WIN: 2 vrijkaartjes voor de premiere van L'Histoire du Soldat

Aanstaande zaterdag gaat in het Tropentheater te Amsterdam de Javaanse uitvoering van Stravinsky’s L’Histoire du Soldat in premiere. Indisch 3.0 sprak met regisseur en choreograaf Gerard Mosterd over het tot stand komen van deze theaterproductie in samenwerking met podiumkunstenaars en meesters in de Javaanse dans: Miroto, Rury Avianti en Hendro Yulyanto.

Russische legende
Gerard: ‘L’Histoire du Soldat is geschreven door Stravinsky tijdens de naoorlogse crisis in 1918 voor een groep arme, werkeloze kunstenaars en muzikanten. Het libretto is geïnspireerd op een oude Russische legende van een soldaat die zijn ziel (viool) verkoopt aan de duivel; een aanklacht tegen de corrumperende macht van geld. Stravinsky streefde met deze productie naar een compacte, ‘reisbare’ voorstelling die overal ter wereld opgevoerd kon worden door gebruik te maken van de lokale culturele context.’

Andere culturele omgeving
‘Het tijdloze, moralistische concept van de dialoog die de soldaat heeft na zijn ziel (viool) te hebben verkocht aan de duivel, is uitgewerkt tot een meer abstracte voorstelling met visuele, historische en narratieve verwijzingen en metaforen. Deze verbinden het oorspronkelijke verhaal met de hedendaagse situatie in Indonesië, waarmee Stravinsky’s wens gerealiseerd wordt om de muziek en het onderwerp te verplaatsen naar een andere culturele omgeving.’

L’Histoire du Soldat (c) Dadang Pribadi

Meer hedendaagse tekst
‘De Javaanse editie van L’Histoire du Soldat ging in 2011 in Yogyakarta op Java in premiére, gevolgd door een uitverkochte Javaanse tournee. Inmiddels is er een nieuwe sterbezetting en wordt er gebruik gemaakt van een meer hedendaagse tekst van de internationaal gelauwerde Indonesische dichter en journalist Goenawan Mohamad. De tekst wordt in het Indonesisch gesproken door de Indonesische acteur Rudy Wowor terwijl de Nederlandse vertaling wordt geprojecteerd.’

Snelle improvisatie
‘Het maakproces van deze voorstelling in de zomer van 2011 was een grote uitdaging en niet zonder risico. De Indonesische wereld van de podiumkunsten kenmerkt zich door een gebrek aan infrastructuur en chaotische situaties waarbij snelle improvisatie nodig is. Daarbij geven Indonesiers doorgaans een andere invulling aan de termen hedendaags en modern dan in Europa.’

Groot contrast met unieke uitkomst
‘De keuze om met Javaanse dansers te werken is zeer ongebruikelijk. Hun training in Pre-Islamitische, Hindoe gebaseerde dansvormen garandeert een expertise in verfijnde vinger-, hand- en hoofdbewegingen in een traditiegetrouw traag en regelmatig tempo waarbij veel geïmproviseerd wordt. Dit staat haaks op de wervelende, hoog individualistische en onregelmatige, maar ook buitengewoon exacte muziek van Stravinsky. Een groot contrast met een unieke uitkomst in de uitvoering van de top van de Midden-Javaanse danswereld.’

.

Indisch 3.0 mag 2 vrijkaartjes weggeven voor de premiere aanstaande zaterdag 17 november in het Tropentheater te Amsterdam. Wannahave? Like dit artikel op Facebook voor morgen 12.00 uur ’s middags en stuur een mailtje met je contactgegevens naar redactie@indisch3.nl o.v.v. Vrijkaartjes L’Histoire du Soldat.

Wereldpremiére L’Histoire du Soldat
Zaterdag 17 november Tropentheater Amsterdam | 20.30 korte inleiding & voorstelling
Zondag 18 november Theater de Flint Amersfoort | 19:15 korte inleiding – 20:15 voorstelling

L’Histoire du Soldat (c) Dadang Pribadi

Igor Stravinsky – L’Histoire du Soldat
Insomnio o.l.v. Ulrich Pöhl
Dans: Hendro Yulyanto, Rury Avianti, Martinus Miroto
Verteller: Rudy Wowor
Tekst: Goenawan Mohamad
Regie, choreografie, kostuums, stage set, licht: Gerard Mosterd
Vertaling: Monique Soesman
Teleplay: Azuzan Gontarela

.

3.0 in de keuken: Joe Saleh

‘Voor mij is de heilige drie-eenheid: eten, muziek en schilderen’

Joe Saleh (36), werkzaam als kok in het Filmhuis in Den Haag, heeft een grote passie voor eten, muziek en schilderen. Drie disciplines die volgens Joe heel dicht bij elkaar liggen. Zijn vader vocht tegen de Jappen en zijn moeder behoorde tot de eerste generatie onafhankelijke Indonesiërs. Of Joe een echte 3.0’er is, is dus niet duidelijk. Joe lijkt hier niet veel waarde aan te hechten. Hij wil zichzelf niet profileren als Indisch maar als wereldburger. ‘Koken is een kunstvorm die verschillende landen en culturen met elkaar verbindt. Dat alleen al laat zien hoe klein de wereld eigenlijk is.’

Zowel de grootouders als de ouders van Joe komen uit Java: ‘Het bizarre aan de familiegeschiedenis is dat mijn opa, de vader van mijn moeder, tegen mijn vader gevochten heeft. Mijn opa vocht voor Indonesië. Dus eigenlijk heeft onder andere mijn moeders familie ervoor gezorgd dat mijn vader in 1950 het land uit werd gezet. In 1965 kwam ook mijn moeder in Indonesië in moeilijkheden omdat ze verdacht werd van linkse praktijken. Ze had sympathie voor de andersdenkenden. Ook zij besloot het land te verlaten. In Nederland vonden mijn ouders elkaar pas.’

Joe Saleh. Foto: Rogeiro Monteiro
Joe Saleh. Foto: Rogeiro Monteiro

Ik maak deel uit van deze wereld
In 1995 ging Joe voor het eerst naar Indonesië. Hier ontmoette hij een groot deel van zijn familie: ‘Overeenkomsten heb ik niet echt gevonden. Zij zijn daar opgegroeid, ik in het westen. Destijds liep ik daar op Nikes dus men zag dat ik niet van daar kwam. Dat was voor mij een vreemde gewaarwording. Ik ging juist naar Indonesië om te ontdekken waar mijn roots lagen. Helaas kon ik daar niet goed aarden, maar wat nog erger was, was dat ik bij terugkomst in Nederland ook hier niet meer kon aarden. Ik voelde me ontheemd. Waar hoor ik dan wel? De omzwerving heeft ongeveer tien jaar geduurd tot het besef kwam dat ik zowel daar als hier hoorde. Ik maak deel uit van deze wereld. Dat besef geeft mij rust.’

Mijn gasfornuis is mijn canvas
Joe stond altijd bij zijn moeder in de keuken. Toch is hij, ondanks zijn liefde voor koken, eerst Illustratieve Vormgeving gaan studeren: ‘Ik ben niet afgestudeerd, omdat de passie voor koken toch grotere vormen aannam. Eigenlijk kan koken vergeleken worden met schilderen. Ik zie daar niet zoveel verschil in. Je gebruikt alleen andere zintuigen. Bij schilderen vertaalt het penseel wat in mijn hoofd zit naar het canvas. Als ik kook, is mijn gasfornuis mijn canvas, maar dan met pannen en kleuren. Naast je ogen gebruik je bij het koken nog twee extra zintuigen, je reuk en je smaak.’

Keep up the big smile
Keep up the big  smile is kenmerkend voor Joe: ‘Geen idee of het typisch Indisch is, maar ik probeer het wel aan mijn collega’s mee te geven. Tijdens de laatste avond van de Haarlem culinair dagen was het zo druk dat mijn voormalige chef en ik de bonnen niet meer aankonden. Mijn chef gaf op en zat in een hoekje voor zich uit te kijken. Ik kookte door. Mijn chef zei: wat doe je? Ik antwoordde: Zie je die borden daar? Als we die wegwerken dan hebben we het record verbroken. Mijn chef stond op en kwam naast mij staan. Samen hebben we de borden weggewerkt. Ik was zo blij en zag mijn chef ook helemaal opbloeien. Als het nu druk is, denk ik nog vaak aan dit moment terug. Ooit was het mogelijk dus nu ook.’

Joe Saleh. Foto: Johan Snijders
Joe Saleh. Foto: Johan Snijders

Volks voedsel
Joe houdt vooral van volks voedsel: ‘Het is geen koninklijk voedsel. Het is voedsel dat iedereen eet. Zodra ik een nieuwe cultuur ontdek, wil ik eerst met hulp van de lokale bevolking de traditionele recepten uitproberen om de smaak te achterhalen. Van daaruit ga ik freaken. Wat gebeurt er als ik een andere cultuur erbij pak? Ik experimenteer ook met Indonesisch eten. Zo werkt de Indonesische keuken bijvoorbeeld met gedroogde koriander en de Thaise met verse koriander. Als je verse koriander gaat gebruiken in de Indonesische keuken, krijg je direct al een andere smaak. Dat vind ik interessant. Dat je met de traditionele dingen iets doet, waardoor er iets nieuws ontstaat.’

Heilige drie-eenheid
Joe zal altijd op zoek blijven naar de meest vreemde culinaire combinaties, maar liever gaat hij door in de muziek. Hij geeft mij zijn cd – Joey Retro: As the wind turns : ‘Dit is wat ik wil doen, maar dat wil niet zeggen dat ik stop met koken. Ik moet altijd bezig blijven, niet alleen fysiek, maar ook mentaal. Voor mij is de heilige drie-eenheid: eten, muziek en schilderen. Je bladmuziek is je canvas, dat zijn je pitten. Je wilt altijd dat iets wat je maakt zó in de smaak valt dat men denkt: wauw dit is super nice, of het nu om eten, muziek of kunst gaat. Dat is het eindresultaat.’

Oproep: Ken/ben jij een 3.0’er in de Keuken die mee zou willen werken aan een aflevering van 3.0 in de Keuken? Laat het ons weten door een mailtje te sturen naar nora@indisch3.nl

 

Joe Saleh © DennisWisse
Joe Saleh © DennisWisse

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wil jij ook freaken in de keuken? Probeer dan  pepesan of makreel in pittige Indische tomatensaus met haricovert in tomaat-kokos saus (voor 2 personen)

Pepesan of makreel in pittige Indische tomatensaus met haricovert in tomaat kokos saus
Pepesan of makreel in pittige Indische tomatensaus met haricovert in tomaat kokos saus

Ingrediënten boemboe

2 tomaten
halve paprika

2 teentjes knoflook
3 eetlepels sambal oelek

4 kemiri noten
halve ui

1 dl olie
Peper en zout

Maak met bovenstaande ingrediënten de boemboe voor de makreel,
met een blender of keukenmachine

2 makrelen
2 stengels citroengras (sereh)

2 blaadjes laurierblad

snij kop en staart van makreel af, verwijder ingewanden en spoel de vis schoon
– zet de boemboe met de stengels sereh en de laurierblaadjes op het vuur
– breng de boemboe aan de kook
– doe per makreel een kwart van een sereh stengel en een laurierblad in de buikholte. Voeg ook wat van de saus toe.
– smeer een ovenschaal in met een beetje olie, doe de makreel er in
– voeg de saus toe, schuif het in de oven op 160 graden 20 min.

Tips
– Dek de ovenschaal af met een deksel om uitdrogen te voorkomen
– Zorg ook dat de vis onder staat

Bereiding van Haricoverts in tomaat-kokos saus 

200 gr haricoverts
1 tomaat

halve ui
1 teentje knoflook

50 gr laos
1 stengel sereh

1limoenblad
2 eetlepels sambal oelek

250 ml kokosmelk
scheut vissaus

zet water op voor de haricoverts om te blancheren. Voeg wat zout aan het water.
– snij de kontjes van de haricoverts. Als het water kookt voeg je de haricoverts toe.
– kort blancheren, ze mogen een bite hebben. Als je denkt dat het goed is, meteen spoelen onder koud water. Dan behoudt het z’n prachtige groene kleur.
– snijd ondertussen de knoflook in plakjes, de ui in fijne blokjes, crush de sereh stengel met de achterkant van je (koks)mes of met een hamer, zodat het soepel wordt.
– snij de laos grof. Voeg toe aan een pan gevuld met een scheutje olie. Even fruiten.

– voeg dan de sambal, limoenblad, blokjes tomaat toe. Even fruiten.
– voeg de kokosmelk toe en laat even koken.
– voeg de haricoverts toe en roer goed door.
– voeg vissaus naar smaak toe

WIN: 2 vrijkaartjes voor I.N.D.O.

I.N.D.O. In Nederland Door Omstandigheden

Een Indo-Europese Jungle Pulp Revue waarin Jef Hofmeister je meeneemt in de gevoelens en gedachten van mensen die ooit hun moederland hebben verlaten om in het koude Nederland te bewijzen dat zij het Nederlanderschap dubbel en dwars waard zijn.

Nog te zien t/m 1 december 2012 en Indisch 3.0 mag 2 vrijkaartjes vrijgeven. Hebben? Geef dan antwoord op de volgende vraag:

Waar denk jij aan bij de uitspraak “In Nederland Door Omstandigheden”?

Stuur je antwoord naar redactie@indisch3.nl voor a.s. dinsdag 13 november 2012 en wie weet ben jij de gelukkige winnaar.

Correspondentie over de uitslag van deze actie is niet mogelijk.

Recensie: Tante Anin en Oom Tjoh

Liefdevolle herinneringen aan Nederlands-Indië

Tante Anin en Oom Tjoh – KIT Publishers

Het deze zomer verschenen fotoboek ‘Tante Anin en oom Tjoh’ past naadloos in de serie boeken die Tjaal Aeckerlin al eerder over Nederlands-Indië publiceerde. Net als voor de trilogie ‘Lied van een tokeh’ en het tweedelige ‘Tanda Mata’ is hij op zoek gegaan naar fotomateriaal dat de alledaagse gebeurtenissen in het leven van ‘de gewone Indo’ belicht. In ‘Tante Anin en Oom Tjoh’ heeft hij deze beelden voorzien van onderschriften die de herinneringen van Indische 80-plussers aan de koloniale tijd weergeven. Uit de teksten, die doorspekt zijn van Maleise en Petjoh termen spreekt een warme, liefdevolle koestering voor het leven van toen.

Indo-Europeanen
Door de talloze verhalen over Indië die hij van zijn familieleden hoorde, raakte Tjaal Aeckerlin gefascineerd door het dagelijkse leven van de Indo- Europeanen. De ervaringen van deze groep, die ‘zich innig met de ziel van het land verbonden voelt’ en een mengcultuur met eigen gewoontes en omgangsvormen vormde, bleef veelal onderbelicht in de vele publicaties over de Indische koloniale samenleving. Tjaal Aeckerlin heeft hen een stem willen geven om het beeld completer en reëler te maken.

Alledaagse leven
De foto’s die Tjaal Aeckerlin in zijn zoektocht tegenkwam en grotendeels een datering, context of benoeming misten, lijken rechtstreeks uit familiealbums te komen. Sommigen tonen intieme huiselijke sferen, anderen geven mooi het straatbeeld van die tijd weer. Waar Tjaal Aeckerlin in eerdere publicaties hele verhalen optekende om de foto’s een context te geven, worden de beelden in dit boek slechts vergezeld van enkele regels tekst. Deze korte duidingen geven mij, de lezer, het gevoel dat ik een album aan het doorkijken ben en opa of oma deze live van commentaar voorziet. Het bewerkstelligt dat de foto’s persoonlijker worden en werkelijk tot leven komen.
Zo is er een foto waarop twee vrouwen aan het werk zijn in de tuin met op de achtergrond een houten rek. Het onderschrift ‘… Het droogrek met de borden en omgekeerde glazen stond elke middag in de brandende zon om de laatste bacteriën te bestrijden.’ (pag.70) vertelt over een praktische handeling die zonder beeld waarschijnlijk onbenoemd zou zijn gebleven.

Voor latere generaties zullen veel van de verhalen vergelijkbaar zijn met anekdotes uit de eigen familie en aanvullingen daarop.

Nalatenschap
Na al zijn eerdere publicaties over hetzelfde onderwerp is Tjaal Aeckerlin er weer in geslaagd een bijzonder boek samen te stellen. Voor de ouderen die het zelf hebben meegemaakt, zal het een feest van herkenning zijn en eigen ervaringen oproepen. Voor latere generaties zullen veel van de verhalen vergelijkbaar zijn met anekdotes uit de eigen familie en aanvullingen daarop.
Degenen die dit leven bewust hebben geleefd en de basis van onze cultuur vormen, zijn inmiddels de 80 reeds gepasseerd. Met hen zullen hun herinneringen langzaamaan verdwijnen. Het is dan ook van onschatbare waarde dat Tjaal Aeckerlin zich tot doel heeft gesteld deze op te tekenen en voor de vergetelheid te behoeden. Het is daarmee meer dan een boek van nostalgie en heimwee, een nalatenschap aan jongere generaties.

Bekijk dit boek als je geïnteresseerd bent in hoe het leven er voor jouw (over)grootouders destijds uitzag of als je een completer beeld van de Indische koloniale samenleving wilt krijgen. Als je daarentegen een feitelijke documentatie over die tijd zoekt, zijn er genoeg andere titels te noemen.

‘De Jaarbeurs’ – Tante Anin en Oom Tjoh p.61

Tante Anin en oom Tjoh. Levende herinneringen aan verstilde Indische beelden. Tjaal Aeckerlin. KIT Publishers. Juni 2012. 29.50 euro

Even voorstellen

Het Indisch 3.0 redactieteam: Liselore, Wendy & Nora

Vorige week kon je het al lezen: per 1 november staat er een nieuw redactieteam achter Indisch 3.0, bestaande uit Liselore Rugebregt, Wendy de la Rambeljé en nieuwkomer Nora Iburg. Tijd voor een wat uitgebreidere introductie.

Liselore, Wendy & Nora

Liselore Rugebregt (1986) | Redacteur Tekst & Planning
| doorzetter | eigenwijs | ontdekken | dromer |

Ik ben Indisch 3.0 via mijn vader (Rappang, Zuid Celebes) die in 1958 met zijn ouders en 7 broertjes en zusjes naar Nederland repatrieerde. Mijn moeder is Hollandse en ik ben mij pas op latere leeftijd bewust geworden van mijn Indische achtergrond. Indisch, wat is dat eigenlijk? Ik denk een gevoel.

Ik studeerde Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie. Voor mijn bachelorsciptie, ‘Van Indisch zijn tot Indisch voelen’, deed ik onderzoek naar de overdracht van culturele patronen binnen Indische families. Ik interviewde personen van de eerste, tweede en derde generatie en kwam via dit onderzoek eind 2010 bij Indisch 3.0 terecht. Naast schrijven voor Indisch 3.0, houd ik ook een persoonlijke blog bij.

Mijn motivatie om mij in te zetten voor Indisch 3.0 bestaat uit het opdoen van redactie-ervaring en het uit willen diepen van de definitie ‘Indisch’ en welke betekenis dit (nog) heeft voor de jongere generaties.

Mijn werkzaamheden voor Indisch 3.0 bestaan uit het beheren van de algemene planning en in samenwerking met Wendy de Indische agenda. Daarnaast coördineer ik de reportages, recensies, blogs en interviews (los van de series) die gepubliceerd worden op www.indisch3.nl.

Connect met mij via liselore@indisch3.nl als je tips hebt betreffende evenementen die wij op kunnen nemen in de Indische agenda en hier eventueel een reportage van kunnen maken, interessante boeken om te recenseren en personen om te interviewen (los van de series).

Wendy de la Rambeljé (1983) | Redacteur Freelancers & Social media
| organisatietalent | humor | culinair | reizen |

Ik ben Indisch 3.0 via mijn moeder (Surabaya) en mijn vader (Jakarta). Ik ben trots op waar ik vandaan kom en deel dit graag met anderen. Ik koester mijn Indische roots en looks. Van mooie verhalen tot aan lekker eten: ik ben van alle markten thuis!

Ik studeerde Management Toerisme, waarna ik verbonden was aan het Holland Business Promotion Office (HBPO) als projectcoördinator Olympic Games 2008. Gedurende mijn werkperiode bij het Landelijk Netwerk Diversiteitsmanagement (Div) zette ik mij, als programmamedewerker TopFocus, in voor de procescoördinatie, organisatie en coördinatie van bijeenkomsten en kennismarkten en het realiseren van samenwerkingsverbanden tussen stakeholders. Inmiddels werk ik als zelfstandige en heb mijn eigen bedrijf: By Wen.

Mijn motivatie om mij in te zetten voor Indisch 3.0 is om het ‘Indo-gevoel’ vast te blijven houden, door verhalen vast te leggen en ervoor te zorgen dat wij deze blijven koesteren. Wat is jouw verhaal?

Mijn werkzaamheden voor Indisch 3.0 bestaan uit de coördinatie van de freelancers: werving en selectie, en het matchen van freelancers aan interessante klussen. Samen met Liselore beheer ik de Indische agenda, en coördineer ik de social media en het realiseren van evenementen.

Connect met mij via wendy@indisch3.nl als je wilt freelancen voor Indisch 3.0, wilt sparren over het organiseren van een evenement i.s.m. Indisch 3.0, en je een evenement wilt promoten via onze social media. Wil je niet voor ons freelancen, maar wel bloggen op www.indisch3.nl, meld je dan aan via bloggen@indisch3.nl.

Nora Iburg (1985) | Redacteur Series
| veelzijdig | creatief | nieuwsgierig | spontaan |

Ik ben Indisch 3.0 via mijn vader (Jakarta) die in 1956 naar Nederland kwam. De familie Iburg kwam terecht in Arnhem, waar ik ook ben geboren en getogen. Opgroeiend in een gezin met een blanke moeder en donkere vader en zus, had ik altijd wat uit te leggen over mijn Indische afkomst.

Ik studeerde Algemene Cultuurwetenschappen. Het gevoel nergens helemaal, of overal wel een beetje bij te horen, heeft me altijd bezig gehouden en leidde in 2009 tot mijn masterscriptie: ‘Van pasar malam tot I love Indo, identiteitsformatie- en manifestatie door drie generaties Indische Nederlanders’. Mijn scriptie werd een boek en zo raakte ik bij Indisch 3.0 betrokken. Zij vroegen mij te gast bij de talkshow ‘Indotiteit’ op de Tong Tong Fair. Inmiddels verzorg ik de publiciteit van Jeugdtheatergezelschap en Productiehuis BonteHond en ben ik actief als zangeres.

Mijn motivatie om mij in te zetten voor Indisch 3.0 bestaat uit het opdoen van redactie-ervaring, werken aan mijn portfolio als auteur en het uitbreiden van mijn netwerk. Ook wil ik graag uiteenlopende belevingen van (Indische) identiteit laten zien.

Mijn werkzaamheden voor Indisch 3.0 bestaan uit het coördineren van series: ik fungeer als algemeen contactpersoon, bewaak de continuïteit van de afleveringen en ben altijd op zoek naar personen om te interviewen i.h.k.v. één van de series.

Connect met mij via nora@indisch3.nl als je tips hebt om iemand te interviewen voor een serie, of als jij graag geïnterviewd zou willen worden.

PhotoFriday #3: Wim Manuhutu over Sinterklaas

Het Sinterklaasfeest in Nederlands-Indie © Collectie Tropenmuseum

‘Sinterklaas vieren had dezelfde status als het spreken van Nederlands’

Deze PhotoFriday #3 bespreekt historicus Wim Manuhutu de Sinterklaasviering in Nederlands-Indië. De gekozen foto komt uit de collectie van het Foto zoekt familie-project van het Tropenmuseum. Deze foto’s komen uit albums die zijn gevonden door Nederlandse militairen in verlaten huizen vlak na de oorlog. Nu, meer dan zestig jaar later, worden deze overgebleven albums gedigitaliseerd en zullen binnenkort online te bekijken zijn.

Het Sinterklaasfeest in Nederlands-Indie © Collectie Tropenmuseum
Het Sinterklaasfeest in Nederlands-Indie © Collectie Tropenmuseum

Europeanen vieren feest
In de aanloop naar pakjesavond op 5 december hebben we alvast deze foto van een Sinterklaasviering bemachtigd. Indisch 3.0 vraagt zich af wat de betekenis van het Sinterklaasfeest in Nederlands-Indië was. En door wie werd dit feest gevierd? Historicus Wim Manuhutu legt uit: ‘We zien hier inderdaad een Sinterklaasfeest. Dat roept meteen vragen op. Je zou zeggen dat het in een sociëteit moet zijn geweest. Waarschijnlijk in de jaren ’30 of ’40 van de vorige eeuw. Het gaat hier om mensen uit de Europese klasse. Je ziet voornamelijk blanke kinderen, maar hier en daar ook Indische kinderen. Er is rechts een wat donkerder jongetje. Is dat een wat donker uitgevallen Indo? Of misschien een Indonesische jongetje, bijvoorbeeld een Molukker? Het kan zijn dat hij etnisch misschien niet Europees was, maar dat zijn ouders door middel van opleiding en werk zich lieten gelijkstellen met een Europeaan en daardoor hogerop de sociale koloniale ladder zijn geklommen.’

Sinterklaas als statussymbool
‘Sinterklaas is een ritueel dat vanuit Nederland naar Nederlands-Indië is gebracht en liet zien uit welk sociaal milieu je kwam. Sinterklaas vieren had dezelfde status als het spreken van het Nederlands, naar Europese scholen gaan en Europese kleding dragen. Het was een manier om je te onderscheiden en afstand te nemen van de inheemse cultuur. De foto laat zien wie er eigenlijk bij hoorde in de koloniale samenleving van Nederlands-Indië, en wie niet. Foto’s zoals deze zijn een weerspiegeling van de manier waarop de maatschappij was georganiseerd. Tegelijkertijd zijn deze foto’s niet onschuldig. De foto toont een culturele praktijk dat een onderdeel uitmaakte van het koloniale systeem.’

Hoe ‘Nederlands’ zijn pepernoten en speculaas eigenlijk? © Wikipedia Creative Commons
Hoe ‘Nederlands’ zijn pepernoten en speculaas eigenlijk? © Wikipedia Creative Commons

Zwarte Piet
‘In het huidige Indonesië vind je nog steeds resten van Sinterklaas. Ook op Ambon wordt door sommige Christenen op 5 december nog Sinterklaas gevierd. Zwarte Piet wordt hier nog steeds als een boeman gezien, waar kinderen bang voor zijn. Je ziet nu in Nederland dat er vraagtekens worden gezet bij Zwarte Piet (denk aan: Zwarte Piet is racisme red.). Een grote meerderheid reageert hier emotioneel en boos op. Zwarte Piet staat kennelijk voor ‘echt Nederlands’ en mensen moeten het niet wagen aan ‘ons feest’ te komen. Een veel gehoord argument is dat het ‘eeuwenlang’ zo wordt gevierd. Dit klopt echter niet aangezien het pas in de 19e eeuw is geïntroduceerd. Frappant is het dat het oer-Hollandse bedrijf HEMA geen Zwarte Piet in haar filiaal in Londen zal neerzetten, omdat het weet dat het in verkeerde aarde zal vallen. Als de economische belangen worden bedreigd is Zwarte Piet opeens minder problematisch.’

Indo’s en Sinterklaas
‘Zeker voor Indische mensen was het over het algemeen belangrijk het Europese deel van hun afkomst te benadrukken.Het zou goed kunnen dat een culturele praktijk als Sinterklaas zelfs nu in Nederland nog steeds een bevestiging is voor de Europese identiteit van de Indische groep. Toen de Indische groep in Nederland terecht kwam had de meerderheid last van de zogenaamde ‘status deprivatie’. Ze moesten helemaal opnieuw beginnen. Om toch weer hogerop te komen in Nederland werd er in de opvoeding gehamerd op onderwijs en prestatie; bescheidenheid, aanpassen en de beste van de klas zijn. Er zijn nu ook nog steeds weinig Indo’s die zich identificeren met het huidige Indonesië. Het referentiekader blijft Nederland.’

Wim Manuhutu bespreekt voor Indisch 3.0 de Sinterklaasviering in Nederlands-Indie. ©Patricia Steur
Wim Manuhutu bespreekt voor Indisch 3.0 de Sinterklaasviering in Nederlands-Indie © Patricia Steur

Nieuwe bezetting Indisch 3.0

Vanaf 1 november 2012 staat er een nieuw team achter Indisch 3.0. Liselore Rugebregt, Wendy de la Rambelje en nieuwkomer Nora Iburg vormen de driekoppige redactie.De twee huidige hoofdredacteuren, Tabitha Lemon en Kirsten Vos, hebben afstand van hun positie genomen om zich volledig op het uitgeefproces te kunnen richten.

Liselore, Wendy en Nora gaan zonder hoofdredacteur verder en krijgen de komende maanden ondersteuning van een externe redactie-adviseur, Meike Grol. In het Colofon vind je meer uitleg over wie wat doet.

Ook met deze nieuwe bezetting bestaat de redactie nog steeds voor 100% uit derde generatie Indische Nederlanders. Voor artikelideeën kun je ons mailen, een tip achterlaten of gebruik maken van de nieuwe “Jouw nieuws op Indisch3.nl”-optie.

Vind jij het leuk om je ook voor Indisch 3.0 in te gaan zetten? Kijk dan eens naar ons Freelancers-profiel. We zijn altijd op zoek naar nieuw talent, en, in tegenstelling tot het verleden, is iedereen met schrijf-, film- of fotografietalent welkom, ongeacht generatie of bevolkingsgroep.

Recensie: Een land met gesloten deuren

Liever heimwee dan Holland: een pijnlijk voelbaar gemis

Een land met gesloten deuren © Peter van Dongen / In de Knipscheer 2012

Midden jaren vijftig arriveerde journalist en schrijver Tjalie Robinson (Jan Boon, 1911-1974) in Nederland, net als tienduizenden andere Indische Nederlanders. Het land van herkomst was voor velen afgesloten, veroordeeld tot een vaderland dat zij alleen van vakantie of uit de geschiedenisboeken kenden. Holland was koud, nat en totaal anders dan verwacht. Bovendien voelden ze zich niet altijd even welkom. Vorig jaar werden de stukken die Tjalie Robinson net na zijn overkomst schreef, voor het eerst gebundeld en zijn deze nu beschikbaar in een paperbackversie. Opnieuw kunnen we met de scherpe blik van Tjalie naar Nederland kijken. Maar hoe geestig en scherp ook, de heimwee snijdt je door je ziel.

Verloren thuis
Veel van de Indische literatuur die ik gelezen heb, verhaalt van het verlangen naar het warme land uit de jeugd, een mystieke plek met mooi weer, heerlijk eten, prachtige natuur, een verloren paradijs. Het gemis is invoelbaar, zeker, maar niet eerder werd de pijn van het verloren thuis voor mij zo invoelbaar gemaakt als in Het land met gesloten deuren van Tjalie Robinson. Ik denk dat dat komt omdat hij deze verhalen net na het vertrek uit Indië schreef, toen de tijd nog niets van het gemis had verzacht. En daarnaast, Tjalie stond erom bekend geen blad voor de mond te nemen, ook niet als hij het moeilijk had.

Meedogenloos en humoristisch beschrijft hij Nederland in al zijn groot- en kleinheid.

Piekerans en gesloten deuren
Tjalie Robinson had jarenlang een krantenrubriek die ‘Piekerans van een straatslijper’ heette en razend populair was onder Indische Nederlanders, omdat hij zo scherp het dagelijks leven in Batavia wist vast te leggen. Met deze Piekerans gaat hij na zijn aankomst in Amsterdam door. Meedogenloos en humoristisch beschrijft hij Nederland in al zijn groot- en kleinheid. Dat levert geestige en herkenbare situaties op, die ook nu, zestig jaar later, nog altijd actueel zijn. Zo heb ik erg moeten lachen om zijn verbazing over onze hang naar regulatie, die zijns inziens veel te ver gaat en daardoor juist tot ongelukken leidt, zoals in het verkeer:

‘In het begin snap je er niets van, want alles rijdt hier netjes op eigen paden: [..] bij drukke verkeerspunten staan agenten of verkeerslichten. Het is, lijkt me toe, technisch onmogelijk om ongelukken te krijgen. Nu begrijp je het beter. Juist deze overdreven zuigelingenzorg maakt dat de gemiddelde weggebruiker in slaap kan vallen op straat. Elk snijpunt waar de tekens niet duidelijk genoeg zijn, moet dus automatisch fataal worden. […] Ik heb zo’n idee dat als je 100 Hollanders met de fiets op Gadjah Mada of Hajam Woeroek zou neerzetten de helft binnen een half uur vermorzeld zou zijn.’

Alles in Nederland is aan regels gebonden en daar wordt Tjalie gek van:

‘Je zou zo zeggen; als ik bakpauw ga verkopen, dan kan daar toch niemand bezwaar tegen hebben. Dat denk je maar. Ik zal middels examens moeten aantonen dat ik a. kan koken en bakken en b. dat ik kooksels en baksels kan en mag verkopen. Niets gaat zomaar in Holland.’

Zo piekert en klaagt Tjalie het hele boek door, over de koude, eindeloze winter, over het gebrek aan goedgeefsheid van de Hollanders, het gebrek aan fatsoen van de jongeren, maar vooral over de gesloten deuren, de Indische gastvrijheid die hij zo mist.

Het gemis dat eraan ten grondslag ligt, voel je tot in je botten.

Rake observaties
Als je wilt weten hoe veel Indische Nederlanders zich destijds gevoeld moeten hebben, lees dan zeker dit boek. De rake observaties zijn nog steeds actueel en het is heerlijk hoe de tekst doorspekt is met Indische termen op plekken waar je ze niet direct verwacht, zoals wanneer Tjalie ‘Joris en de tokeh’ gebeeldhouwd ziet in een Leidse kerk of spreekt over ‘pasar malams aan zee’ en ‘kleine warongs waar je alleen chocola en ijs kunt kopen.’ En zeker ook als je Nederland eens vanuit een ander, nog altijd verrassend perspectief wilt zien.

Kou tot op het bot
Lees dit boek zeker niet als je een hekel hebt aan gemopper, want mopperen kan hij, Tjalie. Natuurlijk zijn er soms lichtpuntjes: de Hollanders die juist ontdooien als ze op de schaats staan, de kruideniers en Sinterklaas, en ook al wordt zijn toon in de loop van het boek berustender, er is veel fout. Maar je vergeeft het hem, want het gemis dat eraan ten grondslag ligt, voel je tot in je botten, net zoals de kou Tjalie tot op het bot ging. In een andere context haalt hij Leo Vroman aan: ‘Heimwee is beter dan Holland.’ Dat gold ook voor hemzelf: tegen alles aanschoppen was minder pijnlijk dan accepteren dat Indië voorbij was.

Tjalie Robinsons – Foto: literairetijdschriften.org

Een land met gesloten deuren. Tjalie Robinson. Uitgeverij In de Knipscheer. Haarlem 2012. € 17,50