Bekende geuren krijgen nieuwe gestaltes tijdens Indische kookwedstrijd 3.0

Terugblik op de SAYAH Gouden Rijstkom 2013

Wat was het ontzettend gaaf. Met een mannetje of 40 stonden we daar, hartje Amsterdam, ontzettend te genieten. Bekende geuren en ingrediënten werden samengevoegd tot nieuwe, eigentijdse spannende gerechten. Overkill of niet, op deze site ontbreekt nog een inhoudelijke reportage van onze kookwedstrijd. Dus nemen we je nog één keer mee terug, naar 4 november 2013, de dag van de cook-off voor de SAYAH Gouden Rijstkom 2013

Fotografie: André Ottevanger. Video: Amber Nefkens.

Tabitha en ik waren al vroeg op locatie – gelukkig, want door het noodweer stonden er kilometerslange files door het hele land. Meerdere deelnemers waren later, waardoor we op het laatst het kookschema omgegooid hadden. Het schema was zo opgebouwd, dat elk kwartier een kandidaat de keuken inging. Een van de inzenders, Stanly Rutten, moest helaas afzeggen. Zo startten we de eerste editie van de Gouden Rijstkom met zeven kandidaten.

Rahmi Dahlan

Rahmi Dahlan was de eerste kandidaat die de keuken in ging. Rahmi Dahlan (40 jaar) uit Noord-Holland heeft als ondernemer een cateringbedrijf aan huis gehad en heeft daarvoor gewerkt als stewardess bij Garuda. Rahmi groeide op in Makassar: “Makassar is beroemd om zijn verse vis uit de oceaan. Bij ons thuis aten wij bijna altijd verse vis, op verschillende manieren bereid. Sinds ik in Nederland woon, mis ik soms mijn traditionele eten van mijn kindertijd.” Rahmi deed mee met  Ikan goreng santen. Jurylid Lonny Gerungan was te spreken over haar gerecht, maar vond het jammer dat zij een bestaand recept veranderd had – daarmee verloor de inzending punten op het onderdeel authenticiteit. “Had dit gerecht gewoon de originele naam gegeven – en had het opgediend met de bijbehorende sambal,” gaf Gerungan de Indonesische mee.

Yvonne Slüper

Even leek het erop dat ons tweede kandidatenkoppel, Yvonne Slüper en Annemarie Bakker uit Den Haag, het niet zou redden. ‘Ik voelde me opeens niet zo goed worden,’ vertrouwde Yvonne me later op de dag toe. Net op het nippertje serveerde ze haar inzending uit: Lemper sajoer paniki. Yvonne Slüper (29 jaar): “Mijn passie voor koken komt zonder twijfel bij mijn moeder vandaan. Mijn band met Indonesië komt van mijn vaders kant.” Yvonne werkt in de wereld web en ict. Voor deze wedstrijd heeft zij een combinatie gemaakt van haar favoriete gerechten: “Ajam Paniki, Sajoer Boontjes en Lemper. Kenmerkend voor deze gerechten vind ik dat ze tijdloos zijn, maar vooral ook erg toegankelijk.” Jurylid Jeff Keasberry complimenteerde Yvonne met de originele presentatie, al vond hij de smaak was tegenvallen. “Zonde! Jullie zijn in de problemen gekomen met de tijd, het gerecht was niet warm meer.”

Francis Kuijk

De derde kandidaat was Francis Kuijk. Francis Kuijk (51 jaar) – die ook mee gedaan heeft met The Taste –  uit Noord-Brabant is zelfstandig ondernemer en auteur van ‘Kripik & kretek”, waarin ze en haar nichtje recepten van hun moeders en oma bundelde. “Met een Indische moeder die altijd in de keuken stond, kon het niet anders zijn dan dat ik deze familiegeheimen mee kreeg van haar.” Francis deed mee aan de cook-off met een Javaanse consommé met gerookte kip en boudin blanc. “Een echt Pascal Jalhaij-gerecht, door de boudin blanc,” vertelde Pascal. “Sterk van je dat je het een consommé hebt genoemd!”

Tim Sprangers

De volgende kandidaat was Tim Sprangers. Tim Sprangers (29 jaar) uit Amsterdam combineert in zijn twee leven twee uit de hand gelopen hobby’s: (schrijven over) muziek en koken.Ik houd veel van de Indische keuken, ben er mee opgegroeid en heb mij de afgelopen tien jaar behoorlijk ontwikkeld als kok en houd van het doorbreken van stigma’s.” Als kok werkte hij in meerdere restaurants in Brabant en Amsterdam en richtte zijn eigen cateringbedrijf op: John Pastinaak. De jury over Tim (in eerste instantie): “Een sober gerecht, ik vond je keuze van je ingrediënten heel erg sterk.”

Cliff Aluy

En zo waren we opeens over de helft. De vijfde kandidaat, Cliff Aluy (27 jaar) uit Noord-Brabant werkt al sinds zijn 16e in de horeca en verdiept zich momenteel onder meer in moleculair koken. Cliff is sous-chef en kookt graag met de ingrediënten van zijn roots; de Aziatische keuken. Zijn inzending heet “Balinees strand”, die hij met assistentie van zijn vriendin opdiende aan de jury. “Als je het hebt over een wedstrijdgerecht, dan is dat jouw gerecht. We hadden wel twijfels over de authenticiteit.”

Raymond Linde

De zesde kandidaat had een flinke wereldreis achter de kiezen om in Amsterdam te komen, maar ze waren er: Raymond Linde met kookmaatje Astrid. Raymond Linde (47 jaar) uit Overijssel is ondernemer en fotograaf en doet samen met Astrid Linde mee aan de kookwedstrijd. Zij hebben een seizoensgerecht ontwikkeld: hert in pittige kokossaus op een bedje van gesmoorde palmkool gegarneerd met rijstkroepoek. Lonny herkende ‘kerak’ in de rijstkroepoek. “Ah, dat ken je niet? Dat verklaart een hoop.”

Alex Lasatira en Mikal Lefevre

We hadden het laatste gerecht niet beter kunnen uitkiezen. Alex Lasatira en Mikal Lefevre hadden een bittergarnituur 3.0 ontwikkeld, mét Bintang. Alex Lasatira (30 jaar) en Mikal Lefevre (26 jaar) uit Noord-Brabant werken allebei in de foodsector en zijn derde generatie Moluks en Indisch. Mikal is freelance fooddesigner en vertelde al eens op onze site over zijn liefde voor koken: “Ik heb een grote passie voor eten verkregen doordat mijn opa altijd in de keuken stond te koken, lekker Indonesische gerechten maken in het kleine keukentje waar mijn vader is opgegroeid.” Alex is sous-chef en ondernemer: “Sinds kleins af aan heb ik altijd met vol bewondering mee gekeken bij mijn oma’s kookkunsten. Hierdoor is mijn passie voor koken en vers eten ontstaan.” “Te gek idee! Origineel. We hadden alleen moeite met de uitvoering. En we hadden gehoopt dat de technieken verfijnder zouden zijn.”

Intermezzo: de jury over de nieuwe Indische keuken

Tussen de presentaties van kandidaten in, presenteerde de jury onder leiding van chef Jalhaij een inspiratievoorbeeld van de nieuwe Indische keuken. “Hiermee willen we mensen inspireren om de Indische keuken weer sexy te maken,” vertelt Jalhaij. Journalist Ronald Hoeben van NRC maakte er een uitgebreide reportage over, die veel reacties heeft opgeroepen.

De uitslag

Verder kregen we een heerlijke lunch aangeboden door restaurant Blauw. Want nee, helaas, het publiek mocht niet meeproeven. We wilden het de kandidaten niet aandoen om ook nog eens voor 30+ man hun gerecht op te dienen. Maar wat zijn we nieuwsgierig geweest naar de smaken.

Juryberaad Gouden Rijstkom
Jeff Keasberry (l), Lonny Gerungan en Pascal Jalhaij (r) overleggen over de uitslag.

Na het juryberaad gingen alle kandidaten bij hun gerecht staan. Als dank voor deelname kregen zij allemaal een medaille voor hun nominatie.

Marc Pieplenbosch was namens SAYAH aanwezig – die alle kandidaten en juryleden naar huis heeft laten gegaan met een exemplaar van deze heerlijke spekkoeklikeur.

DSC_0828
Marc Pieplenbosch van SAYAH Drinks (l) in gesprek met Kirsten Vos (Indisch 3.0)

De drie juryleden hadden elk een eigen aandachtsgebied. Jeff Keasberry lette op de smaak en de passie die bleek uit het verhaal achter het gerecht. Lonny Gerungan beoordeelde de authenticiteit van de gerechten en de kwaliteit van de ingrediënten. Voorzitter Jalhaij waardeerde de presentatie en de kooktechniek. Verder had elk jurylid gelet op algemene kenmerken, zoals hygiene. En toen maakte Pascal de winnaar bekend. Bekijk het in de videoreportage die Amber Nefkens voor Indisch 3.0 maakte. Meer gedetailleerd jurycommentaar vind je in ons YouTube-kanaal. De individuele video’s zijn ingesteld en zullen in de loop van de dag beschikbaar zijn.

Aandenkens

Natuurlijk hebben wij de jury en de vrijwilligers niet met lege handen naar huis laten gaan. Elk jurylid heeft van Indisch 3.0 een persoonlijk aandenken ontvangen en een exemplaar van De smaak van verlangen. Want wat geef je in hemelsnaam aan drie van die specialisten op het gebied van de nieuwe Indische keuken? Een boek over hoe de Indische keuken van toen onze moeders en oma’s in de kampen op de been heeft gehouden leek ons wel gepast.

Op naar de Gouden Rijstkom 2014!
Dank allemaal, voor  jullie enthousiasme, creativiteit en doorzettingsvermogen. We gaan volgend jaar een nóg mooier event maken van de Gouden Rijstkom 2014. Heb jij daar een tip voor, of wil je eraan meewerken? Laat je reactie hieronder achter of verstuur hem met dit reactieformulier. Dit was onze berichtgeving over de SAYAH Gouden Rijstkom 2013.

Tips & belangstelling voor de Gouden Rijstkom 2014?

[contact-form subject=’Over de Gouden Rijstkom 2014′][contact-field label=’Je naam’ type=’name’ required=’1’/][contact-field label=’E-mailadres’ type=’email’ required=’1’/][contact-field label=’Ik reageer omdat’ type=’select’ required=’1′ options=’ik een tip voor jullie heb.,ik volgend jaar wil meehelpen.,ik volgend jaar wil meedoen.’/][contact-field label=’Licht je reactie toe.’ type=’textarea’ required=’1’/][/contact-form]

 

 

Toko's testen

Al een paar jaar publiceren we zo nu en dan een toko-test. Dan gaan enkele van onze redacteuren en verslaggevers, “omdat het moet” (hmm, hmm) proeven hoe lekker het Indische eten bij toko die-of-die eigenlijk is. Die tokotesten gaan we radicaal anders aanpakken. Daarvoor hebben we jullie input nodig.

Waarop beoordeel jij een toko? Vul deze poll in en laat het weten. Onderaan de poll vind je een reactieformulier. Als jij een criterium hebt dat je niet terugvindt in het rijtje, of je vindt iets anders belangrijk, dan kan je dat laten weten met een comment of door het reactieformulier in te vullen.

Sorry, there are no polls available at the moment.

[contact-form subject=’Tokotest beoordeling’][contact-field label=’Naam’ type=’name’/][contact-field label=’Wat ik (verder) belangrijk vind van een toko:’ type=’textarea’ required=’1’/][/contact-form]

3.0 in de keuken: Joe Saleh

‘Voor mij is de heilige drie-eenheid: eten, muziek en schilderen’

Joe Saleh (36), werkzaam als kok in het Filmhuis in Den Haag, heeft een grote passie voor eten, muziek en schilderen. Drie disciplines die volgens Joe heel dicht bij elkaar liggen. Zijn vader vocht tegen de Jappen en zijn moeder behoorde tot de eerste generatie onafhankelijke Indonesiërs. Of Joe een echte 3.0’er is, is dus niet duidelijk. Joe lijkt hier niet veel waarde aan te hechten. Hij wil zichzelf niet profileren als Indisch maar als wereldburger. ‘Koken is een kunstvorm die verschillende landen en culturen met elkaar verbindt. Dat alleen al laat zien hoe klein de wereld eigenlijk is.’

Zowel de grootouders als de ouders van Joe komen uit Java: ‘Het bizarre aan de familiegeschiedenis is dat mijn opa, de vader van mijn moeder, tegen mijn vader gevochten heeft. Mijn opa vocht voor Indonesië. Dus eigenlijk heeft onder andere mijn moeders familie ervoor gezorgd dat mijn vader in 1950 het land uit werd gezet. In 1965 kwam ook mijn moeder in Indonesië in moeilijkheden omdat ze verdacht werd van linkse praktijken. Ze had sympathie voor de andersdenkenden. Ook zij besloot het land te verlaten. In Nederland vonden mijn ouders elkaar pas.’

Joe Saleh. Foto: Rogeiro Monteiro
Joe Saleh. Foto: Rogeiro Monteiro

Ik maak deel uit van deze wereld
In 1995 ging Joe voor het eerst naar Indonesië. Hier ontmoette hij een groot deel van zijn familie: ‘Overeenkomsten heb ik niet echt gevonden. Zij zijn daar opgegroeid, ik in het westen. Destijds liep ik daar op Nikes dus men zag dat ik niet van daar kwam. Dat was voor mij een vreemde gewaarwording. Ik ging juist naar Indonesië om te ontdekken waar mijn roots lagen. Helaas kon ik daar niet goed aarden, maar wat nog erger was, was dat ik bij terugkomst in Nederland ook hier niet meer kon aarden. Ik voelde me ontheemd. Waar hoor ik dan wel? De omzwerving heeft ongeveer tien jaar geduurd tot het besef kwam dat ik zowel daar als hier hoorde. Ik maak deel uit van deze wereld. Dat besef geeft mij rust.’

Mijn gasfornuis is mijn canvas
Joe stond altijd bij zijn moeder in de keuken. Toch is hij, ondanks zijn liefde voor koken, eerst Illustratieve Vormgeving gaan studeren: ‘Ik ben niet afgestudeerd, omdat de passie voor koken toch grotere vormen aannam. Eigenlijk kan koken vergeleken worden met schilderen. Ik zie daar niet zoveel verschil in. Je gebruikt alleen andere zintuigen. Bij schilderen vertaalt het penseel wat in mijn hoofd zit naar het canvas. Als ik kook, is mijn gasfornuis mijn canvas, maar dan met pannen en kleuren. Naast je ogen gebruik je bij het koken nog twee extra zintuigen, je reuk en je smaak.’

Keep up the big smile
Keep up the big  smile is kenmerkend voor Joe: ‘Geen idee of het typisch Indisch is, maar ik probeer het wel aan mijn collega’s mee te geven. Tijdens de laatste avond van de Haarlem culinair dagen was het zo druk dat mijn voormalige chef en ik de bonnen niet meer aankonden. Mijn chef gaf op en zat in een hoekje voor zich uit te kijken. Ik kookte door. Mijn chef zei: wat doe je? Ik antwoordde: Zie je die borden daar? Als we die wegwerken dan hebben we het record verbroken. Mijn chef stond op en kwam naast mij staan. Samen hebben we de borden weggewerkt. Ik was zo blij en zag mijn chef ook helemaal opbloeien. Als het nu druk is, denk ik nog vaak aan dit moment terug. Ooit was het mogelijk dus nu ook.’

Joe Saleh. Foto: Johan Snijders
Joe Saleh. Foto: Johan Snijders

Volks voedsel
Joe houdt vooral van volks voedsel: ‘Het is geen koninklijk voedsel. Het is voedsel dat iedereen eet. Zodra ik een nieuwe cultuur ontdek, wil ik eerst met hulp van de lokale bevolking de traditionele recepten uitproberen om de smaak te achterhalen. Van daaruit ga ik freaken. Wat gebeurt er als ik een andere cultuur erbij pak? Ik experimenteer ook met Indonesisch eten. Zo werkt de Indonesische keuken bijvoorbeeld met gedroogde koriander en de Thaise met verse koriander. Als je verse koriander gaat gebruiken in de Indonesische keuken, krijg je direct al een andere smaak. Dat vind ik interessant. Dat je met de traditionele dingen iets doet, waardoor er iets nieuws ontstaat.’

Heilige drie-eenheid
Joe zal altijd op zoek blijven naar de meest vreemde culinaire combinaties, maar liever gaat hij door in de muziek. Hij geeft mij zijn cd – Joey Retro: As the wind turns : ‘Dit is wat ik wil doen, maar dat wil niet zeggen dat ik stop met koken. Ik moet altijd bezig blijven, niet alleen fysiek, maar ook mentaal. Voor mij is de heilige drie-eenheid: eten, muziek en schilderen. Je bladmuziek is je canvas, dat zijn je pitten. Je wilt altijd dat iets wat je maakt zó in de smaak valt dat men denkt: wauw dit is super nice, of het nu om eten, muziek of kunst gaat. Dat is het eindresultaat.’

Oproep: Ken/ben jij een 3.0’er in de Keuken die mee zou willen werken aan een aflevering van 3.0 in de Keuken? Laat het ons weten door een mailtje te sturen naar nora@indisch3.nl

 

Joe Saleh © DennisWisse
Joe Saleh © DennisWisse

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wil jij ook freaken in de keuken? Probeer dan  pepesan of makreel in pittige Indische tomatensaus met haricovert in tomaat-kokos saus (voor 2 personen)

Pepesan of makreel in pittige Indische tomatensaus met haricovert in tomaat kokos saus
Pepesan of makreel in pittige Indische tomatensaus met haricovert in tomaat kokos saus

Ingrediënten boemboe

2 tomaten
halve paprika

2 teentjes knoflook
3 eetlepels sambal oelek

4 kemiri noten
halve ui

1 dl olie
Peper en zout

Maak met bovenstaande ingrediënten de boemboe voor de makreel,
met een blender of keukenmachine

2 makrelen
2 stengels citroengras (sereh)

2 blaadjes laurierblad

snij kop en staart van makreel af, verwijder ingewanden en spoel de vis schoon
– zet de boemboe met de stengels sereh en de laurierblaadjes op het vuur
– breng de boemboe aan de kook
– doe per makreel een kwart van een sereh stengel en een laurierblad in de buikholte. Voeg ook wat van de saus toe.
– smeer een ovenschaal in met een beetje olie, doe de makreel er in
– voeg de saus toe, schuif het in de oven op 160 graden 20 min.

Tips
– Dek de ovenschaal af met een deksel om uitdrogen te voorkomen
– Zorg ook dat de vis onder staat

Bereiding van Haricoverts in tomaat-kokos saus 

200 gr haricoverts
1 tomaat

halve ui
1 teentje knoflook

50 gr laos
1 stengel sereh

1limoenblad
2 eetlepels sambal oelek

250 ml kokosmelk
scheut vissaus

zet water op voor de haricoverts om te blancheren. Voeg wat zout aan het water.
– snij de kontjes van de haricoverts. Als het water kookt voeg je de haricoverts toe.
– kort blancheren, ze mogen een bite hebben. Als je denkt dat het goed is, meteen spoelen onder koud water. Dan behoudt het z’n prachtige groene kleur.
– snijd ondertussen de knoflook in plakjes, de ui in fijne blokjes, crush de sereh stengel met de achterkant van je (koks)mes of met een hamer, zodat het soepel wordt.
– snij de laos grof. Voeg toe aan een pan gevuld met een scheutje olie. Even fruiten.

– voeg dan de sambal, limoenblad, blokjes tomaat toe. Even fruiten.
– voeg de kokosmelk toe en laat even koken.
– voeg de haricoverts toe en roer goed door.
– voeg vissaus naar smaak toe

3.0 in de Keuken – Kelly Wijntuin-Menkel

‘Niets gaat de vuilnisbak in’

Wie: Kelly Wijntuin – Menkel | Indisch via: vader en moeder | Beroep: Top Secret bij Defensie | Culinaire specialiteiten: Taarten, cupcakes en zelfverzonnen variaties op bestaande Indisch recepten 

Kelly Wijntuin – Menkel (c) Wendy de la Rambeljé / Indisch 3.0 2012

Twee dagen had Kelly (31) nodig voor de sierbloemen op haar spekkoektaart. Voor de spekkoek, die de basis van de taart vormt, draaide ze haar hand niet om, en de fondant nam ‘maar’ een half uurtje in beslag. Vol bewondering kijken wij (Liselore & Wendy) naar de taart die op tafel staat. ‘Willen jullie proeven?’ vraagt Kelly met een gulle lach op haar gezicht en een mes al in de aanslag. Het moge duidelijk zijn, dit is het begin van opnieuw een smakelijke aflevering van 3.0 in de Keuken. 
Foto’s: Wendy de la Rambeljé & Kelly Wijntuin – Menkel

Van moeder op dochter
‘Mijn grootouders kwamen uit Solo en mijn moeder is geboren in Jakarta, ze was vier toen het gezin naar Nederland kwam. Van mijn oma heeft mijn moeder als kind al leren koken: ik was drie toen mijn moeder mij leerde hoe je rijst moest wassen en oeleken. Dylana kan ook al oeleken en meehelpen met koken.’ Dylana, Kelly’s dochter van drie, zit bij ons aan tafel en beaamt trots wat Kelly over haar vertelt.

Stinkende visjes
‘Het eten dat je zelf maakt is toch het lekkerste. Neem bijvoorbeeld soto. De vader van Dylana is Surinaams, maar Surinaamse soto vind ik niet lekker. Ik experimenteer graag met kruiden en maak dan eigen verzinsels klaar zoals sambal goreng spek. Dylana weet inmiddels al veel kruiden te herkennen naar smaak. Dylana, wat is trassi?’ Met grote ogen kijkt Dylana naar haar moeder. ‘Stinkende visjes.’

Trassi en vuurgevechten
‘Over trassi heb ik nog wel een mooi verhaal. Toen ik voor Defensie in Afghanistan zat, heb ik een keer trassi in de ventilator van één van de auto’s gestopt. Wat een geur moet dat gegeven hebben toen ze de airco aanzetten! En bij die auto’s kunnen de ramen niet open. Ik heb daar veel meegemaakt, waaronder twee vuurgevechten. Maar ik ben blij dat ik in dienst ben gegaan. Ik heb daardoor veel ontwikkeling doorgemaakt.’

Taarten
‘Naast mijn werk voor Defensie maak ik sinds vier jaar taarten op bestelling en geef ik workshops onder de naam Kellz Cakery. Dat is ooit eens begonnen met een workshop taarten maken voor mijn moeders verjaardag, maar daar vond ik niet zoveel aan. Mijn interesse werd pas echt gewekt toen ik met een collega meeging naar een workshop cupcakes maken. Daarna heb ik een basisopleiding gevolgd en mezelf steeds meer aangeleerd.’

Kelly’s Kookkunsten (c) Wendy de la Rambeljé / Indisch 3.0 2012

Niets weggooien
‘In het begin mislukte er nog weleens een taart. Nou ja, jammer dan. Dan maakte ik er wel bonbons van. Denk maar niet dat er iets de vuilnisbak in gaat!’ We barsten in lachen uit bij dit duidelijke Indische trekje en nemen nog eens een hap van een stuk spekkoektaart. Kelly vervolgt: ‘Ik heb ook taarten gemaakt voor Indische families. Deze spekkoektaart is eigenlijk een basis voor een bruiloftstaart.’

Indische basis
‘De basis blijft toch eigenlijk altijd Indisch eten. Niet alleen met mijn taarten, ik heb ook nog een tijdje met mijn moeder op bestelling Indische snacks gemaakt. Maar dan niet met kant en klare loempiavelletjes enzo. Ik maak alles zelf. Het is voor mij ook de normaalste zaak van de wereld dat iedereen mee kan eten, er is altijd genoeg. Over eten gesproken. Hebben jullie al honger?’

Ook een keer spekkoek(taart) maken? Hieronder het spekkoekrecept van Kelly.

Spekkoek

Ingrediënten
• 7 eieren
• 250 gr. boter
• 200 gr. lichtbruine basterdsuiker
• 50 gr. bloem
• 1 t.l. zout
• 1 t.l. vanillemerg
• 8 t.l. kaneel
• 4 t.l. kardemon
• 3 t.l. anijspoeder
• 2 t.l. nootmuskaat
• 2 t.l. kruidnagelpoeder
• 50 gr. boter

Bereiding
• Verwarm de oven voor op 175 graden
• Splits de eieren in de dooiers en de eiwitten
• Klop de boter met de suiker tot een lichte, romige massa (ong. 10 min.)
• Roer de eidooiers een voor een door de romige massa
• Zeef de bloem en het zout
• Schep de bloem en het zout met de vanille door het botermengsel
• Klop de eiwitten tot een stevig schuim en spatel dit voorzichtig door het beslag
• Schep een derde deel van het beslag in een andere kom
• Vermeng de specerijen en spatel ze door een derde van het beslag
• Je kunt eventueel pandan-stroop bij het beslag voegen

• Beboter de springvorm van 15 a 20 cm
• Schep een dun laagje licht beslag in de springvorm
• Bak het laagje 10 min in de oven (grilstand)
• Smelt 50 gr. boter
• Neem de vorm uit de oven en smeer een dun laagje boter over het laagje cake
• Schep er een dun laagje gekruid beslag over
• Zet de vorm weer in de oven voor ong. 4 a 5 min.
• Herhaal deze handelingen tot het beslag op is

• Laat de spekkoek eerst even in de vorm afkoelen
• Stort de spekkoek op een rooster of bakpapier, en laat deze volledig koud worden
• Laat de koek minstens een halve dag staan, zodat de smaak zich beter kan ontwikkelen

Tips
• Aan het beslag kunt je ook een scheutje rum of een andere smaak-essence toevoegen
• Ook kun je aan het kruidenbeslag pandan toevoegen (voor de groene laagjes)
• De spekkoek kun je mooi decoreren met fondant of marsepein

Oproep: ken/ben jij iemand die graag in de keuken staat en mee zou willen werken aan een aflevering van 3.0 in de Keuken? Stuur dan een mailtje naar liselore@indisch3.nl

Jonge Indo’s in de liefde – Dioni en Riemke

Dioni en Riemke trouwden een jaar geleden

Toen Riemke (31) uit een lange relatie kwam met de vader van haar kind was daar ineens Dioni (30). Hij hielp met haar toen tweejarige zoontje Tijn én hield haar gezelschap als ze even niet alleen wilde zijn. Toen hij een keer zei ‘Laat mij je baboe maar zijn,’ had Riemke door dat deze jongen echt alles voor haar wilde doen. Op een zonnig terras vertelt het stel hoe ze vier jaar geleden van ‘gewoon vrienden’ een koppel werden en nu een jaar zijn getrouwd.

Riemke, een levendige prater, en  Dioni – iets rustiger maar gepassioneerd in zijn mening – leerden elkaar kennen in de organisatie van een re-enactment groep in Utrecht. Omdat Riemke nog in een relatie zat, bleef het bij vriendschappelijk contact. Maar toen het uit ging met haar ex was Dioni veel bij haar thuis te vinden, als steun en toeverlaat. En op een gegeven moment hoefde Dioni niet meer op de bank te slapen.

Ooms en tantes en andere familie
Dioni is Spaans van vaders kant en Chinees/Indisch via zijn moeder. Zijn moeder is in Nederland geboren, zijn grootouders komen uit Jakarta. Hij is voornamelijk door zijn moeder opgevoed en heeft geen broers of zussen. Riemkes moeder komt uit Lunteren en haar vader uit Amsterdam. Zij komt juist uit een grote familie. Toch heeft Riemke er met Dioni een hoop ‘ooms en tantes’ bij, en inmiddels noemt zij ze zelf ook geregeld zo: ‘ Eerst dacht ik dat al die mensen die hij neef, nicht, of oom en tante noemde, echte familie waren.’  Andersom moest Dioni wennen aan een aanspreekvorm in Riemkes familie: ‘Tutoyeren… Ik vond het erg raar dat Riemke haar zus, die een stuk ouder is (er is sprake van een generatieverschil tussen de zussen– red.) gewoon met  ‘je’ en ‘jij’ aanspreekt.’ Riemke : ‘Maar ze is toch gewoon mijn zus ?’

Riemke en Dioni / foto: Dioni en Riemke
Riemke en Dioni / foto: Dioni en Riemke

‘Gevolgen van daten met een Indische jongen? Ik ben vijf kilo aangekomen!’
Wat vindt Riemke typisch Indisch aan Dioni? ‘Hij kan erg beschermend zijn,  vooral in de buurt  van zwangere vrouwen.’ Dioni: ‘Behulpzaamheid is misschien wel een Indische eigenschap.’ Als ik vraag naar wat hij een minder leuke Indische eigenschap vindt, zegt hij zonder twijfel: ‘Dat hele introverte, dat binnenvetten mag je wat mij betreft weglaten. Introspectie is juist goed, maar je moet niet overdrijven.’ Riemke vult aan: ‘Dioni heeft een grappige combinatie van rustig zijn en Spaans temperament.’ Een ander gevolg van de Indische mix van Indisch en Spaans is dat Riemke vijf kilo aankwam toen ze met Dioni een relatie kreeg. ‘In beide culturen is lekker en uitgebreid eten gebruikelijk, dus dan krijg je dat.’

Het laatste beetje drinken
Wanneer ik eerst nog de indruk heb dat de cultuurverschillen tussen de twee wel meevallen, komt er een stortvloed aan voorbeelden als we het hebben over andere gebruiken en gewoontes. ‘Ik zal nóóit een kris kopen,’ zegt Dioni  stellig. ‘Een kris bezit een stukje van de geest van zijn maker, dus als je een kris koopt van een volslagen vreemde, weet je niet welke energie je in huis haalt.’ Bijgeloof, of goena-goena heeft Dioni sterk van zijn moeder meegekregen. Geen geld tellen na 22:00 uur bijvoorbeeld, of het laatste beetje van je drankje laten staan voor overleden dierbaren. ‘Toen we nog niet zo lang iets hadden, dronk Riemke steeds dat laatste beetje uit mijn glas op. Toen is me zelf pas gaan opvallen dat ik dat deed – het was eerst alleen een onbewuste gewoonte van huis uit.’ Inmiddels vindt hij het óók bewust een mooie gewoonte. ‘Indo’s zijn vaak spiritueel aangelegd. Als ik naar mijn moeder kijk, klopt dat ook wel.’

Dioni en Riemke trouwden een jaar geleden
Dioni en Riemke trouwden een jaar geleden – foto: Dioni & Riemke

Respect voor eigenwaarde
Samen voeden Dioni en Riemke de nu zesjarige Tijn op. Wat willen de twee het jongetje meegeven aan belangrijke waarden? Beiden noemen meteen het belang van een hechte familie en respect voor ouderen. ‘Maar,’ vult Riemke aan, ‘wel gepaard met respect voor eigenwaarde. Je hoeft niet alles te slikken, je mag best voor je eigen mening uitkomen, als je het maar netjes zegt.’ Dioni knikt. ‘Indische families hebben de neiging niet recht voor zijn raap te zeggen wat ze van elkaars gedrag vinden. Wat mij betreft mag het wat directer.’

Jonge Indo's in de Keuken: Lars en Robin Meekel

In_de_keuken_Lars_Robin

De perfecte rijst, recepten op een servetje en een ontplofte keuken. Indisch 3.0 vraagt naar de Indische kookbeleving van de broers Lars (32) en Robin (28) Meekel. Samen met hun (groot)ouders zijn zij één van de families die in Boekoe Bangsa (boek van de familie) over hun lekkerste familierecepten vertellen. Welke gerechten maken zij zelf vaak klaar? En hoe? Eén ding wordt meteen duidelijk: de broers hebben gastvrijheid hoog in het vaandel staan.

Lars en Robin aan de keukentrafel met Boekoe Bangsa © Nora Iburg / Indisch 3.0

Recepten op een servetje

Het is een warme dag als ik bij het appartement van Lars aankom. De flinke trap naar de etage maakt dat ik verhit binnenstorm (misschien was ik ook een beetje te laat). Zodra ik over de drempel stap, wordt mijn jas aangenomen, krijg ik de beste plek aan tafel en staat er een pot thee klaar. Het interview kan beginnen. Lars en Robin Meekel zijn Indisch via hun moeder. Hun grootouders komen beiden uit Java, oma uit Salatiga en opa uit Madiun. Het koken hebben ze van oma Miep Nix geleerd.  Op welke leeftijd de interesse om te koken ontstond? Lars: ‘Het ging heel geleidelijk. Meekijken in de keuken als oma weer eens voor veel te veel mensen aan het koken was.’ Ook kregen ze vaak recepten mee naar huis, vlug op een servetje gekrabbeld. Zoals sajur lodeh of frikadel djagung, één van hun favorieten.

Nasi kuning
Trots laten Robin en Lars foto’s zien in Boekoe Bangsa. ‘Opa en oma hadden wel wat bedenktijd nodig voordat ze aan het boek mee wilden werken. Er komen toch meteen hele verhalen van vroeger los.’  Lars en Robin hebben duidelijk minder bedenktijd nodig gehad. Ze laten zich makkelijk bevragen en in de tussentijd vang ik vermakelijke discussies op over  hoe je nasi kuning klaarmaakt.  Lars: ‘Heb ik wel eens gedaan, maar dat is wel een gedoe toch?’ Robin: ‘Nee joh, er moeten gewoon bepaalde kruiden in.’ ‘Welke dan?’ ‘In ieder geval heel veel verschillende.’ Ondertussen wordt mijn kopje thee steeds bijgeschonken en de citroencake lijkt ook maar niet op te gaan.

Familierecept op een servet © Nora Iburg / Indisch 3.0

Oma’s vingerkootje
Lars en Robin wonen op een steenworp afstand van elkaar in Amsterdam. Ook de rest van de familie woont in de buurt. Ze vinden het dan ook belangrijk om elkaar regelmatig te zien. Op de vraag wat ze aan familiewaarden in het koken meenemen, zijn ze het meteen eens: trouw blijven aan de familierecepten. Robin: ‘We koken zoals we de gerechten zelf kennen uit onze herinnering. Ik wijk niet af van de specifieke ingrediënten die in een gerecht horen.’ Maar ook de basis moet goed zijn, hoe je rijst kookt bijvoorbeeld: drie keer wassen, vingerkootje water – en daarbij houden de broers er rekening mee dat oma’s  vingerkootje natuurlijk veel kleiner is – koken tot er kleine putjes in de rijst vallen en daarna nog stomen.

De beloning
En wat is nu het leukste aan Indisch koken? Robin: ‘Na een avond stappen voor je vrienden gado gado maken.’  Lars: ‘Het opeten! Nee, het leukste is dat de mensen voor wie je kookt van het eten genieten.’ Ook vinden de broers het leuk om, als oma kookt, haar achteraf te helpen met opruimen. ‘Want als oma kookt, dan is het één grote explosie in de keuken.’ Gezelligheid in huiselijke kring en samen genieten van het eten is voor de jongens toch wel de grootste beloning.  Misschien met een tikkeltje geldingsdrang erbij, want de familierecepten zijn onverbiddelijk en een fout is dan snel gemaakt, lijkt mij. Maar dat het dan ook heel lekker is, geloof ik meteen. Het zal me ook niet verbazen als de broers direct na mijn vertrek zijn gaan uitzoeken wat toch weer de juiste kruidenmix is voor de échte nasi kuning.

 

Frikadel Djagung © Nora Iburg / Indisch 3.0

Het familierecept van Lars en Robin: Frikadel Djagung

3 kleine blikjes maïs

½ prei
½ bos selderij
Peper en zout
Nootmuskaat
4 grote tenen knoflook
3 à 4 grote eetlepels pannenkoekenmix
1 ei

Groenten en kruiden in de keukenmachine klein maken. Let op: het mag geen pap worden. Eventueel peper en zout toevoegen. Het mag een beetje zoet smaken. Doe alles in een kom en meng de pannenkoekenmix en het ei  erdoor. In een koekenpan een laagje olie heet laten worden. Met twee eetlepels een hoeveelheid naar keuze van het maïsmengsel in de olie leggen, voorzichtig vormen tot een rond, plat koekje. Aan beide zijden bakken tot ze mooi bruin zijn.

Selamat makan!

Ben jij een Jonge Indo die graag in de keuken staat en zou je wel willen meewerken aan een aflevering van Jonge Indo in de Keuken? Laat het ons weten door een mailtje te sturen naar liselore@indisch3.nl.  

“Ons belang is ervoor te zorgen dat de Oosterse keuken in stand blijft.”

Han Go Go-Tan

Interview met Han Go, creatief directeur van Go-Tan.

Han Go Foto: Go-Tan.
Creatief directeur Han Go. Foto: Go-Tan.

Vanaf vandaag staan ze weer met een grote stand op de Tong-Tong Fair: Go-Tan. Eerder dit jaar was het bedrijf te zien op tv:  met een nieuwe reclame, geproduceerd door Lukkien. Waarom koos Go-Tan voor deze commercial? En wie is Go-Tan eigenlijk – hoe hebben ze het voor elkaar gekregen om al die jaren succesvol te blijven, naast de Unilevers van de wereld? Tijd om eens nader kennis te maken met dit Indo-Chinese bedrijf.

Premièreparty

“De reclamespot is op mijn verjaardag gelanceerd, op 20 januari van dit jaar. We hebben er een heuse premièreparty van gemaakt, van de eerste uitzending, inclusief rode loper, foto’s en een Hollandse fusion-pot,” vertelt de ambitieuze creatief directeur. “Sateh boerenkool, hutspot met buikspek en ayam pedis met zuurkool, dat soort gerechten. We hebben die commercial gemaakt omdat we merkten dat mensen ons, als ze met ons in contact komen, pas ervaren als een echt familiebedrijf. Dat gevoel, dat verhaal, van Go-Tan als familiebedrijf, wilden we breder vertellen.”

Geluk

Hoe Go-Tan is gekomen waar ze nu is, vraag ik hem. “Tja, door ondernemerschap, hard werken, die passie hebben we meegekregen. Maar ook: door geluk. De markt waar wij in opereren, binnen en buiten Nederland, heeft gewoon nog nooit krimp gekend. Bovendien besteden tijdschriften, andere media en grote producenten zoals Unilever veel aandacht aan Oosters eten; daar hebben ook wij baat bij. Er zijn continu partijen die in onze markt investeren.”

Hoe noordelijker het land, hoe pittiger het eten, merken wij.

Sociaal moment

“Daarnaast, wij zijn trouw gebleven aan onze principes en identiteit. Mensen herkennen dat. Eten is niet alleen maar eten,” zegt Han. “Het is een sociaal moment, je deelt meerdere keren op een dag samen iets. En het is iets Oosters. In de moderne tijd staat dit onder druk. Wij vinden eten juist belangrijk, maar vooral: lékker eten. In Nederland is er een enorm sterke basis voor Indisch en Oosters eten. Dat zal nog heel lang zo blijven. Wij als Go-Tan hebben daar ook een functie in. Er zijn zoveel mooie gerechten. Het is aan ons om over die cultuur eromheen te blijven communiceren, in Nederland en in Europa.”

Er zijn continu partijen die in onze markt investeren.

Oosters eten in Europa

“We zien namelijk steeds meer dat de gerechten weliswaar in stand blijven, maar dat de lekkerste dingen uit verschillende (Oosterse) keukens naast elkaar op tafel staan. Onze omzet van 19 miljoen euro komt uit 17 landen. Naast Nederland zijn we vooral succesvol in Frankrijk, België en Scandinavië. Dat zijn fervente Oosterse eters. Hoe minder uitgebreid de eigen keuken, hoe groter de aandacht voor onze keuken. En: hoe noordelijker het land, hoe pittiger het eten, merken wij. In Italie en Frankrijk gebruiken ze nauwelijks pepers. Ja, inderdaad, dat heet wel een Spaanse peper, maar daar is ook alles mee gezegd.”

Toegankelijke Oosterse keuken

Wat mogen we nog meer van Go-Tan verwachten? “Wat wij lang over het hoofd gezien hebben, is dat we ervan uitgingen dat iedereen Oosters kan koken. Dat vinden mensen zelf niet altijd. Daarom gaan we mensen daar veel meer in meenemen. Wat de komende maanden in de schappen komt te liggen, zijn geen nieuwe gerechten. Het zijn bekende gerechten in een nieuwe, laagdrempelige verpakking waardoor iedereen lekker Oosters kan koken. Met authentieke boemboes, maar een heldere uitleg. Sommige mensen hebben gewoon meer informatie nodig om Oosters te kunnen koken. Ons belang is ervoor te zorgen dat de Oosterse keuken in stand blijft. Dat gaan we doen door hem toegankelijker te maken.”

Go Tan maaltijdverpakkingen
Nieuwe Go Tan maaltijdverpakkingen. Foto: Go-Tan

Go-Tan staat vanaf 17 mei a.s. op de Tong-Tong Fair in de Grand Pasar. Grote kans dat je Han Go daar tegenkomt. 

Oproep: Jonge Indo's in de Keuken

Rijsttafel Indisch3 kumpulan

Gezocht: Kokende Indo’s

Cliché of niet, ‘Indisch’ is onlosmakelijk verbonden met ‘eten’. Hetzij Indisch eten, lekker eten, veel  eten, of nog beter: de combinatie van ‘lekker én veel Indisch eten’. Het is niet voor niets dat de blogs en series over ‘eten’ gretig worden gelezen op onze blog.

Foto: Bas de Meijer

Niet alleen is het één van de meest populaire topics op de website, zet een paar Indo’s bij elkaar en het gaat binnen no-time over eten. Wie vindt welk gerecht het lekkerste, welke boemboe’s zijn de beste, in welk Indisch restaurant kom je graag en wie heeft er nog een goed recept voor soto? Máár! Niemand kon of kan zo goed koken als oma!

Welnu, waar je het lekkerste Indische eten kunt vinden, daar zijn we na het daverende succes van ‘De Tokotest’ wel achter. Maar hoe zit het nu eigenlijk met onze eigen kookkunsten? Staat de jongere generatie nog hele dagen in de keuken te zwoegen op de authentieke femilierecepten? Of wordt er lustig op los geëxperimenteerd en ontstaan er geheel nieuwe recepten met dat ene vleugje nostalgische Indische van toen? Om hierachter te komen is de nieuwe serie ‘Jonge
Indo’s in de Keuken’ in het leven geroepen en zijn wij op zoek naar jou!

Sta jij graag in de keuken en wil je graag jouw passie voor Indisch koken met ons delen? Laat het ons weten door een comment achter te laten of stuur een mailtje naar redactie@indisch3.nl.

*** Voor de eerste aflevering van ‘Jonge Indo’s in de Keuken’ zijn wij op zoek naar iemand die zijn of haar kerstspecialiteiten met ons wil delen***

In(disch in) het ziekenhuis

In(disch in) het ziekenhuis

“Rendang, sambal goreng boontjes, frikadel…” somde de aardige verpleger voor mij op. Afleiding had ik nodig terwijl ik op mijn buik lag en net deed alsof er niets aan de hand was. In totale ontkenning was ik. Het infuus dat er pas na vijf pogingen inzat negeerde ik. De bloeddrukmeter die om de paar minuten mijn bovenarm in de wurggreep nam… Die negeerde ik ook. De saturatiemeter om mijn vinger, de echo-beelden van de zenuwen in mijn been, piepjes, rondrennende mensen… Ik zou alles negeren!

Voor het eerst in mijn leven lag ik in het ziekenhuis. Ik zou geopereerd worden aan mijn been en zo groen als ik was: ik was nergens bang voor. Het zou wel loslopen! Waar ik me echter compleet op had verkeken, was het allesoverheersende gevoel van “alleen-zijn” dat met een onverwachte sneltreinvaart op mij afkwam in de pre-operatieve ruimte van het UMC. Van alle kanten fladderden er mensen in het rond. Er werden snoertjes op me aangesloten, vragen op me afgevuurd en vanuit mijn ooghoeken zag ik de gevreesde infuusnaald. Hoe meer er gebeurde, hoe eenzamer ik me voelde en hoe breder de lach op mijn gezicht werd. Als die-hard Indo zou ík toch zeker niet een potje gaan janken daar?!

Kennelijk hadden de goden een beetje medelijden met dat Indische meisje zo alleen en besloten mij te troosten. Een Molukse verpleger dook naast me op en besprak tot in detail de Indische rijsttafel die hij van het weekend had klaargemaakt voor zijn dochter. Terwijl de injectienaalden genadeloos in mijn been werden gestoken, waande ik mij in de betere makan-sferen. De anesthesiste, die ook Indisch bleek, kon meepraten en toen ik uiteindelijk in de O.K. lag en voorbereid werd op de narcose, was het tot mijn verbazing weer een Indo die in mijn gezichtsveld verscheen, “Dit is een zuurstofmasker meid, even goed in- en uitzuchten. Zeg, ben jij Indisch?”

De laatste gedachte voordat de narcose begon te werken, was dat ik niet geloofde in toeval en dat het toch maar een klein Indisch wereldje was… Die herkenning was toch wel fijn en zorgde voor een soort familiegevoel die de eenzaamheid een beetje verdreef!

Toko test #4: Toko Toet, Den Haag

Toko Toet is de oudste toko van Den Haag. Aangezien Den Haag ook nog eens de Indische hoofdstad van Nederland is, zou je dus kunnen zeggen dat tokotest 4 bij de toko der toko’s heeft plaatsgevonden. Ed Caffin en Kirsten Vos hebben zich daarom, samen met gast-tester Armando Ello, tot het uiterste ingespannen om een representatieve indruk te krijgen van het hedendaagse aanbod van deze grande dame onder de toko’s en vrijwel alles geproefd – in kleine hoeveelheden – wat Toko Toet in de aanbieding had.

Toko Toet, Beeklaan 376a, Den Haag

Medewerker Jeremy (29) heet ons hartelijk welkom. De keuken van Toet is te typeren als die van midden-Java, vertelt hij, wat neerkomt op wat zoetere smaken. Zelf is hij een niet-Indische Indo, als kind van een oost-Javaanse vader en een Nederlandse moeder, en getrouwd met een Indonesische (‘mijn vrouwtje kan het beste koken van allemaal’) . De eigenaar, Fred Jansen, zien we die dag niet.

Elke toko heeft betere en mindere gerechten. Dat geldt ook voor toko Toet. Een Indo die zijn toko’s kent, weet waar hij wat het beste kan halen. Op welk gerecht de toko zichzelf onderscheidt? ‘Dat is de sayur lodeh. De ajam pangang. En ik heb ook begrepen dat onze tjendol erg goed is,’ vertelt Jeremy. Gretig hebben wij die uitspraken aan onze smaakpapillen onderworpen.

Om hier alle 25 gerechten te bespreken die we geproefd hebben (ja, we hebben het serieus aangepakt), gaat te ver. We geven jullie daarom de vijf gerechten waar wij voor terug zouden komen en drie gerechten die we toch eerder ergens anders zouden kiezen.

1. Ajam pangang
Gebakken kippenpoten. Het zachte, sappige kippenvlees heeft een heerlijk rokerige smaak. De ketjapsaus maakt het af.

2. Sayur lodeh
Beetgare, knapperige groenten in een pittig-milde kokossaus. Elke smaak is te proeven zonder dat er een overheerst, de smaken samen maken het gerecht perfect in balans.

3. Ikan boemboe bali
Witvis in pittige saus. De vis is stevig en mals, bovendien zonder graten. De boemboe is pittig, zoet en zuur.

4. Tahu taotjo
Tahu met gefermenteerde sojabonen (taotjo). De verrassend donkere smaak van de taotjo-boon is een perfecte combinatie voor de zachte tahu.

5. Toemis kankung
Geroerbakte bladgroente, te vergelijken met spinazie. De eenvoudige, maar heerlijk karakteristieke smaakt maakt dit een ideaal bijgerecht.

Waar komen we niet voor terug? Allereerst de frikadel djagoeng: die is te grof en smaakt alleen maar naar mais. Daarnaast de sambal goreng telor; de trassie overheerst, het ei is smaakloos en heeft een te dikke ‘huid’ gekregen, de saus is ons te zoet. De frikadel lombok heeft zo’n vreemde smaak en papperige structuur, dat we na één hap genoeg hebben.

En de tjendol? De Javaanse suiker en kokos zijn in precies de juiste verhouding: niet te zoet, niet te zwaar, waardoor de smaken elkaar lijken te verlengen. De ‘groene fliebertjes’ (hoe noem je die dingen) van hung-kee meel zijn lekker zacht en sappig. Met die paar blokjes ijs is dit echt een verfrissend drankje.

Het eten van toko Toet heeft ons ontzettend goed gesmaakt en de prijzen zijn prettig. Maar toko der toko’s durven we niet te beweren, als die als zou bestaan. Elke toko heeft zijn eigen signature dishes. Onze beoordeling:

Toko Toet, Beeklaan 376a, Den Haag, www.tokotoet.nl

p.s. Meer filmpjes? Ga naar www.youtube.com/indisch3