De digitale rijsttafel

Amsterdam, 28 april 2009

door Ed Caffin

Als er goede vrienden komen eten doe ik graag wat beter mijn best. Ik probeer dan wel eens iets écht Indisch op tafel te zetten. Als je geen keukenprins bent is dat best een opgave, alleen een perfecte voorbereiding en hard zwoegen leveren dan het juiste resultaat op.

De voorbereiding begint al aan het eind van de ochtend, of –mijn oma zou trots zijn- de dag ervoor. Die dag struin ik dan als een padvinder, met een knapzak op mijn rug en de kookinstructies uit haar oude kookboek in mijn hand door buurtsupermarkten en toko’s op zoek naar de juiste ingrediënten.

De laatste tijd valt het me daarbij op dat het vinden van die ingrediënten een stuk moeilijker is geworden. Waardeloos is dat… Er is niets vervelender dan een Indische maaltijd bereiden terwijl je een ingrediënt mist. Zo’n ingrediënt waarvan je weet dat hij eigenlijk echt niet mag ontbreken. Zo’n dag eindigt dan ook steeds vaker met frustratie, een bezweet t-shirt en een net niet helemaal afgestreept boodschappenlijstje.

Echt goede trassi bijvoorbeeld schijnt bijvoorbeeld al maanden niet meer te krijgen in Nederland. En de échte ve-tsin, heb ik me laten vertellen, is zelfs jaren geleden al verdwenen. Dat is slecht nieuws voor liefhebbers van de (authentieke) Indische keuken, waarmee het volgens mij al langer niet zo goed gaat. Indisch eten in Amsterdam bijvoorbeeld, is eigenlijk gewoon Indonesisch eten geworden. Meer en meer echte Indische restaurants lijken te verdwijnen waardoor er straks alleen maar Indonesische restaurants zijn. Heerlijk hoor, maar door de Europese invloeden is de Indische keuken toch net iets anders.

In Indonesië hebben ze bijvoorbeeld geen pastei of typisch Indische saucijzen. Tenminste, ik heb ze daar nooit gezien. Aardappelkroketten ook niet trouwens. En een rijsttafel staat daar soms wel op het menu, maar dan vaak net iets anders, en ook net anders gespeld. Rijstafel. Subtiele verschillen ik weet het, maar toch.

dsc09260_web

Een andere zorgwekkende ontwikkeling is dat Conimex langzaam andere merken, zoals Sari Rasa en Koningsvogel, verdringt van de supermarktschappen bij mij in de buurt. Het Nederlandse Conimex gebruik je natuurlijk niet voor het bereiden van de echte Indische gerechten. Toch wel jammer. Straks moet je namelijk, als je echt Indisch wil eten, wat aardappels naast je Indonesische gerechten bestellen weetjewel, of ergens een patatje sateh halen. Misschien wat rijst bij je gehaktbal? Ik moet er niet aan denken.

Sinds kort gloort er dankzij het internet echter weer nieuwe hoop voor de liefhebber! Steeds meer (jonge) indo’s beginnen de oude recepten van hun oma’s en overgrootoma’s te digitaliseren. Op verschillende plekken op internet, zoals de Indisch eten Hyves of Roys Indo recepten-pagina kun je een fantastische collectie vinden van talloze Indische kookkunsten. Heerlijk. Daar lopen de termen Indonesisch en Indisch ook door elkaar, maar het doel heiligt de middelen.

Inmiddels ben ik ook maar begonnen met het uittikken van de heerlijke, in prachtig handschrift uitgeschreven recepten van mijn Oma. Voor de zekerheid. En natuurlijk voor het nageslacht. Ik moet alleen nog wel een oplossing vinden voor de onmisbare ingrediënten die niet meer te vinden zijn. Apenhaar bijvoorbeeld… Weet iemand waar je dat nog kunt krijgen?

Indisch 3.0 na de enquete

Onze dank is groot aan de mensen die gereageerd hebben op onze oproep ons eens net zo openhartig te beschouwen als wij doen met de wereld om ons heen. Het doet ons goed om te horen dat we tot nu toe lijken te slagen in onze opzet – eigentijds, kritisch, niet te zwaar op de hand, én Indisch.

Reacties zoals van Ed Vos (nee, geen familie of nickname), Mas Rob en Edwiño maken duidelijk dat onze invalshoek overkomt en in goede aarde valt. We willen inderdaad niet koketteren met het Indische, al is het maar omdat we dat nauwelijks kunnen. Natuurlijk kunnen we ervan genieten als mensen petjoh gebruiken. We moeten wel steeds opzoeken wat de woorden betekenen, maar goed, daar leren we elke keer weer van.

Een van de vragen die we al sinds het begin krijgen, is waarom we niet reageren op discussies. Op dit moment doen we het niet; wat wij vinden staat al in het bericht. Toch voeren wij daar onderling wél discussie over. Die gaat meestal van ‘Op NRC.nl reageren de journalisten ook niet op discussies die ontstaan over een bericht’ en ‘Ik wil de discussie niet sturen’ tot ‘Een journalist intervenieert toch ook als gespreksleider?’, ‘Het is wel een beetje makkelijk om gewoon een bericht online te plempen en er dan niets meer mee te doen’ en ‘Op andere fora zie je ook moderators optreden’. Het kan dus zijn dat we op een zeker moment wel besluiten te reageren.

Iets wat jullie en ons ook opgevallen is, is dat mensen die op berichten reageren overwegend van de tweede generatie of ouder lijken te zijn. Zeker weten doen we dat natuurlijk niet, maar het heeft ons wel aan het denken gezet. Schrijven wij echt primair voor de derde en vierde generatie of willen we vooral systematisch een nieuw geluid laten horen? Als we naar de polls kijken lijken we namelijk wel overwegend ‘jongeren’ (57% is jonger dan 36) te trekken. Maar hoe komt het dat die jongere bezoekers minder vaak reageren?

Op die laatste vraag kunnen wij geen antwoord geven. Op die eerste wel. Wij schrijven inderdaad niet primair voor een bepaalde generatie, maar voor dat deel van de Indische groep dat met een mengelmoes van nuchter verstand, humor, relativering én liefde naar zijn eigen afkomst kijkt. In die zin kunnen we zeggen dat Indisch 3.0 niet alleen verwijst naar de derde generatie Indo’s, maar ook naar de evolutie van het Indische zelfbewustzijn. Vanuit die optiek blijven we schrijven, en, op veler verzoek: regelmatiger dan het geval was.

Jonge Indo’s in de provincie… Utrecht

Amsterdam, april 2009

door Ed Caffin

In de interviewreeks Jonge Indo’s in de provincie portretteert Indisch 3.0 in twaalf afleveringen derde en vierde generatie Indische Nederlanders. Elke maand spreekt Kirsten of Ed in steeds een andere provincie een jonge Indo over wat hem of haar bezighoudt, over Indische en niet-Indische dingen en actualiteiten uit de media. In de eerste aflevering reist Ed naar het centrum van Nederland: Utrecht. Hij gaat in gesprek met Charlotte Heystek (20) over schrijven, de band met haar opa, kleinburgerlijkheid en Indische oma’s.

Charlie Heystek
In het kort even voorstellen… Charlie woont in Utrecht op kamers, studeert geschiedenis, schrijft, doet jongeren- en diversiteitsprojecten en werkt in de horeca. Ze is Indisch via haar moeder.

We spreken af bij het trefpunt op Utrecht CS en lopen door naar een café in het centrum van de stad. Het is fris buiten, maar als we gaan zitten met een kop koffie komen de eerste lentezonnestralen door het raam naar binnen. We kunnen beginnen met ons gesprek.

Welkom Charlie. Je bent de eerste die we spreken voor onze interviewreeks. Je studie geschiedenis is het niet, vertelde je zoeven bij het voorstellen. Wat wil je volgend jaar gaan doen?

Dat weet ik nog niet. Het moet iets te maken hebben met communicatie en journalistiek en ik ben geïnteresseerd in mensen en cultuur. Ik denk aan Nederlands of misschien sociologie.

En wat wil je uiteindelijk het liefst doen later?

Columnist worden! Ik schrijf graag, wil dingen kwijt. Eigenlijk schrijf ik over van alles. Soms stel ik dingen aan de kaak of wil ik een discussie op gang brengen. De ontwikkeling van social media, zoals Hyves en Twitter, vind ik bijvoorbeeld heel fascinerend. Het schijnt dat mensen tegenwoordig minder sociaal zijn in real life door alle social media die ze gebruiken! Dat soort dingen vind ik interessant, maar ik wil zelf ook mensen vermaken met mijn stukjes. Dat doe ik op sjalotje.web-log.nl, mijn eigen blog. Ik hou van de kunst van taal. Wat ik probeer is om direct tegen de lezer te praten, maar ik ben natuurlijk nog mijn stijl aan het ontwikkelen. En ik ga zeker door met schrijven.

Ik heb je gevraagd om iets mee te nemen om daarover te vertellen. Wat heb je meegenomen?

Dat is de ketting die ik altijd om heb. Die is van mijn Indische opa geweest. Hij heeft hem op reis in Thailand gekocht en sindsdien altijd gedragen. Na zijn dood kreeg ik hem. Ik heb altijd een sterke band met mijn opa gehad en vlak voor hij stierf heeft hij gezegd dat ik hem mocht hebben. Dat is nu vier jaar geleden. Ik zou niet weten wat ik moet als ik hem kwijt zou raken. Deze ketting is me zo dierbaar.

Een mooi verhaal. Wat was je opa voor man?

Hij was een eenling. Een man die tot hij ver in de zeventig was alleen de wereld rondreisde. Ik denk dat het vooral onrust was, dat hij niet goed kon aarden.

Waar komen jouw Indische grootouders eigenlijk vandaan?

Mijn opa, Boet Abrahamsz, werd geboren in Wonogiri, Midden-Java en mijn oma, Kathy Thomas, in  Batavia. Begin jaren vijftig kwamen ze naar Nederland en vlak nadat mijn moeder in Den Haag werd geboren, vertrokken ze weer, naar Nieuw-Guinea. Daar zijn ze gebleven tot de overdracht aan Indonesië. Mijn oma heb ik maar heel kort gekend. Ik herinner me dat ze – hoe cliché- altijd in de keuken stond en lekkere fruitsnoepjes had met suiker erop!

En je Nederlandse grootouders, wat weet je van hen?

Mijn Nederlandse opa, Henk Heystek, kwam uit Genderen in Brabant. Hem heb ik nooit gekend. Mijn oma Nelly Lankhaar leeft nog steeds. Mijn vader is opgegroeid in een gereformeerd gezin. Vrij streng eigenlijk. Ik heb daar zelf niets mee.

Op de Oude Gracht in het centrum van Utrecht, de plek waar haar ouders elkaar ontmoetten
Aan de Oude Gracht in het centrum van Utrecht, de plek waar haar ouders elkaar ontmoetten

Een andere vraag die we je graag willen stellen is wat uit de media jou heeft bezig gehouden de afgelopen tijd?

Dat gedoe met Arie Boomsma en de EO. Hij heeft ergens halfnaakt op de foto gestaan en de hele EO valt over hem heen. Echt suf vind ik dat zeg. Zo kleinburgelijk! Maar ik vermoed ook wel een beetje opzet. Ik heb een citaat op Twitter gezet: “EO dankt Arie Boomsma hartelijk voor alle publiciteit”.

Heb je een sterke afkeer tegen kleinburgerlijkheid?

Ja ik denk het wel. Ik probeer juist heel erg open en vrij te zijn.Ik ben ook geïnteresseerd in andere culturen. Dat is iets dat ik uit mijn Indische achtergrond meekrijg. Via de Japanse overheid ben ik drie jaar geleden als 17-jarige anderhalve maand in Japan geweest. Eerst in Tokio en daarna in Osaka bij een gastgezin. Dat was in het kader van het excuus van Japan aan oorlogsslachtoffers. Een aantal van de jongere generatie Indo’s, waaronder ik, werd uitgenodigd om daarheen te gaan.

Bijzonder.

Ja, zeker ook omdat mijn grootouders in het Jappenkamp gezeten hebben. Maar ze hebben eigenlijk nooit kwaad gesproken over Japanse mensen.Mijn opa wilde niet een heel volk de schuld geven van wat hem was aangedaan. Ik heb een geweldige tijd gehad in Japan en bijzondere mensen en een bijzondere cultuur leren kennen. Ik herkende een manier van omgang uit de Indische cultuur. Die Indische cultuur en achtergrond is belangrijk voor me en daar ben ik trots op.

Is er iets van jouw eigen Indische achtergrond, of de Indische cultuur en geschiedenis in het algemeen, wat je altijd al had willen weten?

Poeh. Moeilijke vraag! Dat weet ik niet. Nou, wat ik me eigenlijk wel afvraag is of Indische oma’s altijd degenen zijn die een familie bij elkaar houden. Dat was bij onze familie zeker wel het geval. Ik ben benieuwd wat de ervaringen zijn van andere mensen.

Hm. Een leuke vraag. Ik ben ook benieuwd wat mensen gaan zeggen. Ontzettend bedankt voor dit gesprek en tot slot mag jij zeggen naar welke provincie we nu gaan.

Eh… Brabant. Daar heb ik iets mee omdat mijn Nederlandse opa daar vandaan komt en mijn Indische grootouders en mijn moeder daar hebben gewoond. Dat klopt dan weer mooi!

Kirsten, dan ga je volgende maand naar Brabant!

Wil je reageren op dit interview en/of op de vraag van Charlie: Zijn het altijd Indische oma’s die een familie bij elkaar houden? Laat dan een commentaar achter bij dit bericht.

Discussies losmaken op eenjarig Indisch3.0

FeestDen Haag, 5 april 2009

door Kirsten Vos en Ed Caffin

Het is deze maand een jaar geleden dat Indisch 3.0 werd gelanceerd. Bijna 30.000 hits, exact 43 posts en 370 commentaren verder gaan we  daarom eens kritisch kijken naar de opzet en inhoud van de weblog. We krijgen veel positieve reacties, maar we horen bijvoorbeeld ook dat we vaker zouden mogen posten en dat de vormgeving beter zou kunnen. Met z’n tweeën terugkijken op het afgelopen jaar levert veel op, maar we willen jullie als lezers ook oproepen met nog meer suggesties te komen. Korte suggesties kan je kwijt in onze polls onderaan deze post, langere in een reactie bij het bericht of  in een mailtje.

Aanhoudende groei bezoekers
Indisch 3.0 is gestart als platform voor en door Indische jongeren, met als doel jongeren onafhankelijk te laten kijken naar hun eigen achtergrond en identiteit. Hiervoor willen we discussies losmaken door te schrijven over gebeurtenissen die naar onze mening van belang zijn voor het vormen van die onafhankelijke blik. Tattootalk zorgde in mei 2008 meteen voor een piek  van ruim 2200 hits. Het aantal hits stabiliseerde vervolgens rond 1700 per maand. De posts over Ver van familie, Contractpensions en Indomania zorgden vanaf september 2008 voor een forse,  stabiele groei, maar het verslag van de Indische filmmiddag in januari 2009 brak in sneltreinvaart alle ‘records’: gedurende 1,5 maand kreegt dit bericht 1500 hits, bovenop de inmiddels reguliere 3000 ‘gewone hits’ per maand. Desondanks is het bericht over symbolen voor Indo’s nog steeds de best gelezen post.

Elke twee weken een post
Omdat we allebei een drukke baan hebben én allerlei andere activiteiten combineren met schrijven voor de blog, hebben we afgesproken om beurten elke twee weken voor een post te zorgen. Dat werkte prima, maar in het najaar van 2008 merkten we dat we daardoor mooie items zouden missen. In een tijdsbestek van een paar maanden kwamen namelijk meerdere films en boeken uit, vond de nieuwe Indomania plaats in Amsterdam, en ging Ed ging voor een tijd naar Indonesië. In die periode verscheen er elke week een nieuw bericht. Inmiddels lijkt het (jammer genoeg) weer wat rustiger te zijn in cultureel Indisch-bewust Nederland, al zal de Pasar Malam Besar, oh nee, Tong Tong Fair, daar misschien weer verandering in brengen.

Discussie organiseren
Naast artikelen schrijven over activiteiten van anderen, hebben we ons ook voorgenomen om te schrijven over discussiebijeenkomsten die we zelf organiseren, zoals TattooTalk.  Voor het komende jaar gaan we zeker weer op zoek naar gelegenheden voor discussie over aspecten van het Indisch-zijn, dus mocht je daar een suggestie voor hebben, laat het ons weten!

Vernieuwingen
De komende tijd gaan we ons nog meer richten op wat Indische jongeren bezighoudt. Daarom beginnen we vanaf deze maand  met de nieuwe interviewserie Jonge Indo’s in de provincie. Afgelopen maand plaatsten we daar al een oproep voor, die nog steeds open staat. Over twee weken vind je op Indisch 3.0 de eerste uit deze twaalfdelige serie, waarin Ed Charlie Heystek interviewt, uit de provincie Utrecht.

Naast deze nieuwe interviewreeks zullen we maandelijks een poll op onze blog plaatsen, om de mening van onze lezers regelmatig te toetsen. De meest ingrijpende vernieuwing waar we voor gekozen hebben is een nieuwe vormgeving, op een nieuwe plek op het web. De omvang van posts en onderwerpen vraagt inmiddels om een andere ordening dan van een eenvoudige blog. Hou Indisch 3.0 dus goed in de gaten deze maand. Voor je het weet zien we er anders uit en hebben we een nieuwe websitelocatie.

En onze lezers dan?
Ja, genoeg over onszelf nu! We willen jullie, onze lezers, bedanken voor jullie bezoeken, kritische commentaren, enthousiaste reacties en nuttige suggesties van het afgelopen jaar. In het komende jaar willen we Indisch 3.0 beter en scherper maken en daarom willen we weten wat vind jij vindt. Hoe bezoek jij onze blog? En: wat mis je? Laat het weten, in onderstaande polls, een bericht of via de mail.