3.0 aan de studie: Mel Krul

Mel Krul, een vlotte Indische 23-jarige student, zit in zijn scriptiefase van de studie Redactie en Mediaproductie op de Hogeschool Amsterdam. Tijdens dit interview voor Indisch 3.0 praat Mel voor het eerst over zijn achtergrond. ‘Het is toch wel een beetje souldigging.

Lifestyle and design
Mel Krul wilde graag werken voor een modeblad . ‘Ik interesseer me heel veel voor lifestyle en design. De opleiding Fashion Design die ik volgde was ook heel leuk , maar het was best een zware studie.’ Hij zag zichzelf er niet staan, ontwerpen maken in een klein kantoortje voor een bekend modemerk. ‘Ik doe het als hobby erbij. Als mensen iets nodig hebben, van knoopjes aannaaien tot een hele jurk maken, dan doe ik dat. Ik ontwerp ook kleding, gewoon omdat ik het leuk vind,’ vertelt Mel.

Zijn huidige studie Redactie en Mediaproductie op de Hogeschool Amsterdam heeft te maken met alle aspecten van de mediawereld, van tv series- kranten tot aan tijdschriften. ‘Ik kan redacteur worden bij een tv-show, krant of website, maar ik kan ook terechtkomen als bureauredacteur bij een krant of uitgeverij. Momenteel werk ik vier dagen bij een marketingbureau en één dag in de week werk ik aan mijn scriptie.’

Fusion marketing
‘Mijn scriptie is voornamelijk gebaseerd op Fusion Marketing. Dit is het succesvol toepassen van traditionele, online en content marketingstrategieën. Een voorbeeld van een fusion marketingstrategie is Customer Media. Hoe moet je de consument bereiken met de juiste media op het juiste tijdstip op de juiste plaats. En op welke manier schrijf je een artikel dat vervolgens hoog op Google verschijnt?’ In Nederland wordt dit reeds toegepast, alleen staat het nog niet bekend als Fusion Marketing. Veel Nederlandse bedrijven doen het nog met de losse hand. ‘Het is nog heel nieuw en omdat ik veel met content bezig ben, vind ik het heel interessant om marketingstrategieën op de content toe te passen.’ Het Indisch-zijn heeft geen rol gehad op Mel’s studie- en onderzoek keuze. ‘Ik heb Indonesië niet als doel in de vraagstelling van mijn scriptie gebruikt. Simpelweg heeft  het onderwerp geen raakvlakken met Indonesië en dus geen toegevoegde waarde voor mijn scriptie.’

Foto: Mel Krul
Foto: Mel Krul

 

Niet vandaag maar morgen
Als ik hem vraag over Indische gewoontes in vergelijking met niet-Indische studenten, denkt Mel direct aan de woorden van zijn moeder. ‘Aan het begin van mijn studie heb ik met heel veel pijn en moeite ‘het uitstellen’ moeten afleren. Mijn moeder zei altijd dat ik deze gewoonte had. ‘Wat vandaag niet af is, komt morgen wel.’ Deze eigenschap heeft Mel gelukkig kunnen doorbreken.

In het wereldje waarin hij nu zit, heeft hij altijd te maken met deadlines. In de omgang met docenten en medestudenten speelt Mel’s achtergrond geen rol. ‘Ik denk dat het meer afhankelijk is van opvoeding en niet zozeer door afkomst. Alhoewel ik denk dat wij Indische mensen toch amicaler kunnen zijn. Het duurt bij ons langer om mensen te leren kennen, maar vervolgens worden we wel snel close.

‘Over het algemeen hebben Hollanders misschien toch wel een soort van wall om zich heen. Eigenlijk ben ik een verwesterde Indo, alleen het eten zit er bij mij heel erg in. Zeker wel twee keer per week komen vrienden bij mij eten.’ Mel woont met twee kamergenoten en merkt stiekem een verschilletje als het om eten gaat. ‘Ik heb altijd geleerd als je kookt en anderen zitten erbij, dan is het onbeleefd zelf te eten en anderen niks aan te bieden.’

Pedas?
Mel’s vriendenkring bestaat onder andere uit veel Indische en Indonesische vrienden, uit Zuid-Limburg tot Groningen. ‘Met mijn Indische vrienden ga ik vaak naar het Tropenmuseum. Mijn Indonesische vrienden heb ik vooral leren kennen bij het uitgaan.’ Hij zoekt ze niet persé op, maar het gaat wel soms automatisch vertelt hij.

‘Je begint toch met de vraag, waar kom je vandaan? Dan voel ik gelijk een band. Ik vind ook dat de Indischen soms wel erg pedas kunnen zijn, ze zijn scherp in wat ze zeggen. Als ze iets vinden, dan zeggen ze dat ook meteen.’ Ik reageer even verbaasd omdat er over het algemeen wordt gezegd dat Indische mensen juist bescheiden en teruggetrokken zijn.

Mel haakt hierop in. ‘Ik zie dat er een groot verschil zit tussen de mensen die in Indonesië zijn geboren en in Nederland. Indonesiërs zijn meer ingetogen en heel lief. Ik ben juist meer iemand van straight to the point.’

Indische mensen die pedas zijn, dat was een opmerking die mij aan het denken heeft gezet na dit interview. Wat vinden jullie hiervan?

Pedas?   Bron: http://www.indonesisch-culinair.nl/ingredient/375-rawit.html
Pedas? Bron: http://www.indonesisch-culinair.nl/ingredient/375-rawit.html

 

3.0 aan de studie: Ghitha Tutupoly

Ghitha tijdens de pauze op school © Ghitha Tutupoly

Zal haar keuze vallen op een praktijkgerichte opleiding of gaat ze een studie volgen waar ze meer met haar neus in de boeken moet zitten? In deze serie ontmoet ik Ghitha Tutupoly. Een 16-jarige beleefde scholiere die mij weet te boeien met haar verhaal over haar Indische roots en haar voorbereidingen op een studiekeuze na de HAVO.

Indisch voelen
Ghitha is de jongste dochter uit een Indisch gezin, woonachtig in Leiden. Haar moeder is geboren in Jakarta en haar vader komt uit Malang. Op 7-jarige leeftijd bezocht Ghitha voor het eerst het land van haar ouders. Het was een ontdekkingsreis met toeristische uitstapjes. Ze vindt Indonesië heel speciaal. ‘Het is gewoon een gedeelte van jezelf.’ Op de vraag of Ghitha zich Indisch voelt, lacht ze: ‘Het is grappig, in Indonesië heb ik echt het gevoel dat ik Hollands ben, maar in Nederland voel ik me Indisch.’ Als vriendinnen Ghitha thuis ophalen, staat ze vaak nog niet klaar. ‘Ik kan soms zo chaotisch zijn, dat vind ik echt een Indische eigenschap. In Indonesië gaan de dingen niet gehaast en het woord stress komt zelden voor.’

Ghitha wordt geïnterviewd door Charlene Vodegel © Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2013
Ghitha wordt geïnterviewd door Charlene Vodegel © Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2013

Etiquette
In haar klas komt ze over als een beleefd meisje, bekent Ghitha. Ze begroet elke docent altijd vrolijk met ‘Goedemorgen!’, hoe slecht de dag misschien ook is begonnen. Ze lacht: ‘Ik wil niet dat andere mensen last krijgen van mijn slechte humeur.’ De beleefdheid naar docenten uit zich door hen met u aan te spreken. ‘Ik gedraag mijzelf altijd in een gezelschap.’ Wanneer ze bij vriendinnen thuis is geweest, bedankt ze hen hier altijd netjes voor. ‘Dat is de etiquette die ik van mijn ouders heb geleerd,’ legt ze uit. Op school heeft Ghitha geen Indische vrienden, wel bij haar sportclub van Pencak Silat. Ze komt daar veel Indische mensen tegen. Het is één grote familie.

Studiekeuze
Ter voorbereiding op haar studiekeuze bezocht dit spontane Indische meisje verschillende voorlichtingsavonden op hogescholen. Ghitha vertelt: ‘Pedagogiek heb ik altijd interessant gevonden. Vooral het bestuderen hoe kinderen of volwassenen in bepaalde situaties reageren en hoe ik daarbij kan helpen. Alleen is deze opleiding erg gericht op de theorie. Ik doe toch liever iets met mijn handen dan dat ik uren met mijn neus in de boeken zit,’ geeft ze toe. ‘Ik vind het leuker om praktijkgericht bezig te zijn.’ Om die reden lijkt de studie Hotel-en Eventmanagement Ghitha erg aantrekkelijk. In het hotelwezen kun je alle kanten op. Van gastvrouw zijn tot je bezig houden met het horecagedeelte.

Ghitha tijdens de pauze op school © Ghitha Tutupoly
Ghitha tijdens de pauze op school © Ghitha Tutupoly

Stijlvolle hotels
Het liefste zou Ghitha tijdens haar studie stage gaan lopen in Indonesië. Tijdens haar vakanties heeft ze namelijk haar hart verloren aan de mooie hotels die daar gevestigd zijn. De creativiteit komt meer naar voren, vindt ze. De kamers zijn per verdieping ingericht in verschillende stijlen, dit geeft een aparte uitstraling. Zo is er voor ieder wat wils. Ghitha: ‘De hotels zijn stijlvoller ingericht. Ik vind het in Nederland vaak te overdreven chique of zijn de standaardkamers juist te eenvoudig. Maar ja, dat is mijn mening.’ Het is dus niet verbazingwekkend dat de opleiding Hotel- en Eventmanagement hoog op Ghitha’s verlanglijstje staat. Want stage lopen in zo’n mooi hotel, daar droomt ze van.

3.0 aan de Studie: Jarah de Jong

Jarah de Jong is 24 jaar oud en net afgestudeerd voor zijn bachelorstudie Mediatechnologie.  Deze Molukse 3.0’er houdt van alles dat te maken heeft met  het ontwikkelen van websites en de technologie die daarbij komt kijken. Tegenwoordig denkt Jarah na over hoe hij met de kennis uit zijn studie iets kan betekenen voor de Molukken.

Mystiek

Jarah is geboren en getogen in Zeeland en komt uit een Moluks gezin. In 1951 kwam zijn vader vanuit Semarang naar Nederland. Zijn moeder is geboren in Vlissingen. Indrukwekkende verhalen over Ambon worden vooral verteld door zijn oma en geven Jarah een beeld  van het leven van zijn familie in vroegere tijden. ‘Wat ik vooral bijzonder vind aan de verhalen van mijn oma, is de ‘mystiek’ erin. Het zijn ervaringen die ik nu niet zomaar kan uitleggen, je moet dat zelf ervaren,’ zegt Jarah met kippenvel. Tijdens zijn eerste vakantie naar Ambon, zei hij bij aankomst meteen:  ‘Wow ja, dit is het!’  De mist die er hing, de palmbomen en alle Molukse mensen bij elkaar waren voor hem het herkenbaar decor van de familieverhalen.

Jarah de Jong 2012. Stage in het 2e studiejaar: Mediatechnologie. Foto: Jarah de Jong.
Stage in het 2e studiejaar: Mediatechnologie. Foto: Jarah de Jong.

Moluks voelen

Jarah begon met een MBO-opleiding: website-ontwikkelaar. Vervolgens studeerde hij Media-technologie aan de Hogeschool Rotterdam. Jarah vertelt dat hij een meeloopstage heeft doorlopen en verschillende opdrachten deed voor klanten in de zorg. Zijn Molukse achtergrond speelde geen rol in zijn studiekeuze. Ook maakten de Molukse gewoonten die Jarah van huis uit heeft meegekregen, hem niet anders op school. ‘Het is niet zo van, oh ik ben Moluks, dus ik ga anders praten. Ik ben gewoon hoe ik ben’. Jarah sluit zich wel gemakkelijker aan bij Molukse jongeren. Hoewel hij meer Nederlandse dan Molukse vrienden heeft, voelt hij een klik met Molukse jongeren. Hij zal hen eerder aanspreken op een verjaardagsfeestje. Hij lacht: ‘Het is niet om te discrimineren, maar je zit in hetzelfde schuitje. Taal, cultuur en gewoontes zijn iets vanzelfsprekends onder Molukse jongeren.’ Ik vraag me af wat hij bedoelt met taal: ‘Begin je met: “Hey apa kabar?”’ Jarah schudt zijn hoofd. ‘Ik vind het gewoon leuk om af en toe Maleis te kunnen praten.’

Stichting Samenwerking Vlissingen Ambon

Ook al speelde zijn achtergrond geen rol bij zijn studiekeuze, toch zou Jarah graag zijn kennis gebruiken om iets voor de mensen op Ambon te betekenen. Daarom heeft hij een paar jaar geleden de website opgezet voor Stichting Samenwerking Vlissingen Ambon (SSVA). Deze stichting wil de levensomstandigheden op Ambon verbeteren. In 2007 werkte Jarah zelf mee aan een project, waarbij hij onderzocht in hoeverre men op het eiland toegang tot internet heeft. Deze ervaring heeft hem aan het denken gezet. ‘Ik hoop ooit een internetcafé te beginnen in Ambon, dat daar ‘warung internet’ of ‘warnet’ heet. Met als hoofddoel: werk creëren voor de mensen daar.’ Mooie woorden om mee af te sluiten. Succes, Jarah!

Warung Internet (warnet) Internetcafé – Foto:  http://cybercrawler.wordpress.com
Warung Internet (warnet) Internetcafé – Foto:
http://cybercrawler.wordpress.com

3.0 aan de studie #7: Lody Meijer

Lody Meijer wordt geïnterviewd voor Indisch3.0 – (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Lody Meijer wordt geïnterviewd voor Indisch3.0  – (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Lody Meijer tijdens het interview met Indisch3.0 – (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

Met haar altijd aanwezige interesse in kunst, heeft Lody Meijer (26 jaar) Autonome Kunst gestudeerd aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. En niet lang geleden heeft ze haar bachelortitel behaald in Algemene Cultuurwetenschappen. Hoe hebben haar Indische roots haar studiekeuze beïnvloed? Aflevering 7 van 3.0 aan de studie.

Tijdens haar studie Autonome Kunst hield ze zich voornamelijk bezig met Conceptuele kunst. Deze vorm van kunst gaat over het idee achter het werk. Het is de bedoeling om het publiek actief te laten meedenken over de vraag: ‘Waar gaat dit over?’ Mensen kunnen Lody een Indo, Indisch meisje of Indische Nederlander noemen. Tóch had het Indisch-zijn geen invloed tijdens haar schoolperiode en studiekeuze. Al kan Lody zich vaag herinneren op de middelbare school een presentatie te hebben gegeven over Indische kunstenaars.

Hollander versus Nederlander
Lody is, als dochter van een Hollandse vader en een Indische moeder uit Harderwijk, opgegroeid met de Hollandse en Indische cultuur. Heel apart vind ik hoe Lody haar interpretatie geeft aan het verschil tussen Nederlands en Hollands. Zij ziet een scheidingslijn tussen deze twee begrippen. Met ‘Nederlands’ bedoelt ze de nationaliteit en met ‘Hollands’ de culturele achtergrond van een in Nederland geboren en getogen persoon die geen gemengde achtergrond heeft. Een persoon met een etnische achtergrond die in Nederland geboren en getogen is, zal niet snel een Hollander genoemd worden.

Wat heeft identiteit eigenlijk voor waarde?

Identiteit
Vroeger was Lody meer bezig met haar Indische achtergrond. Ze werd nooit opgemerkt als ‘Indo’. Dit zorgde ervoor dat ze zich ging afvragen wat identiteit eigenlijk voor waarde heeft en waaruit deze bestaat. Ze besloot een essay te schrijven met als titel: ‘Authenticiteit eigenzinnigheid’. Ze is hierdoor veel gaan nadenken over welke dingen haar eigenlijk vormen als mens. Die dingen hebben te maken met de steden waar ze woont-plaatsen die ze bezoekt-mensen die ze tegenkomt-gesprekken die ze voert-boeken die ze leest en de verhalen die haar verteld worden.

'Ik ben gewoon Lody’ –  Foto: Lody Meijer
‘Ik ben gewoon Lody’ – Foto: Lody Meijer

Vertrouwd gevoel
Hierdoor besefte ze dat het Indisch-zijn slechts één onderdeel is dat haar identiteit heeft gevormd. ‘Ik ben gewoon Lody’, lacht ze. ‘Ja, ik ben een Indo, ik hou van lekker koken, ik hecht waarde aan familie en ik ben gastvrij.’ Tijdens haar vakanties in Indonesië kwam er een vertrouwd gevoel naar boven, ondanks dat ze zich een toerist voelde. Waarschijnlijk komt dit doordat ze omringd werd door Indische personen en verhalen in haar jeugd.

Ik ben gewoon Lody.

Indische vrienden
Lody was niet op zoek naar Indische studenten op school, ze ging gewoon met iedereen om. Toevallig heeft ze wél Indische vrienden en Lody merkt inderdaad dat er dingen zijn die je deelt, zoals de opvoeding, lekker koken en naar de Pasar Malam gaan.

Indische bescheidenheid
Op de kunstacademie kwam Lody’s Indische bescheidenheid naar voren. Iedereen was met zichzelf bezig, er moest gevochten worden om een plekje. In het begin had ze moeite om met die directheid om te gaan. Maar door de jaren heen neemt Lody een minder afwachtende houding aan en zegt ze sneller waar het op staat. Alleen vindt ze dat je niet altijd ‘ja en amen’ moet zeggen tegen docenten. ‘Je kan best op een beleefde manier zeggen dat je het ergens niet mee eens bent.’

3.0 aan de Studie #6: Ellen van der Staal

Universiteit Utrecht (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Universiteit Utrecht (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Universiteit Utrecht (c) Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

Twee maanden geleden heeft Ellen van der Staal (24 jaar) haar mastertitel voor Jeugdstudie behaald. Dit is een Master aansluitend op de bachelor-opleiding Algemene Sociale Wetenschappen, die ze hiervoor heeft afgerond. Beide studies heeft de 24-jarige gevolgd aan de Universiteit Utrecht. Het was nooit bij haar opgekomen om haar Indische roots mee te nemen in haar studie- of onderzoekskeuze.

Ellen heeft een Nederlandse moeder uit Epe en een Indische vader die als 1-jarige uit Surabaya naar Nederland gekomen is. ‘Ik ben een nep-Indo,’ omschrijft Ellen zichzelf, ‘die niet is opgegroeid met de Indische cultuur.’ Voor Ellen bestaat die cultuur uit gastvrijheid, grote families en eten. Daar is ze zelf niet mee opgegroeid. Tóch herkennen mensen in haar omgeving haar als Indisch meisje. Maar ze kan geen antwoorden geven op vragen die mensen haar stellen over de Indische cultuur.

Vrijwilligerswerk
Toeval of niet? Tijdens haar derde bachelorstudiejaar (2010) probeerde Ellen zoveel mogelijk vakken te volgen in één studiejaar, zodat ze drie maanden naar Indonesië kon gaan, om daar vrijwilligerswerk te doen. Dat is gelukt. In de eerste maand heeft Ellen meegeholpen aan het Bali Fresh Female Farmers project in Kintamani-Bali; ze heeft computer- en Engelse les gegeven aan de lokale werknemers. Daarnaast hield ze zich bezig met de kassen en administratieve taken. De tweede maand werkte ze bij een dierenopvang in Sulawesi . In deze opvang had ze de dagelijkse verzorging voor de Makaken-apen. Geweldig vond ze dat. Ellen wilt zeker weer teruggaan naar Indonesië. Borneo en Kalimantan staan hoog op haar lijstje. Ze hoopt haar vriend laten zien hoe het is om met apen te werken én hem naar het land te brengen waar ze in de verte vandaan komt.

Bali Fresh Female Farmers – Foto Ellen van der Staal
Bali Fresh Female Farmers – Foto Ellen van der Staal

Huisgenootje
Iedereen in zijn omgeving kent wel iemand die Indisch is, vindt Ellen. Maar echt Indische vrienden heeft ze niet. Ze zoekt niet snel contact met mensen op basis van uiterlijke kenmerken of omdat ze ‘iets Indisch’ in ze herkent. Ze herkende Indische studenten tijdens haar studieperiode wel, maar ging niet speciaal op ze af. En toch – tijdens haar studententijd had ze een Indisch huisgenootje. ‘Het was een leuk meisje, maar haar achtergrond was niet de basis voor een vriendschap,’ vertelt Ellen.

Gewoontes
Een cultuur is niet makkelijk aan te wijzen. ‘Je moet opgevoed zijn met bepaalde gewoontes, wil je die kunnen toepassen in je dagelijkse omgang met anderen.’ Voor Ellen speelde haar Indische achtergrond geen rol in de omgang met docenten en medestudenten op de universiteit. ‘Misschien heb ik best wel Indische eigenschappen, maar ik herken ze niet,’ mijmert ze. Aan het einde van ons gesprek geeft Ellen toe dat ze zich thuis voelt in Azië. Lachend: ‘Of dat nou tóch stiekem met mijn roots te maken heeft, weet ik niet.’

Lody Meijer, afgestudeerd in Autonome Kunst en Algemene Cultuur Wetenschappen, zal de volgende keer over haar Indische roots vertellen. Wil jij ook meedoen aan deze serie? Stuur dan een mailtje naar liselore@indisch3.nl en vertel wie je bent. Dan nemen we contact met je op.

Jonge Indo aan de Studie #5: Jeffrey Klavert

Studie van Jeffrey Klavert: Sociologie (FSW/ EUR) – Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

De nieuwsgierigheid naar zijn Indische roots speelde altijd een sterke rol in het leven van Jeffrey Klavert (24 jaar). In de vijfde aflevering van Jonge Indo aan de Studie spreek ik deze student Sociologie, die zijn laatste Bachelor-jaar doet aan de faculteit Sociale der Wetenschappen (Erasmus Universiteit Rotterdam). Beiden ouders zijn Indisch: zijn vader is geboren in Tegal (midden-Java) en zijn moeder in Sungai-Gerong (zuid-Sumatra).

Jeffrey Klavert voor de Erasmus Universiteit  Rotterdam – Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Jeffrey Klavert voor de Erasmus Universiteit Rotterdam – Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

Indonesië
Opgegroeid met de Indische verhalen van zijn opa, vond Jeffrey het niet nodig om zich met zijn studie te verdiepen in zijn roots. Door die verhalen heeft Jeffrey een duidelijk beeld over Indonesië kunnen creëren. ‘Vanwege zijn ervaringen in Indonesië, kon ik begrijpen waarom mijn opa is geworden wie hij is.’  In Jeffrey’s gedachten was Indonesië nooit een vreemde plek, maar hij hoefde niet per sé naar dat land. Totdat hij zijn beste vriend wilde opzoeken, die naar Indonesië was verhuisd.

Studie van Jeffrey Klavert:  Sociologie (FSW/ EUR) – Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Jeffrey Klavert: Sociologie (FSW/ EUR) – Foto: Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

Respect
‘Ik kwam meer voor mijn beste vriend, anders was ik niet zo snel naar Indonesië gegaan’, geeft Jeffrey toe.  Zonder problemen kon hij langs de Indonesische douane lopen, hij werd behandeld als iemand die weer thuis kwam van weggeweest. ‘Dit zal door mijn uiterlijk komen,’ dacht Jeffrey. Terugkijkend: ‘Ik zag mijzelf niet terug in de Indonesische cultuur, daar ben ik te Westers voor.’ Jeffrey vindt dat Indonesiërs van dezelfde sociale klasse elkaar sneller respect tonen, dan iemand van een lagere klasse. In de Indische cultuur is dat anders: daar hebben mensen respect voor elkaar, ongeacht je status.

Indische opvoeding
In de omgang met docenten en medestudenten werd Jeffrey’s Indische kant zichtbaar. Hij botste tegen bepaalde dingen aan, zoals directheid. Indische mensen zijn tactvoller, ze laten mensen in hun waarde. Professoren vroegen hem waarom hij altijd zo beleefd sprak. Hij legde dan zijn Indische opvoeding uit: altijd beleefd en rustig overkomen, respect tonen en met twee woorden spreken.

Jeffrey Klavert vertelt over zijn Indische roots – Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Jeffrey Klavert vertelt over zijn Indische roots. Foto: Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

Studeren
Tijdens de samenwerking met medestudenten valt het Indisch-zijn van Jeffrey niet  op. ‘Ik ben in Nederland geboren, daarom neem ik een bepaalde werkhouding aan. ’ Hij probeert  studie en privé gescheiden te houden en past zich aan een situatie. Om zijn studiezaken in orde te houden, heeft Jeffrey een agenda hard nodig. Hij geeft toe dat hij chaotisch, ongestructureerd is en geen planningen kan maken. Dit kenmerkt hijzelf als typische Indische eigenschappen. Als ik vraag naar Indische gewoontes in vergelijking met andere studenten,  kan Jeffrey alleen aan eten denken. ‘ Voor mij is het de normaalste zaak om eten te delen, mensen te trakteren en vragen of ze al hebben gegeten.’

Jeffrey heeft een agenda hard nodig. Hij geeft toe dat hij chaotisch, ongestructureerd is en geen planningen kan maken. Typisch Indisch, vindt hij.

Jeffrey Klavert in de collegezaal – Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012
Jeffrey Klavert in de collegezaal – Charlene Vodegel / Indisch 3.0 2012

Andere culturen
Ook vindt Jeffrey dat Indische jongeren onbewust iets met elkaar delen. Hij sluit zich automatisch aan bij Indische jongeren op de (sport-)school , vooral het eerste contact gaat makkelijker. Maar toch speelt een Indische afkomst hebben niet direct een grote rol in zijn vriendenkring. Jeffrey  voelt  ook een affiniteit met mensen uit andere culturen, van landen die dicht bij de zon zitten.  Die hebben dezelfde rustige houding, zoals lekker chillen en jam-karet.

De volgende student die zich uit zal spreken over roots en studie, is Lichelle Fisser, student Medicijnen in Leiden. Wil jij ook meedoen aan deze serie? Stuur dan een mailtje naar liselore@indisch3.nl en vertel wie je bent. 

Jonge Indo aan de Studie: Gino van Lingen

Scriptie schrijven - Gino van Lingen. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2012.
Scriptie schrijven - Gino van Lingen. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2012.
Scriptie schrijven – Gino van Lingen. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2012.

Bezig met zijn scriptie voor de studie Trade Management gericht op Azië (TMA), tref ik Gino van Lingen (29 jaar) aan op school. In een openhartig gesprek vertelt hij hoe zijn interesse in zijn Indisch-Molukse roots sterk is gegroeid de laatste jaren, in het derde interview in de serie Jonge Indo aan de Studie. 

‘Mijn vader is half Indisch, half Moluks en geboren in Bandung. Mijn moeder is Indisch, geboren in Surabaya. Inmiddels zijn ze allebei al meer dan 50 jaar in Nederland,’ vertelt Gino. Hij is bekend met beide culturen, maar de Molukse cultuur trekt hem meer aan. ‘Het is lastig uit te leggen, maar,’ legt Gino uit, ‘de Indische cultuur vind ik minder close en meer geblandaniseerd.’

Gino van Lingen in de Westvleugel van de Hogeschool Rotterdam. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2102.
Gino van Lingen in de Westvleugel van de Hogeschool Rotterdam. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2102.

Gino vindt dat er meer sociale eenheid en een sterke saamhorigheid in de Molukse cultuur is vergeleken bij de Indische cultuur. Hij merkt dit vooral aan het Pela-verband, dat nog steeds wordt voortgezet binnen de Molukse gemeenschap. Dit is een Moluks bondgenootschap waarin saamhorigheid, respect, hechte band en tradities centraal staan.  Hij vindt die sterke band en eenheid mooi. ‘Naar mijn mening heeft dit te maken met een stuk geschiedenis waarin de KNIL-soldaten en families gedwongen werden om (tijdelijk) naar Nederland te verhuizen waar ze in barakken bij elkaar werden gezet,’ vertelt Gino.

Rond zijn 18e jaar begonnen Gino’s roots te kriebelen. ‘Waarom kan ik geen Indonesisch praten,’ vroeg hij zich af. Hij ontdekte dat zijn ouders altijd Nederlands hebben moeten praten, na de repatriëring in de jaren ’60. Gino besloot een Indonesische avondcursus te volgen. Met hulp van Indische en Molukse vrienden leerde hij steeds meer de taal. Tegenwoordig praat hij makkelijk mee in de Jakartaanse spreektaal.

Gino van Lingen in de westvleugel van de Hogeschool. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2012.
Gino van Lingen in de westvleugel van de Hogeschool. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2012.

Toen Gino voor het eerst in Jakarta liep, in 2006, voelde dat als thuis. ‘Maar toen ik in 2009 voor het eerst naar de Molukken ging, gebeurde er meer met me. Die ervaring was intenser dan in Jakarta. Een onverklaarbaar gevoel.’ Ook denkt hij erover om na zijn studie mensen te helpen met ontwikkelingswerk in Indonesië. Familie van Gino deed de opleiding TMA, zo kwam het dat hij zich erin ging verdiepen. Met deze studie kreeg hij de kans om een jaar in het land van zijn (groot-)ouders te kunnen studeren, werken en wonen.

Gino voor de Hogeschool Rotterdam. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2012.
Gino voor de Hogeschool Rotterdam. (c) Charlene Vodegel/ Indisch 3.0 2012.

Vroeger merkte Gino dat hij anders was dan andere leeftijdsgenoten, totdat hij Indisch-Molukse vrienden ontmoette en herkenning voelde. Inmiddels trekt hij automatisch naar mensen met dezelfde achtergrond. ‘Onbewust deel je dingen met elkaar, ik voel me daar fijn bij. Op TMA is het contact met mijn medestudenten heel anders dan tijdens mijn MBO-studie. Er heerst een sociale sfeer op de Westvleugel van de Hogeschool Rotterdam. Zoveel Aziaten, het is vooral elkaar leren kennen en buitenschoolse activiteiten ondernemen.’ Door de meerderheid van Aziatische studenten op TMA zijn Gino’s Indisch-Molukse waarden & normen niet opvallend, maar vanzelfsprekend. In zijn jeugdjaren vielen die gewoontes juist op. Familiebezoekjes kwamen zelden voor bij schoolgenootjes. Of: ‘Waarom krijg ik geen eten als ik bij vriendjes speel?’ En: “Wat doet die fles daar bij jullie op het toilet?” ‘Ja, probeer dat maar eens uit te leggen,’ lacht Gino.

Gino is de laatste student TMA in deze serie. De volgende keer spreek ik met Jeffrey Klavert (24 jaar), die psychologie studeert.

 


Jonge Indo aan de Studie: Tamara Julienne

Welke invloed hebben je Indische roots op je studie en studiekeuze? Aflevering 2 van een nieuwe serie op Indisch3.0.

Tamara Julienne/ Jonge Indo aan de Studie afl 2
Tamara Julienne/ Jonge Indo aan de Studie afl 2

Tamara Juliënne (25 jaar) heeft een Indische vader uit Jakarta en een Indonesische/Chinese moeder uit Bandung.  In 2009 is ze afgestudeerd in HBO-Bachelor Bussiness Administration voor Trade Management gericht op Azië (TMA), aan de Rotterdam Business School (Hogeschool Rotterdam). Onder het genot van een kopje groene thee en een flinke hamburger vertelt zij me over haar studiekeuze.

Tamara is opgegroeid met de Indische en Indonesische cultuur thuis. Van kleinsafaan ging ze om de twee jaar op vakantie naar Indonesië. Door die reizen is Tamara gefascineerd geraakt door Indonesië. Hoe zou het zijn om in Indonesië te gaan studeren, wonen of werken, vroeg ze zich regelmatig af. Na de HAVO ging Tamara zich oriënteren op een vervolgstudie. Een vriendin deed Trade Management gericht op Azië (TMA),  waardoor ze zich ging verdiepen in de studie. Deze studie bood Tamara de mogelijkheid om te ontdekken of ze echt in Indonesië wilde werken en wonen. Het “Indisch zijn” speelde geen duidelijke rol in haar studiekeuze; dat de opleiding een link met Indonesië had, dát boeide haar.

In het eerste semester kreeg Tamara een talenintroductie en kon ze kiezen uit Japans, Indonesisch, Mandarijns en Vietnamees. Tamara realiseerde zich dat ze de Bahasa Indonesia al redelijk sprak en dat die taal geen uitdaging voor haar was.  Het Mandarijns maakte haar nieuwsgierig en ze koos uiteindelijk voor de Chinese richting. Ze besloot zich te concentreren op de Chinese taal, wat inhield dat ze voor studie en stage een jaar naar China is gegaan.

Over het algemeen had het “Indisch zijn” geen invloed in haar omgang met docenten en medestudenten. Oudere mensen sprak ze altijd met u aan, maar Tamara betwijfelt of ze dat typisch Indisch vindt.  Doordat er op de studie veel Aziatische studenten waren, voelde ze zich niet helemaal anders in de omgang met andere studenten; de saamhorigheid tussen de studenten kwam sterk naar voren.

Tamara Julienne/ Jonge Indo aan de Studie afl 2 (c) Charlene Vodegel Indisch 3.0 2012
Tamara Julienne/ Jonge Indo aan de Studie afl 2 (c) Charlene Vodegel Indisch 3.0 2012

Eten is belangrijk in de Indische cultuur. Tamara houdt van buiten de deur eten en ging vaak met haar Aziatische medestudenten een paar keer per week ergens eten in de stad. Het viel haar op dat vrienden bij andere opleidingen niet vaak met elkaar gingen eten. Uitgaan doet elke student, maar Tamara voelde zich meer aangetrokken tot Asian parties in plaats van met een biertje in de kroeg zitten op een zaterdagavond. Dat vindt ze toch meer een typisch Nederlands begrip in het studentenleven.

diplomauitreiking  (c) Tamara Julienne 2009
diplomauitreiking (c) Tamara Julienne 2009

Tamara sloot zich niet speciaal aan bij andere Indische studenten of vrienden. Een ‘klik’ voelen, vond ze en vindt ze belangrijker dan of iemand  Indisch is. Omdat ze voor de Chinese taal heeft gekozen tijdens haar opleiding, was Tamara zich meer gaan aansluiten bij Chinese studenten. Haar vriendenkring bestaat nu voornamelijk uit mensen met een Chinese achtergrond.

De volgende student die zijn verhaal vertelt, is Gino van Lingen.

Jonge Indo aan de Studie: Charlene Vodegel (introductie)

University Surabaya (c) Charlene Vodegel 2006

Wat is de invloed van je Indische roots op je studie en op je studiekeuze? Charlene Vodegel gaat vanaf deze maand (oud-)studenten hierover bevragen. Elke student mag vervolgens zelf bepalen welke (oud-)student na hem of haar aan het woord komt. Charlene geeft de aftrap door zelf als eerste haar verhaal te vertellen. 

In 2008 ben ik afgestudeerd in HBO-Bachelor Bussiness Administration voor Trade Management gericht op Azië (TMA) op de Rotterdam Business School. Tijdens mijn eerste vakantie naar Indonesië ben ik gelijk “verliefd” geworden op het land, dat is inmiddels twaalf jaar geleden. Ik was altijd nieuwsgierig geweest naar mijn roots en hoe het zou zijn om daar te wonen, alleen wist ik nooit hoe ik dit kon ontdekken. Op de bassis- en middelbare school probeerde ik altijd over Indonesië te vertellen tijdens spreekbeurten of verslagen.

interview uitwerken voor Indisch3 - Charlene Vodegel
Mijn eigen interview uitwerken voor Indisch3.0 (c) Charlene Vodegel

Na het behalen van mijn MBO-opleiding was ik er nog niet klaar voor om te gaan werken. Bij toeval zag ik een advertentie in de krant staan over een meeloopdag voor een studie Trade Management gericht op Azië (TMA). Ik twijfelde geen seconde en meldde me aan voor een meeloopdag. Ik wist meteen dat ik deze opleiding wilde gaan doen. Ik zag eindelijk een mogelijkheid om mij te gaan verdiepen in Indonesië. Het was puur toeval dat ik een advertentie zag staan, maar op deze manier kon ik het antwoord op mijn vraag over Indonesië zelf gaan ontdekken.

Belangrijke omgangsvormen die het “Indisch zijn” kenmerken, zag ik terug in de omgang tussen docenten en medestudenten. Ik was bescheiden, op de achtergrond en beleefd tegen ouderen. Ik sprak docenten altijd met u aan. Het “Indisch zijn” beïnvloedde mij niet sterk in de omgang met anderen – of juist wel: mede door de verschillende Aziatische studenten voelde ik een makkelijke omgang. Er heerste een gezellige, sociale sfeer op de opleiding tussen docenten en studenten, iets wat ik niet snel zag bij andere opleidingen. Dit had vooral te maken met de Aziatische achtergrond van de meeste studenten, de saamhorigheid kwam sterk naar voren.

University Surabaya (c) Charlene Vodegel 2006
University Surabaya (c) Charlene Vodegel 2006

Met de Indische en Indonesische studenten die ik tegenkwam op TMA, merkte ik al gauw dat er gewoontes waren die je niet eens meer hoeft uit te leggen en dus vanzelfsprekend waren.“Eet jij Bamisoep als middageten?”  “Lust jij geen brood?” “O ja is dat een Indische gewoonte?” Blijkbaar wel dus. Tijdens schoolkamp op de basis- en middelbare school kwam een andere Indische gewoonte tevoorschijn: de botol cebok. Dat was even iets onwennigs. Hoe moest ik dat uitleggen? Uiteindelijk heb ik het nooit uitgelegd en bracht onopvallend een fles  mee.

De vriendenkring van mijn ouders bestaat voornamelijk uit Indische mensen. Hierdoor ben ik vaak omringd door Indische families. Op de middelbare school en andere vooropleiding ben ik weinig Indische studenten tegengekomen, dat heb ik vaak jammer gevonden. Ik voelde nooit een bepaalde herkenning met medestudenten, totdat ik op TMA kwam. Ik voelde mij vrijwel direct thuis tussen de Indische, Indonesische en andere Aziatische studenten. In het dagelijks leven sluit ik mij automatisch aan bij mensen van wie hun roots in Indonesië ligt. Dat is iets wat ik niet precies kan uit leggen, het gaat gewoon automatisch.

Tamara Juliënne is de volgende oud-studente die ons gaat vertellen hoe haar Indische roots haar studie beïnvloed hebben – of niet.