Een Indo en taekwondo

Richard Lans is geboren in Hoogeveen op 21 april 1971. Hij woont samen met Eveline van de Bunt, moeder van zijn dochtertjes Jade (5) en Liv (2). Richard is woonachtig in Nijkerk en werkzaam als Logistiek manager bij het sport lifestyle merk Brunotti.

Richard heeft tot zijn 19e in Hoogeveen gewoond en is daar in aanraking gekomen met taekwondo (Si Do Kwan). Na zijn dienstperiode bij de Marine, is hij naar Amersfoort verhuisd en aangesloten bij Boersma Sport (nu Achmea Health Center).

Timpeh vraagt aan….. Richard Lans

Timpeh: Welke martial art doe je?

Richard: Ik beoefen taekwondo (tkd) sinds 1984, mijn vader vond dat, gezien mijn toen geringe lichaamsbouw en lengte, een goede sport voor mij. Ik moest me immers indien nodig kunnen verdedigen, die Hollandse jongens (belanda’s) waren veel groter en dan is het handig als je jezelf kunt verdedigen, vond hij. Eerst als recreant maar al snel als fanatiek wedstrijdsporter. Na mijn wedstrijdperiode ben ik doorgegaan als tkd leraar. Inmiddels ben ik alweer bijna 20 jaar actief als tkd leraar.

Richard: Naast het sportieve aspect vind ik het sociale aspect en daarbij behorende normen en waarden zeer belangrijk. De tkd training moet mensen naast sportieve vorming ook maatschappelijk vormen. M.a.w pak de positieve aspecten uit de training en gebruik dit om je te vormen als mens. Mijn focus ligt nu voornamelijk op het wedstrijdtaekwondo onderdeel sparring. Ik geef nu extra wedstrijdtraining aan enkele talenten,  zij zijn tevens nationale selectieleden van Nederland en Aruba. Om zelf in vorm en bezig te blijven beoefen ik kickboksen. Het fysieke aspect van deze sport ervaar ik als een goede uitdaging voor mij om als 42 jarige sportief bezig te blijven. Ik merk dat mijn tkd ervaring goed van pas komt op het gebied van voetenwerk en traptechnieken. Echter het puur boksen en combineren is een nieuwe ervaring op zich en dus een mooie uitdaging: bij tkd wordt voor het grootste gedeelte been technieken gebruikt, het bokselement ontbreek in de tkd.

Pak de positieve aspecten uit de training en gebruik ze om je te vormen als mens

Timpeh: Waarom heb je besloten om deze martial arts te doen?

Foto: Richard Lans
Foto: Richard Lans

Richard: Zoals eerder aangegeven is het van huis uit gestimuleerd, echter mijn interesse in vechtsport is er altijd al geweest. Tijdens mijn eerste (proef-) les werd ik enthousiast gemaakt door de mooie traptechnieken die ik zag. Mijn leraar Larry Meyer was en is naast fanatiek ook een zeer sociaal persoon, die mij een goed gevoel gaf.

Timpeh: Wat is tot dusver je grootste succes?

Richard: Mijn grootste succes is niet het behalen van dangraden of  nationale titels en ook niet de prijzen op internationale tournooien. Ik heb op een gegeven moment de mogelijkheid gekregen om hoofdtrainer te worden bij Boersma Sport. Eigenlijk was dit noodgedwongen, omdat ik bij Boersma Sport niemand had die mij kon trainen als wedstrijdsporter. Ik heb toen besloten om de nodige lerarenopleidingen te volgen waardoor ik officieel bevoegd werd. Eerst als clubtrainer en later als hoofdtrainer. Tijdens deze periode heb ik de tkd afdeling kunnen opzetten en de lijnen kunnen uitzetten. Na een opstartperiode van bijna een jaar, kwam tkd goed van de grond. Veel leerlingen, volle lessen, leerlingen die vanuit Den Haag of Almere de weg vonden naar Amersfoort.

Richard: Ik was trots dat het zo goed liep, zowel recreatief als op wedstrijdniveau. Dit was mede succesvol door de training die ik zelf heb mogen ervaren in Hoogeveen. Ik heb gedurende die periode ook geregeld contact gehad met mijn oude trainer en dikwijls zijn mening of advies gevraagd. Op sportief gebied heb ik diverse mensen kunnen opleiden voor hun danexamen en het behalen van nationale titels. Op maatschappelijk gebied vind ik het mooi dat zoveel oud-leerlingen goed terecht zijn gekomen en de taekwondo lessen als zeer leuk en leerzaam hebben ervaren. Ook het mogen lesgeven aan kinderen van oud-leerlingen ervaar ik als een privilege.  Het vertrouwen en daarbij behorende respect dat ik van de mensen heb gekregen is eigenlijk het grootste succes.

Het vertrouwen en daarbij behorende respect is eigenlijk mijn grootste succes.

 Timpeh: Welke prijzen heb je gewonnen?

Richard: 2 x Nederlands kampioen teams met Si Do Kwan, 2 x nationaal kampioen. 1 x Open Nederlands kampioen semi contact individueel. Zilver en brons op respectievelijk Open Duitse Kampioenschappen en Open Deens Kampioenschappen. Diverse prijzen gehaald op regio-toernooien.

Timpeh: Wat zijn je ambities?

Richard: Mijn ambitie is om in 2016 een leerling te kunnen afvaardigen cq laten kwalificeren voor het Olympisch taekwondo toernooi in Rio. Als de tijd het toelaat ook de lerarenopleiding Kickboksleraar te volgen en voltooien. Weet niet of ik dan hierin wil les geven maar zou voor mijn eigen vaardigheden een goede aanvulling zijn.

Timpeh: Wat is je mooiste ervaring in het leven?

Richard: Het vaderschap, dat is iets wat ik al heel lang wilde en nu ook heb mogen ervaren.

Timpeh: Wat is voor jou Indisch zijn?

Richard: Indisch zijn is voor mij trots zijn op mijn ouders en afkomst en tradities. Hoe zij zichzelf hebben weggecijferd voor mij en mijn broertje vind ik heel speciaal. Ook de ouderwetse normen en waarden, en strenge opvoeding, die enkelen ook wel als KNIL-opvoeding hebben bestempeld, hebben mij gevormd tot de persoon die ik ben. Opgegroeid en geïntegreerd in Nederland, maar altijd trots en respectvol naar mijn Indische roots.

Timpeh: Welke Indo tik heb jij? (B.v. lekker kunnen pitjitten of overal sambal erbij)

Richard: Grappig deze vraag, pitjit gaat goed en pittig eten is ook echt iets voor mij.

Timpeh: En als laatste vraag, deze moet gewoon gesteld worden…..
Wat is je favoriete eten? ( Mag één, maar kèn meer)

Richard: Ouderwetse nasi goreng, voorkeur de Indische maar Hollandse is ook prima….als maar rijst is hahaha!

Terima kasih Richard voor het interview.

Een Indo en kendo

In mijn vorige blog ging ik op uitnodiging van Maurice Verschuere mee naar een Kendo-toernooi. Deze 27-jarige Indo is geboren en getogen in Amsterdam en heeft mijn interesse voor kendo groter gemaakt. Hij is naast het kendo fulltime werkzaam bij een telecombedrijf. Maurice houdt van muziek en speelt graag games. 

Timpeh vraagt aan….. Maurice Verschuere

Timpeh: Welke martial art doe je?

Maurice: Ik doe aan kendo. Kendo is de moderne Japanse zwaardvechtkunst waarbij gebruik wordt gemaakt van bamboe zwaarden, shinai. Letterlijk vertaald betekent het Japanse karakter ”Ken” zwaard en “Do” weg of pad. Samen betekenen deze karakters “De weg van het zwaard” wat wil zeggen dat kendo is gericht op het versterken van de persoonlijkheid, zelfdiscipline, zelfrespect en respect voor anderen door middel van training met het zwaard.

Kendo letterlijk vertaald is de weg van het zwaard.

Foto: Maurice Verschuere
Foto: Kris Lazarevic

Geworteld in de tradities van de Japanse Samurai zwaardvechtkunst is kendo tegenwoordig een moderne “Budo” – een martiale methode die ons niet alleen kan leiden tot het bereiken van sportieve prestaties, maar ons ook kan brengen tot een beter inzicht in onszelf. Uiteindelijk is kendo dus zowel een lichamelijke als geestelijke oefening, die sierlijk en mooi is om te zien, en die door mensen van alle leeftijden kan worden beoefend.

Timpeh: Waarom heb je besloten om deze martial arts te doen?

Maurice: Eigenlijk heb ik altijd wel veel aan sport gedaan. Judo, zwemmen en vooral voetbal (10 jaar). Toen ik 15 was had ik ’t wel gezien met voetbal en heb ik ongeveer een jaar niet gesport. Rond m’n 16e kwam ik met Kendo in aanraking. M’n beste vriend David woonde destijds in de buurt van de dojo waar ik nu train (Renshinjuku dojo, Amstelveen). Hij had een proefles gevolgd en zei dat ’t wel wat voor mij zou zijn. Vervolgens heb ik één les meegedaan. Ik was meteen verkocht. Dat is dus inmiddels zo’n 11 jaar geleden alweer.

Timpeh: Wat is tot dusver je grootste succes?

Maurice: M’n grootste kendo-succes is de laatste 16 halen op Europees kampioenschap toen ik 21 of 22 jaar was.

Kendo is lichamelijke én geestelijke oefening

Timpeh: Welke prijzen heb je gewonnen?

Maurice: Verschillende individuele / teamtoernooien in binnen- en buitenland heb ik gewonnen. Daarnaast ook zat tweede en derde plaatsen. Meest recent was een derde plaats op een team toernooi in Duitsland.

Foto: Maurice Verschuere
Foto: Maurice Verschuere

Timpeh: Wat zijn je ambities?

Maurice: Binnen kendo: eerste worden op een individueel toernooi in Nederland.
Buiten kendo: Een gelukkig leven leiden. Goed zijn voor anderen. Goed zijn voor mezelf. Ook wil ik nog veel reizen en vaak terug naar Indonesië.

Timpeh: Wat is je mooiste ervaring in het leven?

Maurice: Die moet nog komen (lacht). Verdere mooie ervaringen uit m’n leven zijn toen m’n (half) broertjes en zusje werden geboren. Ze zijn allemaal minstens 10 jaar jonger dan ik, dus dat was toch een redelijk bewuste ervaring. Daarnaast zijn in een vliegtuig stappen naar verre onbekende landen ook erg mooie ervaringen. Dat heb ik onder andere mogen doen naar Japan, Canada, Taiwan en Indonesië. Dat soort reizen geven toch een beetje een gevoel van avontuur.

Timpeh: Wat is voor jou Indisch zijn?

Maurice: Met familie zijn en lekker eten. Een soort gevoel van thuiskomen hebben wanneer ik naar Indonesië ga. Naar Indische dansavonden gaan die door m’n familie bijna maandelijks worden georganiseerd in Hengelo.

Ik wil veel reizen en vaak terug naar Indonesië.

Timpeh: Welke Indo tik heb jij? (B.v. lekker kunnen pitjitten of overal sambal erbij)

Maurice: Voorkeur hebben voor met m’n handen eten.

Foto: Maurice Verschuere
Foto: Maurice Verschuere

Timpeh: En als laatste vraag, deze moet gewoon gesteld worden, wat is je favoriete eten? (Mag één, kèn meer)

Maurice: Nasi goreng, Ayam goreng, Timpeh goreng… (Loh????), Soto ayam. Maar dingen als andijviestampot met een gehaktbal vind ik ook ontzettend lekker. Dat zal wel de Belanda in me zijn.

Terima kasih Maurice voor het interview.

Martial arts bij 3.0 #2: Kendo

Mijn  eerste afleveringen staan online. Best wel spannend! Hoe vinden de lezers het? Ik heb alleen maar positieve reacties gehad. Kyokushin is mijn eigen wereld, dus is bekend terrein. Nu verlaat ik mijn vertrouwde nest en begin mijn journey in de martial arts. 

Van kleins af aan was ik al geïnteresseerd in de martial arts.  Niet raar, mijn vader was een actief kyokushin karateka. En natuurlijk waren er de films van Bruce Lee en andere kung fu films. Ik heb naast het kyokushin ook andere disciplines gedaan, o.a. judo, kick boksen, jiu jitsu, barukai, kung fu.

Meedoen
Ik vind het erg leuk om mijn horizon te verbreden door mee te doen met andere martial arts. Ik neem deze ervaringen mee, stop ze in mijn rugzak en kijk wat ik kan gebruiken om mijzelf een betere vechter te maken. Wat weer ten goede komt aan mijn studenten.

Ik sla mezelf altijd met mijn eigen wapen.

Foto: John Bruininga
John Bruininga Jodan mawashi geri (hoge ronde trap) 1969 Aruba. Foto: John Bruininga

Wapens
Wapens vind ik zelf niets, als we moeten knokken dan gewoon met de vuisten. Mijn probleem is bovendien dat ik mezelf altijd sla met mijn eigen wapen. Ik vind het wel erg mooi als mensen zoveel beheersing hebben om met een wapen om te gaan. Ik heb het niet over vuurwapens, meer over wapens als de bo (lange stok), sai’s ( soort mes) en nunchaku’s (wurgstokjes). 

Shinai
Het enige wapen dat ik bezit is de shinai. Dit is een bamboo samurai zwaard en deze gebruik ik alleen om mijn studenten te motiveren. Dit zwaard is daarvoor niet gemaakt, wel voor een mooie martial art.  Een martial art met veel discipline en traditie: Kendo. Sierlijk, maar o zo hard… Snelheid, timing…

Kendo is de sportvorm van Kenjutsu

Foto: made by Chimofu.nl
Een kendo gevecht
Foto: made by Chimofu.nl

Kampioenschap
Een aantal jaar geleden ben ik gevraagd door Maurice Verschuere om te komen kijken naar het Nederlands Kampioenschap Kendo waar hij aan meedeed. Op die dag was er ook een Nederlands Kampioenschap Kyokushin.  Het leven bestaat uit keuzes maken en de keuze was snel gemaakt: ik ging naar Maurice kijken. Het was een hele mooie ervaring en ik heb er zelf ook nog hele mooie foto’s van gemaakt.

Sport
Kendo, wat is dat nou eigenlijk? De roots van de Kendo ligt in de tijd van de oude samurais. Kenjutsu is de overkoepelende term voor alle traditionele (koryu) scholen van Japanse zwaardvechtkunst, in het bijzonder degenen die ouder zijn dan de Meiji-restauratie (1867-1912). Kendo is de sportvorm van Kenjutsu.

Verbod op het openlijk dragen van een zwaard

Samurai
De Japanse regering wilde Japan volledig moderniseren ( van 1868 tot in de jaren 1880), ten koste van alle oude tradities, zoals de samurai. Het beoefenen van kenjutsu was moeilijk. Veel scholen gingen dicht en er was een verbod om een zwaard openlijk te dragen. De film “The Last Samurai” met Tom Cruise geeft een beeld over deze periode. Maar in het geheim ging de Kenjutsu nog steeds door.

Universeel
Na verloop van tijd nam de interesse  in Kenjutsu weer toe. Mensen wilden alleen wel een universele stijl die alle bekende Kenjutsustijlen samenbracht. Na veel gepraat door de grootmeesters van de Kenjutsuscholen was Kendo in 1912 geboren: een nieuw systeem met alle bekende stijlen geïntegreerd.  Kendo werd op scholen een basisonderdeel van het lichamelijke opvoedingsprogramma. Door de toernooien die gehouden werden, werd kendo steeds populairder.

Sportkendo versus Kenjutsu
Bij Kenjutsu zijn de trefgebieden, herstel is het trefgebied, het hele lichaam: slagen op het lichaam waar dan ook scoren. Bij de  sportkendo is het beperkt tot 4 locaties  de keel (tsuki), het hoofd (men), de polsen (kote) en de onderbuik (do). Benen zijn geen trefgebied. Deze namen zijn gekoppeld aan de bijbehorende harnasonderdelen ( Tsuki = stoot) ( men = helm) (kote = handschoen) (do = borstplaat). Voor het zwaardvechten gebruikt men een ‘shinai’ (bamboe zwaard) en representeert een katana (samurai zwaard).

Foto: Wikipedia
Foto: Wikipedia
Foto: toronto-kendo-club.ca
Foto: toronto-kendo-club.ca

Kreten en concentratie
Het beoefenen van de kendo is een explosief en uiterst geconcentreerd gebeuren. Even niet opletten kost je een punt. Tijdens het trainen van kendo worden de lichamelijke conditie, lichaamshouding, concentratievermogen, inzet en zelfdiscipline optimaal ontwikkeld. Wat erg opvalt in een kendo wedstrijd of training is het geven van kreten. Deze kreten worden Kiai genoemd. Dit is niet om de tegenstander bang te maken, maar om je ademhaling te regelen. De kiai wordt voor of tijdens een techniek geuit.

Kendo is een traditionele martial art in een modern jasje gestoken. Met de gedachte van de samurai hoog in het vaandel.

Martial arts bij 3.0 #1: kyokushin

Een nieuwe serie door Timothy “Timpeh” Bruininga

Martial arts vind je over de hele wereld. Toch: als we het hebben over martial arts, denken we meestal aan kung fu, karate en judo. Bovendien denken we meestal aan sporten die uit het oosten komen.  Maar wist je dat je Vacón hebt, uit Peru, en Caestus uit Italië? Er is een groot scala aan martial arts, verspreid over de hele wereld. Indisch 3.0 wil meer weten over deze tak van sport. Is het alleen maar dat, een sport, of een hele leefwijze?

bruce-lee
Bruce Lee.
Foto: www.vechtsportschoolbreda.nl

Door de komst van Bruce Lee op het witte doek, en wie heeft die films niet gezien – en wie wilde niet Bruce Lee zijn? – zijn martial arts wereldwijd bekend geworden. Binnen Nederland hebben we ook veel smaken martial arts, waarvan enkele door Indische mensen zijn geïntroduceerd. Pfefferkorn, Meijers, Terlinden, De Thouars, Faulhaber en Kessing (maaf als ik namen vergeet, alle respect voor de grootmeesters) zijn grondleggers van een paar van deze  martial arts.

Journey
Op internet kan je veel informatie vinden over de geschiedenis van de Nederlandse martial arts. In de komende blogs belicht ik een aantal hiervan; ik duik in de vechtsport zelf en interview een beoefenaar. En nee, ik ga niet vragen naar politiek, vetes en andere negatieve zaken. Er is al genoeg zwartmakerij.Voor mij is dit ook een journey, want ik ben niet bekend met alle vormen van vechtsport. Ik ga weer nieuwe dingen ontdekken en leren, en ik heb er zin in.

Karate
Karate is een van de bekendste martial arts. Karate betekent “lege hand”. De vroegste herkomst van karate zoals we die vandaag de dag kennen, is niet geheel duidelijk. Maar men denkt dat het vanuit India via China naar Japan is gekomen. In Japan is aan het begin van de 20ste eeuw de karate vanuit Okinawa naar het vasteland van Japan gebracht. Bij karate zijn er verschillende stijlen, die zich onderscheiden in 1)diverse kata, 2) een eigen filosofie en 3) de wedstrijdreglementen. De traditionele stijlen zijn Wado-ryu, Shotokan, Goju-ryu en Shito-ryu. Een paar voorbeelden van stijlen die uit deze traditionele stijlen voorkomen zijn Kyokushin karate, Uechi-ryu, Ryuei-ryu en Shorinji-ryu.

Karate: kyokushin
In deze eerste aflevering belicht ik het kyokushin karate, ‘de uiterste waarheid.’ Kyokushin is de karatestijl die ik zelf ook beoefen en veel mijn leven positief beïnvloedt. Het verschil tussen kyokushin karate en de andere karate stijlen is dat kyokushin karate een full contact karate is. Dit betekent dat het een knockdown/ knock out systeem kent. Met de jaren zijn vanuit de kyokushin karate ook weer nieuwe full contact stijlen voort gekomen, zoals Ashihara karate, World Oyama Karate en Seido kan. Ik hoop in de toekomst ook  1 van deze andere stijlen te belichten.

Sosai Masutatsu Oyama www.masutatsuoyama.com

Sosai Mas Oyama
De oprichter van het kyokushin karate is Sosai Masutatsu (Mas) Oyama. Hij werd geboren op 27 juli 1923 in een klein dorpje in Zuid-Korea. Op 9-jarige leeftijd kwam hij in aanraking met martial arts: het zuid-Chinese Kempo (“Eighteen Hands”). In 1938 ging hij naar Japan om piloot in het leger te worden (wat niet lukte). Daarna ging hij in Japan verder met judo en boksen en kwam terecht bij de dojo van Gichin Funakoshi, waar hij het Okinawa karate oppakte.

Tokio
In 1946 begon Mas Oyama in de bergen van Kiyosumi met zijn training van lichaam en geest. Onder extreme omstandigheden trainde Mas Oyama samen met een student, Yashiro. Yashiro stopt na 6 maanden trainen. Mas Oyama heeft 14 maanden in de bergen getraind. De planning was 3 jaar, maar vanwege onvoorziene omstandigheden werd er geen voedsel meer gebracht. In 1953 opende Mas Oyama zijn eerste dojo (trainingsruimte) in Tokio. Omdat daar veel studenten van andere stijlen kwamen heeft Oyama van de verschillende stijlen de beste technieken gepakt en zijn eigen stijl gemaakt: het kyokushin karate.

Miljoenen beoefenaars
In 1961 bracht Jon Bluming (uit Nederland) het kyokushin van Japan naar Europa. Na het overlijden van Mas Oyama is de kyokushin-wereld uiteengevallen.  Er kwamen verschillende kyokushinbonden, daarom is het moeilijk te schatten hoeveel kyokushin karateka’s er wereldwijd zijn, maar het gaat wel om miljoenen beoefenaars. Hoeveel scholen in Nederland zijn is ook moeilijk te schatten. Naast de geregistreerde scholen bij de verschillende bonden zijn er namelijk ook scholen die niet aangesloten zijn bij een bond.

Doorzetten
Vastberadenheid, doorzettingsvermogen en discipline zijn het hart van het kyokushin karate. Kyokushin karate wordt  “The strongest Karate in the World” genoemd. Het systeem kent, naast stoten, slagen, trappen en weringen, ook worpen en klemmen. Tijdens de praktijkgerichte trainingen word je al met de neus op de feiten gedrukt. In deze vorm van karate leert een kyokushin karateka wat doorzetten echt betekent. Pijn bijvoorbeeld, betekent niet opgeven, maar is een kans om te kunnen doorgroeien naar wilskracht en volharding.

Delores Bruininga tijdens het NK Kata 2013  Foto: made by Chimofu.nl
Delores Bruininga tijdens het NK Kata 2013
Foto: made by Chimofu.nl

Kihon, kata en kumite
Onderdelen van het kyokushin karate zijn kihon, kata en het kumite. Kihon zijn basistechnieken zoals stoten, weringen en trappen. In de kata, de schijngevechten, worden de kihons in een vorm gelopen. Kumite is het sparren, de kihon wordt vertaald naar een echte vechtsituatie. Dit zijn tevens de exameneisen. Men begint met een witte band en door examens kan je een kyu (graad)  verdienen.

Examens
De kyu’s zijn de gekleurde banden ( rood, blauw, geel, groen, bruin). De volgorde kan per bond verschillen. Na de kyu’s komen de dan graden ( zwarte band met 1 of meerdere goude strepen). Tot de derde of vierde dan ( dit verschilt ook per bond) moet je examen doen.  Bij de vijfde dan en hoger is het meestal op voordracht. Naast Mas Oyama, hebben o.a. Jon Bluming  en Steve Arneil ( Engeland) ook de tiende dan. Hoger dan de oprichter kan je niet worden.

Wesley Jansen, 23 jaar uit Zoetermeer, vertelt volgende week meer over het beoefenen van deze sport.

Een van mijn laatste partijen voor mijn tweede dan examen

Doe jij aan een vechtsport en wil jij daar over vertellen? Stuur dan een mail naar de redactie van Indisch 3.0 en vertel ze over jezelf en jouw sport. Wie weet gaat een van mijn andere blogs dan wel over jou!