'Opgevangen in andijvielucht' legt verborgen Indische miljoenen bloot

Dáár is dat geld dus.

Voor het eerst is de periode van bijna 25 jaar ‘repatriëring’ uit Indonesië in één boek beschreven, en voor het eerst zijn er sporen gevonden van de verloren gewaande Indische spaartegoeden, pensioenen en internationale compensatiegelden. Met Opgevangen in andijvielucht opent Griselda Molemans definitief de postkoloniale doos van Pandora.

Vorige week presenteerde Griselda Molemans het resultaat van vijf jaar research: het boek Opgevangen in andijvielucht. Dit boek, dat mede mogelijk gemaakt is door een crowdfundingactie, maakt voor het eerst inzichtelijk dat er nog miljoenen aan Indische spaartegoeden, verzekeringsgelden en zelfs internationale compensatiegelden achter slot en grendel liggen.

De introductiefilm waarmee Griselda Molemans haar boek presenteerde. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0.
De introductiefilm waarmee Griselda Molemans haar boek presenteerde. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0.

Indische tegoeden
Verschillende media besteedden afgelopen week aandacht aan het opmerkelijke boek van de in Amerika gevestigde journaliste. Zo was er aandacht voor in de VolkskrantNRC en dit weekend ook in de Leeuwarder Courant (Bericht.) Overlappende nieuwswaarde is dat er nog voor miljoenen aan Indische tegoeden op bankrekeningen staat. Dit – schokkende –  bericht is slechts de epiloog van het lijvige boek. In een enkel nieuwsbericht is aandacht voor de andere negen hoofdstukken, waarin beschreven staat hoe de opvang van Indische repatrianten en andere ontheemden in Nederland georganiseerd en uitgevoerd werd.

Waardevol naslagwerk
Voor – Indische – Nederlanders, jong en oud, die weinig gehoord hebben over de 
repatriëring naar Nederland, en over de verschillende groepen en de opvang hier, is Opgevangen in andijvielucht een uitstekend, compleet en waardevol naslagwerk.Voor goed ingelezen insiders zal 90% van het boek bekend voorkomen. De verhalen over de (gedwongen) overkomst van de Molukse KNIL-soldaten, de komst van evacues, de emigratie naar Brazilie en Canada, maar ook de laatst exodus in de jaren ’60. Als je dit boek leest en de film Contractpensions bekijkt, heb je een volledig beeld van de ‘repatriëring’.

Als je je verdiept hebt in de postkoloniale geschiedenis, heb je je afgevraagd wat er gebeurd is met de Indonesische herstelbetalingen.

Herstelbetalingen van Indonesië
Als je je verdiept hebt in de Indische postkoloniale geschiedenis, dan ken je de verhalen uit Opgevangen in andijvielucht. En als je je verdiept hebt in deze periode, heb je je óók afgevraagd wat er gebeurd is met de verplichte herstelbetalingen van Indonesië aan Nederland. Onderdeel van deze herstelbetalingen – zoals afgesproken in de RTC-overeenkomst – waren de achterstallige pensioenen. Om deze reden oordeelde de Hoge Raad in de jaren ’50 dat de Nederlandse overheid de achterstallige salarissen en pensioenen niet hoefde te betalen. En om deze reden is de kans vrij klein dat pleiters voor de Indische Kwestie ooit hun gelijk zullen krijgen.

Griselda Molemans geeft nog een persoonlijke toelichting. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0
Griselda Molemans geeft nog een persoonlijke toelichting. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0

Waar is het geld?
Alleen: niemand wist waar dat geld gebleven was. Volgens Silfraire Delhaye verschool de Nederlandse regering zich achter deze afspraak. Een passage uit mijn interview met hem, van vorig jaar:

Heeft een deel van de Indische kwestie niet te maken met de afspraken die gemaakt zijn bij de overdracht van het bestuur aan Indonesië? Indonesië zou de achterstallige salarissen betalen en de materiële oorlogsschade vergoeden, maar heeft dit nooit gedaan?

“De Nederlandse regering verschuilt zich daarachter.”

Insider Joty ter Kulve verzekerde mij er vorig jaar van dat Indonesië deze betalingen wel had gedaan. Waar dat geld dan gebleven was, en waarom dit nooit bij de claimers van de Indische Kwestie terecht gekomen is, kon ze me niet vertellen.

Griselda Molemans is de eerste die boven tafel heeft gekregen dat de 600 miljoen gulden aan Indonesische herstelbetalingen keurig netjes betaald zijn, in 30 jaarlijkse termijnen.

Schokkende epiloog
Voor iemand die deze kwestie al een paar jaar volgt, is de epiloog van het boek schokkend. Ten eerste stelt Molemans daar het optreden van het Indisch Platform ter discussie. Dat krijgt meerdere keren een flinke veeg uit de pan. Maar Griselda Molemans is de eerste die boven tafel heeft gekregen dat de 600 miljoen gulden aan Indonesische herstelbetalingen keurig netjes betaald zijn, in 30 jaarlijkse termijnen.

Het betreft de zogeheten Indonesische herstelbetalingen, die bij het Tractaat van Wassenaar van 7 september 1966 vastgesteld zijn. Deze betalingen zijn een compensatie voor de geleden verliezen van Nederlandse particulieren en bedrijven in Indonesië en Nieuw- Guinea door de nationalisatie van de Nederlandse bezittingen in de periode 3 december 1957 tot 15 augustus 1962. Door betaling van een bedrag van 600 miljoen gulden plus rente aan de Nederlandse overheid zijn ‘alle bestaande financiële vraagstukken volledig en definitief geregeld. (..) De inzet van de onderhandelingen betrof ‘alle financiële vorderingen […] onder andere pensioenrechten, voor zover deze vorderingen vóór 15 augustus 1962 zijn ontstaan’.  – Opgevangen in andijvielucht, p. 396/397.

En dit is niet de enige pot met geld die Griselda Molemans gevonden heeft.

In het Stikker-Yoshida Akkoord is eveneens compensatie voor de grote groep voormalige burgergeïnterneerden geregeld. Per persoon is dit een bedrag van f 415. Er is echter geen transparantie over de feitelijke uitbetaling van deze compensatie, aangezien er geen vastlegging van het aantal uitkeringen aan burgergeïnterneerden is geweest volgens de SAIP. Het totaalbedrag van 38 miljoen gulden is sowieso ontoereikend voor alle rechthebbenden. (..) Cijfermatig is de rekensom dan (14.630.000 + 21.912.000 =) f 36.542.000 , waardoor er een restbedrag van f 1.458.000 (661.611,55 euro zonder indexatie) op de balans van de Nederlandse overheid staat. Beijk noemt de getallen echter ‘niet absoluut’ en voegt er vervolgens de volgende informatie aan toe: een bedrag van 1.100.000 gulden is nog altijd niet uitgekeerd. Het gaat om een geïndexeerd bedrag van 3.070.955,55 euro. – Opgevangen in andijvielucht, p. 382/383.

In totaal presenteert Molemans maar liefst negen financiële claims die de Indische groep kan neerleggen bij de Nederlandse overheid, waaronder de in de kranten genoemde uitkeringen van verzekeringspolissen en opgeslagen goudvoorraden van de Javasche bank. Het gaat hier om miljoenen. Interessant in deze context is overigens een artikel uit 1998 in het NRC, van Louis Zweers, aan wie we vorige week aandacht besteedden. Hierin staat bevestigd dat het goud verscheept is voor de komst van de Japanners:

“Ze (de Japanners, KV) hadden de moderne westerse kunst in de ban gedaan en waren vooral gefixeerd op het verdwenen goud van de Javasche Bank. Ze zochten het goud bij de bungalows van de directie van de Javasche Bank in Buitenzorg. Ze lieten de tuinen tot zes meter diep uitgraven. Ook werd de president-directeur van de Javasche Bank, mr. G.G. van Buttingha Wichers, door de Kempeitai aan zware verhoren onderworpen. Hij stierf drie maanden na de Japanse capitulatie aan de gevolgen van zijn gevangenschap. Overigens had de Javasche Bank de goudvoorraad – waaronder ook het goud van particulieren – vlak voor het begin van de Japanse invasie uit veiligheidsoverwegingen naar Zuid-Afrika en Australie verscheept.” 

Kritiek
Op het boek is wat af te dingen. Zo had ik het prettig gevonden als Molemans in het boek met voet- of eindnoten had gewerkt, zodat je als lezer de gelegenheid hebt te bekijken op welke bronnen ze haar uitspraken baseert. Ook ontstaat een beeld van een gekleurde onderzoeker, omdat ze bij alle claims totaalbedragen noemt, behalve bij de uitkeringen (WUV, WUBO etc) die de Nederlandse overheid heeft betaald. Daarover zegt Molemans overigens dat ze geen totalen kan noemen, omdat de regering vanwege privacy-overwegingen geen inzage wil geven in de uitvoering van deze regelingen. Tot slot mis ik een overzicht, waarin ik kan zien welke bedragen uit welke ‘potjes’ zijn gekomen. Want de bedragen zijn zo talrijk en omvangrijk, dat ze je gaan duizelen.

Vastberadenheid
Maar ik weet wel dat ik onder de indruk ben van het boek en van de diepgang en vastberadenheid waarmee Griselda Molemans haar onderzoek heeft uitgevoerd. Zo heeft ze het conflict met het Nationaal Archief voor haar kiezen gehad (lees dat hier en hier) en – naar eigen zeggen – heel veel mensen boos gemaakt. Ze is zelf naar de archieven in Washington gegaan, ze heeft in de kelders van Buitenlandse Zaken gestaan en dossiers doorgespit over repatrianten en andere migranten uit Indonesie naar Nederland.

Molemans heeft met Opgevangen in andijvielucht echt iets toegevoegd aan de canon van de Indische geschiedenis: ze is de Indische miljoenen op het spoor gekomen. Djempol, Griselda. En wat betreft de claims: wordt vervolgd?

Opgevangen in andijvielucht. De opvang van ontheemden uit Indonesië in kampen en contractpensions en de financiële claims op basis van uitgebleven rechtsherstel – Griselda Molemans. Uitgeverij Quasar Books (2014). ISBN 978-0-615-95101-0. 431 pagina’s, 19,95 euro.

Opgevangen in andijvielucht is binnenkort verkrijgbaar.
Opgevangen in andijvielucht is binnenkort verkrijgbaar.

Pendek. Kleine verhalen over grootse momenten.

Indische juweeltjes in de hedendaagse literatuur

Deze week besteedt Indisch 3.0 week tijd  aan Indische boeken die we extra de moeite waard vinden. Het zijn niet boeken die recent uitgekomen zijn, het zijn – kleine – juweeltjes die meer aandacht verdienen. De auteurs van deze vier boeken geven met hun eigen geluid een eigentijdse, nieuwe kijk op de Indische gemeenschap en haar plek in de Nederlandse samenleving. Vandaag vragen we je aandacht voor Pendek, van Herman Keppy.

Herman Keppy is een doorgewinterde journalist en schrijver die door de jaren heen steeds meer van zichzelf heeft laten zien. Een van zijn oudste non-fictie werken is De laatste inlandse schepelingen (Focus, 1994), over de Molukse KNIL-soldaten die naar Nederland verscheept waren. Keppy schreef ook Flat River Flamingo (Conserve 2006), een roman. Insiders konden onlangs ook een prachtig dubbelinterview in Moesson gelezen met hem en Alfred Birney.

Keppy schrijft zichzelf weg, met een treffend gevoel voor verhaal, oog voor detail en kennis van zaken.

Van huis uit is de Molukse Keppy journalist. Dat is te merken in Pendek. Korte verhalen over Indische levens. In Pendek (Indonesisch voor kort, klein) biedt Keppy een selectie van eerder gepubliceerde korte verhalen over ‘kleine’ momenten uit het leven van Indo’s en Molukkers. Daarin schrijft Keppy zichzelf weg, met een treffend gevoel voor verhaal, oog voor detail en kennis van zaken.

Herman Keppy. Foto: tongtongfair.nl
Herman Keppy. Foto: tongtongfair.nl

Keppy geeft alle ruimte aan de persoonlijke herinneringen, gedocumenteerd en niet-gedocumenteerd, van zijn eigen familieleden en andere Indische en Molukse Nederlanders. Ik had soms, bij dit non-fictie werk, willen weten waarom hij bepaalde mensen aan het woord laat. Maar dat is bijzaak.

Het is duidelijk dat deze journalist zijn huiswerk heeft gedaan. Keppy heeft beweringen gecheckt. Soms lees je een redactionele opmerking, bijvoorbeeld bij een scheepslijst. Alleen daardoor al verdient Pendek veel waardering. Pendek is niet uit op sensatie, niet uit op het overdragen van emotie. Verhalenin Pendeke geven, door de journalistieke ondertoon, kleur aan historische gebeurtenissen uit de Indische geschiedenis .

In Pendek krijgen persoonlijke herinneringen de ruimte, met een journalistieke ondertoon.

Een bijzonder opvallend verhaal is dat over Anda Kerkhoven, een Indische verzetsheldin in Groningen. Een neef van deze Indische dame vertelt: “Mijn vader heeft niet veel over zijn zus Anda vertelt, behalve dat zij in het verzet zat in groningen en vlak voor de bevrijding door Nederlanders gefusilleerd is in opdracht van de Duitsers.” “Omdat zij erg donker was, viel zij op in Groningen en zij was kennelijk een geliefd model voor jonge kunstenaars als Johan Dijkstra en Bas Galis.” Voor de lezer die zich inmiddels afvraagt: ‘Waar heb ik die naam eerder gehoord?’ Vorig jaar maakte het Groninger museum bekend dat het drie portretten van deze verzetsheldin exposeerde.

Anda Kerkhoven, geschilderd door Sebastiaan Galis. Bron.
Anda Kerkhoven, geschilderd door Sebastiaan Galis. Bron.

Het zijn deze verhalen en meer die Herman Keppy weer onder de aandacht brengt van zijn lezers. Voor Indische jongeren geeft Keppy concrete handvatten om een beeld te krijgen bij grootse momenten in de ogenschijnlijk ‘kleine’ levens van onze ouders en voorouders.

Keppy is zijn eigen uitgeverij begonnen om dit boek mogelijk te maken. Steun hem. Het boek Pendek verdient het.

Pendek. Korte verhalen over Indische levens – Herman Keppy. Uitgeverij West, 2013. 160 pagina’s.

Pendek.
Pendek.

"Er zijn al 18 nieuwe claims ingediend."

Liesbeth Zegveld op haar kantoor in Amsterdam. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2013.

Liesbeth Zegveld, advocate van o.a. de Weduwen van Zuid-Sulawesi en Rawagedeh: “De weduwen van Zuid-Sulawesi hebben geleerd van de weduwen van Rawagedeh.”

Vorige maand bood Nederland excuses aan voor de standrechtelijke executies van Indonesische mannen aan de weduwen van Zuid-Sulawesi. Ook introduceerde Nederland een brede schadevergoedingsregeling. Hoe heeft Liesbeth Zegveld, advocate van de in het gelijk gestelde slachtoffers, hiervoor gezorgd?


Grotere kaart weergeven

Terreur
Op Zuid-Sulawesi – toen Celebes genaamd – schoten Nederlandse militairen in 1947 Indonesische mannen zonder proces neer, op verdenking van deelname aan terreur; verzet tegen de Nederlandse aanwezigheid in de onafhankelijk verklaarde Republiek Indonesie. 66 jaar later krijgen de weduwen van deze mannen hier een schadevergoeding voor van 20.000 euro per persoon, omgerekend is dat (maar liefst) 306.530.000 rupiah.

Brede regeling voor gelijke zaken
De in Rotterdam gepromoveerde Liesbeth Zegveld klaagde de Nederlandse staat aan voor oorlogsmisdaden in Indonesië, en met succes. Voor de standrechtelijke executies van Indonesische mannen in Rawagedeh (op Java) en Zuid-Sulawesi kregen de weduwen een schadevergoeding en excuses. Uit de Zuid-Sulawesi-rechtzaak is zelfs een brede compensatieregeling voortgekomen. Momenteel staat Liesbeth nog de kinderen van de geëxecuteerden bij, een zaak die gelijktijdig met die van de weduwen begonnen is.

Foto: www.marokko.nl
De graven van de geëxecuteerde mannen op Zuid-Sulawesi. Foto: http://nieuws.marokko.nl/29119/kinderen-zuid-sulawesi-klagen-nederland-aan-voor-executeren-vaders/

Te oud
Bij de plechtigheid in Jakarta, medio september van dit jaar, waren de weduwen niet aanwezig: zij waren te oud voor de reis naar Jakarta. Een week later zou de ambassadeur ze komen opzoeken op Sulawesi. Ik vraag Liesbeth ernaar: “Nee, ik weet niet precies hoe het bezoek van de ambassadeur is geweest, ik was er niet bij.”

Jaloezie en ongenoegen
Ze vervolgt: “Ik weet dat de ambassadeur geweest is, met een medewerker. Ze hebben met de weduwen en enkele kinderen gesproken. De weduwen zijn bang voor teveel aandacht. Ze wilden niet in de spotlight komen, ze hebben gezien wat er gebeurd is met de schadevergoeding van de weduwen van Rawagedeh (het dorpshoofd heeft het geld verdeeld onder alle inwoners van Rawagedeh, KV). Om jaloezie en ongenoegen te vermijden, wilde ik de ceremonie niet in hun dorp laten houden. Ik heb gepleit voor een ceremonie op een andere plek op Sulawesi, maar het werd Jakarta. Wat ik niet begrijp, is waarom die datum gekozen is, en niet een datum tijdens de handelsmissie van de premier. Ja hoor, mijn cliënten zijn tevreden. So far so good, vinden ze.”

“Mijn cliënten zijn tevreden. So far so good, vinden ze.”

Verjaarde zaak
Eerst deed Nederland de zaak af als verjaard, inmiddels is een brede compensatieregeling opgetuigd voor vrouwen die weduwe zijn worden door standrechtelijke executies door militairen in Nederlandse dienst. Hoe is het mogelijk dat de Nederlandse staat zo van positie is veranderd, wil ik weten.

Gelijke behandeling van gelijke zaken
“Bij de eerste zaak (Rawagedeh, KV) is de Staat gaan bewegen. De Staat leek in te zien dat het een ernstige kwestie was. Al snel kwam Nederland over de brug met ontwikkelingshulp voor Rawagedeh. Anders dan bij andere dossiers, kon Nederland zijn hoofd niet van deze aanklacht afkeren. Natuurlijk wilden ze er eerst onderuit. Doordat Timmermans pleitte voor gelijke behandeling van gelijke zaken, kreeg ‘Zuid-Sulawesi’ een luisterend oor bij de rechter.”

Ambassadeur Tjeerd de Zwaan biedt excuses aan. Still ontleend aan www.geschiedenis24.nl.
Ambassadeur Tjeerd de Zwaan biedt de Nederlandse excuses aan. Still ontleend aan
www.geschiedenis24.nl.

Brede uitkomst
De in Amsterdam gevestigde mensenrechten-advocaat vertelt verder. “Na ons verzoek om excuses, vroegen ze zich af hoe vaak ze nog sorry konden zeggen. We hadden de publieke opinie mee. Daarom zijn het brede excuses geworden en een brede schadevergoeding, zodat gelijke zaken niet meer voor een rechter hoeven te komen. Dat er een algemene schadevergoedingsregeling is gekomen is wel de ultieme uitkomst van een zaak hoor, als advocaat.”

“Dat er een algemene schadevergoedingsregeling is gekomen is wel de ultieme uitkomst van een zaak hoor, als advocaat.”

Executie van de vaders

Liesbeth Zegveld. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2013.
“De impact van het meemaken van de executie van je vader lijkt mij nog veel ernstiger dan – hoe vreemd de vergelijking ook is – die van je echtgenoot.” Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2013.

De kinderen van de door Nederlandse soldaten geëxecuteerde Indonesiërs hebben ook een zaak aangespannen tegen de Nederlandse staat. Liesbeth Zegveld staat ze hierin bij. Hoe schat de advocate hun kansen in? “We verwachten daar begin 2014 eenuitspraak over. Kijk, de rechter wil dit juridisch niet eindeloos door laten gaan. Dat snap ik. Maar ja, de kinderen stonden erbij. De weduwen hebben gehoor gekregen bij de rechter omdat zij direct betrokken – want aanwezig – waren bij de executies. In Zuid-Sulawesi hebben de kinderen gezien hoe hun vaders werden neergeschoten. Zij waren dus, net als de weduwen, direct betrokken bij de executies. Dat geeft ze rechtsgrond. Bovendien is de groep beperkt; in Rawagedeh waren er geen kinderen bij. En mij lijkt de impact van het meemaken van de executie van je vader nog veel ernstiger dan – hoe vreemd de vergelijking ook is – die van je echtgenoot.”

Aanklacht wegens slavernij
Onlangs werd bekend dat veertien landen drie Europese landen, inclusief Nederland, aanklagen vanwege de slavernij. Is Zegeveld daar ook bij betrokken, en hoe schat ze die kansen in? “Ik heb ervan gehoord, maar ben er niet bij betrokken. Ik weet het niet. Er zijn geen individuele nabestaanden meer. Slachtoffers moeten hun stem laten horen, en van de slavernij zijn geen direct betrokkenen meer in leven. De groep slachtoffers moet sterk zijn. Wat interessant is, is wat er gebeurt als landen vanuit hun soevereine rechten een claim gaan neerleggen bij andere landen.”

18 claims
Voordat ik afsluit: hoe staat het met de algemene schadevergoedingsregeling voor weduwen van de standrechtelijke executies? “Er zijn al 18 nieuwe claims ingediend.”

Mr. Liesbeth Zegveld (Ridderkerk, 1970) studeerde Nederlands recht in Utrecht en promoveerde in 2000 cum laude. Zegveld vertegenwoordigt de laatste jaren regelmatig slachtoffers van de Nederlandse oorlogsmisdaden in Indonesië. Liesbeth werkt als mensenrechtenadvocate met Britta Böhler, bekend van onder meer de verdediging van Ayaan Hirsi Ali in de strijd om het Nederlandse paspoort van het voormalige Tweede Kamerlid van de VVD.

Politionele acties vanuit Indonesisch perspectief

Reportage van filmvertoning Hati Merdeka met nabespreking door Ad van Liempt en Maarten Hidskes.

‘Het ging ze alleen maar om geld! Die politionele acties waren om de rijkdom van Nederland te beschermen. Wie denken ze wel niet dat ze zijn om aan de andere kant van de wereld dit land als hun bezit te zien?’ Zo reageerde Jeffrey Pondaag, voorzitter van het Comité Nederlandse Ereschulden, vanuit het publiek na de vertoning van de film Hati Merdeka. De film werd op vrijdagavond 23 augustus vertoond in een uitverkochte Grote Zaal van de Balie in Amsterdam.

De antikoloniale opmerking van Pondaag werd niet gewaardeerd door de koloniaal gezinde Indo’s in de zaal, zij begonnen hem te onderbreken met: ‘Kan die man worden verwijderd?’, ‘Kunnen we het even over die film hebben?’ en ‘Security?!’ Dat de opmerking van Pondaag er niet mocht zijn zegt genoeg over hoe er binnen de Indische gemeenschap over de koloniale geschiedenis hoort te worden gedacht. Als mensen er van afwijken worden ze belachelijk gemaakt, onderbroken en ‘ge-silenced’. Uit de reacties van het publiek leek alsof er onder de meerderheid in zaal een weerstand heerste om het Indonesische perspectief van de filmmakers van Hati Merdeka te accepteren.

Scene uit Hati Merdeka: confrontatie KNIL soldaten met Indonesische vrijheidsstrijders in een lokale bar.
Scene uit Hati Merdeka: confrontatie KNIL soldaten met Indonesische vrijheidsstrijders in een lokale bar.

Hati Merdeka is spannende actiefilm en geeft een totaal ander perspectief op de ‘politionele acties’ dan die wij in Nederland gewend zijn. De wreedheid van het KNIL ten opzichte van onschuldige burgers komt hard je netvlies binnen. In de film wordt een groep vrijheidsstrijders gevolgd die als doel hebben de commandant van ‘Depot Special Troepen’ Raymer, losjes gebaseerd op Raymond Westerling, uit te schakelen. Onder de leden van de Indonesische guerrillastrijders zit ook Marius, een Indo. In de film komt naar voren dat Indo’s zowel aan de Nederlands kant (in het KNIL), als aan de Indonesische kant vochten. Marius kiest, ondanks protesten van zijn Indo vader, voor de Indonesische kant. Het KNIL wordt neergezet als een groepje arrogante soldaten die voor de meerderheid uit Indische en Molukse jongens bestaat.

Bad guy Raymer, zien we als een gruwelijke man, die naast dader ook als slachtoffer wordt gezien. Hij zou namelijk zelf getraumatiseerd zijn, doordat hij in een Japans interneringskamp heeft gezeten. In werkelijkheid heeft Raymond Westerling dat nooit meegemaakt, maar het is wel waar dat veel mensen in het KNIL net uit het kamp of uit dwangarbeid kwamen. Aangezien deze ervaring nog vers in het geheugen van veel KNIL soldaten zat, worden de Indonesische vrijheidsstrijders door hun leiding gewaarschuwd: ‘Sommige zijn Nederlanders en sommige zijn lokale militairen. Veel van hen hebben net als Raymer in de Japanse interneringskampen gezeten. Ze zijn loyaal aan de dood en net zo wreed als Raymer zelf.’

(vlnr) Ad van Liempt, de host van CinemAsia en Maarten Hidskes tijdens de nabespreking van Hati Merdeka.
(vlnr) Ad van Liempt, de host van CinemAsia en Maarten Hidskes tijdens de nabespreking van Hati Merdeka.

De nabespreking van de film vindt plaats met Ad van Liempt, specialist op het gebied van de politionele acties, en Maarten Hidskes, zoon van een soldaat die onder Raymond Westerling diende in de ‘Depot Special Troepen’. De kennis die Van Liempt deelt met het publiek is heel nuttig en goed onderbouwd. Het verhaal van Hidskes was minder interessant. In de film waren net de oorlogsmisdaden getoond van Depot Speciale Troepen, maar de balans werd weer helemaal naar het Nederlandse perspectief toe getrokken door Hidskes. Herhaaldelijk haalde hij aan dat zijn vader ‘met de beste bedoelingen’ meedeed aan de strijd. Het is jammer dat er niemand was die vanuit een Indonesisch, Indisch of Moluks perspectief meedeed aan de bespreking.

Uit de film werd duidelijk dat voor iedere Indo de keuze aan welke kant je stond een persoonlijke keuze was. Wat is er nu veranderd ten opzichte van toen? De verdeeldheid in de zaal en de reacties op Pondaag laten zien dat het eigenlijk nog steeds zo is. De film Hati Merdeka zorgde voor een pedis avondje tempo doeloe in De Balie.

Win filmkaarten voor 'Hati Merdeka'

CinemAsia film en talkshow op 23 augustus a.s. in De Balie, Amsterdam

Afgelopen zaterdag vierde Indonesië haar Onafhankelijkheidsdag, 17 augustus. Veel Indonesiërs zien deze dag als een symbool voor de vrijheid die zij verkregen hebben ten koste van de Nederlandse kolonisten. Hoe leeft de herdenking voort in het collectieve geheugen van de Indonesiërs?

Op 23 augustus vertonen CinemAsia en De Balie de Indonesische box office hit Hati Merdeka (Hearts of Freedom). Deze film volgt een groepje Indonesische verzetsstrijders dat het opneemt tegen de Depot Speciale Troepen (DST) van de beruchte commandant Raymond Westerling. Indisch 3.0 mag twee plekken op de gastenlijst weggeven voor deze film.

Hoe kan je winnen?

Geef antwoord op deze vraag, vul je gegevens in en klik uiterlijk 20 augustus 2013 op ‘Verzend’. Op 21 augustus a.s. maken we de twee winnaars bekend.

De inzendingen zijn binnen, de lootjes getrokken. Het juiste antwoord was (uiteraard) Raymond Westerling. De winnaars van de twee vrijkaarten zijn Lk op de gastenlijst gewonnen. Jullie ontvangen een mail met daarin de details over de gewonnen vrijkaart. Veel plezier!

Meer over de film ‘Hati Merdeka’
De afgelopen jaren is er veel gesproken over de laatste jaren van de kolonisatie van Indonesië, 1947-1949, de eerste en tweede Politionele Acties. Politionele Acties, “Een mooi woord voor oorlog” schreef journalist en historicus Ad van Liempt. Een besef dat pas laat in Nederland ging leven. Met de bewustwording van een echte oorlog kwamen de laatste jaren ook veel geluiden over oorlogsmisdaden naar boven, zoals de kwestie Rawagede vorig jaar en onlangs nog de geheimzinnig opgedoken fotoalbum van een massagraf. Met deze screening wil CinemAsia stilstaan bij de hedendaagse herdenking in Indonesië, door Indonesiërs. De film Merah Putih III: Hati Merdeka heeft internationaal verschillende prijzen in de wacht gesleept en is op een Hollywood-achtige stijl gemaakt met een briljante cast. Alhoewel de namen enigszins gefingeerd zijn, is het duidelijk dat in deze film de Indonesische kijk op de dekolonisatie wordt gegeven.

Talkshow na de film
Na de film zal Maarten Hidskes, kleinzoon van een oud-DST-er, een pre-release presentatie van zijn boek geven waarin hij een deels bestaande briefwisseling onderhoudt met zijn opa die onder Westerling gediend heeft. Het gaat hier om nog nooit eerder gepubliceerde brieven, die een unieke toegang geven tot de beweegredenen van een oud-DST-er. Voorafgaand aan de film zal de journalist Ad van Liempt (tevens geestelijk vader van o.a. NOVA en Andere Tijden en expert op het gebied van de dekolonisatie van Indonesië) een introductie geven over de aanloop naar, uitvoering en nasleep van de Politionele Acties. Na afloop van de film kan het publiek actief deelnemen aan de talkshow met Ad van Liempt en Maarten Hidskes.

Recensie: Terra Incognita

‘Herinneringen om bewaard en gelezen te worden’

.

‘In de tijd vóór de oerknal was alles punt nul. Die tijd grenst aan oneindigheid. In punt nul komt alles samen. Wie zich erin bevindt weet dat niet. Dus ook niet of het een kort middagdutje is, de eeuwige slaap van de dood, of de tijd voorafgaand aan de oerknal. Punt nul is mysterie, van heel kort tot heel lang. Je bent er eigenlijk niet in punt nul, want je weet niet dat je bestaat.’

[Terra Incognita: blz. 8]

Wat doe je als je zoon in coma ligt? Als hij zich bevindt in punt nul? Het punt waarop hoop het enige is om je als wanhopige vader aan vast te klampen? Op dat punt vertelt Ruud Lapré zijn zoon Niels over zijn jeugd in Nederlands-Indië. Een terra incognita (onbekend land) dat vorm krijgt aan de hand van de jeugdherinneringen van Ruud, en de persoonlijke brieven die hij van zijn vader kreeg. Brieven vol ingehouden emoties waarin het landschap van de jeugd van Ruud wordt beschreven kort voor, tijdens en na de oorlog.

Ruud Lapré
Ruud Lapré

Schets van een jeugdlandschap
Ik ben altijd een beetje terughoudend als het aankomt op het lezen van een boek waarin oorlog een prominente plek inneemt. Ik heb oftewel een te levendige fantasie, of een veel te goed ontwikkeld inlevingsvermogen waardoor ik als de dood ben dat wat ik lees (aan nare tot in de details beschreven onderwerpen) mij ’s nachts zal achtervolgen in mijn dromen. Maar bij Terra Incognita hoefde ik mij hier niet druk over te maken, ik heb het boek uiteindelijk zelfs twee keer gelezen. Hoewel de oorlog en de tijd ervoor en erna het landschap van de jeugd van Ruud schetsen, zijn het de herinneringen van een kind en de herinneringen van zijn vader, zorgvuldig opgeschreven in lange brieven, die de boventoon voeren.

As van het kwaad
Ik word meegenomen in het verhaal dat vlak voor het begin van de oorlog begint, toen ‘de wielen aan de internationale as van het kwaad op volle toeren draaiden’ [blz. 12]. De moeder van Ruud is op dat moment zwanger van hem en evacueert van Batavia naar Tjiandjoer met zoon Jerry. Vader weet later ook naar Tjiandjoer te komen, maar wordt opgepakt en belandt tijdens de oorlog in de beruchte Glodok-gevangenis, waar ik even moet slikken bij het volgende brieffragment:

‘De foto en het briefje had je moeder verpakt in zacht vloeipapier. Ze had er ook een heel klein, geborduurd zakdoekje bijgedaan. Met haar parfum erop. Iedereen in de cel rook aan haar zakdoekje. Velen huilden, de geur deed ze aan thuis denken. Eindelijk een andere lucht dan die van dood en verderf.’ [blz. 54-55]

Door kinderogen
Als kind weet Ruud niets van hetgeen zijn vader tijdens de oorlog meemaakt. Hij ziet het leven door kinderogen. Hij speelt met zijn broertje in en rondom het huis van zijn tante in Tjiandjoer, en snapt niet waarom zijn moeder ’s nachts in stilte huilt. Het moment dat de vader van Ruud na de oorlog hulpeloos en verkrampt thuis komt, en uit alle macht niet probeert te huilen als zijn twee kinderen hem niet herkennen, snijdt door mijn ziel. Al snel breekt de Bersiap uit en volg ik het gezin als zij geïnterneerd worden in de kerk van Tjiandjoer, door de Engelsen verplaatst worden naar Sukabumi en Bogor, en de ‘rust’ tijdelijk terugkeert als het gezin in 1946 weer in Batavia belandt.

Plofjes ontsnappend licht
Zoals Ruud terecht opmerkt tegen Niels, is elke geschiedenis een constructie. In dit geval een constructie van ‘herinneringen die oplichten en verdwijnen als vuurvliegen in een tropennacht’ [blz. 76]. Jeugdherinneringen aan Batavia toen de baboe Ruud in een draagdoek op haar heup meedroeg, het vangen van vogels, vliegeren en het spelen met vriendjes. Een schijnbaar zorgeloze tijd voor Ruud, maar een zorgelijke tijd voor zijn vader, en voor alle andere volwassenen gedurende die na-oorlogse periode, die eindigde met de repatriatie van het gezin in 1950. Al zijn persoonlijke herinneringen en die van zijn vader vertelt Ruud aan Niels, alles in de hoop dat hij toch nog wakker wordt.

‘Nu ik jou zo over het land vertel, wellen steeds meer stukjes herinneringen op. Kleine plofjes ontsnappend licht uit een moeras met de ongewisse geuren van het onderbewuste.’ [blz. 41]

Oneindig punt nul
Aan het einde van het boek vraag ik me af: zou Niels alles gehoord hebben wat zijn vader hem vertelde? En zou hij zijn vader beter zijn gaan begrijpen en waarderen, net zoals Ruud zijn vader door diens brieven? Vragen kunnen we het hem niet, op de laatste bladzijde van Terra Incognita is het punt nul van Niels oneindig geworden.

Ter afsluiting, de woorden waarmee Ruud Lapré Terra Incognita begon:

‘Dit boek draag ik op aan de schoonheid van herinneringen, de goede en de slechte. Zij maken het leven waard om geleefd te worden.’

En deze herinneringen zijn het ook zeker waard om bewaard en gelezen te worden.

.

  • Van Ruud Lapré mag Indisch 3.0 twee exemplaren van Terra Incognita weggeven. Wil je kans maken op een exemplaar? Bekijk dan hier de winactie.

.

Terra Incognita. Indische schetsen van vader tot zoon. | Ruud Lapré | Uitgeverij Douane | ISBN 978-90-72247-44-5 |  € 15,00
Terra Incognita. Indische schetsen van vader tot zoon. | Ruud Lapré | Uitgeverij Douane | ISBN 978-90-72247-44-5 | € 15,00

 

Ego's, intriges en dreigementen

Nederland valt aan - Ad van Liempt, 2012.
Nederland valt aan - Ad van Liempt, 2012.
Nederland valt aan – Ad van Liempt, 2012.

Recensie ‘Nederland valt aan’

In mei 2012 kwam het boek Nederland valt aan uit, een bewerking van Ad van Liempt’s eerdere boek Een mooi woord voor oorlog. Deze boekpublicatie kreeg opvolging in de gelijknamige, eenmalige tv-uitzending op 21 juli. De tv-uitzending maakte wat mij betreft de hoge verwachtingen niet waar – journalisten kunnen níet acteren en anachronismen maken een historische vertelling juist onduidelijk. Over het boek van deze voormalige hoofdredacteur van het NOS Journaal trek ik een andere conclusie.

Bijzondere bronnen
Van Liempt schreef in 1994 Een mooi woord voor oorlog. Nederland valt aan is daar een bewerking van. Het is mij niet duidelijk wat de publicatie uit 2012 toevoegt aan het boek uit ’94, de auteur doet daar geen melding van in een voor- of nawoord. Wat mij wel duidelijk is, is de waarde van dit boek. Van Liempt geeft, in prettig leesbare bewoordingen, gedetailleerd inzicht in de besluitvorming over de eerste politionele actie. Hij gebruikt daarvoor memoires, interviews met betrokkenen, persoonlijke dagboeken & archieven, kranten en telegrammen. Dankzij die aanpak legt hij bloot welke intriges, machtsspelletjes, driftkoppen en kortzichtige belangen hebben geleid tot Operatie Product, de eerste politionele actie die op 21 juli 1947 startte en – onder internationale druk – op 5 augustus 1947 eindigde.

Ultimatums
Officiële aanleiding van de eerste politionele actie is de Nederlandse constatering dat Indonesië zich niet houdt aan het – onmogelijke, want dubbele (KV) – akkoord van Linggadjatti. Nederland stelt Indonesië een aantal ultimatums, om duidelijkheid te krijgen in de oorzaken hiervoor en – in later stadium – Indonesie te dwingen bepaalde afspraken te honoreren. Twee heikele punten zijn de aanwezigheid van Nederlandse troepen (de ‘gendarmeriekwestie’) in Indonesië en de mate waarin een Nederlandse functionaris (de hoge commissaris) inspraak heeft in het interimbestuur van Indonesië.

Gedetailleerd inzicht in besluitvorming over eerste politionele actie.

Genoeg gepraat
De antwoorden die Nederland krijgt zijn keer op keer niet de antwoorden die Nederland wil horen: de verschillende politieke leiders van Indonesië krijgen hun achterban niet zo gek, dat ze met de Nederlandse eisen instemmen. Aanwezigheid van Nederlandse troepen, een eenzijdig staakt-het-vuren en een Nederlandse functionaris die een vetorecht krijgt over beslissingen in het interimbestuur van Indonesië, roepen vooral wantrouwen op bij de jonge republiek, die toch al twijfelde over de intenties van hun voormalige kolonisator. Generaal Spoor en zijn rechterhand Pinke zijn het praten na een paar onderhandelingsrondes zat en dreigen met ontslag, waardoor uiteindelijk landvoogd Van Mook vanuit Indonesië en oud-premier Schermerhorn (PvdA) de Nederlandse regering (PvdA en KVP) adviseren militair in te grijpen.

TV-uitzending Nederland valt aan met o.a. Maartje van Wegen (Ned. 2, 21 juli 2012)
TV-uitzending Nederland valt aan met o.a. Maartje van Wegen (Ned. 2, 21 juli 2012)

Wegtrekken leidt tot chaos
Wat ik me bij het lezen afvroeg over deze koloniale oorlog, was hoe het mogelijk was dat Nederland, net bevrijd, toch overging tot deze oorlogsverklaring. Bijzonder inzichtelijk daarvoor was onder meer een brief van ambtenaar Peter Koets, secretaris van KVP-premier Beel. Het zou de Indonesische leiders ontbreken aan lef om de achterban te overtuigen in te stemmen met de Nederlandse eisen. En ‘Wegtrekken leidt tot chaos’, dus militaire actie was de enige mogelijke vervolgstap. Verbazingwekkend vind ik dat uit de krantenreacties op de oorlogsverklaring van de Nederlandse regering, op te maken valt dat alleen Het Parool en koningin Wilhelmina de Nederlandse keuze in de context van de recente Duitse bezetting plaatsen (beide op een andere manier).

Het boek is niet geschikt voor mensen die nog weinig tot niets weten over het onderwerp.

Wie is wie?
Nederland valt aan
van Ad van Liempt geeft inzicht in de verbijsterende besluitvorming die heeft geleid tot de eerste politionele actie. Bij het lezen had ik wel sterk de behoefte aan een overzicht; vanaf de eerste pagina duizelde het van de namen van ministers, landvoogden, militaire bonzen en ambtelijke zwaargewichten. Een schematisch overzicht van alle betrokken spelers aan beide zijden had niet misstaan. Hierdoor is het boek niet geschikt voor mensen die nog weinig tot niets weten over de politieke verwikkelingen in naoorlogs Nederland en het net onafhankelijk geworden Indonesië.

Indonesische perspectief
En, over beide zijden gesproken: ik miste inzicht in het Indonesische perspectief op dit proces. Waardevol was bijvoorbeeld vermelding van de val van Sjahrir, nadat die had ingestemd met een Nederlands ultimatum. Maar naar de motivatie van  Soekarno en Sjarifoeddin om een later stadium niet in te gaan op de heikele punten, kon ik alleen maar raden. Van Liempt had de ‘remake’ van Een mooi woord voor oorlog daar vast voor kunnen gebruiken.

Het Indië-onderzoek
KITLV-directeur Gert van Oostindie kondigde vorige week donderdag in Trouw (6/9/2012) dat het ‘Indië-onderzoek er zeker gaat komen’. Hopelijk komt daar een overkoepelend, gezagdragend verhaal uit dat helderheid geeft over deze zwarte bladzijden uit de Nederlandse geschiedenis. Van Liempt heeft met Nederland valt aan daar  alvast nuttig voorwerk voor gedaan.

Merdeka: Jepang, Bersiap, politionele acties.

Indonesische vrijheidsvechters. Foto: http://hapsarie.files.wordpress.com

Of de onheilspellende december-maand.

Het rommelde al in Nederlands-Indië, toen de Tweede Wereldoorlog in Nederland losbrak. Het bezette Nederland kon Nederlands-Indië niet beschermen tegen de Japanse invasie, net zo min als het KNIL dat kon. December, de maand waarin Japan in 1941 Pearl Harbour aanviel en de Tweede Wereldoorlog naar Azië bracht, zou een onheilspellende rol in de dekolonisatie van Nederlands-Indië blijven spelen. Deel 2 van de bloemlezing over de koloniale geschiedenis van Nederland in Indonesië.

Keuzes maken in een bloemlezing blijft lastig. Je wil het niet te lang maken, maar informatief genoeg om toegevoegde waarde te bieden. Daarom hebben we ook jouw hulp nodig – wat ontbreekt in dit overzicht?

Achter het kawat. Tekeningen van Charles Burki. Foto: www.museon.nl
Achter het kawat. Tekeningen van Charles Burki. Foto: www.museon.nl

Invasie Japan
Tot aan de invasie van de Japanners in 1942, dacht het Nederlandse gouvernement dat Nederlands-Indië buiten de oorlog kon blijven. Onterecht, zoals we weten, want na de Slag in de Javazee op 27 februari 1942, viel Japan Nederlands-Indië binnen en op 8 maart 1942 capituleerde het Nederlandse gouvernement onder leiding van lt. gouverneur-generaal Van Mook. In Nederland zou de Nederlandse koningin Wilhelmina de inwoners van de Nederlandse koloniën nog wel een opvallende belofte doen, een jaar na de aanval op Pearl Harbour. In haar toespraak op 7 december 1942 kondigde zij, onder druk van Amerika, hervormingen aan in de door Nederland gekoloniseerde landen. In 1946 zou deze speech de basis vormen voor het opzenden van de eerste Nederlandse troepen naar Indonesië: de 7 december divisie.

Nederlands-Indie zou buiten de oorlog blijven.

Bestuursovername
In Indonesië wilde de Japanse bezetter alles dat Westers was uitschakelen. De Japanners zagen het Indonesische volk als een broedervolk, net als de gemengde Indo-Europeanen. In eerste instantie verboden de Japanners het nationalisme, totdat zij merkten dat ze het Indonesische volk alleen meekregen als zij aansluiting zochten bij de nationalisten. Verder ontdekten de Japanners dat de Indonesische jongeren (pemoeda) radicaler waren dan de nationalistische leiders en vatbaar voor de Japanse propaganda over de superioriteit van het Aziatische ras: Azië is voor de Aziaten. De Japanners boden de Indonesische KNIL-soldaten vrijheid, als zij zich loyaal aan de bezetter zouden tonen. Vooral de Ambonezen, Timorezen en Menadonezen weigerden dit, net als de meerderheid van de Indo-Europeanen.

De Japanners zagen het Indonesische volk als een broedervolk.

De internering
Tijdens de Japanse bezetting werden in Nederlands-Indië tot vier keer toe – en steeds strenger – Europeanen en Indo-Europeanen geïnterneerd. Het begon in 1942. De Japanse bezetter wilde de Indo-Europeanen en de totoks tegen elkaar opzetten, in de hoop steun te krijgen van deze eerste groep. De Japanners registreerden de bevolking en interneerden alle volbloed Europeanen. Het gevolg hiervan was dat de Japanners van de Indo-Europeanen een aparte juridische klasse maakte. Veel Indo-Europeanen kregen gewetensbezwaren, ‘de politieke identiteit werd een kwestie van leven en dood’.

Een identiteit van leven en dood

Derde generatie
Naar de zin van de Japanner toonden de Indo-Europeanen te weinig samenwerking en in oktober 1943 werd een derde interneringsronde gehouden. Bij deze ronde moest nu Indonesisch bloed tot in de derde generatie aangetoond worden. Aan de ene kant verdwenen nog meer Indo-Europeanen achter het kawat, aan de andere kreeg een aantal van hen hun vrijheid terug, indien zij loyaliteit met de bezetter beloofden. Het aantal burgergeïnterneerden is niet definitief vastgesteld: er zouden tussen de 120.000 tot 200.000 geïnterneerde burgers zijn geweest (Meijer 2004: 226).

Capitulatie Japan
Na de atoombommen op Nagasaki en Hiroshima, gaf de Japanse bezetter zich op 9 augustus 1945 over, op 15 augustus gevolgd door de algehele Japanse capitulatie. Nederland was zelf nog maar net bevrijd, had geen enkel idee wat er zich in de Pacific afgespeeld had en kon geen troepen naar Indonesië sturen. Indonesië viel daarom tijdelijk onder het bestuur van de Britten, onder leiding van lord Mountbatten. De Britten gaven echter voorrang aan de eigen gebieden in Azië, en gaven de Japanners de opdracht de status quo te hanteren tot de komst van de Britten, eind september. Dit betekende in de praktijk dat veel geïnterneerden pas twee maanden na de capitulatie hun kampen konden verlaten. Voor veel Indische Nederlanders is 15 augustus daarom geen Bevrijdingsdag.

Indonesië viel tijdelijk onder het bestuur van de Britten

Merdeka!
De gevolgen van de Tweede Wereldoorlog voor de onafhankelijkheid van Indonesië waren immens. Niet alleen keurde nieuwe wereldmacht Amerika elke vorm van imperialisme af, ook was het prestige van de Europeanen in Indonesië gedaald door de snelle overgave in 1942. Onder druk van de radicale pemoeda’s, riep Soekarno op 17 augustus 1945 Soekarno de Republik Indonesia uit. Van terugkeer naar het koloniale bestuur wilde hij niets meer horen.

Indonesische vrijheidsvechters. Foto: http://hapsarie.files.wordpress.com
Indonesische vrijheidsvechters. Foto: http://hapsarie.files.wordpress.com

Bliksemrevolutie
Door Japan opgeleide Indonesische paramilitairen en enkele Indonesische KNIL-militairen sloten zich al snel bij Soekarno en Hatta aan. Zij vormden de BKR, de Volksveiligheidsorganisatie, en riepen met succes de traditionele inheemse hoofden op hen te steunen, om zo het gezag van de revolutie in de samenleving te vergroten. De economische malaise, de steun van de inheemse aristocratie, de pemoeda’s én het charisma van Soekarno leidden tot de succesvolle bliksemrevolutie.

Weest paraat, riepen de pemoeda’s als ze aanvielen

Bersiap!
De terugkeer van de Europeanen in de samenleving deed de gemoederen van de al sterk geradicaliseerde en paramilitair getrainde pemoeda’s opvlammen tot openlijke agressie: de bersiap – weest paraat, riepen de pemoeda’s als ze aanvielen – brak in september 1945 uit. De pemoeda’s beschuldigden Europeanen van samenzwering tegen de republiek en herstel van het koloniale bestuur en keerden zich – alsnog – tegen de inheemse bestuurlijke aristocratie, die hiervoor vaak uit eigen belang hadden samengewerkt met de Europeanen.

Rood-wit speldje
Europeanen en Indo-Europeanen moesten hun steun betuigen aan de Indonesische revolutie, wilden zij niet ontvoerd, mishandeld of vermoord worden. Velen van hen droegen een rood-wit speldje ter bescherming, vaak zonder het gewenste effect en keerden snel terug naar de interneringskampen voor bescherming van de Japanners tegen de woeste pemoeda’s. De Indonesische president Sjahrir kon uiteindelijk oproepen tot kalmte, maar dat zou pas gebeuren in het voorjaar van 1946.

Linggadjatti
In de onrustige republiek voerde Nederland – onder dwang van de Britten en de Amerikanen – onderhandelingen met Soekarno en Hatta. In november 1946 kwam het tot een voorlopig akkoord met de Republik, het akkoord van Linggadjatti. Daarin zou de Republik een zelfstandige, aan Nederland gelijkwaardige positie krijgen in een Nederlands-Indonesische Unie. In Nederland ontstond hiertegen groot verzet, niet alleen bij de regering, maar ook bij de bevolking.

een gelijkwaardige positie in een Nederlands-Indonesische Unie

Dubbel akkoord
Terwijl in Nederland het verzet tegen Linggadjatti groeide, kreeg het akkoord grote steun van de internationale gemeenschap. In december van dat jaar besloot het Nederlandse kabinet het akkoord ‘aan te kleden’ en voegde een aanvullende regeringsverklaring toe, waardoor Nederland het akkoord veranderde in eigen voordeel. In Indonesië nam het wantrouwen tussen Nederlands en Republikeins-gezinden ondertussen toe. De Republik gaf nog wel aan Linggadjatti te zullen ondertekenen, als de aanvullende regeringsverklaring niet zou gelden. Uiteindelijk wist Van Mook Nederland en de Republik op 25 maart 1947 te bewegen tot het ondertekenen van feitelijk twee akkoorden – de Nederlanders ondertekenden de Nederlandse versie, de Republik ondertekende de Indonesische versie.

Droomwereld
Terwijl de inkt van Linggadjatti nog niet eens opgedroogd was, ging de Nederlandse regering onderzoeken in hoeverre zij de Republikeinse regering kon dwingen alsnog de Nederlandse versie van het akkoord te accepteren. De Nederlandse regering vond in april 1947 nog steeds dat de Republik in een droomwereld leefde en stelde de Republikeinen onder dreiging van militair ingrijpen meerdere ultimatums. De Republikeinen weigerden.

Operatie Product
De 7 December Divisie, onder leiding van commandant Spoor, voerde op 21 juli 1947 operatie Product uit, een aanval op de Republiek. Het was de eerste politionele actie. Onder druk van onder meer de Amerikanen en de Veiligheidsraad, beëindigde Nederland op 5 augustus het geweld. Toch was de eerste politionele actie succesvol: Nederlandse ondernemingen waren weer in Nederlandse handen gekomen, Indonesië kon geen handel meer drijven.

Nederland bleef vasthouden aan opheffing van de Republik

Tweede politionele actie (19 – 31 december 1948)
Nederland bleef vasthouden aan opheffing van de Republik. Door deze houding isoleerde Nederland zich steeds meer van de internationale gemeenschap en alle steun in Indonesië die er nog voor Nederland was, verdween. Nederland wilde nog een poging doen om de Republiek te dwingen zichzelf op te heffen en voerde tijdens het kerstreces van de Veiligheidsraad een tweede politionele actie uit. De internationale gemeenschap zou niet snel reageren en tegen de tijd dat ze zouden reageren, zou Nederland allang de strijd gewonnen hebben.

Financieel-economische belangen
Niets bleek minder waar te zijn en onder internationale druk trok Nederland zich op 31 december weer terug. Resultaat van deze tweede politionele actie was dat Nederland op internationaal niveau ongeloofwaardig geworden was en alle internationale steun uitging naar de Republik Indonesia. Na deze nederlaag besloot de Nederlandse regering om in het vervolg financieel-economische aspecten te laten prevaleren boven militair-politieke.

De Ronde Tafel Conferentie
In augustus 1949 werd tijdens de Ronde Tafel Conferentie (RTC) het definitieve einde van de Nederlandse aanwezigheid in Indonesië beklonken. Met de ondertekening van de soevereiniteitsoverdracht in december 1949 bekrachtigde Koningin Juliana – dit keer definitief – de zelfstandigheid van Indonesië.

Bronmateriaal

  • Van den Doel Afscheid van Indie
  • U. Bosma e.a. De geschiedenis van Indische Nederlanders
  • Meijer In Indie geworteld

Start themaweek koloniale geschiedenis

Themaweek Kolonialisme 2012 . 13-17 aug op www.indisch3.nl

Het Nederlandse koloniale verleden in Indonesië

Themaweek Kolonialisme 2012 . 13-17 aug op www.indisch3.nl
Themaweek Kolonialisme 2012 . 13-17 aug op www.indisch3.nl

Vanaf vandaag staat Indisch 3.0 een (werk-) week lang in het teken van Nederlands koloniale verleden in Indonesië. We duiken er eens goed in tussen 13 en 17 augustus a.s., duik je mee?

Op 15 augustus herdenkt Nederland het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië, op 17 augustus viert Indonesië haar zelfstandigheid die zij in 1945 uitriep, twee dagen na de Japanse capitulatie. Hoe leidde de Japanse bezetting tot de zelfstandigheid van Indonesië? Begon die wens toen pas of was die al eerder aanwezig?

We starten vanmiddag met een bloemlezing over de Nederlandse overheersing van voormalig Nederlands-Indië (door Kirsten Vos), waarbij we jullie om aanvullingen vragen. Wat zijn de “hoogtepunten” van het Nederlandse koloniale tijdperk in Indonesië? Hoe leidde deze aanwezigheid tot de onafhankelijkheid van Indonesië? En hoe ontwikkelde de Indo-Europese groep zich in die samenleving?

Een dag later lees je twee artikelen over andere Nederlandse koloniale sporen: in India (een post door Ed Caffin) en over de hele wereld (interview in English, introducing Eline Jongsma & Kel O’Neil’s Empire project).

Op de dag van de Indië-herdenking 1942 – 1945, woensdag 15 augustus 2012,  plaatsen we een reportage over de nieuwe expo ‘Oostwaarts’ in het Tr0penmuseum (door Christie Haalboom) en een recensie van de hoorcollegereeks van NRC Opleidingen, over de koloniale geschiedenis (door Sarah Klerks). De dag daarna besteden we aan de Indië-herdenking, in de vorm van een reportage door Tabitha Lemon en Kirsten Vos.

We sluiten de themaweek op vrijdag 17 augustus af met twee essays, over de bersiap en politionele acties (Kirsten Vos) en een essay in het Engels door Kel O’Neil en Eline Jongsma over een bizar en onverwacht spoor van het koloniale verleden in Indonesië. Hierbij alvast een voorproefje daarvan. Als deze week een succes is, zullen we een vervolg inplannen waarbij we dieper ingaan op het dekolonisatieproces, inclusief de Molukse kwestie en de repatriëring, en de postkoloniale geschiedenis van Nederland en Indonesië.

Het Nederlandse verleden in Indonesië doet elk jaar stof opwaaien in eigen land. Oorlogsmisdaden en andere misdaden tegen de menselijkheid van Nederlandse militairen leiden tot grote verontwaardiging. Terecht. Tegelijkertijd voeren Nederlandse politici het hoogste woord over de mensenrechtensituatie in het huidige Indonesië. Terecht. Toch zou een andere toon van Nederland een gesprek met Indonesië over dit onderwerp ten goede komen. Gezien de geschiedenis zou zo’n gematigde toon best op zijn plek zijn.

Empire: 5°00′ N 120°00′ E excerpt from EMPIRE PROJECT on Vimeo.

Aankondiging: Indisch 3.0-themaweek over het Nederlandse koloniale verleden

Themaweek Kolonialisme 2012 . 13-17 aug op www.indisch3.nl
Themaweek Kolonialisme 2012. Image credit: <a href='http://nl.123rf.com/photo_7122274_old-map-compass-and-navigation-equipment.html'>fikmik / 123RF Stockfoto</a>
Themaweek Kolonialisme 2012. Image credit: fikmik / 123RF Stockfoto

Van 13 tot 17 augustus 2012 organiseert jongerenmagazine Indisch 3.0 een themaweek over het Nederlandse kolonialisme in Indonesië op www.indisch3.nl & www.facebook.com/indisch3. 

In de week van 13 augustus 2012 herdenkt Nederland het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië (15 augustus) en viert Indonesië haar onafhankelijkheid (17 augustus). Beide gebeurtenissen vonden plaats in 1945 en vormden de opmaat voor twee politionele acties  – een koloniale oorlog – in 1947 en 1948, waar momenteel weer veel om te doen is.

Om op een rijtje te zetten wat Nederland voor de komst van de Japanners in Indië deed, organiseert Indisch 3.0 voor het eerst een eigentijdse themaweek over het Nederlandse koloniale verleden Indonesië. De afleveringen van deze themaweek zijn te vinden op www.indisch3.nl. Speciaal voor haar Facebook-fans zal  Indisch 3.0 dagelijks een tv-of film-tip publiceren. Nog geen fan van Indisch 3.0? Zoek ons eens op op Facebook.

Programma

13 augustus 2012

  • Essay: 300 jaar Nederlandse aanwezigheid in Indonesië

14 augustus 2012

  • Interview in English with Eline Jongsma & Kel O’Neill about their Empire Project
  • Blog: Koloniale sporen in India

15 augustus 2012

16 augustus 2012

17 augustus 2012

  • Essay: Merdeka – bersiap! en politionele acties
  • Empire Project Indonesia: the unintended consequences of Dutch colonialism in Indonesia (essay)

De themaweek is geheel onafhankelijk tot stand gekomen. De redactie bedankt haar freelancers voor hun belangeloze medewerking hieraan.