Reportage I.N.D.O. (In Nederland Door Omstandigheden)

Een zoektocht naar de ziel van de Indo

Een groep Indische en Nederlandse mensen wacht vol spanning in de theaterzaal van de Rotterdamse Schouwburg tot de voorstelling I.N.D.O. (In Nederland Door Omstandigheden) begint. Ik kijk om me heen en behoor tot één van de jongsten, de eerste en tweede generatie is duidelijk in de meerderheid, maar toch kijkt iedereen elkaar aan met een blik van herkenning. De voorstelling van ongeveer 75 minuten neemt het publiek mee in een zoektocht naar de ziel van ‘de Indo’. HoofdrolspelerJef Hofmeister wisselt hierin continu van rol. Van bejaarde man tot ‘hot-Eddy’, tot de zoon van meneer Eddy zonder naam, maar omschreven als  ‘die waardeloze vent’. 

Tempo doeloe
Het verhaal begint daar waar meneer Eddy zijn laatste levensjaren slijt; de Willem Nijholt-vleugel in het Anneke Grönloh-huis. Meneer Eddy denkt met weemoed terug aan tempo doeloe en voelt zich niet begrepen door een Nederlandse zuster. ‘Jullie begrijpen toch niet die tijd van toen, en waarom wij naar Nederland moesten vertrekken, door omstandigheden weet je wel. Daarom, ik seg maar neks.’  Meneer Eddy is in gedachten verzonken en denkt terug aan de tijd dat hij aankwam in Nederland en zijn hart verloor aan een blonde dame.

Het waren altijd de onzichtbare verhalen waar niet over gesproken hoefde te worden.

I.N.D.O. (c) Jochem Jurgens 2012

Hot-Eddy en zijn blonde schoonheid
De blonde dame gaat op onderzoek uit naar ‘de Indo’. Tijdens deze zoektocht komt zij terecht in de Indonesische jungle en ook in een grote pan soto. Ze wordt als ‘lekker’ gezien. Een dubbelzinnige manier om te laten zien hoe de Indo in vroegere tijden over blondines dacht. Maar geen nood, hot-Eddy weet de blonde schoonheid te redden uit de pan soto. Het stel laat het publiek vervolgens meegenieten met geïmproviseerde liedjes, op herkenbare Indorock klanken, waarin typisch Indische gebruiken naar voren komen.

Selamat Jalan
Drama speelt zich af aan het einde van het stuk wanneer meneer Eddy zijn laatste adem uitblaast en het publiek getuige is van de crematieplechtigheid. De zoon, die waardeloze vent, geeft een toespraak over hoe hij zijn vader heeft gekend en dat de omschrijving I.N.D.O. nooit met veelwoorden is uitgelegd door zijn vader. Het waren altijd de onzichtbare verhalen waar niet over gesproken hoefde te worden. Tijdens het opruimen van zijn vaders huis ontdekt hij weer wat Indisch is, zoals het bewaren van de meest onzinnige dingen als plastic bakjes. De plechtigheid eindigt met de woorden Selamat Jalan (goede reis) en ‘al klaar’. Tja, zo kan de geschiedenis van de Indo ook omschreven worden, wat geweest is, is geweest, niet nodig om erover te praten.

De uitdrukking tempo doelde hoor ik veelvuldig vallen onder de bezoekers na de voorstelling.

I.N.D.O. (c) Jochem Jurgens 2012

Staande ovatie
Komedie en drama wisselen elkaar mooi af tijdens de voorstelling. Er wordt meegelachen en enthousiast, doch bedeesd, gereageerd bij herkenbare stukken. Na afloop ontvangen de acteurs, naar mijn mening, terecht een staande ovatie. De uitdrukking tempo doelde hoor ik ook veelvuldig vallen onder de bezoekers na de voorstelling. De voorstelling brengt duidelijk oude herinneringen uit Nederlands-Indië met zich mee naar boven, en de derde generatie onder het publiek zal door de familieverhalen van thuis ongetwijfeld ook vele herkenbare scènes opgepikt hebben.

Kippenvel
De muzikale voorstelling vormde enerzijds een soort spiegel voor de Indo, Indische mensen konden zichzelf herkennen in de verbeelde Indische situaties.  Anderzijds vormde de voorstelling voor het Nederlandse publiek een uiteenzetting van wat er onder ‘Indisch’ wordt verstaan, en wat Indische mensen toendertijd mee hebben gemaakt na hun aankomst in Nederland. Mede door de Indische achtergrond van sommige auteurs kwam het acteren op  mij heel natuurlijk over. Ik kijk terug op een korte maar krachtige voorstelling. Momenten die voorbij kwamen bezorgden mij kippenvel en deden mij denken aan situaties die ik zelf heb ervaren, en aan de verhalen waarmee ik ben opgegroeid in mijn familie. Een aanrader!

Eerder deze maand won Marcha van Zee al kaartjes voor de muzikale voorstelling I.N.D.O.. Maar wil jij de voorstelling ook nog zien, wees er dan snel bij. I.N.D.O.  is nog te zien in de Schouwburg van Arnhem op 17 november en tijdens de periode van 20 november t/m 1 december (m.u.v. zondag en maandag) in Theater Bellevue in Amsterdam.

Rixt Leddy, Jef Hofmeister en Charlene Vodegel (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

WIN: 2 vrijkaartjes voor de premiere van L'Histoire du Soldat

Aanstaande zaterdag gaat in het Tropentheater te Amsterdam de Javaanse uitvoering van Stravinsky’s L’Histoire du Soldat in premiere. Indisch 3.0 sprak met regisseur en choreograaf Gerard Mosterd over het tot stand komen van deze theaterproductie in samenwerking met podiumkunstenaars en meesters in de Javaanse dans: Miroto, Rury Avianti en Hendro Yulyanto.

Russische legende
Gerard: ‘L’Histoire du Soldat is geschreven door Stravinsky tijdens de naoorlogse crisis in 1918 voor een groep arme, werkeloze kunstenaars en muzikanten. Het libretto is geïnspireerd op een oude Russische legende van een soldaat die zijn ziel (viool) verkoopt aan de duivel; een aanklacht tegen de corrumperende macht van geld. Stravinsky streefde met deze productie naar een compacte, ‘reisbare’ voorstelling die overal ter wereld opgevoerd kon worden door gebruik te maken van de lokale culturele context.’

Andere culturele omgeving
‘Het tijdloze, moralistische concept van de dialoog die de soldaat heeft na zijn ziel (viool) te hebben verkocht aan de duivel, is uitgewerkt tot een meer abstracte voorstelling met visuele, historische en narratieve verwijzingen en metaforen. Deze verbinden het oorspronkelijke verhaal met de hedendaagse situatie in Indonesië, waarmee Stravinsky’s wens gerealiseerd wordt om de muziek en het onderwerp te verplaatsen naar een andere culturele omgeving.’

L’Histoire du Soldat (c) Dadang Pribadi

Meer hedendaagse tekst
‘De Javaanse editie van L’Histoire du Soldat ging in 2011 in Yogyakarta op Java in premiére, gevolgd door een uitverkochte Javaanse tournee. Inmiddels is er een nieuwe sterbezetting en wordt er gebruik gemaakt van een meer hedendaagse tekst van de internationaal gelauwerde Indonesische dichter en journalist Goenawan Mohamad. De tekst wordt in het Indonesisch gesproken door de Indonesische acteur Rudy Wowor terwijl de Nederlandse vertaling wordt geprojecteerd.’

Snelle improvisatie
‘Het maakproces van deze voorstelling in de zomer van 2011 was een grote uitdaging en niet zonder risico. De Indonesische wereld van de podiumkunsten kenmerkt zich door een gebrek aan infrastructuur en chaotische situaties waarbij snelle improvisatie nodig is. Daarbij geven Indonesiers doorgaans een andere invulling aan de termen hedendaags en modern dan in Europa.’

Groot contrast met unieke uitkomst
‘De keuze om met Javaanse dansers te werken is zeer ongebruikelijk. Hun training in Pre-Islamitische, Hindoe gebaseerde dansvormen garandeert een expertise in verfijnde vinger-, hand- en hoofdbewegingen in een traditiegetrouw traag en regelmatig tempo waarbij veel geïmproviseerd wordt. Dit staat haaks op de wervelende, hoog individualistische en onregelmatige, maar ook buitengewoon exacte muziek van Stravinsky. Een groot contrast met een unieke uitkomst in de uitvoering van de top van de Midden-Javaanse danswereld.’

.

Indisch 3.0 mag 2 vrijkaartjes weggeven voor de premiere aanstaande zaterdag 17 november in het Tropentheater te Amsterdam. Wannahave? Like dit artikel op Facebook voor morgen 12.00 uur ’s middags en stuur een mailtje met je contactgegevens naar redactie@indisch3.nl o.v.v. Vrijkaartjes L’Histoire du Soldat.

Wereldpremiére L’Histoire du Soldat
Zaterdag 17 november Tropentheater Amsterdam | 20.30 korte inleiding & voorstelling
Zondag 18 november Theater de Flint Amersfoort | 19:15 korte inleiding – 20:15 voorstelling

L’Histoire du Soldat (c) Dadang Pribadi

Igor Stravinsky – L’Histoire du Soldat
Insomnio o.l.v. Ulrich Pöhl
Dans: Hendro Yulyanto, Rury Avianti, Martinus Miroto
Verteller: Rudy Wowor
Tekst: Goenawan Mohamad
Regie, choreografie, kostuums, stage set, licht: Gerard Mosterd
Vertaling: Monique Soesman
Teleplay: Azuzan Gontarela

.

WIN: 2 vrijkaartjes voor I.N.D.O.

I.N.D.O. In Nederland Door Omstandigheden

Een Indo-Europese Jungle Pulp Revue waarin Jef Hofmeister je meeneemt in de gevoelens en gedachten van mensen die ooit hun moederland hebben verlaten om in het koude Nederland te bewijzen dat zij het Nederlanderschap dubbel en dwars waard zijn.

Nog te zien t/m 1 december 2012 en Indisch 3.0 mag 2 vrijkaartjes vrijgeven. Hebben? Geef dan antwoord op de volgende vraag:

Waar denk jij aan bij de uitspraak “In Nederland Door Omstandigheden”?

Stuur je antwoord naar redactie@indisch3.nl voor a.s. dinsdag 13 november 2012 en wie weet ben jij de gelukkige winnaar.

Correspondentie over de uitslag van deze actie is niet mogelijk.

Dansen met 'greget'

Ghost Track van LeineRoebana. Foto: Deen van Meer.

Choreograaf Harijono Roebana over dansvoorstelling Ghost Track

“Hoe laat je nieuwe invloeden toe zonder jezelf te verliezen? Ghost Track is een ontmoeting van uitersten: Europa en Indonesië, het traditionele en het hedendaagse, dans en muziek,” valt op de website van choreografenechtpaar Andrea Leine en Harijono Roebana te lezen. In het kader van de tournee met Ghost Track,  sprak ik met de mannelijke helft van dit duo over traditie, vernieuwing en dans.

Andrea Leine en Harijono Roebana. Foto: www.leineroebana.com
Andrea Leine en Harijono Roebana. Foto: www.leineroebana.com

Gunawan
“Choreografen Andrea Leine en Harijono Roebana dagen vijf westerse dansers, drie Indonesische dansers en componist Iwan Gunawan met zijn gamelan ensemble Kyai Fatahillah uit samen te smelten tot iets nieuws,” lees ik verder op www.leineroebana.com. De Sundanese gamelan van Gunawan, niet te verwarren met het sonore gepingel dat we hier vooral kennen, trok in 2009 de interesse van het choreografenduo. Het resultaat is een, volgens de Volkskrant, ‘fascinerende dansreis.’

Greget
Dat Westerse dansers en Indonesische dansers inderdaad verschillende tradities hebben, merkte Roebana bij de repetities.“Dat culturele verschillen praktische problemen op zouden leveren, had ik wel verwacht. Toch waren die anders dan ik had kunnen verzinnen,” aldus de choreograaf. “Een voorbeeld? Voor Indonesische dansers is de greget, de innerlijke kracht, ongelooflijk belangrijk. Dans je met je mond open, dan kan je die kwijtraken. Beweeg je veel door de ruimte, hetzelfde verhaal. Westerse dansers doen dat juist wel.”

Traditie en vernieuwing
“Voor Indonesiërs is traditie dominant en betekent vernieuwing dat je traditie nieuw leven inblaast. Voor ons betekent vernieuwing breken met tradities. Wij kunnen daardoor vrijer omspringen met hun traditie en we zijn gaan kijken of het anders kon. Dus wél met de mond open dansen én door de ruimte bewegen,  maar niet je greget verliezen. Dat is culturele vernieuwing op het niveau van de dans.”

‘Greget, de innerlijke kracht, is ongelooflijk belangrijk’

Ghost Track van LeineRoebana. Fotografie: Deen van Meer.

Culturele verschillen
Een ander voorbeeld was dansen met los zwaaiende armen, typerend voor moderne dans uit het westen. “Nee, dat deden ze niet,” vertelt Roebana. “Of zich laten vallen in de ruimte. Niet dat ze het niet wilden, maar ze konden het niet. Zij spannen hun vingers aan bij het dansen, daardoor krijgen ze zoveel spanning in hun handen, dat het moeilijk is hun armen te laten zwaaien. En zo waren er wel meer interessante verschillen op fysiek niveau, die voortkwamen uit culturele verschillen.”

Geld
Harijono, zoon van een Indonesische vader en Nederlandse moeder, heeft zelf weinig met de Indonesische cultuur. “Ik ben er nooit zo mee bezig geweest. De Indonesische laag is een non-existent deel van mijn verleden geweest. Ik ben wel eens in Indonesië geweest, bij familie, maar met de Indonesiërs in het algemeen kon ik geen band krijgen. In hun ogen was ik een blanke aan wie je geld gaat vragen. Ik ben erg rationalistisch, ik voelde me niet aangetrokken tot de mystiek of de Indonesische cultuur. Tot ik een aantal jaar geleden, door de dans en de muziek, begon te kijken naar wat we fysiek deelden.”

“Wat delen we, fysiek?”

Ghost Track van LeineRoebana. Fotografie: Deen van Meer.
Ghost Track van LeineRoebana. Fotografie: Deen van Meer.

Tussen haakjes
“Mijn moeder vindt de voorstelling fantastisch, mijn vader is er helaas niet meer,” vertelt Harijono tenslotte. “Hij heeft nog wel meegemaakt dat ik enthousiast werd voor zijn cultuur. Een cultuur die hij zelf overigens tussen haakjes had gezet. Af en toe hoorde ik wel wonderlijke verhalen over zijn verleden. Dat hij de hele nacht bij een wajang gulit voorstelling had gezeten, bijvoorbeeld. Verder heb ik geen Indische opvoeding gehad.”

Ghost Track. Sinds 18 november op tournee en nog tot en met 23 december a.s. te zien. Voor data en locaties zie www.leineroebana.com.

[box]Wil jij deze voorstelling gratis bijwonen? Het is Sinterklaas en Indisch 3.0 mag 5 keer 2 kaarten weggeven voor de voorstelling in Theater aan het Spui in Den Haag! Je kunt op drie manieren meedoen. Hoe? Door op Twitter de link van deze post te tweeten met #GhostTrack. Óf door op Facebook het artikel te sharen en te liken. Óf door de link van dit artikel per e-mail naar vijf vrienden te sturen en ons te cc-en op redactie@indisch3.nl.[/box]


Diederik van Vleuten: verfrissend en oprecht

Daar werd wat groots verricht. Afbeelding: www.diederikvanvleuten.nl

Eindelijk: met respect en humor vertellen over Indië

De aankondiging op de website van Diederik van Vleuten (bekend van o.a. tv) liegt er niet om: “Wegens grote belangstelling wordt ‘Daar werd wat groots verricht’ in 2012 hernomen. In de periode januari tot en met maart volgt er een extra tournee.” Na het zien van de voorstelling in een uitverkochte Rijswijkse Schouwburg, ben ik daar blij om: iedereen in Nederland zou dit stuk moeten zien, Indisch of niet.

Diederik van Vleuten vertelde tijdens de Indië-herdenking in 2008 al over de memoires van Jan van Vleuten, zijn oudoom die de Japanse bezetting heeft meegemaakt. Van Vleuten stond toen nog aan de vooravond van ‘Daar werd wat groots verricht’ (DWWGV). En, ik zal eerlijk zijn, toen ik hem deze plannen hoorde aankondigen, dacht ik ‘Waarom moet een Nederlander dit verhaal nou weer vertellen? Dan trekken zij wéér alles naar zich toe, het verhaal van de Indo in de kampen mag onderhand wel eens verteld worden, die groep is al onzichtbaar genoeg.’  Inmiddels zeg ik: ‘I stand corrected’. Dit ís het verhaal van veel van onze grootouders, verteld op een eerlijke, respectvolle manier zonder verwijten.

Op Kerstavond 1982 gaf oudoom Jan het gezin Van Vleuten zijn memoires: vier cahiers over zijn leven in Indië. In de voorstelling van twee keer 67 minuten én een pauze (‘Oom Jan was een ouderwetse man, en ouderwetse mannen verdienen een ouderwetse pauze. O nee. Dat zeg ik niet goed, oom Jan was niet ouderwets, hij was uit een andere tijd.’) namVleuten de -bomvolle- zaal door die memoires mee. Jan van Vleuten is als zoon van een Hollandse tuan besar geboren in Indië, opgegroeid in Nederland (‘zijn ouders waren bang dat hij zou verindischen, hij sprak op zijn vierde beter Maleis dan Nederlands”) en in de jaren ’30 weer teruggekeerd naar zijn ‘land van herkomst’, heeft de archipel na de bezetting als evacué verlaten, is teruggegaan en heeft uiteindelijk, net als al die andere repatrianten, Indonesië in de jaren vijftig definitief verlaten.

Wat Van Vleuten’s performance onderscheidt van eerdere producties (zoals de film Het jaar 2602 en boeken van Hella Haasse, Van Dis, Kousbroek en Brouwers) is zijn humor, het respect voor de keuzes van die generatie (‘oom Jan was geboren in 1906’) en de volledigheid van het verhaal. De cabaretier weet in DWWGV humor feilloos in te zetten. Om geheugensteuntjes in het verhaal in te bouwen zonder langdradig te worden. Om moeilijke momenten te verluchtigen. En om oordelen uit te spreken zonder dat belerende toontje (‘Ja, dat koloniale systeem was natuurlijk hartstikke fout. Maar als ik soms kijk naar de afbeelding van het landhuis van mijn overgrootvader tuan besar Panplieten denk ik, dat kolonialisme heeft niet voor niets 300 jaar stand gehouden!’).

Humor gebruikt hij ook om – herkenbare – verbazing respectvol uit te dragen. Want het respect dat de cabaretier toont aan voor de keuzes van de generatie van onze grootouders, komt oprecht en integer over. Van Vleuten verstaat de kunst om onderscheid te maken tussen de liefde die hij voor de persoon heeft gevoeld en afstand die hij voelt tot de denkbeelden van die persoon. Zo benadrukt de performer dat het niet zijn verhaal is, maar dat van zijn oom. En vertelt hij hoe gek hij was op zijn oma Maggie, die Diederik alleen wel toefluisterde, toen hij met een donker Indisch vriendinnetje thuiskwam, dat zij het landgoed wel in blanke handen wilde houden.

Tot slot: die volledigheid van het verhaal. De buitenkampers. De treinreizigers die in 1945 op Java door peloppers vermoord werden. De aandacht voor de aankomst van repatrianten die na een aantal schepen verwaterde. Zomaar een paar voorbeelden waaruit ik concludeerde dat de cabaretier zich echt verdiept heeft in de Indische geschiedenis en heeft geluisterd naar de commentaren die hij kreeg bij het schrijven en de try-outs.

Mijn vriend en ik, beiden opgegroeid in gemengde Indo-totokfamilies, waren naar deze voorstelling gegaan omdat mijn vader (zoon van een totok en een Indo-Europese, net als mijn vriend) de kaartjes kado had gedaan. Gelukkig maar, gezien mijn wantrouwen was ik er waarschijnlijk niet uit mezelf heengegaan: ik heb mijn portie Adriaan van Dissen en Hella Haasse’s van deze wereld wel gehad.
Diederik van Vleuten laat met ‘Daar werd wat groots verricht’ een nieuw en fris geluid horen in Indisch Nederland: dat van de zichzelf relativerende Hollander die met respect, humor en oprechte interesse de Indische – complexe – geschiedenis toegankelijk maakt voor een breed publiek. Gaat dat zien, gaat dat zien.
Diederik van Vleuten. Daar werd wat groots verricht. Sinds 201o in theaters, nog te zien tot en met mei 2011. Reprise:  januari t/m maart 2012. Nieuwe speeldata in mei 2011 bekend.

Indische Trilogie “raakt en irriteert”

Dat kunst en cultuur belangrijk en onmisbaar zijn bleek maar weer eens afgelopen zondag in Theater aan het Spui in Den Haag. Daar werd van 14:00-21:00 de volledige Indische Trilogie gespeeld voor een stijf uitverkochte zaal. Theatermaker en Indisch 3.0 redacteur Elsbeth Vernout was uitgenodigd als “gastrecensent” en doet verslag.

Foto’s: Tabitha Lemon

Scene uit Sloom Bloed - Carlo Scheldwacht en Ghislaine Pierie

“Ik was geraakt maar ook geïrriteerd”, zegt kunstenares Cristina Martins, de andere gastrecensent. “Waarom zeggen we nou niet gewoon wat we vinden en denken en voelen en waarom gaan we generatie op generatie altijd maar zo door?” Het is een terechte opmerking van de tekenares die haar met potlood getekende werken in de foyer  van het theater heeft geëxposeerd. Veel mensen noemen haar werk Indisch, terwijl Martins geen Indische, maar Portugese achtergrond heeft. Hoewel ze zich gewoon Haagse voelt, haast ze zich te zeggen. In het nagesprek onder leiding van journalist Ricci Scheldwacht schoven naast beide gastrecensenten ook de acteurs Carlo Scheldwacht en Ghislaine Pierie aan.

Martins verwoordt haar gevoelens na een bijzondere en intense middag en avond, in Theater aan het Spui, inclusief heerlijke Indische maaltijd. “Waarom blijven we ons maar verschuilen? Waar zijn we zo bang voor? Ja voor de angst zelf waarschijnlijk, dat het allemaal openbreekt en dat je wel met elkaar moet gaan praten over hoe je je echt voelt. Dat had ik dus heel erg na die laatste voorstelling, Circus Bronbeek.”

Van Indische familieverhalen tot clownsneus

Circus Bronbeek, gespeeld door Ghislaine Pierie, Patrick Neumann en Carlo Scheldwacht en geregisseerd door Esther Scheldwacht, gaf de meest actuele draai aan het blootleggen van Indische trauma’s. De voorstelling is geïnspireerd op de verhalen over de cabaret- muziek en toneelvoorstellingen in de Japanse interneringskampen. Maar achter het strooien hoedje, het stokje en de clownsneus schuilt het verdriet. Carlo Scheldwacht speelt de vader met een kampverleden, Pierie zijn gefrustreerde dochter en Neumann speelt de kleinzoon.

Scene uit Familiefeest - Esther, Ricci en Carlo Scheldwacht

Sloom Bloed, geschreven en gespeeld door Ghislaine Pierie en Carlo Scheldwacht, was de meest persoonlijke voorstelling van de drie. In het stuk kijkt de Indische tweeling Anne en Rein terug op hun jeugd. Samen spelen ze overtuigend een hele Indische familie na, door steeds iets kleins aan hun outfit te veranderen. Een dominante oma, een eeuwig zwangere tante en een irritante oom die alleen maar over Indorock kan praten. Zo passeert zestig jaar Indische geschiedenis de revue. Veel gepraat, veel geheimen. Niemand ontsnapt aan de knellende familiebanden en de voortdurend herhaalde familieverhalen. Maar als je echt iets wilt weten, bijvoorbeeld hoe het nou was in de oorlog in Indië, krijg je geen antwoorden.

Het tweede stuk, naar het boek ‘Familiefeest’ van Theodor Holman en gespeeld door de broers Ricci en Carlo Scheldwacht en hun zus Esther Scheldwacht, was haast kluchtig van opzet. Hierdoor werden de thema’s als het kampverleden, slechte communicatie, aanpassing en zwijgen des te pijnlijker duidelijk.

Geen antwoorden

Nagesprek olv Ricci Scheldwacht

Na afloop in het nagesprek vraagt een dame uit het publiek nog aan Carlo Scheldwacht of er niet wat meer uitleg bij de theaterstukken had gekund, zodat jongeren die de geschiedenis niet kennen het beter zouden begrijpen. Maar volgens de acteur stelt hij ook zelf alleen maar vragen. “Zeker van Circus Bronbeek word ik heel nederig. Ik sta daar een verhaal te vertellen dat niet van mij is. Maar er zitten wel allemaal mensen in de zaal die dat verhaal kennen. En dat is heel spannend. Het zijn vragen, en geen antwoorden.” En juist dat het geen educatief theater is, vindt Cristina Martins zo mooi.  “Door die drie stukken achter elkaar kom je in gesprek met mensen. Je zit langer met elkaar in een ruimte. Ik heb echt bijzondere verhalen gehoord van andere mensen uit het publiek. En dat werkt voor mij heel goed, beter dan een educatief stuk.”

Onderhuids

Als theatermaker en toeschouwer van de Indische Trilogie is voor mij nogmaals bevestigd dat theater bij uitstek geschikt is om de laag onder de oppervlakte bloot te leggen. Dat is ook wat ik in mijn voorstellingen zoals ‘Deze en Genen’ en ‘Gegijzeld’ probeer te doen. De drie voorstellingen achter elkaar rondom dezelfde thematiek versterken dit effect. Zo komen via de weg van de verbeelding onderhuidse thema’s boven drijven, of je nu wilt of niet. Genoeg stof om met een biertje over na te mijmeren en praten.

Naar de Indische Trilogie (14-11-10)

In het debat over de multiculturele samenleving speelt de groep Indische Nederlanders nauwelijks een rol van betekenis. Dat is opmerkelijk, want deze groep vormt volgens cijfers van het CBS nog altijd de grootste groep naoorlogse nieuwkomers in Nederland. Door de Indische Trilogie nogmaals op te voeren willen de makers een bijdrage leveren aan het multiculturele debat in Nederland. Indisch3.0 is erbij op zondag 14 november en verloot een toegangskaartje.

Op die dag wordt de Indische Trilogie in zijn geheel gespeeld in Theater Aan Het Spui in Den Haag. De trilogie bestaat uit de voorstellingen Sloom Bloed (2000), Familiefeest (2005), naar het boek van Theodor Holman, en Circus Bronbeek (2008). Patrick Neumann redacteur van Indisch 3.0 speelt in Circus Bronbeek een van de rollen.

Werden de eerste twee delen allebei gekenmerkt door afwezigheid van de vader, in het laatste deel staat diens leven centaal: het verhaal van de eerste generatie Indische Nederlanders, die als volwassenen de oorlog in Nederlands-Indië meemaakten en die in de jaren vijftig met hun gezinnen noodgedwongen naar Nederland kwamen. De makers, Esther en Carlo Scheldwacht, werden daarbij geïnspireerd door de verhalen over de cabaret-, muziek- en toneelvoorstellingen die werden gehouden in de Japanse interneringskampen.

deel 1 - Sloom bloeddeel 2 - Familiefeestdeel 3 - Circus Bronbeek

Foto’s: De Indische Trilogie

De dag begint om 14:00 in Theater Aan Het Spui. Tussen de voorstellingen wordt een Indische maaltijd geserveerd. Na afloop volgt een nagesprek met de makers en gastsprekers uit verschillende andere migrantengroepen. Omstreeks 21.00 uur is de dag ten einde. De kosten voor de drie voorstellingen inclusief Indische maaltijd zijn € 35,- (Uitpas, CJP/OV-Studentenkaart, Ooievaarspas).

Vind je het leuk om samen met Indisch3.0 deze dag te beleven?

Meld je dan aan via melati74@gmail.com (met vermelding van je naam, adres en aantal kaarten), je ontvangt dan een mail met de betalingsgegevens. Wij mogen onder de aanmeldingen een vrijkaartje verloten. De winnaar van dit kaartje krijgt ter plekke zijn of haar geld terug. Meer informatie over het verzamelen ontvang je in de bevestigingsmail nadat je je hebt aangemeld!

Voor meer info over de voorstellingen, klik op deze link

Rubber: koloniaal boek, actuele voorstelling

Foto: copyright Boy HazesMadelon Székely-Lulofs schreef de roman Rubber op basis van haar eigen ervaringen als plantersvrouw op een rubberplantage in Deli, Sumatra in Nederlands-Indie. Het boek kwam uit in 1931 en werd een bestseller. Afgelopen week speelde het Nederlands Zang Theater een muziektheater-bewerking van het boek in Den Haag en Amsterdam. Het thema uit Rubber blijkt nog altijd actueel.

Het uitkomen van het boek, bijna 80 jaar geleden, deed het een hoop stof opwaaien. In Europa werd het goed verkocht en verschenen allerlei vertalingen. Een aantal jaar later werd het zelfs verfilmd. In Indie was de ontvangst matig. Het onthulde wat de werkelijke verhoudingen waren tussen blank en bruin. Dat was naar de koloniale smaak net iets teveel openheid. Madelon Székely-Lulofs publiceerde na Rubber nog enkele boeken over Indie. Ze stierf in 1958.

In de zangvoorstelling wordt het verhaal uit het boek in negen scenes vertelt. Net als in het boek staan de tegenstellingen tussen Oost en West in de voorstelling centraal. Europeanen en inlanders zijn, beide door economische motieven gedreven, tot elkaar veroordeeld. Tussen de Europese toean besar en de inlandse koelie, nauwelijks meer dan slaaf, bestaat echter een wereld van verschil. “Het geld viel van den heemel” voor de Europeaan. Voor de koelie bleef er weinig over.

De omstandigheden waaronder de inlandse koelies op de plantages moesten werken waren verschrikkelijk. Velen deserteerden. Degenen die bleven raakten vaak gok- en drankverslaafd. Hoe anders was het voor de Europese planters: in de tijd waarin het boek speelt profiteerden velen van de rubberindustrie. “Iedere boerenpummel uit Holland” zo vertelt de inleiding in het programmaboekje “kon in een paar jaar miljonair te worden”. In de voorstelling wordt het verschil nog eens benadrukt door de witte tropenpakken van de Europeanen en de donkere kleding van de koelies.

Pak Karmo!

Is de veerman er weer niet?

Altijd deze tergende traagheid!

Altijd deze tergende sloomheid!

Schiet op verdomme, de toean besar wacht op mij.

Saja toean, saja

Tabeh toean, tabeh

Rubber is een mooie en dynamische voorstelling. Het verhaal wordt verteld door een spreekster, die de schrijfster Székely-Lulofs speelt. De korte teksten uit het boek zijn prachtig, maar doordrenkt met het koloniaal gedachtegoed van toen. Op schermen komen ondertussen beelden uit de film en passages uit het boek voorbij. Maar het kloppend hart van de voorstelling is het koor dat de verschillende groepen uitbeeldt: koelies, planters, njais, Europese vrouwen en bedienden. Een liveband speelt de muziek, aangevuld door soundscapes met geluiden uit Indonesie.

Componiste Sinta Wullu, zelf uit Indonesie afkomstig, maakte de muziek voor de productie. Na de voorstelling vertelt ze dat ze zich naast door het boek, vooral liet inspireren door het Indonesiche landschap en de Indonesische muziek, zoals gamelan en krontjong. Mede door de bijzondere composities van Sinta Wullu is de voorstelling erg de moeite waard. Met een kleine budget en slechts een handvol voorstellingen in Den Haag en Amsterdam bereikte het echter maar een klein publiek. En dat is jammer. Hoewel als zangvoorstelling misschien minder toegankelijk, het had zeker een groter publiek verdiend. De al dan niet schijnbare tegenstellingen tussen Oost en West zijn immers nog altijd actueel.

Tip: geen tijd voor de voorstelling, maar wel benieuwd naar het verhaal? Bestel dan via Indisch 3.0 het boek

of de dvd!

Ga met Indisch3.0 naar pindaKAAS light en win!

I3 meeting op de TTF, 2010. Foto: Bas de Meijer

Vind je het leuk om samen met Indisch3.0 naar pindaKAAS Light te gaan? Geef je dan via ons op. We mogen onder de aanmeldingen een vrijkaartje verloten en een verrassingspakket. Dus wacht niet langer en verzeker je van toegang tot een feestelijke culturele avond gevuld met muziek, film, theater, kunst en natuurlijk: heerlijk eten.

Aanmelden?
Wil je meedingen naar deze prijzen en samen met Charlie, Ed, Kirsten, Patrick, en Ulrike de light-editie van pindaKAAS meemaken? Geef je dan nu op via melati74@gmail.com (met vermelding van je naam, adres en aantal kaarten). Het geld van de ticket(s) a 15,- maak je over naar rekeningnummer: 486596486 tnv U. de Wreede te Alkmaar ovv Ticket pindaKAAS light en  je naam. De betaalde kaarten kunnen bij de kassa opgehaald worden. De winnaar van het vrijkaartje krijgt ter plekke zijn of haar geld terug. Meer informatie over het verzamelen ontvang je in de bevestigingsmail nadat je je hebt aangemeld!

Samen eten?
Voor degenen die ook graag met ons mee eten; er zijn nog maar enkele plaatsen beschikbaar voor het diner,dus wees snel! De maaltijd wordt vanaf 17:00 geserveerd (Graag op tijd aanwezig zijn!). De kosten van deze kaarten (toegang inclusief een heerlijke maaltijd bereid door Agus Hermawan van Restaurant Blauw) zijn 35,- per stuk. Vermeld hierbij of de voorkeur naar vlees, vis of vegetarisch uitgaat.

pindaKAAS light, 25 september 2010, 19.00 – 01.00 uur (eten vanaf 17:00 uur), Scheltema Complex, Leiden

Indisch 3.0 op PindaKAAS Light 25-9-2010

Indisch 3.0 op PindaKAAS Light (25-9-2010)

De mensen van PindaKAAS zijn keihard aan het werk om op 25 september a.s. een geweldig programma neer te zetten. Deze light-editie van het PindaKAAS Festival organiseren zij voor, in hun eigen woorden: “Nederlandse jongeren, en in het bijzonder de derde generatie met een Indonesische * achtergrond en iedereen met een voorliefde voor het Indonesië van nu.* Indisch, Moluks, Javaans, Indo, Javaans Surinaams, Indisch Chinees of Campur Aduk”. Indisch 3.0 wil daar graag aan bijdragen.

Op 25 september vindt in Scheltema, centrum voor actuele kunst in Leiden, de tweede editie plaats van pindaKAAS, pindaKAAS Light: een multicultureel, avondvullend programma voor en door Nederlandse jongeren met wortels in Indonesië, met muziek, theater, moderne dans, film, poëzie en beeldende kunst.

Geen zware kost, maar fusion cooking, geen Tempo Doeloe, maar cool en actueel. Kortom: een lange, zwoele avond genieten van het beste dat er op dit moment wordt gemaakt op het gebied van muziek, dans, theater en beeldende kunst in relatie tot het moederland Indonesië. In deze geest zal Kirsten Vos van Indisch 3.0 een discussie leiden over de verbindende kracht – of niet – van dit moederland. O ja, en in tegenstelling tot wat het PindaKAAS-programma vermeldt, zal Merah helaas niet zijn – nu al legendarische  – petjoh-act opvoeren.

Naast een bijdrage leveren aan het programma, zullen Charlie, Ulrike, Kirsten en Ed aanwezig zijn om live te bloggen & te tweeten (#indolink) over PindaKAAS en te ontdekken welke nieuwe jonge Indische talenten een bijdrage willen leveren aan Indisch 3.0. Vind jij het leuk om je op freelance-basis bezig te houden met de Indische cultuur, door erover te schrijven, filmen, fotograferen, editen of op te treden? Kom dan naar onze stand op PindaKAAS Light!

PindaKAAS Light, 25 september 2010, 19.00 – 01.00 uur
Centrum voor actuele kunst Scheltema, Marktsteeg 1, 2312 CS LEIDEN
Kaarten bestellen van 15 euro of 35 euro inclusief Indonesisch diner (17.00 – 19.00 uur) kan op de website van PindaKAAS. Meer weten? Ga naar de PindaKAAS-website of bel met Willeke Colenbrander 06-21864117 en Lotte Loos 06-14527920.