Ngroblog: Indische Muziek

Krontjong

Elke dag zit ik zo’n twee uur in de trein, om van huis naar mijn naar mijn werk te komen en weer terug. Zoals zoveel mensen die in een trein zitten lees ik een krantje, kijk om mij heen én luister ik naar muziek. Op mijn telefoon staat veel verschillende muziek, hardrock, jazz, pop, Indo-Rock en jawel; Krontjong.  We kennen denk ik allemaal wel de krontjongmuziek met nummers als; “Waarom huil je toch Nona Manis”, Nina Bobo, “Bengawan Solo” etc.   Deze muziek heeft wat mij betreft een heerlijke ‘Indische sfeer’ die mij doet denken aan een lekkere rijsttafel, vakantie naar Indonesië, sawa’s, Indische verjaardagen en gamelan. Maar het heeft ook iets oubolligs.

Wouter Muller
Het is nu zo’n 8 jaar geleden dat ik mij meer ben gaan verdiepen in de Indische geschiedenis van mijn familie van mijn moeders kant.  Gelukkig heeft mijn opa zijn verhaal op papier gezet en kan ik lezen hoe zijn leven in Nederlands-Indië er uitgezien heeft.  Maar soms vraag ik mij wel af  wat er nu voor gezorgd heeft dat ik zo bezig kan zijn het Indische verleden. Een eenduidig antwoord hierop heb ik niet. Wat ik wel weet is dat ik getriggerd ben door één Indische singer/songwriter waar ik de afgelopen jaren al veel naar heb geluisterd en zijn teksten als  inspirerend, leerzaam en ontroerend beschouw.  Enkele jaren geleden kwam een Nederlandse tante van mij met een CD aanzetten van Wouter Muller. Ze had de CD gekocht op de Pasar Malam Besar (huidige Tong Tong Fair).  Ze had er een paar keer naar geluisterd en dacht dat mijn moeder er mogelijk ook belangstelling voor zou hebben. Uiteindelijk is de CD bij mij terecht gekomen en heb ik hem helemaal grijsgedraaid.

Indisch Hart
Indisch Hart is de eerste CD die ik van Wouter Muller heb beluisterd.  De Nederlandstalige nummers van Wouter bevatten diverse thema’s die vooral voor de eerste en tweede generatie indo’s herkenbaar zijn maar juist voor de derde generatie indo’s interessant.   Het zijn thema’s als het verliezen van het geboorteland, overleven in het vrouwenkamp, het ‘Indisch zwijgen’ maar ook over de toekomst in Nederland. Thema’s waar veel derde generatie indo’s vragen over hebben dus.  De teksten van Wouter hebben mij aangespoord meer te gaan lezen over Indië en hebben mijn interesse in mijn persoonlijke Indische roots alleen maar vergroot. Dus wil je wat leren, ontroerd raken of gewoon naar lekkere muziek luisteren, dan is de muziek van Wouter Muller zeker de moeite waard.

 

Onder de radar

De tijd dient zich aan, leent zich ervoor.
De scholen zwaaien de kinderen uit. De koffers en tassen worden de auto’s ingepropt, caravan volgestouwd met proviand. Deze doorgaans twee maanden verdwijnt Nederland en masse onder de radar. We zijn halverwege het jaar.
De tijd leent zich ervoor, om de balans op te maken.
Ben je tevreden over de eerste zeven maanden van het jaar? Heb je gedaan wat je wilde doen? Welke doelen heb je bereikt en welke liggen er in het verschiet?

Zijn je dromen reëel of ideëel? Liggen ze binnen handbereik of is het puur symboliek?
De afgelopen maanden heb ik verschillende mensen mogen spreken voor mijn tweede boek ‘DroomPLEK’. De belangrijkste boodschap wil ik u niet onthouden tijdens het zomerreces. Als je een droom wilt realiseren, formuleer deze zodanig dat het binnen je bereik komt te liggen. Maak keuzes, kill your darlings! Anders komen dromen namelijk niet uit!

Prettige vakantie!

Ngroblog: Verbod op alcohol Indonesië

De verkoop en distributie van alcohol kan worden verboden in sommige delen van Indonesië nadat Islamitische hardliners hebben gewonnen in het hooggerechtshof, meldt thejakartaglobe.com

Sommige lokale overheden, waar islamitische hardliners invloedrijk zijn, hadden wetten geïntroduceerd waarmee een verbod op de verkoop en distributie van alcohol kwam. Echter konden deze nooit worden afgedwongen door een presidentieel decreet uit 1997. Dat decreet verbood lokale overheden om zelf regels te stellen aan de verkoop van alcohol.

Onlangs is een prominente islamitische groepering, het Islamitische Verdedigers Front (FPI), er in geslaagd om dat besluit teniet te doen in een zaak bij het hooggerechtshof. Het hof vaardigde de uitspraak medio juni, maar het werd pas openbaar gemaakt in de afgelopen dagen.

Woordvoerder Ridwan Mansour vertelde tegen persbureau AFP: “Het Hooggerechtshof heeft de door het FPI ingediende zaak aanvaard omdat het presidentieel decreet de vrede en de openbare orde in Indonesische gemeenschappen verhinderd.”

“Alle Indonesische moslims zijn dolblij,” zegt Salim Alatas, de FPI leider van Jakarta tegen AFP. “De uitspraak heeft generaties van de negatieve effecten van alcohol behoed.”

De Jakarta Jakarta Entertainment Establishment Owners Association (APHI) is het oneens met de uitspraak. Zij menen dat een verbod op alcohol de toeristische sector in Indonesië zou decimeren. De verkoop van alcohol genereert ook een aanzienlijk bedrag van de belastinginkomsten voor de staat.

Indonesië met Bintang, is dat het tempo doeloe waar de derde generatie straks aan denkt?

Ngroblog: een rondleiding in het verleden

Inmiddels zit ik weer op kantoor en lijkt het alsof ik niet ben weggeweest.  Toch ben ik net drie weken terug van een reis die mij voor de tweede keer en mijn vriendin voor de eerste liet kennis maken met Java en Lombok.

Uiteraard hebben we de Higlights van Java bekeken; Borobudur, Cafe Batavia in Jakarta, Theeplantages en steden als Bandung, Malang, Yogjakarta. Maar dit keer zouden we ook naar plekken op Java gaan die voor de “gewone” toerist zeker niet als Highlight bestempeld zullen worden.

“Op zoek naar de Suikerfabriek”
Nadat wij een groot deel van West-Java achter ons hadden gelaten en inmiddels een groot deel van Oost-Java gezien hadden, zijn wij verder gereden via Bondowoso naar Kraksaan. Kraksaan is een klein plaatsje in Oost-Java, niet ver van de kust. In de koloniale wijk van dit stadje, rondom de suikerfabriek Kandangjati, is mijn Opa geboren. Ik wilde graag een bezoek brengen aan deze plek omdat de fabriek er nog zou staan, zo had ik begrepen. Onze chauffeur (we hadden een klein 6-persoons toeristenbusje waarmee we over Java rondreden), Kurnia, had al een beetje geïnformeerd waar het zou moeten zijn maar hij wist het niet helemaal zeker.

“Padjarakan”
De naam van de fabriek; Kandangjati kwam niet overeen met de naam van de fabriek die nu in de omgeving van Kraksaan staat.  Dus zijn we er maar op de bonnefooi heen gereden om ter plaatse meer informatie te krijgen. Eenmaal daar aan gekomen bleek de betreffende fabriek uit 1885 te komen. Dus dat klonk hoopvol.  Nadat Kurnia uit de bus was gestapt en ons gesommeerd had even te blijven zitten, zodat hij bij de administratieafdeling van de fabriek navraag kon doen, keken mijn vriendin en ik eens goed om ons heen.

De straat waar de bus geparkeerd stond bestond, naast de gebruikelijke verkeerschaos, vooral uit oude koloniale huizen. Een paar minuten later kwam Kurnia terug. We moesten even met hem meelopen naar het kantoortje van de “Security”.  Daar kwamen we er achter dat de fabriek de naam “Padjarakan” droeg. De fabriek was opgericht in 1885. Men kon ons helaas niet vertellen of deze fabriek vroeger Kandangjati geheten had. Wel kregen we te horen dat deze fabriek de enige fabriek in de omgeving van Kraksaan was en voor zover men kon achterhalen had er geen andere fabriek bestaan.

Rondleiding
We moesten onze namen opschrijven op een formulier dat voor ons op de tafel lag. Wat bleek, Kurnia had het voor elkaar gekregen dat wij een rondleiding in de fabriek kregen. Daarna zouden we ook een rondje kunnen lopen in de wijk rondom de fabriek, omdat dit voor het grootste deel bestond uit koloniale huizen. Uiteraard moesten we wel wat betalen;  60.000 Roepia.

Nadat we een mooie helm op ons hoofd gezet hadden konden we de fabriek in.  En gelijk werd duidelijk dat de machines van vroeger nog altijd gebruikt werden. Amsterdam 1924, Firma Stork en Hengelo stond op diverse machines te lezen. Het leek alsof we terug in de tijd waren. Binnen een paar minuten stonden er diverse medewerkers van de fabriek om ons heen. Wij waren de bezienswaardigheid van de dag geworden.  Nadat we met een aantal van de werknemers op de foto waren geweest liepen verder door de fabriek. Overal waren de Nederlandse sporen nog duidelijk zichtbaar.

We volgden een oud treinspoor dat door de fabriek liep en ons naar buiten bracht. Om de hoek van de fabriek lag een oude begraafplaats. Een oude Nederlandse begraafplaats. Slechts op een van de grafstenen was nog te lezen wie er lag, bij de rest waren de marmeren platen al lang verdwenen.  Toen we verder het fabrieksterrein afliepen en de weg overstaken kwamen we in een oud koloniaal wijkje terecht. Sommige panden waren nog redelijk onderhouden, anderen volledig vervallen.  Het grootste huis was, hoe kan het ook anders, van de directeur van de fabriek.

fabriek 2

Na ons bezoek aan Kraksaan reden we door naar Maron. Daar heeft mijn opa een groot deel van zijn jeugd doorgebracht. Ook rondom een suikerfabriek. Zijn vader was namelijk opzichter van de spoorbaan. Ook in Maron reden we een woonwijk binnen waar overal oude koloniale huizen te zien waren. Toen ik naar de weg keek waarop we met de bus reden, lag daar nog oude treinrails die niet meer gebruikt werden. Ook hier ging Kurnia informeren maar hij kwam al vrij snel terug. Wat bleek, de oude fabriek was na nationalisering vrij snel failliet gegaan.  De fabriek en de huizen op het fabrieksterrein zijn afgebroken en men is elders in Maron een nieuwe suikerfabriek begonnen.  Helaas.

“Het Indië van vroeger”
Ondanks dat ik nu niet weet of de suikerfabriek in Kraksaan dé fabriek is waarover mijn opa in zijn memoires schrijft en ik ook niet weet of de huizen die ik in Maron heb gezien de huizen uit zijn jeugd zijn geweest, heb ik een glimp kunnen opvangen van hoe het Nederlands-Indië van zijn jeugd eruit heeft gezien. Er is uiteraard ongelofelijk veel veranderd. En door de verkeerschaos, de rommel, viezigheid en het feit dat iedereen maar overal iets tegenaan bouwt is het soms moeilijk om je voor te kunnen stellen hoe het er vroeger uitgezien heeft. Maar met wat moeite, inlevingsvermogen en een goede gids is het mogelijk het Indië van vroeger, terug te zien in het hedendaagse Indonesië.

Achtergebleven Indo's in Yogyakartaanse kampong

‘Ik dacht, ik ga gewoon eens kijken op dat adres.’

Eric Kampherbeek is 33 jaar, fotograaf en gaat in Indonesië een fotodocumentaire maken over Puasa, de vastenmaand. Daarover gaat hij bloggen op onze Ngroblog. Terwijl ik hem hierover interview, vertelt deze derde generatie Indo en passant een aangrijpend verhaal over achtergebleven Indo’s in een kampong in Yogyakarta: zijn achtergelaten ooms.

Eric en ik ontmoeten elkaar in het Kicking Horse café van Boekhandel Paagman, het officieuze meeting point in het Haagse Statenkwartier. Rechts van ons zit een oudere Indischman de krant te lezen. Tijdens het interview zal hij een keer opkijken naar Eric, als die vertelt over zijn ontmoeting met zijn tante. Achter Eric zie ik een jongere Indischman met zijn zwangere vrouw. Nog even en we zijn hier in de meerderheid.

Ansichtkaart dieEric bij zijn oma in huis vond met daarop het adres in Yogyakarta - "Fijne kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar 1957". Archief Eric Kampherbeek.
Ansichtkaart die Eric bij zijn oma in huis vond met daarop het adres in Yogyakarta – “Fijne kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar 1957”. Archief Eric Kampherbeek.

Ansichtkaart uit 1960

‘Voordat ik in Indonesië was geweest, had ik er niets mee, met mijn Indische achtergrond. Mijn oma vertelde er nooit over. Ik noemde mezelf ook geen derde generatie, ik wist niet dat dat zo heette. Op een dag vroeg ik mijn oma of ik haar archief mocht bekijken. Het was niet echt een archief hoor, het waren allerlei documenten bij elkaar, onder meer over mijn opa’s KNIL-verleden. Het mocht. Ik kwam een ansichtkaart tegen uit 1960, uit Yogyakarta, waar mijn oma vandaan kwam. Ik heb die kaart ingescand en op mijn laptop gezet. Toen ik in 2011 voor het eerst op vakantie was in Indonesië, dacht ik: ‘Ik ga gewoon eens kijken op dat adres, misschien weten die mensen wel meer over onze familie.’

Misschien weten die mensen wel meer over onze familie, dacht ik.

Nichtje van mijn opa

‘Daar stond ik dan, met aantekeningen van die kaart en mijn familienaam. Ik klopte aan en vertelde dat ik uit Nederland kwam. Eerst leidde het gesprek nergens toe. Een jongen kwam naar buiten, maar kon me niet helpen. Zij haalde iemand erbij, een vrouw. En zij zag wel wat. Ze vroeg me om mijn naam, keek naar mijn gezicht en staarde naar mijn aantekeningen. Toen zag ik dat ze begon te huilen. Zij bleek het nichtje van mijn opa te zijn en vertelde me voor het eerst het verhaal van mijn oma.’

Achtergelaten kinderen

‘Mijn oma bleek nog meer kinderen te hebben dan wij in Nederland wisten. Ze bleek twee kinderen achter te hebben gelaten toen ze naar Nederland vertrok. Daar wisten wij niets van. Wij wisten alleen dat ze nog familie in Yogyakarta had en dat mijn oma het contact had verbroken, omdat zij te vaak om geld en kleren begonnen te vragen. Deze tante vertelde me een andere versie. Dat één van de twee achtergelaten kinderen weer contact met haar wilden en dat mijn oma daarom het contact had verbroken.’

Middenin de kampong

‘Eén van die twee kinderen woonde 300 meter verder en ze gaf me het adres. Via de smalle gangen van de kampong kwam ik bij het kleine huisje. Daar zat een jongen koffie te drinken en kretek te roken. We kwamen samen al snel tot de conclusie dat we dezelfde oma hadden en dus neven waren. Mijn oom Sukardi zou later arriveren.’

Sukardi (l) en zijn zoon Brian (r) vlak nadat Eric hen voor het eerst ontmoette. Foto: Eric Kampherbeek.
Sukardi (l) en zijn zoon Brian (r) vlak nadat Eric hen voor het eerst ontmoette. Foto: Eric Kampherbeek.

“Onbekend!”

‘Terug in Nederland vertelde ik mijn moeder over mijn ontmoetingen. Ze vond dat ik de schone taak op me mocht nemen, om mijn oma erover te vertellen. Mijn oma hoorde dat ik in Yogyakarta geweest was. “Wie heb je daar allemaal ontmoet,” vroeg ze meteen, alsof ze het aanvoelde. Ik liet haar foto’s zien van haar twee zoons, kleinkinderen en van mijn tante, de nicht van mijn opa. “Onbekend! Onbekend! Onbekend!” zei ze bij elke foto. Ze ontkende alles. Ik wist niet wat ik meemaakte. Naderhand begon ze mijn oom, die dus twee volle broers in Indonesië had, maar ons daar nooit over had verteld, en mijn moeder en mijn tantes er meer over te vertellen. Ook over het huwelijk met haar eerste man, die ze in Indonesië had verlaten. Met mijn opa was ze in 1950 naar Nederland gekomen.’

Mijn oma ontkende alles. Ik wist niet wat ik meemaakte.

Dezelfde kansen

‘Sukardi en de rest van de familie daar hebben we naar Nederland laten overkomen, om mijn oma te ontmoeten. Dat was erg emotioneel. Bijzonder was de communicatie; mijn oma sprak geen Bahasa Indonesia, alleen een mondje Pasar Maleis. Toch verstonden ze elkaar prima. Op dat moment realiseerde ik me wat de impact van haar keuze was geweest. Stel je voor dat zij de twee oudste kinderen uit haar eerste huwelijk wel mee naar Nederland had gebracht. Zij hadden dan dezelfde kansen gehad als bijvoorbeeld mijn moeder en waren ze niet in de kampong terechtgekomen.’

Geen antwoord

‘En natuurlijk wilde Sukardi weten waarom ze haar kinderen daar had achtergelaten. Ze gaf er geen antwoord op. Kort na het bezoek van onze familie is mijn oma overleden. We zullen het antwoord nooit krijgen. Het enige wat we erover weten, is dat ze gevlucht is van haar eerste man en in Surabaya getrouwd is met mijn opa. De rest blijft fantaseren en speculeren.’

‘Landa, de Hollander’

‘In het contact met mijn familie daar, ben ik gefascineerd geraakt door de Indonesische cultuur. Als ik er ben, slaap ik bij ze, in de kampong. Compleet met kakkerlakken en cicaks. Ik voel me daar een enorme Hollander, terwijl ik me in Nederland echt een Indo voel. ‘Landa’ noemen ze me daar, Hollander. Mijn oom noemden ze Pak Landa, omdat hij blauwe ogen had.’

 

 

Het huis waar Eric's oma vroeger woonde en Sukardi nu al zijn hele leven woont.  Foto: Eric Kampherbeek
Het huis waar Eric’s oma vroeger woonde en Sukardi nu al zijn hele leven woont. Foto: Eric Kampherbeek

Afwijkende gebruiken tijdens Puasa

‘Puasa in Yogyakarta is anders dan in de meeste steden op Java. In Jakarta bijvoorbeeld, is het nogal modern. In Yogyakarta is het traditioneler. Bovenden zijn er gebruiken die nergens anders in Indonesië voor schijnen te komen, zoals het Padusan en het Gunungan. Padusan is een massale rituele wassing aan het strand. [lachend] De vorige keer is dat nog helemaal misgelopen, omdat er een kwallenplaag was en tientallen mensen gebeten waren.’

 Ik ben beleefder sinds ik met mijn Indonesische familie omga.

Onafhankelijke journalistiek

‘In de ngroblog ga ik om de week portretten plaatsen van mensen uit verschillende bevolkingsgropepen. Hoe ervaren zij die weken? Het principe van onafhankelijke journalistiek kennen ze nog niet echt daar. Als ik vertel dat ik mee wil met de FPI, Front Pembela Islam (Front ter Verdediging van de Islam), dan krijg ik te horen: “Maar waarom? Je bent het niet met ze eens?”

Fascinerende beleefdheidsvormen

‘Tja, wat is het in de Indonesische cultuur dat me zo fascineert. In de eerste plaats dat ik er zelf familie heb, en dat ik dingen van ze leer die ik nooit geleerd heb. De beleefdheidsvormen daar vind ik fascinerend. Hoe begin je een gesprek, hoe maak je kennis? Ik ben minder direct geworden en beleefder sinds ik met mijn Indonesische familie omga. Tot slot is Indonesië een jong land. Zeventig jaar na de onafhankelijkheid in 1945 – want 1949 zegt ze niets – gaat er veel niet goed en toch klagen Indonesiërs niet meer dan Nederlanders. Ze klagen niet over hun armoede. Ze schamen er vooral voor.’

Eric Kampherbeek (Enschede, 1979) is freelance fotojournalist en zet voornamelijk zijn eigen projecten op. Zijn fascinatie voor andere landen beperkt zich niet tot Indonesië  Hij is ook in Libië en Zuid-Soedan geweest, bijvoorbeeld. Op www.lacouleur kan je zijn werk bekijken. In juli publiceert Eric in de ngroblog op Indisch3.nl.

Eric Kampherbeek portret
Foto: Eric Kampherbeek

 

Ngroblog: De weg van licht en schaduw

Vandaag 11 juni
Een bijzondere dag in het leven. Net als alle andere 364 dagen. Maar vandaag net even iets specialer.
Mijn zoon is vandaag jarig! Een mijlpaal.
Ik word dan nog even meer herinnerd aan de taak die ik als vader heb.
Door Erich Fromm zo mooi beschreven in zijn boekje Liefhebben, een kunst, een kunde. Vaderlijke liefde, het bijbrengen van de verantwoordelijkheden, de weg van de leider en hoe om te gaan met anderen in het leven. Licht.

Vandaag 11 juni
Een bijzondere dag in het leven. Net als alle andere 364 dagen.
Maar vandaag net even iets anders. De herdenking van de gevallenen bij de Punt.
Stilstaan bij een donkere plek in de geschiedenis. Schaduw.
Het universum maakt me vandaag eens te meer bewust van het feit, dat ik onderdeel ben van een groter geheel. Licht en schaduw horen bij elkaar.
Ga op weg en neem ze allebei mee.

Hoe gebruik jij licht en schaduw?

Ngroblog: Bahasa Indonesia (ondanks dat oma het verbiedt)

Mam, heb je een boekoe pienter voor ons? Ik wil onze kinderen graag Bahasa Indonesia leren. Omdat we straks op plekken komen waar wellicht alleen dialecten gesproken worden is dat wel handig om ons verstaanbaar te maken.  Hoe deden jullie dat trouwens vroeger? Spraken jullie met de baboe, de djongos, de kokkie en de kinderen op straat Nederlands of Indonesisch?

De getallen, hoe je jezelf voor te stellen en vooral de grappige woorden worden opgeschreven
De getallen, jezelf voorstellen en vooral de grappige woorden worden opgeschreven

Mijn moeder vertelde me dat er thuis absoluut geen pasar Maleis gesproken mocht worden. ‘Wij zijn Nederlanders en dit is onze moedertaal,’ werd er door je oma ingeprent en je kon een draai om je oren krijgen wanneer ze het toch hoorde. Toen ze in Nederland kwamen in ’51 spraken mijn ooms en tantes dan ook algemeen beschaafd Nederlands. Helaas bleken sommige Zeeuwen dan weer onverstaanbaar.

Om ons nog meer onder te dompelen in de cultuur en korte gesprekken te kunnen voeren ben ik begonnen om de kinderen enige woorden bij te brengen. Dit gaat heel speels met een Moluks kwartetspel en ook een Molukse memory hebben we op de kop kunnen tikken. Zo weten onze kinderen wat een rumah, een sapu lidi en zelfs een parang is. Ze spreken oma nu ook liefjes aan met nenek.

De spelletjes worden aangevuld met sprookjes van Wieteke van Dort. De liedjes die ze zowel in het Nederlands als in het Indonesisch zingt kennen ze nu helemaal. Mijn oudste noteert de vele woorden op een poster, zodat we het elke dag zien. En zo hopen we, ondanks dat oma het verbiedt, een aardig woordje Bahasa mee te kunnen praten.

P.s. Het kwartet- en memoryspel is te bestellen bij http://www.toko-buku.nl/spellen

Ngroblog: 3.0 terug naar de oorsprong

Molukken, jullie zijn toch Indisch? Hoe is het gekomen… Begin september brachten we een bezoek aan het MHM, het Moluks Historisch Museum. We hadden namelijk gehoord dat het museum twee weken later zijn deuren zou sluiten in verband met een subsidiestop. In het museum zou ook een vergadering plaatsvinden met allemaal Molukkers, reden te meer om eens te kijken naar die tak.

Kijkend naar een film over de overtocht van de Molukkers van Java naar Rotterdam.
Kijkend naar een film over de overtocht van de Molukkers van Java naar Rotterdam.

En wat wil het geval, bij de koffie vraagt een vrouw ons naar de achternamen van deze overgrootouders. Nou, de moeder van opa Scholten heet Pattynama en de vader van oma Scholten is een Pattypeilohy. Ze pakt vervolgens een atlas van de Molukken en wijst 2 eilanden aan: “hier, van het eiland Haruku, en dan het plaatsje Oma, komen de Pattynama’s vandaan!” “En de andere tak?” “Die komen van het eiland Saparua, specifiek het plaatsje Ulat!”

En zie, de basis van onze rootsreis is gelegd. We gaan deze zomer op zoek naar de oorsprong van onze Indische familie.

Ngroblog: Vragen stellen…

Mijn moeder overleed in 2011 en had Alzheimer.

Het beste bewijs dat dementie een soort sluipmoordenaar is, wordt geleverd in de bijzondere film ‘The Curious case of Benjamin Button’. De film brengt de gedaanteverandering prachtig in beeld. De ziekte herbergt verschillende thema’s voor mij. Het gaat over verlies, boosheid, onbegrip, verdriet. Daar kan ik een theatervoorstelling overmaken, oh… idee?!!

Op het moment van afscheid nemen, loslaten, zijn er de vragen. De dingen die je graag had willen weten. Ik heb mijn moeder de vragen over vroeger niet meer kunnen stellen.De kloof van generaties? Zij, ouders, deelden weinig, wij, kinderen, vroegen te weinig?

Ik kies ervoor om niet meer in de valkuil van (valse) bescheidenheid te stappen. Dit jaar is mijn jaar van het vragen stellen. Het is een gesprekstechniek, die niet per definitie in mijn DNA zit. Zie mijn vorige blog, over kinderen, die vragen…

In het onderstaande filmpje zit mijn vraag aan jou.


De weg van samen naar Een, zit vol met vragen…

Ik wens je een plezierige dag vol vragen!

Ngroblog: In het hier en nu

In de tijd waarin we leven – crisis, massa ontslagen, weinig werk, faillissementen – kunnen dromen heilzaam werken. Ze geven hoop en energie om vol te houden, ook als het tegenzit. Marinus Knoope zegt daar het volgende over in zijn boek De Creatiespiraal: ‘Dromen moeten een realistisch perspectief hebben’.

Met andere woorden van dromen alleen, kunnen we niet leven. Als je wilt dat een droom in de toekomst uitkomt, zul je er vandaag hard aan moeten werken. In de afgelopen dagen ben ik een paar keer geconfronteerd met het functionele aspect van mijn dromen. Om ze te verwezenlijken, moet ik kiezen, niet alles kan tegelijk. ‘I have to kill my darlings’.

Schrappen, doorschuiven, bijstellen, alles wat helpt om tot realisatie te komen.

In het hier en nu betekent dat ik meer moet durven te vragen. Vragen om feedback, om hulp, om werk, om een opdracht, enzovoorts. Leuk… als je bedenkt, dat ik uit een gezin kom, waar het spreekwoord geldt: ‘kinderen die vragen worden overgeslagen’…