Oproep: lezers van Asta's Ogen of Een Meisje van Honderd!

Mijn naam is Gwen en op dit moment  volg ik de onderzoeksmaster Comparative Literary Studies aan de Universiteit Utrecht en ben ik bezig met mijn afstudeeronderzoek. Ik zoek mensen (2.0 en 3.0) die Asta’s ogen van Eveline Stoel of Een meisje van honderd van Marion Bloem gelezen hebben.

Collectief geheugen

Mijn scriptie gaat over cultural memory (collectief geheugen) van tweede en derde generatie Indo. Met het oog op collectief geheugen onderzoek ik twee romans die als plaatsen van herinnering gezien kunnen worden. De romans die ik gebruik zijn als het ware een soort monumenten. Belangrijk voor mijn scriptie is hoe de romans bij de lezer ontvangen worden. Hiervoor ben ik op zoek naar uitgebreide reacties van tweede en derde generatie Indo’s.

Het verhaal van de Indo

Asta’s ogen van Eveline Stoel is het uitgangspunt van mijn onderzoek. Wat mij bij deze roman opviel, als boekverkoopster en in mijn eigen familie, is dat deze roman vaak doorgegeven wordt aan een volgende lezer omdat het boek het verhaal van de Indo zo goed vertelt. De roman functioneert op deze manier als een soort geschiedenis die doorgegeven wordt. Ik wil deze observatie in mijn afstudeeronderzoek verder uitwerken.

Welke impact op de lezer hadden de twee romans?

Ik vergelijk Asta’s ogen met het boek Een meisje van honderd van Marion Bloem, dat volgens mij ook potentie heeft om zo te functioneren en ik wil de impact van deze twee romans op de lezer verder onderzoeken.Heb jij een van deze boeken gelezen? Dan kun je mij helpen!

Zou je antwoord kunnen gegeven op de volgende vragen?

  1. Ben je Indo? Zo ja, welke generatie? En wat is je link met Indonesië en Nederlands-Indië?
  2. Waarom ben je Asta’s ogen van Eveline Stoel en/of Een meisje van honderd van Marion Bloem gaan lezen?
  3. Had je een gevoel van (h)erkenning? (leg uit)
  4. Sluit het boek aan bij jouw beleving van ‘Indisch’ zijn?
  5. Speelt je achtergrond mee bij het lezen van het boek en zo ja hoe?
  6. Houdt het boek de herinnering van het Indische verleden in stand en is het een roman die je zou doorgeven om die reden?
  7. Wat vond je van het boek?

Laat je reactie achter in de comments of stuur een e-mail naar: G.KerkhofMogot@students.uu.nl

Heel erg bedankt!

Hartelijke groet van Gwen

Ngroblog: Uit de comfort zone

Ik hou van n beetje saai, van degelijk, voorspelbaar, vertrouwd, herkenbaar. Ik vind het fijn als de dagelijkse dingen gaan, zoals ik ze verwacht. Vaste routine, dito patronen. Het voelt veilig. Senang. Met andere woorden, alles dat niet aan bovenstaande zaken beantwoordt, verstoort. Handelingen, gebeurtenissen, die afwijken van de dagelijkse routines interrumperen het gelukzalige gevoel van senang zijn.

Waarom zou ik dat doen? Wat zou het me kunnen brengen? Spanning, onzekerheid, kwetsbaar, onveilig, onbekendheid. Allemaal dingen die ik niet prettig vind. Afkeuring, afwijzing, nog meer onzekerheid, weg is het gevoel van senang! Het voelt als vroeger op een Moluks feest, in een grote kring staan. Iedereen die kijkt naar de lege dansvloer en de band speelt toch echt jouw favoriete nummer. Maar… wie durft? Wie stapt die ring in en breekt de ban?

Een usi zus of zo stapt in, trekt giechelend en aarzelend een vriendin mee en samen dansen ze het liedje uit. De rest kijkt toe, wacht af, de één zie je aarzelen, de ander lacht wat schamper voor zich uit. De beweging oogst beurtelings afkeuring, bewondering, een glimlach en soms zelfs een medestander. Vandaag stap ik de kring in.  Het platform Indisch 3.0. Ik zal hetzelfde oogsten als die ene usi die de leegte betrad.

Het verlaten van de comfort zone betekent een belangrijke stap.

Het vergroot de zichtbaarheid. Dat is wat 3.0 voor mij inhoudt. De eerste generatie Molukkers is er nagenoeg niet meer. De tweede generatie nadert het einde. Hoe kunnen 3.0 generatiegenoten hun zichtbaarheid vergroten?
Het verlaten van de comfort zone. Die is voor iedereen anders. Voor de een betekent het begin van een eigen bedrijf, de ander een nieuwe baan, een vertrek uit de wijk, voor mij betekende het recent de moeizame relatie met mijn vader herstellen en vorig jaar het uitbrengen van mijn boek. En nu… bloggen op Indisch 3.0.
Mmm… ik voel me best senang.

En jij?

Kwetsbaarheid als kracht, uit de comfort zone

 

 

 

 

Recensie: Liever Lombok

Recensie Liever Lombok

‘Sorry, San. Ik ben wat langer in Senggigi gebleven,’ zei Liza. Ze praatte zachtjes voor het geval de nieuwsgierige Indonesiërs die zich alweer achter het hek hadden verzameld, ineens heel goed Nederlands bleken te kunnen. Indonesië was vroeger een Nederlandse kolonie geweest en er waren best wat woorden die in beide talen hetzelfde, zoals ‘handdoek’, ‘asbak’ en ‘tante’. Liever Lombok, pagina 88.

Als dochter van een succesvolle zakenman leidt Liza een luxe leventje in Amsterdam. Ze woont in een mooi statig grachtenpand en is bijna dagelijks te vinden in het bruisende Amsterdamse uitgaansleven. Met haar vriendinnen deelt ze de liefde voor uitgaan, cocktails en succesvolle mannen. Totdat zij op een ochtend door haar vader in paniek wordt opgebeld en haar leven in elkaar stort. Haar vader is failliet. In een opwelling besluit Liza om met haar oude schoolvriendin mee te gaan naar Indonesië. Daar leert ze de werkelijke waarde van geld en vriendschap kennen en vindt ze haar passie terug voor het fotograferen.

Vakantieboek

Liever Lombok is een ideaal vakantieboek dat heel makkelijk wegleest. Een echte chicklit waarin vriendschap en mannen centraal staan. Verbroken relaties, vreemdgaan en nieuwe liefdes zijn de rode draad. De hoofdpersoon is vrij oppervlakkig, maar blijkt later in het verhaal  toch meer diepgang en empatisch vermogen te hebben. Hoewel het boek speelt in Indonesië, zou het zich op enkele passages na in ieder ander Aziatisch land kunnen afspelen.

Koloniaal verleden

‘Ze dronk een beker van die smerige oploskoffie met korreltjes erin en at in sneltreinvaart twee witte boterhammen met pindakaas – dat verkochten ze tot haar grote verrassing gewoon in de supermarkt. Dat was toch een voordeel van het koloniale verleden, waar verder het liefst over gezwegen werd.’ Juist door een passage als deze word je als lezer nieuwsgierig gemaakt naar de achterliggende reden van het zwijgen. Dit wordt helaas niet verder uitgelegd, maar dat past misschien ook niet bij het genre van het boek. Dit boek moet je zeker lezen op een vrije middag tijdens deze koude dagen, lekker op de bank met een kop thee. Vooral ter vermaak, niet om de historische achtergrond.

Carlie van Tongeren © Carlie van Tongeren

De schrijfster Carlie van Tongeren heeft, net als een van de personages, vrijwilligerswerk in de kampong op Mataram, Lombok gedaan. Naast het schrijven van romans en scenario’s werkt zij ook al journalist voor onder meer NU.nl. Meer weten? Kijk op http://www.carlievantongeren.nl/

Liever Lombok. Carlie van Tongeren. Uitgeverij Zomer & Koning. Utrecht, 2012. 12,95 euro.

Emo over Indonesië

De toekomst van Indonesië volgens Adriaan van Dis en Ahmad Tohari

Ik vind dat ik als derde generatie Indo maar bar weinig over het huidige Indonesië weet. Ik wil mijn kennis over Indonesië wel vergroten, maar de pogingen die ik tot nu toe heb ondernomen, zijn niet heel succesvol geweest. Ik volg op facebook The Jakarta Post en heb wat boeken over moderne Indonesische kunst aangeschaft. En daar houdt het dan ook wel een beetje op. Adriaan van Dis, ook een Indo, heeft onlangs de documentaire reeks ‘Van Dis in Indonesië’ gemaakt, waarmee hij op een laagdrempelige manier Indonesië de Hollandse huiskamers in probeerde te krijgen. Maar ook die serie sprak me niet aan en heeft me niet veel bijgebracht.  Soms doe ik dus gekke dingen, in de hoop dat ik daarna wat meer snap van het land. Afgelopen zaterdag ging ik bijvoorbeeld naar Writers Unlimited waar de ‘toekomst van Indonesië’ zou worden besproken. 

Emo
Oke toegegeven, soms werd ik om onverklaarbare redenen wel emo door de documentaire ‘Van Dis in Indonesië ‘. Vaak door de gekste dingen. Zoals een misplaatst gevoel van heimwee toen ik een palmboom met zijn palmbladeren over de vensters van de voorbij razende trein zag glijden. Vraag me niet waarom. En ja, ik kreeg– en ik wil dit echt niet, hè – tranen in mijn ogen bij een gamelandeuntje waar iemand in het Indonesisch doorheen praatte. Maar verder vond ik de reeks documentaires gewoon een beetje irritant. Van Dis die als verwonderde Indo-Europeaan op ontdekkingsreis gaat tussen al die wonderlijke Indonesische creatures. Zijn blik is teveel: ‘Kijk eens naar die Ander! Die Ander lijkt op m’n oma! En daar word ik zo lekker melancholisch van.’ Eigenlijk blijft Indonesië ver weg. Ik wil Indonesië dichterbij.

Ahmad Tohari (c) Sarah Klerks / Indisch 3.0 2013
Ahmad Tohari (c) Sarah Klerks / Indisch 3.0 2013

De toekomst van Indonesië
Bij Writers Unlimited gaat dezelfde Van Dis in gesprek met Ahmad Tohari over de toekomst van Indonesie. Tohari is een rebel. Hij schrijft over de misstanden en armoede in Indonesië. Hij heeft branie en zegt over zijn schrijverschap: ‘Ik zal door blijven schrijven zolang als ik me boos kan maken.’ Wie houdt er niet van zo’n man? Het gesprek wordt geleid door correspondent Michel Maas en ze gaan dus niets minder dan de ‘toekomst van Indonesië’ bespreken. Misschien zal ik hierdoor eindelijk meer over het moderne Indonesie te weten komen. Ik vraag me wel af of ze in Indonesië ook discussies organiseren waarin de toekomst van Nederland wordt besproken, maar dat terzijde.

Indonesiërs zijn lief
Indonesië kwam wel een beetje dichterbij tijdens het gesprek; er waren Indonesiërs, het ging over Indonesië, er werd Indonesisch gesproken en Van Dis bekende dat hij Indonesiërs lief vindt. Het ging alleen niet over de toekomst van Indonesië. Althans, alleen Tohari sprak over de toekomst. Hij had hoop. Van Dis en Maas wilden liever over de huidige problematiek praten. Corruptie en Islam, daar moest het gesprek over gaan. Oja, en ook beetje over hen zelf: het Nederlandse koloniale bewind in Indonesië. Van Dis had Tohari’s boek Rad van de Regenboog gelezen en was in shock vanwege het vele geweld dat er in voorkomt. Van Dis, zichtbaar aangedaan: ‘Ik vind Indonesiërs de liefste mensen op de wereld. Ze lachen altijd. En dan opeens, uit het niets, kunnen ze zo gewelddadig zijn! Hoe kan dat?’ Wat dacht je hier van, Adriaan: misschien zijn het net mensen? Heb je niet net wekenlang een documentaire over hen gemaakt? Tohari antwoordde trouwens wijselijk dat de Indonesiërs gewoon een beleefd volk zijn.

Writers Unlimited (c) Sarah Klerks / Indisch 3.0 2013
Writers Unlimited (c) Sarah Klerks / Indisch 3.0 2013

West-Europees doof
Het gesprek ging uiteindelijk weinig over de toekomst. Het was meer een ongemakkelijke ontmoeting tussen Oost en West, waarin Oost graag wilde vertellen over Oost, en Oost ook wat mocht zeggen van West, maar waar er niet echt naar Oost werd geluisterd. West wilde zelf praten. Als Maas vroeg of religie een probleem is in Indonesië, en Tohari antwoordde dat religie voor hem  zijn ‘thuis’ is en Islam liefde, was Maas niet tevreden met een dergelijk antwoord. Religie was namelijk wel een probleem, volgens hem. Hij had het zelf gezien.

Naar huis
Genoeg. Ik loop terug naar het station en het is ijs- en ijskoud. Als ik het station bereik, is er weinig hersenactiviteit meer mogelijk, mijn hersenvocht is bevroren. In de etalageruit van de Starbucks zie ik de weerspiegeling van een Marokkaans meisje met Italiaanse features. Alleen is dit Marokkaans uitziende meisje een Indo. En ze vraagt zich af: wat doe ik in dit fucking koude land? Koffie uit Java schenkt verlichting. En natuurlijk wordt er in de rij van de Starbucks weer voorgedrongen door een lange Nederlandse man. Hij weet niet hoe rijen werken, zegt hij. De Indische barista zegt dat hij achteraan mag aansluiten. De Indische barista blijkt Kaapverdiaans te zijn.

Recensie: De Dubieuzen

Alfred Birney op het omslag van De Dubieuzen © www.alfredbirney.com

Levendige vertellingen van vergeten schrijvers

Alfred Birney brengt opzienbarende boeken van vergeten schrijvers aan het licht waarin het koloniale leven anders wordt omschreven dan in de bekende boeken van bijvoorbeeld Couperus en Multatuli. Geen romantische verhalen over de Gordel van Smaragd met zijn groene sawa’s en mystieke sfeer, maar levendige vertellingen over multiculturele spanningen. Een opvallende bevinding van Birney is dat de boeken geschreven door schrijvers van Indische komaf een ander, meer realistisch beeld geven van deze koloniale tijd.

Fel
In dit essay is Birney soms haast niet bij te houden. Hij vertelt fel en aan de hand van vele voorbeelden over het deel van het Indische verleden dat nieuwe Indische generaties vaak in beperkte mate wordt bij gebracht. In Birneys woorden: ‘Ontkenning van eigen rijkdom is wel de grootste armoe die er bestaat’, wat volgens hem deels de oorzaak is dat het postkoloniale debat in Nederland laat op gang kwam en niet te vergelijken is met landen als de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Problemen rondom ons huidige anti-multiculturele klimaat lijken daarom nieuw maar zijn het in werkelijkheid niet.

Alfred Birney op het omslag van De Dubieuzen © www.alfredbirney.com
Alfred Birney op het omslag van De Dubieuzen © www.alfredbirney.com

Verschillen
Vooral de passages van Dé-lilah, een schrijfster anno 1850, geven een levendige weergave van het complexe bestaan in de kolonie met zijn vele culturele en etnische groeperingen. Zeker wanneer ze vergeleken worden met passages uit boeken van Nederlandse schrijvers van die tijd zie je het verschil. Hieruit blijkt dat Nederlandse schrijvers vaak niet in staat waren om aangelegenheden die voor de Nederlandse cultuur vreemd waren, duidelijk en tegelijkertijd zonder racistische ondertoon uit te leggen, terwijl Indische schrijvers zich hier op respectvolle wijze een weg door baanden. Dat Birney de verklaring hiervoor vindt in het feit dat Indische Nederlanders zich verbonden kunnen voelen met beide zijden van hun roots lijkt me een logische gedachte.

“Ontkenning van eigen rijkdom is wel de grootste armoe die er bestaat”

Dubieus karakter
Ook bespreekt Birney hoe Indische mensen zich toen, maar zeker ook nu, in een spagaat kunnen bevinden. De karakters in de voorbeelden kunnen verkeerd begrepen worden doordat hun uiterlijk en aangenomen instelling niet met elkaar stroken. Het is immers mogelijk dat Indische mensen een heel licht dan wel donker voorkomen hebben, terwijl ze zich meer verbonden voelen met het tegenovergestelde. Dit is ook precies wat hen in verhouding tot de samenleving een dubieus karakter geeft.

Wake up call
Dit boek is voornamelijk een ‘wake up call’ en vraagt de lezer om kritisch en nieuwsgierig te zijn en blijven over ons koloniale verleden. Met dit scherp geschreven essay is Birney recht voor zijn raap, maar blijft hij respectvol tegenover alle verschillende mensen, een zeer prijzenswaardige eigenschap. Wat dat betreft sluit hij zich aan bij de schrijvers die hij opnieuw heeft geïntroduceerd bij het Nederlands publiek.
De Dubieuzen erkent de frustratie onder veel Indische Nederlanders over het soms lage niveau van kennis bij de gemiddelde Nederlander over zijn eigen koloniale verleden. Daarom is het boek iedereen aan te raden die klaar is voor kritiek op de literatuur die het koloniale tijdperk beschrijft. Deze mag dan wel op literair niveau van hoge kwaliteit zijn, volgens de schrijver wordt je echter meegenomen naar een mysterieuze droomwereld in plaats van 100 jaar terug in de tijd.

De Dubieuzen. Alfred Birney. Knipscheer Publishers, Haarlem 2012. 18,50 euro.

 

Recensie: Een meisje van honderd

Een hartverwarmend verhaal dat doet verlangen naar een ongekend land

Tijdens het lezen van de eerste pagina van Marion Bloems roman Een meisje van honderd bevind ik me als stille getuige in het Nederlands-Indië van 1906. Ik kijk mee over de schouders van hoofdpersoon Moemie en andere personages die in dit verhaal een bijdrage leveren aan 100 jaar familiegeschiedenis. Met het lezen van dit boek hoop ik het gemis van nooit (of half) vertelde verhalen op te vullen.

Helderziende gave
Het verhaal begint met een aangrijpende gebeurtenis; de rituele zelfmoord van de koninklijke familie op Bali waarbij Moemie als baby van nog geen jaar haar familie kwijtraakt. Nadat een Nederlandse soldaat ontdekt dat ze nog leeft, komt Moemie in Semarang (Java) terecht. Steeds op een andere plek, eerst bij een weduwe met kind, daarna in een klooster. Al snel wordt duidelijk dat Moemie een gave heeft. Ze kan praten met geesten van overledenen, in visioenen of dromen, wat haar uiteindelijk bij het gezin van weduwe Van Maldegem brengt. Dit gezin neemt Moemie in huis om de geesten in huis te verjagen. Ook willen mensen Moemie’s advies omdat zij toekomstbeelden ziet. Zo kan zij zien of een echtgenoot trouw is, een familielid is overleden of welk noodlot iemand te wachten staat. Haar helderziendheid beperkt zich niet alleen tot persoonlijke adviezen of contact met individuen. Ook heeft ze visioenen van de Balinese vulkaan Merapi die zal uitbarsten en zelfs van de Twin Towers ramp.

Oorlogs- en bersiaptijd
In een groot deel van het boek wordt een beeld geschetst van Nederlands-Indië ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, de bersiaptijd en de politionele acties. Marion Bloem heeft die periodes pijnlijk goed weergegeven. Bijvoorbeeld in de passages waarin Moemie slachtoffers van het geweld ziet, tijdens haar werk als verpleegster, of in een van haar visioenen: ‘Ze wordt een van vele slachtoffers die zich tegen die overmacht niet kunnen verdedigen. Ze vallen haar van alle kanten met scherpe voorwerpen aan. De gezichten van de aanvallers kenmerken zich niet door afkomst, maar door haat, en de behoefte om te doden.’

Marion Bloem © Ivan Wolffers
Marion Bloem © Ivan Wolffers

Familie
Naast de geschiedenis van Moemie, krijgen we ook inzicht in de levens van de nakomelingen van het pleeggezin waarin zij is opgegroeid. Het perspectief wordt om het hoofdstuk afgewisseld, wat de spanning flink opbouwt. In een hoofdstuk over pleegnichtje Charlotte leer je iets over een gek geworden tante. In een later hoofdstuk waar het perspectief bij Moemie ligt, wordt pas duidelijk hoe dat is gekomen. Op deze manier prikkelt Bloem mijn nieuwsgierigheid. Het boek leg ik het liefst niet meer weg. Ik wil er snel doorheen om meer te weten te komen, en tegelijkertijd hoop ik dat er geen eind aan het verhaal komt.

Kleurrijke beschrijvingen
Bloems kleurrijke beschrijvingen spreken sterk tot de verbeelding.  Ze neemt de lezer mee op reis door de tijd en laat de ontwikkelingen van Nederlands-Indië naar het hedendaagse Indonesië zien. Soms heeft ze een sfeer zo krachtig neergezet dat die bijna beklemmend is. Daarnaast worden veel herkenbare, gezellige momenten van een hechte familie beschreven, waarbij pianomuziek bijna hoorbaar is vanaf de pagina’s. Een meisje van honderd brengt een land dat ik niet kende, hartverwarmend dichtbij.

Voor wie?
Dit boek is vooral een aanrader voor degenen die weinig tot niets weten van hun familieverhalen. Marion Bloem zet een goed tijdsbeeld neer en zorgt voor net wat meer bewustwording van het Indische verleden. Soms is dat hard en confronterend, maar belangrijk als je geïnteresseerd bent in je roots. Na het lezen van dit boek begrijp ik het zwijgen van de eerste generatie veel beter.

Een meisje van honderd. Marion Bloem. De Arbeiderspers. Utrecht, 2012. 19,95 euro.

Soerabaja: Traag, maar indrukwekkend overlevingsverhaal

Boekrecensie: Soerabaja van Pauline Slot

Soerabaja is een roman gebaseerd op historische feiten. Soerabaja verscheen  op 19 oktober 2012 bij De Arbeiderspers, auteur Pauline Slot debuteerde in 1999 met de roman Zuiderkruis. Reizen en de complexe verhoudingen tussen mensen zijn terugkerende elementen in haar oeuvre, zo ook in SoerabajaEen pasgetrouwd Nederlands stel vertrekt naar Indië, waar ze elkaar door de oorlog kwijtraken. Is dit verhaal – geschreven vanuit de belevingswereld van een ‘oorlogsoverlevende’ – interessant voor 3.0’ers? Soerabaja  vertelt het verhaal van een pasgetrouwd Nederlands stel dat, zonder familie, naar Indië vertrekt, met verstrekkende gevolgen. Het begint in Den Haag, waar Bep en Henk elkaar ontmoeten  in de jaren dertig van de vorige eeuw. Vanuit het perspectief van de jonge vrouw Bep, krijgen we in een briefwisseling  met de familie in Nederland  een gedetailleerd beeld van een andere tijd.

Als Henk Japans krijgsgevangene wordt, wordt Bep een vechter.

Heimwee
Bep wil eigenlijk niet naar Nederlands-Indië vertrekken. Het frustreert haar dat ze als pasgetrouwden nauwelijks van ‘hun huishoudentje’ hebben kunnen genieten.  Toch is het voor Henks carrière het beste en ze gaan. Na een aantal jaar in Indië krijgt het stel kinderen, wat Bep iets te doen geeft. Ze voelt zich vaak eenzaam als Henk van huis is voor zijn werk en hoopt dat ze gauw verlof krijgen om terug  naar Nederland te gaan. Maar dan breekt de oorlog uit en wordt Bep’s verlangen naar Nederland naar de achtergrond verdrongen. Op het moment dat Henk Japans krijgsgevangene wordt, ontpopt Bep zich als vechter. Er volgt een verslag van beiden over de onzekerheid van hun bestaan in kampen, transporten met ‘bestemming onbekend’, en marcherend tot er doden vallen.

Gedateerd taalgebruik
Door het  gedateerde taalgebruik in de brieven vind ik het aanvankelijk lastig om me in Bep te verplaatsen, maar het went wel. Ook  komen er veel namen van familieleden, buren, straten en locaties  voorbij, waardoor het even duurt voordat ik echt in het verhaal zit. Gelukkig blikt Bep in haar eigen commentaar op de brieven  af en toe vooruit, en dit maakt dat je wilt lezen. In het deel van Soerabaja  waarin Bep over de gelukkige tijd in Malang vertelt,  krijgt de lezer subtiele aanwijzingen dat de verhouding tussen de Nederlanders en de Indische bevolking niet onbeladen was: ‘We hadden Beppie een paar centen gegeven om in haar beursje te bewaren en die probeerde ze vaak aan Kokkie te geven, zoals ze mij zag doen. Ook daarover hadden kokkie en Kasan veel plezier, al lette ik er wel op dat Kokkie haar de muntjes weer teruggaf.’ Zonder er veel woorden aan te besteden is het duidelijk dat de verschillende bevolkingsgroepen elkaar in het koloniale Nederlands-Indië niet altijd vertrouwden.

Het  gedateerde taalgebruik maakt Soerabaja aanvankelijk lastig leesbaar.

Leven in twee werelden
Bep schrijft dat ze leefde in twee werelden: een tastbare en een verbeelde, waarbij ze doelt op haar eigen leven in Indië en dat van de familie in Nederland. Maar waar Bep haar best doet met haar brieven in de belevingswereld van haar familie in Nederland aanwezig te zijn, zoekt ze geen toenadering tot de tastbare wereld waarin haar Kokkie, Kasan en de andere personeelsleden leven. Later, in Soerabaja,  wanneer ze de kampong in is gevlucht, zal ze opmerken dat het ‘de enige keer [is] dat we in Indië te midden van Indonesiërs leefden’.

Traag
De neiging van de auteur om correct te zijn in de historische feiten hindert in het begin de vaart van het verhaal. Aan het slot van het boek blijkt pas dat de auteur volledig recht heeft willen doen aan de – waargebeurde – geschiedenis. Ik vind het jammer dat de uitgever voor ‘roman’ op het omslag heeft gekozen, in plaats van ‘historische roman’. Hierdoor moest ik mijn verwachting van het boek al lezend bijstellen en stoorde het mij dat er zoveel met details werd gestrooid. Toch loont het om door te lezen. Veel 3.0’ers zullen hun (groot) ouders herkennen in de passages over dochter Beppie, die als volwassene een dagtaak heeft gemaakt van het hamsteren en opslaan van etenswaar. Maar ook de stilte van oudere familieleden over het kampverleden zal bekend voorkomen.

Soerabaja. Pauline Slot. De Arbeiderspers.  Utrecht, 2012. 18,95 euro. 

Pauline Slot © Erik Smit
Pauline Slot © Erik Smit

De Engel van Kebayoran: roman of geschiedschrijving?

Engel-kebayoran Louis Zweers

In tegenstelling tot eerdere publicaties van Louis Zweers, zelfstandig kunst- en fotohistoricus en publicist over Nederlands-Indië/Indonesië, behoort De engel van Kebayoran tot literaire non-fictie, wat dit boek maakt tot zijn debuutroman. Op zoek naar het verhaal voor deze roman en de achtergrond van zijn familie reist Zweers af naar zijn nicht Lily in Bandung, Indonesië. Aan de hand van ontmoetingen met verschillende personen die een belangrijke schakel vormen in de geschiedenis van de familie maakt de auteur een reis door de tijd van het voormalig koloniale Indië tot het Indonesië van nu.

Louis Zweers. Bron: http://www.erasmusmedia.net/master/docenten_profiel_zweers.htmNa de soevereiniteitsoverdracht van Nederlands-Indië in december 1949 vertrekken volgens Zweers bijna 200.000* (Indische-)Nederlanders naar het moederland. Tegen deze stroom in vertrekt Lily, een achttienjarige blonde Hollandse jongedame, in de zomer van 1951 richting Indonesië om de liefde van haar leven achterna te gaan.

In Indonesië gaan in verloop van tijd de antiwesterse ideeën van Soekarno  dusdanig ver dat er geen Europeaan meer veilig is en er een grote uittocht op gang komt waarin de laatste tienduizenden Nederlanders Indonesië uit veiligheidsoverwegingen verlaten. Uiteindelijk is er bijna geen blanke meer te bekennen op Java. Lily’s echtgenoot, Raden Amir, raakt zelf ook steeds meer in de ban van de nieuwe politiek leider Soekarno en ook hun kinderen beginnen zich af te zetten tegen hun ‘blanke’ achtergrond, maar daar laat Lily zich niet door ontmoedigen. Ze heeft gekozen voor Indonesië en haar Amir en daar blijft het bij. Ze is vastberaden om haar (gezins-) leven te doen slagen in Indonesië. Een turbulent leven in de tropen volgt.

Het verhaal is boeiend, dat zeker. Het brengt herkenning met zich mee en roept daardoor vragen op over hoe de situatie voor onze voorouders zou zijn geweest in die tijd, of het vergelijkbaar was met de situatie van Lily en Amir, en hoe het zou zijn als zij net als Lily in Indonesië waren gebleven en wij ook daar opgegroeid zouden zijn in plaats van hier in Nederland. Een Indische familie staat centraal die je op een (voor Indische begrippen) uitzonderlijk persoonlijke wijze meeneemt door een Nederlands-Indische geschiedenis over een periode van pakweg twee eeuwen lang. En daar ligt precies het punt waarom het boek als een roman toch niet heeft kunnen pakken. De grote hoeveelheid aan feiten, jaartallen en de vakkundige behendigheid waarmee de familie in de historische context wordt geplaatst doet af aan het verhaal van de familie zelf waardoor het de lezer moeilijk wordt gemaakt zich mee te laten voeren door de hoofdpersonen in deze roman.

Aan de hand van ontmoetingen met verschillende personen die een belangrijke schakel vormen in de geschiedenis van de familie maakt de auteur een reis door de tijd van het voormalig koloniale Indië tot het Indonesië van nu. Elk persoon heeft een eigen verhaal en neemt een speciale plek in in de geschiedenis van de familie, welke met academische precisie worden ingebed in de historische context van het postkoloniale Indonesië. Juist nu de historische context hét kader biedt voor deze roman is het van essentieel belang dat de gebeurtenissen, jaartallen en aantallen die worden genoemd correct zijn. Dat er bijna 200.000 (Indische-)Nederlanders na de soevereiniteitsoverdracht in 1949 naar Nederland zijn gekomen ligt wat aan de hoge kant als je nagaat dat er in die periode rond de 81.000 repatrianten werden geteld.*

Toch is De engel van Kebayoran veel meer dan een geschiedschrijving alleen. Ondanks de fragmentarische informatie die er over de familie voor handen is, komt door de academische vaardigheden van Zweers een nauwkeurig gereconstrueerde familiegeschiedenis tot stand waarin alle gebeurtenissen, verhalen en personen een eigen plek krijgen in het geheel. Het beeldende taalgebruik van Zweers laat je de dingen zien door zijn ogen. Door zijn oren hoor je het geruststellende gesjirp van de krekels op de achtergrond. Hij laat je voelen, ruiken en proeven en geeft een stem aan het uitzonderlijke levensverhaal van Lily, haar voorouders en haar kinderen te midden van een turbulente geschiedenis in het voormalig Nederlands-Indië tot het Indonesië van nu. Hij geeft een stem aan De engel van Kebayoran.

*Noot  van de redactie: de door Zweers genoemde aantallen komen opmerkelijk genoeg niet overeen met het totale aantal van (bij benadering) 300.000 repatrianten waar de meeste historici in Nederland het over eens zijn, of met het aantal repatrianten dat in 1949 vertrok.

Bestel het boek via Van Stockum en steun Indisch3.nl!

Intieme presentatie Zwarte huid, oranje hart

Fotograaf Armando Ello signeert

Vijf jaar hebben journalist Griselda Molemans en fotograaf Armando Ello aan het boek Zwarte huid, oranje hart gewerkt, in Nederland, maar ook in de VS, Indonesië, Canada en Suriname. Gisteren presenteerden zij in het Nationaal Archief (Den Haag) hun indrukwekkende bevindingen aan zo’n 150 gasten, inclusief vier Ghanese chiefs. De foto’s en verhalen gaven me kippenvel, maar vooral het gevoel dat Indo’s inderdaad kosmopolieten zijn, als ze dat willen.

Het KNIL heeft tijdens de Nederlandse aanwezigheid in Indonesië duizenden Afrikaanse soldaten ‘gerekruteerd’. Hun nazaten heten belanda hitams (zwarte Hollanders), of Indo-Afrikanen. Ze hebben zich, na de soevereiniteitsoverdracht in 1949, verspreid over de hele wereld. De aanleiding voor het bijna 300 pagina’s tellende boek was de zoektocht van Griselda Molemans naar haar eigen wortels: “Ik dook in de stamboeken van het KNIL en las over mijn overgrootvader, zelfs hoe hij eruit zag stond erin. Ik zocht door en vond prachtige verhalen. Hier smul ik van.”

Terwijl foto’s voorbij flitsen, vertelt Molemans: “De Indo-Afrikanen waren erg oranje-gezind. Hun kinderen kregen puur Hollandse namen, zoals Beatrix en Juliana. “Een bijzonder verhaal is dat van deze Indo-Afrikaan, Willem Najoersie. Hij zat bij het KNIL in Salatiga. Hij was blijkbaar niet blij met zijn achternaam en heeft permissie gevraagd om zijn naam te mogen veranderen. In? Niks! (lachend) Ja, hij is dus de geschiedenis ingegaan als Willem Niks.”

Ook hebben Ello en Molemans de nazaten van de Ghanese prins Kwasi Boachi weten te traceren, bekend geworden na het boek de Zwarte met het witte hart (Arthur Japin, 1997). Van de vier kinderen bleek de jongste zoon, Dominic, de “schatbewaarder van de familiegeheimen te zijn”, in de woorden van Molemans. Hij bleek zich bewust te zijn van de vele etnische wortels in zijn bloed. “Dominic moest een keer in een formulier aangeven wat zijn genetische afkomst is, Pacific, African, Indian, enzovoort. Dominic heeft, vertelde hij, toen alle boxjes aangevinkt. ‘Niemand begreep er iets van’, zei hij, ‘maar ik wel. Ik ben alles.’”

Voor het Nationaal Archief is een project zoals dit een manier om de archieven tot leven te wekken, benadrukte directeur Ingrid Gerritse. Daar zijn Molemans en Ello wat mij betreft volledig in geslaagd.

De foto’s van Armando maakten instemmende reacties en gejuich los – van mensen die zichzelf op het grote scherm geprojecteerd zagen. Op de achtergrond speelt Remember me van James Intveld.

Indisch 3.0 partner van Van Stockum

Enthousiasme of niet, geld is ook voor ons een noodzakelijk kwaad. Een weblog moet zichzelf op termijn kunnen bedruipen, wil het kunnen groeien. Op dit moment is daar bij Indisch 3.0 nog lang geen sprake van. De afgelopen twee jaar zijn we vooral bezig geweest met het opbouwen van een goede reputatie door sterke stukken te plaatsen. Nu pas komen we toe aan die andere vraag: hoe gaan we dit financieren?

Eerste partner van Indisch3.0: Haagse boekhandel Van Stockum. Foto: images.VanStockum.eu

Daarom zijn wij op zoek naar financiële partnerships waarbij wij niet onze redactieformule of onafhankelijkheid hoeven op te geven. De eerste keuze is gevallen op de Haagse boekhandel Van Stockum. Deze winkel staat in Den Haag bekend om haar uitgebreide collectie Indische en Indonesische boeken. Het is bijvoorbeeld een van de weinige zaken waar je Moesson los kan kopen, ze bieden regelmatig lezingen aan over Indische onderwerpen en staan jaarlijks met hun Pasar Boekoe op de Tong -Tong Fair (Pasar Malam Besar op het Malieveld).

Bestel je vanaf vandaag een boek of een luisterCD via onze website, dan krijgen wij daar een kleine commissie voor. Wil je ons steunen in wat we doen, bestel je boeken dan via Indisch3.0. Heb jij je boek dat je toch al wilde kopen, wij een begin voor ons imperium (ahum), zonder dat het je iets extra’s kost. Boeken kopen via ons kan op twee manieren. Allereerst vind je onderaan onze recensies, waarin we net zo kritisch als altijd blijven, een bestel-mogelijkheid op de Van Stockum-website. Daarnaast kan je via onze site de nieuwste boeken bekijken die uitkomen over Indië en Indonesië in de Indisch3-bieb (aangepaste vormgeving).

Heb jij een tip voor een nieuw partnership voor Indisch3.0? Reageer dan op deze post, tweet het @indisch3 of mail ons op redactie@indisch3.nl.