3.0 aan de Studie #6: Ellen van der Staal

Universiteit Utrecht (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Universiteit Utrecht (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Universiteit Utrecht (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

Twee maanden geleden heeft Ellen van der Staal (24 jaar) haar mastertitel voor Jeugdstudie behaald. Dit is een Master aansluitend op de bachelor-opleiding Algemene Sociale Wetenschappen, die ze hiervoor heeft afgerond. Beide studies heeft de 24-jarige gevolgd aan de Universiteit Utrecht. Het was nooit bij haar opgekomen om haar Indische roots mee te nemen in haar studie- of onderzoekskeuze.

Ellen heeft een Nederlandse moeder uit Epe en een Indische vader die als 1-jarige uit Surabaya naar Nederland gekomen is. ‘Ik ben een nep-Indo,’ omschrijft Ellen zichzelf, ‘die niet is opgegroeid met de Indische cultuur.’ Voor Ellen bestaat die cultuur uit gastvrijheid, grote families en eten. Daar is ze zelf niet mee opgegroeid. Tóch herkennen mensen in haar omgeving haar als Indisch meisje. Maar ze kan geen antwoorden geven op vragen die mensen haar stellen over de Indische cultuur.

Vrijwilligerswerk
Toeval of niet? Tijdens haar derde bachelorstudiejaar (2010) probeerde Ellen zoveel mogelijk vakken te volgen in één studiejaar, zodat ze drie maanden naar Indonesië kon gaan, om daar vrijwilligerswerk te doen. Dat is gelukt. In de eerste maand heeft Ellen meegeholpen aan het Bali Fresh Female Farmers project in Kintamani-Bali; ze heeft computer- en Engelse les gegeven aan de lokale werknemers. Daarnaast hield ze zich bezig met de kassen en administratieve taken. De tweede maand werkte ze bij een dierenopvang in Sulawesi . In deze opvang had ze de dagelijkse verzorging voor de Makaken-apen. Geweldig vond ze dat. Ellen wilt zeker weer teruggaan naar Indonesië. Borneo en Kalimantan staan hoog op haar lijstje. Ze hoopt haar vriend laten zien hoe het is om met apen te werken én hem naar het land te brengen waar ze in de verte vandaan komt.

Bali Fresh Female Farmers – Foto Ellen van der Staal
Bali Fresh Female Farmers – Foto Ellen van der Staal

Huisgenootje
Iedereen in zijn omgeving kent wel iemand die Indisch is, vindt Ellen. Maar echt Indische vrienden heeft ze niet. Ze zoekt niet snel contact met mensen op basis van uiterlijke kenmerken of omdat ze ‘iets Indisch’ in ze herkent. Ze herkende Indische studenten tijdens haar studieperiode wel, maar ging niet speciaal op ze af. En toch – tijdens haar studententijd had ze een Indisch huisgenootje. ‘Het was een leuk meisje, maar haar achtergrond was niet de basis voor een vriendschap,’ vertelt Ellen.

Gewoontes
Een cultuur is niet makkelijk aan te wijzen. ‘Je moet opgevoed zijn met bepaalde gewoontes, wil je die kunnen toepassen in je dagelijkse omgang met anderen.’ Voor Ellen speelde haar Indische achtergrond geen rol in de omgang met docenten en medestudenten op de universiteit. ‘Misschien heb ik best wel Indische eigenschappen, maar ik herken ze niet,’ mijmert ze. Aan het einde van ons gesprek geeft Ellen toe dat ze zich thuis voelt in Azië. Lachend: ‘Of dat nou tóch stiekem met mijn roots te maken heeft, weet ik niet.’

Lody Meijer, afgestudeerd in Autonome Kunst en Algemene Cultuur Wetenschappen, zal de volgende keer over haar Indische roots vertellen. Wil jij ook meedoen aan deze serie? Stuur dan een mailtje naar liselore@indisch3.nl en vertel wie je bent. Dan nemen we contact met je op.

Dewi in Jakarta #4: kleren maken de vrouw

Kleren maken de vrouw. Dewi Reijs.

Dewi Reijs (29 jaar) is actrice en theatermaakster en gaat voor enige tijd naar Jakarta op zoek naar werk in de filmindustrie. Voor Indisch 3.0 houdt ze tijdelijk een dagboek bij. Dit is de vierde van acht afleveringen.

Kleren maken de vrouw. Dewi Reijs.
Kleren maken de vrouw. Maar welke?

Vrijdag 6 juli

Holy Virgin Mary meets Fatima

De eerste serieuze reden waarom ik ooit actrice wilde worden, is dat ik me veel mag verkleden. Ook buiten werktijd om doe ik daar actief aan mee.

Ik heb zelfs zoveel kleren verzameld, dat mijn kast wel eens aan de achterkant opengebarsten is. Toen heb ik braaf afscheid genomen van een paar stukken en in de Unicef container gedaan – om vervolgens een week later weer met nieuwe items thuis te komen.

Wanneer het op dragen van kleding aan komt, ben ik dus fijngevoelig. Vind ik. Toen ik in Jakarta aankwam, dacht ik te begrijpen hoe de vork in de steel zat maar…tromgeroffel… NEE. Een paar waargebeurde kledingdrama’s.

SCÈNE 1

Op de dag van een familiefeest kom ik in mijn gebloemde jurkje vrolijk huppelend de trap af. Binnen één seconde zie ik aan de stand van mijn tante d’r ogen dat er iets niet in de haak is. “Waar is die lange broek die je bij aankomst aan had?” vraagt ze. Ik weer naar boven om mijn saaie lange grijze broek aan te trekken. En mijn gelen wollen truitje met lange mouwen doe ik voor de zekerheid ook maar direct aan. Zijn die aanstootgevende bovenarmen van mij eindelijk bedekt. Zo.

SCÈNE 2

Besluiteloos kijk ik in mijn koffer. Ik ben uitgenodigd om mee te gaan stappen met M, de bekende presentatrice. Ik doe mijn stijlvolle leren hakjes uit Italië aan en een wapperende roze jurk. Om mijn nek zit een grote goudkleurige ketting met rammelende blaadjes. Ik kom aan in het hippe Bluegrass. M en haar vrienden komen net van een modeshow. Ik kijk naar haar hakken. Die zijn hoog in de overtreffende trap. Ik kijk om mij heen. Alle vrouwen hier dragen dezelfde torenhoge hakken met daarboven loeistrakke mini rokjes. Ik voel mij plotseling een burgertrutje en totaal underdressed.

SCÈNE 3

Ik word gebeld. Ik mag de pilot opnemen waar ik een test voor heb gedaan. Yes! Of ik langs kan komen voor een kledingdoorpas? Natuurlijk! Het is vroeg in de ochtend wanneer ik aan kom. Mijn wallen zijn nog zichtbaar. Een meisje wijst naar het gordijn waarachter ik me kan omkleden. Verbaasd bekijk ik wat ik in mijn handen gedrukt krijg: een korte jeans, bikini topje en een blouse.’Voor welke aflevering is dit?’ vraag ik ongerust. ‘Wanneer je over het strand loopt bij Ancol,’ antwoordt ze. Even later doet ze een knoop in mijn blouse. Voor het eerst sinds 15 jaar is mijn blote buik te zien. Iemand maakt foto’s. Ik zoek  een natuurlijke pose die met de minuut ongemakkelijker wordt.

Als je het mij vraagt, zijn de kledingvoorschriften hier totaal onduidelijk. Liep ik van de winter nog nakend op Bali, in Jakarta is het tonen van de huid boven de knieën en de armen not done. Logisch in een moslimland, zou je denken. Toch zijn er zat vrouwen in Jakarta die er een sletterige stijl op na houden. Hun kledingstijl is in Nederland vooral in de zomer te vinden in Amsterdam Bijlmer of in Rotterdam op de West Kruiskade. Is de keuze in Jakarta dan Holy Virgin Mary meets Fatima?

Gemeentemuseum Den Haag: magisch goud, waardevol zilver

Gemeentemuseum Den Haag. (c) LKrista Doornnosch/ Indisch 3.0 2012
Gemeentemuseum Den Haag. (c) Krista Doornbosch/ Indisch 3.0 2012
Gemeentemuseum Den Haag. (c) Krista Doornbosch/ Indisch 3.0 2012

Reportage Goud uit Java, zilver uit Batavia

Momenteel hebben twee musea aandacht voor zilver en goud uit Indië en Indonesië.  Vorige week las je een repo van Magie van de vrouw, in het Wereldmuseum in Rotterdam (tot 9 september 2012). Deze week schrijft Krista Doornbosch over de expositie in Den Haag, Goud uit Java, Zilver uit Batavia. Een verslag.

Het Gemeentemuseum Den Haag is een waar kunstwerk op zich. Het in 1935 geopende gebouw is ontworpen door één van Nederlands bekendste architecten, Hendrik Petrus Berlage, en behoort zélf tot de collectie van het Gemeentemuseum.  Ik geniet nu al – hoe bijzonder is het om me in een collector’s item te begeven en er de geur van het kunstzinnige verleden en heden op te snuiven.

Schenking
De bijzondere expositie neemt ons mee naar het prekoloniale en koloniale verleden in het voormalige Nederlands-Indië. Onze tijdreis begint bij het goud uit de Javaanse hofcultuur (0-1500 na Christus) en eindigt met het VOC-zilver uit de 17de en 18de eeuw. Aanleiding van deze waardevolle tentoonstelling is de schenking van twintig stukken VOC-zilver van architect C.J. Wagenaar waardoor het Gemeentemuseum over de grootste collectie VOC-zilver ter wereld beschikt. Reden genoeg om ons te verdiepen in dit schitterende verleden.

Aanleiding voor de tentoonstelling is de schenking van twintig stukken VOC-zilver

Magisch goud
In 732 wordt over Java gesproken als Kanakakara, een oud-Javaans woord dat vertaald kan worden als ‘overvloed aan goud’. Het gebruik van gouden voorwerpen was  voorbehouden aan mensen uit de bovenste laag van de maatschappij en aan de goden. Zij droegen gouden sieraden ter verfraaiing, maar ook vanwege de magische krachten van goud. Motieven in de sieraden verhullen de betekenis van het sieraad: kwaadafwerend of geluksbrengend.

Gedachtenisdoosje, geluksring en kwaadafwerend oorring © Krista Doornbosch / Indisch 3.0 2012
Gedachtenisdoosje, geluksring en kwaadafwerend oorring © Krista Doornbosch / Indisch 3.0 2012

De ringen op de afbeelding hebben de vorm van een zegelring en dragen een geluksbrengend motief, de  oorring is een juist voorbeeld van een kwaadafwerend sieraad. Het motief is in de vorm van een demonenkop, herkenbaar aan de bolle ogen, brede neus en mond met de tanden zichtbaar. De scherpe hoek- en snijtanden bijten in de maansikkel. De liggende maansikkel is de stand van de maan zoals die in Indonesië aan de hemel verschijnt.

het Gemeentemuseum heeft de grootste collectie VOC-zilver ter wereld

Gedachteniszilver

Typerend voor het zilver uit Batavia is de mengvorm van de oosterse versieringsmotieven en westerse vormen. Opmerkelijk is het gedachteniszilver waarbij een voorwerp is voorzien van een gekalligrafeerde inscriptie ter nagedachtenis aan een overleden persoon. Veelal werden schenkpirings, presenteerblaadjes, uit het bezit van de overledene geschonken aan de nabestaanden als erfenis. Een enkele keer functioneerde een bijzonder voorwerp als gedachtenisstuk zoals het toiletdoosje op de afbeelding waarop de ‘Jonge Dogther’ Hester Geertruijda Wijlsma wordt herdacht. Het gedachteniszilver met de bijzondere gekalligrafeerde inscriptie vertelt veel over de rijkere inwoners van Batavia in de 17e en 18e eeuw.

De expositie Goud uit Java, zilver uit Batavia geeft inzicht in de historische en magische waarde van het goud en zilver uit het verre prekoloniale en Indische verleden. Een waardevolle tentoonstelling die zeker de moeite waard is om te bezoeken en je te laten meeslepen in de schitterende Javaanse hofcultuur en het VOC-tijdperk.

Ga je ook? Laat ons dan weten wat jij ervan vond.

Goud uit Java, Zilver uit Batavia, 21 april 2012 t/m 4 november 2012.Voor openingstijden, entreeprijzen en overige praktische informatie van het Gemeentemuseum Den Haag: www.gemeentemuseum.nl

 

Win Het Bali van Bloem

24 augustus 2012 viert Marion Bloem haar 60e verjaardag. Indisch 3.0 publiceert die dag een interview met de schrijfster, en mag drie exemplaren van Het Bali van Bloem weggeven. 

Wil jij een exemplaar van Het Bali van Bloem winnen? Geef dan antwoord op de volgende vraag:

2012 is voor Marion Bloem een jubileumjaar. Naast haar 60e verjaardag, viert zij dit jaar ook de publicatie van drie boeken. Weet jij de titels van deze boeken?

Mail je antwoord voor 20 augustus 2012 naar: redactie@indisch3.nl, en vermeld hierin ook je adresgegevens.

 

24 augustus zullen de winnaars bekend gemaakt worden. Over de uitslag is geen correspondentie mogelijk.

 

3.0 in de Media – Levi van Kempen

Levi van Kempen © Anouschka Wardekker

“Binnen de Indische cultuur zijn veel mooie verhalen ontstaan.”

Levi van Kempen © Anouschka Wardekker
Levi van Kempen © Anouschka Wardekker

Als 8-jarig jongetje zong hij het liedje ‘ik wil niet dat je liegt’ van Paul de Leeuw tijdens een mini-playbackshow. Toen wist hij al welke kant hij op zou gaan. Nu is hij bekend als stemacteur, acteur en presentator bij onder andere Disney. Hij geniet van zijn werk, maar kan minstens zoveel genieten van het Indische eten en de cultuur. Ik heb het over de 3.0 in de media: Levi van Kempen (24).

Fotografie: Anouschka Wardekker

Levi is Indisch via zijn vader: zijn grootouders komen uit Tegal en Sukabumi. Levi heeft zowel Indisch, Nederlands als Grieks bloed, maar voelt zich vooral verbonden met zijn Indische afkomst. De presentator heeft een grote liefde voor Indisch eten en omdat hij zelf niet goed kan koken, is hij bijna dagelijks te vinden bij een toko of gaat langs bij zijn ouders. Zijn vader houdt van koken en opent binnenkort in Houten een Indonesische bezorgservice ‘Indo Ketjil’ – De kleine Indo.

Roots reis
Levi is twee keer in Indonesië geweest: ‘Wow hier liggen dus mijn roots, dacht ik toen. Hier komt mijn bloed vandaan en ligt een deel van mijn familiegeschiedenis. Dat is zo bijzonder. Ook heb ik daar de stille kracht van de Indische cultuur ervaren. Met een vriend ging ik een winkel met maskers in. Er kwam een walm op ons af. Ik zag een masker schommelen en beiden kregen we ineens knallende koppijn. We wisten: “Dit is niet goed.” Meteen zijn we naar buiten gegaan en hebben het nog ongeveer twee uur gevoeld. Het kan van alles zijn geweest, maar het blijft frappant.’

Levi van Kempen © Anouschka Wardekker
Levi van Kempen © Anouschka Wardekker

Het wapen van de Van Kempens
Levi hecht heel veel betekenis aan de Indische cultuur. Hij beseft dat zijn familie het niet makkelijk heeft gehad tijdens de oorlog. De broer van zijn opa heeft aan de Birma Spoorlijn gewerkt: ‘Hij heeft het gelukkig overleefd, maar het moet vreselijk zijn geweest. Aan de hand van onze familiegeschiedenis is er, eigenlijk als grap, een familiewapen ontstaan. Een bord met een lepel en een vork. Zo simpel, maar zo veelzeggend. Mijn opa was op dat moment al overleden, maar zijn broer vertelde dat mijn opa en hijzelf het hebben van eten heel erg waardeerden. Tijdens de oorlog heeft mijn opa ongelooflijk veel honger gekend en dankte God elke dag dat hij eten had.’

De Indische Herenclub
Levi is sinds kort lid van de Indische Herenclub. Hiervan mag je alleen lid worden als je een mannelijke Indo bent, werkzaam in de mediawereld. De club bestaat uit ongeveer 20 mannen. Levi is het jongste lid. Het kerndoel van deze club is praten over het oude Nederlands-Indië, samen eten en kijken of ze leuke projecten kunnen opstarten met elkaar. De voorzitter van de club is acteur Martin Schwab: ‘De Indische Herenclub wordt heel serieus genomen. Ik moest een inauguratie speech houden waarin ik iets vertelde over mijn Indische achtergrond, en aangeven waarom ik lid wilde worden.

Levi van Kempen © Anouschka Wardekker
Levi van Kempen © Anouschka Wardekker

Lekker stinken
Waar Levi ook speelt, hij is altijd opzoek naar Indisch eten. Zijn collega’s verbazen zich erover waar hij het elke keer weer vandaan haalt. Tijdens de ‘Je Anne’ tour waarin Levi de rol van ‘Peter’ speelde, wist hij van elke stad waar de toko’s zaten: ‘Zodra we aankwamen hadden we drie kwartier speling. Deze drie kwartier bestond voor mij en Thom Hoffman uit naar de toko lopen, eten halen,  opwarmen, opeten en omkleden. Vervolgens lekker stinken op het toneel. Ik zal geen namen noemen, maar dat werd me niet altijd in dank afgenomen, haha.’

Geinen en keihard werken
Levi geniet van zijn werk. Plezier is één van de grootste motivaties voor Levi om door te gaan: ‘Ik vind het leuk om ergens in uit te blinken. Geinen en keihard werken. Zolang je die mengelmoes hanteert, ben je professioneel bezig. Ik wil continu beter worden en er valt altijd iets te polijsten. Dit brengt mij uiteindelijk dichter bij mijn dromen. Ik barst van de dromen, maar het heeft alleen zin ze uit te spreken als ze je verder kunnen brengen. Ik  zou graag een Nederlands-Indische film willen maken. Op deze manier kan ik me inzetten voor de Indische cultuur. Een prachtige cultuur waarbinnen veel mooie verhalen zijn ontstaan.’

Van welke 3.0 in de media wil jij graag een interview lezen? Of ben jij een 3.0 in de media die mee zou willen werken aan een interview? Laat het ons weten door een e-mail te sturen naar liselore@indisch3.nl 

"De bloedigste oorlog die Nederland ooit voerde"

Politionele acties in Indonesië. Foto: www.verzetsmuseum.org

65 jaar na de eerste politionele actie

Politionele acties. Nederlandse mariniers gaan aan boord van het troepentransportschip L.S.T. Soerabaja voor verscheping naar de eerste politionele actie, Oost-Javaanse kust, 20 juli 1947.
Nederlandse mariniers gaan aan boord van het troepentransportschip L.S.T. Soerabaja voor verscheping naar de eerste politionele actie, Oost-Javaanse kust, 20 juli 1947. Bron: Nationaal Archief.

Vandaag is het 65 jaar geleden dat Nederland in Indonesië de eerste politionele actie startte. Vanavond besteedt de NTR daar op tv aandacht aan, in een reconstructie van 21 juli 1947. Maar hoeveel weten we nou eigenlijk over de Nederlandse daden tijdens die roerige dekolonisatie-periode? Ik spreek erover met Gert Oostindie, directeur van het Koninklijk Instituut voor Taal- Land en Volkenkunde (KITLV).

Een politionele actie is een term die duidt op militaire inzet op binnenlands grondgebied. De acties van Nederland mochten namelijk koste wat kost geen oorlog genoemd worden, valt op internet terug te vindenVorige maand pleitten de directeuren van het NIOD, NIMH en KITLV voor een onderzoek naar deze en andere daden van de Nederlandse regering in de voormalige kolonie Nederlands-Indië tussen 1945 en 1949. Gert Oostindie, woordvoerder namens de drie instituten, vertelt over de aanleiding voor dit voorstel.

Incidenten
“Die vijf jaren zijn, van de hele periode van Nederlandse aanwezigheid in Indonesië, de belangrijkste en de bloedigste: ze bevat de geboorte van een natie én de meest bloedige oorlog die Nederland ooit voerde. De laatste tijd zien we een opeenstapeling van aanklachten, zoals Rawagede. En een nieuwe stroom van incidenten is losgebarsten.”

“Dat we alles al weten is aantoonbare onzin.”

Distantie
“Wij vonden de tijd gekomen om nu eindelijk eens de balans op te maken. Bovendien lijkt, sinds Ben Bot in 2005 verklaarde dat Nederland aan de verkeerde kant van de geschiedenis heeft gestaan, een nieuw tijdperk aangebroken van meer distantie. Dat het Nederlands Instituut voor Militaire Historie aan dit onderzoek wil meewerken, vind ik veelzeggend. Zelfs zij vinden het hoog tijd dat er duidelijkheid komt.”

Breed verhaal
“Wat wij willen is een overzicht bieden van de daden van Nederland in Indonesië in de periode 1945 – 1949. We streven naar een breed verhaal, gebaseerd op feiten, zonder daarbij moralistisch te worden. We willen er geen politiek onderzoek van maken, we willen het zover mogelijk weghalen bij de politiek van vandaag. Of politici nu onderscheid kunnen maken tussen ons verleden en het Indonesië van nu? Tja, dat zouden ze wel moeten kunnen. Sterker nog, dit onderzoek kan die scheiding duidelijk maken.”

“We willen het weghalen bij de politiek van vandaag.”

Kamervragen
“Dat dit voorstel zo prominent in het nieuws gekomen is, verraste ons. De pers nam onze argumenten over en was er meestal positief over. Dat ook Cees Fasseur aangaf dat zijn onderzoek (de Excessennota, 2 juni 1969) slechts een begin was dat een vervolg nodig had, sterkte ons in dat voorstel. Tijdens het vragenuurtje op 19 juni jl. heeft de SP de regering om een reactie per brief gevraagd, daarbij gesteund door D66, GroenLinks en PvdA. VVD steunde de vraag ook, al was dat niet om dezelfde reden als de andere partijen.”

Cofinanciering
“En nu? Ja nu is het afwachten op de reactie van het kabinet. Pas als er een reactie ligt, kunnen we ingaan op de argumenten om dit onderzoek wel of niet op te starten. Je hebt gelijk, natuurlijk, we hebben daar feitelijk geen opdracht voor nodig van de regering. We hebben de bevoegdheid zelf onderzoeken te starten, we willen daar ook zeker eigen middelen voor vrijmaken. Alleen, wil je het echt zo grondig aanpakken als wij van plan zijn, dan hebben we daar cofinanciering voor nodig.”

“Dat Indonesië mee gaat betalen is een misverstand.”

Indonesië
“Nee, dat Indonesië mee gaat betalen is een misverstand dat ontstaan is na het interview in de Volkskrant. We hebben goede contacten met Indonesische onderzoekers, die zijn bereid met ons samen te werken hieraan. Want eigenlijk is het vreemd dat er nooit eerder gezamenlijk onderzoek gedaan is. Overigens, in Indonesië vinden ze ook dat ze te weinig kritisch naar deze periode hebben gekeken. Maar voor de duidelijkheid: onze insteek blijft om een overzicht te maken van het optreden van Nederland. Want zodra we overzicht hebben, weten we ook wat we niet weten. De kritiek dat we alles al weten is aantoonbare onzin.”

Gert Oostindie. Foto: KITLV.
Gert Oostindie. Foto: Ron Stam.

Oostindie
“Of ik persoonlijk een band heb met Indië? Vanwege mijn achternaam zeker? Die vraag krijg ik vaker. Ik zou een spannend verhaal kunnen ophangen, in VOC-archieven vond ik een Hendrik Oostindie, maar dat is waarschijnlijk geen voorvader. Ik ben, na me vooral in de geschiedenis van Latijns-Amerika en de Caraiben te hebben verdiept, in 2000 directeur geworden van het KITLV. Ik heb in het afgelopen decennium veel geleerd over Indië en Indonesië. Inmiddels ben ik behoorlijk thuis in Indische en Indonesische kringen, maar daar heeft mijn achternaam niets mee te maken.”

Wat vind jij eigenlijk van het voorstel van deze drie onderzoeksinstituten? Djempol of sudah, al? Waarom? 

Sorry, there are no polls available at the moment.

Over de eerste politionele actie (21 juli – 5 augustus 1947) kan je vanavond een reconstructie zien in het tv-programma ‘Nederland valt aan’. Nederland 2, 20.50 – 21.50 uur. 

Dewi in Jakarta #3: 'Selamat datang'

Dewi Reijs (29 jaar) is actrice en theatermaakster en gaat voor enige tijd naar Jakarta op zoek naar werk in de filmindustrie. Voor Indisch 3.0 houdt ze tijdelijk een dagboek bij. Dit is de derde van acht afleveringen.

Vrijdag 29 juni.
Mijn eerste 2 weken

HUIS = RUMAH
Het huis van mijn oom waar ik verblijf is het beste te omschrijven als de villa uit de jaren ‘90 hitserie; “The Fresh Prince of Bel-Air”. Met niet één maar twee bedienden. Op mijn tweede avond heb ik een etentje in de stad. Ik weet dat het netjes is om op tijd terug te zijn, maar wat is dat hier eigenlijk? Iets voor 12-en? Ik ben natuurlijk later. Voorzichtig doe ik het hek open en loop naar de zijdeur: dicht. Dan naar de deur van de bedienden: dicht. Ik loop drie keer hetzelfde rondje en begin zachtjes met kloppen, dan bons ik iets harder: geen gehoor.

Het is beter dat ik niemand in het huis wakker maak. Mijn familie hier is moslim en ze staan elke ochtend héél vroeg op om te bidden. Ik inspecteer de zijkant van het huis. Ik trap mijn hakken uit en klim in mijn maagdelijk witte jurkje naar boven, het eerste balkon op. Daar is de deur óók dicht. Ik zie een klein raampje openstaan en wurm mijzelf naar binnen. Mijn handen zijn zwart van het vuil. Even later lig ik met bonzend hart eindelijk in bed. Plotseling gaat de deur met een zwaai open. Mijn oom en tante zijn wakker geworden, ze dachten dat er ingebroken werd.

SCHOOL = SEKOLAH
Voor alle duidelijkheid: mijn basiskennis van het Indonesisch bestaat uit woordjes die met eten te maken hebben en wat Javaanse scheldwoordjes. Ik ga naar UNIVERSITAS ATMA JAYA waar ik drie keer in de week privélessen volg. Mijn guru Ima is erg leuk en knijpt mij in mijn bovenarm wanneer ik een goed antwoord geef. Jawel, de persoonlijke benadering. Ik maak braaf mijn huiswerk en probeer zoveel mogelijk woordjes te leren. Woordjes die ik niet ken, compenseer ik met halve toneelstukjes om duidelijk te maken wat ik wil – succes is niet altijd verzekerd.

VRIENDEN = TEMAN
Ik leer al snel de ideale mensen kennen. D., mijn achterneef, een moderne jongen van begin twintig met precies hetzelfde gevoel voor humor. T. is een razend vrolijke Hollander die voor het Ritz Carlton Hotel werkt, met hem ga ik naar een expatfeestje en drink ik bier – dàt mag “thuis” niet. Daar kom ik M. tegen, een bekende presentatrice te zijn. Hopelijk kan zij mij aan een paar interessante castingbureaus helpen.

WERK = BEKERJA
Ik gooi al mijn hengels uit om contacten te leggen. Ik heb contact met een bekende regisseur. Ze wil mij ontmoeten, maar haar agenda zit propvol. Afwachten dus. Na twee weken doe ik een test als presentatrice voor een pilot-programma over de geschiedenis van Indonesië met Nederland. Ik krijg een dag van tevoren mijn tekst binnen. VIER pagina’s in het “Bahasa Indonesia”. Mijn god. Ik schakel neef D. in om mij te helpen. Tot laat in de avond oefenen we samen. Onzeker vraag ik hoe ik klink.

‘Honestly, Dewi?’
‘Yes?’
‘Like a bule’ (Lees: een illegale NL-er die net een paar woordjes uit een boekje heeft geleerd.)
Ik lach.
“Just keep on smiling, that will help you.”

Magie van de Vrouw

Wereldmuseum Rotterdam. Foto: (c) Christie Haalboom/ Indisch 3.0 2012

Geheime codes ontrafelen

Wereldmuseum Rotterdam. Foto (c) Christie Haalboom/ Indisch 3.0 2012
Wereldmuseum Rotterdam. Foto (c) Christie Haalboom/ Indisch 3.0 2012

Momenteel hebben twee musea aandacht voor zilver en goud uit Indië en Indonesië.  Om te beginnen is daar het Wereldmuseum in Rotterdam, waar je tot 9 september 2012 Magie van de vrouw kan bezoeken. Daarnaast biedt het Gemeentemuseum in Den Haag de expo Goud uit Java, Zilver uit Batavia. Over beide maken we een repo, en we beginnen in Rotterdam, met een verslag van Christie Haalboom. 

De directeur van het Wereldmuseum, Stanley Bremer, vertelt dat vrouwen loyale bezoekers zijn. Als hij gesprekken opvangt of praatjes aanknoopt, valt de fascinatie van zijn publiek voor textiel en sieraden hem op. Het verbaast mij niets; vrouwen = shoppen = kleding = stoffen. Totaal logisch, toch? Een oppervlakkige gedachtengang die geen recht doet aan deze tentoonstelling met artefacten uit Indonesië over vrouw zijn. De doeken die tentoongesteld zijn, zijn veel meer dan gewoon mooi: ze bestaan uit geheime codes, dualistische symboliek en proberen het mysterie van het universum te ontrafelen. Ze zijn het tastbare product van de magie van de vrouw.

Vervlogen tijden

De chique, witte trap met de rode loper leidt je naar de tweede verdieping met de expo. Vanuit de lichte hal betreed je een ruimte die veel donkerder is, waardoor je het gevoel krijgt dat je een andere wereld in stapt. Prachtige portretten van Indische vrouwen in traditionele gewaden uit vervlogen tijden begroeten je. Rechts speelt een film. Ik hoor iets over ‘magische patronen, het bruidspaar en voorspoed’ en ben meteen nieuwsgierig. Ik ben pas geleden ten huwelijk gevraagd en een beetje geluk afdwingen voor de toekomst is natuurlijk nooit verkeerd.

Prachtige portretten begroeten je. Foto: © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012
Prachtige portretten begroeten je. Foto: © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012

Schaamplaatjes

Het trouwthema komt meerdere malen terug in de tentoonstelling, zo moeten meisjes minstens één pua (gewaad) geweven hebben voor ze gaan trouwen. Komt de man om de hand van een meisje vragen en is de familie niet geïnteresseerd dan wordt dat kenbaar gemaakt door het tonen van een batik met de afbeelding van een mes. Mooie grote, ronde en hartvormige gouden hangers blijken ‘schaamplaatjes’ te zijn. Zou dat nou lekker zitten onder een trouwjurk? Er hangt een trouwweefsel met ‘wolken zwanger van vruchtbaarheid’, want zodra er getrouwd is, moeten er kinderen komen. De herhaalde patronen op een weefsel verbeelden de repeterende energie van positief en negatief, die staan voor eindeloos elkaar opvolgende generaties.

Hogere wiskunde of magie

Als grafisch ontwerper ben ik gek op patronen. Het samenspel in vorm en kleur is fijn om naar te kijken. Mijn audiotourgids vertelt me dat ‘het concept van dualiteit van twee tegengestelde, elkaar aanvullende categoriën één van de grondbeginselen is van de Indonesische cultuur’. Man, vrouw, donker, licht, laag en hoog. Vogels versus – ejaculerende – reptielen. Nooit geweten dat er zoveel filosofie in mijn sarongs zat! Ik krijg bewondering voor de vrouwen die ikats weven. Hierbij wordt de draad eerst geverfd, maar door haar op bepaalde plekken af te binden, blijft ze daar blanco. Tijdens het weven ontstaat er een patroon. Is het hogere wiskunde, kunst of magie?

Een pua uit Kalimantan. Foto: © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012
Een pua uit Kalimantan. Foto: © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012

Universeel en tijdloos

Pratend met de hartelijke suppoost, kom ik erachter dat veel bezoekers oudere mensen zijn. Sommigen hebben een band met Indonesië, maar lang niet altijd. Hij merkt niet veel van al die magie in één ruimte, ‘maar misschien moet je daar voor open staan’. Wel was er een duo dat helemaal opging in de tentoonstelling en gefascineerd elk doek besprak. Terecht, de onderliggende wijsheid die uit de doeken spreekt is universeel en tijdloos. In de huidige wereld waarin verdeeldheid ons opbreekt, kunnen we daar nog veel van leren.

 Sta jij open voor de magie van de vrouw en wil je ook gaan kijken? Dat kan tot 9 september 2012. Laat ons weten wat je ervan vond! Het Wereldmuseum is van dinsdag tot en met zondag geopend van 10.00 – 20.00 uur. Toegang € 12. Meer info vind je op de website.

Indo 3.0 op de Werkvloer: Carrie Ronodihardjo

Carrie Ronodihardjo trots op Garuda © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012

 

Carrie Ronodihardjo met zijn collega's © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012
Carrie Ronodihardjo met zijn collega’s © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012

Naam: Carrie Ronodihardjo

Hoe lang werk je al bij Garuda Indonesia?

Officeel zit ik hier nu anderhalf jaar , maar ik begon in augustus 2010 toen ik hier mijn derde jaars stage van mijn opleiding Commericele Economie/Sportmarketing liep. Dus bij elkaar ben ik hier al bijna twee jaar te vinden.

Hoe ben je hier terecht gekomen?

Ik ben hier toen terecht gekomen doordat ik al contact had met de toenmalige General Manager. Garuda Indonesia was net weer begonnen met vliegen naar Europa en ik zocht toen toevallig een stage in het kader van de derde-jaars stage van mijn opleiding. Hij vroeg of ik het leuk zou vinden om een steentje bij te dragen. Als Indonesier en liefhebber van vliegtuigen sla je natuurlijk ook niet zo’n aanbod af.

Na mijn stage dacht ik dat het afgelopen was totdat de toenmalige Sales Manager mij vroeg ik wilde blijven. En sindsdien zit ik hier op mijn plek.

Wat is het leukste aan jouw baan?

Het leukste aan mijn baan is het bedrijf zelf. Ik denk niet dat ik bij een andere airline zou willen werken. Garuda Indonesia is echt een bedrijf waar je trots op bent als Indonesier als je hier werkt. Ook de samenwerking met mijn collega’s is heel leuk, het voelt echt aan als een grote familie. Daarnaast doe ik het werk wat ik heel leuk vind. Het maken van analyses en marketing om nog meer passagiers te trekken, trekt mij heel erg. Dus ik vind het erg leuk om hier te werken en mijn steentje bij te dragen om Garuda Indonesia nog groter te maken.

Carrie Ronodihardjo op zijn werkplek © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012
Carrie Ronodihardjo op zijn werkplek © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012
Carrie Ronodihardjo trots op Garuda © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012
Carrie Ronodihardjo trots op Garuda © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012
Carrie Ronodihardjo met het nieuwe toestel van Garuda © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012
Carrie Ronodihardjo met het nieuwe toestel van Garuda © Tabitha Lemon/Indisch 3.0 2012

Jonge Indo wordt 3.0

Soeda, al, die discussies over leeftijd.

Vanaf morgen heten de “Jonge Indo”-series op Indisch3.nl “3.0”. Dat heeft de redactie afgelopen weekend besloten, tijdens de maandelijkse redactievergadering. Hiermee komt een einde aan de discussies over leeftijd op Indisch 3.0.

Al vanaf de start van de allereerste serie, Jonge Indo in de Provincie, kregen we de vraag waarom we een leeftijdsgrens (36 jaar) hanteerden. We wilden – en willen –  in de eerste plaats een online plek wilden zijn waar jonge Indo’s terecht konden. Voor 50+’ers was er al veel te vinden, zowel online als offline.

Onbedoeld sloten we met die leeftijdsgrens echter een grote groep 3.0’ers buiten: de derde generatie is namelijk divers samengesteld, met vroege vogels die inmiddels de 50 naderen en jonkies van 10 jaar. Met deze wijziging willen we onderstrepen dat we een platform zijn voor in elk geval de gehéle derde generatie Indische Nederlanders.  Wij als redactie zullen erop letten dat de verschillende leeftijdsgroepen in de series voldoende aan bod komen.

Euh maar hoe zat het ook alweer met die generaties?