Oproep: hoe vraag je naar je familie's verleden?

Ben jij derde generatie Indo en heb je altijd al het (levens-) verhaal van je Indische opa en oma willen horen, of misschien zelfs vast willen leggen? Dan is Dewi van Beek op zoek naar jou, in deze oproep.

Sinds mijn stage bij Indisch Maandblad Moesson moest ik denken aan het frustrerende feit dat veel van de Indische familiegeschiedenis en familieverhalen verdwijnen met de 1e generatie. Ik weet dat er meer mensen zijn zoals ik die dit verhaal willen vastleggen, maar die misschien geen idee hebben waar ze moeten beginnen met het vragen naar en het vastleggen van hun Indische familiegeschiedenis.

Voor mijn afstudeeronderzoek bij Moesson onderzoek ik daarom hoe een hulpmiddel voor het vastleggen van Indische familiegeschiedenis eruit moet komen te zien. Daarom heb ik jouw hulp nodig.

Ik zoek een aantal mensen die een uurtje met mij om de tafel willen gaan zitten en hierover willen praten. Ik zorg uiteraard voor hapjes en een drankje. Als je interesse hebt, mail me dan – vrijblijvend – op hello [at] dewiaimee [.] com voor meer informatie.

Dewi van Beek (rechts, naast Rocky Tuhuteru) tijdens een paneldiscussie in 2013. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0
Dewi van Beek tijdens een paneldiscussie in 2013 over herdenken. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0

CinemAsia FilmLAB blog: de geboorte van een idee.

Voor Indisch 3.0 zal Amber een paar keer bloggen over haar avonturen bij FilmLAB 2014 van filmfestival CinemAsia, wat heeft geresulteerd in de korte documentaire ‘Indië op een bord’.

Mijn naam is Amber, ik ben 26 jaar, masterstudent Film en Televisiewetenschap aan de Universiteit Utrecht en ik heb een voorliefde voor muziek en film en ik heb absoluut geen voorliefde voor het maken van keuzes (ik zit geloof ik in een quarterlife crisis).  In deze eerste blogpost geef ik je een terugblik op mijn deelname aan FilmLAB 2014.

Bloednerveus
In november 2013 verschijnt er een oproep op de facebook van CinemAsia Filmfestival: “CinemAsia FilmLab 2014 seeking applicants! Send in your idea for a short film about ‘Food in Asian communities’ and get selected for professional training in scriptwriting and filmmaking”. Wanneer ik dit lees denk ik: wat leuk! Ik roep altijd wel dat ik graag films maak en dat ik hier verschillende ideeën voor heb en stiekem heb ik ook altijd iets aan te merken op andere films. Dus dit is mijn kans om mezelf als ‘filmmaker’ waar te maken. En ondertussen word ik hier bloednerveus van.

Onweerstaanbare Indische snacks
Mijn opa en oma (en moeder en tante) komen uit Nederlands-Indië en bij het festivalthema ‘Food en Asian communities’, denk ik direct aan mijn oma en haar onweerstaanbare Indische snacks. Mijn opa en oma wonen in Rumah Kita, een verzorgingstehuis voor Indische ouderen. Oma Smith is geboren in Semarang en ze is nu 93 jaar oud. Ze zit vol verhalen en ze geeft me altijd goed advies. Denk hier bijvoorbeeld aan mijn jeugdtrauma: ik was altijd de ‘witste’ van de familie. Maar volgens oma was ik niet wit, maar lelieblank. Hierdoor voelde ik me erg speciaal.

'Volgens mijn oma had ik een lelieblanke huid. Daardoor voelde ik me speciaal." Foto: Amber Nefkens
‘Volgens mijn oma had ik een lelieblanke huid. Daardoor voelde ik me speciaal.” Foto: Amber Nefkens

 

Appelmoesrevolutie
Mijn oma en ik bellen zo’n twee keer per week en dan hebben we het over haar avonturen in Rumah Kita, bijvoorbeeld hoe ze een appelmoesrevolutie is gestart in de gezamenlijke eetruimte. Maar we praten ook over hoe het met mij gaat en ook veel over vroeger. Bovendien was haar stiekeme wens altijd om boeken te schrijven of een gedichtbundel uit te brengen. Samen hebben we de gedichtenbundel ‘Het land van toen’ in kleine oplage uitgebracht tijdens de Kerstmarkt van haar tehuis. In november heb ik  een lied gemaakt van haar gedicht ‘Arnhem-Zuid’, zodat we mee konden doen aan de ‘Ode aan Arnhem’ wedstrijd. We werden geselecteerd en het resultaat hoor je hier.

Een goed team
Aangezien oma en ik een goed team zijn, wil ik graag met haar een film maken. Vooral ook omdat het nu nog kan en ze zo mooi kan vertellen. Tegelijkertijd vraag ik me af of het juist ook niet de goden verzoeken is. Vanaf het moment dat ik besluit om mee te doen met een documentaire script waarin oma de hoofdrol zou spelen, krijg ik dromen dat ze ziek wordt. De volgende dag bel ik haar dan  meteen op en meestal antwoordt ze met: ‘Nee hoor, ik ga nog niet op mijn roze wolk zitten,’ om vervolgens in gegrinnik uit te barsten.

Hulp van een filmmaker
Mijn eerste idee is om een bord Nasi Kuning naar oma te brengen en haar daarover dingen te laten vertellen, waardoor ze ook op de verhalen over haar tijd in Nederlands-Indië zal komen. Het schrijven van een script valt me vies tegen, niet zo raar eigenlijk aangezien ik nog nooit eerder zoiets heb moeten doen. Ik schakel hulp in bij een filmmaker en een producent die ik ken via mijn studie. Uiteindelijk is het een script met verschillende verhalen. Ik kan niet kiezen. Omdat de tijd tikt, besluit ik hem maar gewoon in te dienen. Met een heel schattige foto van mijn opa en oma, om de jury te overtuigen.

Zou de schattige foto de jury overtuigd hebben? Foto: Amber Nefkens.
Zou de schattige foto de jury overtuigd hebben? Foto: Amber Nefkens.

Geselecteerd!
Met kerst krijg ik het verlossende woord: ik ben geselecteerd! YES! Dit betekent dat ik mee mag doen aan de scriptworkshop. Hierover meer in mijn volgende blog.

De kaartverkoop voor de vertoningen van de drie korte films is begonnen. Naast mijn film draaien er nog twee andere FilmLAB films die zeker de moeite waard zijn om te kijken: Bunda di Rumah en Last Minute Tea. Donderdag 3 april om 18.50 uur en zaterdag 5 april om 13.10 uur, allebei in de Balie, Amsterdam. Kaarten bestel je via www.cinemasia.nl

Kandidate CinemAsia FilmLAB blogt op Indisch 3.0

Amber Nefkens: het Indische verleden ontdek je in de keuken

Met haar korte film, Indië op een bord, is Amber Nefkens een van de drie gelukkige winnaars van een plek in CinemAsia FilmLAB. Vanaf deze week gaat Amber bloggen op Indisch 3.0, over haar deelname aan dit spannende traject.

Het CinemAsia FilmLAB is in volle gang. Het CinemAsia Film Festival biedt met haar FilmLAB opkomende talenten de kans om onder professionele begeleiding een korte Aziatische diaspora film te maken. Dit jaar is het thema ‘FOOD’ binnen Aziatische gemeenschappen. Naast het filmproject van Amber Nefkens, zijn die van Raoul Groothuizen en Alex Lai geselecteerd.

Amber Nefkens tijdens de Gouden Rijstkom 2013
Amber Nefkens in actie tijdens de Gouden Rijstkom wedstrijd 2013 van Indisch 3.0. Foto: André Ottenvanger/ Indisch 3.0.

Amber Nefkens is masterstudente Film en Televisiewetenschap aan de Universiteit van Utrecht en van Indische afkomst. Amber heeft de korte film (8’) Indië op een bord gemaakt. Een kleindochter maakt samen met haar Indische oma Indische pasteitjes. Door het maken van Indische pasteitjes en door met oma te praten, komt ze meer te weten over het land van haar herkomst – het land dat niet meer bestaat.

Nefkens krijgt begeleiding van Sandra Beerends, scripteditor en gastdocent voor NTR en individuele filmprojecten. Sandra is betrokken bij Berlinale Talents en is mentor bij de korte film Scriptstation en voor Prime4kids. Ze schreef en coproduceerde de korte film Arigato (publieksprijs Film by the Sea 2012). Tevens is zij scripteditor van Kauwboy, die werd uitgeroepen werd tot Beste Europese jeugdfilm van 2012.

De drie deelnemers (vlnr): Raoul Groothuizen, Amber Nefkens en Alex Lai. Foto: www.cinemasia.nl
De drie deelnemers (vlnr): Raoul Groothuizen, Amber Nefkens en Alex Lai. Foto: www.cinemasia.nl

In 2006 begon CinemAsia met FilmLAB om beginnende filmmakers te stimuleren hun Aziatische Diaspora verhalen te vertellen. De makers krijgen vijf weken de tijd, een mentor en 500 euro om hun film te maken. Sinds die tijd zijn er door CinemAsia 12 korte films geproduceerd die allen in première gingen tijdens het festival. Dit jaar is het productieproces voorafgegaan door een korte scenario workshop o.l.v. scriptcoach Ernie Tee.

De zevende editie van het CinemAsia Filmfestival 2014 is van 1 t/m 6 april in De Balie in Amsterdam. Op 3 april en 5 april zijn de screenings van de FilmLAB films.

De gecensureerde oorlog. Minutieus verslag van staatspropaganda.

Indische juweeltjes, het zijn boeken die wij extra onder de aandacht van onze bezoekers willen brengen. Met het derde boek, De gecensureerde oorlog, worden de contouren van deze Indische boekenweek selectie zichtbaar. Auteur Louis Zweers heeft hier zijn ziel en zaligheid in gelegd, en is er – terecht – op gepromoveerd. Het verhaal van De gecensureerde oorlog is een schoolvoorbeeld voor hoe je als overheid oorlogspropaganda voert. Toen, en nu.

Louis Zweers. Foto: http://www.eshcc.eur.nl
Louis Zweers. Foto: http://www.eshcc.eur.nl

Een aankondiging van het boek luidt: “Militaire voorlichtingsdiensten hadden grote invloed op de (foto-) berichtgeving over de oorlog in Nederlands-Indië 1945-1949. Aan de hand van nog niet eerder geraadpleegd archief- en fotomateriaal en gesprekken met legervoorlichters en fotografen is de positie van deze diensten gereconstrueerd. Het resultaat laat zien dat de beïnvloeding van de berichtgeving succesvol was. De legervoorlichtingsdiensten schetsten een te rooskleurig en vertekend beeld van de werkelijkheid in de tropische archipel. Ze voerden een propagandaoorlog en waren niet op zoek naar waarheidsvinding. Ze toonden weinig respect voor de persvrijheid. (bron)”

De meeste proefschriften zijn loodzwaar. Fysiek en in overdrachtelijke zin. Met exact 400 pagina’s is Zweers’ dissertatie fysiek best omvangrijk. Het fijne van een op fotojournalistiek gerichte wetenschapper is echter dat hij juist dat laat zien: plaatjes! Daarmee kom ik meteen op het onderscheidende kenmerk van het werk van Louis Zweers: fotojournalistiek.

Als student aan de Erasmus Universiteit Rotterdam genoot ik van de lessen Fotojournalistiek die Louis Zweers gaf. Met veel oog voor detail en een onbedwingbare behoefte om achter het echte verhaal te komen, vertelde hij ons – toen – over foto’s van ‘onze jongens in Irak’ en de wijze waarop Henk Kamp in beeld kwam. Hij leerde me kijken naar het journalistieke element in foto’s. Dit is overigens meteen de reden dat ik vind dat beroepsfotografen niets te vrezen hebben van burgerjournalisten-met-smartphones: fotojournalistiek is een vak op zich. Maar dat terzijde.

http://youtu.be/u5-APHxW7-E

Door het grote aandeel foto’s – sommige van hetzelfde kaliber dat in 2012 voor veel ophef zorgde – is het meest recente boek van Louis Zweers in fysieke omvang (redelijk) zwaar, maar in overdrachtelijke zin niet. De goed onderbouwde onderschriften vertellen het verhaal van de foto’s en van de invloed van de overheidspropaganda daarop.

Kanttekening is dat De gecensureerde oorlog, in tegenstelling tot het eerder besproken boek Pendek of Vlakke meetkunde, niet geschikt is voor een groot publiek. Ik verwacht dat dit boek vooral van toegevoegde waarde is voor studenten journalistiek, professioneel fotojournalidsten en documentair journalisten. Verder zal dit boek de bijzondere interesse hebben van de studenten politicologie & bestuurskunde.

De gecensureerde oorlog  is een imposant naslagwerk, dat voor het eerst nauwgezet en gedetailleerd in kaart brengt hoe de Nederlandse staatspropaganda overuren heeft gedraaid om te verbloemen dat in de oost iets “groots” werd verricht. +1 voor Louis.

De gecensureerde oorlog  – Louis Zweers, uitgeverij Walburg Pers (2013). 400 pagina’s.

De gecensureerde oorlog - Louis Zweers (2013)
De gecensureerde oorlog – Louis Zweers (2013)

3.0 aan de studie: Mel Krul

Mel Krul, een vlotte Indische 23-jarige student, zit in zijn scriptiefase van de studie Redactie en Mediaproductie op de Hogeschool Amsterdam. Tijdens dit interview voor Indisch 3.0 praat Mel voor het eerst over zijn achtergrond. ‘Het is toch wel een beetje souldigging.

Lifestyle and design
Mel Krul wilde graag werken voor een modeblad . ‘Ik interesseer me heel veel voor lifestyle en design. De opleiding Fashion Design die ik volgde was ook heel leuk , maar het was best een zware studie.’ Hij zag zichzelf er niet staan, ontwerpen maken in een klein kantoortje voor een bekend modemerk. ‘Ik doe het als hobby erbij. Als mensen iets nodig hebben, van knoopjes aannaaien tot een hele jurk maken, dan doe ik dat. Ik ontwerp ook kleding, gewoon omdat ik het leuk vind,’ vertelt Mel.

Zijn huidige studie Redactie en Mediaproductie op de Hogeschool Amsterdam heeft te maken met alle aspecten van de mediawereld, van tv series- kranten tot aan tijdschriften. ‘Ik kan redacteur worden bij een tv-show, krant of website, maar ik kan ook terechtkomen als bureauredacteur bij een krant of uitgeverij. Momenteel werk ik vier dagen bij een marketingbureau en één dag in de week werk ik aan mijn scriptie.’

Fusion marketing
‘Mijn scriptie is voornamelijk gebaseerd op Fusion Marketing. Dit is het succesvol toepassen van traditionele, online en content marketingstrategieën. Een voorbeeld van een fusion marketingstrategie is Customer Media. Hoe moet je de consument bereiken met de juiste media op het juiste tijdstip op de juiste plaats. En op welke manier schrijf je een artikel dat vervolgens hoog op Google verschijnt?’ In Nederland wordt dit reeds toegepast, alleen staat het nog niet bekend als Fusion Marketing. Veel Nederlandse bedrijven doen het nog met de losse hand. ‘Het is nog heel nieuw en omdat ik veel met content bezig ben, vind ik het heel interessant om marketingstrategieën op de content toe te passen.’ Het Indisch-zijn heeft geen rol gehad op Mel’s studie- en onderzoek keuze. ‘Ik heb Indonesië niet als doel in de vraagstelling van mijn scriptie gebruikt. Simpelweg heeft  het onderwerp geen raakvlakken met Indonesië en dus geen toegevoegde waarde voor mijn scriptie.’

Foto: Mel Krul
Foto: Mel Krul

 

Niet vandaag maar morgen
Als ik hem vraag over Indische gewoontes in vergelijking met niet-Indische studenten, denkt Mel direct aan de woorden van zijn moeder. ‘Aan het begin van mijn studie heb ik met heel veel pijn en moeite ‘het uitstellen’ moeten afleren. Mijn moeder zei altijd dat ik deze gewoonte had. ‘Wat vandaag niet af is, komt morgen wel.’ Deze eigenschap heeft Mel gelukkig kunnen doorbreken.

In het wereldje waarin hij nu zit, heeft hij altijd te maken met deadlines. In de omgang met docenten en medestudenten speelt Mel’s achtergrond geen rol. ‘Ik denk dat het meer afhankelijk is van opvoeding en niet zozeer door afkomst. Alhoewel ik denk dat wij Indische mensen toch amicaler kunnen zijn. Het duurt bij ons langer om mensen te leren kennen, maar vervolgens worden we wel snel close.

‘Over het algemeen hebben Hollanders misschien toch wel een soort van wall om zich heen. Eigenlijk ben ik een verwesterde Indo, alleen het eten zit er bij mij heel erg in. Zeker wel twee keer per week komen vrienden bij mij eten.’ Mel woont met twee kamergenoten en merkt stiekem een verschilletje als het om eten gaat. ‘Ik heb altijd geleerd als je kookt en anderen zitten erbij, dan is het onbeleefd zelf te eten en anderen niks aan te bieden.’

Pedas?
Mel’s vriendenkring bestaat onder andere uit veel Indische en Indonesische vrienden, uit Zuid-Limburg tot Groningen. ‘Met mijn Indische vrienden ga ik vaak naar het Tropenmuseum. Mijn Indonesische vrienden heb ik vooral leren kennen bij het uitgaan.’ Hij zoekt ze niet persé op, maar het gaat wel soms automatisch vertelt hij.

‘Je begint toch met de vraag, waar kom je vandaan? Dan voel ik gelijk een band. Ik vind ook dat de Indischen soms wel erg pedas kunnen zijn, ze zijn scherp in wat ze zeggen. Als ze iets vinden, dan zeggen ze dat ook meteen.’ Ik reageer even verbaasd omdat er over het algemeen wordt gezegd dat Indische mensen juist bescheiden en teruggetrokken zijn.

Mel haakt hierop in. ‘Ik zie dat er een groot verschil zit tussen de mensen die in Indonesië zijn geboren en in Nederland. Indonesiërs zijn meer ingetogen en heel lief. Ik ben juist meer iemand van straight to the point.’

Indische mensen die pedas zijn, dat was een opmerking die mij aan het denken heeft gezet na dit interview. Wat vinden jullie hiervan?

Pedas?   Bron: http://www.indonesisch-culinair.nl/ingredient/375-rawit.html
Pedas? Bron: http://www.indonesisch-culinair.nl/ingredient/375-rawit.html

 

Help jij je (oud) landgenoten?

Bronbeek

Vorig weekend ben ik een kijkje gaan nemen in Museum én Tehuis Bronbeek in Arnhem. Dit prachtige gebouw biedt ouderenzorg aan oud-militairen van de Nederlandse krijgsmacht en het Koninklijk Nederlands Indisch Leger (KNIL).  Het is naast een thuis ook een mmuseum. Op de begane grond van dit museum heeft men een schitterende tentoonstelling over het koloniale verleden van Nederland in Nederlands-Indië, met de nadruk op de militaire aspecten hiervan en in het bijzonder het KNIL. Op de eerste etage heeft men een tentoonstelling met de titel: “Het verhaal van Indië“. De tentoonstelling geeft een goed beeld van het leven in Nederlands-Indië in de jaren voor, tijdens en na de oorlog.

Goede Doelen Actie
Terwijl ik door de tentoonstelling op de eerste verdieping loop kom ik een aantal keren de woorden Warga Negara tegen.  Opeens moet ik denken aan de Goede Doelen Actie die ik vorig jaar december, samen met de redactie van Indisch3.0, heb opgezet. Ik ben toen in aanraking gekomen met vele Stichtingen en initiatieven die zich inzetten voor betere leefomstandigheden, gezondheid én scholing van Indonesische  kinderen en volwassenen. Voor deze actie heb ik met vijf Stichtingen interviews mogen houden  en artikelen geschreven over de Goede Doelen, die door  de bezoekers van Indisch3.0 waren gekozen. Helaas viel een Stichting nét buiten de boot. Tijdens mijn bezoek aan Bronbeek moet ik een paar keer denken aan deze Stichting. Omdat ik deze Stichting persoonlijk een warm hart toedraag wil ik mijn blog deze keer wijden aan Stichting “Help de Indischen in Indonesia“.

Warga Negara’s
In Indonesië leeft nog altijd een groep mensen die gezien kan worden als Indische-Nederlanders. Deze groep is om verschillende redenen in Indonesië gebleven en is niet, zoals veel Indische-Nederlanders in de jaren vijftig, naar Nederland gekomen. Veel van deze mensen zijn gebleven en Warga Negara’s (Indonesische nationaliteit) geworden. Dit  deed men om bijvoorbeeld hun baan en bezittingen te behouden.  Ook is er een grote groep die noodgedwongen het Warga Negara-schap is aangegaan. Zij hadden geen papieren meer om te bewijzen dat zijn Nederlander waren. Hun eigendommen zijn verloren gegaan tijdens de oorlog of tijdens de Bersiap. Voor deze achterblijvers was in de Republiek Indonesië geen werk meer. Ze werden gediscrimineerd vanwege hun Nederlandse naam, uit hun functies gezet en als derderangsburger behandeld. Het gevolg was een leven lang armoede en gediscrimineerd worden.

Structurele hulp

Ruud en Leida Sellier
Ruud en Leida Sellier

De Stichting “Help de Indischen in Indonesia” is opgezet door Ruud en Leida Sellier, beide geboren in Nederlands-Indië. Tijdens een samenzijn met een oud buurmeisje in Surabaya (die daar overigens ook woont), vroegen zij zich hardop af of er in de stad nog arme Indische mensen zouden wonen. Dit bleek het geval te zijn. Het echtpaar Sellier heeft toen twee families uit eigen middelen financieel kunnen helpen, maar besefte zich ook dat deze mensen, en vele anderen, structurele hulp nodig hadden, zo is de Stichting ontstaan.

 

 

Hoog bejaard

renovatie van kampung huisje
renovatie van kampung huisje

De Stichting “Help de Indischen in Indonesia”  steunt deze groep Indische mensen. Veel van deze mensen zijn inmiddels hoog bejaard. De Stichting probeert  om de vergeten oudere Indische Nederlanders in Indonesië een menswaardig bestaan te geven. Buiten een vaste uitkering en het vergoeden van medische

kosten, probeert de Stichting ook  hun woon en leefklimaat te verbeteren.  Dit doen zij o.a. door het realiseren van renovaties van hun Kampung huisjes en woonkamers, maar ook het zoeken van vervangende woonruimte of het zoeken van thuiszorg.

 

Dina Voges ontvangt steun van de stichting
Dina Voges ontvangt steun van de stichting

MAX Maakt Mogelijk
Op achttien oktober 2013 zendt televisie zender MAX een aflevering uit in hun rubriek “MAX Maakt Mogelijk”. In deze aflevering wordt aandacht besteedt aan de vergeten Indische ouderen in Surabaya. De Stichting van het echtpaar Sellier, krijgt landelijke aandacht en dan blijkt opeens ook hoe weinig mensen weten dat er nog altijd Indische-Nederlanders in Indonesië wonen. De zender wordt overspoelt met reacties. Op de website van MAX staat te lezen: “nog nooit eerder kreeg MAX Maakt Mogelijk zoveel reacties op een uitzending als na de reportage over de vergeten Indische Nederlanders”. Vele donaties komen binnen en de uitzending is een groot succes.

Help Indischen in Indonesia

 

Help de Indischen in Indonesia!
Ondanks de landelijke aandacht die Stichting kreeg door de televisie-uitzendingen van MAX, is er altijd behoefte aan meer steun in de vorm van donaties.
Help jij je landgenoten? Stort dan nu op: ABN AMRO rek.nr NL 03ABNA 0524560501 tnv ST HELP DE INDISCHEN

Voor meer informatie klik hier voor de website van de Stichting of bekijk hun facebookpagina

 

 

 

Een Hollands feestje in Den Haag

Verkeerde verwachtingen, halve verhalen en oppervlakkige gespreksleiders tijdens Writers Unlimited ’14.

Tekst: Kirsten Vos. Fotografie: Tabitha Lemon.

Het afgelopen weekend konden boekenwurmen en schrijvers aan hun trekken komen bij de 19e editie van het Writers Unlimited festival. Voor ons viel er weinig te halen. Het gesprek over ‘de grote vervreemding tussen oost en west’ viel nogal tegen, ondanks de gasten Ad van Liempt, Ian Buruma en Linda Christanty.

Aankondiging van De grote vervreemding, over de relatie tussen Nederland en Indonesië.
Aankondiging van De grote vervreemding, over de relatie tussen Nederland en Indonesië. Bron: www.winternachten.nl

Linda Christanty opende het optreden in zaal 1 –  gemiddelde leeftijd van het publiek: 50 jaar – met een vlammend betoog in Bahasa Indonesia over de koloniale overheersing van Indonesië. Christanty, die verwant is aan de uitgemoorde elite van Bantam, maakte korte metten met de Nederlandse neiging het koloniale verleden door een roze bril te willen zien.

Linda Christanty tijdens Writers Unlimited 2014. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2014.
Linda Christanty tijdens Writers Unlimited 2014. Foto: Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2014.

‘De gedachte dat kolonialisme positieve en negatieve gevolgen zou hebben, is een domme uitspraak,’ wierp ze het publiek voor de voeten. ‘Die uitspraak zou leiden tot de onterechte conclusie dat kolonialisme zorgde voor uitwisseling tussen volken. (..) Kolonialisme is slecht, want het is slecht om een volk aan je te onderwerpen.’ Wat een verfrissende rechtlijnigheid. Weg met de nuance! Ik kon een glimlach niet onderdrukken. Was het mijn verbeelding, of gingen de Nederlandse gasten in de zaal ongemakkelijk draaien op hun stoelen?

Christanty maakt korte metten met de romantische kijk op voor het koloniale verleden.

De Nederlandse vertaling van Christanty’s speech was te zien op tv-schermen, waardoor ik niet alles goed heb kunnen volgen – als je notities maakt, dan kijk je weg van het scherm en mijn Bahasa Indonesia stelt nog niets voor. Wel zag ik nog een storende fout in de vertaling; de soevereiniteitsoverdracht gebeurde op 27 december 1949, niet op 17 december. En nee, dat is geen detail. Het is net zo’n stomme fout als zeggen dat Nederland op 15 mei 1945 bevrijd is.

Maar goed. Zo’n opening beloofde wat voor het vervolg: de Nederlandse kant van het verhaal, verwoord door journalist Ad van Liempt en schrijver Ian Buruma. Beide heren zijn niet de minste en dragen aardig wat feitenkennis mee over Indië en Indonesië. Toch duurde het ruim een half uur voordat nota bene Ad van Liempt de gespreksleider Godfried van Run eraan moest herinneren dat we ‘terug moesten naar Indië.’

 

Ad van Liempt, Ian Buruma en Godfried van Run tijdens Writers Unlimited 2014 ©Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon
Ad van Liempt (links), Ian Buruma (midden) en Godfried van Run (rechts) tijdens Writers Unlimited 2014 ©Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon

Een of twee keer hoor ik iets boeiends. Zo meldt Ad van Liempt: ‘Het verlies van Indië heeft ons economisch relatief weinig gekost. Het Duitse Wirtschaftswunder heeft het verlies van Indië gecompenseerd.’ Het is een opmerkelijke uitspraak, die flinke impact heeft voor mensen die kennis hebben over de geschiedenis van de repatriëring. De uitspraak van Van Liempt is zelfs controversieel te noemen. Decennialang horen repatrianten dat Nederland moest terugkrabbelen uit de oorlog en daarom moesten zij hun overkomst, de kledingpakketten en meubels terugbetalen. Dus om nu te horen dat het verlies van Indië Nederland weinig heeft gekost, is op zijn zachtst gezegd cru.

Dus wat doet de gespreksleider daarmee?

Niets. Helemaal niets.

Sterker nog, al na een kwartier kondigt Van Run aan het gesprek af te ronden en stroomt de zaal leeg.

Grijze witte mannen praten niet over Indonesië. Need I say more?

Verbluft kijk ik naar mijn aantekeningen. Wat is hier gebeurd? Waarom is geen van de drie grijze witte mannen op het podium ingegaan op de spraakmakende speech van de Indonesische schrijfster? Waarom hebben Van Liempt, Buruma en Van Run meer tijd besteed aan de ‘displaced’ Russische kozakken dan aan de aangekondigde ‘grote vervreemding tussen oost en west’?

Terwijl we de zaal uit schuifelen, realiseer ik me schamper dat wat hier gebeurde, exemplarisch is voor hoe Nederland omgaat met het koloniale verleden en Indonesië. Met het beschuldigende vingertje wijzen naar Indonesië als het gaat om mensenrechten, maar als een Indonesiër zich dan eindelijk eens uitspreekt over het slechte karakter van de voormalige koloniaal heerser? Dan kijkt Nederland liever de andere kant op. Grijze witte mannen praten niet over Indonesië. Need I say more?

“Nou, die geschiedenisboekjes kunnen ook wel de kast in, ik heb zoveel nieuws geleerd van Ad van Liempt en Ian Buruma,” hoor ik een vrouw monter opmerken. Het is arabiste Petra Stienen, die er ook over tweet en refereert aan historische fouten waar Van Liempt ons op attendeerde, zoals de bevrijding die eigenlijk niet op 5 mei kwam. Of hoe de capitulatie niet in Hotel de Wereld getekend werd. Waren wij dan de enigen die hadden willen weten wat de sprekers te zeggen hadden over de vervreemding tussen oost en west?

petra_stienen
Alle geschiedenisboekjes in de prullenbak na tien minuten met @ian_buruma en @advanliempt over periode in Nl en Europa rond 1945 bij #wu14
18-01-14 20:36

In de hoop het festival te verlaten met een enthousiast gevoel, wachten we op het optreden van de Fins-Indonesische Kira Wuck. Deze veel gelauwerde jonge dichteres leest ‘de tekst van haar leven’ voor; een passage uit Vogels die vlees eten, van Thijs de Boer. Hoewel het een knap geschreven tekst is, die mij nieuwsgierig maakt: als ik lees dat iemand de tekst van haar leven gaat voorlezen, verwacht ik dat die tekst van levensbelang is geweest.

Waarom deze tekst, vraagt interviewster Tanja Jadnanansing aan Wuck. ‘Het verhaal neemt onverwachte wendingen.’ Tja. ‘En daarom is dit de tekst van je leven?’ zou een logische vervolgvraag zijn. Maar Jadnanansing glimlacht alleen maar en knikt.

Kira Wuck (midden) over de tekst van haar leven © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon
Kira Wuck (midden) over de tekst van haar leven © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon

Hoewel ik niet twijfel aan het talent van Kira Wuck, vind ik ook dit gesprek een gemiste kans. Los van het ongemak en de verlegenheid dat van de alom geprezen dichteres afstraalt, laten de twee presentatoren steken vallen. ‘Dit boek is een van mijn drie lievelingsboeken,’ vertelt Wuck een paar minuten later. ‘In alle drie de boeken hebben de personages een bepaalde onverschilligheid naar het leven toe.’ Deze – fascinerende – bekentenis zou je kunnen aangrijpen om de verdieping te krijgen die ‘de tekst van je leven’ impliceert, zoals:

  • ‘Wat vind je zo interessant aan personages die “een onverschilligheid naar het leven toe hebben”?’
  • ‘Je hebt een Finse moeder, een Indonesische vader en bent opgegroeid in Nederland. Word je daar onverschillig van?’
  • ‘Wat is het aan onverschilligheid dat je zo boeit?’
  • ‘Ben jij onverschillig?’

Nee hoor. Niets van dat alles. We geven het op en verlaten het festival. Zelfs de relaxte MC en DJ in de foyer kunnen deze avond niet meer redden. 

Door verkeerde verwachtingen, halve verhalen en oppervlakkige gespreksleiders verlaten wij de zaterdagavond van dit literaire festival met het gevoel dat we te gast waren op het verkeerde feestje. Een erg Hollands feestje.

MC Francis Broekhuijsen in de Theater Foyer Writers Unlimited 2014 © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon
MC Francis Broekhuijsen in de Theater Foyer Writers Unlimited 2014 © Indisch 3.0 2014 Tabitha Lemon

Projectvoorstellen gevraagd!

Geef jij straks invulling aan het magazine of onze events?

Sinds dit jaar is Indisch 3.0 onderdeel van de stichting Indisch Cultuur Fonds. In het kader van professionalisering van onze werkwijze, willen wij als bestuur commissies samen gaan stellen voor onze kernactiviteiten en projecten. Op 21 februari 2014 sluit hiervoor de inzendtermijn. Heb jij hier interesse in? Meld je aan, dan sturen we je volgende week meer informatie. 

Kernactiviteiten
Onder de kernactiviteiten verstaan we in eerste instantie de crossmediale redactievoering van het online magazine Indisch3.nl en alle (sociale) mediakanalen. Hierbij hoort bijvoorbeeld de hoofdredactie, maar ook video editing en onderwerpkeuze voor het magazine.

Projecten
Indisch 3.0 organiseert ook evenementen. In het verleden hebben we bijvoorbeeld een schrijfwedstrijd, Indische bladzijde, en een kookwedstrijd georganiseerd, De Gouden Rijstkom. Tot nu toe hebben we zelf deze evenementen georganiseerd, vanaf dit jaar willen we hiervoor commissies inschakelen.

Interesse?
We hebben per project en activiteit een opdracht geformuleerd. Laat je gegevens achter in dit contactformulier, dan ontvang je de informatie over de opdracht waar je interesse in hebt. We zijn in het bijzonder geïnteresseerd in projectvoorstellen met een kostendekkende begroting die redelijk is voor een ideële instelling. In je plan zijn ook je eigen (on-) kosten opgenomen. We vragen nadrukkelijk geen vrijwilligers die voor nop werken, maar ook geen senior professionals die tonnen verwachten te verdienen.

Realisatie van je eigen plan
Met de beste voorstellen gaan wij op zoek naar financiering in en buiten ons netwerk. Krijgen we dat rond, dan mogen de winnende indieners op freelancebasis voor de stichting aan de slag met het eigen plan.

Tijdspad
Op basis van je aanmelding, maken we een inschatting voor welk project of projecten je een voorstel kan maken. Vanaf 21 januari a.s. hebben we de specificaties gereed en sturen we je die toe. We plannen nog een vragenmoment in, zodat je ons aanvullende vragen kan stellen over onze wensen en eisen. Op 21 februari a.s. sluiten we de inzendtermijn, zodat we op 1 maart 2014 een selectie hebben voor ons werkplan 2014.  Je mag je tot die tijd aanmelden voor een project, maar hoe sneller je je aanmeldt, hoe meer tijd je hebt om na te denken over je voorstel.

Ja, ik wil wel een voorstel maken voor een commissie binnen Indisch 3.0

[contact-form subject='[Indisch 3.0. Magazine %26amp; meer.’][contact-field label=’Je naam’ type=’name’ required=’1’/][contact-field label=’E-mailadres’ type=’email’ required=’1’/][contact-field label=’Telefoonnummer’ type=’text’ required=’1’/][contact-field label=’Hoeveel uur per week zou je in Indisch 3.0 willen steken?’ type=’radio’ required=’1′ options=’minder dan 8 uur,8 – 16 uur,16 – 24,24+’/][contact-field label=’Voor welk soort project wil je een voorstel maken?’ type=’radio’ required=’1′ options=’Redactievoering Indisch 3.0,Gouden Rijstkom 2014,Jaarlijks event voor Indisch 3.0,Mediawedstrijd voor studenten,Maandelijkse jongerenborrel (landelijk),Ik heb een ander idee’/][contact-field label=’Stel jezelf eens voor. Wat breng je mee om het project tot een goed einde te brengen?’ type=’textarea’ required=’1’/][contact-field label=’Ja%26#x002c; stuur mij de specificaties zodat ik een projectvoorstel kan maken.’ type=’checkbox’ required=’1’/][/contact-form]

Stichting Indisch Cultuurfonds
Stichting Indisch Cultuurfonds

Writers Unlimited 2014 voor Indo's

Affichebeeld 2014 - ontwerp Eindeloos, Den Haag - beeld Picturegoer IPC Syndication

Vandaag start in Den Haag het literaire festival Writers Unlimited. Ooit begonnen als Indisch literair festival, heeft dit evenement nog altijd oog voor Indische en Indonesische literatuur. Bovendien kan je ook Indisch 3.0 ontmoeten tijdens het festival. Hoe dat werkt en welke tips wij voor je hebben? Dat lees je hier.

Tips voor Indo-festivalgangers

Linda Christanty, Int. Literatuurfestival Marokko 2009 - foto Ton van de Langkruis
Linda Christanty, Int. Literatuurfestival Marokko 2009 – foto Ton van de Langkruis

1. Schrijfster Linda Christanty uit Indonesië schrijft over “religieuze, politieke en genderthema’s.” Op vrijdag en zaterdag kan je haar horen spreken.

vr 17 jan 2014- 20.00: FRIDAY NIGHT UNLIMITED
– programmaonderdeel: De tekst van mijn leven: Linda Christanty – 20.20 tot 20.40 uur
– programmaonderdeel: Women – talk about Sex – 20.55 tot 21.45 uur

za 18 jan 2014- 14.00: Wereldverhalen: Storytelling in Theater Dakota

za 18 jan 2014- 20.00: SATURDAY NIGHT UNLIMITED
– programmaonderdeel: De grote vervreemding: Oost-West 1945-1950 – 20.00 tot 20.50 uur

2. Schrijver Ian Buruma publiceerde in 2013 zijn nieuwste boek, Year Zero: the history of 1945. Tijdens Writers Unlimited is hij elke dag in de programmering opgenomen.

do 16 jan 2014- 20.00: Opening Night: Free the Word!

vr 17 jan 2014- 20.00: FRIDAY NIGHT UNLIMITED
– programmaonderdeel: Schrijver en film: Ian Buruma – 20.00 tot 21.00 uur

za 18 jan 2014- 20.00: SATURDAY NIGHT UNLIMITED
– programmaonderdeel: De grote vervreemding: Oost-West 1945-1950 – 20.00 tot 20.50 uur
– programmaonderdeel: Don’t mention the War: China en Japan – 21.05 tot 21.55 uur
– programmaonderdeel: Met de schrijver aan tafel: Ian Buruma en Geling Yan – 22.05 tot 22.30 uur

zo 19 jan 2014- 10.00: VPRO’s OVT Live

3. Journalist en schrijver Ad van Liempt publiceerde in 2012 het boek Nederland valt aan en zat achter de opmerkelijke journaalaflevering met dezelfde titel. Hij is tijdens het literaire festival op twee dagen te zien.

za 18 jan 2014- 20.00: SATURDAY NIGHT UNLIMITED

– programmaonderdeel: De grote vervreemding: Oost-West 1945-1950 – 20.00 tot 20.50 uur

zo 19 jan 2014- 10.00: VPRO’s OVT Live

Indisch 3.0 tijdens Writers Unlimited

Open redactievergadering (17-1, restaurant Spize, 17.00 – 21.00 u)

Op vrijdag 17 januari a.s. houdt Indisch 3.0 een open redactievergadering tijdens het festival, in Thais restaurant Spize naast het Theater aan t Spui. Tussen 17 en 21 uur hebben Tabitha Lemon en Kirsten Vos daar een tafeltje voor mensen die ideeën willen spuien, vragen willen stellen of willen freelancen. Om iets voor 21 uur kan je dan snel terug naar Theater aan t Spui, voor schrijfster Linda Christanty uit Indonesië. Wil jij jezelf introduceren als freelancer? Neem dan een voorbeeld mee van wat je gemaakt hebt. Kunnen we meteen spijkers met koppen uit de sloot halen. Of iets die trant.

Kom naar de open redactievergadering op 17-1 en wandel zo door naar Writers Unlimited.
Kom naar de open redactievergadering op 17-1, parallel aan Writers Unlimited.

 

Reportage over ‘De grote vervreemding’ (18-1, zaal 1, 20.00 uur)

Op zaterdag 18 januari 2014 zijn Kirsten Vos en Tabitha Lemon aanwezig om een reportage te maken van het gesprek over ‘De grote vervreemding tussen Oost en West’. Wij lezen hierover: “Een duik in een cruciale periode in onze geschiedenis: 1945-1950. De Tweede Wereldoorlog was voorbij, maar in het voormalige Nederlands-Indië werd de strijd die gepaard ging met de dekolonisatie nog in alle hevigheid gevoerd.  Ian Buruma verdiepte zich in de Oost-West verhoudingen in het jaar 1945 in zijn nieuwste boek The year zero. Van Ad van Liempt verschijnt in januari  Na de bevrijding- De loodzware jaren 1945-1950, een boek en een zevendelige tv-serie waarin de veranderende verhouding tussen Nederland en voormalig Nederlands-Indië centraal staat. De Indonesische schrijfster Linda Christanty opent het programma met haar visie op die periode,  waarin  de machtsverhoudingen voorgoed veranderden en Indonesië zich losmaakte van Nederland. Nederlandstalig.” De repo vind je in de week na Writers Unlimited op www.indisch3.nl. 

"Een ordinaire strijd om auteursrechten & royalties"

Molemans: “Ik was opgelucht toen de samenwerking met het Nationaal Archief ontbonden was.”

Over twee maanden komt het boek Opgevangen in Andijvielucht uit. Vorige week schreef ik er al over. Auteur en onderzoeker Griselda Molemans startte een ‘crowdfundingactie’ om het staartje ervan te kunnen financieren. Reden voor uitgeven in eigen beheer zou zijn dat haar oorspronkelijke opdrachtgever, het Nationaal Archief, zich terugtrok: de ‘vele onthullingen in het manuscript stonden haaks op de ministeriële verantwoordelijkheid’ van het Archief. Wat was waar van deze – vrij ernstige – beschuldiging? Vandaag lees je deel 2.

Foto Nationaal Archief: By Vera de Kok (Own work) CC-BY-SA-3.0, via Wikimedia Commons

Waar het mij om gaat in deze – inmiddels twee – artikelen, is achterhalen wat er waar is van de beschuldiging van Molemans; in feite beschuldigt zij het Archief van het censureren van publicaties die voor de overheid onvoordelig kunnen zijn. Voordat ik die uitspraak overnam, wilde ik zeker weten of dit klopte. Na de publicatie van vorige week, ontving ik van Griselda Molemans – zelf, niet van haar advocaat – een chronologisch overzicht van de gebeurtenissen. Nadat ik dat had gelezen, heb ik telefonisch een toelichting gekregen van de schrijfster.

"Uitwuivers" bij een repatriantenschip. Foto: Willem Plink.
“Uitwuivers” bij een repatriantenschip. Foto: Willem Plink/ archief Kirsten Vos.

Exclusief licentiecontract
In het overzicht van de gebeurtenissen staat om te beginnen dat de overeenkomst tussen het Nationaal Archief en de in LA wonende Indische journaliste in 2010 tot stand komt. Haar werk zal gaan over ‘het thema contractpensions als onderdeel van een serie van zeven publicaties’ (die inmiddels uitgekomen is het Geheugenpaleis). Molemans ondertekent een ‘exclusief licentiecontract’, op basis van een standaard contract . Dit houdt onder meer in dat Molemans een licentie verleent aan het Nationaal Archief om haar werk te laten uitgeven. Hieruit vloeit voort dat bij overdracht van dit contract aan de – nog te selecteren – uitgever, de uitgever en auteur een auteurscontract tekenen.

Dat betekent concreet dat het Nationaal Archief het boek van Griselda Molemans pas kan laten uitgeven, als zij akkoord is met de keuze van uitgever.

Ik lees verder. In juli 2011 heeft Molemans de eerste versie van haar manuscript aangeleverd. Wat zei de woordvoerder hier vorige week ook alweer over?

“In het contract tussen mevrouw Molemans en NA werd afgesproken dat mevrouw Molemans 1 juli 2011 een eerste manuscript zou aanleveren. Deze afspraak is mevrouw Molemans niet nagekomen. Ook na herhaaldelijk aandringen van onze zijde heeft mevrouw Molemans geen input voor de tentoonstelling noch het boek geleverd.”

Zo. Hier is geen sprake van een halve waarheid – de een zegt welles, de ander zegt nietes. Gelukkig is “het gelijk” op een eenvoudige manier te achterhalen. Ik vraag Molemans om inzage in de stukken en krijg de mails doorgestuurd die zij aan de verschillende medewerkers heeft gestuurd, verspreid over de maanden juli – september 2011. Molemans: “Ik heb wel degelijk geleverd. En op 20 december 2012 heb ik alle verzamelde foto’s uit privé-albums aan de conservatrice en enkele collega’s van haar getoond als input voor de tentoonstelling in het NA.” Als ik de woordvoerder van het Nationaal Archief hiermee confronteer, krijg ik een aanvullende toelichting. “Wij hebben nog even gezocht en inderdaad die mails gevonden, maar onze conservator vond de kwaliteit daarvan gewoon niet genoeg. En dat is nooit verder gekomen.”

Eind 2011 krijgt Molemans te horen dat het Archief een overeenkomst getekend heeft met een uitgever met wie zij slechte ervaringen heeft. Zij geeft aan hier niet mee in te stemmen en merkt dat het Archief de druk opvoert, “om me te dwingen het contract met de uitgever te tekenen. Zonder mijn handtekening kan echter geen overdracht van het manuscript plaatsvinden.”

Ik herinner me Siem Boons parafrasering van de reactie van een medewerker van het Archief:

“De medewerkster die ik interviewde vertelde dat ze meende dat er een kwestie rond auteursrecht was geweest, maar er het fijne niet van wist.”

Die herinnering klopt dus. Dit heeft alleen niets te maken met de ministeriële verantwoordelijkheid waar Molemans aan refereert. Waar is de samenwerking nou echt op stuk gelopen?

Volgens het chronologische overzicht dat ik van Molemans ontving, gaat het vanaf medio 2012 de verkeerde kant op. Ook de vice-directeur van het Archief raakt bij de kwestie betrokken. Volgens het instituut zou Molemans geen exclusief contract hebben ondertekend en wil het Archief 50% van de royalties als mede-auteur van het boek. Daar gaat Molemans niet mee akkoord. Vanaf dat moment gijzelt ze het manuscript en de verzamelde foto’s zolang er “geen deugdelijk contract op tafel ligt.”

Het Archief kan het boek alleen uitgeven als Molemans instemt met de uitgever.

Auteursrechten

Hmm. Als het Archief opdrachtgever is, heeft Molemans dan niet haar auteursrechten ‘verkocht’ aan deze opdrachtgever? En is het niet meer dan logisch, dat het Archief een deel van de omzet verwacht, aangezien het geld in het research gestoken heeft? Griselda Molemans: “Nee. Dat staat niet in het contract dat het Archief en ik ondertekenden in december 2010. Daarin verleende ik een exclusieve licentie aan het NA en was ik voor 100% eigenaar van de auteursrechten.”

Hoewel ik begrijp dat het Archief dit liever anders had gezien, heeft het dit contract mede-ondertekend. Heeft het Archief dan zitten slapen, toen het dit ondertekende? Of realiseerde het zich pas later wat het contract inhield?

Griselda Molemans. Indomania 4. (c) Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2012.
Griselda Molemans, hier op archiefbeeld. (c) Tabitha Lemon/ Indisch 3.0 2012.

Begin 2013 gaat Molemans met haar advocaat en het Nationaal Archief, vertegenwoordigd door de vice-directeur, om tafel. Molemans: “Tijdens het overleg heb ik aangegeven dat de epiloog van het manuscript een actuele lading heeft door een aantal openstaande claims jegens de Nederlandse overheid. Reactie van de vice-directeur: ‘Daar ben ik helemaal niet blij mee, aangezien we als Nationaal Archief onder ministeriële verantwoordelijkheid vallen.’

Daar is het; de ministeriële verantwoordelijkheid. De eerdere verklaring van het Nationaal Archief klopt op dit punt dus ook niet.

Ik vraag hoe het zit met de ‘ministeriële verantwoordelijkheid’. ‘Nee, die woorden hebben wij niet in de mond genomen.’

Het Archief heeft dus wel degelijk de woorden ‘ministeriële verantwoordelijkheid’ in de mond genomen, in reactie op de aankondiging van Molemans. Toch is de suggestie die Griselda Molemans in haar crowdfunding-actie wekt een andere. In de flyer van de geldinzamelingsactie wekt zij de suggestie, dat het Nationaal Archief de inhoud van het manuscript zelf heeft ingeschat als ‘explosief’ en de conclusie heeft getrokken dat deze buiten de ministeriële verantwoordelijkheid viel. Maar goed. Dat is misschien detail. Feit is dat dit al de tweede keer is, dat de verklaring van 
het Archief ernstig afwijkt van die van de auteur.

Het feitenrelaas eindigt met het ontbinden van de overeenkomst tussen Molemans en het Archief, omdat Molemans er te lang over doet om een andere uitgever te vinden – een afspraak die zij met het Archief eerder dat jaar maakte. “Daarbij is bepaald dat ik de onkostenvergoeding van 10.000 euro voor onderzoek in binnen- en buitenland plus alle reiskosten voor de interviews terugbetaal,” licht de auteur toe. “Er is dus geen sprake geweest van ‘fees’ zoals het NA beweert. Daarmee was voor mij de weg vrij om het manuscript zelf uit te geven. En ik zal je eerlijk zeggen, ik was opgelucht toen de samenwerking ontbonden was.”

De Zwarte met het oranje is een boek dat <MOlemans maakte in samenwerking met het Natiopnaal Archief. Fotograaf Armando Ello is hier te zien, die met de schrijfster het boek maakte. (mei 2010)
‘Zwarte huid, oranje hart’ is een boek dat Molemans en fotograaf Armando Ello (hier op beeld) maakten in samenwerking met het Nationaal Archief. Foto: Kirsten Vos, mei 2010.

Geduld

Het Nationaal Archief heeft de overeenkomst dus ontbonden omdat het zijn geduld verloor. Het had een ander contract getekend dan het wilde, en zag zichzelf nu wachten op een auteur die nog geen uitgever had gevonden. Dat het zich niet kon vinden in de inhoud van het werk, vind ik op basis van deze voorgeschiedenis niet te hard te maken.

Dat het Nationaal Archief de samenwerking met Molemans beëindigd heeft, omdat de ‘vele onthullingen in het manuscript’ niet pasten binnen de ‘de ministeriële verantwoordelijkheid’ van het instituut, is dus niet waar. Volgens de lezing van zowel Molemans als het Archief klopt deze beschuldiging niet. Beiden geven aan dat het Archief de overeenkomst ontbonden heeft om organisatorische redenen; het niet halen van overeengekomen deadlines (lezing van het Archief) en het opraken van het geduld (lezing Molemans). Maar dat is ook de enige overeenkomst.

Het Archief zegt dat Molemans pas eind 2012 voor het eerst geleverd heeft, terwijl Molemans wel degelijk eerder werk aanleverde. Het Archief ontkent te hebben gerefereerd aan de ministeriële verantwoordelijkheid, terwijl het nota bene de vice-directeur was die deze woorden in de mond nam. Het Archief zegt bovendien dat Molemans al sinds 2011 haar afspraken niet nakomt, terwijl Molemans zegt dat zij in 2013 (pas) te horen kreeg dat het te lang ging duren, terwijl de onderhandelingen nog gaande waren.

Griselda Molemans Facebook Indisch 3

Is het mogelijk dat het Archief, zoals deze Facebook-fan suggereert, de samenwerking formeel om organisatorische redenen heeft opgezegd, maar achter de schermen een reden zocht om afstand te nemen van de door Molemans aangekondigde ‘claims jegens de Nederlandse overheid’? Natuurlijk. Dat is mogelijk. Maar die conclusie blijft speculatief.

Explosieve inhoud

Maar waarom heeft Molemans dan gerefereerd aan de ‘ministeriële verantwoordelijkheid’? En hoe zit het dan met de ‘explosieve inhoud’? Molemans: “Oké, ik heb het begrip ‘ministeriële verantwoordelijkheid’ genoemd, in een andere context. Dat was omdat ik het Archief de afgang wilde besparen van het echte verhaal, namelijk een ordinaire strijd om auteursrechten en royalties. Maar de inhoud is wel degelijk explosief. Die komt uit archieven in Washington en daar hebben de mensen van het Nationaal Archief helemaal geen weet van. Dat zijn de claims die in de epiloog vermeld staan.”

In vertrouwen vertelt Griselda Molemans me over enkele van deze claims. Ja, die zijn inderdaad explosief. Ik ben zelfs blij verrast. Het is kennis waar veel mensen – inclusief ikzelf – al heel lang op zitten te wachten. Wat een opluchting dat dit eindelijk naar buiten gaat komen.

Hoe gaat het eigenlijk met de inzamelingsactie? “Ja, goed, ik ben er bijna. Ik schat dat mensen nog ongeveer 1,5 week in kunnen stappen, dan heb ik het totaalbedrag bij elkaar. Ik zal het je laten weten, zodra we er zijn. Het boek komt 21 maart a.s. uit, dan presenteer ik het bij het instituut voor Beeld en Geluid.”

“Ik ben er bijna. Ik schat dat mensen nog ongeveer 1,5 week in kunnen stappen, dan heb ik het totaalbedrag bij elkaar.”

In een afsluitende verklaring vertelt de woordvoerder van het Nationaal Archief: “Ook wij vinden het ontzettend jammer dat de samenwerking zo misgelopen is. Wat ons betreft is de kern van dit conflict vooral een verschil van inzicht over de kwaliteit van het aangeleverde werk. Ook wij zijn de verliezer hierin: wij missen een publicatie in een reeks waarmee we de breedte van het Archief zichtbaar wilden maken. De geschiedenis van de Indische Nederlanders hoort daarbij.”

En dat is eindelijk iets waar Molemans, het Archief en ik hetzelfde over denken.