Danjil Tuhumena – "Het enige doel was dat ze zouden 'draaien'"

Danjil Tuhumena logo

Enigszins gespannen zit ik met Tabitha Lemon in de donkere lobby van het hotel in Hilversum wanneer Danjil binnenloopt. ‘Sorry dat ik te laat ben!’ is het eerste wat hij zegt. Zijn sympathieke voorkomen zorgt ervoor dat mijn zenuwen binnen twee tellen weg zijn en lachen we met z’n drieën om het chaotisch drukke schema dat The Voice-kandidaat er tegenwoordig op nahoudt.

Foto’s: Tabitha Lemon

Duits-Moluks-Nederlands
Hij werkt als muziekdocent in een jeugdgevangenis, heeft een dochter van 11 en is het kind van een Molukse vader en een Duitse moeder, ‘Daarom ook het lichte kleurtje!’ Met zoveel verschillende culturen opgroeien in Nederland zou elk ander mens een identiteitscrisis bezorgen, maar Danjil niet. Vroeger voelde hij zich vooral Molukker. Danjil groeide op in de Molukse wijk in Alphen aan de Rijn en had vooral zijn Molukse familie om zich heen. ‘Thuis spraken we Nederlands, het Maleis kwam pas toen ik 15 of 16 was en dat met vrienden onderling groeide. Maar ik spreek natuurlijk ook Duits, want ja, ik heb Duitse familie.’

Danjil Tuhumena Music
Danjil van The Voice door Tabitha Lemon (c)
 “Ik wil iets positiefs doen voor de Molukken” 
 
Tegenwoordig ziet Danjil zich vooral als wereldburger en daarna pas als Molukker. ‘Ik voel me nog steeds Molukker hoor! Alleen is het baldadige van vroeger er wel vanaf.’ Danjil draagt uiteraard de Molukse geschiedenis met zich mee maar hij staat er positiever tegenover dan toen. ‘Vroeger was het vooral je overal tegen afzetten en vooral schijt hebben aan dingen. Ik wil graag wat voor de Molukken doen, maar op een positieve manier.’
 
The Voice-kandidaat
‘Mijn enige doel was dat de jury van The Voice tijdens zijn auditie zouden ‘draaien’. Wanneer ze dat doen krijg je bevestiging van mensen die echt al hun sporen hebben verdiend in de muziekbusiness. Het feit dat ze draaien betekent dat ze iets in je horen wat hen aanspreekt.’ Voor de live show vanavond is hij niet zenuwachtig, maar de spanning was er wel even na de Battle. ‘De Battle ging gewoon niet goed. Het niveau ligt enorm hoog en als ik op het podium sta moet het gewoon perfect zijn.’

Zijn The Voice-coaches Nick en Simon ziet hij niet veel maar wanneer ze samen zijn is het koek en ei. ‘Ik zie Gordon, de man achter Nick en Simon, wel heel erg veel en dat is erg leuk.’ Op mijn verbaasde aanname dat het wel over dé Gordon zal gaan, barst Danjil in lachen uit: ‘Nee alsjeblieft niet zeg! Ik heb het over Gordon Groothedde, een hartstikke leuke gast!’

Danjil Tuhumena van The Vocie of Holland
Danjil en zijn gitaar door Tabitha Lemon (c)

Connecten
Bevestiging van Neerlands muzikale grootheden of niet, Danjil is niet helemaal, of eigenlijk helemaal niet, nieuw in het muziekwereldje. Met Djanecy lanceerde hij twee albums. Vooral in de Molukse scène lieten ze hun sporen na, maar ook daar buiten verwierven ze bekendheid. Een liedje blijft hem nog altijd achtervolgen: ‘Oh, mensen beginnen nog altijd ‘Zo  mooi’ te zingen als ik me voorstel.’

“Met de familie gaat het om de gezelligheid”
 
De muziek kreeg Danjil als kind thuis de muziek met de paplepel ingegoten door zijn vader die met de kinderen, drie broers en een zus, een familieband formeerde. Als hij muziek maakt met familie draait het vooral om de gezelligheid, het gevoel dat bij familie hoort. Met andere muzikanten werken is dan ook heel anders, vooral professioneel. ‘Met sommige mensen heb je een klik, met anderen niet.’ Toch is  die klik er sneller met Molukse artiesten. Een tijd terug werd Danjil door Joany Hitiaubessy, de bassiste van Foco, met Maurice Matiruty, in contact werd gebracht. ‘De klik was er en binnen een paar uur stond het muziek. We hadden in korte tijd iets staan waar je normaal een week over doet.’
 
Help Danjil naar de Molukken
Dit jaar stonden Danjil&Friends op het Java Jazz Festival in Jakarta. De band was ontstaan naar aanleiding van Danjils deelname aan het festival. ‘Ik heb gewoon aan vrienden gevraagd of ze zin hadden om mee te gaan en zo ontstond de formatie.’ De band bestaat geheel uit Molukse muziekanten en het was een hele ervaring om in Jakarta op het podium te staan. ‘Alle grote namen uit de jazzwereld waren er en om er tussen te mogen staan was een hele ervaring.’ In deze omgeving performen was geweldig, maar het was backstage dat de mooiste momenten plaatsvonden. ‘Backstage bij Santana, geweldig!  En dan loop je Dennis Chambers even tegen het lijf.’ Er werd wat afgejamd, tot in de vroege uurtjes. ‘Er werd tot 7uur ’s ochtends met mekaar muziek gemaakt en dan ’s middags weer gewoon optreden hè!’
 

The Voice Danjil Tuhumena
Danjil tijdens het interview door Tabitha Lemon (c)

“Ik heb de grootheden tot vroeg in de ochtend zien jammen”

‘Jakarta voelde bijna als thuis, maar het waren natuurlijk nog niet de Molukken.’ Danjil koos er bewust voor tijdens zijn reis naar Indonesië voor het Jazz Festival niet naar de Molukken door te reizen. ‘Ik wilde tijdens het Jazz Festival me ook kunnen focussen op de muziek. Bovendien ben ik nog nooit op de Molukken geweest dus wanneer ik daar heen ga wil ik ook niet nog met andere dingen bezig moeten zijn.’ Op de vraag waarom hij nog nooit naar de Molukken is geweest, antwoordt hij verlegen: ‘Ja, geld hè?’

Wil je nog meer weten over Danjil? Kijk dan op zijn website http://www.danjilmusic.nl/. Vanavond is Danjil te zien en te horen tijdens de Live Show van The Voice of Holland op RTL4.  Vergeet niet op ‘m te stemmen!

Indië thuis – weggemoffeld in de kelder

Als de drie musketiers staan we, Liselore, Tabitha en Charlie, in het koetshuis van Museum Geelvinck te Amsterdam, waar momenteel de expositie ‘Indië thuis – Sporen van een koloniaal verleden’ te bezichtigen is. Gelokt met de beloftes van onder andere een ‘volledig Djokja zilveren theeservies, wajongpoppen van kratonkwaliteit en de 17e eeuwse troon van de Sultan van Djokja’, zijn we razend benieuwd of deze sporen van een koloniaal verleden ons een interessant kijkje kunnen opleveren in de geschiedenis van onze Indische roots.

Foto’s: Tabitha Lemon

© Tabitha Lemon
Koloniaal (waan)beeld

Het begint allemaal veelbelovend na binnenkomst in het koetshuis, het eerste deel van het museum, waar allerlei zaken uit voormalig Nederlands-Indië staan uitgestald. Zo zien we prachtige koloniale meubels, allerhande snuisterijen en wordt onze aandacht getrokken door posters van onder andere Verkade’s Biscuits en weggelopen slaven. Tja, de koloniale tijd was ook een tijd van tegenstellingen. Deze eerste indruk smaakt natuurlijk naar meer en creëert hoge verwachtingen van de eigenlijke expositie in het tweede deel het museum. 

Bij het binnenkomst in het woonhuis van de familie Geelvinck-Hinlopen, gebouwd in 1687, worden we direct gekaapt door een medewerker van het museum. Hij vertelt alles, over alles, over elke vaas en kandelaar in het huis. De naam Geelvinck blijkt niets te maken te hebben met de Geelvinck-baai in Nieuw-Guinea, zoals Charlie dacht. Of misschien toch wel:  meneer mertkt terloops op dat de familie zijn fortuin te danken had aan de handel met de Oost. Misschien is het de baai die vernoemd is.. 

 

© Tabitha Lemon
Charlie leest voor

Pas aan het einde van de rondleiding door alle woon- en werkvertrekken merkt de medewerker, wederom, terloops op: “Dit was het dan en als jullie misschien interesse hebben, er is beneden ook nog een kleine expositie over Indië.” Verbaasd door de desinteresse van de museumman kaatst Charlie dan ook terug: “Daar komen we eigenlijk voor…”

We kunnen er niets aan doen, maar terwijl we de trappen afdalen naar de voormalige vetrekken van de bediendes, besluipt ons het ironische gevoel over hoe de geschiedenis zich hier symbolisch lijkt te herhalen. Weggemoffeld in de kleinste en donkerste vertrekken, zoals Nederlands-Indië haast onzichtbaar in een kanttekening van de geschiedenisboeken staat vermeld, vinden we dan de ‘sporen van het Indische verleden’. Helaas komen we ook meteen tot de conclusie dat die ‘sporen van het verleden’ vergeleken kunnen worden met een paar broodkruimels. Begon het zo veelbelovend in het koetshuis, in de bediendevertrekken vinden we maar weinig spectaculairs. Een paar krissen, wajongpoppen, maskers, beelden, enkele serviesstukken, beeldopnames van een gezin dat de dierentuin bezoekt en een schaaltje kroepoek van Conimex in een vitrinekast. Niets wat wij nog niet wisten en weinig meer dan het stereotypebeeld van een Indo. Het ontbreekt aan een interessant kijkje in het verleden, al zou het maar een vluchtige zijn. Eigenlijk weten we vooral weer hoe de Hollander naar ‘ons’ kijkt. En stiekem moeten we daar best om grinniken.

 Indië thuis – Sporen van een koloniaal verleden: t/m 30 januari 2012

 

© Tabitha Lemon
Max en Multatuli
© Tabitha Lemon
Kruidnagel
© Tabitha Lemon
De Indische keuken in een vitrinekast
© Tabitha Lemon
Portretten, bewijzen
 
© Tabitha Lemon
Wayang
© Tabitha Lemon
Eigendom

Fotoreportage Kumpulan I3@KBRI

Op de kumpulan op de Indonesische ambassade ter ere van het 3 jarig bestaan van Indisch 3.0 en het naderende afscheid van hoofdredacteuren Kirsten Vos en Ed Caffin maakten fotografen Tabitha Lemon en Armando Ello beiden een mooie fotoserie. Hieronder een korte impressie.

Bekijk de hele serie van Tabitha in het album op de Indisch 3.0 Facebook-pagina en klik voor Armando’s serie naar zijn eigen Facebook-album.

(c) Armando Ello
(c) Armando Ello
(c) Tabitha Lemon
(c) Armando Ello
(c) Tabitha Lemon
(c) Armando Ello
(c) Tabitha Lemon

Angela Moyra – “Ik voel mijzelf een wereldburger”

Deze week is het muziekweek op Indisch 3.0. Achtereenvolgens worden er drie interviews gepubliceerd met jonge getalenteerde Indo’s die iets doen in de muziek. Vandaag beginnen we met een interview met Angela Moyra.

Tekst: Willem-Jan Brederode, Fotografie: Tabitha Lemon

Angela Moyra was één van de grote verrassingen van het afgelopen seizoen van “Popstars”. Zichzelf begeleidend op gitaar veroverde ze de harten van de jury met haar eigen geschreven liedje ‘Timid’. Ondanks het contrast tussen het commerciële format van de show en haar singer-songwriter achtergrond veroverde zij een zesde plek. Indisch3.0 sprak met haar, bijna een jaar na dit stormachtige avontuur.

Wie de optredens van Angela bij Popstars heeft gezien, ziet door de visagie en styling heen nog steeds het frêle meisje dat de boude beslissing nam om met gitaar en een eigen liedje auditie te doen. Maar hoe wist zij dit verschil te overbruggen en zover in de show te komen? “Het was niet ongewoon voor me een vreemde eend in de bijt te zijn, zo voel ik mezelf mijn hele leven al. Vroeger was ik daar erg onzeker over, ik voelde mezelf nooit op m’n plek. Nu vind ik het juist cool om niet standaard te zijn’.

 

“Het leek wel een droom soms. Toen de show voorbij was en de aandacht weg, zat ik nog een tijdje in een soort roes”

 

‘En muziek blijft muziek’, zo vervolgt ze, ‘dus het moest wel ergens passen. Uiteindelijk is het toch gelukt mijn eigen muziek te laten horen en daar kreeg ik erg leuke reacties op. Veel meisjes schreven mij om te vertellen dat ik ze inspireerde zelf liedjes te schrijven”. De andere kant van de medaille leerde Angela ook kennen: “Ik kreeg ook kritiek en daar leerde ik gaandeweg mee omgaan. Ongeacht dat erg leuk was om mee te maken was het ook enorm zwaar. Het leek wel een droom soms. Toen de show voorbij was en de aandacht weg, zat ik nog een tijdje in een soort roes”.

De verhalen van oma

Angela’s levensverhaal begon 26 jaar geleden in de Zaanstreek als enige dochter van een Nederlands-Engelse vader een Moluks-Manadonees-Javaanse moeder.  “Ik heb een erg fijne jeugd gehad samen met mijn ouders en mijn drie broers. Mijn moeder was en is nog steeds een voorbeeld voor mij. Ze is een traditionele en zorgzame maar ook een heel sterke vrouw. Na kanker te hebben overwonnen, is zij nu een succesvolle ondernemer met haar eigen Indonesische restaurantje. Ik zou graag zijn zoals zij is en ook zoiets doen. Ik denk ook dat ik haar daar blij mee zou maken, maar helaas heb ik haar kookkunsten niet geërfd”.

(c) Tabitha Leom/ Indisch 3.0 2011

De sterkste jeugdherinnering heeft Angela aan haar oma, die vroeger dichtbij woonde. Als een soort tweede moeder paste zij vaak op haar en haar broers. Naast haar lekkere spekkoek, herinnert ze zich de verhalen van haar Molukse oma het meest. “Voor het slapen gaan vertelde ze honderduit over haar jeugd, de boottocht naar Nederland en de tijd in de barakken. Ze stopte pas als ik zei; “Oma, ik wil slapen…”. Toen ik later de Molukse geschiedenis leerde kennen, kon ik haar verhalen pas plaatsen. Ze overleed een uur voor de eerste liveshow van Popstars. Toen moest ik nog zingen. Mijn moeder en ik keken elkaar aan en wisten dat mijn oma erbij was en naar mij keek”.

Wereldburger

De familie van haar moeders kant zijn echte familiemensen. Angela zelf is op dit moment echter heel erg gefocust op zichzelf. Dat uit zich in een ‘internationale zoektocht naar wie ze is: “Ik zou heel graag voor een langere tijd naar Engeland en Indonesië gaan, om delen van mijn eigen achtergrond en daarmee mijzelf beter te leren kennen.

Amerika is echter mijn tweede thuisland. Tijdens mijn tijd aan de Hogere Hotelschool heb ik daar meerdere malen stage gelopen. Ondanks dat veel Nederlanders Amerika nep en opgeblazen vinden, vind ik het prachtig als mensen in een winkel beginnen met “How are you?” en eindigen met “God bless you”. In het buitenland staat men bovendien veel opener voor muzikale ontwikkeling; men is daar meer van “follow your dreams”. Ik ben meer internationaal georiënteerd en dat gaat verder dan alleen de achtergrond van mijn ouders. Ik voel me een wereldburger”.

“Ik zou dolgraag een keer op een pasar malam willen optreden. Dat past perfect in mijn zoektocht naar mijzelf”


(c) Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2011

 

Pasar Malam

Naast haar reisplannen, is Angela momenteel ook druk met haar muzikale carrière. Ze staat binnenkort in de kwartfinale van de Grote Prijs van Nederland en is ook in gesprek met een publisher om haar nummers te laten gebruiken door andere artiesten. “Ik leer steeds beter hoe ik liedjes kan schrijven. Er is veel interesse naar mijn werk, maar ik weet nog niet hoe alles precies gaat lopen. Ik weet wel dát er iets staat te gebeuren”. Ook heeft ze nog een speciale wens. “Mijn muzikale invloed en kennis komen vanuit beide zijden van mijn familie, maar ik zou dolgraag een keer op een pasar malam optreden. Dat past perfect in de zoektocht naar mezelf”.

Met deze wens besluiten we het interview. Terwijl Angela en Tabitha de drukte van Amsterdam induiken voor een aantal kiekjes, mijmer ik over Angela’s wens. Ik heb er wel een goed gevoel bij. Volgend jaar zal ik haar vast een keer zien optreden op het Malieveld in den Haag…

 

 

Nieuwsgierig geworden naar meer? Kijk op Angela’s Youtube-kanaal en volg haar tweets…