Een Hollands feestje in Den Haag

Verkeerde verwachtingen, halve verhalen en oppervlakkige gespreksleiders tijdens Writers Unlimited ’14.

Tekst: Kirsten Vos. Fotografie: Tabitha Lemon.

Het afgelopen weekend konden boekenwurmen en schrijvers aan hun trekken komen bij de 19e editie van het Writers Unlimited festival. Voor ons viel er weinig te halen. Het gesprek over ‘de grote vervreemding tussen oost en west’ viel nogal tegen, ondanks de gasten Ad van Liempt, Ian Buruma en Linda Christanty.

Aankondiging van De grote vervreemding, over de relatie tussen Nederland en Indonesië.
Aankondiging van De grote vervreemding, over de relatie tussen Nederland en Indonesië. Bron: www.winternachten.nl

Linda Christanty opende het optreden in zaal 1 –  gemiddelde leeftijd van het publiek: 50 jaar – met een vlammend betoog in Bahasa Indonesia over de koloniale overheersing van Indonesië. Christanty, die verwant is aan de uitgemoorde elite van Bantam, maakte korte metten met de Nederlandse neiging het koloniale verleden door een roze bril te willen zien.

Linda Christanty tijdens Writers Unlimited 2014. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2014.
Linda Christanty tijdens Writers Unlimited 2014. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2014.

‘De gedachte dat kolonialisme positieve en negatieve gevolgen zou hebben, is een domme uitspraak,’ wierp ze het publiek voor de voeten. ‘Die uitspraak zou leiden tot de onterechte conclusie dat kolonialisme zorgde voor uitwisseling tussen volken. (..) Kolonialisme is slecht, want het is slecht om een volk aan je te onderwerpen.’ Wat een verfrissende rechtlijnigheid. Weg met de nuance! Ik kon een glimlach niet onderdrukken. Was het mijn verbeelding, of gingen de Nederlandse gasten in de zaal ongemakkelijk draaien op hun stoelen?

Christanty maakt korte metten met de romantische kijk op voor het koloniale verleden.

De Nederlandse vertaling van Christanty’s speech was te zien op tv-schermen, waardoor ik niet alles goed heb kunnen volgen – als je notities maakt, dan kijk je weg van het scherm en mijn Bahasa Indonesia stelt nog niets voor. Wel zag ik nog een storende fout in de vertaling; de soevereiniteitsoverdracht gebeurde op 27 december 1949, niet op 17 december. En nee, dat is geen detail. Het is net zo’n stomme fout als zeggen dat Nederland op 15 mei 1945 bevrijd is.

Maar goed. Zo’n opening beloofde wat voor het vervolg: de Nederlandse kant van het verhaal, verwoord door journalist Ad van Liempt en schrijver Ian Buruma. Beide heren zijn niet de minste en dragen aardig wat feitenkennis mee over Indië en Indonesië. Toch duurde het ruim een half uur voordat nota bene Ad van Liempt de gespreksleider Godfried van Run eraan moest herinneren dat we ‘terug moesten naar Indië.’

 

Ad van Liempt, Ian Buruma en Godfried van Run tijdens Writers Unlimited 2014 ©Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon
Ad van Liempt (links), Ian Buruma (midden) en Godfried van Run (rechts) tijdens Writers Unlimited 2014 ©Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon

Een of twee keer hoor ik iets boeiends. Zo meldt Ad van Liempt: ‘Het verlies van Indië heeft ons economisch relatief weinig gekost. Het Duitse Wirtschaftswunder heeft het verlies van Indië gecompenseerd.’ Het is een opmerkelijke uitspraak, die flinke impact heeft voor mensen die kennis hebben over de geschiedenis van de repatriëring. De uitspraak van Van Liempt is zelfs controversieel te noemen. Decennialang horen repatrianten dat Nederland moest terugkrabbelen uit de oorlog en daarom moesten zij hun overkomst, de kledingpakketten en meubels terugbetalen. Dus om nu te horen dat het verlies van Indië Nederland weinig heeft gekost, is op zijn zachtst gezegd cru.

Dus wat doet de gespreksleider daarmee?

Niets. Helemaal niets.

Sterker nog, al na een kwartier kondigt Van Run aan het gesprek af te ronden en stroomt de zaal leeg.

Grijze witte mannen praten niet over Indonesië. Need I say more?

Verbluft kijk ik naar mijn aantekeningen. Wat is hier gebeurd? Waarom is geen van de drie grijze witte mannen op het podium ingegaan op de spraakmakende speech van de Indonesische schrijfster? Waarom hebben Van Liempt, Buruma en Van Run meer tijd besteed aan de ‘displaced’ Russische kozakken dan aan de aangekondigde ‘grote vervreemding tussen oost en west’?

Terwijl we de zaal uit schuifelen, realiseer ik me schamper dat wat hier gebeurde, exemplarisch is voor hoe Nederland omgaat met het koloniale verleden en Indonesië. Met het beschuldigende vingertje wijzen naar Indonesië als het gaat om mensenrechten, maar als een Indonesiër zich dan eindelijk eens uitspreekt over het slechte karakter van de voormalige koloniaal heerser? Dan kijkt Nederland liever de andere kant op. Grijze witte mannen praten niet over Indonesië. Need I say more?

“Nou, die geschiedenisboekjes kunnen ook wel de kast in, ik heb zoveel nieuws geleerd van Ad van Liempt en Ian Buruma,” hoor ik een vrouw monter opmerken. Het is arabiste Petra Stienen, die er ook over tweet en refereert aan historische fouten waar Van Liempt ons op attendeerde, zoals de bevrijding die eigenlijk niet op 5 mei kwam. Of hoe de capitulatie niet in Hotel de Wereld getekend werd. Waren wij dan de enigen die hadden willen weten wat de sprekers te zeggen hadden over de vervreemding tussen oost en west?

petra_stienen
Alle geschiedenisboekjes in de prullenbak na tien minuten met @ian_buruma en @advanliempt over periode in Nl en Europa rond 1945 bij #wu14
18-01-14 20:36

In de hoop het festival te verlaten met een enthousiast gevoel, wachten we op het optreden van de Fins-Indonesische Kira Wuck. Deze veel gelauwerde jonge dichteres leest ‘de tekst van haar leven’ voor; een passage uit Vogels die vlees eten, van Thijs de Boer. Hoewel het een knap geschreven tekst is, die mij nieuwsgierig maakt: als ik lees dat iemand de tekst van haar leven gaat voorlezen, verwacht ik dat die tekst van levensbelang is geweest.

Waarom deze tekst, vraagt interviewster Tanja Jadnanansing aan Wuck. ‘Het verhaal neemt onverwachte wendingen.’ Tja. ‘En daarom is dit de tekst van je leven?’ zou een logische vervolgvraag zijn. Maar Jadnanansing glimlacht alleen maar en knikt.

Kira Wuck (midden) over de tekst van haar leven © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon
Kira Wuck (midden) over de tekst van haar leven © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon

Hoewel ik niet twijfel aan het talent van Kira Wuck, vind ik ook dit gesprek een gemiste kans. Los van het ongemak en de verlegenheid dat van de alom geprezen dichteres afstraalt, laten de twee presentatoren steken vallen. ‘Dit boek is een van mijn drie lievelingsboeken,’ vertelt Wuck een paar minuten later. ‘In alle drie de boeken hebben de personages een bepaalde onverschilligheid naar het leven toe.’ Deze – fascinerende – bekentenis zou je kunnen aangrijpen om de verdieping te krijgen die ‘de tekst van je leven’ impliceert, zoals:

  • ‘Wat vind je zo interessant aan personages die “een onverschilligheid naar het leven toe hebben”?’
  • ‘Je hebt een Finse moeder, een Indonesische vader en bent opgegroeid in Nederland. Word je daar onverschillig van?’
  • ‘Wat is het aan onverschilligheid dat je zo boeit?’
  • ‘Ben jij onverschillig?’

Nee hoor. Niets van dat alles. We geven het op en verlaten het festival. Zelfs de relaxte MC en DJ in de foyer kunnen deze avond niet meer redden. 

Door verkeerde verwachtingen, halve verhalen en oppervlakkige gespreksleiders verlaten wij de zaterdagavond van dit literaire festival met het gevoel dat we te gast waren op het verkeerde feestje. Een erg Hollands feestje.

MC Francis Broekhuijsen in de Theater Foyer Writers Unlimited 2014 © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon
MC Francis Broekhuijsen in de Theater Foyer Writers Unlimited 2014 © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon

Bekende geuren krijgen nieuwe gestaltes tijdens Indische kookwedstrijd 3.0

Terugblik op de SAYAH Gouden Rijstkom 2013

Wat was het ontzettend gaaf. Met een mannetje of 40 stonden we daar, hartje Amsterdam, ontzettend te genieten. Bekende geuren en ingrediënten werden samengevoegd tot nieuwe, eigentijdse spannende gerechten. Overkill of niet, op deze site ontbreekt nog een inhoudelijke reportage van onze kookwedstrijd. Dus nemen we je nog één keer mee terug, naar 4 november 2013, de dag van de cook-off voor de SAYAH Gouden Rijstkom 2013

Fotografie: André Ottevanger. Video: Amber Nefkens.

Tabitha en ik waren al vroeg op locatie – gelukkig, want door het noodweer stonden er kilometerslange files door het hele land. Meerdere deelnemers waren later, waardoor we op het laatst het kookschema omgegooid hadden. Het schema was zo opgebouwd, dat elk kwartier een kandidaat de keuken inging. Een van de inzenders, Stanly Rutten, moest helaas afzeggen. Zo startten we de eerste editie van de Gouden Rijstkom met zeven kandidaten.

Rahmi Dahlan

Rahmi Dahlan was de eerste kandidaat die de keuken in ging. Rahmi Dahlan (40 jaar) uit Noord-Holland heeft als ondernemer een cateringbedrijf aan huis gehad en heeft daarvoor gewerkt als stewardess bij Garuda. Rahmi groeide op in Makassar: “Makassar is beroemd om zijn verse vis uit de oceaan. Bij ons thuis aten wij bijna altijd verse vis, op verschillende manieren bereid. Sinds ik in Nederland woon, mis ik soms mijn traditionele eten van mijn kindertijd.” Rahmi deed mee met  Ikan goreng santen. Jurylid Lonny Gerungan was te spreken over haar gerecht, maar vond het jammer dat zij een bestaand recept veranderd had – daarmee verloor de inzending punten op het onderdeel authenticiteit. “Had dit gerecht gewoon de originele naam gegeven – en had het opgediend met de bijbehorende sambal,” gaf Gerungan de Indonesische mee.

Yvonne Slüper

Even leek het erop dat ons tweede kandidatenkoppel, Yvonne Slüper en Annemarie Bakker uit Den Haag, het niet zou redden. ‘Ik voelde me opeens niet zo goed worden,’ vertrouwde Yvonne me later op de dag toe. Net op het nippertje serveerde ze haar inzending uit: Lemper sajoer paniki. Yvonne Slüper (29 jaar): “Mijn passie voor koken komt zonder twijfel bij mijn moeder vandaan. Mijn band met Indonesië komt van mijn vaders kant.” Yvonne werkt in de wereld web en ict. Voor deze wedstrijd heeft zij een combinatie gemaakt van haar favoriete gerechten: “Ajam Paniki, Sajoer Boontjes en Lemper. Kenmerkend voor deze gerechten vind ik dat ze tijdloos zijn, maar vooral ook erg toegankelijk.” Jurylid Jeff Keasberry complimenteerde Yvonne met de originele presentatie, al vond hij de smaak was tegenvallen. “Zonde! Jullie zijn in de problemen gekomen met de tijd, het gerecht was niet warm meer.”

Francis Kuijk

De derde kandidaat was Francis Kuijk. Francis Kuijk (51 jaar) – die ook mee gedaan heeft met The Taste –  uit Noord-Brabant is zelfstandig ondernemer en auteur van ‘Kripik & kretek”, waarin ze en haar nichtje recepten van hun moeders en oma bundelde. “Met een Indische moeder die altijd in de keuken stond, kon het niet anders zijn dan dat ik deze familiegeheimen mee kreeg van haar.” Francis deed mee aan de cook-off met een Javaanse consommé met gerookte kip en boudin blanc. “Een echt Pascal Jalhaij-gerecht, door de boudin blanc,” vertelde Pascal. “Sterk van je dat je het een consommé hebt genoemd!”

Tim Sprangers

De volgende kandidaat was Tim Sprangers. Tim Sprangers (29 jaar) uit Amsterdam combineert in zijn twee leven twee uit de hand gelopen hobby’s: (schrijven over) muziek en koken.Ik houd veel van de Indische keuken, ben er mee opgegroeid en heb mij de afgelopen tien jaar behoorlijk ontwikkeld als kok en houd van het doorbreken van stigma’s.” Als kok werkte hij in meerdere restaurants in Brabant en Amsterdam en richtte zijn eigen cateringbedrijf op: John Pastinaak. De jury over Tim (in eerste instantie): “Een sober gerecht, ik vond je keuze van je ingrediënten heel erg sterk.”

Cliff Aluy

En zo waren we opeens over de helft. De vijfde kandidaat, Cliff Aluy (27 jaar) uit Noord-Brabant werkt al sinds zijn 16e in de horeca en verdiept zich momenteel onder meer in moleculair koken. Cliff is sous-chef en kookt graag met de ingrediënten van zijn roots; de Aziatische keuken. Zijn inzending heet “Balinees strand”, die hij met assistentie van zijn vriendin opdiende aan de jury. “Als je het hebt over een wedstrijdgerecht, dan is dat jouw gerecht. We hadden wel twijfels over de authenticiteit.”

Raymond Linde

De zesde kandidaat had een flinke wereldreis achter de kiezen om in Amsterdam te komen, maar ze waren er: Raymond Linde met kookmaatje Astrid. Raymond Linde (47 jaar) uit Overijssel is ondernemer en fotograaf en doet samen met Astrid Linde mee aan de kookwedstrijd. Zij hebben een seizoensgerecht ontwikkeld: hert in pittige kokossaus op een bedje van gesmoorde palmkool gegarneerd met rijstkroepoek. Lonny herkende ‘kerak’ in de rijstkroepoek. “Ah, dat ken je niet? Dat verklaart een hoop.”

Alex Lasatira en Mikal Lefevre

We hadden het laatste gerecht niet beter kunnen uitkiezen. Alex Lasatira en Mikal Lefevre hadden een bittergarnituur 3.0 ontwikkeld, mét Bintang. Alex Lasatira (30 jaar) en Mikal Lefevre (26 jaar) uit Noord-Brabant werken allebei in de foodsector en zijn derde generatie Moluks en Indisch. Mikal is freelance fooddesigner en vertelde al eens op onze site over zijn liefde voor koken: “Ik heb een grote passie voor eten verkregen doordat mijn opa altijd in de keuken stond te koken, lekker Indonesische gerechten maken in het kleine keukentje waar mijn vader is opgegroeid.” Alex is sous-chef en ondernemer: “Sinds kleins af aan heb ik altijd met vol bewondering mee gekeken bij mijn oma’s kookkunsten. Hierdoor is mijn passie voor koken en vers eten ontstaan.” “Te gek idee! Origineel. We hadden alleen moeite met de uitvoering. En we hadden gehoopt dat de technieken verfijnder zouden zijn.”

Intermezzo: de jury over de nieuwe Indische keuken

Tussen de presentaties van kandidaten in, presenteerde de jury onder leiding van chef Jalhaij een inspiratievoorbeeld van de nieuwe Indische keuken. “Hiermee willen we mensen inspireren om de Indische keuken weer sexy te maken,” vertelt Jalhaij. Journalist Ronald Hoeben van NRC maakte er een uitgebreide reportage over, die veel reacties heeft opgeroepen.

De uitslag

Verder kregen we een heerlijke lunch aangeboden door restaurant Blauw. Want nee, helaas, het publiek mocht niet meeproeven. We wilden het de kandidaten niet aandoen om ook nog eens voor 30+ man hun gerecht op te dienen. Maar wat zijn we nieuwsgierig geweest naar de smaken.

Juryberaad Gouden Rijstkom
Jeff Keasberry (l), Lonny Gerungan en Pascal Jalhaij (r) overleggen over de uitslag.

Na het juryberaad gingen alle kandidaten bij hun gerecht staan. Als dank voor deelname kregen zij allemaal een medaille voor hun nominatie.

Marc Pieplenbosch was namens SAYAH aanwezig – die alle kandidaten en juryleden naar huis heeft laten gegaan met een exemplaar van deze heerlijke spekkoeklikeur.

DSC_0828
Marc Pieplenbosch van SAYAH Drinks (l) in gesprek met Kirsten Vos (Indisch 3.0)

De drie juryleden hadden elk een eigen aandachtsgebied. Jeff Keasberry lette op de smaak en de passie die bleek uit het verhaal achter het gerecht. Lonny Gerungan beoordeelde de authenticiteit van de gerechten en de kwaliteit van de ingrediënten. Voorzitter Jalhaij waardeerde de presentatie en de kooktechniek. Verder had elk jurylid gelet op algemene kenmerken, zoals hygiene. En toen maakte Pascal de winnaar bekend. Bekijk het in de videoreportage die Amber Nefkens voor Indisch 3.0 maakte. Meer gedetailleerd jurycommentaar vind je in ons YouTube-kanaal. De individuele video’s zijn ingesteld en zullen in de loop van de dag beschikbaar zijn.

Aandenkens

Natuurlijk hebben wij de jury en de vrijwilligers niet met lege handen naar huis laten gaan. Elk jurylid heeft van Indisch 3.0 een persoonlijk aandenken ontvangen en een exemplaar van De smaak van verlangen. Want wat geef je in hemelsnaam aan drie van die specialisten op het gebied van de nieuwe Indische keuken? Een boek over hoe de Indische keuken van toen onze moeders en oma’s in de kampen op de been heeft gehouden leek ons wel gepast.

Op naar de Gouden Rijstkom 2014!
Dank allemaal, voor  jullie enthousiasme, creativiteit en doorzettingsvermogen. We gaan volgend jaar een nóg mooier event maken van de Gouden Rijstkom 2014. Heb jij daar een tip voor, of wil je eraan meewerken? Laat je reactie hieronder achter of verstuur hem met dit reactieformulier. Dit was onze berichtgeving over de SAYAH Gouden Rijstkom 2013.

Tips & belangstelling voor de Gouden Rijstkom 2014?

[contact-form subject=’Over de Gouden Rijstkom 2014′][contact-field label=’Je naam’ type=’name’ required=’1’/][contact-field label=’E-mailadres’ type=’email’ required=’1’/][contact-field label=’Ik reageer omdat’ type=’select’ required=’1′ options=’ik een tip voor jullie heb.,ik volgend jaar wil meehelpen.,ik volgend jaar wil meedoen.’/][contact-field label=’Licht je reactie toe.’ type=’textarea’ required=’1’/][/contact-form]

 

 

De Indië-herdenking, 15 augustus 2013

DEN HAAG - De Indie-herdenking in Den Haag, 2013. Copyright Ilvy Njiokiktjien

Foto’s, gedichten en speeches

Nederland heeft gisteren waardig stil kunnen staan bij het einde van de Japanse bezetting in voormalig Nederlands-Indië en daarbuiten. In Den Haag zijn 4000 bezoekers bij het Indisch monument geweest, Breda ontving meer dan 300 man en in Wageningen waren circa 150 bewoners en familieleden samengekomen.

Kijk en lees met ons mee naar de herdenkingen in Den Haag, Breda, Wageningen en Thailand (Bangkok), lees de gedichten en speeches, kortom: herdenk deze 25e keer nog eens rustig in je eigen tijd.

Den Haag

Foto’s: Gilbert Pothoff en Ilvy Njiokiktjien

Breda

Foto’s: Charlene Vodegel

Kanchanaburi (Thailand)

Foto’s: Nederlandse ambassade Thailand

Wageningen

Foto’s: Randy Tutuarima en Tabitha Lemon

 

Speeches en gedichten

ERFENIS – TED VAN LIESHOUT

Gedicht uitgesproken door Charlie Heystek op de ceremonie van de Nederlandse ambassade in Thailand, 15 augustus 2013

Ooit was de wereld in zwart en wit
en van dat verre vroeger bleven beelden
bewaard vol bergen aangeharkte mensen
die vier poten hadden gekregen van de dood,
en uitgewoonde ogen. Ze zagen niet eens
dat ze bloot waren en op elkaar gestapeld,

schaamden zich niet voor hun onverschilligheid,
maalden niet om manieren, bekommerden zich
niet om wie thuis wachtte op een teken van leven.

Ik huilde van schrik; ik erfde hun tranen,
want er moet íemand om ze blijven geven,
nu de wereld in kleur is en in mij ging bestaan.

SAMENVATTING VAN DE SPEECH VAN JOAN BOER, AMBASSADEUR VOOR NEDERLAND IN THAILAND

Uitgesproken ter gelegenheid van de herdenkingsceremonie op Kanchanaburi, Thailand, 15 augustus 2013

Geachte aanwezigen,

Hartelijke dank voor uw aanwezigheid bij deze bijzondere dag. Ver van Nederland, herdenken we vandaag de gevallenen op hun laatste rustplaats. Vandaag, 15 augustus is, net als 4 mei, Bevrijdingsdag. Vandaag herdenken we de gevallenen van een deel van de oorlog dat in Nederland minder bekend is. Een deel van de oorlog dat minder aandacht ontvangt. Maar niet minder aandacht verdiend. Vandaag staan we stil bij het einde van de oorlog in Zuidoost-Azië.  We herdenken de capitulatie van Japan en de bevrijding van Zuidoost-Azië, van Nederlands-Indië. Vandaag staan we stil bij de verschrikkingen en de wreedheid van oorlog. We staan stil bij wat mensen andere mensen aandoen. We herdenken de bevrijding van mensen die de gruwelijkheden van oorlog hebben meegemaakt, gezien, gevoeld.

We staan stil bij onverdraagzaamheid. Onverschilligheid. Onbegrip.

Beste Ari, grafnummer 7.A.42. Je bent een van de 6982 mannen die hier op Don Rak hun laatste rustplaats hebben gekregen. Voor jou begon de oorlog op 8 december 1941 toen Nederland Japan de oorlog verklaarde. De oorlog begon op datzelfde moment voor jouw zoon Joris. In oktober 1989 bezocht een oud-kampslachtoffer jouw graf. Hij liep uren over deze begraafplaats, op zoek naar jouw laatste rustplaats die hij tot zijn spijt niet kon vinden. Tot hij het opgaf en zijn oog op je naam viel. Hij maakte foto’s, liet deze ontwikkelen en stuurde ze op naar je zoon. In april dit jaar bezocht de kleindochter van het oud-kampslachtoffer samen met haar vader jouw graf. Ze maakte foto’s, haalde een uittreksel uit het grafregister en stuurde dit op naar jouw zoon.

Beste Ari, helaas is 15 augustus voor jou nooit Bevrijdingsdag geworden. Gelukkig werd 15 augustus wel Bevrijdingsdag voor jouw zoon. En hoewel je zoon het einde van de oorlog heeft gezien, is ook zijn vrijheid maar relatief. Want jouw zoon liet bij het ontvangen van de foto’s weten, dat 68 jaar na dato ‘het zelfs nu nog niet makkelijk is de gebeurtenissen van toen te verwerken.’ En zoals je misschien wel weet, heeft hij zelf nooit je graf kunnen bezoeken. De oorlog leeft voort in je zoon Joris. De oorlog leeft ook in de kleindochter van het oud-kampslachtoffer voort. Al kent ze geen oorlog. De verhalen in haar hoofd. De tekeningen op haar netvlies.

Grafnummer 7.A.42 heeft een naam, een verhaal. Alle gevallenen die hier worden geëerd verdienen een naam, een verhaal en een gezicht.  En hoewel dat niet mogelijk is, staan we vandaag stil bij al deze gevallenen die zijn omgekomen in de oorlog. We herdenken een oorlog die sporen heeft nagelaten in mensen. Een oorlog die doorleeft en hen die de oorlog hebben meegemaakt, gezien, gevoeld. En in hen die de oorlog alleen van horen zeggen kennen. Oorlog die ontstaat door onbegrip en onverdraagzaamheid. Door onverschilligheid en intolerantie. Helaas ligt dit niet achter ons. Het is van alle tijden. Ook als er geen oorlog is. Daarom staan we er vandaag ook bij stil dat vrijheid niet vanzelfsprekend is. Dat vrijheid inspanning vereist.

Tolerantie. Betrokkenheid. Begrip. We staan er bij stil dat vrijheid verantwoordelijkheid vereist. Het vereist vastberadenheid. En moed. Van iedereen.  Daar staan we vandaag bij stil. Vooral tijdens de stilte in onszelf.

SPEECH CHARLENE VODEGEL, INDISCH 3.0

 Zij waren toen nog zo jong

Uitgesproken ter gelegenheid van de herdenkingsceremonie in Breda, 15 augustus 2013

‘Zij waren toen nog zo jong’ Een gewone Indische Nederlandse militie matroos die in dienst was van de Koninklijke marine. Mijn opa Henry Victor Vodegel deed zijn zware plicht en is helaas alleen een onderdeel geworden van een historische gebeurtenis: De Slag in de Javazee. Mijn opa was één van de 1000 slachtoffers die is omgekomen. Dit blijft een verhaal in onze familiegeschiedenis.

Jaren van opleiding en oefening moesten gaan resulteren in een gerichte aanval tegen de Japanners in 1941/1942. Nederland moest zorgen dat de Japanners werden gestopt. Stel je voor, dat mijn opa na deze aanval in Surabaya terugkwam als de man die een mooi succes had geboekt. Wie wilde dat niet?  Het land verwachtte dat zij op dat moment hun plicht deden.

De gebeurtenis. De Slag in de Javazee vormde het sluitstuk van drie maanden maritieme actie waarbij, op vier Amerikaanse torpedobootjagertjes na, alle schepen ten onder gingen. De slag kwam hard neer op Nederlands-Indië en op Nederland. Op 27 februari 1942, om 23.45 uur werden de kruisers De Ruyter en Java getorpedeerd en brak  het imperium.  Duizenden Nederlandse  en Indische mannen waaronder mijn opa hebben zich doodgevochten in een strijd tegen overmacht. Ter nagedachtenis heeft de Ministerie van Marine een oorkonde uitgegeven met de gegevens van mijn opa. (de oorkonde laten zien)

Iedereen die vocht voor de Nederlandse regering had een held kunnen worden als ze deze slag hadden overleefd. Maar uiteindelijk een held voor wie? Voor de koningin en zijn vaderland misschien? Maar mijn eigen vader heeft mijn opa nooit als held kunnen voelen en leren kennen. Held door een vader te zijn voor je kind, die opkomt voor de belangen van je kinderen. Nee, mijn vader heeft dat helaas nooit kunnen ervaren wat de betekenis is van een vader in het leven van een kind.

Als 3-jarige peuter werd hij aan zijn lot overgelaten samen met zijn broer en moeder.  En  een paar jaar later je moeder verliezen, dat is eigenlijk het ergste wat een kind kan meemaken. Ouderloos, machteloos, geplaatst worden in een weeshuis en niet wetende hoe je toekomst eruit gaat zien. Maar toch is mijn vader als Indische Nederlander uiteindelijk naar het Vaderland gegaan om verder te gaan aan een nieuwe toekomst.

In 2006 was ik aanwezig  bij een plechtigheid omtrent een uitbreiding van het Karel Doormanmonument op het ereveld Kembang Kuning in Surabaya. De Oorlogsgravenstichting had het initiatief genomen om na 64 jaar het Karel Doormanmonument compleet te maken met bronzen platen met daarop de namen van alle oorlogsslachtoffers van de Slag in de Javazee. Mijn opa’s naam staat daar tussen. Dit geschiedenisverhaal wordt monumentaal in ere gehouden in Surabaya. De officiële ceremonie  vond precies  in mijn tweede week plaats toen ik voor studie in Surabaya zat. Het kan toeval zijn of niet, maar ik stelde mezelf de vraag: ‘Waarom vond deze officiële plechtigheid pas plaats na 64 jaar op het moment dat ik in Surabaya was?’ Het voelde voor mij als een soort van bescherming van een opa die ik nooit heb gekend, dit gevoel is lastig te verwoorden.”

Mijn vader is 72 jaar geworden, en is 2 jaar geleden overleden. Als ik en mijn broertje terugkijken naar onze vader hoe ver hij het geschopt heeft in zijn leven. Hoe hij het vaderschap goed heeft kunnen doen. Iemand die voor je zorgt, die er altijd voor je is. Wij zijn trots op hoe onze vader ondanks zijn jeugdgeschiedenis zich staande heeft kunnen houden.

Net als misschien vele andere Indische vaders, is mijn vader ook nooit echt een prater geweest over wat voor invloed zijn jeugd heeft gehad op hem. Stil, teruggetrokken maar toch heel sterk in hoe hij zijn kinderen heeft opgevoed.  Dus ja als ik denk aan het thema: Zij waren toen nog zo jong.  Ja mijn vader was inderdaad jong om zijn vader te verliezen in de oorlog maar hij heeft nu kinderen achtergelaten die hij een sterke opvoeding heeft gegeven samen met mijn moeder.

Zij waren toen nog zo jong om te sterven, maar ik voel mij ook nog zo jong om een vader te verliezen.  Dus wat betekent nog jong in een mensenleven?

Ik wil graag afsluiten met enkele coupletten van het lied “Laatste groet” die door tante Lien, Wieteke van Dort is gezongen.

De zon, in het Oosten gerezen
daalt in het Westen neer
Er valt geen scheiding te vrezen
De zon keert altijd weer

Wij willen dit warme herdenken
Uit veler vrienden naam
Als een groet aan allen schenken
Die ons zijn voorgegaan

"Ik vertel het verhaal van mijn oma. En daarna de rest."

In gesprek over herdenken

Hoe belangrijk vind jij herdenken, vroegen wij op Facebook, vanwege de conferentie over herdenken op 21 juni jl in Den Haag. Is dat ‘Soeda, al?’ Nee, vonden jullie massaal. Uit de geïnteresseerden nodigde Indisch 3.0 enkele jongeren uit om hun zegje te doen in het slotforum. Een van deze jongeren, Dewi van Beek, doet verslag van de middag. 

Op uitnodiging van Indisch 3.0, het Vfonds, het Indisch Herinneringscentrum en Stichting Herdenking 15 augustus mocht ik op 21 juni  samen met een aantal anderen komen praten over herdenken bij de conferentie in het Museon in Den Haag. Hoewel ik tot nu toe wel elk jaar stilstond bij het einde van de oorlog in Indië ben ik nog niet nooit bij de officiële herdenking geweest. Dit jaar neem ik mijn oma mee naar de herdenking in Den Haag en ik ben benieuwd hoe andere jongeren herdenken. In de slotdiscussie zal ik daar mijn mening over mogen geven.

“Je vroeg het niet en ze vertelden het niet. Indonesië was gewoon geen onderwerp.”

Opgroeien als repatriantenkind
Maar eerst luisteren we voor het eerste programma-onderdeel “Een ander land in beeld” naar Peter Bouman, Indisch en opgegroeid in Losser, bij Oldenzaal in Twente en naar Nona en Paul Salakory, Moluks en opgegroeid in het Molukse woonoord Vossenbos in Wierden bij Almelo. Ze schetsen hun persoonlijke beeld van het dagelijkse leven in het Nederland van de jaren ’50. Waarom hun families naar Nederland waren gekomen wisten ze vroeger alledrie niet. Peter: ‘Je vroeg het niet en ze vertelden het niet. Indonesië was gewoon geen onderwerp.’ 

Geschiedenis opnieuw vertellen

Historicus Ron Habibie schuift aan. Is het beeld van de Nederlanders over de Molukkers in de loop der jaren bijgesteld, wil Rocky weten. Nee, zeggen ze. Alle drie voelen dat ze de hele Indische en Molukse geschiedenis juist opnieuw moeten vertellen. Nona: ‘Onze generatie weet het nog, maar nieuwe generaties weten het niet meer.’ Ron benadrukt dat er bovendien nog “cold cases” opgelost moeten worden: de Indische Kwestie en de nog altijd niet erkende RMS.

Foto: Indisch 3.0 2013/ Tabitha Lemon.
v.l.n.r. Paul en Nona  Salakory, Peter Bouman, Rocky Tuhuteru. Foto: Indisch 3.0 2013/ Tabitha Lemon.

Chaos!
“Ze schrijven over ons, we schrijven over onszelf”, het tweede gesprek, is bedoeld als discussie over het effect van literatuur over Nederlands-Indië op het collectief geheugen. Hoewel de insteek veelbelovend is, verzandt het gesprek in een abstracte discussie met ingewikkelde termen en chaos. Aan tafel worden ze het niet eens over het feit of de Molukse geschiedenis bij de Nederlanders is beklijfd en wat hier nou precies voor gezorgd heeft. Het gesprek wordt een extreem chaotische en moeilijk te volgen discussie. De pauze die volgt is voor veel mensen, waaronder mijzelf een noodzaak om alles even te laten bezinken.

Jongeren en herdenken
Na de pauze bek
ent Rocky dat we ‘een beetje djam karet hebben’ en dat we meteen doorgaan met het laatste tafelgesprek: “Verhalen van vroeger…..Lekker belangrijk?” Een beetje zenuwachtig ga ik samen met Ricci Scheldwacht en Bo Tarenskeen, een mede 3.0-er, aan tafel. We gaan het hebben over hoe jongeren herdenken en hoe we dit in de toekomst willen doen. Rocky opent het gesprek door eerst Bo te vragen naar zijn herdenkingservaringen.

Ricci Scheldwacht, Bo Tareskeen, Dewi van Beek en Rocky Tuhuteru over herdenken. Foto: Indisch 3.0/ Tabitha Lemon 2013

Herdenken op 4 mei
Theatermaker Bo herdenkt “gewoon”: op 4 mei. Bo: ‘Als je op 15 augustus herdenkt, laat je zien dat je geen onderdeel van de Nederlandse geschiedenis uitmaakt, dat je daar niet bij wilt horen.’ Als initiatiefnemer en organisator van Theater na de Dam, heeft hij een nieuwe vorm van herdenken voor de toekomst geïntroduceerd. Met zijn theaterprogramma organiseert Bo Tarenskeen voorstellingen over oorlogsverhalen na de herdenking op 4 mei in Amsterdam. Hij zou graag zien dat iedereen herdenkt op 4 mei, omdat dit zou zorgen voor veel meer saamhorigheid.

Erkenning voor ervaringen
Rocky vraagt hoe ik dat zie. Ik zeg dat ik me kan vinden in zijn idee van saamhorigheid, maar dat 15 augustus voor veel mensen ook een stuk erkenning is voor wat zij meegemaakt hebben. Voor mijn oma is het heel belangrijk is en daarom dus ook voor mij. Bo kijkt daar anders tegenaan.  Erkenning voor wat er gebeurd is, verwacht hij niet meer. Althans, nooit op die manier dat je er gelukkig van wordt.

“15 augustus is voor veel mensen erkenning voor wat zij meegemaakt hebben.”

Verhalen doorgeven
Journalist Ricci Scheldwacht vindt ook dat 15 augustus in ere gehouden moet worden, maar dat dit in de toekomst best op een andere manier kan. Daarna komt hij terug op een eerder discussiepunt van die dag, hij vindt het vooral belangrijk dat de geschiedenis verteld wordt, in welke vorm dan ook. ‘Van initiatieven zoals die van Bo, word ik alleen maar heel blij,’ glimlacht Ricci. Hij benadrukt dat er al heel veel gedaan wordt door de tweede en derde generatie Indische  Nederlanders, om de verhalen te verkondigen en door te geven.

Onbekend onderwerp
De in een eerder gesprek gemaakte opmerking dat het onderwerp Nederlands-Indië niet bij geschiedenis behandeld wordt, kunnen Bo en ik allebei van tafel vegen. Wel vertel ik dat ik merk dat het onderwerp onder mijn Nederlandse vrienden nog vrij onbekend is, ondanks dat wij Nederlands-Indië als eindexamenonderwerp hadden.

Rocky Tuhuteru presenteert. Foto: Indisch 3.0/ Tabitha Lemon 2013.
Rocky Tuhuteru presenteert. Foto: Indisch 3.0/ Tabitha Lemon 2013.

Kleinkinderen
Rocky vraagt wat ik in de toekomst zou vertellen aan mijn kinderen en kleinkinderen. ‘Het verhaal van mijn oma in eerste instantie,’ zeg ik, omdat dit ook hun familiegeschiedenis zal zijn. Daaromheen zal ik uiteraard ook over de algemene geschiedenis vertellen, omdat dat erbij hoort. ‘Het is wat ik nu ook al aan mijn vrienden vertel,’ vul ik aan.

Theaterprogramma over herdenken
De discussie vervolgt: in welke vorm zou dit moeten? Bo is – uiteraard – al bezig in het theater en we denken alledrie dat dit een uitstekende vorm is om de verhalen door te vertellen. Ricci maakt het eigenlijk niet zoveel uit of het nou een boek, een film of een theatervoorstelling is. Als het maar verteld wordt. Wel is hij benieuwd naar wat Bo op 15 augustus aan programma zou kunnen bedenken, zoals hij nu op 4 mei doet.

“Theater is een uitstekende vorm om verhalen door te vertellen.”

Einde, schluss, al!
Uiteindelijk staat er een vrouw op uit het publiek, die stelt dat we maar allemaal moeten herdenken op de 15e augustus. ‘Dat is het einde van de  Tweede Wereldoorlog,’ legt ze uit. Ze krijgt een groot applaus en ons tafelgesprek is voorbij.

Kennistest
Als afsluiting van de dag doen we een kennistest over de Nederlands-Indische geschiedenis waarbij de paar winnaars een paar mooie prijzen krijgen. Daarna speelt de groep van Julya Lo’ko nog één maal op verzoek ‘Een beetje’ en een Moluks lied. Wij borrelen nog wat na en tegen zessen ga ik met een hoofd vol nieuwe informatie en indrukken weer richting huis. De kennistest was een geslaagde afsluiting van een gezellige middag, met discussies die de ene keer beter uit de verf kwamen dan de andere.

Julya-Loko-Maria-en-Regina-Lekransy-en-Anna-Makaloy
Julya-Loko-Maria-en-Regina-Lekransy-en-Anna-Makaloy

Achtergebleven Indo's in Yogyakartaanse kampong

‘Ik dacht, ik ga gewoon eens kijken op dat adres.’

Eric Kampherbeek is 33 jaar, fotograaf en gaat in Indonesië een fotodocumentaire maken over Puasa, de vastenmaand. Daarover gaat hij bloggen op onze Ngroblog. Terwijl ik hem hierover interview, vertelt deze derde generatie Indo en passant een aangrijpend verhaal over achtergebleven Indo’s in een kampong in Yogyakarta: zijn achtergelaten ooms.

Eric en ik ontmoeten elkaar in het Kicking Horse café van Boekhandel Paagman, het officieuze meeting point in het Haagse Statenkwartier. Rechts van ons zit een oudere Indischman de krant te lezen. Tijdens het interview zal hij een keer opkijken naar Eric, als die vertelt over zijn ontmoeting met zijn tante. Achter Eric zie ik een jongere Indischman met zijn zwangere vrouw. Nog even en we zijn hier in de meerderheid.

Ansichtkaart dieEric bij zijn oma in huis vond met daarop het adres in Yogyakarta - "Fijne kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar 1957". Archief Eric Kampherbeek.
Ansichtkaart die Eric bij zijn oma in huis vond met daarop het adres in Yogyakarta – “Fijne kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar 1957”. Archief Eric Kampherbeek.

Ansichtkaart uit 1960

‘Voordat ik in Indonesië was geweest, had ik er niets mee, met mijn Indische achtergrond. Mijn oma vertelde er nooit over. Ik noemde mezelf ook geen derde generatie, ik wist niet dat dat zo heette. Op een dag vroeg ik mijn oma of ik haar archief mocht bekijken. Het was niet echt een archief hoor, het waren allerlei documenten bij elkaar, onder meer over mijn opa’s KNIL-verleden. Het mocht. Ik kwam een ansichtkaart tegen uit 1960, uit Yogyakarta, waar mijn oma vandaan kwam. Ik heb die kaart ingescand en op mijn laptop gezet. Toen ik in 2011 voor het eerst op vakantie was in Indonesië, dacht ik: ‘Ik ga gewoon eens kijken op dat adres, misschien weten die mensen wel meer over onze familie.’

Misschien weten die mensen wel meer over onze familie, dacht ik.

Nichtje van mijn opa

‘Daar stond ik dan, met aantekeningen van die kaart en mijn familienaam. Ik klopte aan en vertelde dat ik uit Nederland kwam. Eerst leidde het gesprek nergens toe. Een jongen kwam naar buiten, maar kon me niet helpen. Zij haalde iemand erbij, een vrouw. En zij zag wel wat. Ze vroeg me om mijn naam, keek naar mijn gezicht en staarde naar mijn aantekeningen. Toen zag ik dat ze begon te huilen. Zij bleek het nichtje van mijn opa te zijn en vertelde me voor het eerst het verhaal van mijn oma.’

Achtergelaten kinderen

‘Mijn oma bleek nog meer kinderen te hebben dan wij in Nederland wisten. Ze bleek twee kinderen achter te hebben gelaten toen ze naar Nederland vertrok. Daar wisten wij niets van. Wij wisten alleen dat ze nog familie in Yogyakarta had en dat mijn oma het contact had verbroken, omdat zij te vaak om geld en kleren begonnen te vragen. Deze tante vertelde me een andere versie. Dat één van de twee achtergelaten kinderen weer contact met haar wilden en dat mijn oma daarom het contact had verbroken.’

Middenin de kampong

‘Eén van die twee kinderen woonde 300 meter verder en ze gaf me het adres. Via de smalle gangen van de kampong kwam ik bij het kleine huisje. Daar zat een jongen koffie te drinken en kretek te roken. We kwamen samen al snel tot de conclusie dat we dezelfde oma hadden en dus neven waren. Mijn oom Sukardi zou later arriveren.’

Sukardi (l) en zijn zoon Brian (r) vlak nadat Eric hen voor het eerst ontmoette. Foto: Eric Kampherbeek.
Sukardi (l) en zijn zoon Brian (r) vlak nadat Eric hen voor het eerst ontmoette. Foto: Eric Kampherbeek.

“Onbekend!”

‘Terug in Nederland vertelde ik mijn moeder over mijn ontmoetingen. Ze vond dat ik de schone taak op me mocht nemen, om mijn oma erover te vertellen. Mijn oma hoorde dat ik in Yogyakarta geweest was. “Wie heb je daar allemaal ontmoet,” vroeg ze meteen, alsof ze het aanvoelde. Ik liet haar foto’s zien van haar twee zoons, kleinkinderen en van mijn tante, de nicht van mijn opa. “Onbekend! Onbekend! Onbekend!” zei ze bij elke foto. Ze ontkende alles. Ik wist niet wat ik meemaakte. Naderhand begon ze mijn oom, die dus twee volle broers in Indonesië had, maar ons daar nooit over had verteld, en mijn moeder en mijn tantes er meer over te vertellen. Ook over het huwelijk met haar eerste man, die ze in Indonesië had verlaten. Met mijn opa was ze in 1950 naar Nederland gekomen.’

Mijn oma ontkende alles. Ik wist niet wat ik meemaakte.

Dezelfde kansen

‘Sukardi en de rest van de familie daar hebben we naar Nederland laten overkomen, om mijn oma te ontmoeten. Dat was erg emotioneel. Bijzonder was de communicatie; mijn oma sprak geen Bahasa Indonesia, alleen een mondje Pasar Maleis. Toch verstonden ze elkaar prima. Op dat moment realiseerde ik me wat de impact van haar keuze was geweest. Stel je voor dat zij de twee oudste kinderen uit haar eerste huwelijk wel mee naar Nederland had gebracht. Zij hadden dan dezelfde kansen gehad als bijvoorbeeld mijn moeder en waren ze niet in de kampong terechtgekomen.’

Geen antwoord

‘En natuurlijk wilde Sukardi weten waarom ze haar kinderen daar had achtergelaten. Ze gaf er geen antwoord op. Kort na het bezoek van onze familie is mijn oma overleden. We zullen het antwoord nooit krijgen. Het enige wat we erover weten, is dat ze gevlucht is van haar eerste man en in Surabaya getrouwd is met mijn opa. De rest blijft fantaseren en speculeren.’

‘Landa, de Hollander’

‘In het contact met mijn familie daar, ben ik gefascineerd geraakt door de Indonesische cultuur. Als ik er ben, slaap ik bij ze, in de kampong. Compleet met kakkerlakken en cicaks. Ik voel me daar een enorme Hollander, terwijl ik me in Nederland echt een Indo voel. ‘Landa’ noemen ze me daar, Hollander. Mijn oom noemden ze Pak Landa, omdat hij blauwe ogen had.’

 

 

Het huis waar Eric's oma vroeger woonde en Sukardi nu al zijn hele leven woont.  Foto: Eric Kampherbeek
Het huis waar Eric’s oma vroeger woonde en Sukardi nu al zijn hele leven woont. Foto: Eric Kampherbeek

Afwijkende gebruiken tijdens Puasa

‘Puasa in Yogyakarta is anders dan in de meeste steden op Java. In Jakarta bijvoorbeeld, is het nogal modern. In Yogyakarta is het traditioneler. Bovenden zijn er gebruiken die nergens anders in Indonesië voor schijnen te komen, zoals het Padusan en het Gunungan. Padusan is een massale rituele wassing aan het strand. [lachend] De vorige keer is dat nog helemaal misgelopen, omdat er een kwallenplaag was en tientallen mensen gebeten waren.’

 Ik ben beleefder sinds ik met mijn Indonesische familie omga.

Onafhankelijke journalistiek

‘In de ngroblog ga ik om de week portretten plaatsen van mensen uit verschillende bevolkingsgropepen. Hoe ervaren zij die weken? Het principe van onafhankelijke journalistiek kennen ze nog niet echt daar. Als ik vertel dat ik mee wil met de FPI, Front Pembela Islam (Front ter Verdediging van de Islam), dan krijg ik te horen: “Maar waarom? Je bent het niet met ze eens?”

Fascinerende beleefdheidsvormen

‘Tja, wat is het in de Indonesische cultuur dat me zo fascineert. In de eerste plaats dat ik er zelf familie heb, en dat ik dingen van ze leer die ik nooit geleerd heb. De beleefdheidsvormen daar vind ik fascinerend. Hoe begin je een gesprek, hoe maak je kennis? Ik ben minder direct geworden en beleefder sinds ik met mijn Indonesische familie omga. Tot slot is Indonesië een jong land. Zeventig jaar na de onafhankelijkheid in 1945 – want 1949 zegt ze niets – gaat er veel niet goed en toch klagen Indonesiërs niet meer dan Nederlanders. Ze klagen niet over hun armoede. Ze schamen er vooral voor.’

Eric Kampherbeek (Enschede, 1979) is freelance fotojournalist en zet voornamelijk zijn eigen projecten op. Zijn fascinatie voor andere landen beperkt zich niet tot Indonesië  Hij is ook in Libië en Zuid-Soedan geweest, bijvoorbeeld. Op www.lacouleur kan je zijn werk bekijken. In juli publiceert Eric in de ngroblog op Indisch3.nl.

Eric Kampherbeek portret
Foto: Eric Kampherbeek

 

TTF deel 2. Horen, zien, zwijgen? Adoe!

Jongeren op de Tong-Tong Fair over hun Indische roots

Eerder lazen en zagen jullie deel 1 van onze repo over de TTF. In deel twee zie je Ed Caffin en Patrick Neumann. Zij interviewden jongeren op de Tong-Tong Fair over Indisch horen, zien en zwijgen: wat kan je “op zijn Indisch” laten horen, wat heb je van Indonesië gezien en welk familiegeheim ken je of zou je willen kennen? Ze hebben zich hiertoe laten inspireren door de show van ex-Indisch 3.0’ster Elsbeth Vernout: ‘Indisch zwijgen? Ammehoela!

Tekst en video: Patrick Neumann en Ed Caffin

100.000 bezoekers
Zaterdag togen wij, Pat en Ed, naar de 55e Tong-Tong Fair, die inmiddels afgelopen is. De organisatie meldde op 2 juni dat zij “bijna 100.000 bezoekers getrokken heeft”. Verder laat de TTF weten: “De belangstelling voor de culturele programma’s en de tentoonstellingen was zeer groot. Hoogtepunten waren de komst van Waldjinah, de koningin van de krontjong uit Indonesië en het optreden van Carel Kraayenhof met de dansers van Sang Penari.” Maar wat zagen wij?

Slamat makan!
In de eetwijk, het cultuurpaviljoen en de entreehal spraken wij 28 jongeren, in de leeftijd van 5 tot 38 jaar; 18 Indische jongens en 10 Indische dames. Op de vraag: wat kan je “op zijn Indisch” laten horen, kregen we vooral Slamat makan te horen, of iets anders met eten. Beter gezegd: het was het enige dat Patrick kon verstaan. Dus geen idee of hij is uitgescholden door geïnterviewden. Ed daarentegen verstond de meeste woorden. De meerderheid van de geïnterviewden is naar Indonesië geweest, de rest wil graag! Bali en Java werden vaak genoemd.

In de tropen
Op onze vraag over familiegeheimen kwamen diverse antwoorden. Sommigen wisten niks, maar waren wel nieuwsgierig. Aan anderen kon je zien dat ze het niet wilden vertellen. Geheimen waren o.a. oma’s recept voor bami, onbekende familie in Indonesië en bijnamen in de familie waarvan de oorsprong niet bekend is. Opvallend was dat, op één TTF-bezoeker na, iedereen wilde meewerken. Verder was het door de drukte erg warm. Alsof we in de tropen aan het werk waren.

En jij? Welk Indisch familiegeheim ken je, of zou je willen kennen?

De eerste week van de 55e TTF

De 55e Tong-Tong Fair is nu een week aan de gang en wij maken de tussenbalans op. Wat gebeurt er dit jaar op “de grootste Indische happening van de wereld, waar Oost en West elkaar ontmoeten in een sfeer van vriendschap, gastvrijheid en inspiratie”? Onze tussentijdse conclusie: jongeren zijn bezig hun Indische roots een plek in het heden te geven, van docu tot foto-album. 

Foto zoekt Familie Lans
Mevrouw Lans (rechts) vertelt Han Go van sponsor Go-Tan over het teruggevonden familie-album. Haar kleinzoon (links) kijkt mee. Foto: Indisch 3.0 (Twitter)

Foto zoekt Familie: jongeren cruciaal voor succes project

De Tong-Tong Fair had op haar openingsdag een mooie primeur: het negende album vond zijn weg terug naar de eigenaar dankzij het Foto zoekt Familie-project. Wij zagen hoe mevrouw Lans, in het album nog een babytje, en haar kleinzoon vertelden hoe zij dit gedaan hebben. Later kwam dat nog op het NOS Journaal. Cruciaal was de app, die gemaakt is met het van een crowdfunding-actie op Voordekunst.nl. De kleinzoon van mevrouw Lans, Dwight Betist, had heeft deze app gebruikt om de albums door te bladeren: “Ik herkende toevallig die foto. Ik heb gelijk mijn moeder geroepen: volgens mij ben ik iets op het spoor gekomen. We hebben gelijk oma gebeld, ” vertelde hij op het NOS Journaal. “Jongeren zijn cruciaal voor het succes van dit project, dat blijkt wel” drukte een medewerker van het Tropenmuseum ons op het hart.

“Volgens mij ben ik iets op het spoor.”

Sporen van Smaragd: “Den Haag is van oudsher thuis geweest voor andere culturen” – Rabin Baldewsingh

Op de eerste dag van de Tong-Tong Fair nam de Haagse wethouder van o.a. Media en Organisatie, Rabin Baldewsingh, het eerste exemplaar van het boek Sporen van Smaragd in ontvangst: “‘Met dit boek laten we zien dat Den Haag een stad is die altijd vreemde culturen heeft verwelkomd. (..) Eigenlijk zou 2013 een Indisch jaar moeten worden.” We hoorden van insiders dat deze wethouder zich persoonlijk hard gemaakt heeft voor het Sporen van Smaragd-project. Fijn dat er in het IJspaleis een politicus zit die de Indische gemeenschap een warm hart toedraagt. Wil jij een exemplaar van het boek winnen? Kijk dan op onze Facebook-pagina. Meedoen kan tot en met 2 juni a.s.

 

“Den  Haag heeft altijd vreemde culturen omarmd.”

Het verhaal uit de koffer:  hoe ga je om met koffers vol met Indische herinneringen?

Fridus Steijlen (KITLV) interviewt documentaire maakster Dewi Staal en haar tante Marleen (links) over de documentaire "Het verhaal uit de koffer." op de Tong-Tong Fair.
Fridus Steijlen (KITLV) interviewt documentaire- maakster Dewi Staal (midden) en haar tante Marleen (links) over de documentaire “Het verhaal uit de koffer.”

Eerder interviewden wij documentairemaakster Dewi Staal. Dewi, ooit actief voor Indisch 3.0, filmde de zoektocht van haar tante Marleen.  Interessant aan de docu is om te zien hoe je het aanpakt als je uit voorwerpen, foto’s en brieven een familiegeschiedenis wil reconstrueren.Verder laat de docu en passant de geschiedenis van Indische Nederlanders zien. Dewi gaat er een trailer van maken. Hopelijk kunnen we die snel laten zien, want deze documentaire is boeiend voor jong, iets minder jong én oud.

Familieherinneringen in een doosje: inspirerende workshop van Shelly Lapré
Nog enthousiast van de documentaire van Dewi, namen we een kijkje bij de workshop van Shelly Lapré, die creatieve ideeën heeft voor hoe je voorwerpen, foto’s en andere herinneringen een bijzondere plek in je huis kan geven. Het is een vraag die wij zelf ook hebben. Shelly werkt met koffers, maar ook bijvoorbeeld met lijstjes. Wij gaan er zeker mee aan de slag!

Herinneringen kan je ook zichtbaar maken, door ze in te lijsten.
Herinneringen kan je ook zichtbaar maken, door ze in te lijsten.

De Tong-Tong Fair op Twitter: #TTF55

Naast zelf het evenement bezoeken, is Twitter natuurlijk een prima manier om te zien hoe anderen de Tong-Tong Fair beleven. Opvallend is dat op Twitter de TTF bij bezoekers vooral terugkomt in berichten over het eten, je even in Indonesië wanen of gezellig samenzijn. Daarnaast zien we ook kritische berichten.

@tongtongfair Was gezellig vandaag op de #TongTongfair Volgend jaar weer! Hoop dat de #NS_online dan wel ‘meewerkt’. twitter.com/pe2aab/status/…

— Rick Wesselink (@pe2aab) 25 mei 2013

 

Met de echte indo’s in de satè bar #tongtongfair twitter.com/carmelwilderin…

— carmel (@carmelwilderink) 25 mei 2013

 

Ik waande me voor een paar uur in Indonesië vandaag #TongTongFair #DenHaag #veeleten #muziek #gezelligheid #gaantwitter.com/LiesPresenteer… — Lies Heemskerk (@LiesPresenteert) 28 mei 2013

Tong tong fair @ Den Haag city. It’s about time this event disapears. The soul is out of it, too expensive and not #indisch at all.

— Michiel Eduard (@MichielEduard) 23 mei 2013

Lastig tweeten

Deze Twitter-impressie wil overigens niet zeggen dat er geen aandacht was voor de bijeenkomsten van het Tong-Tong Festival: we hebben afgeladen zalen gezien, bijvoorbeeld bij de twee uur durende Grote Surabaya show op zaterdag 25 mei. Ook de workshops in het Bengkel, bijvoorbeeld van Shirley Lapre, werden goed bezocht. Hoe komt het dan dat dat niet zichtbaar is Twitter? Eén verklaring is dat mensen die Twitter gebruiken, niet voor het programma van Tong-Tong komen. Wij denken het simpeler is: tijdens een workshop of lezing is het lastig tweeten.

De Tong-Tong Fair is er nog tot en met aanstaande zondag. Zien we je daar? Tweet t met #TTF55!

De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.
De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.

Tong-Tong Fair

22 mei /tm 2 juni 2013

Malieveld, Den Haag

Martial Arts 3.0 # 6 Pencak Silat

Aanstaande zaterdag is de eerste demonstratie van Pentjak Silat op de Tong-Tong Fair te zien (25 mei, 18:00 uur, Tong-Tong Podium). Onderaan deze post vind je alle data van Pentjak Silat-demo’s en workshops op de Tong-Tong Fair. Maar wat is dit eigenlijk voor sport? Timothy verdiepte zich erin.

Een halve eeuw geleden is het pencak silat met de eerste generatie Indische Nederlanders naar Nederland gekomen. Dankzij deze Indische Nederlanders is het gezamenlijke culturele erfgoed van Nederland en Indonesië behouden gebleven. Op 20 april 2013 was het Festival Pencak Silat Indonesia 2013 in het Museon te Den Haag. Wij, mijn vader en ik, waren uitgenodigd door Kepala Guru Kessing van Perguruan Pencak Silat Manyang. Samen met  mijn vader en oom uit Amerika reden we richting Den Haag om dit festival bij te wonen.

Kopstukken
Het festival was al begonnen toen wij binnen kwamen. De geluiden van gamelan en krontjong kwamen ons tegemoet. We zagen veel kleurige pakken van de deelnemende pencak scholen. Ik ben niet bekend in de pencak wereld, maar er waren veel kopstukken van de Nederlandse Pencak. Zoals Kessing, Pfefferkorn, van der Geugten en nog veel meer. En natuurlijk de Indonesisch ambassadeur.

Demo team Pencak Silat Mayang Foto: Made by Chimofu.nl
Demo team Pencak Silat Mayang
Foto: Made by Chimofu.nl

Ambassadeur Marsudi
Tijdens de officiële opening door de ambassadeur van Indonesië mevrouw Retno Marsudi,  benadrukte ze het belang van dit Festival, namelijk dat dit een goede communicatie middel is om niet alleen de samenwerking tussen de Pencak Silat Scholen in Nederland te binden en te  bevorderen, maar nadrukkelijk ook om de banden tussen Nederland en Indonesië in alle facetten te versterken. Ze zag het festival als een handreiking  en als een gebaar aan Nederland. Tenslotte bedankte ze alle deelnemers van het Festival en wenste ze hun succes.

Stijlen
Op dit Festival waren Pencak Silat stijlen uit de streken op Sumatra, West/ Midden/ Oost Java, Madura, de Molukken en alle andere streken van Indonesië aanwezig. Het was vier uur lang genieten van de demonstraties, vol van sierlijkheid, maar met dodelijke technieken.

Dieren
Pencak Silat is een verzamel naam voor de traditionele Indonesië vechtkunsten. De stijlen verschillen per streek, maar je zie dat er veel gekeken werd naar de dieren.  De dieren worden veel geïmiteerd. De technieken werden  in de loop van de tijd aangepast en geperfectioneerd. Hier in Nederland is het Pencak Silat voor het grootste gedeelte gericht op de fysieke kant, terwijl in Indonesië het mentaal spirituele element ook een belangrijk onderdeel is.

Verdedigingsmethode
Wanneer en wie Pencak Silat ontwikkelt heeft, is nog tot op heden een vraag. Maar het is wel één van de oudste martial arts in Zuid oost Azië. We gaan er vanuit dat de oude bewoners van Indonesië een verdedigingsmethode hebben ontwikkeld tegen de natuurlijke vijanden en tegen agressieve stammen. Er zijn meer dan 150 verschillende stijlen  en binnen deze stijlen zijn nog substijlen.  Het ontwikkelen van stijlen blijft doorgaan. Ook vandaag de dag worden stijlen ontwikkeld.

Klassiek en modern
Binnen de Pencak Silat zijn er 2 stromingen: de klassieke en de moderne stroming. De klassieke stroming is de traditionele en authentieke vorm van de Pencak Silat uit West Sumatra, Silek Tuo (oude Silat). Silek Tuo  is meer gericht op worp-, breek en verwurgingstechnieken en niet zo zeer op stoten en trappen. De ademhaling en meditatie ter bevordering van de samenwerking tussen lichaam en geest is een belangrijk onderdeel van Silek Tuo. De moderne stijlen zijn meer gericht op het fysieke element van de silat. Meer het zelfverdediging, demonstraties en wedstrijden.  De invloeden van andere martial arts, zoals de Chinese gevechtskunsten, zijn wel te zien in de moderne Pencak Silat.

Bambu Gila Foto: Made by Chimofu.nl
Bambu Gila
Foto: Made by Chimofu.nl

Vier peilers
De PERSILAT is een wereldfederatie die een norm hebben gesteld waar de pencak Silat uit bestaat: Mentaal-spiritueel, Bela Diri ( zelfverdediging), Seni ( kunst) en Olah Raga ( Sport en wedstrijd). De Pencak Silat Mentaal en Spiritueel is de mentale en geestelijke ontwikkeling van de Pencak Silat. Het doel hiervan is om innerlijke rust en een geestelijke balans te krijgen.

Bela Diri en Seni
Het doel van Bela Diri is zelfbescherming en zelfverdediging. Door de training wordt zelfverzekerheid  en geestelijk belans gestimuleerd. Als je de technieken van Bela Dari harmoniseert met de esthetische normen en waarden krijg je Pencak Silat Seni. Deze normen hebben als doel om de sierlijkheid en schoonheid van de Pencak Silat te tonen.  Meestal wordt dit gedaan op muziek ( gamelan of krontjong). En als laatste is er de Olah Raga. Dit is het wedstrijdonderdeel van de Pencak Silat en gebasseerd op de Bela Diri. Twee beoefenaars strijden elkaar op de mat. Verder is het bedoeld om fysieke kracht en conditie te ontwikkelen.

Pencak Silat Olah Raga Foto: Made by Chimofu.nl
Pencak Silat Olah Raga
Foto: Made by Chimofu.nl

Meer zien van het festival? Bekijk mijn filmpje of ga naar de fotoreportage op mijn site.

Meer Pentjak Silat zie je op de Tong-Tong Fair, tot en met 2 juni 2012:

  • Pencak Panca Sila, 25 mei
  • Advendo, 29 mei
  • Tontonan Dua o.l.v. Charles Renoult, 30 mei
  • Paatje Phefferkorn, 31 mei
  • Pencak Melayu van Pencak Satria, 2 juni

Een middagje Gordel van Smaragd

Varen op de Amsterdamse grachtengordel

Den Haag kennen we allemaal als Indische stad, maar ook Amsterdam is een stad met belangrijke ‘Indische link’. Stichting Cerita Fakta organiseert daarom sinds 2012 rondvaarten door de Amsterdamse grachtengordel waarbij de Indische geschiedenis van de stad aan bod komt. Zaterdag 20 april nam ik deel aan de eerste boottocht van het nieuwe seizoen. Op 1 juni en 20 juli a.s. vaart Cerita Fakta nogmaals uit. Benieuwd of deze rondvaart ook iets voor jou, als Indisch 3.0’er, is? Lees dan mijn korte impressie van de middag.

Gidsen Peter Bouman (l) en Frans Leidelmeijer (r) met de schipper (m). Eigen foto.
Gidsen Peter Bouman (l) en Frans Leidelmeijer (r) met de schipper (m). Foto: Maria Lamslag/ Indisch 3.0 2013.

Perfect weer
Rond half één begaf ik mij naar de opstapplaats voor de Stopera. De plek was makkelijk te herkennen aangezien er al heel wat Indische luitjes op de wal stonden. Natuurlijk arriveerden een paar gasten wat later (jam karet, toch?) maar al snel kon de boot vertrekken voor de 2,5 uur durende rondvaart. Met een stralende zon en een helder blauwe lucht was het perfect weer voor een boottochtje.

Die andere gordel
Peter Bouman en Frans Leidelmeijer stapten als gidsen aan boord. Peter werkt voor Pelita en Frans ken je waarschijnlijk als kunstexpert van Tussen Kunst & Kitsch. Tijdens de rondvaart door de grachtengordel legden zij het verband met de andere gordel; de Gordel van Smaragd oftewel Nederlands-Indië. Om de beurt vertelden zij historische achtergronden, feitjes en anekdotes over de gebouwen, kunst, bruggen en andere plekken met Indische link waar we langs voeren.

De bijnaam van het gebouw is de Spekkoek.

Spekkoek
Zo passeerde de boot onder de replica van het VOC-schip De Amsterdam, voormalige kantoren van handelsmaatschappijen met Indische banden, het geboortehuis van Edouard Douwes Dekker (nu het Multatuli Museum), straten waar veel Indonesische geneeskundestudenten gestudeerd hebben, het verzetsmuseum en het NIOD waar aandacht is voor het oorlogsverleden. Uiteraard werd er ook verteld over panden, bruggen en kunstwerken die qua ontwerp geïnspireerd waren op Nederlands-Indië. Het gebouw De Bazel – vanwege de kleuren ook wel de spekkoek genoemd – is hiervan misschien wel het mooiste voorbeeld. In de decoratie zijn talloze verwijzingen naar Indië te vinden.

De Bazel aka De Spekkoek. Voormalig hoofdkantoor van de Nederlandsche Handel-Maatschappij. In het ontwerp zijn veel verwijzingen naar Nederlands-Indië te vinden. Foto: Jane023 via wikimedia
De Bazel aka De Spekkoek. Voormalig hoofdkantoor van de Nederlandsche Handel-Maatschappij. In het ontwerp zijn veel verwijzingen naar Nederlands-Indië te vinden. Foto: Jane023 via wikimedia

Culinaire Indische hotspots
De gidsen deelden hand-outs uit, zodat we het één en ander konden meelezen en details nog eens op foto’s konden bekijken. Bij de rondvaart waren lekkernijen en een warme maaltijd inbegrepen, waardoor er nagenoeg de hele rondvaart eten op tafel stond. Dit weerhield de gidsen er niet van ons ook op wat culinaire Indische hotspots te wijzen. Zo zie ik in mijn aantekeningen Café Kadijk aan het Kadijksplein en Hofje van Wijs aan de Zeedijk genoteerd.

Als 3.0’er kon ik het niet allemaal volgen.

De jongste
Omdat een boottocht toch een boottocht blijft en deze een niet al te hip imago hebben, had ik er rekening mee gehouden dat ik wel eens de jongste deelnemer zou kunnen zijn. En waarschijnlijk was dit ook het geval. Er waren wel meer 3.0’ers aan boord, maar de 2.0’ers waren duidelijk in de meerderheid. De gidsen, zelf ook van de tweede generatie, refereerden regelmatig naar feitjes die deze generatie goed kent.  Wanneer het iets van doen had met Indorockers kon ik als (jonge) 3.0’er bijvoorbeeld niet alle feitjes volgen – al zegt dat misschien meer iets over mijn muziekkennis.

Bij de rondvaart zaten snoeperijen, drinken en een warme maaltijd inbegrepen. Het eten en de service waren top. Eigen foto.
Bij de rondvaart zaten snoeperijen, drinken en een warme maaltijd inbegrepen. Het eten en de service waren top.  Foto: Maria Lamslag/ Indisch 3.0 2013

Verhalen
Deze en andere ‘insiders’-anekdotes van de 2.0’ers, deden me wel bedenken hoe leuk mijn vader en mijn tante het boottochtje zouden vinden, en hoe leuk het zou zijn om samen met hen de rondvaart te maken. Behalve de verhalen van de gidsen, zou ik misschien ook wel meer van hun Indische verhalen horen.

Herkenning en nieuwe blikken
Hierin ligt denk ik ook het grootste verschil in de beleving van de middag voor de 2.0’ers en 3.0’ers. Voor de tweede generatie was het volgens mij vooral een middag van herkenning en weerzien, voor mij was het vooral een middag van nieuwe verhalen en een nieuwe blik op plekken in de stad. Mocht je ook aan de rondvaart willen deelnemen, dan is dit wellicht iets om rekening mee te houden. Al deed het af en toe iets niet kunnen volgen, zeker niet af aan de sfeer.

Dit was ongetwijfeld de gezelligste boot op de grachten.

Bekijks
Want ondanks het brave imago van de rondvaarttocht, was dit ongetwijfeld de gezelligste boot die die zaterdag op de grachten te vinden was. Het was soms zo gezellig aan boord, dat de gidsen zelfs met microfoon het geklets amper konden overstemmen. Het gekwebbel, gelach en ge-makan trok ook bekijks van andere (vergeleken met ons opvallende stille) rondvaartboten en mensen langs de grachten. In dat opzicht voelde het al alsof ik de boottocht met mijn familie maakte. De verhalen waren misschien grotendeels nieuw, de gezelligheid was één en al herkenning.

Prachtig weer en uitzicht op het replica VOC-schip De Amsterdam. Eigen foto.
Prachtig weer en uitzicht op het replica VOC-schip De Amsterdam. Foto: Maria Lamslag/ Indisch 3.0 2013.

"Freedom of speech, not freedom after speech."

Films over sociale media in Indonesië

Het Aziatische filmfestival Cinemasia ligt al weer even achter ons. Een paar weken geleden stond De Balie in Amsterdam vanwege dit festival een paar dagen in het teken van films uit en over Azië. De films over – en uit – Indonesië hadden de invloed van social media als rode draad. Wij waren erbij.

Fotografie: Tabitha Lemon. Tekst: Kirsten Vos.

Invloed van sociale media
Met name de films #republiktwitter en Linimassa stonden in het teken van social media in Indonesië – Twitter in het bijzonder. Na afloop van Linimassa had sponsor Hivos een Social Innovators platform georganiseerd. Festivaldirecteur Doris Yeung interviewde regisseur Kuntz Agus (#republiktwitter) en producent Donnie Bu (Linimassa) over de opkomst en invloed van social media.

Doris Yeung (links) interviewt (vlnr) Kuntz Agus (#republiktwitter), Donnie Bu (Linimassa) en Ben Witjes (Hivos). Foto: (c) Indisch 3.0./ Tabitha Lemon.

Trojaans paard
“Linimassa is als een trojaans paard voor onze regering,” vertelt producent Donnie Bu, in reactie op de vraag van Ben Witjes. Die vroeg waarom in Indonesië nog behoefte is aan organisaties als Hivos. Bu vervolgt: “Dankzij fondsen zoals dat van Hivos, konden wij Linimassa op dvd zetten en gratis verzenden. Wij wilden de vrijheid van meningsuiting ter discussie stellen, na de gebeurtenissen rond de uitbarsting van de Merapi en het verhaal van de becak-rijder. Daarvoor hadden we een onderwerp nodig. Dat is Linimassa geworden.”

Becakrijder Harry
‘De’ becak-rijder is Harry van Yogya, die onder reizigers naar Indonesië bekend is geworden omdat hij op Facebook niet alleen zijn Becak-diensten aanbood,’ vertelt Donnie Bu. “Hij gaf reizigers ook tips. Uiteindelijk schreef hij er zelfs een boek over: The Becak Way, over de gewoontes en het sociale leven in Yogya. Hij is nu een bekende Indonesiër en komt op nationale tv.”

Linimassa (2011). Cinemasia 2013
Linimassa (2011). Cinemasia 2013

Grassroots
Kuntz Agus legt uit wat ‘de Merapi’ in gang zette. “Na de uitbarsting van de Merapi in december 2010, kwam er een ‘grassroots’ Twitter-stroom van vrijwilligers op gang. Officiele hulpverlening kwam nauwelijks op gang, dus namen omwonenden zelf het iniatietief om mensen te informeren  over waar opgravingen waren. Waar er mensen onder het puin gehaald werden. Waar hulp nodig was. Zelfs de autoriteiten hielden deze accunts in de gaten.” De posts zijn nog na te lezen via https://twitter.com/jalinmerapi_en

Tweets over de uitbarsting van de Merapi in 2010

Celeb Twits
Kuntz Agus vertelt hoe je in Indonesië geld kan verdienen met Twitter. “Grote Twitteraars, Celeb Twits noemen we ze, of Buzzers, krijgen geld voor het retweeten van tweets. Dit gebeurt veel voor het promoten van producten. Mijn zusje van 15 weet al wat ze wil worden: een Celeb Twit!” In Linimassa speelt de hoofdpersoon een rol in het manipuleren van verkiezingen via Twitter. Hoe weet je wat waar is op Twitter? Agus: “Door de sociale media zelf. Nepaccounts vallen snel genoeg door de mand. ”

#Republictwitter. 7 april 2013, Cinemasia, Amsterdam
#Republiktwitter. 7 april 2013, Cinemasia, Amsterdam

Democratie
Kan je zeggen dat de democratie in Indonesië baat heeft bij sociale media? “Nee,” zegt Donnie Bu. “Twitter is een medium voor de middenklasse.” Agu vult aan: “Dat zijn 10 miljoen mensen, van de 200 miljoen inwoners van Indonesië  In de verkiezingen van 2015 zal Twitter nog geen rol van betekenis hebben, de Tweeps zijn nog te jong.” Bu komt later die middag terug op zijn antwoord. “Nu nog niet.  Maar in 2018 doen misschien wel de eerste twitteraars mee. Dan komt de sociale vernieuwing van onderop.”

Prita Mulyasari. Foto: anak-kolaka.blogspot.com
Free Prita! Foto: anak-kolaka.blogspot.com

Free Prita
Maar zover is het nog niet. Donnie Bu vertelt ook het verhaal van Prita Mulyasari, uit 2008. Deze dame stuurde een e-mail aan wat vrienden, waarin ze zich beklaagde over een ziekenhuis in Jakarta. Voor ze het wist stond ze terecht voor laster en belandde ze in de gevangenis. Via Facebook en Twitter startten mensen ‘Free Prita’, om aandacht voor haar zaak te vragen en hun klein geld in te zamelen om de boete te betalen waarvoor ze veroordeeld was. Uit alle desa’s en kampongs stonden mensen op om geld in te zamelen en te tellen. Het haalde zelfs CNN. “So yes, we have freedom of speech, but not freedom after speech,” concludeert Donnie Bu.