Radioprogramma Mentaal Fit & Gezond

‘Ik heb een idee. Waarom maak je niet je eigen radioprogramma?’ Net voordat ik in de radio-uitzending kwam van Inge Dümpel om geïnterviewd te worden over mijn leven als Indische vrouw, verraste Inge me 19 mei jl. met deze woorden. Van top tot teen kon ik het antwoord voelen. Een golf van positieve energie overspoelde me. Ik had geen enkele twijfel. ‘Ja, dat wil ik!’, riep ik dolenthousiast.

Mooi cadeau

Het voelde alsof ik een enorm cadeau in mijn schoot kreeg geworpen. Zomaar. En vooral: totaal onverwacht. Direct schoten er allerlei gedachten door me heen. Geweldig. Wauw. Een podium om mijn passie uit te dragen. Mensen bewustmaken van het nut om mentaal fit te zijn, ze inspireren en prikkelen om na te denken over hun eigen leven, meer positiviteit de wereld inbrengen. Passende muziek kiezen en draaien. Misschien wel inspirerende mensen uitnodigen als gast. Gewone, normale mensen die niet zozeer iets bijzonders hebben gepresteerd, maar mensen zoals jij en ik. Mensen die in jouw straat wonen en op hun manier de wereld een beetje mooier maken. Of mensen die ondanks een verschrikkelijke situatie het beste uit hun leven halen.

Een week later zat ik bij Inge thuis. Daar bespraken we mijn ideeën en maakten we een plan van aanpak. ‘Er komt veel kijken bij het maken van een radioprogramma’, vertelt Inge. ‘En je hebt een valkuil. Je praat namelijk te snel voor de radio. Dat is niet erg, dat komt door je enthousiasme. Maar daar zullen we wél aan moeten werken.’

Ik voelde me net een jong hondje. Kwispelend voor een deur waarachter een groot avontuur schuilt. De wereld van de radio…

radioprogramma Mentaal Fit & Gezond

Officieel akkoord

Inmiddels zijn we drie maanden verder. Vorige werd ik gebeld door Inge: ‘Ik heb goed nieuws. Je proefopname is goedgekeurd en je hebt officieel akkoord gekregen van het bestuur. Vanaf september word je ingepland in de programmering. De Omroep wil het zes maanden proberen.’ Nadat deze woorden waren uitgesproken viel ik stil. Naar dit moment had ik toegeleefd. Het definitieve ja-woord. Ik had het volste vertrouwen dat mijn proefopname goed genoeg was, maar toch… Tot dit moment had ik nog enige twijfel. Deze twijfel werd nu weggenomen.

Ergens moest ik diep slikken. Want nu gaat het echt gebeuren. Nu moet ik mezelf en de wereld gaan bewijzen dat ik ook een radioprogramma kan maken. Consequent. Twee keer per maand. Zes maanden lang.

‘Je bent overdonderd hè?’, vraagt Inge.

Ja. Dat was ik. Mijn gedachten vlogen over en weer. Een gevoel van angst sidderde door mijn lijf. Was dit faalangst? Perfectionisme? De angst dat nog meer mensen me leren kennen en van mijn bestaan weten? Wat dit gevoel ook is, ik kan niet meer terug. Of beter gezegd: ik wil niet meer terug. Want ik heb een boodschap. Ik wil mijn kennis en ervaring delen, mensen wakker schudden, het vage en misschien wel beangstigende imago van mentale fitheid uit het verdomhoekje halen. En last but not least: ik wil mensen ervan bewustmaken dat ze voor een groot deel zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen goede gevoel.

‘Bedankt voor je telefoontje’, stamelde ik aan het einde van ons gesprek uit.

Ik heb een half uur voor me uitgestaard. Maar ik kan niet anders zeggen: ik ben blij. Superblij! Ik duik een nieuw, spannend avontuur in. En deze kans grijp ik graag met beide handen aan!

Mentaal Fit & Gezond is vanaf 7 september elke zondag van 20.00 uur tot 21.00 uur te ontvangen op FM 91,1 Mhz in de ether en 94.4 Mhz op de kabel in Gemert-Bakel. Het programma is ook op internet te beluisteren via www.omroepcentraal.nl.

De eerste uitzending staat volledig in het teken van mentale fitheid. Wat is mentale fitheid? En hoe mentaal fit ben jij? In latere uitzendingen komen onderwerpen aan bod zoals: mentale fitheid op het werk, mentale fitheid en afvallen, onrust en stress, ongelukkig zijn en negatief denken. Informatie, eigen ervaringen en praktische tips worden afgewisseld met hedendaagse muziek.

Elke twee weken is er een nieuwe uitzending. Je kunt het programma achteraf terugbeluisteren via www.omroepcentraal of via mijn eigen website. Tips en suggesties voor onderwerpen zijn altijd welkom! 

Oproep: lezers van Asta's Ogen of Een Meisje van Honderd!

Mijn naam is Gwen en op dit moment  volg ik de onderzoeksmaster Comparative Literary Studies aan de Universiteit Utrecht en ben ik bezig met mijn afstudeeronderzoek. Ik zoek mensen (2.0 en 3.0) die Asta’s ogen van Eveline Stoel of Een meisje van honderd van Marion Bloem gelezen hebben.

Collectief geheugen

Mijn scriptie gaat over cultural memory (collectief geheugen) van tweede en derde generatie Indo. Met het oog op collectief geheugen onderzoek ik twee romans die als plaatsen van herinnering gezien kunnen worden. De romans die ik gebruik zijn als het ware een soort monumenten. Belangrijk voor mijn scriptie is hoe de romans bij de lezer ontvangen worden. Hiervoor ben ik op zoek naar uitgebreide reacties van tweede en derde generatie Indo’s.

Het verhaal van de Indo

Asta’s ogen van Eveline Stoel is het uitgangspunt van mijn onderzoek. Wat mij bij deze roman opviel, als boekverkoopster en in mijn eigen familie, is dat deze roman vaak doorgegeven wordt aan een volgende lezer omdat het boek het verhaal van de Indo zo goed vertelt. De roman functioneert op deze manier als een soort geschiedenis die doorgegeven wordt. Ik wil deze observatie in mijn afstudeeronderzoek verder uitwerken.

Welke impact op de lezer hadden de twee romans?

Ik vergelijk Asta’s ogen met het boek Een meisje van honderd van Marion Bloem, dat volgens mij ook potentie heeft om zo te functioneren en ik wil de impact van deze twee romans op de lezer verder onderzoeken.Heb jij een van deze boeken gelezen? Dan kun je mij helpen!

Zou je antwoord kunnen gegeven op de volgende vragen?

  1. Ben je Indo? Zo ja, welke generatie? En wat is je link met Indonesië en Nederlands-Indië?
  2. Waarom ben je Asta’s ogen van Eveline Stoel en/of Een meisje van honderd van Marion Bloem gaan lezen?
  3. Had je een gevoel van (h)erkenning? (leg uit)
  4. Sluit het boek aan bij jouw beleving van ‘Indisch’ zijn?
  5. Speelt je achtergrond mee bij het lezen van het boek en zo ja hoe?
  6. Houdt het boek de herinnering van het Indische verleden in stand en is het een roman die je zou doorgeven om die reden?
  7. Wat vond je van het boek?

Laat je reactie achter in de comments of stuur een e-mail naar: G.KerkhofMogot@students.uu.nl

Heel erg bedankt!

Hartelijke groet van Gwen

INDOroutes 14 juni in Amsterdam – voor en door Indische jongeren!

Zoals veel van jullie weten is een groot deel van de Indische jongeren bezig met hun roots en Indische achtergrond, zoals jullie. Ze zijn op zoek naar familieverhalen, bloggen en schrijven er scripties over, maken er documentaires of foto series over, etc. Op zaterdag 14 juni geeft het Indisch Herinneringscentrum – in samenwerking met de Stichting Herdenking 15 augustus 1945 – deze jongeren een plek waar ze ervaringen kunnen delen en elkaar kunnen inspireren. Zo wordt bij een nieuw en jonger publiek een groter bewustzijn van de Indische geschiedenis gecreëerd. Tijdens deze dag hebben jongeren zelf een actieve inbreng, onder andere door middel van workshops, film, muziek, pitches en een informatiemarkt.

Om 14.00 uur zal na de aftrap van Marscha Holman, Bo Tarenskeen openen met een welkomswoord. Een documentaire en pitches van jongeren met roots in Indonesië volgen elkaar in rap tempo op. Nog meer inspiratie krijg je tijdens de workshops. En in de Indische Salons praat je mee over hoe Indisch je bent en hoe je tegenover 15 augustus staat.

De dag vindt plaats in het Bijlmer Parktheater, Anton de Komplein 240, Amsterdam op zaterdag 14 juni a.s. van 14.00 – 19.00 uur. Kaartjes kun je kopen op www.bijlmerparktheater.nl.

Hieronder vind je de inhoud van de dag. Like de Facebook pagina van het Indisch Herinneringscentrum en blijf op de hoogte van updates over de vierde workshop en het definitieve programma.

Tot 14 juni!

 

Workshops

Geef je interview meer impact met video (door Armando Ello); Out of the box met jouw Indo Box (door Nasi Idjo en Indisch Zwijgen? Me hoela); Hoe herinneringen levend te houden (door Simone Berger).

Indische Salons (door Bo Tarenskeen)

Hoe Indisch ben jij?
Wat heb jij met 15 augustus?

Pitches

Door Wouter Neuhaus, Remona Poortman, Armando Ello, Dewi van Beek, Miko Carels, Bernice van Grondelle en Olympia Latupeirissa (OIL).

Documentaire

De koffer. Zoektocht naar een Indisch verleden (van Dewi Staal).

Informatiemarkt

Met o.a. Indisch3.0, Oorlogsgravenstichting, Indonesia Nederland Youth Society, Merapi Tour & Travel.

Dansbare muziek tijdens de borrel

INDOroutesDJ Sir Rocco

Oproep voor gelijke behandeling, voor alle Nederlandse staatsburgers.

Een paar weken geleden was ik bij een boeiende conferentie. In een klein zaaltje van de universiteit in Leiden zat een handjevol wetenschappers bij elkaar, om gedachtes uit te wisselen over de ‘Eurasian question‘,  een misschien niet zo perfecte vertaling van de Indische kwestie uit de jaren ’50.  

scroll down for the English version

Vergelijken van dekolonisatieprocessen

Kernvraag was hoe je als wetenschappers omgaat met de dekolonisatieprocessen, en wat de meerwaarde en (on-)mogelijkheden zijn van vergelijkende studies. Vanwege dit vergelijkende karakter waren wetenschappers uit Canada, Engeland, Frankrijk en Duitsland aanwezig.

Ongelijkwaardige burgers

Tijdens het symposium stelde een van de aanwezigen voor om een verklaring op te stellen, waarin wij als wetenschappers een standpunt innemen over het politieke klimaat in Nederland, dat het legitimeert dat burgers op basis van ras en geboorte als ongelijkwaardige burgers behandeld worden.Dit heeft geleid tot de ‘Leidse verklaring over het politieke minderhedendebat.’

Rechtsongelijkheid

Als er één gemeenschap in Nederland is, die weet hoe het is om op papier Nederlands staatsburger te zijn, maar in de praktijk rechtsongelijkheid te hebben ervaren, is het de Indische gemeenschap. Daarom ondersteun ik deze verklaring van harte.

Deel de verklaring

Doe je mee? Het enige dat je hoeft te doen is deze verklaring te delen in je netwerk. Je kan deze post daarvoor gebruiken. We hebben ook een pdf-versie van de  Leiden declaration on current political debate in the Netherlands   (Nederlands/ English), die je rond kan sturen.

 

Leidse verklaring over het politieke minderhedendebat

“De ondergetekenden, wetenschappers uit binnen- en buitenland op 24-3-2014 bijeen op een conferentie in Leiden over Europees kolonialisme en de doorwerking daarvan bij individuele mensen, gemeenschappen en staten, roepen de politici in Nederland op om af te zien van beleid dat specifieke groepen in de samenleving neerzet als potentieel vijandig ten opzichte van anderen of van de samenleving als geheel. We veroordelen politieke strategieën die het doelgerichte oogmerk lijken te hebben om mensen te vatten in onderscheiden en van buitenaf opgelegde groepsidentiteiten, die tevens impliceren dat er een uitsluitende hiërarchie bestaat tussen insiders en outsiders.”

“Als wetenschappers van het imperialisme en zijn erfenissen, zijn we ons bewust van onze verantwoordelijkheid om bij te dragen aan een veilig intellectueel klimaat voor onderwijs en onderzoek aan de universiteiten en in de samenleving als geheel. De historische dimensie van het publieke debat over migratie en immigranten is evident; het principe van gelijkheid is uit het dekolonisatieproces voortgekomen als een kernwaarde voor hedendaags burgerschap. We protesteren daarom met kracht tegen het creëren van etnisch onderscheid en tegen andere vormen van uitsluiting en stereotypering, zoals dat in het huidige politieke debat in Nederland naar voren komt.”

Leiden, 24-3-2014

Eveline Buchheim (NIOD), Alison Blunt (Queen Mary, University of London), Elleke Boehmer (University of Oxford), Elizabeth Buettner (University of Amsterdam), Pim ten Hoorn (the Netherlands-Malaysia Association), Guno Jones, Nancy Jouwe, Mariëlle Klein (Leiden University), Bart Luttikhuis (European University Institute Florence), Jacqueline Knörr (Max Planck Institute for Social Anthropology, Halle), Willem Maas (York University, Canada), Wim Manuhutu (VU University), Susan Legêne (VU University), Liesbeth Rosen Jacobson (Leiden University), Marlou Schrover (Leiden University), Carolien Stolte, Kirsten Vos (Indisch 3.0), Jennifer Yee (University of Oxford, Christ Church).

Contact: Susan Legêne, prof. of political history, Faculty of Arts, Vu Amsterdam. Email s.legene@vu.nl

In English:

Leiden declaration on current political debate in the Netherlands

We, scholars from the Netherlands and abroad meeting on 24-3-2014 at a Leiden conference on European colonialism and its impact on individual people, communities and states, call on politicians in the Netherlands to refrain from politics which frame specific groups within Dutch society as potentially hostile to others or to society at large. We condemn political strategies that seem dedicated to enclosing the population in separate imposed group identities, while installing exclusive hierarchies of insiders and outsiders.

As scholars of empire and its legacies we are aware of our responsibility to contribute to a safe intellectual climate for education and research at universities and in society at large. The historical dimensions of any public debate on migration and immigrants are evident and equal citizenship has emerged from decolonization as a key value in society. Therefore we strongly protest against the making of ethnic distinctions and against other forms of exclusion and stereotyping as invoked in current political debate in the Netherlands.

Leiden, 24-3-2014

Eveline Buchheim (NIOD), Alison Blunt (Queen Mary, University of London), Elleke Boehmer (University of Oxford), Elizabeth Buettner (University of Amsterdam), Pim ten Hoorn (the Netherlands-Malaysia Association), Guno Jones, Nancy Jouwe, Mariëlle Klein (Leiden University), Bart Luttikhuis (European University Institute Florence), Jacqueline Knörr (Max Planck Institute for Social Anthropology, Halle), Willem Maas (York University, Canada), Wim Manuhutu (VU University), Susan Legêne (VU University), Liesbeth Rosen Jacobson (Leiden University), Marlou Schrover (Leiden University), Carolien Stolte, Kirsten Vos (Indisch 3.0), Jennifer Yee (University of Oxford, Christ Church).

Contact: Susan Legêne, prof. of political history, Faculty of Arts, Vu Amsterdam. Email s.legene@vu.nl

page1image24616

'Opgevangen in andijvielucht' legt verborgen Indische miljoenen bloot

Dáár is dat geld dus.

Voor het eerst is de periode van bijna 25 jaar ‘repatriëring’ uit Indonesië in één boek beschreven, en voor het eerst zijn er sporen gevonden van de verloren gewaande Indische spaartegoeden, pensioenen en internationale compensatiegelden. Met Opgevangen in andijvielucht opent Griselda Molemans definitief de postkoloniale doos van Pandora.

Vorige week presenteerde Griselda Molemans het resultaat van vijf jaar research: het boek Opgevangen in andijvielucht. Dit boek, dat mede mogelijk gemaakt is door een crowdfundingactie, maakt voor het eerst inzichtelijk dat er nog miljoenen aan Indische spaartegoeden, verzekeringsgelden en zelfs internationale compensatiegelden achter slot en grendel liggen.

De introductiefilm waarmee Griselda Molemans haar boek presenteerde. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0.
De introductiefilm waarmee Griselda Molemans haar boek presenteerde. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0.

Indische tegoeden
Verschillende media besteedden afgelopen week aandacht aan het opmerkelijke boek van de in Amerika gevestigde journaliste. Zo was er aandacht voor in de VolkskrantNRC en dit weekend ook in de Leeuwarder Courant (Bericht.) Overlappende nieuwswaarde is dat er nog voor miljoenen aan Indische tegoeden op bankrekeningen staat. Dit – schokkende –  bericht is slechts de epiloog van het lijvige boek. In een enkel nieuwsbericht is aandacht voor de andere negen hoofdstukken, waarin beschreven staat hoe de opvang van Indische repatrianten en andere ontheemden in Nederland georganiseerd en uitgevoerd werd.

Waardevol naslagwerk
Voor – Indische – Nederlanders, jong en oud, die weinig gehoord hebben over de 
repatriëring naar Nederland, en over de verschillende groepen en de opvang hier, is Opgevangen in andijvielucht een uitstekend, compleet en waardevol naslagwerk.Voor goed ingelezen insiders zal 90% van het boek bekend voorkomen. De verhalen over de (gedwongen) overkomst van de Molukse KNIL-soldaten, de komst van evacues, de emigratie naar Brazilie en Canada, maar ook de laatst exodus in de jaren ’60. Als je dit boek leest en de film Contractpensions bekijkt, heb je een volledig beeld van de ‘repatriëring’.

Als je je verdiept hebt in de postkoloniale geschiedenis, heb je je afgevraagd wat er gebeurd is met de Indonesische herstelbetalingen.

Herstelbetalingen van Indonesië
Als je je verdiept hebt in de Indische postkoloniale geschiedenis, dan ken je de verhalen uit Opgevangen in andijvielucht. En als je je verdiept hebt in deze periode, heb je je óók afgevraagd wat er gebeurd is met de verplichte herstelbetalingen van Indonesië aan Nederland. Onderdeel van deze herstelbetalingen – zoals afgesproken in de RTC-overeenkomst – waren de achterstallige pensioenen. Om deze reden oordeelde de Hoge Raad in de jaren ’50 dat de Nederlandse overheid de achterstallige salarissen en pensioenen niet hoefde te betalen. En om deze reden is de kans vrij klein dat pleiters voor de Indische Kwestie ooit hun gelijk zullen krijgen.

Griselda Molemans geeft nog een persoonlijke toelichting. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0
Griselda Molemans geeft nog een persoonlijke toelichting. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0

Waar is het geld?
Alleen: niemand wist waar dat geld gebleven was. Volgens Silfraire Delhaye verschool de Nederlandse regering zich achter deze afspraak. Een passage uit mijn interview met hem, van vorig jaar:

Heeft een deel van de Indische kwestie niet te maken met de afspraken die gemaakt zijn bij de overdracht van het bestuur aan Indonesië? Indonesië zou de achterstallige salarissen betalen en de materiële oorlogsschade vergoeden, maar heeft dit nooit gedaan?

“De Nederlandse regering verschuilt zich daarachter.”

Insider Joty ter Kulve verzekerde mij er vorig jaar van dat Indonesië deze betalingen wel had gedaan. Waar dat geld dan gebleven was, en waarom dit nooit bij de claimers van de Indische Kwestie terecht gekomen is, kon ze me niet vertellen.

Griselda Molemans is de eerste die boven tafel heeft gekregen dat de 600 miljoen gulden aan Indonesische herstelbetalingen keurig netjes betaald zijn, in 30 jaarlijkse termijnen.

Schokkende epiloog
Voor iemand die deze kwestie al een paar jaar volgt, is de epiloog van het boek schokkend. Ten eerste stelt Molemans daar het optreden van het Indisch Platform ter discussie. Dat krijgt meerdere keren een flinke veeg uit de pan. Maar Griselda Molemans is de eerste die boven tafel heeft gekregen dat de 600 miljoen gulden aan Indonesische herstelbetalingen keurig netjes betaald zijn, in 30 jaarlijkse termijnen.

Het betreft de zogeheten Indonesische herstelbetalingen, die bij het Tractaat van Wassenaar van 7 september 1966 vastgesteld zijn. Deze betalingen zijn een compensatie voor de geleden verliezen van Nederlandse particulieren en bedrijven in Indonesië en Nieuw- Guinea door de nationalisatie van de Nederlandse bezittingen in de periode 3 december 1957 tot 15 augustus 1962. Door betaling van een bedrag van 600 miljoen gulden plus rente aan de Nederlandse overheid zijn ‘alle bestaande financiële vraagstukken volledig en definitief geregeld. (..) De inzet van de onderhandelingen betrof ‘alle financiële vorderingen […] onder andere pensioenrechten, voor zover deze vorderingen vóór 15 augustus 1962 zijn ontstaan’.  – Opgevangen in andijvielucht, p. 396/397.

En dit is niet de enige pot met geld die Griselda Molemans gevonden heeft.

In het Stikker-Yoshida Akkoord is eveneens compensatie voor de grote groep voormalige burgergeïnterneerden geregeld. Per persoon is dit een bedrag van f 415. Er is echter geen transparantie over de feitelijke uitbetaling van deze compensatie, aangezien er geen vastlegging van het aantal uitkeringen aan burgergeïnterneerden is geweest volgens de SAIP. Het totaalbedrag van 38 miljoen gulden is sowieso ontoereikend voor alle rechthebbenden. (..) Cijfermatig is de rekensom dan (14.630.000 + 21.912.000 =) f 36.542.000 , waardoor er een restbedrag van f 1.458.000 (661.611,55 euro zonder indexatie) op de balans van de Nederlandse overheid staat. Beijk noemt de getallen echter ‘niet absoluut’ en voegt er vervolgens de volgende informatie aan toe: een bedrag van 1.100.000 gulden is nog altijd niet uitgekeerd. Het gaat om een geïndexeerd bedrag van 3.070.955,55 euro. – Opgevangen in andijvielucht, p. 382/383.

In totaal presenteert Molemans maar liefst negen financiële claims die de Indische groep kan neerleggen bij de Nederlandse overheid, waaronder de in de kranten genoemde uitkeringen van verzekeringspolissen en opgeslagen goudvoorraden van de Javasche bank. Het gaat hier om miljoenen. Interessant in deze context is overigens een artikel uit 1998 in het NRC, van Louis Zweers, aan wie we vorige week aandacht besteedden. Hierin staat bevestigd dat het goud verscheept is voor de komst van de Japanners:

“Ze (de Japanners, KV) hadden de moderne westerse kunst in de ban gedaan en waren vooral gefixeerd op het verdwenen goud van de Javasche Bank. Ze zochten het goud bij de bungalows van de directie van de Javasche Bank in Buitenzorg. Ze lieten de tuinen tot zes meter diep uitgraven. Ook werd de president-directeur van de Javasche Bank, mr. G.G. van Buttingha Wichers, door de Kempeitai aan zware verhoren onderworpen. Hij stierf drie maanden na de Japanse capitulatie aan de gevolgen van zijn gevangenschap. Overigens had de Javasche Bank de goudvoorraad – waaronder ook het goud van particulieren – vlak voor het begin van de Japanse invasie uit veiligheidsoverwegingen naar Zuid-Afrika en Australie verscheept.” 

Kritiek
Op het boek is wat af te dingen. Zo had ik het prettig gevonden als Molemans in het boek met voet- of eindnoten had gewerkt, zodat je als lezer de gelegenheid hebt te bekijken op welke bronnen ze haar uitspraken baseert. Ook ontstaat een beeld van een gekleurde onderzoeker, omdat ze bij alle claims totaalbedragen noemt, behalve bij de uitkeringen (WUV, WUBO etc) die de Nederlandse overheid heeft betaald. Daarover zegt Molemans overigens dat ze geen totalen kan noemen, omdat de regering vanwege privacy-overwegingen geen inzage wil geven in de uitvoering van deze regelingen. Tot slot mis ik een overzicht, waarin ik kan zien welke bedragen uit welke ‘potjes’ zijn gekomen. Want de bedragen zijn zo talrijk en omvangrijk, dat ze je gaan duizelen.

Vastberadenheid
Maar ik weet wel dat ik onder de indruk ben van het boek en van de diepgang en vastberadenheid waarmee Griselda Molemans haar onderzoek heeft uitgevoerd. Zo heeft ze het conflict met het Nationaal Archief voor haar kiezen gehad (lees dat hier en hier) en – naar eigen zeggen – heel veel mensen boos gemaakt. Ze is zelf naar de archieven in Washington gegaan, ze heeft in de kelders van Buitenlandse Zaken gestaan en dossiers doorgespit over repatrianten en andere migranten uit Indonesie naar Nederland.

Molemans heeft met Opgevangen in andijvielucht echt iets toegevoegd aan de canon van de Indische geschiedenis: ze is de Indische miljoenen op het spoor gekomen. Djempol, Griselda. En wat betreft de claims: wordt vervolgd?

Opgevangen in andijvielucht. De opvang van ontheemden uit Indonesië in kampen en contractpensions en de financiële claims op basis van uitgebleven rechtsherstel – Griselda Molemans. Uitgeverij Quasar Books (2014). ISBN 978-0-615-95101-0. 431 pagina’s, 19,95 euro.

Opgevangen in andijvielucht is binnenkort verkrijgbaar.
Opgevangen in andijvielucht is binnenkort verkrijgbaar.

Pendek. Kleine verhalen over grootse momenten.

Indische juweeltjes in de hedendaagse literatuur

Deze week besteedt Indisch 3.0 week tijd  aan Indische boeken die we extra de moeite waard vinden. Het zijn niet boeken die recent uitgekomen zijn, het zijn – kleine – juweeltjes die meer aandacht verdienen. De auteurs van deze vier boeken geven met hun eigen geluid een eigentijdse, nieuwe kijk op de Indische gemeenschap en haar plek in de Nederlandse samenleving. Vandaag vragen we je aandacht voor Pendek, van Herman Keppy.

Herman Keppy is een doorgewinterde journalist en schrijver die door de jaren heen steeds meer van zichzelf heeft laten zien. Een van zijn oudste non-fictie werken is De laatste inlandse schepelingen (Focus, 1994), over de Molukse KNIL-soldaten die naar Nederland verscheept waren. Keppy schreef ook Flat River Flamingo (Conserve 2006), een roman. Insiders konden onlangs ook een prachtig dubbelinterview in Moesson gelezen met hem en Alfred Birney.

Keppy schrijft zichzelf weg, met een treffend gevoel voor verhaal, oog voor detail en kennis van zaken.

Van huis uit is de Molukse Keppy journalist. Dat is te merken in Pendek. Korte verhalen over Indische levens. In Pendek (Indonesisch voor kort, klein) biedt Keppy een selectie van eerder gepubliceerde korte verhalen over ‘kleine’ momenten uit het leven van Indo’s en Molukkers. Daarin schrijft Keppy zichzelf weg, met een treffend gevoel voor verhaal, oog voor detail en kennis van zaken.

Herman Keppy. Foto: tongtongfair.nl
Herman Keppy. Foto: tongtongfair.nl

Keppy geeft alle ruimte aan de persoonlijke herinneringen, gedocumenteerd en niet-gedocumenteerd, van zijn eigen familieleden en andere Indische en Molukse Nederlanders. Ik had soms, bij dit non-fictie werk, willen weten waarom hij bepaalde mensen aan het woord laat. Maar dat is bijzaak.

Het is duidelijk dat deze journalist zijn huiswerk heeft gedaan. Keppy heeft beweringen gecheckt. Soms lees je een redactionele opmerking, bijvoorbeeld bij een scheepslijst. Alleen daardoor al verdient Pendek veel waardering. Pendek is niet uit op sensatie, niet uit op het overdragen van emotie. Verhalenin Pendeke geven, door de journalistieke ondertoon, kleur aan historische gebeurtenissen uit de Indische geschiedenis .

In Pendek krijgen persoonlijke herinneringen de ruimte, met een journalistieke ondertoon.

Een bijzonder opvallend verhaal is dat over Anda Kerkhoven, een Indische verzetsheldin in Groningen. Een neef van deze Indische dame vertelt: “Mijn vader heeft niet veel over zijn zus Anda vertelt, behalve dat zij in het verzet zat in groningen en vlak voor de bevrijding door Nederlanders gefusilleerd is in opdracht van de Duitsers.” “Omdat zij erg donker was, viel zij op in Groningen en zij was kennelijk een geliefd model voor jonge kunstenaars als Johan Dijkstra en Bas Galis.” Voor de lezer die zich inmiddels afvraagt: ‘Waar heb ik die naam eerder gehoord?’ Vorig jaar maakte het Groninger museum bekend dat het drie portretten van deze verzetsheldin exposeerde.

Anda Kerkhoven, geschilderd door Sebastiaan Galis. Bron.
Anda Kerkhoven, geschilderd door Sebastiaan Galis. Bron.

Het zijn deze verhalen en meer die Herman Keppy weer onder de aandacht brengt van zijn lezers. Voor Indische jongeren geeft Keppy concrete handvatten om een beeld te krijgen bij grootse momenten in de ogenschijnlijk ‘kleine’ levens van onze ouders en voorouders.

Keppy is zijn eigen uitgeverij begonnen om dit boek mogelijk te maken. Steun hem. Het boek Pendek verdient het.

Pendek. Korte verhalen over Indische levens – Herman Keppy. Uitgeverij West, 2013. 160 pagina’s.

Pendek.
Pendek.

Indische juweeltjes: boeken met een eigentijdse kijk op de Indische gemeenschap

Vlakke meetkunde. Eerlijke gedichten over een oneerlijke tijd.

Nu iedereen bekomen is van de Nederlandse boekenweek, besteedt Indisch 3.0 deze week tijd  aan Indische boeken die we extra de moeite waard vinden. Het zijn niet boeken die recent uitgekomen zijn, het zijn – kleine – juweeltjes die meer aandacht verdienen. De auteurs van deze vier boeken geven met hun eigen geluid een eigentijdse, nieuwe kijk op de Indische gemeenschap en haar plek in de Nederlandse samenleving.

Ruth Post. Foto: Palmslag.
Ruth Post. Foto: Palmslag.

Deze week lezen jullie hier over Pendek van Herman Keppy, De gecensureerde oorlog van Louis Zweers, Vlakke meetkunde van Ruth Post en Opgevangen in Andijvielucht van Griselda Molemans, dat aanstaande vrijdag uitkomt. Het zijn vier boeken, die in genre en stijl zeer verschillen, maar inhoudelijk duidelijk een overlap hebben: ze behandelen de Japanse bezetting, de bersiap en de aankomst hier in Nederland. Eind van de week horen we graag van jullie hoe jullie aankijken tegen deze selectie.

Vlakke meetkunde geeft een toegankelijke, openhartige en eerlijke kijk achter de schermen van de Indische zwijgzaamheid.

We beginnen met Ruth Post’s Vlakke meetkundeVlakke Meetkunde is de tweede dichtbundel van deze dichteres, uit 2013. Daarin lees ik gedichten over de kamptijd, de bersiap en de tijd in Nederland. Post, die in Batavia geboren werd en de kamptijd als kind meemaakte, debuteerde in 2012 met een andere dichtbundel, ‘Tot aan de horizon’.

Ik ben geen kenner van poëzie, ik wist niet goed wat ik kon verwachten. Maar ik ben erg gecharmeerd van haar werk. Sommige gedichten zijn expliciet, andere indirect, maar elk gedicht komt binnen. Van bamboespies tot smet vrezende  Europeanen – Ruth schuwt geen enkel onderwerp. Het zijn eerlijke gedichten, die de ervaringen in oorlogstijd beschrijven vanuit het perspectief van een jong Indisch meisje. Eerlijke gedichten over een oneerlijke tijd dus.

Ruth schuwt geen enkel onderwerp.

Die kinderlijke eerlijkheid maakt Post’s gedichten kwetsbaar en invoelbaar. Ik kan me indenken dat Vlakke meetkunde voor overlevenden van deze tijd vrij confronterend is. Voor Indische jongeren, die weinig meegekregen hebben over deze periode, geeft Vlakke meetkunde een toegankelijke, openhartige en eerlijke kijk achter de schermen van de Indische zwijgzaamheid.

Een passage uit De jongens, ter illustratie.

mijn moeder staat al bij de poort

de jongens moeten weg, mijn broer is tien

ze klimmen duwend op de laadbak

ze grijzen wat

moeder heeft hem geleerd de was te doen

en hoe dat moet met naald en draad

hij krijgt vast heimwee, het is nog zo’n kind

mijn broertje

Vlakke meetkunde, Ruth Post. Uitgeverij Palmslag (2013), 56 pagina’s.

Vlakke meetkunde van Ruth Post (2013).
Vlakke meetkunde van Ruth Post (2013).

"Een ordinaire strijd om auteursrechten & royalties"

Molemans: “Ik was opgelucht toen de samenwerking met het Nationaal Archief ontbonden was.”

Over twee maanden komt het boek Opgevangen in Andijvielucht uit. Vorige week schreef ik er al over. Auteur en onderzoeker Griselda Molemans startte een ‘crowdfundingactie’ om het staartje ervan te kunnen financieren. Reden voor uitgeven in eigen beheer zou zijn dat haar oorspronkelijke opdrachtgever, het Nationaal Archief, zich terugtrok: de ‘vele onthullingen in het manuscript stonden haaks op de ministeriële verantwoordelijkheid’ van het Archief. Wat was waar van deze – vrij ernstige – beschuldiging? Vandaag lees je deel 2.

Foto Nationaal Archief: By Vera de Kok (Own work) CC-BY-SA-3.0, via Wikimedia Commons

Waar het mij om gaat in deze – inmiddels twee – artikelen, is achterhalen wat er waar is van de beschuldiging van Molemans; in feite beschuldigt zij het Archief van het censureren van publicaties die voor de overheid onvoordelig kunnen zijn. Voordat ik die uitspraak overnam, wilde ik zeker weten of dit klopte. Na de publicatie van vorige week, ontving ik van Griselda Molemans – zelf, niet van haar advocaat – een chronologisch overzicht van de gebeurtenissen. Nadat ik dat had gelezen, heb ik telefonisch een toelichting gekregen van de schrijfster.

"Uitwuivers" bij een repatriantenschip. Foto: Willem Plink.
“Uitwuivers” bij een repatriantenschip. Foto: Willem Plink/ archief Kirsten Vos.

Exclusief licentiecontract
In het overzicht van de gebeurtenissen staat om te beginnen dat de overeenkomst tussen het Nationaal Archief en de in LA wonende Indische journaliste in 2010 tot stand komt. Haar werk zal gaan over ‘het thema contractpensions als onderdeel van een serie van zeven publicaties’ (die inmiddels uitgekomen is het Geheugenpaleis). Molemans ondertekent een ‘exclusief licentiecontract’, op basis van een standaard contract . Dit houdt onder meer in dat Molemans een licentie verleent aan het Nationaal Archief om haar werk te laten uitgeven. Hieruit vloeit voort dat bij overdracht van dit contract aan de – nog te selecteren – uitgever, de uitgever en auteur een auteurscontract tekenen.

Dat betekent concreet dat het Nationaal Archief het boek van Griselda Molemans pas kan laten uitgeven, als zij akkoord is met de keuze van uitgever.

Ik lees verder. In juli 2011 heeft Molemans de eerste versie van haar manuscript aangeleverd. Wat zei de woordvoerder hier vorige week ook alweer over?

“In het contract tussen mevrouw Molemans en NA werd afgesproken dat mevrouw Molemans 1 juli 2011 een eerste manuscript zou aanleveren. Deze afspraak is mevrouw Molemans niet nagekomen. Ook na herhaaldelijk aandringen van onze zijde heeft mevrouw Molemans geen input voor de tentoonstelling noch het boek geleverd.”

Zo. Hier is geen sprake van een halve waarheid – de een zegt welles, de ander zegt nietes. Gelukkig is “het gelijk” op een eenvoudige manier te achterhalen. Ik vraag Molemans om inzage in de stukken en krijg de mails doorgestuurd die zij aan de verschillende medewerkers heeft gestuurd, verspreid over de maanden juli – september 2011. Molemans: “Ik heb wel degelijk geleverd. En op 20 december 2012 heb ik alle verzamelde foto’s uit privé-albums aan de conservatrice en enkele collega’s van haar getoond als input voor de tentoonstelling in het NA.” Als ik de woordvoerder van het Nationaal Archief hiermee confronteer, krijg ik een aanvullende toelichting. “Wij hebben nog even gezocht en inderdaad die mails gevonden, maar onze conservator vond de kwaliteit daarvan gewoon niet genoeg. En dat is nooit verder gekomen.”

Eind 2011 krijgt Molemans te horen dat het Archief een overeenkomst getekend heeft met een uitgever met wie zij slechte ervaringen heeft. Zij geeft aan hier niet mee in te stemmen en merkt dat het Archief de druk opvoert, “om me te dwingen het contract met de uitgever te tekenen. Zonder mijn handtekening kan echter geen overdracht van het manuscript plaatsvinden.”

Ik herinner me Siem Boons parafrasering van de reactie van een medewerker van het Archief:

“De medewerkster die ik interviewde vertelde dat ze meende dat er een kwestie rond auteursrecht was geweest, maar er het fijne niet van wist.”

Die herinnering klopt dus. Dit heeft alleen niets te maken met de ministeriële verantwoordelijkheid waar Molemans aan refereert. Waar is de samenwerking nou echt op stuk gelopen?

Volgens het chronologische overzicht dat ik van Molemans ontving, gaat het vanaf medio 2012 de verkeerde kant op. Ook de vice-directeur van het Archief raakt bij de kwestie betrokken. Volgens het instituut zou Molemans geen exclusief contract hebben ondertekend en wil het Archief 50% van de royalties als mede-auteur van het boek. Daar gaat Molemans niet mee akkoord. Vanaf dat moment gijzelt ze het manuscript en de verzamelde foto’s zolang er “geen deugdelijk contract op tafel ligt.”

Het Archief kan het boek alleen uitgeven als Molemans instemt met de uitgever.

Auteursrechten

Hmm. Als het Archief opdrachtgever is, heeft Molemans dan niet haar auteursrechten ‘verkocht’ aan deze opdrachtgever? En is het niet meer dan logisch, dat het Archief een deel van de omzet verwacht, aangezien het geld in het research gestoken heeft? Griselda Molemans: “Nee. Dat staat niet in het contract dat het Archief en ik ondertekenden in december 2010. Daarin verleende ik een exclusieve licentie aan het NA en was ik voor 100% eigenaar van de auteursrechten.”

Hoewel ik begrijp dat het Archief dit liever anders had gezien, heeft het dit contract mede-ondertekend. Heeft het Archief dan zitten slapen, toen het dit ondertekende? Of realiseerde het zich pas later wat het contract inhield?

Griselda Molemans. Indomania 4. (c) Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2012.
Griselda Molemans, hier op archiefbeeld. (c) Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2012.

Begin 2013 gaat Molemans met haar advocaat en het Nationaal Archief, vertegenwoordigd door de vice-directeur, om tafel. Molemans: “Tijdens het overleg heb ik aangegeven dat de epiloog van het manuscript een actuele lading heeft door een aantal openstaande claims jegens de Nederlandse overheid. Reactie van de vice-directeur: ‘Daar ben ik helemaal niet blij mee, aangezien we als Nationaal Archief onder ministeriële verantwoordelijkheid vallen.’

Daar is het; de ministeriële verantwoordelijkheid. De eerdere verklaring van het Nationaal Archief klopt op dit punt dus ook niet.

Ik vraag hoe het zit met de ‘ministeriële verantwoordelijkheid’. ‘Nee, die woorden hebben wij niet in de mond genomen.’

Het Archief heeft dus wel degelijk de woorden ‘ministeriële verantwoordelijkheid’ in de mond genomen, in reactie op de aankondiging van Molemans. Toch is de suggestie die Griselda Molemans in haar crowdfunding-actie wekt een andere. In de flyer van de geldinzamelingsactie wekt zij de suggestie, dat het Nationaal Archief de inhoud van het manuscript zelf heeft ingeschat als ‘explosief’ en de conclusie heeft getrokken dat deze buiten de ministeriële verantwoordelijkheid viel. Maar goed. Dat is misschien detail. Feit is dat dit al de tweede keer is, dat de verklaring van 
het Archief ernstig afwijkt van die van de auteur.

Het feitenrelaas eindigt met het ontbinden van de overeenkomst tussen Molemans en het Archief, omdat Molemans er te lang over doet om een andere uitgever te vinden – een afspraak die zij met het Archief eerder dat jaar maakte. “Daarbij is bepaald dat ik de onkostenvergoeding van 10.000 euro voor onderzoek in binnen- en buitenland plus alle reiskosten voor de interviews terugbetaal,” licht de auteur toe. “Er is dus geen sprake geweest van ‘fees’ zoals het NA beweert. Daarmee was voor mij de weg vrij om het manuscript zelf uit te geven. En ik zal je eerlijk zeggen, ik was opgelucht toen de samenwerking ontbonden was.”

De Zwarte met het oranje is een boek dat <MOlemans maakte in samenwerking met het Natiopnaal Archief. Fotograaf Armando Ello is hier te zien, die met de schrijfster het boek maakte. (mei 2010)
‘Zwarte huid, oranje hart’ is een boek dat Molemans en fotograaf Armando Ello (hier op beeld) maakten in samenwerking met het Nationaal Archief. Foto: Kirsten Vos, mei 2010.

Geduld

Het Nationaal Archief heeft de overeenkomst dus ontbonden omdat het zijn geduld verloor. Het had een ander contract getekend dan het wilde, en zag zichzelf nu wachten op een auteur die nog geen uitgever had gevonden. Dat het zich niet kon vinden in de inhoud van het werk, vind ik op basis van deze voorgeschiedenis niet te hard te maken.

Dat het Nationaal Archief de samenwerking met Molemans beëindigd heeft, omdat de ‘vele onthullingen in het manuscript’ niet pasten binnen de ‘de ministeriële verantwoordelijkheid’ van het instituut, is dus niet waar. Volgens de lezing van zowel Molemans als het Archief klopt deze beschuldiging niet. Beiden geven aan dat het Archief de overeenkomst ontbonden heeft om organisatorische redenen; het niet halen van overeengekomen deadlines (lezing van het Archief) en het opraken van het geduld (lezing Molemans). Maar dat is ook de enige overeenkomst.

Het Archief zegt dat Molemans pas eind 2012 voor het eerst geleverd heeft, terwijl Molemans wel degelijk eerder werk aanleverde. Het Archief ontkent te hebben gerefereerd aan de ministeriële verantwoordelijkheid, terwijl het nota bene de vice-directeur was die deze woorden in de mond nam. Het Archief zegt bovendien dat Molemans al sinds 2011 haar afspraken niet nakomt, terwijl Molemans zegt dat zij in 2013 (pas) te horen kreeg dat het te lang ging duren, terwijl de onderhandelingen nog gaande waren.

Griselda Molemans Facebook Indisch 3

Is het mogelijk dat het Archief, zoals deze Facebook-fan suggereert, de samenwerking formeel om organisatorische redenen heeft opgezegd, maar achter de schermen een reden zocht om afstand te nemen van de door Molemans aangekondigde ‘claims jegens de Nederlandse overheid’? Natuurlijk. Dat is mogelijk. Maar die conclusie blijft speculatief.

Explosieve inhoud

Maar waarom heeft Molemans dan gerefereerd aan de ‘ministeriële verantwoordelijkheid’? En hoe zit het dan met de ‘explosieve inhoud’? Molemans: “Oké, ik heb het begrip ‘ministeriële verantwoordelijkheid’ genoemd, in een andere context. Dat was omdat ik het Archief de afgang wilde besparen van het echte verhaal, namelijk een ordinaire strijd om auteursrechten en royalties. Maar de inhoud is wel degelijk explosief. Die komt uit archieven in Washington en daar hebben de mensen van het Nationaal Archief helemaal geen weet van. Dat zijn de claims die in de epiloog vermeld staan.”

In vertrouwen vertelt Griselda Molemans me over enkele van deze claims. Ja, die zijn inderdaad explosief. Ik ben zelfs blij verrast. Het is kennis waar veel mensen – inclusief ikzelf – al heel lang op zitten te wachten. Wat een opluchting dat dit eindelijk naar buiten gaat komen.

Hoe gaat het eigenlijk met de inzamelingsactie? “Ja, goed, ik ben er bijna. Ik schat dat mensen nog ongeveer 1,5 week in kunnen stappen, dan heb ik het totaalbedrag bij elkaar. Ik zal het je laten weten, zodra we er zijn. Het boek komt 21 maart a.s. uit, dan presenteer ik het bij het instituut voor Beeld en Geluid.”

“Ik ben er bijna. Ik schat dat mensen nog ongeveer 1,5 week in kunnen stappen, dan heb ik het totaalbedrag bij elkaar.”

In een afsluitende verklaring vertelt de woordvoerder van het Nationaal Archief: “Ook wij vinden het ontzettend jammer dat de samenwerking zo misgelopen is. Wat ons betreft is de kern van dit conflict vooral een verschil van inzicht over de kwaliteit van het aangeleverde werk. Ook wij zijn de verliezer hierin: wij missen een publicatie in een reeks waarmee we de breedte van het Archief zichtbaar wilden maken. De geschiedenis van de Indische Nederlanders hoort daarbij.”

En dat is eindelijk iets waar Molemans, het Archief en ik hetzelfde over denken.

Dit was 2013

Indisch 3.0 in drie rijtjes

Best bezochte nieuwe posts in 2013

Actie 1
Goede Doelen actie groot succes.

1. Stem nu voor jouw favoriete Goede Doel (december 2013)

2. De Gouden Rijstkom 2013: Indische kookwedstrijd 3.0 (september 2013)

3. Zwarte Pieten onder Indo’s (oktober 2013)

 

Best bezochte posts in 2013 uit eerdere jaren

Backpiece Mareh
Tattoo’s nog altijd populair onderwerp.

1. Indo Tattoos (september 2011)

2. Typische Indo-namen anno 2012 (juni 2012)

3. Bibi Breijman – “Ik voel mij meer Indische, dan Haagse” (mei 2011)

 

Meest becommentarieerde posts uit 2013

Bron foto onbekend.
Politieke posts leveren meeste commentaar op.

1. Zwarte Pieten onder Indo’s (oktober 2013)

2. Sorry dat ik uw man neerschoot (september 2013)

3. Wilde woorden van Jet (maart 2013)

 

 

3.0 in de media: Kaja Wolffers

‘Kaja Wolffers. Hmm. Wie is deze 3e generatie Indo ook al weer?’ ‘Is hij niet de-zoon-van Marion Bloem?’ Begint er al iets te dagen? ‘O ja, doet hij niet iets in de mediawereld?’ Kaja (40 jaar) is creative director bij NL film. In een ontspannen gesprek vertelt hij over zijn werk en zijn roots.

NL Film
Drie jaar geleden is Kaja Wolffers begonnen bij NL Film, een productiemaatschappij die films en televisieprogramma’s maakt voor vrijwel alle zenders. ‘NL Film kenmerkt zich met goed gemaakte televisieprogramma’s. Denk aan Popoz, Penoza, Spangas. In het verleden hebben we ook films gemaakt zoals Verliefd op Ibiza, Alibi etc. Momenteel draait onze film Mannenharten in de bioscoop,’ vertelt deze Indische creative director.

Creative director
‘Mijn werk bestaat eigenlijk uit een aantal werkzaamheden. De ene dag kunnen schrijvers of regisseurs langskomen met een idee. Ik bekijk of ik dat verder kan ontwikkelen en kan verkopen aan één van de zenders. Op het andere moment ga ik langs zenders. Ik neem boekjes mee en vertel enthousiast waarom een dramaserie leuk is voor RTL4 of SBS. Daarna is het eigenlijk afwachten of het idee wordt geaccepteerd, daar kan veel tijd overheen gaan. Ik word weer actief op het moment als de eerste beelden en montage worden afgeleverd. Vervolgens ontwikkelen we dit om het gewenste resultaat te krijgen.’

Kaja op de werkvloer / Foto: Wynand Chocolaad
Kaja op de werkvloer / Foto: Wynand Chocolaad

Kabels vasthouden
Vroeger stortte Kaja zich op een exact vak, namelijk scheikunde. Hij dacht dokter te willen worden. ‘Mijn ouders zijn allebei half creatief. Ik zag mij zelf niet in die wereld, daar wilde ik eigenlijk ver weg van blijven’ geeft Kaja toe. Toch stuurde deze zoon van een Hollandse vader en Indische moeder open sollicitaties  naar John de Mol en Joop van de Ende Productions. Kaja denkt terug aan het begin, hoe hij kabels mocht vasthouden tijdens opnames. Hij werd assistent-opnameleider bij Goede Tijden Slechte Tijden. Daarna werd hij opnameleider bij Goudkust, om vervolgens op de regisseursstoel terecht te komen bij o.a. Onderweg naar Morgen, Costa en nog vele andere series . ‘Ik ben trots op de plek waar ik nu sta als creative director. Ik heb vooral veel geleerd doordat ik onderaan ben begonnen, op deze manier ben ik het vak steeds beter gaan begrijpen.’

“Indisch zijn is veel meer dan de bepaling van iemands karakter.”

Indische films
Gaat Wolffers binnenkort een Indische film ontwikkelen? Kaja weet geen goede verhaallijn voor een Indische film: ‘Films moeten sterke personages hebben met een bepaalde achtergrond. Voor mij is het Indisch-zijn veel meer dan de bepaling van iemands karakter. Het is heel moeilijk om in een verhaal te vertellen wat een cultuur echt inhoudt. Je komt toch weer in een soort van cliché terecht. Gezelligheid met families en lekker eten, dat is voor mij niet de kern van een Indisch verhaal. Anders zal het weer zo’n historisch verhaal worden zoals dat een blanke een Indo komt redden.’

Kaja Wolffers. Foto: Fréderique Vlamings
Kaja Wolffers. Foto: Fréderique Vlamings

Onderscheid
‘Indische mensen zijn in mijn ogen Nederlanders die Indisch bloed hebben en die door culturele verschillen gevormd zijn. Mensen uit Nederlands-Indië probeerden altijd heel erg hun best te doen omdat ze voor hun gevoel iets te compenseren hadden. Ze wilden zich heel nadrukkelijk onderscheiden van de Indonesiër.’ Dan komt er een herkenbaar momentje voor mij, als Kaja vertelt dat hij zichzelf nog steeds betrapt op het feit dat hij nadrukkelijk het verschil tussen Indonesisch en Indisch uit wil leggen. ‘Het is eigenlijk achterlijk, een idiote tic. Ik verbeter mensen nog altijd als ik Indonesisch word genoemd. Is het omdat het wat chiquer staat om jezelf Indisch te noemen? Haha, het zit er helemaal ingeramd door mijn omaatje.’

“Ik verbeter mensen die mij ‘Indonesisch’ noemen.”

Bamboe
Indisch zijn is voor Kaja vergelijkbaar met een bamboeplant. ‘ Je moet een beetje buigbaar als bamboe zijn in je leven. Meebuigen wanneer situaties tegenzitten, maar tegelijkertijd keihard zijn. Aan de ene kant taai en ambitieus zijn en aan de andere kant geven als het nodig is. Een bamboeplant waait nooit om, maar een oude Eik van 300 jaar kan omvallen tijdens een storm die wij onlangs hadden. Dat is voor mij een beetje dat Indisch-zijn, maar het betekent voor mij ook respect hebben voor ouderen en naar elkaar luisteren voordat je wilt gaan strijden. Ik zeg niet dat ik dit zelf perfect doe, want ik heb ook Hollands bloed in mij.’ geeft Kaja toe.

Mata gelap
‘Heel veel Indo’s die ik ken en in het vak meemaak, zijn hele aardige mensen die altijd blijven teruglachen en niet zeggen wat ze dwars zit. Overal in meegaan en dan op een gegeven moment wordt het mata gelap en dan ontploft er woede. Het grappige is dat ik dit nog heel vaak herken in mijzelf maar ook in heel veel Indo’s met wie ik werk. Het is misschien bij de tweede generatie meer zichtbaar. Je gaat overal een beetje in mee en dan op een gegeven moment barst het uit. Westerlingen zeggen gelijk waar het op staat, je hebt dan gelijk je frustratie eruit.’

'Hoe heet dat Indonesisch woord?' Lattà? - Foto: Angelo Vodegel / Indisch3.0 2013
‘Hoe heet dat Indonesisch woord?’ Lattà? – Foto: Angelo Vodegel / Indisch3.0 2013

Lattà
Als ik Kaja vraag naar een typische Indisch tic, dan begint hij gelijk met zijn vingers te kraken. Maar hij denkt ook aan de woorden van zijn vader. Alleen komen we niet snel op de Indonesische term hiervoor. ‘Het is een manier om naar iemands verhaal te luisteren dat het uiteindelijk op een moeizame manier wordt verteld. Ik ben heel meegaand en beweeg dan bijna met mijn hoofd mee.’ Uiteindelijk komt het verlossende woord er lachend uit, ‘ja precies dat heet ‘Latta’.

Indonesië
‘Sinds mijn vierde jaar ga ik bijna elk jaar naar Indonesië. Het is eigenlijk een beetje een haat-liefde gevoel. Kretek vind ik heerlijk om te ruiken als ik daar aankom, dat relaxte spreekt mij ook aan. Het is een sympathiek land, maar ik schrik elke keer als er vreselijke situaties ontstaan.

Fanatieke moslims
‘Het is een unheimisch land. Heel de dag aardig tegen elkaar doen en ineens barst het los. Er rollen dan letterlijk hoofden over straat. Ik snap ook niet waarom Miss World verkiezing had moeten plaatsvinden in een islamitisch land. Het ergert mij zo als ik fanatieke Indonesische moslims ziet demonstreren, ineens komt al die woede naar boven. Uiteindelijk kunnen ze het weer voor elkaar krijgen om vrolijk glimlachend verder te gaan. Het zijn allemaal weldenkende mensen – soms lijkt het net alsof ze een uitlaatklep zoeken. Bali vind ik één van de leukere plekken.’

De film Mannenharten speelt momenteel in de bioscoop. Ik heb de film gezien. Wie van romantische verhalen houdt met een spannend ondertoontje, zal dit absoluut een aanrader vinden. Zal het de Nederlandse kerstfilm van 2013 worden?