In de keuken: koken met een lach en een traan – sterk spul die uien

Na 2,5 uur reizen kom ik ’s avonds thuis in Utrecht. Koken hoef ik niet meer, dat heb ik eerder die middag al gedaan. Uit mijn tas komt een eetlucht. Waarvan? Van de ayam bali en de zwartzuur van kip. Die middag ben ik in Delden bij Nasi Kuning van Raymond Linde en zijn vrouw Astrid geweest. 

Wanneer ik bij Nasi Kuning binnenkom valt mij de gezelligheid die het uitstraalt direct op. Het heeft iets huiselijks, als een grote eetkeuken. De inrichting is een ratjetoe. “Indisch ingericht”, vertelt Raymond mij. Het voornaamste is dat het gezellig moet zijn. Een woord dat deze middag perfect ondervangt. Raymond praat honderduit, heeft een aanstekelijke lach en dat koken één van zijn passies is, is te zien aan de twinkeling in zijn ogen wanneer hij mij hierover vertelt.

Van Militaire Dienst naar Javaansche Kokkie naar Nasi Kuning
In 1989 is Raymond begonnen met Indonesisch koken. Zijn moeder runde in die tijd een cateringbedrijf. Toen Raymond