De eerste week van de 55e TTF

De 55e Tong-Tong Fair is nu een week aan de gang en wij maken de tussenbalans op. Wat gebeurt er dit jaar op “de grootste Indische happening van de wereld, waar Oost en West elkaar ontmoeten in een sfeer van vriendschap, gastvrijheid en inspiratie”? Onze tussentijdse conclusie: jongeren zijn bezig hun Indische roots een plek in het heden te geven, van docu tot foto-album. 

Foto zoekt Familie Lans
Mevrouw Lans (rechts) vertelt Han Go van sponsor Go-Tan over het teruggevonden familie-album. Haar kleinzoon (links) kijkt mee. Foto: Indisch 3.0 (Twitter)

Foto zoekt Familie: jongeren cruciaal voor succes project

De Tong-Tong Fair had op haar openingsdag een mooie primeur: het negende album vond zijn weg terug naar de eigenaar dankzij het Foto zoekt Familie-project. Wij zagen hoe mevrouw Lans, in het album nog een babytje, en haar kleinzoon vertelden hoe zij dit gedaan hebben. Later kwam dat nog op het NOS Journaal. Cruciaal was de app, die gemaakt is met het van een crowdfunding-actie op Voordekunst.nl. De kleinzoon van mevrouw Lans, Dwight Betist, had heeft deze app gebruikt om de albums door te bladeren: “Ik herkende toevallig die foto. Ik heb gelijk mijn moeder geroepen: volgens mij ben ik iets op het spoor gekomen. We hebben gelijk oma gebeld, ” vertelde hij op het NOS Journaal. “Jongeren zijn cruciaal voor het succes van dit project, dat blijkt wel” drukte een medewerker van het Tropenmuseum ons op het hart.

“Volgens mij ben ik iets op het spoor.”

Sporen van Smaragd: “Den Haag is van oudsher thuis geweest voor andere culturen” – Rabin Baldewsingh

Op de eerste dag van de Tong-Tong Fair nam de Haagse wethouder van o.a. Media en Organisatie, Rabin Baldewsingh, het eerste exemplaar van het boek Sporen van Smaragd in ontvangst: “‘Met dit boek laten we zien dat Den Haag een stad is die altijd vreemde culturen heeft verwelkomd. (..) Eigenlijk zou 2013 een Indisch jaar moeten worden.” We hoorden van insiders dat deze wethouder zich persoonlijk hard gemaakt heeft voor het Sporen van Smaragd-project. Fijn dat er in het IJspaleis een politicus zit die de Indische gemeenschap een warm hart toedraagt. Wil jij een exemplaar van het boek winnen? Kijk dan op onze Facebook-pagina. Meedoen kan tot en met 2 juni a.s.

 

“Den  Haag heeft altijd vreemde culturen omarmd.”

Het verhaal uit de koffer:  hoe ga je om met koffers vol met Indische herinneringen?

Fridus Steijlen (KITLV) interviewt documentaire maakster Dewi Staal en haar tante Marleen (links) over de documentaire "Het verhaal uit de koffer." op de Tong-Tong Fair.
Fridus Steijlen (KITLV) interviewt documentaire- maakster Dewi Staal (midden) en haar tante Marleen (links) over de documentaire “Het verhaal uit de koffer.”

Eerder interviewden wij documentairemaakster Dewi Staal. Dewi, ooit actief voor Indisch 3.0, filmde de zoektocht van haar tante Marleen.  Interessant aan de docu is om te zien hoe je het aanpakt als je uit voorwerpen, foto’s en brieven een familiegeschiedenis wil reconstrueren.Verder laat de docu en passant de geschiedenis van Indische Nederlanders zien. Dewi gaat er een trailer van maken. Hopelijk kunnen we die snel laten zien, want deze documentaire is boeiend voor jong, iets minder jong én oud.

Familieherinneringen in een doosje: inspirerende workshop van Shelly Lapré
Nog enthousiast van de documentaire van Dewi, namen we een kijkje bij de workshop van Shelly Lapré, die creatieve ideeën heeft voor hoe je voorwerpen, foto’s en andere herinneringen een bijzondere plek in je huis kan geven. Het is een vraag die wij zelf ook hebben. Shelly werkt met koffers, maar ook bijvoorbeeld met lijstjes. Wij gaan er zeker mee aan de slag!

Herinneringen kan je ook zichtbaar maken, door ze in te lijsten.
Herinneringen kan je ook zichtbaar maken, door ze in te lijsten.

De Tong-Tong Fair op Twitter: #TTF55

Naast zelf het evenement bezoeken, is Twitter natuurlijk een prima manier om te zien hoe anderen de Tong-Tong Fair beleven. Opvallend is dat op Twitter de TTF bij bezoekers vooral terugkomt in berichten over het eten, je even in Indonesië wanen of gezellig samenzijn. Daarnaast zien we ook kritische berichten.

@tongtongfair Was gezellig vandaag op de #TongTongfair Volgend jaar weer! Hoop dat de #NS_online dan wel ‘meewerkt’. twitter.com/pe2aab/status/…

— Rick Wesselink (@pe2aab) 25 mei 2013

 

Met de echte indo’s in de satè bar #tongtongfair twitter.com/carmelwilderin…

— carmel (@carmelwilderink) 25 mei 2013

 

Ik waande me voor een paar uur in Indonesië vandaag #TongTongFair #DenHaag #veeleten #muziek #gezelligheid #gaantwitter.com/LiesPresenteer… — Lies Heemskerk (@LiesPresenteert) 28 mei 2013

Tong tong fair @ Den Haag city. It’s about time this event disapears. The soul is out of it, too expensive and not #indisch at all.

— Michiel Eduard (@MichielEduard) 23 mei 2013

Lastig tweeten

Deze Twitter-impressie wil overigens niet zeggen dat er geen aandacht was voor de bijeenkomsten van het Tong-Tong Festival: we hebben afgeladen zalen gezien, bijvoorbeeld bij de twee uur durende Grote Surabaya show op zaterdag 25 mei. Ook de workshops in het Bengkel, bijvoorbeeld van Shirley Lapre, werden goed bezocht. Hoe komt het dan dat dat niet zichtbaar is Twitter? Eén verklaring is dat mensen die Twitter gebruiken, niet voor het programma van Tong-Tong komen. Wij denken het simpeler is: tijdens een workshop of lezing is het lastig tweeten.

De Tong-Tong Fair is er nog tot en met aanstaande zondag. Zien we je daar? Tweet t met #TTF55!

De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.
De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.

Tong-Tong Fair

22 mei /tm 2 juni 2013

Malieveld, Den Haag

Een Indo en Pencak Silat

Toch wel stoer, weer een melati. Wij mannen moeten oppassen op onze Indo vrouwen..Gevaarlijk dese… De 18-jarige Kinsey uit de Zaanstreek deed een demonstratie tijdens de Pencak Silat Seni op 20 april 2013, zo sierlijk en zo zacht, maar ze eindigde hard en spectaculair, het was een mooi gezicht. 

Kinsey tijdens de Pencak Silat Seni Den Haag Foto: Made by Chimofu.nl
Kinsey tijdens de Pencak Silat Seni Den Haag
Foto: Made by Chimofu.nl

Timpeh vraagt aan….. Kinsey

Timpeh: Welke martial art doe je?

Kinsey: Ik beoefen de martial art Perguruan Pencak Silat Manyang. Deze martial art komt uit Indonesië, oost-Java, uit de plaats Suberpucung. De school is opgericht in Nederland door Guru C.D. Kessing. Onze stijl is de Manyang wat in het Maleis wesp betekent.

Tijdens het Nederlandse bewind was het openlijk beoefenen van Pencak Silat en het bezit van wapens verboden. Pencak Silat ging ondergronds. De bewoners van Indonesië oefenden ’s nachts in zwarte pakken en overdag gemaskeerd als sierlijke dans onder begeleiding van gamelan en kendang muziek. De verbloeming van de vechttechnieken vinden wij nog steeds terug in de sierlijke bewegingen van de kembangan.

Er wordt aangenomen dat eeuwen geleden priesters en monniken technieken ontwikkelden om zichzelf te verdedigen. Hierbij bestudeerden zij het gedrag van dieren, met in het bijzonder de overlevingstechnieken. Ook nu nog geven wij aan sommige technieken dierenbenamingen, zoals harimau of macan (tijger), ular (slang), monjet of keteh (aap) en manyang (wesp).

Tijdens het Nederlandse bewind ging Pencak Silat ondergronds.

Timpeh: Waarom heb je besloten om deze martial arts te doen?

Kinsey tijdens een demonstratie Foto: Kinsey
Kinsey tijdens een demonstratie
Foto: Kinsey

Kinsey: Omdat mijn familie uit Bandung op Java komt en mijn opa beoefende Pencak Silat, vandaar dat mijn interesse hier ook lang bij de Pencak Silat.

Timpeh: Wat is tot dusver je grootste succes?

Kinsey: Zelf vind ik mijn grootste succes dat ik met het Manyang demoteam mag optreden door heel Nederland. Het is een geweldig team en ik ben trots dat ik hieraan mag meedoen.

Timpeh: Welke prijzen heb je gewonnen?

Kinsey: Vooral Tanding prijzen wat de vechtwedstrijden zijn. Maar ook de Seni wat de stijlwedstrijden zijn.

De verbloeming van vechttechnieken zie je terug in de sierlijke bewegingen.

Timpeh: Wat zijn je ambities?

Kinsey: Ik wil graag mijn zwarte band behalen.

Timpeh: Wat is je mooiste ervaring in het leven?

Kinsey: Dat ik 2 jaar geleden naar Indonesië ben gegaan met mijn ouders en de geboorteplaats van mijn tantes en oom mocht bezoeken. Maar ook dat ik een demonstratie van de Nederlanderse Pencak Silat mocht geven in Sumatra, dat was een hele eer.

Kinsey Foto: Kinsey
Kinsey
Foto: Kinsey

Timpeh: Wat is voor jouw Indisch zijn?

Kinsey: Het lekkere eten!

Timpeh: Welke Indo tik heb jij? (B.v. lekker kunnen pitjitten of overal sambal erbij)

Kinsey: Veel eten!

Timpeh: En als laatste vraag, deze moet gewoon gestelt worden…..
Wat is je favoriete eten? ( Mag één, maar kèn meer)

Kinsey: Ajam paniki en saté zonder katjang saus.

Terima kasih Kinsey voor het interview.

Kinsey: Sama sama

Martial Arts 3.0 # 6 Pencak Silat

Aanstaande zaterdag is de eerste demonstratie van Pentjak Silat op de Tong-Tong Fair te zien (25 mei, 18:00 uur, Tong-Tong Podium). Onderaan deze post vind je alle data van Pentjak Silat-demo’s en workshops op de Tong-Tong Fair. Maar wat is dit eigenlijk voor sport? Timothy verdiepte zich erin.

Een halve eeuw geleden is het pencak silat met de eerste generatie Indische Nederlanders naar Nederland gekomen. Dankzij deze Indische Nederlanders is het gezamenlijke culturele erfgoed van Nederland en Indonesië behouden gebleven. Op 20 april 2013 was het Festival Pencak Silat Indonesia 2013 in het Museon te Den Haag. Wij, mijn vader en ik, waren uitgenodigd door Kepala Guru Kessing van Perguruan Pencak Silat Manyang. Samen met  mijn vader en oom uit Amerika reden we richting Den Haag om dit festival bij te wonen.

Kopstukken
Het festival was al begonnen toen wij binnen kwamen. De geluiden van gamelan en krontjong kwamen ons tegemoet. We zagen veel kleurige pakken van de deelnemende pencak scholen. Ik ben niet bekend in de pencak wereld, maar er waren veel kopstukken van de Nederlandse Pencak. Zoals Kessing, Pfefferkorn, van der Geugten en nog veel meer. En natuurlijk de Indonesisch ambassadeur.

Demo team Pencak Silat Mayang Foto: Made by Chimofu.nl
Demo team Pencak Silat Mayang
Foto: Made by Chimofu.nl

Ambassadeur Marsudi
Tijdens de officiële opening door de ambassadeur van Indonesië mevrouw Retno Marsudi,  benadrukte ze het belang van dit Festival, namelijk dat dit een goede communicatie middel is om niet alleen de samenwerking tussen de Pencak Silat Scholen in Nederland te binden en te  bevorderen, maar nadrukkelijk ook om de banden tussen Nederland en Indonesië in alle facetten te versterken. Ze zag het festival als een handreiking  en als een gebaar aan Nederland. Tenslotte bedankte ze alle deelnemers van het Festival en wenste ze hun succes.

Stijlen
Op dit Festival waren Pencak Silat stijlen uit de streken op Sumatra, West/ Midden/ Oost Java, Madura, de Molukken en alle andere streken van Indonesië aanwezig. Het was vier uur lang genieten van de demonstraties, vol van sierlijkheid, maar met dodelijke technieken.

Dieren
Pencak Silat is een verzamel naam voor de traditionele Indonesië vechtkunsten. De stijlen verschillen per streek, maar je zie dat er veel gekeken werd naar de dieren.  De dieren worden veel geïmiteerd. De technieken werden  in de loop van de tijd aangepast en geperfectioneerd. Hier in Nederland is het Pencak Silat voor het grootste gedeelte gericht op de fysieke kant, terwijl in Indonesië het mentaal spirituele element ook een belangrijk onderdeel is.

Verdedigingsmethode
Wanneer en wie Pencak Silat ontwikkelt heeft, is nog tot op heden een vraag. Maar het is wel één van de oudste martial arts in Zuid oost Azië. We gaan er vanuit dat de oude bewoners van Indonesië een verdedigingsmethode hebben ontwikkeld tegen de natuurlijke vijanden en tegen agressieve stammen. Er zijn meer dan 150 verschillende stijlen  en binnen deze stijlen zijn nog substijlen.  Het ontwikkelen van stijlen blijft doorgaan. Ook vandaag de dag worden stijlen ontwikkeld.

Klassiek en modern
Binnen de Pencak Silat zijn er 2 stromingen: de klassieke en de moderne stroming. De klassieke stroming is de traditionele en authentieke vorm van de Pencak Silat uit West Sumatra, Silek Tuo (oude Silat). Silek Tuo  is meer gericht op worp-, breek en verwurgingstechnieken en niet zo zeer op stoten en trappen. De ademhaling en meditatie ter bevordering van de samenwerking tussen lichaam en geest is een belangrijk onderdeel van Silek Tuo. De moderne stijlen zijn meer gericht op het fysieke element van de silat. Meer het zelfverdediging, demonstraties en wedstrijden.  De invloeden van andere martial arts, zoals de Chinese gevechtskunsten, zijn wel te zien in de moderne Pencak Silat.

Bambu Gila Foto: Made by Chimofu.nl
Bambu Gila
Foto: Made by Chimofu.nl

Vier peilers
De PERSILAT is een wereldfederatie die een norm hebben gesteld waar de pencak Silat uit bestaat: Mentaal-spiritueel, Bela Diri ( zelfverdediging), Seni ( kunst) en Olah Raga ( Sport en wedstrijd). De Pencak Silat Mentaal en Spiritueel is de mentale en geestelijke ontwikkeling van de Pencak Silat. Het doel hiervan is om innerlijke rust en een geestelijke balans te krijgen.

Bela Diri en Seni
Het doel van Bela Diri is zelfbescherming en zelfverdediging. Door de training wordt zelfverzekerheid  en geestelijk belans gestimuleerd. Als je de technieken van Bela Dari harmoniseert met de esthetische normen en waarden krijg je Pencak Silat Seni. Deze normen hebben als doel om de sierlijkheid en schoonheid van de Pencak Silat te tonen.  Meestal wordt dit gedaan op muziek ( gamelan of krontjong). En als laatste is er de Olah Raga. Dit is het wedstrijdonderdeel van de Pencak Silat en gebasseerd op de Bela Diri. Twee beoefenaars strijden elkaar op de mat. Verder is het bedoeld om fysieke kracht en conditie te ontwikkelen.

Pencak Silat Olah Raga Foto: Made by Chimofu.nl
Pencak Silat Olah Raga
Foto: Made by Chimofu.nl

Meer zien van het festival? Bekijk mijn filmpje of ga naar de fotoreportage op mijn site.

Meer Pentjak Silat zie je op de Tong-Tong Fair, tot en met 2 juni 2012:

  • Pencak Panca Sila, 25 mei
  • Advendo, 29 mei
  • Tontonan Dua o.l.v. Charles Renoult, 30 mei
  • Paatje Phefferkorn, 31 mei
  • Pencak Melayu van Pencak Satria, 2 juni

Over 'Het verhaal uit de koffer'

Film over zoektocht tante

Aanstaande zondag gaat de documentaire ‘Het verhaal uit de koffer’ in première op de Tong-Tong Fair, Den Haag. In het Bibit-theater, om 12.30 uur, kijkt het publiek eerst naar de 35 minuten durende documentaire. Daarna is maakster Dewi Staal nog aanwezig voor vragen en commentaar. Wij spraken de net afgestudeerde cultureel antropologe over haar docu.

Het huwelijk van opa en oma Staal. Foto: uit de koffer...!
Het huwelijk van opa Staal en oma Staal – Pasiak. Foto: uit de koffer…!

Afstudeerproject
‘Ik had mijn tante Marleen gevraagd om foto’s van mijn opa en oma. “Ik heb nog ergens een koffertje,” zei ze. Zo begon het,’ vertelt Dewi monter. ‘Mijn tante was al een tijdje van plan om iets te doen met die foto’s. Toen ik zag welke brieven en foto’s in die koffer zaten, wist ik waar ik mijn afstudeerproject over zou gaan doen. Het koffertje had mijn tante meegenomen na het leegruimen van het huis van mijn opa en oma. Het was de koffer waarmee mijn opa naar Indië was afgereisd, met de boot in’46, en die hij meenam toen hij voorgoed terugging naar Nederland. De sticker met zijn naam, legernummer en de naam van de boot ‘Tabinta’ zit er nog op.’

“Ik heb nog ergens een koffertje,” zei mijn tante.

Foto’s in een koffer
‘In de koffer vond mijn tante brieven en foto’s, die mijn opa had bewaard. Mijn opa was fotograaf voor het leger en ontmoette mijn oma in het ziekenhuis, waar zij als verpleegster werkte. Mijn opa was, door zijn werk, steeds onderweg. Hoewel ze gillend verliefd waren , waren ze dus telkens gescheiden van elkaar. In die periode hebben ze elkaar veel brieven gestuurd, met foto’s. Die vond mijn tante in de koffer.’

Privé
‘Ook vond zij brieven uit de Schattenberg-tijd, waar ze gewoond hebben na aankomst in Nederland. Mijn vader volgde een cursus voor luchtfotografie in zuid Nederland. Alleen in de weekenden was hij bij mijn oma. Toen hebben ze dus ook veel brieven en foto’s naar elkaar gestuurd. Mijn tante vond het in het begin best lastig, om die brieven te openen en te lezen. Het was zo privé! Daar heeft ze echt even de tijd voor genomen.’

Verhaal uit de koffer - Dewi Staal in actie
Verhaal uit de koffer – Dewi Staal in actie

Verleden en heden
‘In februari van dit jaar zijn mijn tante, mijn vader en ik naar Indonesië gegaan. We beseften allebei dat het zoveel zou toevoegen. We zijn naar Jakarta gevlogen en hebben daar, aan de hand van foto’s en brieven, het spoor van  mijn opa en oma gevolgd. We zijn bijvoorbeeld in de kerk geweest in Jakarta, waar ze getrouwd waren. De Pauluskerk stond er nog goed bij. De kraamkliniek waar mijn oma haar opleiding tot vroedvrouw had gevolgd, was een grote ruïne geworden. Er woonden nog wel oudere zuster en kinderen, tussen de glasscherven en dakpannen. Aan de hand van foto’s ging mijn tante op zoek naar ruimtes waar mijn oma geweest moest zijn. Zo konden we het verleden en het heden met elkaar verweven.’

In Jakarta hebben we het spoor van mijn opa en oma gevolgd.

Filmfestivals
‘De documentaire heb ik gemaakt als afstudeerproject, maar daarmee is het voor mij niet af. Ik ga de documentaire ondertitelen, zodat ook niet-Nederlands sprekende geïnteresseerden de film kunnen zien. Ik wil de film opsturen naar grotere filmfestivals in Nederland en Indonesië. Misschien ook wel naar de VS, voor de tweede en derde generaties daar zou de film ook interessant kunnen zijn.

Foto: Dewi Staal.
Foto: Dewi Staal.

Op zoek naar het familieverhaal
‘Ik heb de documentaire in de eerste plaats gemaakt uit interesse voor mijn eigen, Indische, familie. Dat het mijn afstudeerproject was, was een extra stok achter de deur om deze film te maken. In tweede instantie hoop ik met deze film anderen van de tweede en derde generatie Indische Nederlanders ertoe aan te sporen op zoek te gaan naar hun familieverleden.’

Dankzij deze film heb ik mijn opa en oma leren kennen.

Veel meegemaakt
‘Waarom? Ik heb er mijn opa en oma beter door leren, wat voor mij waardevol is, want ik heb ze nooit echt bewust gekend. Mijn oma was al overleden toen ik geboren werd, mijn opa stierf toen ik zeven jaar oud was. Wat hebben zij een hoop meegemaakt samen! Ze waren constant bij elkaar vandaan, terwijl ze elkaar net hadden leren kennen. Door deze film te maken, heb ik het gevoel gekregen dat ik weet wie ze waren.

Het Verhaal uit de Koffer. Documentaire door Dewi Staal.

Première 26 mei 2013, 12:30 uur- 13.30 uur

Bibit-theater/ Tong-Tong Fair, Malieveld, Den Haag.

 

Winnaars van de TTF-kaarten

‘Waar kijk jij het meeste naar uit, op de 55e TTF?’

Dat was de vraag waarmee je een setje vrijkaartjes kon winnen voor de Tong-Tong, die vanaf morgen weer twaalf dagen lang op het Malieveld zijn tenten opent. En de winnaars zijn bekend. Het was lastig. De eerlijkheid (‘al het eten en de mooie vrouwen!’), de sateh (sateh kambing is het meest genoemd) en het weerzien-met- waren toch wel de meest genoemde antwoorden. 

Foto: Tong Tong Fair.
Foto: Tong Tong Fair.

De tien winnaars hebben een opvallend, onderscheidend en tegelijkertijd voor veel Indo’s en niet-Indo’s herkenbaar antwoord gegeven. Dit zijn de mensen die vandaag een mailtje van ons gaan ontvangen. Gefeliciteerd en enorm veel plezier! Niet gewonnen, wel gaan? Koop dan online je kaarten. Kan je meteen doorlopen en gaan eten, dansen en sjansen!

De winnaars!

1. Leroy Hansen kijkt het meeste uit naar..
Die geur van durian! U kent wel toh? Vaak u hoort toh: Aduh stinken seh!! Loh..hoe dan stinken? Ruikt lekker dese en ook noh eens enak!! Natuurlek is nog meer om naar uit te kijken! Geselligheid in overvloed daar, maar das niet gek toh? Al die indo’tjes bij elkaar! Jong en oud, groot en klein. Altijd ngobrol met elkaar en altijd vragen; Bent u van familie van….. Soms ook beetje omong kosong want dat kennen wij ook goed!! Aduh, op Tong Tong heeft dese fent altijd ineens heel veel Tantes en Ooms erbij! Hoe dan toh? Maar wacht! Er is nog meer!!

Loh, lijkt bijna wel Tell Sell!! Koop dit en je krijg gratis dit! LUCU! Wat zou een indo toh zijn zonder muziek? Gelukkig dese mensen van Tong Tong ook hier aan gedacht! Gesellig met elkaar Jiven op de Crazy Rockers en Tjendol Sunrise maar ken ook natuurlek poco poco doen met Ricky risolles, die fent is lucu iyah! Ook ken dansa op dangdut! Wij jongeren kennen ook goed dansen op dangdut, betul betul!! Maar soms beetje malu toh? Maar geef neks!! Als maar gesellig is toh? Loh, bijna lupa!! Misschien wel belangrijkste van alles!! Eten!!

Aduh, elk jaar weer op dieet spesiaal voor Tong Tong… want die kilo’s vliegen er zo aan na een bezoekje aan de Tong Tong seh!! Sate kambing, pepesan, nasi rames speciaal, tjendol, martabak.. aduh, mijn tand hij al watert! Maar u kent wel toh… altijd mopperen over het eten, Loh tante!! dese toh niet pedis!! Ik ken veel beter! Kom maar langs, u ken proeven toh? Aduh, zo ziet u maar weer, altijd wel iets te beleven daar op de Tong Tong, nooit vervelen! Lachen, gieren brullen, soms gewoon spierpijn van t lachen! Maar met beetje pijit jij zo weer de oude zijn, betul betul! Helaas maar 1x per jaar dus ken altijd weer verheugen als de Tong Tong weer gereed staat voor 12 dagen plezier, cultuur en lekker eten! Maargoed dese fent gaat er een eind aan breien. Altijd zoveel omong dese! Sampai jumpa, de groetjes!

2. Jeffrey van Tongeren kijkt het meeste uit naar…
de oude indische dametjes die de makanan keuren bij de diverse standjes

3. Denise Soerodikromo kijkt het meeste uit naar..
Het Indonesië paviljoen omdat ik over 1,5 maand mijn 1ste kindje krijg en ik niet kan wachten om hem een schattige kecil batik blousje aan te doen. De 1ste dag sta ik vooraan in de rij 😉

4. Jacob Syarnoebi kijkt het meeste uit naar…
mijn vriendin die ik heb leren kennen toen we samen voor de stichting werkzaam waren. Onze band zal altijd onlosmakelijk verbonden blijven met de TTF. Als bezoeker herleef je de Pasar “liefde” keer op keer..

5. Elvira Nitters kijkt het meeste uit naar…
een dagje uit met mijn Indische opie!

6. Nicole Aly-Koetsier kijkt het meeste uit naar..
Voor mij is de hele Tong Tong Fair een groot feest, lekker eten, leuke stands. De muziek, dans was geweldig iedereen jong en oud danste voor het podium. Heb helaas nog nooit het land (Indonesië)van mijn ouders en groot ouders mogen en kunnen bezoeken. Vorig jaar heb ik voor de eerste keer de Tong Tong Fair mogen bezoeken een hele openbaring. De tijd vloog voorbij en kwam tijd te kort nog nooit zoveel Indische mensen bij elkaar gezien Voelde mij 100n trotse Indo. Wil deze keer ook graag de workshops bezoeken waar ik vorige keer niet aan toegekomen ben. Tot gauw op Tong Tong Fair, Nicole Aly-Koetsier

7. Pascal Niehoff kijkt het meeste uit naar…
..een risoles pedis
..een ikan, dus vis ..
indië, dat ik mis ..
maar met Tong Tong Fair en indisch3.nl
..red ik het gelukkig ook nog wel.

8. Julius Salakory kijkt het meeste uit naar..
het moment waarop je nog nét niet binnen bent en de geur van De Gordel van Smaragd je al tegemoet komt. Een mix van wierook, djahé, sereh, tjenkeh en pala gemeleerd met het gevoel van een saamhorigheid; ergens tussen Sabang en Marauke dáár ligt (mede) onze oorsprong! First stop: Lemper Bar – ‘Uit het Vuistje’ ;):D

9. Gaby Vermeulen kijkt het meeste uit naar…
het opstijgen, de landing en alles daartussen natuurlijk! Het is toch een soort van minivakantie waar ik me lekker kan laten verrassen.

10. Max Krajenbrink kijkt het meest uit naar..
om zaterdag 25 mei, nu samen met mijn dochtertje van net 2 jaar, naar Tante Lien te gaan waar vroeger ik zelf als klein jongetje op de Pasar Malam in de Rai in Amsterdam bij Tante Lien op schoot zat..

55e Tong-Tong Fair

Den Haag Malieveld

22 mei t/m 2 juni 2013

www.tongtong.nl

 

Nieuw: Mori Tari-feest voor TNS'ers 3.0

Win kaarten voor feest derde generatie Molukkers

Zaterdag 25 mei a.s.vindt in de Akhnaton in Amsterdam de eerste editie van Mori Tari plaats, een initiatief van Tessa Pormes (27 jaar) en Ryu Lekranty (28 jaar). Deze avond is georganiseerd voor de derde generatie TNS’ers, bewoners van de eilanden Teon, Nila en Serua, maar iedereen is welkom.

Een van de 3 x 2 kaarten winnen met #moritari
Indisch 3.0 mag drie x 2 plekken op de gastenlijst weggeven voor dit feest. Hoe? Tweet dit artikel met #moritari. Hoe vaker je tweet, hoe groter de kans dat je wint. Je hoort 23 mei a.s. via Twitter (@indisch3) of je gewonnen hebt.

Marinemannen van de TNS-eilanden
Marinemannen van de TNS-eilanden

Hechte gemeenschap
Teon, Nila en Serua zijn drie kleine vulkaaneilanden die in de Bandazee het zuidwesten van de Molukken liggen en staan vooral bekend als de TNS-eilanden. Ze liggen ver van de bewoonde wereld af, waardoor er een hechte gemeenschap is ontstaan. Pas sinds kort gaat er eens in de twee weken een veerboot naar toe. Veel van de  mannen van deze eilanden waren, in tegenstelling tot de meeste Molukkers, niet in dienst van het KNIL, maar van de Nederlandse Koninklijke Marine. De gezinnen kwamen bij aankomst in Nederland dan ook terecht op de verschillende marinebases en behielden hun baan, wat het onderscheid tussen hen en de Molukse gemeenschap versterkte.

TNS-mannen werkten bij de Marine.

Familie

Tessa Pormes (27 jaar) en Ryu Lekranty (28 jaar) zijn de initiatiefnemers van dit feest. Tessa heeft een Hollandse moeder en de grootvader van vaders kant is afkomstig van Serua, terwijl Ryu’s grootvader van vaders kant van Nila komt en half Indonesisch is. ‘We zijn met elkaar opgegroeid, onze opa’s waren beste vrienden.’ Tessa legt uit: ‘Mijn vader ging vroeger altijd uit met de ouders en ooms van Ryu naar Paradiso en nu doen wij dat, vanzelfsprekend eigenlijk .

Tessa en Ryu
Initiatiefnemers Tessa Pormes (rechts) en Ryu Lekranty

Taal
‘We zagen elkaar allemaal altijd als soort familie. Je zegt al snel: dit is mijn oom, dit is mijn tante,’ vervolgt Tessa. ‘Op een gegeven moment is het meer geworden en nu wonen wij samen in Amsterdam. We zouden graag volgens onze
adat trouwen, maar dat zal dan -net als Ryu’s ouders destijds hebben gedaan- op TNS moeten plaatsvinden aangezien slechts enkelen de taal nog spreken.’

Achtergrond
‘Ik heb me altijd erg bezig gehouden met mijn achtergrond, ik vond het heel belangrijk en was ook nieuwsgierig naar waarom we hier in Nederland zijn,’ vertelt Tessa. ‘Daarbij heb ik ook vaak discussies gevoerd met andere Molukkers die mij vroegen of ik het niet vervelend vind dat ik ook Nederlands ben aangezien zij ons naar hier hebben gebracht. Dat vond ik soms best moeilijk, maar inmiddels heb ik wel mijn plek gevonden. Mijn moeder zei altijd: ‘Jij bent geen halfbloedje, maar een dubbelbloedje. Jij hebt het beste van twee werelden.’

Jij bent geen halfbloedje, maar een dubbelbloedje.

Cultuurbehoud
Flyer Mori Tari‘Wij vinden het heel belangrijk dat onze cultuur behouden blijft voor de volgende generaties. De oudjes van de eerste generatie zijn nog op een hand te tellen. Als wij nog dingen van hen willen leren, moeten we dat nu doen,’ legt Ryu uit.

Hechte samenleving
‘Er is een visiegroep van een aantal ooms en nichten die er voor zorgt dat wij eens in de zoveel tijd bij elkaar komen, maar zij zijn er niet in geslaagd de derde generatie te bereiken. Onze ouders moesten mee naar de bijeenkomsten, maar de jongeren gaan gewoon niet als het niet leuk is. Dus hebben wij besloten daar verandering in te brengen.’ Het plan voor Mari Tori, wat zoveel betekent als “een hechte samenleving nastreven”, was geboren.

Elkaar leren kennen
De avond is een informeel feest, puur om (hernieuwde) kennismaking te creëren, want ‘Pas als je elkaar kent, wil je naar elkaar luisteren en van elkaar leren.’ Als er veel animo is, kunnen we het gaan hebben over hoe we onze taal, dans, zang en kookkunst kunnen delen en overdragen. ‘Het is belangrijk dat iedereen zijn of haar geschiedenis weet en niet vergeet. Ik zou het een doodzonde vinden als onze kinderen niet weten waar ze vandaan komen, en hoe onze oyangs hier zijn gekomen.’ Maar allereerst elkaar samenbrengen.

Photobooth
25 mei a.s. is er dus een feest met goede muziek en uiteraard lekker eten. Tussen 20.00 en 2.00 kan je genieten van de tunes van dj Mickster, Cruzito, Cissy Strut en de live band . Tevens is er een speciale TNS photobooth waar je je -voor latere generaties- kan laten vastleggen in exotische sferen.

Kaarten kosten in de vvk 7.50 en aan de deur 10 euro. Voor meer info kijk je op Facebook.

En Indisch 3.0 mag dus drie x 2 plekken op de gastenlijst weggeven voor dit feest. Hoe? Tweet dit artikel met #moritari. Hoe vaker je tweet, hoe groter de kans dat je wint. Je hoort 23 mei a.s. via Twitter (@indisch3) of je gewonnen hebt.

De 10 TTF-tips van Indisch 3.0

De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.
De 55e Tong-Tong Fair. 22 mei t/m 2 juni 2013, Malieveld, Den Haag.

“Wat staat er op het programma, meis?”

Mijn opa stelde mijn oma elke dag die vraag. Traditiegetrouw had mijn oma een antwoord klaar; een eigen selectie waarmee ze naar eigen smaak de dagen kleur gaf. Voor al die mensen die benieuwd zijn naar wat wij op de 55e Tong-Tong Fair willen bezoeken: de 10 TTF-tips van Indisch 3.0.

We richten deze top-10 vooral op wat wij live het beste te beleven vinden. Zelf je TTF-programma samenstellen? Kèn hier!

10. Doen: Neem de Betjak!

Tijdens de Tong-Tong Fair rijden er in Den Haag betjaks (fietstaxi’s). De fietsers zijn vrijwilligers van sportverenigingen uit Delft. Zij fietsen voor hun verenigingskassen. Vaste ritprijs is 2,50 euro. Daarmee kan je een ritje maken tussen de opstapplaatsen Den Haag Centraal, het Malieveld en het Haags Historisch Museum.

Dagelijks  tussen 11.00 en 19.00 uur.

Een betjak. Foto: www.diemel.name
Een betjak. Foto: www.diemel.name

9. Doen: Familiefoto’s terugvinden met je oma (of opa, of tante, of…).
Het bekende project Foto zoekt familie van het Tropenmuseum is – dankzij de sponsors Tong-Tong Fair en Go-Tan – op het festival aanwezig. Op de informatiestand van het KIT (Koninklijk Instituut voor de Tropen) kan je de foto’s bekijken. Wie weet vinden jullie eindelijk dat ene foto-album terug.

Dagelijks te bezoeken.

8. Dans: Tango & Tari.

Het Kraayenhof Tango Ensemble en Sang Penari voeren een dansvoorstelling op, waarin Tango en Indonesische dans elkaar ontmoeten. Klinkt spannend. Zien!

Bintang-theater, donderdag 23 mei , 19.30 uur.

7. Film: Buitenkampers ‘Boekan Main’.

Hetty Naaijkens Retel Helmrich. Foto: www.zimbio.com
Hetty Naaijkens Retel Helmrich. Foto: www.zimbio.com

Hetty Naaijkens – Retel Helmrich (o.a. Contractpensions) maakte een documentaire over de buitenkampers, Indo-Europeanen die tijdens de Japanse bezetting niet geïnterneerd werden. Deze docu is een vervolg op ‘ Het jaar 2602’. In die film kwamen de – voornamelijk totok  – geïnterneerden aan het woord. Op zaterdag 25 mei a.s. vertoont Hetty een preview van haar nieuwe documentaire.

Bibit-theater, zaterdag 25 mei 2013, 12.30 -13.30 uur.

6. Muziek: Ragmob.

Ragmob is een western-swingband uit Den Haag. De band speelt muziek van voor Elvis. Jong en oud gaan bij een optreden uit hun dak bij de nummers van o.a. Bob Wills, Hank Williams en Jonny Cash. Het is altijd feest als Ragmob speelt. Bijzonder is dat Rabmob geheel akoestisch speelt en hooguit met 1 microfoon zich laat uitversterken. Relaxte muziek, waar je je ouders ook een plezier mee zal doen.

Tong-Tong Podium, dinsdag 28 mei, 21:00 uur.

5. Spektakelrockshow: A.S.A.P. Dragon Fly uit Jakarta.

Gaaf! Deze muziek van rock en angklung klinkt prettig, enorm Indonesisch en toch eigentijds. “Tradition meets the modern age as the angklung, with its chiming bamboo melodies weaves through powerful rock grooves. ” – Indocultureday.org. Inclusief vijf meter hoge hydraulische drum (iemand enig idée wat dat is?!).

Tong-Tong Podium, woensdag 22 mei 21.00 uur, vrijdag 24 mei 21.00 uur,  zaterdag 25 mei 21.00 uur.

4. Interactief theater: ‘Indisch zwijgen? Mehoela!’

Veel mensen die een link hebben met Nederlands-Indië en de Molukken smullen van verhalen over de voormalige kolonie. Maar als het om het vertellen van eigen verhalen gaat, wordt het angstvallig stil.  ‘Indisch Zwijgen? Me Hoela!’ is een project waarmee Elsbeth Vernouth (oud-Indisch 3.0), Wendy Ripassa en Martijn Grootendorst de mooie en vaak schrijnende verhalen die in veel Indische en Molukse families leven, verteld willen krijgen. Misschien krijg jij na deze show je moeder zover dat ze vertelt over dat ene familiegeheim!

Bengkel, woensdag 22 mei 20.00 uur, zaterdag 25 mei  12:15 uur.

3. Film: Het verhaal uit de koffer.

Dewi Staal. Foto: Armando Ello/ HoezoIndo.nl
Dewi Staal. Foto: Armando Ello/ HoezoIndo.nl

Dewi Staal (oud-Indisch 3.0) is een jonge Indische cultureel antropologe die gefascineerd raakte door haar Indische roots. In haar documentaire ‘Het verhaal uit de koffer’ laat Dewi de zoektocht zien van haar tante, Marleen, naar een periode uit het verleden van haar ouders. Tante Marleen gebruikte hiervoor persoonlijke objecten uit de koffer van Dewi’s opa.

Bibit-theater, zondag 26 mei, 12.30 uur.

2. Koken: Djamoe maken.

Djamoes zijn kruidendrankjes en –mengels die door Indonesische medicijnvrouwen verkocht worden aan iedereen die ziek is, of wel wat weerstand kan gebruiken. Lees ook ons interview met ‘Jamu Jem’. Hoe maak je die? Doe mee en maak je eigen jamu. 

Jamus. Foto: www.verspers.nl
Jamu’s. Foto: www.verspers.nl

Bengkel, maandag 27 mei, 16.30 uur. 2,50 euro voor de ingrediënten. Max. 15 deelnemers.

1. Koken: Sambals maken.

Wat sambal is, hoeven we je niet te vertellen. Maar hoe maak je die? Wij willen de workshop doen, meneer Chyco Brouwer!

Bengkel, donderdag 23 mei, 20.30 uur. 3,50 euro voor de ingrediënten. Max 15 deelnemers.

3.0 in de muziek: Dewi van Hoek

Twee soorten gitaar, twee bandjes, één liefde: de muziek.

‘Er liggen hier drie gitaren thuis, het is leuk om daar wat noten uit te halen.’ Met deze gedachte begon Dewi van Hoek (29 jaar) haar muzikale interesse te krijgen. Zij komt uit een gezin waarin muziek een centrale rol had, voor haar Nederlandse familie van moeders kant en haar Indische vader. Haar vader is geboren op de Molukken en heeft Indische, Molukse, Portugese en Timoreese invloeden. Hij heeft haar uiteindelijk gestimuleerd om op gitaarles te gaan.

Waarde

Haar Indische achtergrond ontbreekt niet in het leven van Dewi; die is haar van jongs af aan met de paplepel ingegoten. Ze vertelt dat iedereen altijd kon aanschuiven bij haar thuis, er werd gelijk een bord klaargezet zodat er meegegeten kon worden. ‘De gastvrijheid, daar ben ik toch altijd wel dankbaar voor dat ik dat heb meegekregen’, vertelt Dewi met trots. ‘Ook probeer ik altijd iedereen in zijn waarde te laten, gewoon door op een normale manier met iedereen om te gaan.’ Dit zijn de belangrijkste kernwaarden waar Dewi aan hecht en die te danken zijn aan haar Indische achtergrond.

Dewi geniet van elke noot die ze uit de gitaar haalt /Foto: Dewi van Hoek
Dewi geniet van elke noot die ze uit de gitaar haalt: the Eagles, Queen, Santana, Jimmy Hendrix en the Lonely Boys. Foto: Dewi van Hoek

Indische muziek 
Thuis is Dewi met de Indische en Molukse liedjes opgegroeid. Zoals Terang Bulan, Nina Bobo. Ole sio, Blue Bayou en liedjes van Rudy van Dalm, George de Fretes en nog meer bekende Indische artiesten klinken haar zeker niet onbekend. ‘Die liedjes zitten ongetwijfeld op mijn IPod’, lacht ze. ‘ Ik werd zeker geïnspireerd door de Indische muziek als ik op de Pasar Malam kwam. De sfeer, de muziek en het lekkere eten. Ik kom dan echt in de mood’. Maar haar inspiratie is ook zeker gegroeid door de stukken van Eric Clapton, the Eagles, Queen, Santana, Jimmy Hendrix en the Lonely Boys.

Terang Bulan heb ik op mijn iPod staan.

Discipline
Dewi vertelt mij hoe haar muzikale interesse is begonnen. Op 9-jarige leeftijd begon Dewi met keyboard-les, op een traditionele muziekschool, maar die is niet doorslaggevend geweest voor haar muzikale weg. Het werd de gitaar waar haar liefde naartoe ging. Op 20-jarige leeftijd begon ze met haar eerste gitaarlessen nadat haar vader van een nicht uit Indonesië een gitaar had gekregen. Hij stimuleerde Dewi om op les te gaan. ‘Ik leerde vooral de basis in die periode. Sinds het afgelopen jaar ben ik pas bij een goede leraar terecht gekomen, die mij vanaf nul de juiste kneepjes aanleerde en mij corrigeerde wanneer ik een verkeerde noot aansla’. Elke maandag is de vaste repetitie-avond. Ze legt uit dat je discipline moet hebben, wil je er intens mee bezig zijn. Ze lacht: ‘Misschien is dat ook iets wat een klein beetje ontbreekt bij mij, en te maken heeft met mijn Indische achtergrond.’

Muziekbandje: Ambeua / Foto: Dewi van Hoek
Muziekbandje: Ambeua / Foto: Dewi van Hoek

Bandsamenstelling
Dewi maakt deel uit twee bandjes die is opgericht door een Molukse gitaarleraar. Mensen die bij hem op les komen, probeert hij in meerdere bandsamenstellingen in te zetten. Met als doel dat zijn leerlingen de verschillende muziekstijlen kunnen gaan proeven. Dewi’s leraar probeert om naar een stevig repertoire te gaan en om op grote festivals te gaan spelen met zijn bands. Dewi vertelt: ‘Ik speel op een elektrische en op een akoestische gitaar, in twee bandjes. De jonge band heet Ambeua, wij bestaan uit drie meisjes en een jongen. Het muziekgenre is vooral pop, maar mijn leraar probeert ons ook om Molukse liedjes te gaan leren’. In het tweede bandje, genaamd Weplay speelt Dewi met twee Indische mannen die zich vooral richten op Indorockmuziek. De bandjes hebben op diverse gelegenheden opgetreden, zoals op een openlucht festival, een marathon en diverse feestjes. Zij vragen geen vergoeding, een portie eten is voor de bandleden genoeg. ‘Zo wordt het plezier in tact gehouden’, geeft Dewi toe.

Muziek wil ik met passie en gevoel overbrengen.

Emotie
Aan het eind van ons gesprek wordt het opeens serieus als Dewi vertelt wat voor gevoelens er kunnen ontstaan tijdens het muziek maken. Sommige mensen schrijven een liedje vanuit een bepaalde emotie. ‘Als je muziek met passie en gevoel kan overbrengen, ben je pas echt een goede muzikant,’ vindt Dewi. Mensen identificeren zich vaak tot een bepaald lied. ‘Ik vind muziek zo leuk, ik kan mijn emoties erin kwijt en soms kan ik ook veel voor een ander betekenen’. Het feit als een groep door haar muziek gaat dansen en plezier heeft, geeft Dewi voldoening.

Veel succes en we hopen je tegen te komen op een Indische avond!

Winnend kort verhaal: Groeten uit Java

In maart van dit jaar maakte Indisch 3.0 de winnaars bekend van de Indische schrijfwedstrijd ‘Indische bladzijde’. Baukje Zijlstra en Roanne van Voorst wonnen een mooi boekenpakket en persoonlijke feedback op hun inzending. Gustaaf Peek, prijswinnend – Indisch – auteur, en juryvoorzitter & schrijfster Eveline Stoel gaven verbeterpunten aan. De winnaars verwerkten de aandachtspunten en vandaag publiceren we hun winnende korte verhalen. 

Groeten uit Java

door Roanne van Voorst

Gemalen koffie. Foto: www.trendtree.nl
Gemalen koffie. Foto: www.trendtree.nl

Ze glundert. Een roodverbrande neus in het midden van de foto, het groen van de rijstvelden steekt fel af bij haar paars gelakte teennagels.‘Lieve opa, Indonesië is te gek!’

Ids legt de geprinte email naast zich neer zonder te hebben gelezen wat Lisa hem verder schreef. Hij ontwijkt de blikken van de anderen, schuift zijn stoel naar achteren en staat zo snel op dat het hem duizelt. ‘Iemand nog koffie?’ Het antwoord wacht hij niet af.

In de keuken leegt Ids met drie harde tikken het filter in de vuilnisbak. Zijn keel is droog, zijn tong voelt ruw aan tegen zijn verhemelte. Als hij zijn handpalmen op het aanrecht plaatst voelt hij de aderen in zijn nek kloppen.

Achttien jaar is zijn kleindochter Lisa nu. Zeven jaar ouder dan hij was, toen hij met zijn zus de tuin in rende om te zien waar het gejoel vandaan kwam. Zwaaiende blote armen, getjirp van kevers, de vochtige lucht die zijn huid klam maakt. Ze moeten op hun tenen staan om tussen de varens heen te kijken in de richting van het lawaai. Ids ziet een zwarte terreinwagen die stapvoets dichterbij rijdt, daarachter lopen tientallen mannen met groene uniformen. Ze praten en lachen, tikken elkaar op de schouders en wijzen naar de huizen waar ze langs lopen. Eén van hen draagt een brede zonnehoed die een schaduw over het bleke gezicht werpt. Hij kijkt afwisselend strak voor zich uit en naar opzij, schreeuwt onverstaanbare woorden naar een groepje bewoners die, net als Ids en zijn zus, vanuit hun tuin staan te kijken naar de vreemdelingen in de kampong.

‘De Jappen’, fluistert zijn zus. Ze trekt Ids aan zijn arm, wil hem met zich mee nemen, terug het witte huis in, maar hij weet haar af te weren en blijft staren naar de mannen die nu zo vlak bij zijn dat hij ze aan zou kunnen raken als hij zijn arm zou strekken. ‘Jappen’, herhaalt hij, en terwijl hij de stoet achter plantenbladeren voorbij ziet marcheren probeert hij zich voor de geest te halen wat dat opwindende woord ook weer betekent. Zijn vader noemde het laatst ook, dat weet hij zeker, maar wat zei hij er ook weer over? Dan is er plotseling de gebiedende stem van zijn moeder en draait hij zich met tegenzin om naar het huis met de ventilators die nooit stil staan. Voor de deur staat de zwarte auto.

De koffiekan trilt zo hevig in zijn hand dat het grootste gedeelte van de straal uit de kraan tegen de buitenkant afkaatst. Kleine druppeltjes koud water sproeien Ids in het gezicht. Hij moet de kan in de wasbak neerzetten om hem zonder morsen  te vullen. Klam zweet bedekt zijn voorhoofd als het zoetgeurende gezichtsmasker dat zijn kleindochter Lisa hem tijdens haar laatste logeerpartij bij haar grootouders op zijn wangen smeerde. ‘Dit helpt tegen puistjes, opa, maar het werkt vast ook wel tegen rimpels’. Toen hij om haar lachte – hij kan het niet helpen, hoe brutaal zij ook is, Lisa maakt hem steevast aan het lachen –kronkelden er tientallen scheurtjes over zijn gezicht.

Wat is er met hem aan de hand? Rustig ademhalen, nu. Hij zet gewoon koffie voor zijn vrouw en hun zoon, niets bijzonders, zo gaat dat elke zondag.

En toch. Sinds hij weet dat de wereldreis van Lisa haar langs Indonesië zal leiden, ziet hij de papieren vliegers die hij met zijn buurjongens oplaat, hoog boven de scheve stammen van de rubberbomen. Er is rijpe guave die langs zijn kin sijpelt. Witte bloemen, zo groot als een kinderhand. Kretek. Gember. De rode peper die de kokkin in haar vijzel vermaalt, scherpe kruidenwolken die op je longen slaan. En daardoorheen, steeds weer, hoe graag hij die geur ook voor eeuwig was vergeten: het stinkende mengsel van rotte bladeren, lauw bloed, modder.

In het jongenskamp was Ids alleen. Zijn ouders en zus waren door de zwarte auto ergens anders heen gebracht; niemand vertelde hem waarheen. Ids sliep tussen negentien magere jongens in een houten hok waar het regenwater doorheen hoosde. De meesten waren een kop groter dan hij. Om hen heen andere barakken en méér jongens met benen als lucifers. Daaromheen, aan de randen van het terrein,een schutting van gevlochten bamboe.

Twee keer per dag was er appèl. De jongens stelden zich naast elkaar op in lange rijen. Blote tenen knepen in de modder, de brutaalste jongens floten een liedje en heupwiegden op de maat, er werd gegiecheld, Ids neuriede zachtjes met het deuntje mee.

‘Ssst!’

Als de Jap kwam, moest Ids diep buigen en zijn nummer roepen. Tweeduizendvijfhonderdvierenvijftig! Steeds schalden er mindernummers over het terrein. Eerst miste er één, toen drie, op de ergste dag waren het er zeventien minder. Hij en de jongens uit zijn barak hielden de dagelijkse stand bij door met een steentje strepen in hout te krassen.

De eerste keer dat hij een kist droeg liet hij het gewicht bijna van zijn schouder vallen, toen er vocht tussen de kieren van het hout door langs zijn pols naar beneden sijpelde. Oedeemvocht, een waterige substantie dat de benen van jongens eerst deed opzwellen en daarna hun levenloze lijven in smalle stroompjes verliet. Later walgde Ids ook daar niet meer van. Hij telde alleen nog het aantal voetstappen dat hij moest zetten van de laad plek tot de begraafplaats. Vijfhonderddrieëndertig waren het er, soms één of twee meer,maar nooit minder.

‘Sinds wanneer interesseren de brieven van je kleindochter jou niet meer?’.

Paula.

Hij heeft zijn vrouw niet aan horen komen. Nu kijkt ze hem met een verwijtende blik aan vanuit de deuropening, haar kiezen op elkaar geklemd, een dienblad met lege koffiekopjes in haar handen.

Ids gebaart met zijn kin in de richting van het druppelende koffiezetapparaat. ‘Ik zet koffie voor ons, schat, ik gedraag me gewoon als een goede gastheer. Lisa’s bericht kan ik later ook nog wel lezen’.

‘Later? Je kleinkind bezoekt jouw roots, en jij leest daar láter wel over?’

Ids neemt het blad van haar over en plaatst het op het aanrecht.

‘Zodra ik klaar ben in de keuken, ja’. Zijn antwoord klinkt bozer dan hij wil. Hoe kan hij het haar uitleggen? De vanzelfsprekendheid waarmee zijn kleindochter de wereld overvliegt verbaast hem, maakt hem zelfs enigszins jaloers. Lisa bezit een hem onbekend talent om zich overal thuis te voelen. Vroeger, toen ze met een roze knuffelmuis bij haar grootouders logeerde, had ze ook al nooit heimwee. Ze eigende zich de ruimtes in hun huis vanzelfsprekend toe, markeerde haar nieuwe territorium eerst met pluche dieren, later met haarelastiekjes en roze potjes lippenbalsem.

Ids opent een keukenkastje, speurt met zijn ogen tussen de pakken meel en blikken tomatenblokjes en laat het deurtje met een harde tik dichtvallen. ‘Waar staat de suiker? Waarom kan ik in dit huis toch nooit de suiker vinden?’

Paula knijpt haar ogen samen en haalt haar schouders op. Ze zucht, laat hem achter met het gepruttel van het koffiezetapparaat.

Ids kijkt zoekend om zich heen in de keuken en ontdekt het potje suiker op een plank aan de muur. In de kopjes van hemzelf en zijn zoon schept hij twee hoge bergjes witte korrels; Paula drinkt de hare bitter. Tijdens het roeren voelt Ids zich rustiger worden. De keuken is zijn favoriete ruimte in huis, vooral door het uitzicht op de uitgestrekte poldervelden. Ids kijkt er vaak naar tijdens het koken. In zijn woning geen bamboe, geen wajangpoppen, geen schilderijen van rijstvelden, geen herinneringen. Indië is thuis niet meer. Nederland, dit huis, deze keuken, hier is waar hij hoort.

Ooit wilde hij terug. Nadat hij met zijn ouders en zus in Nederland kwam wonen, voelde Ids nog jaren een hevig terugverlangen naar dáár. Hij miste het geluid van klaterend water uit het riviertje waar hij met zijn buurjongens vissen ving met zijn blote handen. Hij dacht weemoedig aan de felle zon, aan hoe die ’s middags brandde op je huid tot je er slaperig van werd. Aan de zwarte kraaloogjes van de cicaks die ’s nachts over de muren van zijn slaapkamer kropen. Maandenlang zeurde Ids zijn moeder gek om de gepureerde drank van avocado en gecondenseerde melk die in de Boskoopse supermarkt niet verkrijgbaar bleek.

De donkerte die hier al aan het eind van de middag intrad! De schoenveters die je tenen afknelden, de saaie avonden in het kleine rijtjeshuis, de kille regendruppels die langs je nek je trui in gleden. Maar het ergste was de school.

Ze geloofden hem er niet. Zeiden dat Ids nooit honger kon hebben geleden op een vruchtbaar eiland als Java. Dat ze hier bloembollen aten, of hij dat soms wel wist, dat er Nederlanders waren dóódgevroren. Als Ids vertelde dat het ook erg was geweest in Indië, draaiden zijn klasgenoten zich gapend van hem weg.

Niemand van hen wilde horen hoe buburatji aan je tong plakte. Hoe de Jappen tegen hem schreeuwden. En toen hij in opstand kwam tegen de harde liniaal van de docent op zijn vingers (“Het is hier geen jappenkamp!”, had hij geroepen, toen de man met opgeheven hand naar zijn lessenaar toe snelde) werd hij van school gestuurd. Vijftien was hij, en overdag zwierf hij over benauwend smalle straten. Praten met voorbijgangers deed hij niet. Hij voelde intuïtief aan dat hij het van hun verhalen nooit zou kunnen winnen. Ids hield zich voortaan stil. Tegen de tijd dat hij trouwde met Paula kon hij zich al niet meer herinneren hoe de woonwijk uit zijn jeugd in Indië eruit had gezien.

Tot Lisa haar rugzak inpakte.

Ids recht zijn rug, draait met de koppen van zijn schouders om ze te ontspannen. Uit een trommel neemt hij drie stroopwafels en legt ze op een schoteltje op het dienblad. Hij tilt het blad op, werpt nog een blik op de poldervelden terwijl hij de keuken uitloopt. Dan duwt hij met de hak van zijn schoen de deur met een harde klap achter zich dicht.

Winnend kort verhaal: Grenadine

In maart van dit jaar maakte Indisch 3.0 de winnaars bekend van de Indische schrijfwedstrijd ‘Indische bladzijde’. Baukje Zijlstra en Roanne van Voorst wonnen een mooi boekenpakket en persoonlijke feedback op hun inzending. Gustaaf Peek, prijswinnend – Indisch – auteur, en juryvoorzitter & schrijfster Eveline Stoel gaven verbeterpunten aan. De winnaars verwerkten de aandachtspunten en vandaag publiceren we hun winnende korte verhalen. 

Grenadine

door Baukje Zijlstra

Grenadine. Foto van http://jeugdsentimenten.net/persoonlijk/eten-en-drinken/exota/
Grenadine. Foto van http://jeugdsentimenten.net/persoonlijk/eten-en-drinken/exota/

‘Desi, Desi, ga buurman Vonk halen, snel, het begint!’Zodra deze woorden uit het huis aan de overkant schallen, weet ik hoe laat het is: voetbal kijken bij de buren Meulman, in onze straat de eerste familie met een televisietoestel. Om precies te zijn betekent het dat mijn vaderen buurman Meulman voor de televisie zitten en dat wij, de kinderen, buiten een potje voetballen. Eigenlijk ben ik te jong om mee te doen, en een meisje bovendien. Desi en Patty Meulman zijn ook meisjes, maar zij zijn stoer: Desi klimt in bomen en Patty kan sneller en strakker dan wie dan ook pijltjes draaien van stroken krantenpapier. Ook alkanik dat allemaal niet, Nol Meulman, boezemvriend van mijn broer Benno, neemt me in beschermingen van hem mag ik altijd meedoen. Nol is de mooiste jongen die ik ooit heb gezien, behalve dan misschien zijn broer Roy, maar die zit al bij de marine.

Wist ik veel dat mijn ouders de buren Meulman destijds, ongeveer een week nadat ze tegenover ons waren komen wonen, voor de koffie hadden uitgenodigd. Dat het gesprek het eerste halfuur keurig over koetjes en kalfjes ging, over het gedoe van zo’n verhuizing en op welke school de kinderen zaten, totdat mijn vader vroeg waar in Indië ze vandaan kwamen. Dat buurman Meulman toen zei dat ze uit Garoet kwamen en dat mijn vader antwoordde dat hij ook op Java was geweest en dat hij Garoet toevallig heel goed kende. Dat het toen verder voornamelijk over de prachtige natuur ging, over de regenwouden en de sawa’s, de rijstvogels en de honingzuigers, de kantinekaketoe en de pelotonsaap. Dat buurman Meulman vanaf dat moment mijn vader liet roepen als er voetbal op tv was.

Helemaal bezweet liggen we met ons vijven in het gras bij de konijnenhokken. Dat is nog iets wat de Meulmans hebben en wij niet: konijnen, drie hele dikke. Uit verveling duwen we zo nu en dan wat plukken gras en paardenbloembladeren tussen de spijlen door. De grote gele konijnentanden happen toe. ’s Nachts droom ik soms van bebloede vingers die los in het stro in de hokken liggen. Omdat we ons zo warm gespeeld hebben en omdat er voetbal op televisie is, mogen we binnenkomen. Binnen is het prachtig.Er staan palmen in grote stenen potten, er zijn bamboe kooitjes met kanaries erin, er hangen grote olieverfschilderijen aan de muren, van smeulende vulkanen aan verre horizonten en van vrouwen met grote rieten hoeden op die in de rijstvelden werken.Maar het mooisteen spannendste van alles staat op het glanzend gelakte dressoir onder het schilderij met de vulkaan: een levensechte, geschubde kaaiman met gemene gele ogen en een doodstillezwiepstaart.

Wist ik veel dat buurman Meulman bij het KNIL had gediend en in Garoet gelegerd was geweest. Dat hij tijdens de Japanse invasie krijgsgevangen was gemaakt en tot enkele maanden na de capitulatie van de Japanners in verschillende kampen had gezeten. Dat hij, nauwelijks hersteld van deze aanslag op zijn gezondheid en kracht, vanaf 1945 weer werd ingezet als KNIL-militair in de koloniale oorlog tussen Nederland en de in augustus uitgeroepen republiek Indonesië. Dat hij na de soevereiniteitsoverdracht aan Indonesië en het opheffen van het KNIL als dank voor de bewezen diensten werd gedemobiliseerd en over de jaren waarin hij krijgsgevangen was geweest geen salaris kreeg uitbetaald. Dat hij bij het inleveren van zijn uniform tegen de dienstdoende soldaat opmerkte dat de stof waarvan die uniformen werden gemaakt ook wel ‘garoetstof’ werd genoemd. Dat hij met zijn als door een wonder tijdens de Bersiap gespaard geblevenjonge gezin de overtocht naar Nederland maakte, waar op de kade niemand op hen stond te wachten.

Mijn broer is kind aan huis bij de Meulmans, maar voor mij blijft het huis aan de overkant van een toverachtige geheimzinnigheid, omdat er niemand van mijn leeftijd is om mee te spelen. Een van de weinige andere gelegenheden, naast de voetbalmiddagen, waarbij ikditmysterie mag betreden, is op oudejaarsavond. Dat is de enige avond dat Roy ook thuis is, die zit verder het hele jaar op zee. Op de middag van oudejaarsdag komt hij aanlopen over het grindpad, in zijn gesteven marine-uniform met de gouden knopen en de grote pet, de plunjezakstoer over een schouder. Daarin zit, zo weet ik, een lading siervuurwerken als klap op de vuurpijltientallen lichtkogelsdie voor mijn gevoel urenlang in de nachtlucht boven ons blijven hangen: SOS. Als eindelijk de laatste vuurrode bol is uitgedoofd, wordt de wereld weer ondoordringbaar donker, op één klein lampje na: in de vensterbank van de familie Meulman brandt elke nacht een zachtgroen licht. Ik kijk ernaar tussen de vitrages door terwijl ik mijn pyjama met het hertje erop aantrek, die op de gaskachel met de micaruitjes is voorverwarmd. Ik kan gerust gaan slapen, de boze geesten zullen aan onze straat voorbijgaan.

Wist ik veel dat mijn vader in 1946 als oorlogsvrijwilliger naar Indië was vertrokken. Dat hij na bijna een jaar god weet wat meegemaakt te hebben, in elk geval de eerste politionele actie, onenigheid kreeg met een meerdere die hem niet lag.Dat hij op een dag,na een volgens hem onverstandig en onredelijk bevel,gewoon had gezegd: ‘Ik verdom het.’ Dat hij in Garoet voor de Krijgsraad moest verschijnen, waar niemand echt luisterde toen hij zijn kant van het verhaal vertelde, zodat hij binnen tien minuten was veroordeeld tot een gevangenisstraf van anderhalf jaar. Dat het toen nog een jaar heeft geduurd voordat hij in het ruim van de Groote Beer terugging naar Nederland, waar hij gevangen werd gezet in Fort Spijkerboor.Dat bij zijn thuiskomst mijn opa de vlag had uitgehangen, omdat voor alle andere jongens uit het dorp ook de vlag was uitgegaan toen ze terugkwamen. Dat mijn vader deed alsof hij dat niet zag terwijl hij zijn gezicht verborg in het haar van zijn moeder, mijn oma Froukje.

Aan het eind van de middag wacht ons nog het hoogtepunt. Dan verschijnt buurvrouw Meulman met een blad met vijf stukken groen-bruin gelaagde spekkoek en vijf hoge glazen met daarin een heel bijzonder drankje: groene ranja. Mijn broer en ik drinken alleen maar oranje ranja: thuis op zondag met een rood-gestreept rietje, op schoolreisje uit een melkbus waardoor het naar metaalsmaakt, en voordat we lang op reis gaan in de zomervakantie moeten we vieze gele pilletjes tegen reisziekte slikken, gecamoufleerd door de mierzoete sinaasappellimonade. Dat gaat nooit in één keer goed, zodat de bittere tabletjes half oplossen op je tong. In al die gevallen is de ranja oranje.

Wist ik veel dat sommige woorden niet precies betekenen wat ze in het dagelijks gebruik aanduiden. Dat echte mysteries over heel andere dingen gaan dan smeulende vulkanen en opgezette kaaimannen. Dat limonade van granaatappel per definitie rood is.

Groene ranja krijgen we alleen op die bijzondere middagen bij de familie Meulman, met zomaar erbij de alles goedmakende glimlach van buurvrouw Meulman, en het prachtige, oerwoudkleurige woord dat ze ervoor gebruikt: grenadine.