rijkaard, en niet over Sneijder, Van Persie en Van der Vaart.

Om de finalewedstrijd te kijken, stapte ik vannacht rond een uur of half  uit de auto, voor het RRI-gebouw in Surabaya. Meteen zag ik veel jonge Indonesiërs, een groot scherm en daarop het nationale elftal van Spanje – een flashback naar de finale van 2010. Helaas was Oranje alweer twee weken thuis en Italië de tweede finalist. Wat bij voorhand een spannende wedstrijd had moeten worden, werd een galavoorstelling voor de Spaanse supporters: de 4-0 overwinning is nu al legendarisch.

EK finale Spanje - Italie Locatie: RRI Surabaya. Datum: 02/07/2012 Foto: Rennie Roos
EK finale Spanje – Italie Locatie: RRI Surabaya. Datum: 02/07/2012 Foto: Rennie Roos

De sfeer tijdens de wedstrijd was erg gemoedelijk en, in tegenstelling tot in 2010, vond ik het nu niet heel erg om tussen de juichende Spaanse aanhang te zitten. Tijdens de wedstrijd rookten we gezamenlijk kretek, bestelden we eten bij de Kaki Lima’s en schreeuwden we zo nu en dan BOEH!  als het beeld even uitviel. Al met al een leuke ochtend, die door de meesten niet met een biertje werd afgesloten, maar met het ochtendgebed in de moskee.

Sinds de halve finales konden inwoners van de kampungs van de wedstrijden genieten dankzij een beamer.

Het tijdsverschil zorgde er helaas voor dat we het EK hier niet optimaal konden volgen. Veel mensen sloegen de groepswedstrijden over, omdat twee uur ’s nachts simpelweg te laat is. Iedereen was wel op de hoogte van de uitslagen, en naarmate het toernooi vorderde, groeide het aantal kijkers gestaag. Sinds de halve finales konden inwoners van de kampung van de wedstrijden genieten dankzij een beamer, in ruil voor een kleine bijdrage. Midden in de nacht keken mensen de afgelopen week dus voetbal en – onder invloed van de 24-uurs openingstijden van fastfoodketens – aten ze daar Happy Meals bij.

Afgelopen week zag ik in de documentaire Oranje Ambon op Uitzending Gemist hoe Ambon oranje kleurde tijdens het WK in Zuid-Afrika. Met Giovanni van Bronckhorst als aanvoerder van Oranje leek het niet meer dan logisch dat vele Molukkers en Indonesiërs achter het Nederlands elftal stonden. Ik had inderdaad het idee dat na het vertrek van Gio, de support voor Oranje zou afnemen – maar ik had het mis. In Surabaya staan de winkels nog steeds vol met Oranje merchandise, op televisie zie je presentatoren gehuld in oranje shirts en op Bali heb ik nog nooit zoveel Nederlandse vlaggen gezien.

Oranje-recame in Surabaya. Foto: Rennie Roos
Oranje-recame in Surabaya. Foto: Rennie Roos

Gezien onze geschiedenis blijf ik dat bijzonder vinden, dat er zoveel Indonesiërs zijn die voor Oranje juichen. Wie had in de jaren vijftig gedacht dat er vandaag de dag weer vele Indonesiërs de straat op zouden gaan en met trots een roodwitblauwe vlag zouden dragen? In Oranje Ambon probeert Jim Pentury via voetbal twee bevolkingsgroepen dichter bij elkaar te brengen. Ik denk dat het Nederlands elftal daarin al geslaagd is, want dankzij Oranje wordt er namelijk weer “Hup Holland” geroepen in een land waar een halve eeuw geleden nog Nederlanders verjaagd werden.

The Raid in Indonesië

The Raid poster
The Raid poster
The Raid

Gewoon keiharde pencak silat

Twitchfilm noemt het:“The best action movie in decades”, The Hollywood Reporter beschrijft het als: “Action movies don’t get much more exciting or inventive” en volgens Variety is The Raid: “Spectaculair. Incredable. Exhilarating.” Wereldwijd niets anders dan lovende recensies dus, voor de keiharde Indonesische Pencak Silat film “The Raid” die binnenkort ook in de Nederlandse bioscopen zal verschijnen.

Merantau
Samen met zes vrienden ging ik, zonder enig idee te hebben waar The Raid over ging, naar de bioscoop in Surabaya. Na vijf minuten was het echter wel al vrij duidelijk wat voor film het zou worden. Terwijl de meedogenloze Tama een hamer oppakt, zie ik rechts van mij mijn vriend uit Hongarije zijn ogen bedekken en als Tama hard uithaalt hoor ik links van mij een angstkreet uit de mond van mijn vriendin komen. Het idee van de film ontstond nadat directer Gareth Evans in Indonesië een documentaire had opgenomen over de Indonesische vechtkunst Pencak Silat. Tijdens zijn bezoek aan Indonesië kwam hij in aanraking met Iko Uwais, met wie hij zes maanden later zijn eerste Pencak Silat hit “Merantau” zou maken. Na het internationale succes van deze film verschijnt deze week in Nederland zijn nieuwe film: The Raid, die op het Imagine Film Festival in Amsterdam twee maanden geleden al de Sp!ts Silver Scream Award mocht ontvangen.

Ray Sahetapy als Tama Riyadi. Bron: Sony Pictures Classic
Ray Sahetapy als Tama Riyadi. Bron: Sony Pictures Classic

Sloppenwijken
De film speelt zich af in de sloppenwijken van Jakarta. Een SWAT-team met daarin de jonge Rama (Iko Uwais) krijgt de opdracht om een appartementencomplex vol met moordenaars en gangsters te infiltreren en de meedogenloze leider Tama Riyadi (Ray Sahetapy) te arresteren. Tama, die zich op de bovenste verdieping van het complex bevindt, komt er echter al snel achter dat hij ongenodigde bezoekers heeft: de ergste nachtmerrie van Rama begint. Voor Rama is er geen weg meer terug waardoor de enige mogelijkheid nog omhoog is, via de vele moordenaars die het gebouw schuilhoudt. Op elke verdieping komt hij voor een nieuwe, nog zwaardere uitdaging te staan en als zijn munitie uiteindelijk op raakt, zit er niks anders op dan  met handen en voeten te vechten voor zijn leven.

Iko Uwais als Rama. Bron: Sony Pictures Classic
Iko Uwais als Rama. Bron: Sony Pictures Classic

Puntje van je stoel
The Raid is een film die je werkelijk versteld doet staan. Van de 101 minuten zijn er misschien 90 gevuld met actie. Telkens als je denk dat het niet heftiger kan, word je op de volgende verdieping weer verrast. Je weet ongeveer wel hoe het verhaal zal gaan verlopen, omdat het veel weg heeft van een videospelletje, maar de makers hebben de film zo gemaakt dat je elke minuut van de film op het puntje van je stoel zit door de spanning. Elke verdieping is een nieuw “level” met weer een nieuwe uitdaging voor Rama, die er alles aan doet om de meedogenloze eind baas op de bovenste verdieping te bereiken en te verslaan.

THE RAID: REDEMPTION

1 RUTHLESS CRIME LORD, 20 ELITE COPS, 30 FLOORS OF CHAOS.

Spectaculaire actie
Aan het eind van de film wist ik eigenlijk niet zo goed wat ik van de film moest denken. Ik was verpletterd door de actiescènes waar maar geen eind aan leek te komen. Je hebt geen tijd om adem te halen want de vechtscènes blijven maar komen, de één nog spectaculairder dan de ander. Eén ding is zeker, de makers van The Raid hebben Pencak Silat niet alleen weer tot leven gebracht in Indonesië maar hebben het nu ook bezorgd aan de rest van de wereld. Ben je geïnteresseerd in deze gewel(da)dige actiefilm, bereid je dan voor op een avond vol keiharde Indonesische actie in de bioscopen van Pathé. Vanaf 5 juli* a.s. is de film in theaters in Nederland te zien.

@ Galaxy XXI bioscoop, Surabaya, Indonesië. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012
@ Galaxy XXI bioscoop, Surabaya, Indonesië. Foto: Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012

 

*Dit is de releasedatum uit de persmap van de filmdistributeur. Op internet vinden we ook de releasedatum van 28 juni. De tijd zal het leren.

The Indonesian Arts & Culture Scholarship

De BSBI 2012 afgevaardigden voor het Gedung Pancasila gebouw waar voorheen de volksraad zat. (c) Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012

Rennie zit voor langere tijd in Indonesië. Hij doet daar voor Indisch 3.0 in het Engels verslag van zijn dagelijkse beslommeringen – zodat zijn Indonesische studievrienden het ook kunnen volgen.

If we look at the current situation in the western world, Indonesia is often depicted in a negative way. If we, for example, visit theDutch news website www.nos.nl and enter “Indonesië” in the search bar, you will come across bus accidents, earthquakes, crashed planes, terrorists and the Dutch parliament not wanting to sell tanks to Indonesia because they could be used to violate human rights. If you combine these negative news reports with the current fear of Islam, the logical outcome is a negative image for the country with the world’s largest Muslim population.

De BSBI 2012 afgevaardigden voor het Gedung Pancasila gebouw waar voorheen de volksraad zat. (c) Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012
De BSBI 2012 afgevaardigden voor het Gedung Pancasila gebouw waar voorheen de volksraad zat. Rennie staat in het midden. (c) Rennie Roos/ Indisch 3.0 2012

So how does a country like Indonesia promote itself and work on its bilateral relationships at the same time? Every year, they invite 50 talented youngsters from all over the world and give them the opportunity to live and study in Indonesia for a period of three months. During those three months, the Indonesian government hopes to create 50 new ambassadors that will help improve the image of Indonesia in their respective home countries.

Kita harus bangga! Mereka datang dari jauh untuk belajar budaya kita! / “We should be proud! They come from far to study our culture!”- Teacher SMA Muhammadiyah 2 (Surabaya)

It must be said that the Indonesian government is doing everything they can to make us feel comfortable in our new surroundings. From the moment I got off the plane at Soekarno-Hatta airport I was treated like a celebrity. Along with the participant from India I was picked up at the gate, escorted through immigration and brought to our hotel in the heart of Jakarta by our private chauffeur. During our first week in Jakarta the organization impressed us by introducing us to several leaders from varies sectors. From the Foreign Minister to the famous novelist Andrea Hirata, we were being introduced to political leaders, CEO’s and cultural leaders. All in order so that we could see Indonesia from different perspectives.

 The government only wants to show us the bright side of Indonesia.

I can say that the tactic of the Indonesian government is working quite well because we were all impressed by what we have seen. However, the fact that our trip to Monas was canceled due to demonstrations against the government plans of cutting gas price subsidies on Medan Merdeka shows us that the government only wants to show us the bright side of Indonesia. This act can of course just be seen as protecting our safety but I can understand as well that the government does not want us to see that not everybody agrees with the current situation and that the Indonesian population massively goes to the street when they disagree with something.

The basic outline of this program is that I am supposed to study Indonesian arts and cultures but the funny thing is, is that I am learning much more than that. Not only am I learning about Indonesia but I am also learning a lot from my fellow participants. My topographical knowledge was seriously tested when I first met the participants from Palau, Kiribati and Tuvalu because I can’t recall hearing those countries in my high school geography class. The mixture of different nationalities makes this program very unique because we are all learning about each other while learning about Indonesian arts and cultures.

 I am learning much more than that.

The Indonesian Arts & Culture Scholarship gives me the opportunity to study in Surabaya, a place my grandmother also used to visit some 80 years ago. If you share my interest on Indonesia, and would like the opportunity to study in Indonesia as well, you should keep an eye out on the Indonesian Foreign Affairs website: http://www.kemlu.go.id  or contact the Indonesian Embassy for more information about the 2013 application process.

My advice to all the young  Indo’s in Holland: apply for the Indonesian Arts & Culture Scholarship! IACS already exceeded all my expectations and I am just getting started here. Through this program you can learn a lot about Indonesia but also about your own roots.

 

 

 

Jam karet, tunggu sebentar, pelan-pelan en santai aja

Santai aja (c) Rennie Roos 2011

Jam karet, tunggu sebentar, pelan-pelan en santai aja: het zijn voor Indonesiërs doodgewone begrippen maar kunnen bij Nederlanders flink wat irritaties opwekken. Hier in Nederland gaat alles zo ontzettend snel! Iedereen heeft haast en moet altijd en overal op tijd zijn zodat ze daarna weer snel doorkunnen naar de volgende afspraak. Alles moet gaan zoals gepland en niks mag daar vanaf wijken.

Santai aja (c) Rennie Roos 2011
Slapende mannen op Midden-Java. Op de muur wordt gevraagd of ze moe zijn. (c) Rennie Roos 2011

Ik kan mij nog goed herinneren dat ik er in mijn eerste collegeweek in Yogyakarta net zo over dacht: “Ik kon van te voren natuurlijk verwachten dat het studeren hier anders zou zijn dan in Leiden maar dit had ik toch echt niet verwacht. Van de 14 colleges die ik tot nu toe zou moeten hebben gehad, heb ik er daadwerkelijk 5 kunnen volgen. De oorzaak daarvan zal ik nader toelichten. Waarbij het in Nederland nog wel eens gebruikelijk is dat een student niet komt opdagen, zijn hier de docenten gewoon afwezig! Wat ook niet geheel ongebruikelijk is, is dat de docenten geen colleges willen geven als er te weinig studenten zijn omdat dat zonde van hun tijd is. Het absolute toppunt vind ik echter de wijzigingen van de colleges hier! Ik kan begrijpen dat collegetijden af en toe gewijzigd worden maar hoe dat hier gebeurd is echt bizar! I.p.v. Een college naar een later tijdstip te verplaatsen kom ik er hier regelmatig achter dat de colleges ineens een dag eerder zijn gegeven!” (21/09/2011 – renenren.waarbenjij.nu)

Als ik het bovenstaande stukje uit mijn blog over mijn eerste week op Universitas Gadjah Mada teruglees, dan lach ik om mijn irritaties. Het is natuurlijk een wereld van verschil met Leiden maar ik maakte hierdoor wel meteen kennis met het begrip santai aja. Mijn Indonesische medestudenten maakten zich niet zo druk en vertelden dat zulke dingen nou eenmaal gebeuren. De eerste week van het semester is vrijwel altijd een chaos. Vaak wordt deze week gebruikt om de roosters te maken en om te kijken of er genoeg animo is voor de colleges. Het klinkt logisch maar als je daar niet van op de hoogte bent, dan wekt het flink wat irritaties op.

Het begrip santai aja kan je vertalen als relax, chill out of simpelweg met: ontspan. Tijdens mijn verblijf in Yogya zou ik dit begrip steeds meer gaan omarmen en afstappen van het westerse snelle leven dat zo vaak irritaties oplevert. In het westen zijn we naar mijn mening zo nu en dan wel erg licht ontvlambaar en maken we ons druk om dingen die er eigenlijk niet toe doen. In Indonesië heb ik geleerd dingen wat positiever te bekijken en niet onnodig moeilijk te doen. Een mooi voorbeeld: ‘Het is vervelend dat je je trein hebt gemist maar je bent nu in elk geval wel op tijd voor de volgende.’

Een Indonesisch fenomeen waarmee ik eigenlijk nog steeds niet mee uit de voeten kan is jam karet. De Nederlandse punctualiteit die ik van mijn ouders heb meegekregen, dat ik altijd en overal op tijd moet zijn, kon ik in Indonesië vrijwel meteen in de tempat sampah gooien. Hoe vervelend ik het ook vond om soms wel een uur op iemand te moeten wachten, ik ben gaan inzien dat wij in Nederland zo nu en dan precies hetzelfde doen. Organiseer maar eens een feest om acht uur ’s avonds. Ik garandeer je dat vrijwel niemand om acht uur precies aanwezig zal zijn!

In het westen noemen wij het te laat komen op feestjes: fashionably late komen. In Indonesië dus: jam karet. Alleen, in Indonesië blijft dat niet beperkt tot feestjes maar wordt het gekoppeld aan alle dagelijkse activiteiten. Een voordeel hiervan is dat je altijd tijd hebt om af te maken waarmee je bezig was, omdat het toch niet uit maakt of je op tijd komt. Een groot nadeel hiervan is, is dat je veel tijd kwijt bent aan het domweg wachten op je afspraak. Gelukkig vinden Indonesiërs dat laatste niet zo heel erg, want met de santai aja mentaliteit maken zij zich er niet zo druk om!

Voor een programma van het Indonesisch ministerie van buitenlandse zaken moet ik uiterlijk op 2 april in Jakarta zijn. Via de Indonesische ambassade heb ik vernomen dat zij zowel mijn ticket als mijn visum zullen regelen. Het is nu 27 maart en tot op heden heb ik nog steeds geen ticket en geen visum ontvangen.Voorheen zou ik enorm gestresst zijn maar nu denk ik: santai aja, het komt allemaal wel goed.