Oproep: lezers van Asta's Ogen of Een Meisje van Honderd!

Mijn naam is Gwen en op dit moment  volg ik de onderzoeksmaster Comparative Literary Studies aan de Universiteit Utrecht en ben ik bezig met mijn afstudeeronderzoek. Ik zoek mensen (2.0 en 3.0) die Asta’s ogen van Eveline Stoel of Een meisje van honderd van Marion Bloem gelezen hebben.

Collectief geheugen

Mijn scriptie gaat over cultural memory (collectief geheugen) van tweede en derde generatie Indo. Met het oog op collectief geheugen onderzoek ik twee romans die als plaatsen van herinnering gezien kunnen worden. De romans die ik gebruik zijn als het ware een soort monumenten. Belangrijk voor mijn scriptie is hoe de romans bij de lezer ontvangen worden. Hiervoor ben ik op zoek naar uitgebreide reacties van tweede en derde generatie Indo’s.

Het verhaal van de Indo

Asta’s ogen van Eveline Stoel is het uitgangspunt van mijn onderzoek. Wat mij bij deze roman opviel, als boekverkoopster en in mijn eigen familie, is dat deze roman vaak doorgegeven wordt aan een volgende lezer omdat het boek het verhaal van de Indo zo goed vertelt. De roman functioneert op deze manier als een soort geschiedenis die doorgegeven wordt. Ik wil deze observatie in mijn afstudeeronderzoek verder uitwerken.

Welke impact op de lezer hadden de twee romans?

Ik vergelijk Asta’s ogen met het boek Een meisje van honderd van Marion Bloem, dat volgens mij ook potentie heeft om zo te functioneren en ik wil de impact van deze twee romans op de lezer verder onderzoeken.Heb jij een van deze boeken gelezen? Dan kun je mij helpen!

Zou je antwoord kunnen gegeven op de volgende vragen?

  1. Ben je Indo? Zo ja, welke generatie? En wat is je link met Indonesië en Nederlands-Indië?
  2. Waarom ben je Asta’s ogen van Eveline Stoel en/of Een meisje van honderd van Marion Bloem gaan lezen?
  3. Had je een gevoel van (h)erkenning? (leg uit)
  4. Sluit het boek aan bij jouw beleving van ‘Indisch’ zijn?
  5. Speelt je achtergrond mee bij het lezen van het boek en zo ja hoe?
  6. Houdt het boek de herinnering van het Indische verleden in stand en is het een roman die je zou doorgeven om die reden?
  7. Wat vond je van het boek?

Laat je reactie achter in de comments of stuur een e-mail naar: G.KerkhofMogot@students.uu.nl

Heel erg bedankt!

Hartelijke groet van Gwen

Lustrum Indisch Herinneringencentrum

‘Een feestje aan het Spui’

Afgelopen zondag werd in het Theater aan het Spui het eerste lustrum gevierd van het Indisch Herinneringencentrum. Het Indisch Herinneringscentrum opende haar deuren in 2009, na twee jaar van grondige voorbereiding. In de afgelopen vijf jaar werden allerlei activiteiten ontplooid, waaronder de publiekspresentatie ‘Het Verhaal van Indië’. De hoogste tijd voor een feestje!

Het Indisch Herinneringencentrum is gevestigd in Arnhem op Landgoed Bronbeek en laat je kennismaken met de Archipel, met de verschrikkingen in de periode 1941 – 1949 en met de veerkrachtige Indische gemeenschap die zich wereldwijd heeft verspreid. Het is een plek voor de Indische gemeenschap om te gedenken, te herdenken en te vieren, met alle generaties samen. Een van de dingen die je er kunt gaan bekijken, is de publiekspresentatie ‘Het Verhaal van Indië’. Deze overzichtstentoonstelling in Museum Bronbeek geeft een beeld van de 350-jarige geschiedenis van Nederlands-Indië. De nadruk ligt op de Tweede Wereldoorlog, het dekolonisatieproces en de gevolgen daarvan voor de Indische gemeenschap. Ook bracht het centrum een educatieve strip uit, ‘De Terugkeer’.

Dit alles werd gevierd in een uitverkochte zaal aan het Spui, met een feestelijk programma met onder andere een bijdrage van Marion Bloem, een performance van Carlo Scheldwacht, Patrick Neumann en Ghislaine Pierie en muziek van Tjendol Sunrise met gastoptreden van bandleden van de Kambing Kings. De presentatie was in handen van Esmeralda Böhm. De beelden spreken voor zich: het was een gezellig Indisch samenzijn.

 

 

Recensie: Een meisje van honderd

Een hartverwarmend verhaal dat doet verlangen naar een ongekend land

Tijdens het lezen van de eerste pagina van Marion Bloems roman Een meisje van honderd bevind ik me als stille getuige in het Nederlands-Indië van 1906. Ik kijk mee over de schouders van hoofdpersoon Moemie en andere personages die in dit verhaal een bijdrage leveren aan 100 jaar familiegeschiedenis. Met het lezen van dit boek hoop ik het gemis van nooit (of half) vertelde verhalen op te vullen.

Helderziende gave
Het verhaal begint met een aangrijpende gebeurtenis; de rituele zelfmoord van de koninklijke familie op Bali waarbij Moemie als baby van nog geen jaar haar familie kwijtraakt. Nadat een Nederlandse soldaat ontdekt dat ze nog leeft, komt Moemie in Semarang (Java) terecht. Steeds op een andere plek, eerst bij een weduwe met kind, daarna in een klooster. Al snel wordt duidelijk dat Moemie een gave heeft. Ze kan praten met geesten van overledenen, in visioenen of dromen, wat haar uiteindelijk bij het gezin van weduwe Van Maldegem brengt. Dit gezin neemt Moemie in huis om de geesten in huis te verjagen. Ook willen mensen Moemie’s advies omdat zij toekomstbeelden ziet. Zo kan zij zien of een echtgenoot trouw is, een familielid is overleden of welk noodlot iemand te wachten staat. Haar helderziendheid beperkt zich niet alleen tot persoonlijke adviezen of contact met individuen. Ook heeft ze visioenen van de Balinese vulkaan Merapi die zal uitbarsten en zelfs van de Twin Towers ramp.

Oorlogs- en bersiaptijd
In een groot deel van het boek wordt een beeld geschetst van Nederlands-Indië ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, de bersiaptijd en de politionele acties. Marion Bloem heeft die periodes pijnlijk goed weergegeven. Bijvoorbeeld in de passages waarin Moemie slachtoffers van het geweld ziet, tijdens haar werk als verpleegster, of in een van haar visioenen: ‘Ze wordt een van vele slachtoffers die zich tegen die overmacht niet kunnen verdedigen. Ze vallen haar van alle kanten met scherpe voorwerpen aan. De gezichten van de aanvallers kenmerken zich niet door afkomst, maar door haat, en de behoefte om te doden.’

Marion Bloem © Ivan Wolffers
Marion Bloem © Ivan Wolffers

Familie
Naast de geschiedenis van Moemie, krijgen we ook inzicht in de levens van de nakomelingen van het pleeggezin waarin zij is opgegroeid. Het perspectief wordt om het hoofdstuk afgewisseld, wat de spanning flink opbouwt. In een hoofdstuk over pleegnichtje Charlotte leer je iets over een gek geworden tante. In een later hoofdstuk waar het perspectief bij Moemie ligt, wordt pas duidelijk hoe dat is gekomen. Op deze manier prikkelt Bloem mijn nieuwsgierigheid. Het boek leg ik het liefst niet meer weg. Ik wil er snel doorheen om meer te weten te komen, en tegelijkertijd hoop ik dat er geen eind aan het verhaal komt.

Kleurrijke beschrijvingen
Bloems kleurrijke beschrijvingen spreken sterk tot de verbeelding.  Ze neemt de lezer mee op reis door de tijd en laat de ontwikkelingen van Nederlands-Indië naar het hedendaagse Indonesië zien. Soms heeft ze een sfeer zo krachtig neergezet dat die bijna beklemmend is. Daarnaast worden veel herkenbare, gezellige momenten van een hechte familie beschreven, waarbij pianomuziek bijna hoorbaar is vanaf de pagina’s. Een meisje van honderd brengt een land dat ik niet kende, hartverwarmend dichtbij.

Voor wie?
Dit boek is vooral een aanrader voor degenen die weinig tot niets weten van hun familieverhalen. Marion Bloem zet een goed tijdsbeeld neer en zorgt voor net wat meer bewustwording van het Indische verleden. Soms is dat hard en confronterend, maar belangrijk als je geïnteresseerd bent in je roots. Na het lezen van dit boek begrijp ik het zwijgen van de eerste generatie veel beter.

Een meisje van honderd. Marion Bloem. De Arbeiderspers. Utrecht, 2012. 19,95 euro.

Vernieuwde Indonesiëzaal open in Museum Volkenkunde

Op 27 oktober 2012 organiseerde National Geographic Magazine, in samenwerking met het Museum Volkenkunde, een lezersdag ter ere van de vernieuwde Indonesiëzaal. Voorafgaand aan het programma van deze dag stap ik, een beetje zenuwachtig omdat het om mijn eerste interview gaat, samen met mederedacteur Liselore Rugebregt het Museum Volkenkunde binnen om te spreken met Anne Marie Woerlee, Manager Public Events.

175 jaar Museum Volkenkunde
Opgericht in 1837, is Museum Volkenkunde één van de oudste volkenkundige musea ter wereld. Dit museum is ontstaan uit de Japanse collectie van Philipp Franz Balthasar von Siebolt, een Duitse arts in Nederlands dienstverband die toentertijd naar Nederlands Indië werd gestuurd, en vanuit daar naar het eiland Deshima, een geïsoleerd eiland in de tijd dat Japan zich afscheidde van de wereld. Anne Marie vertelt: ‘Als arts vroeg Von Siebelt veelal geen geld aan patiënten maar voorwerpen. Hij ging ook één keer per jaar mee op hofreis naar de toenmalige hoofdstad: Edo. Onderweg verzamelde hij van alles aan voorwerpen en had hij een tekenaar bij zich die hij alles vast liet leggen dat hij zag.’ Het museum trekt dan ook veel Japanse bezoekers omdat er in Japan niets bewaard is gebleven. ‘Hiervoor heette het museum het Japansch museum. Vanuit de Japan-collectie is het museum door gaan verzamelen en langzamerhand kreeg het museum steeds meer voorwerpen uit Indonesië. Ook het Koninklijk Kabinet van Zeldzaamheden werd toegevoegd.’

Anne Marie en Wendy in gesprek (c) Liselore Rugebregt / Indisch 3.0 2012

Museum Volkenkunde en National Geographic
Het Museum Volkenkunde is meer dan een algemeen volkenkundig museum. Het is een nationaal museum met een rijkscollectie en heeft aandacht voor alle wereldcontinenten. Anne Marie: ‘De afgelopen twee jaar is er flink gerenoveerd in het museum en is er meteen van de gelegenheid gebruik gemaakt om de opstelling te updaten. Zo is in de Indonesiëzaal aandacht voor de Singosari en kun je nu ook een goudcollectie, een aanvulling van krissen en de poppen van de koningin bezichtigen. Het is dan ook erg leuk om samen met partner National Geographic een lezing te organiseren die aansluit bij de Indonesiëtentoonstelling. Meestal gaat de aandacht uit naar een tijdelijke tentoonstelling, maar op deze manier krijg je meer levendigheid en staan ook vaste tentoonstellingen in the picture.’

‘Dat we nu eeuwen later kunnen zien wat de mensen toen droegen, vind ik heel bijzonder.’

Lombok broche (c) Museum Volkenkunde

Band met Indonesië
Als ik vraag aan Anne Marie wat haar favorieten zijn in de vernieuwde Indonesiëzaal, beginnen haar ogen te glinsteren. ‘De Singosari beelden vind ik erg mooi omdat ze heel groot en stoer zijn. Het zijn prachtige beelden en de verhalen erachter zijn adembenemend. De sieraden vind ik heel ook erg mooi, het is een ware droom om ze eens te mogen dragen.’ De twee grote vitrines in de Indonesiëzaal vormen als het ware een schatkamer van gouden sieraden, rituele gebruiksvoorwerpen en krissen die met goud zijn versierd. Nieuw, en ook één van de pronkstukken in de zaal zijn de poppen van de koningin, die eind 19e eeuw speciaal voor koningin Wilhelmina in Indonesië zijn gemaakt. Anne Marie: ‘Dat we nu eeuwen later kunnen zien wat de mensen toen droegen, vind ik heel bijzonder.’ Ik vraag Anne Marie naar haar band met Indonesië. Ze begint te lachen en vol trots zegt ze: ‘Mijn moeder is daar geboren en dit jaar ben ik er voor het eerst met mijn gezin geweest. De ouders van mijn man komen ook uit Indonesië.’ Gevolgd door de herkenbare woorden: ‘Het voelt als thuis.’

Is dit de lezing van Marion Bloem?
Aansluitend op het interview met Anne Marie en een rondleiding door de Indonesiëzaal, lopen we richting de eerste verdieping waar het programma van de National Geographic lezersdag elk moment van start kan gaan. Meteen worden we bij binnenkomst aangesproken: ‘Welke lezing is dit? Is dit de lezing van Marion Bloem?’ ‘Ja meneer, dat klopt.’ Roepen wij in koor. ‘Pardon mevrouw, is dit de lezing van Marion Bloem?’ ‘Ja, dat klopt…’ Het is meteen duidelijk wat het lokkertje van deze dag is. Wij zijn benieuwd, het programma bestaat uit twee lezingen, een lezing van DWDD-kunstredacteur en historicus Pieter Eckhardt over de poppen van de Koningin, en Marion Bloem die onder andere voor zal lezen uit haar nieuwste roman: Een meisje van honderd. Over deze lezersdag kan ik echter kort wezen, met pijn en moeite wist ik wakker te blijven tijdens het ‘monoloog’ van Pieter Eckhardt, voorgelezen vanaf zijn iPad, en Marion Bloem stond duidelijk onder tijdsdruk tijdens het voorlezen. De woorden kwamen als kogels op ons af en deden op die manier afbreuk aan het verhaal. Ontzettend jammer, deze dag had duidelijk beter gekund.

Niettemin is een bezoek aan het museum en in het bijzonder de Indonesiëzaal zeer zeker de moeite van het bezoeken waard, en Indisch 3.0 mag 2X2 toegangskaartjes verloten. Geef hiervoor antwoord op de volgende vraag:

Noem drie hoogtepunten van de Indonesiëzaal in het Museum Volkenkunde.

Mail je antwoord voor 19 november 2012 naar redactie@indisch3.nl en kijk die dag of jouw naam bekend wordt gemaakt op Facebook.

De poppen van de koningin (c) Museum Volkenkunde

Kinderboekenweek 2012: Hallo Wereld! Hallo Indonesië!

Ontdek vanaf morgen 3 t/m 14 september (verre) landen, bijzondere culturen en fantasiewerelden

Kinderboekenweek 2012 @ Bibliotheek Utrecht (c) Liselore Rugebregt / Indisch 3.0 2012

Hallo Wereld, denk ik met een zorgelijke blik op de regenwolken die in gevaarlijk tempo steeds dichterbij komen. Met een stortbui op mijn hielen (of zal ik zeggen: fietswielen) trap ik wind mee, wind tegen, richting de bibliotheek om de kinderboekenkrant 2012 op te halen. Het thema van de kinderboekenweek 2012 is: Hallo Wereld! Ontdek (verre) landen, bijzondere culturen en fantasiewerelden. De perfecte gelegenheid om mij te verdiepen in kinderboeken over Indonesië of met een Indische inslag, geschreven door zowel Nederlandse als Indische schrijvers.

Na het doorspitten van de kinderboekenkrant en enkele online archieven, valt het mij op dat ‘Indische’ kinderboeken vrijwel allemaal over de oorlog gaan. En enkel de oorlog, definieert naar mijn mening niet de Indische cultuur. Daarom in dit artikel meer aandacht voor Indonesië en de Indonesische cultuur, waar we meer dan genoeg herkenbare Indische elementen terugvinden uit de verhalen van onze Indische grootouders, ouders, ooms en tantes.

Liselore voelt zich wel thuis @ Bibliotheek Utrecht (c) Liselore Rugebregt / Indisch 3.0 2012

Gedurende mijn zoektocht vallen mij drie auteurs op die de afgelopen 30 jaar kinderboeken over Indonesië of met een Indische inslag hebben geschreven: de alom bekende Indische Marion Bloem, de Indische Robin Raven en de Nederlandse Peter Vervloed, wiens vrouw uit Indonesië komt. De link met het Indische of met Indonesië kom ik bij meerdere auteurs tegen gedurende mijn zoektocht. Wat ook opvalt zijn de spirituele thema’s die veelvuldig aan bod komen in de boeken. Zo heeft Peter Vervloed een hele serie over krissen geschreven, en worden andere ‘stille’ krachten zoals magie en geesten niet geschuwd.

Over stille krachten gesproken. Toen ik afgelopen zaterdag de kinderafdeling van de bibliotheek Utrecht bezocht en de catalogus wilde bekijken, bleken de computers niet te werken. Met een sip gezicht stond ik tussen de rijen boekenkasten, ik had geen idee waar ik moest zoeken. Tot ik als vanzelf begon te lopen naar de achterste kast en daar meteen een boek over Indonesië en krissen uit de kast plukte, en mijn blik als vanzelf in een andere boekenkast viel op een prentenboek van de Indische illustrator Thé Tjong-Khing. Toeval of stille krachten?

Kinderboekenweek 2012 @ Bibliotheek Utrecht (c) Liselore Rugebregt / Indisch 3.0 2012

Voor de personen die nog een gat in de markt zoeken, ik ben tot de conclusie gekomen dat er maar weinig boeken voor de allerjongsten te vinden zijn over Indonesië. Natuurlijk zijn er de sprookjesboeken, maar een goed prentenboek of iets dergelijks, daarvan ben ik er maar één tegen gekomen: Ayu and the perfect moon van David Cox. Hoewel in het Engels, ben ik ervan overtuigd dat kinderen genoeg hebben aan hun fantasie bij het zien van de mooie illustraties.

Voor alle (groot)ouders die hun (klein)kinderen willen voorlezen of stimuleren om te lezen over Indonesië en aanverwante onderwerpen, hieronder een selectie van kinderboeken waarvan het merendeel te vinden is in de bibliotheek of in de (online) boekenwinkel. Voel je vrij om aanvullingen te geven.

 

Auteur: Marion Bloem

–       Brieven van Souad (1986)

–       Matabia (1990)

–       De droom van de magere tijger (1996)

–       De kleine krijger (2005) v.a. 10 jaar

Auteur: David Cox

–       Ayu and the perfect moon (1984) v.a. 5 jaar

Auteur: Paula Gomes

–       Ik eet een tijger (1992) 9-12 jaar

Auteur: Ad Hoofs

–       Geleende krachten (2004) v.a. 10 jaar

Auteur: Guus Kuijer

–       Het land van de neushoornvogel (1985)

Auteur: Sandra Lanzing

–       De stenen poortwachter (2005) v.a. 10 jaar

–       Tijgerhout (2007)

Auteur: Robin Raven

–       De vloek van Pak (2006)

–       Strijd in het regenwoud (2007)

–       De avonturen van Tjitjak (2009) v.a. 8 jaar

Auteur: Ruud Spruit

–       De heks van Bali (1995) 9-12 jaar

Auteur: Riet Vanloo

–       Op blote voeten (1996) 9-12 jaar

Auteur: Peter Vervloed

–       De weg terug (1991) v.a. 10 jaar

–       De laatste sprong (1995) v.a. 8 jaar

–       De zeven golven (1996) v.a. 9 jaar

–       Vluchten voor een glimlach (1998) v.a. 10 jaar

–       De macht van de krokodil (2000) v.a. 11 jaar

–       Door merg en been (2000) v.a. 10 jaar

–       De paal in! (2004) v.a. 8 jaar

–       Zwevend bezoek (2005) v.a. 8 jaar

–       Onzichtbare krachten (2005) v.a. 10 jaar

–       Dwars door Sumatra (2005) v.a. 10 jaar

 

P.S. Met het kinderboekenweekgeschenk kunnen kinderen jonger dan 12 jaar van 3 t/m 14 oktober gratis naar het Tropenmuseum (Amsterdam), Museum Volkenkunde (Leiden) en het Afrika Museum (Berg en Dal). 

 

Interview Marion Bloem [deel II – slot]

Al schrijvende wist ik dat ik het moest doen zoals ik het deed

Afgelopen vrijdag vierde Marion Bloem haar zestigste verjaardag. Op deze feestelijke dag publiceerde Indisch 3.0 het eerste deel van een interview waarin Liselore Rugebregt met Marion Bloem terugblikte op enkele highlights in de carrière van deze Indische schrijfster en filmmaakster. Vandaag het tweede en laatste deel van het interview.

Foto: Ivan Wolffers
 ‘Lust je soms geen chocola?’ Marion ziet dat ik de bonbons tijdens het praten niet heb aangeraakt. Nog voordat ik antwoord kan geven, vliegt ze naar de keuken om terug te komen met een keur aan koekjes en een verse pot groene thee. Met onze mokken weer tot aan de rand gevuld, vertelt Marion verder.

Vaders van betekenis

Research

‘Nadat Geen gewoon Indisch meisje en Het land van mijn ouders in 1983 een succes werden, kreeg ik ontzettend veel reacties en continu de vraag of er een deel twee kwam. Maar ik wilde zelf bepalen waar ik wel of niet over zou schrijven of filmen. Ik wilde Vaders van betekenis schrijven. Maar ik moest nog zoveel doen daarvoor. Meer dan honderdtwintig mannen in Amerika heb ik geïnterviewd als onderdeel van mijn research. Ik vroeg deze mannen naar hun kamptijd. Wat was er gebeurd en wat had dit met hen gedaan? Voor mij ging er een wereld open. Een deel van de research heb ik later ook gebruikt in het boek Ver van familie en mijn huidige boek. Ook wilde ik na Het land van mijn ouders een speelfilm maken. Dit werd uiteindelijk een bewerking van mijn roman Ver van familie.’

Ik zie weer een fonkeling in de ogen van Marion verschijnen.

De kleine boeng

Ver van familie is gemaakt met subsidie van Het Gebaar. Daarnaast heb ik mijn eigen geld en privéleven geïnvesteerd in de film. Het Filmfonds kwam wederom met het argument dat ik te weinig afstand van het onderwerp zou hebben. Ik wilde in de film de kleine boeng laten zien, zij die het meest hebben geleden onder de migratie. Het moest gaan over de mensen die er onmiskenbaar Aziatisch uitzagen en daardoor in de voormalige kolonie in het leger terechtkwamen, waarover men zei dat ze ‘aan de rand van de kampong leefden’. De warmte van die mensen is zo bijzonder door het in stand houden van tradities, zoals het Indisch koken en doorgeven van recepten.’ Ik zie weer een fonkeling in de ogen van Marion verschijnen terwijl zij verder vertelt: ‘Ik heb ongelooflijk veel warme en mooie reacties ontvangen, zalen vol huilende mensen, maar er kwam ook hier en daar kritiek  van mensen die hun eigen families niet in de film herkenden. Omdat het een Indische film is, moet dan de gehele Indische gemeenschap zich daarin herkennen? Alsof alle Hollanders zich in een Hollandse film herkennen. De overeenkomst en de bindende factor vind je juist in het migranten- en Indisch koloniaal verleden van de Indische gemeenschap.’

In wat we nu doen, hoe we nu denken, zijn sporen te vinden van de plek die onze ouders in de koloniale samenleving innamen.

Ver van familie

Het onzichtbare zichtbaar maken

Marion kijkt mij recht in mijn ogen terwijl zij verder vertelt. ‘Het interessante aan Indische families, dat is het verleden. De geschiedenis is bepalend geweest voor heden en toekomst. In wat we nu doen, hoe we nu denken, zijn sporen te vinden van de plek die onze ouders in de koloniale samenleving innamen. Van de koloniale tijd kregen we allemaal een stukje mee. Om het heden te begrijpen moet je het verleden kennen. Ieder heeft zijn eigen proces op zijn eigen moment, dat is je goed recht. Hoe meer we ons daar bewust van worden, hoe beter we ons kunnen ontwikkelen. Ook voor de volgende generaties. Zodat ze kennis hebben over bewustzijn, het collectief geheugen, herinneringen, angsten en wensen. Het collectief onbewuste speelt een grotere rol dan we willen beseffen, ervoor weglopen helpt niet. Ik houd mij veel bezig met wat ikzelf noem het onzichtbare zichtbaar maken. In ieder boek probeer ik dat weer op een andere manier naar voren te laten komen. 

Vanuit de buik schrijven

‘Mijn huidige boek Een meisje van honderd gaat eigenlijk over honderd jaar Indische eenzaamheid. Het boek is voor een deel gestoeld op een goede vriendin van mij die, net als de hoofdpersoon in het boek, Moemie heette. Ik ben iemand van de wetenschap, maar toen ik Moemie leerde kennen, raakte ik gefascineerd door haar helderziendheid. Zij zei tegen mij dat als ik schreef, ik altijd geholpen werd. Dat er altijd mensen om mij heen stonden.’ Marion begint steeds iets zachter te praten. ‘Ik snapte niet wat ze zei, geesten? Pas later, toen ik Vaders van betekenis schreef snapte ik wat ze bedoelde. Ik had toen sterk het gevoel te worden geholpen een weg te vinden naar mijn onderbewustzijn. Ik noem dat vanuit de buik schrijven. Hetzelfde gebeurde bij Een meisje van honderd, dat gevoel geholpen te worden, juist ook door echte mensen. En daar ben ik zo dankbaar voor.’

De derde generatie toont meer nieuwsgierigheid en kan op een makkelijkere manier naar het verleden kijken.

Een meisje van honderd

Natuurwetten van het leven

‘Toen mijn uitgever (ook een migrantenkind) Meisje van honderd had gelezen, vertelde ze mij dat ze de pijn kon proeven van de tweede generatie. De tweede generatie die zo duidelijk nog de gevolgen met zich meedraagt van wat de eerste generatie heeft meegemaakt. Terwijl de derde generatie, die zo westers mogelijk is opgevoed en daar de vruchten van plukt, de pijn niet hoeft te voelen. De derde generatie toont meer nieuwsgierigheid, en kan op een makkelijkere manier naar het verleden kijken. Dat verschil is haast voelbaar. Ik heb dat er niet expres ingeschreven, maar gewoon de psychologische wetmatigheden van het leven gevolgd. Tijdens het schrijven heb ik veel hulp gekregen van erg veel mensen. De verhalen kwamen naar mij toe, en al schrijvende wist ik dat ik het moest doen zoals ik het deed.’

Dit jaar zijn er drie boeken van Marion Bloem (opnieuw) uitgekomen. In mei van dit jaar verscheen Het Bali van Bloem. In juni verscheen een betaalbare herdruk van Geen Gewoon Indisch Meisje (1983). Over Een meisje van honderd zal dit najaar een recensie gepubliceerd worden op indisch3.nl.

Bekijk ook eens het project vrijheid/freedom van Marion Bloem op Facebook. 

Winnaars Het Bali van Bloem

Indisch 3.0 organiseerde 24 juli 2012 een prijsvraag over de aard van het jubileum van Marion Bloem. De volgende drie personen ontvangen zo snel mogelijk via de post een exemplaar van Het Bali van Bloem:

 

– Peter van Hamersveld, Amsterdam

– Bernadette van Houten, Castricum

– Bianca Ponnet, Bierbeek – België

 

Indisch 3.0 wenst jullie veel leesplezier toe!

 

 

Interview Marion Bloem [deel I]

‘Als je heel eerlijk bent, is iedereen bezig met waar ie vandaan komt’

Vandaag viert schrijfster Marion Bloem haar zestigste verjaardag. Op deze feestelijke dag publiceert Indisch 3.0 het eerste deel van het interview waarin Liselore Rugebregt met Marion Bloem terugblikt op enkele highlights in de carrière van deze Indische schrijfster en filmmaakster. Volgende week maandag verschijnt het tweede deel van het interview met Marion Bloem. En let op, we hebben een extra tip: alleen vandaag (24 augustus 2012) is Ver van Familie gratis te downloaden als eBook via www.ebook.nl

Foto: Ivan Wolffers

Op de dag van mijn interview met Marion Bloem bel ik, in de stromende regen, aan bij het verkeerde huis.  Gelukkig kom ik er al snel achter dat ik een huis verderop moet zijn en slalom om de regenplassen heen naar de juiste voordeur. Gastvrij wordt ik door Marion binnengehaald, er wordt een pot groene thee gezet en de vraag gesteld of ik op dieet ben. Nou, nee, dat zou mijn Indische oma mij nooit vergeven. Meteen wordt er een schaaltje met bonbons voor mij neergezet. ‘En wel opeten hoor, geen Indische bescheidenheid.’ 

Matabia

Marion begint spontaan te vertellen. ‘Als kind al was ik nieuwsgierig naar de verhalen van mijn grootouders, ooms en tantes. Ik wilde weten wat ze meegemaakt hadden, de aanpassingsproblemen, maar ook wat ze leuk vonden. Mijn oma vond het verrukkelijk om hier in Nederland te zijn. Haar dochter, mijn moeder, was in Nederland zodat haar kinderen goed terecht zouden komen. En de enige reden dat mijn vader hier was, was omdat zijn vrouw naar Nederland wilde. Ik merkte dat iedereen zijn eigen motivatie had om hier te zijn en dat dit verbonden was met iemands ambities. Dat is niet cultuurgebonden, maar heeft te maken met het migrant zijn. Migranten hebben met elkaar gemeen dat zij weggaan uit angst of om het elders beter te hebben, maar iedereen lost dat weer anders op.’

Nuanceverschillen
‘Tot mijn vierde was ik omringd door Indische mensen. Pas toen ik naar school ging, kwam ik erachter dat er twee werelden waren – ik zat daar tussenin. De kinderen op school praatten over ons Indischen in termen van: “Bij jullie stinkt het altijd naar knoflook.” Dan denk je als kind: wie bedoelen ze met jullie? De hele Indische gemeenschap? En wat is Indisch?’ Marion kijkt mij aan met een vragende blik. ‘Bij Indisch families wordt bijvoorbeeld van je verwacht dat je dingen aanvoelt, een blik moet al genoeg zijn. Dat speelt niet bij niet-Indische mensen waardoor je blikken ook anders kan interpreteren of deze mist. Het zijn nuanceverschillen waardoor misverstanden ontstaan. Die momenten, de kleine dingen van de samenleving, kunnen groot worden omdat je er als kind niets van begrijpt.’

Door je bewust te worden van je keuzes, krijg je meer grip op je leven.

Geen gewoon Indisch meisje

Ik doe het toch
‘Al op jonge leeftijd was ik me bewust van mijn angsten. Ik kon dit niet delen met Hollandse kinderen, maar wel met Indische kinderen. Hieruit is het kinderboek Matabia ontstaan, een boek met een Indische hoofdpersoon. Het werd mij afgeraden om vanuit mijn Indische achtergrond te schrijven. Ik kon beter als algemeen auteur carrière maken, zodat ik niet in een hokje geplaatst zou worden. Dat vond ik onzin.’ Er verschijnt een vastberaden blik op het gezicht van Marion. ‘Er is een grote gemeenschap van driehonderdduizend Indische mensen naar Nederland gekomen. Pech dan als jullie het niet uit willen geven, dacht ik, ik doe het toch. Voor Matabia heb ik een aantal awards ontvangen, maar het werd aanvankelijk in Nederland niet echt opgepakt, ik was misschien te vroeg. Tien jaar nadat het  boek uitkwam was er blijkbaar meer belangstelling en werden er alsnog tienduizenden exemplaren van mijn boek verkocht.’

Keuzes
Ondanks de hindernissen heeft Marion zich weten te ontwikkelen als één van de bekendste Indische schrijfsters in Nederland. ‘Ik stuitte op veel weerstand door te willen schrijven over het Indische. Schrijf maar over een gewoon meisje, kreeg ik te horen. Hieruit is Geen gewoon Indisch meisje ontstaan. Ik heb het voornamelijk geschreven voor mijzelf.  Het gaat over jeugdervaringen die te maken hebben met inzien dat je keuzes hebt. Elke keer als je je nek uitsteekt, maak je keuzes. Elke keuze is een nieuw pad, en als je eenmaal op pad bent, kun je over keuzes van jaren terug opnieuw beslissingen nemen. Mensen hebben niet door dat ze telkens keuzes maken. Door je bewust te worden van je keuzes, krijg je meer grip op je leven.’

Als je heel eerlijk bent, is iedereen toch wel bezig met waar ie vandaan komt.

Etnocentrisch denken
‘In hetzelfde jaar dat Geen gewoon Indisch meisje uitkwam, verscheen ook mijn documentaire Het land van mijn ouders. Eigenlijk wilde ik een serie maken waarin alle aspecten van Indisch zijn naar voren kwamen. Maar ik kreeg geen financiering van het Filmfonds. Als Indische zou ik niet genoeg afstand hebben van het onderwerp.’ De ogen van Marion beginnen te fonkelen. ‘Daar werd ik boos om, hoe zat het dan met alle Hollanders die over een Hollands onderwerp een film maakten? Waar is hun afstand? Dat begrepen ze niet, ze zaten zo vast in hun etnocentrisch denken. Ik besloot mijn huishoudgeld te gebruiken om samen met mijn man alvast te gaan filmen. Maar mijn project werd voor de tweede maal afgewezen door het Filmfonds en er liep ook nog eens iemand weg met mijn ideeën.’

Het land van mijn ouders

Op de persoonlijke tour
Toch bleef het bij Marion kriebelen om te filmen. ‘Uiteindelijk besloot ik mijn filmplannen weer op te pakken. Ik besloot toen, op advies, om de kritiek over gebrek aan afstand  in mijn voordeel te laten werken door een ego-document te maken. Hoewel ik niet naar mijn Indische wortels zocht, kon ik mijzelf wel als materiaal gebruiken om alles aan te kaarten wat ik wilde. En als je heel eerlijk bent, is iedereen toch wel bezig met waar ie vandaan komt.’ Ik knik instemmend en Marion vertelt verder. ‘De documentaire is er uiteindelijk toch gekomen. Zeven kopieën zijn er uitgebracht van Het land van mijn ouders en de zalen waren zeven weken lang uitverkocht. De dvd is uitgekozen in een serie van NRC als belangrijke historische documentaires. En nog altijd wordt de dvd verkocht.’

Dit jaar zijn er drie boeken van Marion Bloem (opnieuw) uitgekomen. In mei van dit jaar verscheen Het Bali van Bloem. In juni verscheen een betaalbare herdruk van Geen Gewoon Indisch Meisje (1983)Over Een meisje van honderd zal dit najaar een recensie gepubliceerd worden op indisch3.nl.

Bekijk ook eens het project Vrijheid/Freedom van Marion Bloem op Facebook.

Win Het Bali van Bloem

24 augustus 2012 viert Marion Bloem haar 60e verjaardag. Indisch 3.0 publiceert die dag een interview met de schrijfster, en mag drie exemplaren van Het Bali van Bloem weggeven. 

Wil jij een exemplaar van Het Bali van Bloem winnen? Geef dan antwoord op de volgende vraag:

2012 is voor Marion Bloem een jubileumjaar. Naast haar 60e verjaardag, viert zij dit jaar ook de publicatie van drie boeken. Weet jij de titels van deze boeken?

Mail je antwoord voor 20 augustus 2012 naar: redactie@indisch3.nl, en vermeld hierin ook je adresgegevens.

 

24 augustus zullen de winnaars bekend gemaakt worden. Over de uitslag is geen correspondentie mogelijk.

 

Marion Bloem – Meer dan mannelijk #indischeboekenweek

Lust is sterker dan liefde

De roman Meer dan mannelijk van Marion Bloem gaat over de spanning tussen lust en liefde. Bloem weet die spanning geloofwaardig over te brengen. Helaas voor  hoofdpersoon ‘ik’ slaat de balans door naar lust. De liefde heeft het nakijken en de overdaad aan grafisch beschreven sekspartijen breekt ’ik’ uiteindelijk op. Mij als lezer ook, trouwens.

Week van het Indische boek 2011 marion bloem

De naamloze hoofdpersoon valt als puber knetterhard voor Etna, vriendin van de achterneef van ‘ik’. Als ‘ik’ 13 jaar is, leert de acht jaar oudere Amsterdamse Italiaanse ‘ik’ om haar te beminnen zoals zij dat wil. Uit wraak, zo vertelt ze hem achteraf.

Meer dan mannelijk is het levensverhaal zoals ‘ik’ dat aan het kind vertelt, dat Etna en hij samen gemaakt hebben om goed te maken dat hij als vader afwezig is geweest. De ontmaagding door Etna tussen de klaprozen is het begin van een opwindende liefdesaffaire die de rest van het leven van ‘ik’ aanhoudt. Hij is dan gevierd acteur geworden, Etna internationaal gerenommeerd befaamd regisseur.

De vele orgasmen van de hoofdpersoon in de tot in detail beschreven seksscènes, met onder andere vuistneukende sadomasochistische cougars en rondborstige blondines in drukke postkantoren, voorspellen weinig goeds. En ja hoor, de continu rukkende, likkende, vingerende en stotende ‘ik’ krijgt de rekening gepresenteerd in de vorm van prostaatkanker.

Knap is hoe Bloem de hoofdpersoon laat zappen tussen de verschillende perioden in zijn leven. Mooi aan Meer dan mannelijk is hoe de karakters in het boek zich ontwikkelen. Elk van hen, van ‘ik’ tot zijn ouders of vriendinnen, is hierdoor nodig om het verhaal geloofwaardig en boeiend te houden. Vooral Etna en ‘ik’ geven zich steeds meer bloot. De schuchterheid, verlegenheid en koppigheid waarmee de twee dierlijke minnaars van elkaar zijn gaan houden, maakt de twee hoofdpersonen menselijk, kwetsbaar en herkenbaar.

Charmant zijn de Indische details die Marion Bloem niet toch achterwege kon laten. Zo voert ze een Molukse beveiliger op, een (niet etnisch benoemde) vriendin die een Indonesisch restaurant wil beginnen en noemt gado-gado en nasi goreng als favoriete gerechten van een van de karakters. Daarnaast doen de vele bijnamen denken aan het Indische gebruik om elkaar bij voorkeur een andere naam te geven dan de naam waarmee je geboren bent.

De dampende seksscènes zijn opwindend en erotisch, zeker. Toch lees ik Meer dan mannelijk met een dubbel gevoel uit. Alsof ik net seks heb gehad tegen mijn zin, zeg maar. De hoofdpersoon spuit zichzelf wel erg veel en erg plakkerig klaar. Zoveel dat het gaat irriteren en ‘Ja nou weet ik het wel’-reacties oproept. ‘Sex sells’?

Bovendien, waarom beschrijft de beste man voor zijn kind in geuren kleuren over élk orgasme dat hij gehad heeft? En hoe hij vrouwen euforische orgasmen heeft weten te bezorgen, inclusief de moeder van het kind aan wie de man zijn levensverhaal vertelt? Ik bedoel: welk kind wil dat tot in de grafische, geurende details van zijn ouders weten? Het is dát gebrek aan inlevingsvermogen, dat de geloofwaardigheid van Meer dan mannelijk uiteindelijk onderuit haalt en het boek reduceert tot een, in de woorden van Bloem, ‘geil boek.’

Wil jij zelf bepalen wat je van dit boek vindt? Share dit artikel op Twitter met #indischeboekenweek en maak kans op een van de geschenk-exemplaren! Geen Twitter, wel winnen? Mail dan vijf vrienden de link naar de recensie van het boek dat jij wil winnen en zet redactie@indisch3.nl in de CC! Let op: sharen op Facebook kunnen we niet tracken, alleen RT’s of Tweets #indischeboekenweek komen voor een gratis exemplaar in aanmerking.