Win kaarten voor het Tropenmuseum

Fancardhouders maken kans op gratis entree

Het culturele seizoen is weer begonnen. De uitmarkten laten de vele kleuren van het culturele aanbod in steden en dorpen in Nederland weer zien de komende weken. Tijd om naar het Tropenmuseum te gaan. Met de Fancard van Indisch 3.0 kan dat zelfs gratis.

Indisch 3.0 en het Tropenmuseum bieden Fancardhouders kans op gratis toegang tot het Tropenmuseum in Amsterdam. Onder de Fancardhouders verloten we deze week vouchers die goed zijn voor entree voor 10x twee personen, tot en met 31 december 2013.

Hoe maak je kans?

Als je een Fancard hebt, hoef je niets te doen. Eind van de week zie je op deze website staan wie er gewonnen hebben. Staat je naam erbij? Dan ontvang jij binnenkort per post de twee vouchers. Heb je nog geen Fancard? Koop hem dan snel via http://www.indisch3.nl/fancard en maak exclusief gebruik van de Indische voordeeltjes. Bovendien – als jij die vouchers wint, heb je je bijdrage alweer terugverdient.

facebook fancard solo

De eerste week van de 55e TTF

De 55e Tong-Tong Fair is nu een week aan de gang en wij maken de tussenbalans op. Wat gebeurt er dit jaar op “de grootste Indische happening van de wereld, waar Oost en West elkaar ontmoeten in een sfeer van vriendschap, gastvrijheid en inspiratie”? Onze tussentijdse conclusie: jongeren zijn bezig hun Indische roots een plek in het heden te geven, van docu tot foto-album. 

Foto zoekt Familie Lans
Mevrouw Lans (rechts) vertelt Han Go van sponsor Go-Tan over het teruggevonden familie-album. Haar kleinzoon (links) kijkt mee. Foto: Indisch 3.0 (Twitter)

Foto zoekt Familie: jongeren cruciaal voor succes project

De Tong-Tong Fair had op haar openingsdag een mooie primeur: het negende album vond zijn weg terug naar de eigenaar dankzij het Foto zoekt Familie-project. Wij zagen hoe mevrouw Lans, in het album nog een babytje, en haar kleinzoon vertelden hoe zij dit gedaan hebben. Later kwam dat nog op het NOS Journaal. Cruciaal was de app, die gemaakt is met het van een crowdfunding-actie op Voordekunst.nl. De kleinzoon van mevrouw Lans, Dwight Betist, had heeft deze app gebruikt om de albums door te bladeren: “Ik herkende toevallig die foto. Ik heb gelijk mijn moeder geroepen: volgens mij ben ik iets op het spoor gekomen. We hebben gelijk oma gebeld, ” vertelde hij op het NOS Journaal. “Jongeren zijn cruciaal voor het succes van dit project, dat blijkt wel” drukte een medewerker van het Tropenmuseum ons op het hart.

“Volgens mij ben ik iets op het spoor.”

Sporen van Smaragd: “Den Haag is van oudsher thuis geweest voor andere culturen” – Rabin Baldewsingh

Op de eerste dag van de Tong-Tong Fair nam de Haagse wethouder van o.a. Media en Organisatie, Rabin Baldewsingh, het eerste exemplaar van het boek Sporen van Smaragd in ontvangst: “‘Met dit boek laten we zien dat Den Haag een stad is die altijd vreemde culturen heeft verwelkomd. (..) Eigenlijk zou 2013 een Indisch jaar moeten worden.” We hoorden van insiders dat deze wethouder zich persoonlijk hard gemaakt heeft voor het Sporen van Smaragd-project. Fijn dat er in het IJspaleis een politicus zit die de Indische gemeenschap een warm hart toedraagt. Wil jij een exemplaar van het boek winnen? Kijk dan op onze Facebook-pagina. Meedoen kan tot en met 2 juni a.s.

 

“Den  Haag heeft altijd vreemde culturen omarmd.”

Het verhaal uit de koffer:  hoe ga je om met koffers vol met Indische herinneringen?

Fridus Steijlen (KITLV) interviewt documentaire maakster Dewi Staal en haar tante Marleen (links) over de documentaire "Het verhaal uit de koffer." op de Tong-Tong Fair.
Fridus Steijlen (KITLV) interviewt documentaire- maakster Dewi Staal (midden) en haar tante Marleen (links) over de documentaire “Het verhaal uit de koffer.”

Eerder interviewden wij documentairemaakster Dewi Staal. Dewi, ooit actief voor Indisch 3.0, filmde de zoektocht van haar tante Marleen.  Interessant aan de docu is om te zien hoe je het aanpakt als je uit voorwerpen, foto’s en brieven een familiegeschiedenis wil reconstrueren.Verder laat de docu en passant de geschiedenis van Indische Nederlanders zien. Dewi gaat er een trailer van maken. Hopelijk kunnen we die snel laten zien, want deze documentaire is boeiend voor jong, iets minder jong én oud.

Familieherinneringen in een doosje: inspirerende workshop van Shelly Lapré
Nog enthousiast van de documentaire van Dewi, namen we een kijkje bij de workshop van Shelly Lapré, die creatieve ideeën heeft voor hoe je voorwerpen, foto’s en andere herinneringen een bijzondere plek in je huis kan geven. Het is een vraag die wij zelf ook hebben. Shelly werkt met koffers, maar ook bijvoorbeeld met lijstjes. Wij gaan er zeker mee aan de slag!

Herinneringen kan je ook zichtbaar maken, door ze in te lijsten.
Herinneringen kan je ook zichtbaar maken, door ze in te lijsten.

De Tong-Tong Fair op Twitter: #TTF55

Naast zelf het evenement bezoeken, is Twitter natuurlijk een prima manier om te zien hoe anderen de Tong-Tong Fair beleven. Opvallend is dat op Twitter de TTF bij bezoekers vooral terugkomt in berichten over het eten, je even in Indonesië wanen of gezellig samenzijn. Daarnaast zien we ook kritische berichten.

@tongtongfair Was gezellig vandaag op de #TongTongfair Volgend jaar weer! Hoop dat de #NS_online dan wel ‘meewerkt’. twitter.com/pe2aab/status/…

— Rick Wesselink (@pe2aab) 25 mei 2013

 

Met de echte indo’s in de satè bar #tongtongfair twitter.com/carmelwilderin…

— carmel (@carmelwilderink) 25 mei 2013

 

Ik waande me voor een paar uur in Indonesië vandaag #TongTongFair #DenHaag #veeleten #muziek #gezelligheid #gaantwitter.com/LiesPresenteer… — Lies Heemskerk (@LiesPresenteert) 28 mei 2013

Tong tong fair @ Den Haag city. It’s about time this event disapears. The soul is out of it, too expensive and not #indisch at all.

— Michiel Eduard (@MichielEduard) 23 mei 2013

Lastig tweeten

Deze Twitter-impressie wil overigens niet zeggen dat er geen aandacht was voor de bijeenkomsten van het Tong-Tong Festival: we hebben afgeladen zalen gezien, bijvoorbeeld bij de twee uur durende Grote Surabaya show op zaterdag 25 mei. Ook de workshops in het Bengkel, bijvoorbeeld van Shirley Lapre, werden goed bezocht. Hoe komt het dan dat dat niet zichtbaar is Twitter? Eén verklaring is dat mensen die Twitter gebruiken, niet voor het programma van Tong-Tong komen. Wij denken het simpeler is: tijdens een workshop of lezing is het lastig tweeten.

De Tong-Tong Fair is er nog tot en met aanstaande zondag. Zien we je daar? Tweet t met #TTF55!

De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.
De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.

Tong-Tong Fair

22 mei /tm 2 juni 2013

Malieveld, Den Haag

Foto zoekt verhaal #1 'Eenzaam'

Een beeld zegt meer dan duizend woorden, zegt men wel. Maar wat als het beeld toch niet genoeg zegt, zoals bij de foto’s uit het Foto zoekt familie-project van het Tropenmuseum? Als niemand iets weet van degene die op de foto staat?

In Foto zoekt verhaal, het vervolg op Photofriday, kijken we verder dan het beeld alleen: welke associatie roept de foto op? Elke 30e  dag van de maand laat Meike Grol haar gedachten de vrije loop, aan de hand van een van fotoʼs uit de verweesde fotoalbums bij het Tropenmuseum. De grote vraag blijft natuurlijk of er een kern van waarheid in haar verzinsels zit. Kent iemand de persoon op deze foto? En wat is er waar van onderstaande interpretatie?

Eenzaam

Wat denkt ze, terwijl ze naar buiten staart? Bestudeert ze de tuin? Geniet ze van het groen en de bloeiende bougainville? Of vraagt ze zich juist geërgerd af waarom in hemelsnaam de tuinman die plant daar links niet heeft gesnoeid? Bedenkt ze wat ze vandaag zal gaan doen en vraagt ze zich vervolgens somber af of het allemaal enige zin heeft? Deze tuin, haar leven? Want, hoewel ik vermoed dat de zon daar buiten vrolijk schijnt, heeft deze hele scène iets treurigs. De eenzaamheid lijkt zo van deze vrouw af te stralen dat je bijna vergeet dat ze niet alleen in de ruimte is, dat er een fotograaf achter de camera staat. Door het hoge plafond en de kale muur heeft de veranda iets kils, iets onpersoonlijks. Hoewel de vrouw een fors postuur heeft, maakt ze geen sterke, maar eerder een verloren indruk.

60028876
“Eenzaam.” Foto uit album 0815 uit het depot van het Tropenmuseum.

Deze vrouw, met haar mollige postuur en haar stuurse blik, doet me aan mijn oma denken. In 1946 reisde ze mijn opa achterna naar Nederlands-Indië. Mijn opa was opgegroeid op Java en ging direct na de Tweede Wereldoorlog terug, omdat hij een baan als werktuigbouwkundige kon krijgen. Hij reisde vooruit met een troepentransport. Mijn oma ging hem een jaar later achterna, met mijn moeder, toen anderhalf jaar oud. Ze kon er echter niet aarden. In 1948 keerden ze daarom voor altijd weer terug naar Nederland. Later wilde ze nooit echt praten over haar tijd in Indonesië. Het enige dat ze zei, was dat ze ziek werd van het klimaat.

Toch vermoed ik dat er meer aan de hand was. Mijn oma kreeg haar enige kind in de oorlogswinter in Den Haag. Haar moedermelk was blauw en doorzichtig door het voedseltekort en ze was maandenlang doodsbang de baby te verliezen. Mijn opa overleed bijna aan hongeroedeem. De bevrijding had geen week langer op zich moeten laten wachten. Nauwelijks van dit alles bekomen kwam mijn oma in een Indië aan,  waar een heel andere, maar eveneens hevige strijd losbarstte. Er was de constante dreiging van geweld, van scherpschutters in de bermen, er was een avondklok. De oorlog ging daar voor haar gewoon verder.

Daarnaast was ze een bijgelovig mens. Ze geloofde in geesten, meende dat ze een medium was. Goena-goena jaagde haar de stuipen op het lijf. Vuurbollen voor het raam, kloppende krissen in de kast. Indië was een mooie, maar onbekende wereld waarin er veel was om bang voor te zijn. En met slechts één kind en vele bedienden om ervoor te zorgen, was er weinig omhanden, dus had ze genoeg tijd om te piekeren. Mijn oma was niet een van die optimistische mensen die van die vrijheid genoot en lekker feestjes ging vieren.

Misschien dat ik daarom denk dat de mevrouw op deze foto, ondanks al het moois om haar heen, weinig gelukkig is. Ze kijkt naar de tuin alsof ze het wel ziet, maar het haar niets doet. Alsof ze hier niet thuishoort. Alsof ze de kou van Nederland graag voor lief neemt, als ze maar terug mag naar haar familie, naar de voor haar bekende en veilige wereld.

Maar ja, ik weet het niet, misschien is dit haar huis helemaal niet! Is het een hotel en zit ze gewoon mopperend te wachten op de taxi die veel te laat is…

Wil jij het Tropenmuseum helpen de foto-albums terug te brengen naar de eigenaren of hun nabestaanden? Vanaf aanstaande dinsdag 2 april zijn alle albums online te bekijken op www.fotozoektfamilie.nl of te downloaden op je tablet. Hoe meer mensen de albums doorkijken en met tags becommentariëren, hoe beter. Deze foto komt uit het album 0815. Herken jij deze dame? Of het huis? Ga dan naar http://www.fotozoektfamilie.nl/albums/album-0815 en laat een reactie achter.

Vervolg Photofriday: Foto zoekt verhaal

Deze prachtfoto is een foto zoals die in elk Indisch familiealbum te vinden is: de hele familie poseert voor de camera. Dit exemplaar komt uit de persoonlijke archieven van de redactie van Indisch 3.0. Wij weten dus wie erop staan. Maar wat als niemand weet wie er op de foto staat?

Onder de noemer Foto zoekt familie is het Koninklijk Instituut voor de Tropen op zoek naar de rechtmatige eigenaren van 335 fotoalbums die na de onafhankelijkheidsstrijd in Indonesië zijn achtergebleven. Indisch 3.0, partner van Foto zoekt familie, heeft eerder aandacht besteed aan dit project met Photo Friday. Verslaggever Sarah Klerks vroeg bekende Indische en Molukse Nederlanders om commentaar  op foto’s met typisch Indische scènes: boksen, de baboe, Sinterklaas en de jacht.

Met het vervolgproject Foto zoekt verhaal laten we de fantasie nu de vrije loop: we verzinnen het verhaal achter de foto gewoon zelf. Elke 30e  dag van de maand publiceert Meike Grol een verhaal, geïnspireerd door een van fotoʼs uit de verweesde fotoalbums bij het Tropenmuseum.

De grote vraag blijft natuurlijk of er een kern van waarheid in haar verzinsels zit. Kent iemand de persoon op deze foto? En wat is er waar van het verhaal? Wat zou het geweldig zijn als we daar achter komen.

De eerste aflevering van Foto zoekt verhaal verschijnt aanstaande zaterdag (30 maart 2013) op Indisch3.nl. Vanaf 2 april a.s. zijn alle albums in te zien op www.fotozoektfamilie.nl én te downloaden op tablets – dankzij deze succesvolle crowdfunding-actie.

PhotoFriday #4 [slot]: Cap van Balgooy over de Jacht

Één ding was zeker, de jacht kende geen klassenverschil.

Voor deze laatste aflevering van PhotoFriday steken we digitaal de Atlantische Oceaan over. Vanuit de Verenigde Staten bespreekt Cap van Balgooy, in het kader van het project Foto zoekt Familie, een foto over de Jacht in Nederlands-Indië. Vanaf zijn zesde jaar ging Cap al op jacht en op zijn tiende schoot hij zijn eerste zwijn. Cap jaagde voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. 

Midden Java
Cap van Balgooy: ‘Het zwart-wit van de foto doet mij denken aan een moderne methode van ontwikkelen, maar de foto is menigmaal afgedrukt wat het beeld onduidelijk maakt. Het lijkt mij dat de foto in de dertiger jaren is gemaakt in Midden Java gezien de klederdracht van de man helemaal links op de foto. Hij draagt een traditionele hoofddoek en bril, en zal een mandoer of desahoofd zijn. De derde en vierde man van links zijn beslist Indische Nederlanders. De andere drie zijn Indonesiërs, waarschijnlijk Javanen.’

PhotoFriday De Jacht (c) Tropenmuseum 2012

Target of opportunity
‘Deze foto is uitzonderlijk te noemen omdat men in die tijd nagenoeg niet op panters jaagde. Panters waren, zoals men dit hier in de U.S. uitdrukt, voornamelijk een target of opportunity. Dat wil zeggen: geschoten tijdens een jacht die gemunt was op ander wild. De panter lijkt mij een jong of onvolwassen dier dat waarschijnlijk verdwaald is geraakt en/of een tam dier zoals een hond of geit had gedood. Men posteert dan bij de overblijfselen van het gedode dier om diens belager neer te schieten.’

Panters hebben de hebbelijkheid om tijdens een drijfjacht één van de honden te grijpen. Een hond is tenslotte malser dan een zwijn.

Panthera pardus melas
De panter op de foto is een Javaanse panter, Panthera pardus melas, een unieke soort die alleen op Java voorkomt. De prooi van een panter bestaat uit zowel wilde als tamme dieren. Zolang zij huisdieren met rust lieten negeerde men hen. Maar panters hebben de hebbelijkheid om tijdens een drijfjacht één van de honden te grijpen. Een hond is tenslotte malser dan een zwijn. Op deze wijze is mijn vader minstens vier honden kwijtgeraakt.’

Mehlbaum
‘Het aantal panters welke zich in een bepaalde streek ophouden werd ons duidelijk nadat eentje mijn vaders favoriete hond had opgepeuzeld. Mijn vader beloofde Mehlbaum, een bekende broodjager*, vijf gulden voor elke panter die hij in de buurt neerschoot. Als bewijs moest hij diens staart tonen. Mehlbaum verscheen elke week met één of twee staarten. Toen hij met nummer dertig kwam maakte mijn vader daar een eind aan: “Het is niet mijn bedoeling dat je de boel uitroeit.”’

Tempo doeloe
‘Nu wat algemeen commentaar op de jacht in Indië voor de Tweede Wereldoorlog. In tempo doeloe speelde deze een vrij grote rol voor mensen die buiten de grote steden woonden. Het waren voornamelijk Europeanen die jaagden. Dit had te maken met de wapenwetten die stelden dat alleen ingezetenen met een Europese naam een vuurwapen mochten bezitten. Chinezen en andere Vreemde Oosterlingen mochten vuurwapens bezitten na een onderzoek van gouvernementswezen.’

Één gulden per jaar om zonder limiet op zwijnen te jagen, vijfenzestig gulden om drie herten per vier maanden te schieten, en honderd gulden voor twee bantengs per drie maanden.

Een jonge Cap van Balgooy bij de Ciater-pas nabij Lembang (West Java) Foto: Cap van Balgooy

Jachtaktes
‘In de loop der tijd verschenen meer jachtreglementen. Ook moest je in het bezit zijn van jachtaktes. Een paar voorbeelden: één gulden per jaar om zonder limiet op zwijnen te jagen, vijfenzestig gulden om drie herten per vier maanden te schieten, en honderd gulden voor twee bantengs per drie maanden. Waar het doorsnee salaris van de gemiddelde geschoolde werker tussen de vijfendertig en vijfenveertig gulden per maand lag, is het duidelijk dat de jacht niet binnen het bereik van iedereen lag.’

Resident van Banyoema
‘Één ding was zeker, de jacht kende geen klassenverschil. De Administrateur, de lokale arts, de Resident, en broodjagers gingen vaak samen op jacht. Onder de ongeveer acht jachtkornuiten van mijn vader bevonden zich drie Indo’s, waaronder de Resident van Banyoema. Niemand stoorde zich aan jagers of jagen, ofschoon vele nieuwkomers, totoks uit Europa, jagen beschouwden als iets voor wilde mensen die niets beters te doen hadden.’

*broodjager: persoon die leeft van de jacht

Met het project Foto zoekt Familie wil het Tropenmuseum fotoalbums, die na de Tweede Wereldoorlog zijn gevonden, herenigen met hun rechtmatige eigenaren of nazaten.

WIN: 2 vrijkaartjes voor de premiere van L'Histoire du Soldat

Aanstaande zaterdag gaat in het Tropentheater te Amsterdam de Javaanse uitvoering van Stravinsky’s L’Histoire du Soldat in premiere. Indisch 3.0 sprak met regisseur en choreograaf Gerard Mosterd over het tot stand komen van deze theaterproductie in samenwerking met podiumkunstenaars en meesters in de Javaanse dans: Miroto, Rury Avianti en Hendro Yulyanto.

Russische legende
Gerard: ‘L’Histoire du Soldat is geschreven door Stravinsky tijdens de naoorlogse crisis in 1918 voor een groep arme, werkeloze kunstenaars en muzikanten. Het libretto is geïnspireerd op een oude Russische legende van een soldaat die zijn ziel (viool) verkoopt aan de duivel; een aanklacht tegen de corrumperende macht van geld. Stravinsky streefde met deze productie naar een compacte, ‘reisbare’ voorstelling die overal ter wereld opgevoerd kon worden door gebruik te maken van de lokale culturele context.’

Andere culturele omgeving
‘Het tijdloze, moralistische concept van de dialoog die de soldaat heeft na zijn ziel (viool) te hebben verkocht aan de duivel, is uitgewerkt tot een meer abstracte voorstelling met visuele, historische en narratieve verwijzingen en metaforen. Deze verbinden het oorspronkelijke verhaal met de hedendaagse situatie in Indonesië, waarmee Stravinsky’s wens gerealiseerd wordt om de muziek en het onderwerp te verplaatsen naar een andere culturele omgeving.’

L’Histoire du Soldat (c) Dadang Pribadi

Meer hedendaagse tekst
‘De Javaanse editie van L’Histoire du Soldat ging in 2011 in Yogyakarta op Java in premiére, gevolgd door een uitverkochte Javaanse tournee. Inmiddels is er een nieuwe sterbezetting en wordt er gebruik gemaakt van een meer hedendaagse tekst van de internationaal gelauwerde Indonesische dichter en journalist Goenawan Mohamad. De tekst wordt in het Indonesisch gesproken door de Indonesische acteur Rudy Wowor terwijl de Nederlandse vertaling wordt geprojecteerd.’

Snelle improvisatie
‘Het maakproces van deze voorstelling in de zomer van 2011 was een grote uitdaging en niet zonder risico. De Indonesische wereld van de podiumkunsten kenmerkt zich door een gebrek aan infrastructuur en chaotische situaties waarbij snelle improvisatie nodig is. Daarbij geven Indonesiers doorgaans een andere invulling aan de termen hedendaags en modern dan in Europa.’

Groot contrast met unieke uitkomst
‘De keuze om met Javaanse dansers te werken is zeer ongebruikelijk. Hun training in Pre-Islamitische, Hindoe gebaseerde dansvormen garandeert een expertise in verfijnde vinger-, hand- en hoofdbewegingen in een traditiegetrouw traag en regelmatig tempo waarbij veel geïmproviseerd wordt. Dit staat haaks op de wervelende, hoog individualistische en onregelmatige, maar ook buitengewoon exacte muziek van Stravinsky. Een groot contrast met een unieke uitkomst in de uitvoering van de top van de Midden-Javaanse danswereld.’

.

Indisch 3.0 mag 2 vrijkaartjes weggeven voor de premiere aanstaande zaterdag 17 november in het Tropentheater te Amsterdam. Wannahave? Like dit artikel op Facebook voor morgen 12.00 uur ’s middags en stuur een mailtje met je contactgegevens naar redactie@indisch3.nl o.v.v. Vrijkaartjes L’Histoire du Soldat.

Wereldpremiére L’Histoire du Soldat
Zaterdag 17 november Tropentheater Amsterdam | 20.30 korte inleiding & voorstelling
Zondag 18 november Theater de Flint Amersfoort | 19:15 korte inleiding – 20:15 voorstelling

L’Histoire du Soldat (c) Dadang Pribadi

Igor Stravinsky – L’Histoire du Soldat
Insomnio o.l.v. Ulrich Pöhl
Dans: Hendro Yulyanto, Rury Avianti, Martinus Miroto
Verteller: Rudy Wowor
Tekst: Goenawan Mohamad
Regie, choreografie, kostuums, stage set, licht: Gerard Mosterd
Vertaling: Monique Soesman
Teleplay: Azuzan Gontarela

.

PhotoFriday #2: Pamela Pattynama over de baboe

‘De baboe maakte vaak deel uit van de familie.’

Voor de tweede aflevering van PhotoFriday, ga ik op bezoek bij Pamela Pattynama, hoogleraar koloniale en postkoloniale literatuur aan de Universiteit van Amsterdam, om één van de foto’s met een baboe-figuur uit de collectie van het Foto zoekt familie-project te bespreken. Met het project Foto zoekt familie wil het Tropenmuseum fotoalbums die na de oorlog zijn gevonden teruggeven aan hun rechtmatige eigenaren of hun nazaten.

De baboe met twee Indische vrouwen aan een gezamenljik karwei. Foto: Collectie Tropenmuseum

Saamhorigheid
Pamela bekijkt de foto en legt uit: ‘Het belangrijkste wat deze foto uitdraagt is de saamhorigheid. De fotograaf heeft ervoor gekozen zowel de twee meisjes als de baboe in beeld te nemen. De twee Indische meisjes hebben vrij moderne Westerse kleding aan. Ik vermoed dat de foto in de jaren ’40 moet zijn genomen. De baboe ziet er ook mooi uit, ze heeft een armband om en lijkt deel uit te maken van de familie, zoals vaker in Indische gezinnen. Het is niet duidelijk wat de drie precies aan het doen zijn. Het lijkt er niet op dat ze de was aan het doen zijn, maar misschien zijn ze bezig met klapper of rijst? Achter de drie dames zijn nog twee figuren te onderscheiden: links een man in een tropenpak en rechts een vrouw in een gewaad.’

Volgens de auteur D.C.M. Bauduin had de baboe maar een slechte invloed op de opvoeding van het Europese kind. (Illustratie uit: Indisch Prentenboek 1, 1909, De Bussy)

Kindermeisje
De baboe kwam vaak al als jong meisje vanuit het platteland via een soort uitzendbureau in dienst bij Indische en Hollandse gezinnen. Zij was soms kindermeisje en vaak hulp in de huishouding. Er ontstond door de tijd heen een verschil tussen Indische en Hollandse gezinnen en hun relatie met de baboe. De hoogleraar vertelt: ‘Hoe meer men naar de 20e eeuw toe ging, hoe meer er een scheiding ontstond tussen de Hollandse en Indische gezinnen en ook hoe er vervolgens met de baboe werd omgegaan. In het begin van de 19e eeuw waren vooral klasse en status belangrijk, terwijl in de 20e eeuw ras echt een belangrijk onderscheidingspunt werd. Dat had natuurlijk gevolgen voor de baboe.’

Afstand
Vanaf het begin van de 20e eeuw kwamen er meer blanke vrouwen naar Nederlands-Indië. Zij moesten ervoor zorgen dat Indië Europeser werd. ‘In die tijd kwamen er ook allerlei
handleidingen uit die de nieuwkomers uit Holland leerden hoe zij met de baboe om moesten gaan. De tendens in die tijd was: je moet afstand houden, want inlandse vrouwen hebben slechte invloed op de kinderen,’ aldus Pattynama. ‘Een groot contrast met hoe er in Indische gezinnen over het algemeen met de baboe werd omgegaan; binnen de Indische grootfamilie, dus een huishouden waarin naast ouders en kinderen ook ooms, tantes en grootouders hoorden, hoorde de baboe er ook vaak bij.’ 

Vertrouwelinge
Een Indonesische baboe was minder de ander binnen Indische gezinnen, benadrukt Pamela Pattynama: ‘De schrijver Rob Nieuwenhuys (Breton de Nijs) heeft veel over de baboe geschreven. Hij beschouwde haar meer als een deel en vertrouwelinge van een Indische familie en niet echt als een bediende. In Hollandse gezinnen hadden baboes en bediendes een volstrekt andere rol , vooral  in de 20e eeuw. Indonesische mensen maakten binnen Indische gezinnen altijd al deel uit van de familie. Er waren bijvoorbeeld vaak Indonesische oma’s.’ 

Pamela Pattynama bespreekt de rol van de baboe in Nederlands-Indië. Foto: Sarah Klerks / Indisch 3.0 2012

De ander
Pattynama: ‘De term baboe wordt in het huidige Indonesië gezien als een koloniale en neerbuigende term. Er zijn in Indonesië ook veel bedienden, maar zij worden nu met het Indonesische woord pembantu (hulp) aangeduid. Wat ik heel jammer vind is dat er geen visies op de koloniale gemeenschap zijn overgeleverd vanuit de baboe-figuur zelf. Je ziet haar alleen maar door de ogen van iemand anders. Dat zegt eigenlijk ook weer veel over haar positie in de koloniale geschiedenis.’

PhotoFriday#3 zal gaan over de viering van Sinterklaas in Indië. En wil jij meehelpen aan het project van het Tropenmuseum? Ga dan naar www.voordekunst.nl. Al voor 25 euro betaal jij mee aan de ontwikkeling van een app om foto’s uit albums te taggen.

 

PhotoFriday #1: Guus Cleintuar over boksen

Ik had geen bokshandschoenen, wel een handboek over boksen.

Het Tropenmuseum wil met het project Foto zoekt Familie 335 fotoalbums teruggeven aan hun Indische eigenaren. Met de serie PhotoFriday zal Indisch 3.0 de komende maanden aandacht schenken aan een foto uit deze collectie. In deze allereerste aflevering vertelt schrijver Guus Cleintuar over boksen in Nederlands-Indië. Onze freelancer Sarah gaat bij hem op bezoek.

PhotoFriday boksen. Nederlands-Indie, waarschijnlijk omstreeks 1922. Boksen in Nederlands-Indie (Foto: Tropenmuseum)
Boksen in Nederlands-Indië, waarschijnlijk omstreeks 1922. (Foto: Tropenmuseum)

Duizend keer
Tjalie Robinson schreef erover in zijn verhaal Little Nono‘Met elke honderdste seconde de inzet van de hele persoon, met de risico van verminking en dood, maar met moed, moed, moed. Ah, een normaal verstandig mensenleven leef je maar één keer, maar een bokser leeft duizend keer!’  Het is het onderwerp van de foto die we in deze eerste aflevering gaan bespreken: boksen. Boksen was niet alleen Tjalie’s passie, het was populair onder veel Indo’s. In de collectie Indische fotoalbums zat deze foto van twee boksende jongens in een album uit 1922. Om meer van de foto en over boksen in Nederlands-Indië te weten te komen ga ik op bezoek bij een oude vriend van Tjalie, schrijver Guus Cleintuar. Cleintuar bokste zelf en schreef erover in zijn roman Jerry.

Guus Cleintuar in zijn huiskamer in Lelystad, 28 augustus 2012. Foto: Sarah Klerks/ Indisch 3.0 2012
Guus Cleintuar in zijn huiskamer in Lelystad, 28 augustus 2012. Foto: Sarah Klerks/ Indisch 3.0 2012

Lagere regionen
Op 87-jarige leeftijd is Cleintuar nog zeer scherp, hoewel zijn lichaam hem de laatste tijd in de steek laat. Met zijn door ziekte aangetaste stem kiest hij zorgvuldig zijn woorden uit, als ik hem de foto laat zien. ‘Dat zijn twee Indo’s, ik denk dat ze ongeveer 14 of 15 jaar zijn. Indo’s zijn vaak slank, ook al zijn ze gespierd. Het lijkt alsof het in een tuin is, we hadden toen grote tuinen. Ik was ook al jong in boksen geïnteresseerd. Ik had geen bokshandschoenen, maar wel een handboek over boksen. Op bezoek bij mijn opa in Cheribon kwam ik een Indo-jongen tegen die twee paar bokshandschoenen had. Hij wilde graag leren boksen. Daar heb ik voor het eerst gebokst. Er waren veel Indo’s in de bokswereld, er waren ook wel blanke jongens, maar het waren voornamelijk Indo’s en Aziaten. Onder de well-to do Indo en zeker de blanke die niet tot de lagere regionen behoorde was boksen niet populair.’

In het Jappenkamp heb ik echt leren boksen.

In leven blijven
‘Naderhand heb ik weer gebokst in het Jappenkamp. Daar heb ik echt leren boksen. Ik was niet zo goed hoor, vond ik zelf. Ik was toen 17 jaar.In het kamp waar ik zat, zat ik met een aantal bekende boksers waaronderFightingMieck. Wij sliepen samen in dezelfde zaal, we zaten met zijn achttienen in een schoollokaal. Wat moest je ’s avonds doen? Je verveelde je vaak. Je kon niet altijd treuren om thuis en in die tijd hadden we nog het idee dat de oorlog in 3 maanden afgelopen zou zijn. In die sfeer gingen we boksen. En niet onbelangrijk, iedereen wilde in leven blijven natuurlijk. Het is een manier om fit te blijven. En ook voor jezelf: kan ik dit nog? Ben ik te zwak geworden? Tot in het derde jaar werd er gebokst. Daarna werd het te zwaar.’

Aankondiging bokswedstrijd (Uit: ‘Het Nieuws Van Den Dag voor Nederlands-Indie’, 10 maart 1939)
Aankondiging bokswedstrijd. Uit: ‘Het Nieuws Van Den Dag voor Nederlands-Indie’, 10 maart 1939

Bewijzen
Boksen in het Jappenkamp als ultieme manier om te bewijzen dat je het leven nog waard bent. En dan in het kamp zitten met de legendarische Fighting Mieck. De Indo Fighting Mieck hoort in het rijtje thuis van de beroemde boksers in Indië als BennyVodegel, de gebroeders Njoo en Luis Blanco. Gevechten vonden plaats in bijvoorbeeld het Deca-park of in Concordia in Bandung. Onder veel Indo’s was boksen dus populair, hoewel het kennelijk voor sommige Indo’s ‘not done’ was. Kan jij ons meer vertellen over boksen in Indië of over deze foto? Laat een reactie achter.

PhotoFriday#2 zal gaan over de baboe: de hulp of kinderverzorgster, in Nederlands-Indië.

Indisch 3.0 en Tropenmuseum partners voor Foto zoekt familie

Posterbeeld Foto Zoekt Familie

Indisch 3.0 introduceert PhotoFriday@Indisch3

Binnenkort introduceert online magazine Indisch 3.0 PhotoFriday@Indisch3, een maandelijkse serie. Met PhotoFriday@Indisch3 geeft Indisch 3.0 op www.indisch3.nl inhoud aan het nieuwe partnership met het Tropenmuseum, voor Foto zoekt familie. Foto zoekt familie gaat vandaag van start. Met dit project wil het Tropenmuseum 335 Indische familiealbums teruggeven aan hun rechtmatige eigenaren. Deze albums liggen al sinds de soevereiniteitsoverdracht in 1949 in depot bij het Amsterdamse museum.

Posterbeeld Foto Zoekt Familie
Posterbeeld Foto Zoekt Familie

Het verhaal achter de foto’s
In PhotoFriday@Indisch3 bespreekt Indisch 3.0 op www.indisch3.nl maandelijks wat het verhaal zou kunnen zijn achter Indische familiefoto’s uit de 335 albums. Zijn er herkenbare elementen van een stad, wijk of buurt? Is aan attributen of situaties af te leiden uit welke sociale klasse de gefotografeerden kwamen? Wat zou er met de familie gebeurd zijn tijdens de Japanse bezetting? Het eigentijdse Indische magazine nodigt telkens een bekende of minder bekende Indische Nederlander uit om daarover mee te praten.

Samen albums bekijken
Verhalen over het leven in koloniaal Indië spreken nog steeds aan. Door foto’s uit de 335 verweesde Indische familiealbums te bespreken, kan Indisch 3.0 haar lezers nieuwe verhalen aanbieden en tegelijkertijd hopelijk bijdragen aan het terugvinden van de rechtmatige eigenaren van de Indische fotoalbums. Er zijn weinig lezers onder het Indisch3.0-publiek die de koloniale tijd hebben meegemaakt. Het magazine wil haar lezers daarom vooral inspireren om de familiealbums met opa’s, oma’s, ooms en tantes door te bladeren.

Portret van een Indo-Europees gezin Datering: 1925-1942 Foto: Yayoi Collectie: Tropenmuseum
Portret van een Indo-Europees gezin
Datering: 1925-1942
Foto: Yayoi
Collectie: Tropenmuseum

Foto zoekt familie-app
Hiervoor is de nog te ontwikkelen Foto zoekt familie-app van het Tropenmuseum cruciaal. Met de crowd funding actie die vandaag start op www.voordekunst.nl wil het museum 10.500 euro inzamelen. Dit bedrag is nodig voor het ontwikkelen van een applicatie waarmee iemand een van de 335 fotoalbums, die allemaal worden gedigitaliseerd tijdens het project, op een tablet kan downloaden. Een Indo 2.0 of 3.0 kan dan met de tablet onder de arm naar opa of oma, om samen – zonder internet – de albums door te nemen en tags te plaatsen bij herkenningspunten; van winkels tot straathoeken, van personen tot wijken. Zo hopen we het zoekproces naar de rechtmatige eigenaren van de 335 Indische familiealbums te versnellen.

Over de betrokken organisaties
Foto zoekt familieis een initiatief van het Tropenmuseum, KIT Information & Library Services, twee afdelingen van het Koninklijk Instituut voor de Tropen. Het Nederlandse Rode Kruis en Stichting Pelita zijn medegrondleggers van dit project. Indisch 3.0 is een online magazine over de Indische cultuur van vandaag en morgen. Begonnen als online magazine voor de derde generatie Indische Nederlanders, is het met bijna 1100 Facebook-fans inmiddels uitgegroeid tot online platform over Indo’s in de 21e eeuw. In het najaar van 2012 verschijnt de nieuwe versie van de website. Meer informatie? www.indisch3.nl, www.facebook.com/indisch3 en www.twitter.com/indisch3.

Tropenmuseum Amsterdam
Tropenmuseum Amsterdam

Reportage: Oostwaarts!

Tropenmuseum Amsterdam © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012

Een uitgebreide en informatieve tentoonstelling

Van 13 tot 17 augustus 2012 organiseert magazine Indisch 3.0 een themaweek over het Nederlandse kolonialisme in Indonesië. Deze reportage over de drie tentoonstellingen van ‘Oostwaarts!’ in het Tropenmuseum maakt daar onderdeel van uit. 

Gedeelde roots
Op de website van het Tropenmuseum lees ik dat het in 1871 in Haarlem is geopend als ‘Koloniaal Museum’ met als doel “grondstoffen, natuurvoortbrengselen en volksvlijt uit de Nederlandsche overzeesche bezittingen” te tonen. In 1926 verhuist het museum naar Amsterdam-Oost en na de onafhankelijkheid van Indonesië besluit het museum haar blik te verbreden. De roots van het Tropenmuseum liggen dus, net als die van ons, in Nederlands-Indië. En dat verklaart de enorme schat aan voorwerpen, kunst en verhalen die op de eerste verdieping te bezichtigen is. Het is veel. Voor je het weet ben je alles aan het lezen, laat je de symboliek op je inwerken, leg je allerlei verbanden en ben je 45 minuten verder, terwijl je nog meer dan tweederde van de verdieping moet bekijken.

De roots van het Tropenmuseum liggen in Nederlands-Indië.

Het koloniale theater van 350 jaar Nederlands kolonialisme © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012

Gedeelde symboliek
‘Zuid-Oost Azië, bezielde cultuur’ laat je voorwerpen zien uit Indonesië, maar bijvoorbeeld ook uit Thailand, Vietnam, Maleisië en de Filippijnen. Het leert je over de overeenkomsten in de symboliek die deze culturen rijk is, (draken, vogels, bloemen en hurkende mensen) en her en der zul je een verklaring vinden voor dat vreemde gebruik van je opa of oma. Deze presentatie mag een update krijgen: er missen letters van de teksten en het computerspel is zelfs voor de allerkleinste bezoekers niet ‘cool’ genoeg.

Gedeelde geschiedenis
In het ‘koloniaal theater’ over 350 jaar Nederlands kolonialisme staan verschillende figuren die met hun verhalen inzicht geven in hun leven. De kunstenaar vertelt over zijn fascinatie met Bali, de ‘inlandse’ ambtenaar deelt zijn frustratie met je. De poppen zijn van het niveau ‘Madame Tussaud’, de willekeurige, doorzichtige en oplichtende ledematen verraden dat het hier om poppen gaat. Voor een vrouw op leeftijd zijn ze een kunstwerk op zich, ze vergeet te luisteren naar wat ze te vertellen hebben. De jonge dochter van een andere bezoeker griezelt van een oplichtend oor en wil snel doorlopen.

Het theater wordt omlijst door voorwerpen en schilderijen uit dezelfde tijd. Tevergeefs zoek ik naar werk van Raden Saleh, het tweede doel van mijn bezoek vandaag. Wel ontdek ik prachtige boeken en schoolschriften, die een gevolg waren van de ethische politiek. Ik word heel blij van de typografie, typische illustraties en zorgvuldig handgeschreven bladzijdes. Meer hiervan graag!

Tevergeefs zoek ik naar werk van Raden Saleh, het tweede doel van mijn bezoek vandaag.

Boeken en schriften naar aanleiding van de  ethische politiek © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012

Uit hetzelfde hout gesneden

Eenmaal bij ‘Nieuw-Guinnea’ aangekomen, begroet de airco me. De koloniale geschiedenis is beklemmend, de luchtig opgezette tentoonstelling met houtsnijwerken is een welkome afwisseling. Ook hier veel symboliek en ruimte om gewoon te kijken en te genieten van het handwerk.

Oostwaarts! is een uitgebreide en informatieve tentoonstelling die de moeite waard is om te bekijken als je bereid bent er de tijd voor te nemen. Je zal voorwerpen en verhalen herkennen die, in hun context geplaatst, meer voor je gaan leven. Ga samen met iemand van de eerste of tweede generatie deze tentoonstelling bekijken, dè manier om hierin te duiken. Een kleinzoon die ik aan de lippen van zijn oma zag hangen, bevestigde dit.

Het Tropenmuseum is van dinsdag tot en met zondag open van 10.00 tot 17.00. De entree is €10,00 (zonder audiotour). Er stoppen trams voor de deur en het museum is rolstoelvriendelijk. Meer informatie vind je op hun website. Laat je ons weten wat je ervan vond, als je bent geweest?

Nieuw Guinnea Tropenmuseum Amsterdam © Christie Haalboom / Indisch 3.0 2012